KamerkringInloggen
Kamerstuk

Memorie van toelichting

21 sep 2021 · Tweede Kamer

Brontekst

Versie ec75b35f36521475 · officiële bron

Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2021–202235 925 XIVVaststelling van de begrotingsstaat/staten van het Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (XIV) en het Diergezondheidsfonds (F) voor het jaar 2022MEMORIE VAN TOELICHTINGNr. 21Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 INHOUDSOPGAVEGeraamde uitgaven en ontvangsten3A.Artikelsgewijze toelichting bij het begrotingswetsvoorstel4B.Artikelsgewijze toelichting bij de begrotingsartikelen51.Leeswijzer52.Beleidsagenda72.1Beleidsprioriteiten72.2Belangrijkste beleidsmatige mutaties222.3Overzicht niet-juridisch verplichte uitgaven272.4Planning Strategische Evaluatie Agenda292.5Overzicht risicoregelingen303.Beleidsartikelen35Artikel 11 Een weerbaar, veerkrachtig en veilig agro-, voedsel- en visserijsysteem35Artikel 12 Natuur en biodiversiteit37Artikel 21 Land- en tuinbouw39Artikel 22 Natuur, visserij en gebiedsgericht werken54Artikel 23 Kennis en innovatie69Artikel 24 Uitvoering en toezicht774.Niet-beleidsartikelen81Artikel 50 Apparaat 81Artikel 51 Nog onverdeeld845.Begroting agentschappen85De Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit856.Begroting Diergezondheidsfonds89Artikel 1 Bewaking en bestrijding van dierziekten en voorkomen en verminderen van welzijnsproblemen907.Bijlagen99Bijlage 1: ZBO's en RWT's99Bijlage 2: Verdiepingshoofdstuk101Bijlage 3: Moties en toezeggingen110Bijlage 4: Subsidieoverzicht120Bijlage 5: Strategische Evaluatieagenda (SEA) 123Bijlage 6: Overzicht kengetallen en indicatoren138Bijlage 7: Rijksuitgaven Caribisch Nederland151Bijlage 8: Europese geldstromen152Lijst van afkortingen1572Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 GERAAMDE UITGAVEN EN ONTVANGSTENGeraamde uitgaven verdeeld over beleidsartikelen en niet-beleidsartikelen (bedragen x € 1 mln.). Totaal € 1.845 mln.21. Land- en tuinbouw22. Natuur, visserij engebiedsgericht werken23. Kennis en innovatie24. Uitvoering en toezicht50. Apparaat51. Nog onverdeeld0200400600Geraamde ontvangsten verdeeld over beleidsartikelen en niet-beleidsartikelen (bedragen x € 1 mln.). Totaal € 92 mln.21. Land- en tuinbouw22. Natuur, visserij engebiedsgericht werken23. Kennis en innovatie24. Uitvoering en toezicht50. Apparaat51. Nog onverdeeld010203040503Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 A. ARTIKELSGEWIJZE TOELICHTING BIJ HET BEGROTINGSWETSVOORSTELWetsartikel 1De begrotingsstaten die onderdeel zijn van de Rijksbegroting, worden op grond van artikel 2.3, eerste lid, van de Comptabiliteitswet 2016 elk afzon­derlijk bij de wet vastgesteld.Het wetsvoorstel strekt ertoe om de onderhavige begrotingsstaat/begro­tingsstaten voor het aangegeven jaar vast te stellen.Alle voor dit jaar vastgestelde begrotingswetten tezamen vormen de Rijks­begroting voor dat jaar. Een toelichting bij de Rijksbegroting als geheel is opgenomen in de Miljoenennota.Met de vaststelling van dit wetsartikel worden de uitgaven, verplichtingen en de ontvangsten vastgesteld. De in de begrotingsstaten opgenomen begrotingsartikelen worden in onderdeel B van deze memorie van toelichting toegelicht (de zogenoemde begrotingstoelichting).Wetsartikel 2Met de vaststelling van dit wetsartikel worden de baten en de lasten, het saldo van de baten en de lasten en de kapitaaluitgaven en -ontvangsten van de in de staat opgenomen baten-lastenagentschappen voor het onderhavige jaar vastgesteld en worden de verplichtingen, ontvangsten en uitgaven van verplichtingen-kasagentschappen voor het onderhavige jaar vastgesteld. De in die begrotingen opgenomen begrotingsartikelen worden toegelicht in onderdeel B (Begrotingstoelichting) van deze memorie van toelichting en wel in de paragraaf inzake de agentschappen.De Minister van Landbouw, Natuur en VoedselkwaliteitC.J. Schouten4Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 B. ARTIKELSGEWIJZE TOELICHTING BIJ DE BEGROTINGSARTIKELEN1. LeeswijzerBegrotingsstructuurBeleidsagendaDe beleidsagenda begint met het onderdeel beleidsprioriteiten, waarin de hoofdlijnen van het (budgettair) beleid uiteen worden gezet. Daarnaast zullen de belangrijkste begrotingsmutaties voor zowel de uitgaven als ontvangsten worden weergegeven en toegelicht. Tot slot is de beleids­agenda voorzien van een overzicht van de niet-juridisch verplichte uitgaven, een toelichting op de Strategische Evaluatie Agenda en een overzicht van de risicoregelingen.BeleidsartikelenAansluitend op de beleidsagenda volgt de toelichting op de beleidsarti­kelen. Per beleidsartikel is een algemene doelstelling en een beschrijving van de rol en verantwoordelijkheid van de bewindspersoon opgenomen. De beleidsartikelen bevatten een tabel waarin de meerjarige budgetten voor de financiële instrumenten zijn opgenomen. De financiële instrumenten zijn voorzien van een korte toelichting. Beleidswijzigingen ten opzichte van het voorgaande jaar worden in ieder beleidsartikel separaat toegelicht.BegrotingsreservesDe begrotingsreserves op de begroting van het Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV) worden ingezet voor de volgende doelen:–Als borg voor de afgegeven garantstellingen (borgstellingsfaciliteit voor de landbouw). Uit deze begrotingsreserve kan een eventuele mismatch in de tijd tussen (premie-)inkomsten en uitgaven (verliesdeclaraties) worden opgevangen.–De uitfinanciering (op kasbasis) van reeds aangegane en deels nog aan te gane verplichtingen (reserves voor landbouw en visserij). Via de reserves blijven de middelen beschikbaar voor het specifieke doel tot het moment van uitbetaling.–Uitgaven als gevolg van financiële correcties die zijn opgelegd door de Europese Commissie (begrotingsreserve voor apurement).In de beleidsartikelen 21 en 22 van deze begroting worden de bovenge­noemde begrotingsreserves apart toegelicht (conform artikel 2.21, lid 2 Comptabiliteitswet 2016). Conform de motie Van Veldhoven en Koolmees (Kamerstuk 34 475-XIII, nr. 12) zijn de eventuele aanvullende afspraken over de begrotingsreserves opgenomen. In opvolging van de motie Geurts (Kamerstuk 34 000-XIII, nr. 64) worden de geraamde wijzigingen gedurende het begrotingsjaar in de 1e en 2e suppletoire begroting inzichtelijk gemaakt.Niet-beleidsartikelenIn de LNV-begroting zijn twee niet-beleidsartikelen opgenomen: artikel 50 «Apparaat» en artikel 51 «Nog onverdeeld». In artikel 50 wordt ingegaan op de personele en materiële kosten van zowel het kerndepartement als de totale apparaatskosten van de NVWA en de begrotingsgefinancierde ZBO’s en RWT’s. Artikel 51 gaat in op de loonbijstelling, prijsbijstelling en middelen die nog worden verdeeld over de betreffende onderdelen op de LNV-begroting.5Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 Begroting agentschappenIn de Begroting agentschappen is een overzichtstabel van het agentschap de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) opgenomen. Daarnaast wordt in de agentschapsparagraaf verder ingegaan op de begroting van de NVWA, waarbij ook een kasstroomoverzicht en een overzicht van doelmatigheidsindicatoren zijn opgenomen.Begroting Diergezondheidsfonds (DGF)De begroting van het DGF bevat een separate leeswijzer waarin de begroting nader wordt toegelicht.BijlagenDe bijlagen van de LNV-begroting zijn:–Zelfstandige Bestuursorganen en Rechtspersonen met een Wettelijke Taak;–Verdiepingshoofdstuk;–Moties en toezeggingen;–Subsidieoverzicht;–Evaluatie- en overig onderzoek;–Rijksuitgaven Caribisch Nederland;–Europese geldstromen; en–Lijst van afkortingen.GroeiparagraafDe wijzigingen in deze ontwerpbegroting betreffen voornamelijk het toevoegen van de bijlage Overzicht kengetallen en indicatoren en de bijlage Rijksuitgaven Caribisch Nederland.Bijlage Indicatoren en kengetallenMet ingang van deze begroting zijn diverse indicatoren en kengetallen opgenomen als aparte bijlage bij de begroting. Om de samenhang met de Strategische Evaluatie Agenda (SEA) te bevorderen zijn deze ingedeeld in de thema's van de SEA.Bijlage Rijksuitgaven Caribisch NederlandNaar aanleiding van de voorlichting van de Afdeling Advisering van de Raad van State (RvS) en het Interdepartementale Beleidsonderzoek Koninkrijks­relaties (IBO) heeft het kabinet besloten het overzicht Rijksuitgaven (ten behoeve van) Caribisch Nederland uit te breiden (Kamerstukken II 2019/20, 35300 IV, nr. 11). Ter uitvoering hiervan is er aan deze begroting een bijlage toegevoegd waarin alle uitgavenreeksen ten behoeve van Caribisch Nederland zijn opgenomen.6Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 2. Beleidsagenda2.1 BeleidsprioriteitenInleiding Op het werkveld van het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwa­liteit (LNV) liggen complexe opgaven. Nationaal en internationaal heeft Nederland zich gecommitteerd aan fundamentele doelen op het gebied van natuur en biodiversiteit (Vogel- en Habitatrichtlijn), klimaat (Klimaatak­koord) en waterkwaliteit (Kaderrichtlijn Water). Met onder meer de LNV visie Waardevol en Verbonden (Kamerstuk 35 000-XIV, nr. 5) en het bijbehorende Realisatieplan is veel werk in uitvoering gebracht. LNV zet in op een duurzame productie binnen de grenzen van de milieugebruiksruimte en in evenwicht met de natuur1. In de komende jaren zijn hiervoor verdere stappen nodig die gepaard zullen gaan met nieuwe en soms moeilijke keuzes. Van álle betrokken partijen zullen ingrijpende veranderingen worden gevraagd. In dit proces neemt LNV de regie. Door duidelijk te zijn over de doelen en door samenspel te organiseren met betrokken partijen om deze doelen te kunnen realiseren. Drie samenhangende strategische lijnen stelt LNV daarbij centraal:1. Versterken natuur en biodiversiteit, bewegen naar een natuurinclusieve samenlevingMondiaal en ook in ons land staan de natuur en de biodiversiteit zwaar onder druk. Dit is een bedreiging voor het leven op aarde. Zonder goed functionerende ecosystemen komen diensten die de natuur levert in gevaar, zoals onze voedsel- en drinkwatervoorziening. Internationaal zijn realis­tische afspraken en concrete acties nodig om de mondiale biodiversiteit te herstellen. Binnen Nederland werkt LNV, met de provincies, aan herstel en ontwikkeling van nieuwe natuur. Klassiek natuurbeleid is echter niet voldoende. Niet alleen in natuurgebieden moeten we de natuur versterken, maar ook in het stedelijk en agrarisch gebied. Hiervoor is een omslag nodig in ons gedrag, waarmee we de beweging maken naar een natuurinclusieve samenleving. Dit betekent dat in alle besluiten en handelingen de effecten op de natuur en de kansen die natuur en natuurlijke processen bieden als vertrekpunt genomen worden. Natuurlijke processen kunnen dan beter benut worden in het realiseren van maatschappelijke opgaven zoals brede welvaart, klimaatadaptatie en een toekomstbestendige voedselvoorziening.2. Duurzaam perspectief voor de Nederlandse landbouw, tuinbouw en visserijDe Nederlandse landbouw, tuinbouw en visserij zijn van grote waarde. Hoogwaardige productie gaat samen met een hoog niveau van kennis, technologie en innovatie. Dit draagt bij aan de verduurzaming van ketens en sectoren. Ondanks grote inspanningen in de afgelopen decennia, gaan de landbouw, tuinbouw en visserij nog over de grenzen van de milieuge­bruiksruimte. Om deze situatie beheersbaar te houden zijn overheden en ondernemers klem komen te zitten in een stapeling van regelgeving en handhaving. Met de omslag naar kringlooplandbouw werken we aan efficiënt gebruik van grondstoffen en een productie die samen gaat met de natuur. Dit stelt ons in staat om ruim van de grenzen af te komen en nieuw perspectief te bieden aan ondernemers. Daarbij is het belangrijk om 1 Dat wil zeggen: binnen de mogelijkheden die natuur en milieu bieden aan de maatschappij zonder afbreuk te doen aan toekomstige gebruiksmogelijkheden.7Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 gestelde doelen helder door te vertalen naar gebieden en bedrijven. Met kritische prestatie indicatoren wil LNV langjarig duidelijkheid bieden over de duurzame prestaties die van ondernemers verwacht worden én over de wijze waarop zij voor die prestaties beloond kunnen worden. Er ligt een gezamenlijke verantwoordelijkheid bij marktpartijen, consumenten en overheden om duurzame prestaties beter te laten renderen.3. Brede welvaart in het landelijk gebiedIn de komende jaren zullen agrarisch ondernemers in met name sectoren en gebieden met grote externe effecten stappen moeten zetten naar exten­sivering en het emissiearmer maken van hun bedrijfsvoering. Ook zullen er ondernemers zijn die stoppen. Tegelijk speelt in het landelijk gebied een veelheid aan andere ruimtelijke opgaven, waaronder het inpassen van duurzame energieopwekking, klimaatadaptatie, woningen en infra­structuur. Bezien vanuit het perspectief van brede welvaart gaat het óók om sociale en economische aspecten. Zoals de beschikbaarheid van voorzie­ningen en de structuur van economie en arbeidsmarkt. Het landelijk gebied is veerkrachtig, maar er bestaat tegelijk onbehagen over toenemende welvaartsverschillen tussen gebieden en de afstand die gevoeld wordt tot ‘Den Haag’. In recente adviezen van de Studiegroep Ruimtelijke inrichting landelijk gebied en het Interdepartementaal Beleidsonderzoek Ruimtelijke Ordening komt het belang van een actieve rol van de Rijksoverheid naar voren (Kamerstukken 35334 nr. 141 en 34682, nr. 82). De breedte van ontwik­kelingen in het landelijk gebied vraagt om het maken van integrale afwegingen en keuzes. Er ligt een opgave om duidelijkheid te verschaffen over de betekenis van nationale doelen voor de te onderscheiden gebieden. Waarbij het belangrijk is om in samenwerking met gebiedspartijen tot plannen te komen en deze in uitvoering te brengen. In aansluiting op de identiteit en het landschap van een gebied evenals processen die eerder in gang zijn gezet.Met de voorgaande drie strategische lijnen laat LNV zien waar het in de komende jaren naartoe werkt. Dat vraagt uitwerking, ook voor politieke besluitvorming over bijvoorbeeld de inzet van maatregelen en middelen. In de navolgende delen van deze Beleidsagenda zijn de prioritaire activiteiten van LNV voor 2022 beschreven. Als eerste komen de overkoepelende thema’s stikstof, klimaat en kennis & innovatie aan bod. Vervolgens worden, langs de drie strategische lijnen, de activiteiten op de meer specifieke beleidsdossiers gepresenteerd. De Beleidsagenda sluit af met de beleids­prioriteiten van de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) voor 2022. Een nadere toelichting op de activiteiten en wat LNV daarmee in 2022 wil bereiken is te vinden in de artikelsgewijze delen van deze begroting. Voor alle activiteiten geldt dat LNV actief de samenwerking zoekt met betrokken partijen en bij aanvang van deze samenwerking duidelijk is over wat het daarmee wil bereiken.Overkoepelende thema’sStructurele aanpak stikstofproblematiekOm invulling te geven aan de resultaatverplichtingen voor reductie van stikstofdepositie op Natura 2000-gebieden, zoals opgenomen in de Wet Stikstofreductie en Natuurverbetering (Wsn), implementeert LNV een pakket stikstofreducerende bronmaatregelen en maatregelen voor natuur­behoud. LNV hecht groot belang aan de legalisering van PAS-melders. In 8Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 samenwerking met de bevoegde gezagen is het doel om de PAS-melders2 en meldingsvrije activiteiten uiterlijk drie jaar na het vaststellen van het legaliseringsprogramma te legaliseren. Met andere departementen maakt LNV inzichtelijk welke stikstofontwikkelruimte er nodig is voor de vergun­ningverlening voor verdere ruimtelijk-economische ontwikkelingen, zoals woningbouw en energieopwekking. In 2022 is de Stikstofdepositiebank operationeel.LNV presenteert in 2022 het programma Stikstofreductie en Natuurverbe­tering. Dit bevat een beleids- en afwegingskader voor invulling van de doelstellingen in de Wsn, voor het verminderen van stikstofdepositie op stikstofgevoelige habitats in Natura 2000-gebieden en voor het bereiken van de instandhoudingsdoelstellingen voor deze habitats. Het opstellen van het programma gebeurt in samenhang met andere opgaven, zoals klimaat en economisch herstel. In het programma Stikstofreductie en Natuurverbe­tering verankert LNV ook de kaders voor interbestuurlijke samenwerking. De samenwerking met departementen, provincies, waterschappen en gemeenten is essentieel voor doorvertaling van de landelijke doelstellingen voor stikstofreductie naar de aanpak van de meer specifieke problematiek in gebieden. Provincies stellen hiervoor gebiedsplannen op die uiterlijk in 2023 gereed zijn. Aan de hand van natuurdoelanalyses is in de gebieds­plannen opgenomen hoe bronmaatregelen een gebiedsgerichte invulling krijgen.Samen met de overheden van Vlaanderen, Noordrijn-Westfalen en Nedersaksen geeft LNV uitvoering aan de afspraken om te komen tot grens­overschrijdende samenwerking in de aanpak van het stikstofprobleem in de grensgebieden. In Europees verband spant LNV zich in voor een uitvoering van het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid die ten goede komt aan het behalen van stikstofdoelen en verankering van stikstofreductie in instrumenten zoals de richtlijnen voor de Green Deal en Nationale Emissie­plafonds.De uitvoering van het Nationaal Kennisprogramma Stikstof resulteert in een meer robuuste wetenschappelijke onderbouwing van het stikstofbeleid. Daarmee worden onzekerheden over het proces van stikstofemissie tot depositie gereduceerd. Een consortium onder regie van het Planbureau voor de Leefomgeving monitort de voortgang van stikstofreductie en rapporteert in 2022 voor het eerst over de omvang van de stikstofdepositie op de stikstofgevoelige habitats in relatie tot de in de wet bepaalde omgevingswaarden. Met de van het consortium verkregen inzichten bepaalt LNV waar bijsturing van het stikstofbeleid mogelijk aan de orde is.Realiseren klimaatopgave landbouw en landgebruikDe urgentie om de broeikasgasemissies in de landbouw en het landgebruik omlaag te brengen neemt verder toe. De aarde warmt namelijk sneller op dan gedacht en de reductie van de broeikasgassen gaat langzamer dan beoogd. Dit blijkt uit de achterblijvende prestaties op de doelstellingen in het Klimaatakkoord (Kamerstuk 32 813, nr. 342) en het Urgendavonnis (Kamerstuk 32813, nr. 496). Bovendien is inmiddels een hoger Europees klimaatdoel vastgelegd met 55% reductie van broeikasgassen in 2030.2 PAS-meldingen zijn activiteiten met een kleine stikstofdepositie die tijdens het PAS onder de meldingsplicht vielen, en waarvoor destijds een melding is gedaan. Door de PAS-uitspraak van de Raad van State zijn deze meldingen niet meer geldig. Deze meldingen worden in het legalise­ringsprogramma omgezet in vergunningen.9Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 In 2022 moet het tempo van de uitvoering van het Klimaatakkoord flink omhoog. LNV zet met de toepassing van routekaarten in op een betere sturing en borging van de uitvoering. Dit geeft meer richting aan de acties, randvoorwaarden en te behalen tussenresultaten op weg naar 2030. Indien uit de monitoring en uit emissieramingen van het Planbureau voor de Leefomgeving blijkt dat er te weinig vordering is, stuurt LNV bij om het doelbereik zeker te stellen.De EU besluit in 2022 op welke wijze de lidstaten gezamenlijk de overeen­gekomen 55% reductie van broeikasgasemissies moeten realiseren. Dan wordt ook duidelijk wat de consequenties van het Europees klimaatbeleid zijn voor de landbouw en het landgebruik in Nederland. Om hier op in te kunnen spelen zal LNV aanvullende maatregelen en instrumenten verkennen op de thema’s veehouderij, veenweiden, glastuinbouw en voedsel. Uitgangspunt daarbij is dat de te verkennen maatregelen structureel effectief zijn en dat ze onderdeel zijn van de transitie om in de periode ná 2030 te komen tot het gestelde doel: klimaatneutraal in 2050 (Kamerstuk 32813, nr. 808). In het bijzonder voor maatregelen in de veehouderij is er sprake van een belangrijke samenhang met de structurele aanpak stikstof en met de gebiedsgerichte invulling van deze opgaven.Tegelijk speelt LNV in op de gevolgen van klimaatverandering voor de natuur en de landbouw, in het bijzonder de toenemende droogte. Als onderdeel van de Nationale Klimaatadaptatiestrategie (NAS) geeft LNV, samen met partners, uitvoering aan de Actielijnen klimaatadaptatie natuur en het Actieprogramma klimaatadaptatie landbouw. Gewerkt wordt aan het optimaliseren van het water- en bodemsysteem, de toepassing van robuuste rassen en teeltsystemen, de verspreiding van kennis en innovatie en een verbeterd risicomanagement. Na evaluatie van het programma bepaalt LNV de vervolgstappen om te komen tot een landbouw die meer weerbaar is tegen klimaatverandering.Doorontwikkelen van het missiegedreven kennis- en innovatiebeleidMet een integrale programmering geeft LNV verder vorm aan het missie­gedreven kennis- en innovatiebeleid voor Landbouw, Water en Voedsel (LWV) (Kamerstuk 33 009, nr. 81). Dit houdt enerzijds in dat LNV, in samen­werking met bedrijven en kennisinstellingen, investeert in publiek-private samenwerkingen en anderzijds dat LNV zelfstandig investeert in kennisont­wikkeling, innovatie, kennisoverdracht en onderwijs voor onderwerpen waarvoor (nog) geen markt bestaat, maar die wel maatschappelijk urgent zijn. De instrumenten zijn geheel gericht op het realiseren van de missies van het thema LWV. Op basis van een tussenevaluatie van het Kennis- en Innovatieconvenant (KIC) en van de Kennis- en innovatieagenda (KIA) LWV, waarover het ministerie van Economische Zaken en Klimaat eind 2021 rapporteert, wordt bepaald of voorgenomen budgetten voor de periode 2022-2023 aanpassing vragen.In Europees verband participeert LNV in het programma Horizon Europe. Voor LNV is ‘gezonde bodem en voedsel’ een belangrijk missiegebied. LNV geeft invulling aan drie partnerschappen voor internationaal onderzoek op het gebied van biodiversiteit, water en bio-economie.In vervolg op de LNV-digitaliseringsvisie start LNV met de uitvoering van het Actieprogramma om agrarische sectoren meer datagedreven te kunnen laten werken. Hierbij gaat het om onderzoek en opschaling van innovaties gericht op betrouwbare data, data-infrastructuur, datapositie van de boer en de ontwikkeling van digitale competenties.10Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 Versterken natuur en biodiversiteit, bewegen naar een natuurinclusieve samenlevingEen ambitieuze internationale aanpak voor biodiversiteitsherstelNederland verkent samen met andere lidstaten hoe het in de komende jaren uitvoering kan geven aan de Europese Biodiversiteitsstrategie. Volgend op de afspraken die Nederland maakt op de 15e verdragsvergadering van het Verdrag Inzake de Biologische Diversiteit (CBD), geeft LNV ook uitvoering aan de acties die daar gemaakt worden over het stoppen van de afbraak van natuurlijke systemen en het herstel van de biodiversiteit. Als toegezegd aan de Tweede Kamer (Kamerstuk 26 407, nr. 137) stelt LNV een National Biodi­versity Strategy and action plan op om de internationale en nationale doelen en acties op elkaar aan te laten sluiten.Uitvoering programma NatuurMet de uitvoering van het Programma Natuur werken LNV en de provincies aan natuurherstel en -ontwikkeling om de negatieve gevolgen van overmatige stikstofdepositie tegen te gaan. Na een eerste tussenevaluatie bepaalt LNV in 2022 waar aanscherping van het programma Natuur nodig is. Om tot systeemherstel in de Natura 2000-gebieden te komen is het van belang ook maatregelen in de overgangsgebieden te nemen. LNV inventa­riseert de kansen en knelpunten in deze gebieden en neemt hierna een besluit over de inzet van het instrumentarium om de gestelde doelen te realiseren.Uitbreiding van het natuur- en bosareaalLNV brengt samen met de provincies het Natuurnetwerk Nederland (NNN) versneld in uitvoering om de afgesproken doelstelling van 80.000 hectare extra natuur in 2027 te behalen. Tegelijk komt de Bossenstrategie in uitvoering. De ambitie van deze strategie is het realiseren van in totaal 37.000 hectare nieuw bos in 2030. Voor een deel hiervan zijn op dit moment de benodigde financiële middelen beschikbaar.Natuurversterking in de Noordzee, Waddenzee en Grote WaterenIn lijn met het Noordzeeakkoord neemt LNV beschermende maatregelen in zeven gebieden in de Noordzee om biologische rijkdommen in stand te houden. Ook onderzoekt LNV hoe de ecologische kansen van de aanleg van windparken op de Noordzee beter benut kunnen worden. Binnen de Programmatische Aanpak Grote Wateren worden streefbeelden opgesteld om de toekomstige maatregelen voor realisatie van Natura2000-doelen te bepalen. LNV stelt een natuurwinstplan op voor het realiseren van een ecologisch robuuste deltanatuur. Voor de regeringsconferentie met Duitsland en Denemarken zet LNV in op het maken van nieuwe trilaterale afspraken ter versterking van het ecosysteem in de Waddenzee. In het Nederlandse deel van de Waddenzee geeft de Beheerautoriteit Waddenzee uitvoering aan het Integraal Beheerplan.Bouwen aan de Agenda NatuurinclusiefSamen met maatschappelijke partijen en overheden geeft LNV in 2022 uitvoering aan de acties in de Agenda Natuurinclusief. Om in de landbouw een natuurinclusieve werkwijze meer gebruikelijk te maken, werkt LNV onder meer aan het verduurzamen en natuurinclusief maken van pacht. Dat gebeurt in een samenwerkingsproject met experimenten dat LNV opzet met Staatsbosbeheer. Bij het natuurinclusief maken van pacht zal LNV ook het Rijksvastgoedbedrijf betrekken. Als onderdeel van de Green Deal ‘Natuur­inclusieve landbouw in het groene onderwijs’, stelt LNV gebiedsspecifieke biodiversiteitsdoelen op en zorgt het voor verspreiding van de kennis over 11Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 natuurinclusieve landbouw via onder meer het opnemen hiervan in curricula. In leernetwerken ondersteunt LNV goede voorbeelden van natuurinclusieve landbouwpraktijken, zoals agroforestry.Duurzaam perspectief voor de Nederlandse landbouw, tuinbouw en visserijGemeenschappelijk landbouwbeleid dat bijdraagt aan klimaat, biodiversiteit en landschapHet nieuwe gemeenschappelijk landbouwbeleid (GLB) treedt op 1 januari 2023 in werking. Met het Nationaal Strategisch Plan treft LNV, samen met betrokken partijen, de voorbereidingen voor een effectieve uitvoering. Het nieuwe GLB zal meer gericht zijn op doelgerichte betalingen voor duurzame en innovatieve landbouw. Met deze omslag kan, meer dan voorheen gestuurd worden op de verduurzaming van de productie en het realiseren van doelen voor klimaat en verdere emissiereductie, biodiversiteit en de versterking van het landschap.Versterken agrarisch ondernemerschap en verdienvermogenMet het Omschakelprogramma biedt LNV ondersteuning in de financiering die nodig is voor het maken van de omslag naar een meer duurzame landbouw. Met de inzichten uit het programma True Cost Accounting in Agri&Food en de Agro-nutrimonitor van Autoriteit Consument en Markt evenals de nieuwe Europese Verordening over markttransparantie, verkent LNV nieuw beleid over prijsvorming in de agrarische sector. De verwachte wijziging in de Mededingingswet (Kamerstuk 35770, nr. 3) verduidelijkt mogelijkheden tot samenwerking van ondernemers. Op basis van het advies van de kwartiermaker verkent LNV het aanstellen van een Samen­werkingsambassadeur met als doel om meer samenwerking in de agrarische sector te stimuleren (Kamerstuk 35000-XIV-81).Verduurzaming veehouderijLNV ondersteunt dierlijke sectoren in de uitvoering van hun integrale plannen voor verduurzaming. LNV zet extra in op het vergroten van de vraag naar duurzame dierlijke producten in Noordwest-Europa. Dit gebeurt door het stimuleren van nieuwe productiemethoden en harmonisering van criteria voor duurzaamheid. LNV stelt gefaseerd onderdelen van de Subsi­diemodules brongerichte verduurzaming stal- en managementmaatregelen (Sbv) open. Veehouders kunnen hiermee innovatieve technieken en/of managementmaatregelen ontwikkelen en deze vervolgens breder toepassen. Dit moet resulteren in een vermindering van de uitstoot van ammoniak, methaan, geur en fijnstof, waarmee tegelijk bijgedragen wordt aan herstel van de biodiversiteit.Verminderen stikstofdepositie met het beëindigen van veehouderijbedrijven en pilot grondfonds stikstofaanpakMet de Landelijke beëindigingsregeling voor veehouderijlocaties (Lbv) en de Maatregel gerichte opkoop (MGO) werkt LNV aan de reductie van de stikstofdepositie vanuit de veehouderij. De Lbv wordt opengesteld voor houders van melkvee, varkens en pluimvee die veel stikstofdepositie op Natura 2000-gebieden veroorzaken en op vrijwillige basis hun bedrijf willen beëindigen. De MGO is gericht op het opkopen van de grootste piekbe­lasters en wordt zodanig toegepast dat er maatwerk geboden kan worden in de gebiedsprocessen onder leiding van de provincies. Hierop aansluitend werkt LNV aan het uitvoeringsgereed maken van een pilot grondfonds stikstofaanpak (motie lid Dik-Faber c.s., Kamerstuk 35 600, nr. 47). Het doel van deze pilot is om gronden, die vrijkomen bij het vrijwillig opkopen van 12Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 agrarische ondernemingen, te verwerven en voor hernieuwde inzet te verkopen. Onderzocht wordt of dit bijdraagt aan het versneld en in samenhang realiseren van de beleidsopgaven in het landelijk gebied.Verbeteren dierenwelzijn en diergezondheidIn vervolg op de evaluatie van de Wet Dieren (Kamerstuk 28286, nr. 1139) zet LNV zich in om lastig handhaafbare open normen van deze wet verder in te vullen. Dit komt de handhaafbaarheid en daarmee bescherming van dieren ten goede. LNV presenteert een voorstel om vervolg te geven aan de aanbevelingen uit het onderzoek van de Onderzoeksraad voor Veiligheid (Ovv) naar de aanpak van stalbranden (Kamerstuk 35570-XIV nr. 74). Het Plan van aanpak voor verbetering van het dierenwelzijn tijdens hittepe­riodes voert LNV uit. Dat geldt eveneens voor de acties ter verbetering van het slachtsysteem (Kamerstuk 28 286, nr. 1169).Om de fysieke en mentale gezondheid van gezelschapsdieren te verbeteren is het belangrijk om de welzijnsrisico’s bij de fok, handel en het houden van deze dieren te verminderen. LNV geeft uitvoering aan de beleidsregel kortsnuitigen en regels voor de identificatie en registratie van honden. Ook geeft LNV voorlichting over het houden van dieren en doet het onderzoek naar trainingsmethoden.Om het risico op het ontstaan en de verspreiding van zoönosen te beperken versterkt LNV, samen met het ministerie van VWS, het zoönosebeleid (Kamerstuk 25 295, nr. 990). Het recent opgeleverde rapport ‘Zoönosen in het vizier’ van de expertgroep zoönosen is daarbij het uitgangspunt (Kamerstuk 25 295, nr. 1357).Beter benutten mest, verbeteren waterkwaliteit, minder gebruik kunstmestLNV hervormt het mestbeleid om de kwaliteit van het grond- en oppervlak­tewater te verbeteren (Kamerstuk 33037, nr. 374). Tevens speelt het mestbeleid een belangrijke rol bij het behalen van de stikstof- en klimaat­doelstellingen. Uitgangspunten van het toekomstig mestbeleid zijn een grondgebonden melk- en rundveehouderij, afvoer en verwerking van alle mest van niet-grondgebonden bedrijven en een gebiedsgerichte aanpak in gebieden waar doelen voor waterkwaliteit niet gehaald worden. Met deze aanpak zal er op termijn in de melk- en veehouderij niet langer sprake zijn van een mestoverschot. In de overige sectoren zal de mest van niet-grond­gebonden bedrijven worden verwerkt tot producten die zo goed mogelijk aansluiten bij de behoefte van bodem en gewas.Parallel aan de hervorming van het mestbeleid bereidt LNV het zevende actieprogramma Nitraatrichtlijn 2022-2025 voor. Met dit actieprogramma wordt invulling gegeven aan de verplichtingen van de Nitraatrichtlijn. Tevens zet LNV met het actieprogramma in op een verbetering van de waterkwaliteit en daarmee het tijdig behalen van de doelen van de Europese Kaderrichtlijn Water. Het zevende actieprogramma is meer dan eerdere actieprogramma’s gericht op gebieden en teelten met problematiek ten aanzien van nutriëntenuitspoeling- en afspoeling. Teneinde het gebruik van kunstmest te reduceren zet LNV in op verruiming van de Europese afspraken voor het gebruik van hoogwaardige producten uit dierlijke mest. Met een digitale realtime verantwoording van het transport van mest versterken LNV, NVWA en RVO de handhaving. Om de ammoniakemissie bij mestaan­wending te verminderen ondersteunt LNV het verdund aanwenden van mest met water.13Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 Gewasbeschermingsmiddelen en weerbare planten en teeltsystemenLNV geeft uitvoering aan de afspraken in het Uitvoeringsprogramma Toekomstvisie gewasbescherming 2030 (Kamerstuk 27 858, nr. 518). Centraal daarin staat het benutten van natuurlijke processen, via het versterken van de weerbaarheid van planten en teeltsystemen. Daarmee wordt het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen omlaag gebracht, wat resulteert in minder emissies naar het milieu. Bij de toelating van gewas­beschermingsmiddelen baseert LNV zich op actuele wetenschappelijke inzichten en streeft het naar Europese harmonisatie. Daarnaast zet LNV zich in Europees verband in voor een toekomstbestendig wettelijk kader voor innovatieve veredelingstechnieken, zoals Crispr-Cas. Deze technieken zorgen ervoor dat gewassen beter bestand zijn tegen ziektes, droogte, hitte en verzilting. Voorwaarde voor toelating van nieuwe veredelingstechnieken is dat soortengrenzen niet overschreden worden.Verduurzamen energiegebruik in de glastuinbouwIn het Klimaatakkoord is de ambitie opgenomen om te komen tot een klimaatneutrale glastuinbouw in 2040. In het najaar van 2021 legt LNV met Glastuinbouw Nederland, Greenports Nederland en de ministeries van Financiën en Economische Zaken en Klimaat afspraken vast in een nieuw convenant energietransitie glastuinbouw. Daarin zijn de tussendoelen, acties en maatregelen opgenomen voor de periode 2021-2030. In 2022 komt het convenant in uitvoering. Daarnaast verkent LNV, samen met de ministeries van Economische Zaken en Klimaat en Financiën, verbeteringen in generieke beleidsinstrumenten zoals de Opslag Duurzame Energie. Het doel is te komen tot meer prikkels voor energiebesparing en gebruik van duurzame energie.Stimuleren groei van biologische productie en consumptieVolgend op de ambities in de Farm-to-Fork mededeling van de Europese Commissie, stelt LNV een nationale strategie op voor het vergroten van biologische productie en consumptie in Nederland. LNV geeft hiermee tegelijk een impuls aan natuurinclusieve landbouw (Kamerstuk 22 112, nr. 3106).Verminderen voedselverspilling en vergroten consumptie duurzaam voedselMet partners in de Stichting Samen Tegen Voedselverspilling werkt LNV aan het doel om in 2030 1 miljoen ton grondstoffen binnen de Nederlandse voedselketen te houden of een hoogwaardige bestemming te geven (Kamerstuk 31 532, nr. 242). Voor verschillende schakels van de voedsel­keten maakt de stichting inzichtelijk wat het aandeel in de verspilling van voedsel is. In het verminderen van voedselverspilling ligt de focus op het wegnemen van belemmeringen in het verwaarden van reststromen. In samenwerking met het Voedingscentrum stimuleert LNV de bewust­wording onder consumenten van een gezonde balans tussen plantaardige en dierlijke eiwitten en van de voordelen van niet te veel eten. Met een benchmark biedt LNV consumenten inzicht in de betekenis van verschil­lende duurzaamheidskenmerken voor voeding.Verminderde afhankelijkheid van de import van eiwitrijke grondstoffenLNV geeft uitvoering aan de Nationale Eiwitstrategie (Kamerstuk 35570-XIV-70). Dit resulteert in het vergroten van de teelt van eiwitrijke gewassen in Nederland, ontwikkeling van nieuwe eiwitrijke gewassen en eiwit­bronnen, insectenteelt, benutting van reststromen en het verhogen van het aandeel plantaardige consumptie.14Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 Toekomstbestendige visserijUitgangspunt van het visserijbeleid is dat de visserij aan het ecosysteem niet meer onttrekt dan het dragen kan. LNV werkt hiervoor gebiedsgericht in de Noordzee, de Noordzeekustzone, het Waddengebied en het IJsselmeer. De uitvoering van afspraken uit de Kottervisie en het Noordzee­akkoord (Kamerstukken 29675 nr. 195 en 33450 nr. 68) resulteren de komende jaren in een kleinere, maar ook meer duurzame en rendabele visserijsector.De middelen uit de Europese Brexit Adjustment reserve zet LNV in voor herstructureringsmaatregelen om de Nederlandse vlootcapaciteit in balans te brengen met toekomstige vangstmogelijkheden. Samen met de kotter­vissers maakt LNV een innovatieagenda, gericht op minder bodembe­roering, minder uitstoot van broeikasgassen en afval en meer selectief vissen. De middelen die Nederland ontvangt uit het Europees Maritiem Visserij en Aquacultuur Fonds zet LNV primair in voor innovatie in de kotter­visserij en garnalensector, maar deze worden ook gebruikt voor verduur­zaming in de aquacultuur evenals Mosselzaadinvanginstallaties. Om de effectiviteit van controle en handhaving te vergroten en de nalevingsbe­reidheid onder vissers te vergroten heeft LNV een wetsvoorstel tot wijziging van de Visserijwet 1963 in procedure gebracht die het mogelijk maakt om bij overtredingen een bestuurlijke boete op te leggen.In vervolg op de convenanten Visserij in Beschermde Gebieden (VIBEG2) en VisWad werkt LNV met de garnalensector en natuurorganisaties aan een toekomstperspectief voor de garnalensector (Kamerstuk 29675, nr. 200). Samen met de NVWA start LNV de toepassing van de nieuwe black box met als doel de naleving van regelgeving in de garnalensector te verbeteren. Voor de visserij in het IJsselmeergebied stelt LNV, na een staatssteuntoets door de Europese Commissie, een saneringsregeling open voor de schub­visvisserij met staand net en zegen. Ook hier is het doel om de visserij in balans te brengen met de draagkracht van het ecosysteem.Bijdragen aan de verduurzaming van het internationale voedselsysteemIn een nieuwe strategie zet LNV uiteen hoe het wil bijdragen aan het vergroten van de internationale voedselzekerheid en de verduurzaming van het voedselsysteem (Kamerstuk 33 625, nr. 280). Het landbouwattaché­netwerk ontwikkelt zich door als internationale partner in het vinden van duurzame oplossingen voor lokale opgaven. Nederlandse producten, kennis en innovaties worden daarbij proactief aangedragen. Naast het bestaande initiatief Seed NL zet LNV een nieuw internationaal publiek-privaat programma op voor ‘klimaatslim voedsel produceren’.Bevordering handelstoegang en inzet handelspolitiekLNV maakt afspraken met derde landen over het wegnemen van veterinaire en fytosanitaire belemmeringen voor Nederlandse agrofoodbedrijven. Nederland zet zich bij handelsakkoorden tussen de Europese Unie en derde landen in voor de belangen van de Nederlandse land- en tuinbouw met meer aandacht voor duurzaamheid en dierenwelzijn en bevordering van het gelijk speelveld. Samen met andere departementen monitort LNV de gevolgen van de Handels- en Samenwerkingsovereenkomst tussen de Europese Unie en het Verenigd Koninkrijk. Waar nodig wordt, in samenspraak met het bedrijfsleven en uitvoerende diensten, actie ondernomen om handelsstromen met het Verenigd Koninkrijk optimaal te laten verlopen.Brede welvaart in het landelijk gebied15Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 In samenwerking met regionale partijen geeft LNV uitvoering aan dertig Regio Deals (Kamerstuk 29 697, nr. 90). Deze verschillende deals hebben tot doel om de brede welvaart in de regio te versterken. LNV stimuleert het delen van ervaringen, kennis en resultaten tussen de partijen die betrokken zijn bij Regio Deals. Dit gebeurt in samenwerking met het Planbureau voor de Leefomgeving, het Centraal Bureau voor de Statistiek en de regionale (plan)bureaus.Daarnaast komen de regionale gebiedsprocessen en gebiedsplannen in het kader van de Nationale Omgevingsvisie -en als onderdeel daarvan het Nationaal Programma Landelijk Gebied- verder in uitvoering. LNV sluit aan bij de in gang gezette gebiedsprocessen voor onder meer de aanpak van de klimaat- en stikstofopgave. De governance en het instrumentarium voor de gebiedsprocessen worden verder geoperationaliseerd, met als doel om in allianties van Rijk en regio’s tot effectieve planvorming en uitvoering te komen.Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) De NVWA vult haar toezichttakken risicogericht in. In de meerjarenagenda geeft de NVWA weer wat de belangrijkste risico’s zijn op de zeven publieke belangen waar zij toezicht op houdt. Hieruit volgt dat de focus in het werk van de NVWA de komende jaren ligt op de naleving van regels bij het houden en het doden van productiedieren, het tegengaan van nieuwe dier- en plantziekten via handelsstromen en de online handel en naleving van regels voor verboden producten en exotische dieren.Naast toezicht bestaat een deel van het werk van de NVWA uit verplichte (keurings)werkzaamheden. Het gehele takenpakket van de NVWA is daarmee omvangrijk en, als weergegeven in het onderzoek van Deloitte, momenteel niet in balans met de beschikbare middelen. Om het toezicht van de NVWA toekomstbestendig te kunnen organiseren is het belangrijk dat de taken en middelen van de NVWA bestendig in balans worden gebracht. Hiertoe zijn voorstellen gedaan die keuzes vragen van een volgend kabinet.Parallel start de NVWA een project om de diensten van de NVWA duidelijker te definiëren, opdat kosten transparanter en directer toegerekend kunnen worden. Het streven is om aan de hand hiervan tot afronding van de heroverweging van de financieringssystematiek te komen. Met uitvoering van de voortrollende agenda werkt de NVWA aan de professionalisering en het vakmanschap in de organisatie. De verbetering van het specifiek inter­ventiebeleid zorgt ervoor dat inspecteurs van de NVWA meer uniform kunnen interveniëren. Dit draagt bij aan de rechtsgelijkheid in het handelen naar ondernemers. De NVWA voert verder het ICT-Actieplan uit om de infor­matiepositie te versterken en zodoende het toezicht nog meer risicogericht in te kunnen vullen en ook te scoren op Kritische Prestatie Indicatoren.Overzicht coronamaatregelenDe afgelopen maanden zijn voor een belangrijk deel getekend door de coronacrisis. Het kabinet heeft diverse (nood)maatregelen genomen om de crisis het hoofd te bieden. Deze paragraaf geeft een overzicht van de maatregelen die op de begroting van het Ministerie van LNV zijn genomen. Een uitgebreid overzicht is te vinden op https://www.rijksfinancien.nl/corona-visual .16Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 Overzicht Coronamaatregelen op begroting LNV (bedragen x € mln.)MaatregelBedrag 2020Bedrag 2021Bedrag 2022Bedrag 2023Relevante Kamer­stukkenTijdelijke Borgstelling MKB-Landbouwkredieten corona (BL-C)28Kamerstuk 35 414, nr. 2 en Kamerstuk 35 442, nr. 2Bestrijding COVID-19 in de pelsdierhouderij73,6Kamerstukken 28 286, Kamerstuk 35 539, nr. 2Beleidsregel nadeelcompensatie pelsdierhouderij0,5136,611Kamerstuk 28 286, nr. 1124, Kamerstuk 35 539, nr. 2 en Kamerstuk 35 633, nr. 6Tijdelijke Regeling subsidie dierentuinen39Kamerstuk 35 420, nr. 105Regeling tegemoetkoming land- en tuinbouwondernemers15843Kamerstuk 35 650-XIV, nr. 4Regeling ongedekte vaste kosten land- en tuinbouw COVID-1920Kamerstuk 35 420, nr. 349Tijdelijke Borgstelling MKB-Landbouwkredieten corona (BL-C)Vanaf maart 2020 is de Borgstelling Landbouw tijdelijk verruimd om liqui­diteitsproblemen bij ondernemers als gevolg van de coronacrisis op te kunnen vangen (BL-C). De overheid staat borg voor 70% van een werkkapi­taalkrediet van maximaal € 1,2 mln. per onderneming. Indien een bedrijf de maximale ruimte van de reguliere BL borgstelling reeds heeft benut, kan de borgstelling met € 300.000 worden verruimd zodat aan elk bedrijf in ieder geval werkkapitaal beschikbaar kan worden gesteld. De BL-C heeft een totaal garantie plafond (over de jaren heen) van € 180 mln.De middelen (€ 28 mln.) zijn ten behoeve van de BL-C in de risicovoorziening Borgstellingsfaciliteit afgestort. Dit geld is bedoeld om eventuele verliesde­claraties (als gevolg van faillissement) te dekken die zich bij afgegeven garantstellingen kunnen voordoen. Tot op heden (31-05-2021) zijn 211 BL-C garantstellingen verleend, waarbij de overheid in totaal voor circa € 60 mln. garant staat. Verliesdeclaraties hebben zich nog niet voorgedaan.De verruiming van de BL regeling met de BL-C geldt tot 31 december 2021 en is toegankelijk voor bedrijven in de land- en tuinbouw en voor visserij en aquacultuurbedrijven. Bij onderuitputting na definitieve beëindiging van de crisismaatregelen vloeien de middelen terug naar het algemene beeld.Bestrijding COVID-19 in de pelsdierhouderijIn 2020 is voor € 73,6 mln. aan middelen beschikbaar gekomen op de begroting van LNV t.b.v. de bestrijding van COVID-19 in de pelsdierhouderij. Naar verwachting zal in het najaar van 2021 de eindafrekening in het Dierge­zondheidsfonds plaatsvinden. Daarnaast is in 2020 een bedrag beschikbaar gesteld voor onderzoek naar onder andere besmettingsroutes van COVID-19, welk onderzoek deels doorloopt in 2021. In 2022 zijn geen uitgaven meer voorzien in het kader van de bestrijding.Beleidsregel nadeelcompensatie pelsdierhouderijIn 2021 vindt uitvoering plaats van de beleidsregel nadeelcompensatie. Hiervoor zijn de middelen in 2021 beschikbaar op de LNV-begroting. Voor 2022 zijn alleen uitvoeringskosten (beroep en bezwaar) voorzien.17Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 Tijdelijke regeling subsidie dierentuinenIn 2021 heeft een eerste openstelling plaatsgevonden van de regeling en is een tweede in voorbereiding. Het beschikbaar budget voor de eerste openstelling bedraagt € 39 mln. inclusief uitvoeringskosten. Voor de tweede openstelling zijn nog geen middelen op de LNV-begroting ontvangen; deze staan nog op de Aanvullende Post bij het ministerie van Financiën.Regeling tegemoetkoming land- en tuinbouwondernemersOp 30 november 2020 is de termijn voor de aanvraag van definitieve subsi­dievaststelling van de tegemoetkoming voor de sierteelt/voedingstuinbouw en fritesaardappelen gesloten. In de eerste helft van 2021 is de uitvoering door RVO afgerond en zijn alle subsidies betaald (totaal meerjarig € 201 mln.). Heden vinden nog wel terugbetalingen door ondernemers plaats van verstrekte subsidies. Dit komt omdat ondernemers in het beginstadium van de coronacrisis een inschatting hebben moeten maken van winst- of omzet­derving en op basis daarvan is door RVO een subsidievoorschot verstrekt. Achteraf blijkt dat een aantal ondernemers meer terugval had verwacht dan dat zich werkelijk heeft voorgedaan. Daarnaast zijn ook bezwaarzaken in behandeling genomen waaruit nog betalingen kunnen voortkomen.Regeling ongedekte vaste kosten land- en tuinbouw COVID-19De regeling Ongedekte vaste kosten land- en tuinbouw (OVK) heeft als doel om de maxima van het steunpakket voor de primaire landbouwbedrijven gelijk te trekken met die van niet-landbouwbedrijven. Dit is noodzakelijk omdat het Europese tijdelijke staatssteunkader 3.1 voor landbouwbedrijven een lager maximum kent (€ 225.000) dan voor niet- landbouwbedrijven (€ 1,8 miljoen). Dit acht het kabinet onwenselijk en daarom is besloten om onder een andere paragraaf van het tijdelijke staatssteunkader (3.12) een regeling op te stellen die het mogelijk maakt om ook middelgrote land- en tuinbouwbedrijven substantieel te helpen. De regeling is op 7 juli 2021 opengesteld. Het kabinet reserveert in totaal € 20 miljoen voor deze regeling in het eerste en tweede kwartaal van 2021.Bestemming envelopmiddelen LNV Regeerakkoord, Klimaatakkoord, Urgenda en Aanpak StikstofIn het Regeerakkoord, Klimaatakkoord en ten behoeve van klimaatmaatre­gelen inzake Urgenda en de Aanpak Stikstof zijn voor LNV intensiverings­middelen beschikbaar gekomen. De onderstaande tabel geeft een overzicht hiervan. Daarbij is inzichtelijk gemaakt waar de betreffende middelen voornamelijk zijn geland op de LNV-begroting. Toelichting op de besteding van deze investeringen is terug te vinden in de betreffende beleidsartikelen en in meer detail in de Kamerbrieven over de specifieke onderwerpen.Overzicht intensiveringen enveloppes LNV begroting (bedragen in € mln.)Herkomst middelenMaatregelArtikel/instrument202120222023202420252026Regeerakkoord, Urgenda en Aanpak StikstofWarme sanering varkenshouderijen (F29)Art. 21 / Duurzame veehouderij (subsidies);19670Regeerakkoord en KlimaatakkoordBrongerichte verduurzaming stallen (F29)Art. 21 / Duurzame veehouderij (subsidies)13,715,919,818,551,610RegeerakkoordFlankerende maatregelen pelsdierhouderij (F29)Art. 21 / Sociaal economische positie boeren (subsidies)222Cofinanciering innovatie visserij (F31)Art. 22 / Duurzame visserij (subsidies)2222118Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 Herkomst middelenMaatregelArtikel/instrument202120222023202420252026Fonds Bedrijfsopvolging agrarische sector (F30)Artikel 11 / GarantiesCapaciteit NVWA (F28)Artikel 24 / Bijdrage aan NVWA15,613,313,313,313,313,3Natuur en Waterkwaliteit (6e Actieprogramma Nitraatrichtlijn) (E28)Art. 21 / Mestbeleid (opdrachten)15Toegepast onderzoek Wageningen Research (G37)Art. 23 / Missiegedreven topsectoren en innovatiebeleid en Bijdrage aan Wageningen Research25,425,425,425,425,425,4KlimaatakkoordBodemkoolstofArt. 21 / Glastuinbouw en weerbare planten en teeltsystemen (opdrachten)3,64,43221Geïntegreerde aanpak uitstoot methaan en ammoniakArt. 21 / Duurzame veehouderij (opdrachten); en Art. 23 Beleidsondersteunend onderzoek655555Brongerichte maatregelen (pilots en demo's)Art. 21 / Duurzame veehouderij (opdrachten)544444Randvoorwaarden voor verdienmodel / klimaatvriendelijke productenArt. 21 / Duurzame veehouderij (opdrachten)121Veenweiden impulsArt. 22 / Klimaatimpuls natuur en biodiversiteit43Veenweiden pilots en demo'sArt. 22 / Klimaatimpuls natuur en biodiversiteit19,510,58,67,63,81,5Bodem, bos en natuurArt. 22 / Klimaatimpuls natuur en biodiversiteit; Art. 23 / Beleidsondersteunend onderzoek en Kennisverspreiding en groen onderwijs66663,53,5Biomassa, restromen en voedselverspillingArt. 21 / Integraal voedselbeleid211111Klimaatakkoord en UrgendaInnovatieagenda EnergieArt. 21 / Glastuinbouw en weerbare planten en teeltsystemen (opdrachten)10,57,58,58,58,515Energie-efficiëntie glastuinbouw (EG)Art. 21 / Glastuinbouw en weerbare planten en teeltsystemen (subsidies)12,51617182853UrgendaLed verlichtingArt. 21 / Glastuinbouw en weerbare planten en teeltsystemen (subsidies)1312Klimaatakkoord en Aanpak StikstofKunstmestvervanging en mestverwerkingArt. 21 / Mestbeleid (subsidies)0,53665,511Klimaatakkoord en Aanpak Stikstof (voormalig begrotingsreserve stikstof)Gerichte opkoopArt. 21 / Duurzame Veehouderij (subsidies); Art. 22 / Natuur en biodiversiteit op land (opdrachten)230,5249,30,80,60,2Aanpak Stikstof (voormalig begrotingsreserve stikstof)Natuurherstel door terreinbeherende organisatiesArt. 22 / Natuur en biodiversiteit op land (subsidies en opdrachten)9,520,923,821,910,519Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 Herkomst middelenMaatregelArtikel/instrument202120222023202420252026NatuurbankArt. 22 / Natuur en biodiversiteit op land (opdrachten)8102535,740Aanpak StikstofNatuurherstelpakketArt. 22 / Natuur en biodiversiteit op land (opdrachten)200250300300300300Verlagen ruw eiwitgehalte veevoerArt. 21 / Duurzame veehouderij (opdrachten);Art. 23 / Kennisontwikkeling en innovatie14,216,413,550,9MestverdunningArt. 21 / Mestbeleid (subsidies)0,956,945,61,6MestbeleidArt. 21 / Mestbeleid (opdrachten)18,2Vergroten aantal uren weidegangArt. 21 / Duurzame veehouderij (opdrachten)0,510,50,5OmschakelprogrammaArt. 21 / Sociaal ecomomische positie boeren (subsidies)15PAS-meldersArt. 22 / Vermaatschappelijking Natuur en Biodiversiteit (opdrachten)4,8Overzicht gereserveerde middelen op de aanvullende post (bedragen in € mln.)HerkomstMaatregel202120222023202420252026RegeerakkoordReservering regionale knelpunten (L105)40KlimaatakkoordVeenweiden uitrol mix van maatregelen1111171110Klimaatakkoord en UrgendaWarmtesysteem Westland6,55,42,70,8Maatwerksubsidie CO2-levering glastuinbouw9,29,24,6Aanpak StikstofLandelijke beëindigingsmaatregel piekbelasters veehouderij13034523095200Verlagen ruw eiwitgehalte veevoer (restant)993Stalmaatregelen35353535Omschakelfonds3,611050Handhaving6678Programmakosten DG stikstof14,514,514,512Reservering stikstof Cie Hordijk20457015UrgendaGlastuinbouw5CoronaTijdelijke regeling subsidie dierentuinen COVID-19.64,57,520Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 HerkomstMaatregel202120222023202420252026Vervroegd verbod pelsdierhouderijen0,95521Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 2.2 Belangrijkste beleidsmatige mutatiesBelangrijkste beleidsmatige uitgavenmutaties t.o.v. vorig jaar (bedragen x € 1.000)Art.202120222023202420252026Stand begroting 20212.065.4971.423.4621.406.9961.294.5561.336.6801.263.362Belangrijkste mutatiesKasschuiven Subsidieregeling sanering varkenshouderijen21‒ 65.31565.315Onderuitputting Srv inzet Walstroom en MIRT (stikstofmiddelen)21‒ 34.000Kasschuif Regelig waterbassins mest (stikstofmiddelen)21‒ 20.06214.8593.6001.603Tegemoetkoming vaste lasten land- en tuinbouw2120.000LED in de glastuinbouw (Urgenda 2.0)2125.000Kasschuif Energie glastuinbouw (Urgenda 2.0)‒ 23.4673.558‒ 8.442‒ 8.4421.79335.000Nadeelcompensatie vervroegd verbod pelsdierhouderij21122.500Onttrekking tbv sloop- en ombouwregeling pelsdierhouderij2110.274Tijdelijke regeling subsidie dierentuinen2139.000Steunmaatregelen tuinbouw en fritesaardappelsector2143.000Mestbeleid2118.200Onttrekking tbv Maatregel gerichte opkoop (stikstofmiddelen)22209.529Kasschuif Maatregel gerichte opkoop (stikstofmiddelen)22‒ 212.898211.353752593200Regeling versneld natuurherstel (stikstofmiddelen)2221.600Kasschuiven Regeling versneld natuurherstel (stikstofmiddelen)22‒ 77.12520.90223.80521.92010.498Natuurbank (stikstofmiddelen)22112.143Kasschuif Natuurbank (stikstofmiddelen)22‒ 110.67310.00025.00035.67340.000Kasschuif Veenweide22‒ 14.4763.9962.0806.1302.270Agroprogramma Groningen224.0003.7503.7503.7503.750Aanvalsplan Grutto222.0003.000Retributiedemping NVWA2413.90010.80010.800NVWA Reistijd = werktijd244.8009.0009.0009.0009.0009.000Loon en prijsbijstellingstranche 2021alle41.46429.77329.44527.18428.06126.535Overige mutaties65.90651.41293512.6856.4499.899Stand ontwerpbegroting 20222.276.5971.845.3801.507.7211.404.6521.438.7011.343.796ToelichtingKasschuiven Subsidieregeling sanering varkenshouderijenBij de uitvoering van de Subsidieregeling sanering varkenshouderijen (Srv) is gebleken dat ondernemers die een subsidiebeschikking hadden ontvangen meer tijd nodig hadden om tot een afgewogen besluit voor deelname te komen. De termijn voor het retourneren van de modelover­eenkomst is verlengd tot 1 april 2021. Dit heeft geleid tot ramingsbijstelling van de verwachte uitbetaling van de subsidievoorschotten.Onderuitputting Srv inzet Walstroom en MIRT (stikstofmiddelen)Aan de Subsidieregeling sanering varkenshouderijen (Srv) doen minder ondernemers mee dan eerder werd verwacht (Kamerstuk 28 973, nr. 244). De regeling levert daarmee minder stikstofreductie op. De onderuitputting op het budget van de regeling wordt daarom voor aanvullende reductie 22Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 ingezet voor onder andere de intensivering van de regeling voor Walstroom zeevaart (€ 19 mln.) en voor de projectspecifieke mitigatie van de 7 MIRT-projecten (€ 15 mln.). Deze middelen zijn overgeheveld naar de begroting van het Ministerie van IenW.Kasschuif Regeling waterbassins mest (stikstofmiddelen)De middelen voor de Regeling waterbassins mest worden onder andere door de benodigde EU-goedkeuring pas later dan verwacht opengesteld. Door de openstelling in het 4e kwartaal van dit jaar is uitputting van de middelen in het huidige kasritme niet haalbaar. Om deze reden worden de middelen doorgeschoven naar latere jaren.Tegemoetkoming vaste lasten land- en tuinbouwVoor het derde kwartaal reserveert het kabinet € 20 mln. om middelgrote bedrijven in de land- en tuinbouw gebruik te laten maken van de hogere subsidiegrens voor de tegemoetkoming vaste lasten (TVL). De verwachting is dat er meer land- en tuinbouwbedrijven tegen de grens van de reguliere TVL aanlopen.LED in de glastuinbouw (Urgenda 2.0)Het budget voor subsidies in de bestaande Energie-efficiënte Glastuinbouw (EG-) regeling wordt verhoogd met € 25 mln. Hiermee kan de SONT-verlichting (de algemeen toegepaste assimilatieverlichting in kassen) worden vervangen door full spectrum LED-verlichting met een equivalente lichtopbrengst bij een lager energieverbruik. Met deze maatregel kan op circa 100 ha SONT-verlichting worden vervangen door LED, wat ongeveer een reductie van 0,025 Mton CO2 per jaar oplevert. Deze maatregel maakt deel uit van het Urgenda 2.0 pakket.Kasschuif Energie glastuinbouw (Urgenda 2.0)Deze kasschuif betreft Urgenda middelen. Bij Voorjaarsnota is € 25 mln. overgeheveld van de Aanvullende Post naar de LNV-begroting. Dit betreft de regeling voor LED in de glastuinbouw. Met deze kasschuif wordt € 12 mln. daarvan doorgeschoven naar 2022, omdat de regeling dit jaar wordt gepubliceerd en opengesteld, en de uitgaven later zullen plaatsvinden. Tevens worden er door een kasschuif middelen naar 2025 en 2026 doorge­schoven (€ 11,5 mln. in 2021, € 8,4 mln. per jaar van 2022 tot en met 2024) zodat deze alsnog ingezet kunnen worden wanneer de subsidieregeling naar verwachting meer aanvragen zal hebben.Nadeelcompensatie vervroegd verbod pelsdierhouderijVoor het vervroegd verbod pelsdierhouderij is in totaal € 140 mln. gereser­veerd op de Aanvullende Post. Hiervan wordt € 122,5 mln. toegevoegd aan de LNV-begroting 2021 voor de nadeelcompensatie. De resterende € 17,5 mln. dient als reservering voor zowel de nadeelcompensatie van € 7,5 mln. en € 10 mln. voor de uitvoering ervan.Onttrekking tbv sloop- en ombouwregeling pelsdierhouderijDit betreft een onttrekking van € 10,3 mln. aan de begrotingsreserve Landbouw ten behoeve van de gewijzigde sloop- en ombouwregeling voor de pelsdierhouderij.Tijdelijke regeling subsidie dierentuinenDoor het kabinet is € 39 mln. beschikbaar gesteld voor dierentuinen in het derde steun- en herstelpakket i.v.m. Corona (Kamerstuk 35420, nr. 105). De steun was bedoeld ter voorkoming van faillissementen en dierenwel­zijns-problemen. Dit bedrag is overgeheveld naar de LNV-begroting.23Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 Steunmaatregelen tuinbouw en fritesaardappelsectorDe definitieve vaststelling en uitkering van deze steunmaatregelen is over de jaargrens van 2020 geschoven (Kamerstuk 35650-XIV, nr. 4). Dit is met name ontstaan door vertraging bij de vaststelling van de benodigde contro­leprotocollen. De beoordeling en afhandeling van de tegemoetkomingen zijn begin 2021 afgerond. Hierdoor is voor de voedingstuinbouw € 36 mln. en voor de fritesaardappelsector € 7 mln. van het subsidiebudget doorge­schoven naar 2021.MestbeleidDoor het uitblijven van een regeerakkoord na de Tweede Kamer verkie­zingen van 17 maart 2021 komt de continuïteit van de uitvoering van maatregelen in gevaar die noodzakelijk zijn voor het voldoen aan de Europese nitraat- en waterrichtlijnen.Deze middelen zijn bedoeld om in 2022 de uitvoering, monitoring en handhaving van het mestbeleid voort te zetten om aan de Europese verplich­tingen te kunnen blijven voldoen.Onttrekking tbv Maatregel gerichte opkoop (stikstofmiddelen)Eind 2020 is de Regeling provinciale aankoop veehouderijen nabij natuur­gebieden opengesteld. Bij Slotwet 2020 zijn de resterende middelen van € 99,5 mln. voor de eerste tranche van deze regeling teruggestort in de begrotingsreserve Stikstof. Deze middelen worden aan de begrotingsre­serve onttrokken en aan de LNV-begroting toegevoegd ten behoeve van de regeling. Daarnaast resteert in de begrotingsreserve Stikstof € 110 mln. als reservering voor de 3e tranche van de Maatregel gerichte opkoop. Omdat de begrotingsreserve in 2021 ophoudt te bestaan, worden deze middelen onttrokken en aan de LNV-begroting toegevoegd.Kasschuif Maatregel gerichte opkoop (stikstofmiddelen)De gereserveerde middelen op de begroting voor de Maatregel gerichte Opkoop 2e en 3e tranche worden middels een kasschuif doorgeschoven naar 2022. Daarnaast wordt het budget voor de uitvoeringkosten van de 1e tranche doorgeschoven naar de jaren waarin deze uitgegeven zullen worden.Regeling versneld natuurherstel (stikstofmiddelen)Met deze mutatie wordt € 21,6 mln. uit de begrotingsreserve Stikstof onttrokken en aan de LNV-begroting toegevoegd. Deze middelen zijn bij Najaarsnota 2020 in de begrotingsreserve Stikstof gestort. De middelen worden ingezet voor de Regeling versneld natuurherstel (€ 20,1 mln.) en voor de uitvoeringkosten van deze regeling (€ 1,5 mln.). Kasschuiven Regeling versneld natuurherstel (stikstofmiddelen)Begin 2021 is de 1e tranche van de Regeling versneld natuurherstel opengesteld. De tweede tranche zal naar verwachting in het najaar van 2021 open gaan. De deelnemers aan de Regeling ontvangen gedurende de periode dat het project wordt uitgevoerd meerdere voorschotten conform de bevoorschottingsmethodiek die bij dergelijke langlopende regelingen wordt gehanteerd. Middels de kasschuif wordt het budget naar de jaren geschoven waarin de middelen naar verwachting tot uitfinanciering zullen komen.24Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 Natuurbank (stikstofmiddelen)De in de begrotingsreserve Stikstof gereserveerde middelen voor de Natuurbank worden overgeheveld naar artikel 22 van de LNV-begroting. Deze middelen (€ 112,1) worden ingezet voor de realisatie van natuurcom­pensatie van schade als gevolg van projecten in het kader van rijksinfra- en waterveiligheid en defensieprojecten die een veiligheidsbelang vertegen­woordigen. De ambitie is om circa 1.100 tot 2.000 hectare aan natuurmaat­regelen te realiseren gedurende de periode 2022-2025.Kasschuif Natuurbank (stikstofmiddelen)De gereserveerde middelen voor de Natuurbank (€ 112,1 mln.) worden ingezet voor de realisatie van natuurcompensatie van schade als gevolg van projecten in het kader van rijksinfra- en waterveiligheid en defensiepro­jecten die een veiligheidsbelang vertegenwoordigen. De ambitie is om circa 1100 tot 2000 hectare aan natuurmaatregelen te realiseren gedurende de periode 2022-2025. Omdat de begrotingsreserve Stikstof in 2021 ophoudt te bestaan, zijn de middelen in 2021 aan de reserve onttrokken en worden ze met deze mutatie doorgeschoven over de jaren waarin deze ingezet zullen worden.Kasschuif VeenweideDe Klimaatakkoordmiddelen voor pilots en onderzoeken veenweiden zijn bedoeld voor de periode 2020-2030 (Kamerstuk 32 813 nr. 562). Met de uitvoering van pilots – onder meer in het kader van het Interbestuurlijk Programma Vitaal Platteland -, de uitvoering van het Nationaal Onderzoeks­programma Broeikasgassen Veenweiden (NOBV) 2020-2024 en een daarop aanvullend in 2022 te starten nationaal innovatieprogramma veenweide voor de jaren 2022-2025 worden de beschikbare klimaatakkoordmiddelen vrijwel geheel binnen de aanjaag en opbouwfase (2020-2022) en de eerste jaren van de 2e fase van het Veenplan uitgevoerd. Dit om op basis van de resultaten uit dit onderzoek en de uitkomsten van de gebiedsprocessen onder regie van provincies de komende jaren duidelijkheid te krijgen welke maatregelen in welke gebieden uitgevoerd gaan worden en rond 2024 de uitrol van concrete maatregelen te kunnen intensiveren. Met de kasschuif wordt de verwachte uitgave van de middelen in overeenstemming gebracht met deze planning.Agroprogramma GroningenHet Rijk heeft voor de periode 2021 ‒ 2025 € 19 mln. beschikbaar gesteld voor het Agroprogramma Groningen. Dit programma ondersteunt boeren die te maken hebben met de complexe problematiek in het aardbevings­gebied om weer perspectief te krijgen op de toekomst (Kamerstuk 33 525 nr. 846). Dit gebeurt o.a. middels individuele begeleiding.Aanvalsplan GruttoHet Aanvalsplan Grutto heeft tot doel om kansgebieden te creëren met een optimaal leef- en foerageergebied voor weidevogels. Om dit te kunnen realiseren is het van belang dat agrariërs in deze gebieden een verdien­model kunnen ontwikkelen. Voor een voortvarende start van het Aanvalsplan Grutto is een bedrag van € 5 mln. gereserveerd voor 2021 en 2022 (€ 2 mln. in 2021 en € 3 mln. in 2022) op de begroting van LNV.Retributiedemping NVWADit betreft een aanvullende dekking die nodig is om de tarieven voor het bedrijfsleven met niet meer dan het CPB-indexcijfer, dat gebaseerd is op de macro economische verkenningen, te laten stijgen. Het bedrag ziet enerzijds op de demping van de gevolgen van integrale 25Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 kostprijssystematiek vanaf 2020 en toerekening van de werkelijke kosten aan alle producten en diensten van de NVWA. Anderzijds ziet het op demping van tarieven met kostenverhogingen als gevolg van herinrichting van processen of nieuwe regelgeving. Op dit moment loopt een programma dat voorziet in het wijzigen van de productdefiniëring, kostentoerekening en financieringsstelsel van de NVWA. Omdat nog niet op de uitkomsten hiervan vooruit kan worden gelopen, loopt de aanvullende dekking na 2024 niet door.NVWA Reistijd = werktijdVoor het terugdraaien van de taakstelling Reistijd = werktijd wordt er in 2021 € 4,8 mln. aan het budget toegevoegd. Daarbij wordt voor de jaren hierna € 9 mln. toegevoegd. Deze uit 2014 stammende taakstelling was opgelegd om de reistijd van ambulante medewerkers niet meer als werktijd te zien.Loon- en prijsbijstelingstranche 2021De loon- en prijsbijstellingstranche 2021 is aan de LNV begroting toegevoegd. De loonbijstelling betreft de vergoeding voor de stijging van de contractloonontwikkeling en de stijging van de sociale lasten voor de overheidswerkgever. De prijsbijstelling is bestemd voor de verwerking van de stijging van de diverse prijsindexen.Belangrijkste beleidsmatige ontvangstenmutaties t.o.v. vorig jaar (bedragen x € 1.000)Art.202120222023202420252026Stand begroting 2021237.13988.62476.43273.72469.82068.876Belangrijkste mutatiesOnttrekking tbv sloop- en ombouwregeling pelsdierhouders2110.274COVID-19: terugontvangst sierteelt/aardappels215.000Onttrekking tbv Omschakelprogramma2210.000Onttrekking tbv Natuurbank22112.143Onttrekking tbv Maatregel gerichte opkoop22209.529Onttrekking tbv Regeling versneld natuurherstel2221.600Overige mutatiesalle16.3593.6902.000‒ 500‒ 1.000‒ 2.700Stand ontwerpbegroting 2022622.04492.31478.43273.22468.82066.176ToelichtingOnttrekking tbv sloop- en ombouwregeling pelsdierhoudersDe ontvangsten op artikel 21 worden met € 10,3 mln. verhoogd vanwege een onttrekking uit de begrotingsreserve Landbouw voor de middelen die worden ingezet ten behoeve van de gewijzigde sloop- en ombouwregeling voor de pelsdierhouderij.COVID-19: terugontvangst sierteelt/aardappelsDeze ontvangsten betreffen de terugbetaalde bedragen op voorschotten die bij coronamaatregelen zijn verstrekt. Deze terugbetalingen zijn relatief hoog omdat ondernemers vooraf een inschatting moesten maken van de verwachte omzetdaling. De sector is echter minder hard getroffen dan verwacht. Deze overgebleven middelen vloeien terug naar het generale beeld.26Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 Onttrekking tbv OmschakelprogrammaDeze onttrekking uit de begrotingsreserve Stikstof is bestemd voor het onderdeel «pilot investeringsfonds duurzame landbouw» uit het Omscha­kelprogramma.Onttrekking tbv NatuurbankIn de begrotingsreserve Stikstof resteert een bedrag van € 112,1 mln., bestemd voor de Natuurbank. De begrotingsreserve Stikstof houdt in 2021 op te bestaan en daarom worden deze middelen onttrokken en aan artikel 22 toegevoegd.Onttrekking tbv Maatregel gerichte opkoopEind 2020 is de Regeling provinciale aankoop veehouderijen nabij natuur­gebieden opengesteld. Bij Slotwet 2020 zijn de resterende middelen van € 99,5 mln. voor de eerste tranche van deze regeling teruggestort in de begrotingsreserve stikstof. Deze middelen worden aan de begrotingsre­serve onttrokken en aan de LNV-begroting toegevoegd ten behoeve van de Regeling. Daarnaast resteert in de begrotingsreserve Stikstof € 110 mln. als reservering voor de 3e tranche van de Maatregel Gerichte Opkoop. Omdat de begrotingsreserve in 2021 ophoudt te bestaan, worden deze middelen onttrokken en aan de LNV-begroting toegevoegd.Onttrekking tbv Regeling versneld natuurherstelMet deze mutatie wordt € 21,6 mln. uit de begrotingsreserve Stikstof onttrokken en aan de LNV-begroting toegevoegd. Deze middelen zijn bij Najaarsnota 2020 in de begrotingsreserve Stikstof gestort. De middelen worden ingezet voor de Regeling versneld natuurherstel (€ 20,1 mln.) en voor de uitvoeringkosten van deze regeling (€ 1,5 mln.).Overige mutatiesDit betreffen diverse ontvangstenmutaties op de begroting.2.3 Overzicht niet-juridisch verplichte uitgavenIn onderstaande tabel is een overzicht opgenomen van voorgenomen uitgaven die naar verwachting op 1 januari 2022 nog niet juridisch zijn verplicht. Het gaat om gereserveerde middelen die later in het begro-tingsjaar worden verplicht. In veel gevallen liggen er ook bestuurlijke afspraken aan deze voornemens ten grondslag. De niet-juridisch verplichte uitgaven zijn dan ook niet te beschouwen als middelen die zonder meer vrijelijk beschikbaar zijn voor alternatieve aanwending.27Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 Overzicht niet-juridisch verplichte uitgaven en bestemming (bedragen x €1.000)Art. nr.Naam artikel (totale uitgaven art.)Juridisch verplichte uitgavenNiet-juridische verplichte uitgavenBestemming van de niet-juridisch verplichte uitgaven21Land- en tuinbouw (€ 515,9 mln.)327.151 (63%)188.749 (37%)Subsidies‒Sociaal ecomomische positie boeren (€ 10,4 mln.)‒Mestbeleid (€ 55,1 mln.)‒Duurzame veehouderij (€ 115,9 mln.)Opdrachten‒Sociaal ecomomische positie boeren (€ 1,5 mln.)‒Voedselzekerheid en internationale agrarische samenwerking (€ 4,5 mln.)Bijdragen aan (internationale) organisaties‒FAO en overige contributies (€ 1,3 mln.)22Natuur, visserij en gebiedsgericht werken (€ 462,7 mln.)441.100 (95%)21.600 (5%)Opdrachten‒Vermaatschappelijking natuur en biodiversiteit (€ 2,3 mln.)‒Natuur en biodiversiteit op land (€ 10 mln.)‒Natuur en biodiversiteit Grote Wateren (€ 2,5 mln.)‒Duurzame visserij (€ 0,3 mln.)‒Overige stelsel activiteiten (€ 0,4 mln.)‒Internationale samenwerking (€ 1,2 mln.)‒Caribisch Nederland (€ 0,3 mln.)‒Klimaatimpuls natuur en biodiversiteit (€ 3,9 mln.)‒Regio Deals (€ 0,5 mln.)23Kennis en innovatie (€ 244,5 mln.)239.490 (98%)5.010 (2%)Subsidies‒Kennisverspreiding en groen onderwijs (€ 2,1 mln.)ZBO’s/RWT‒Wageningen Research (€ 2,9 mln.)24Uitvoering en toezicht (€ 431 mln.)418.000 (97%)13.000 (3%)Bijdragen Baten-Lastendiensten‒Bijdrage RVO (€ 11,5 mln.)‒Bijdrage NVWA (€ 1,5 mln.)28Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 2.4 Planning Strategische Evaluatie AgendaDe Strategische Evaluatie Agenda (SEA) laat zien hoe LNV de komende jaren werkt aan het voortbrengen van inzichten over de (voorwaarden voor) de doeltreffendheid en doelmatigheid van ons beleid. Door voldoende (goed) evaluatieonderzoek te programmeren neemt het aantal bruikbare inzichten toe en daarmee onze kennis over het bereiken van onze departementale missie en onderliggende doelstellingen.Missie en hoofdthema'sHet Ministerie van LNV staat voor duurzaam voedsel, waardevolle natuur en een vitaal platteland.Onder de departementale missie onderscheiden we drie thema's. Dat zijn:–Land- en tuinbouw–Natuur, visserij en gebiedsgericht werken–Kennis en innovatiePlanning (synthese)onderzoeken hoofdthema'sConform afspraak met de Kamer wordt periodiek, indicatie 4-7 jaar, per thema verantwoording afgelegd over de doeltreffendheid en doelmatigheid van het gevoerde beleid. Dit gebeurt via een periodieke rapportage (voorheen: beleidsdoorlichting). Hieronder is de planning van deze synthe­seonderzoeken opgenomen.Planning Strategische Evaluatie AgendaThemaType onderzoekAfrondingRelatie met begrotingsartikelLand- en tuinbouwPeriodieke rapportage202521, 24Natuur, visserij en gebiedsgericht werkenPeriodieke rapportageUiterlijk 202822, 24Kennis en innovatiePeriodieke rapportage202423Uitwerking Strategische Evaluatie Agenda (SEA)Voor een verdere onderbouwing van de departementale strategische evaluatie agenda zie «Bijlage 5: Strategische Evaluatie Agenda. Voor het meest recente overzicht van eerder afgeronde beleidsdoorlichtingen, klik op deze link: Status beleidsdoorlichtingen.29Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 2.5 Overzicht risicoregelingenOverzicht verstrekte garanties (bedragen x € 1.000)ArtikelOmschrijvingUitstaande garanties 2020Geraamd te verlenen 2021Geraamd te vervallen 2021Uitstaande garanties 2021Geraamd te verlenen 2022Geraamd te vervallen 2022Uitstaande garanties 2022Garantie­plafondTotaal plafondArtikel 21 Land- en tuinbouwBorgstelling MKB- Landbouwkredieten (BL, BL plus en landbouwinnovatie)329.40178.20033.000374.60178.20038.000414.80178.200Vermogens Versterkend Krediet (BL-VVK)1.51918.00015019.36918.0002.00035.36918.000Borgstelling MKB- Landbouwkredieten Corona (BL-C)*54.488125.5120180.000014.000166.000180.000Borgstelling MKB-landbouwkredieten, onderdeel Werkkapitaal Omschakeling Duurzame Landbouw (BL-O)03.00003.0003.00006.0006.000Artikel 22 Natuur, visserij en gebiedsgericht werkenGarantie voor natuurgebieden en landschappen305.31120.399284.91220.071264.841305.311Klimaatfonds Groenfonds garantie20.80020.80020.80041.60056.000Totaal690.718245.51253.549882.682120.00074.071928.61196.200547.31130Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 Overzicht uitgaven en ontvangsten garanties (bedragen x € 1.000)Art.OmschrijvingUitg. 2020Ontv. 2020Stand risico-voorz. 2020Saldo 2020Uitg. 2021Ontv. 2021Stand risico-voorz. 2021Saldo 2021Uitg. 2022Ontv. 2022Stand risico-voorz. 2022Saldo 2022Art. 21Borgstelling MKB- Landbouwkredieten (BL, BL plus en landbouwinnovatie)6861.42725.6877412.5001.37524.562‒ 1.1252.5001.37523.437‒ 1.125Vermogens Versterkend Krediet (BL-VVK)01771.01717010071.117100010071.217100Borgstelling MKB- Landbouwkredieten Corona (BL-C)*01.33428.3341.334027528.6092751.500027.109‒ 1.500Borgstelling MKB-landbouwkredieten, onderdeel Werkkapitaal Omschakeling Duurzame Landbouw (BL-O)00000701.470700701.54070Art. 22Garantie voor natuurgebieden en landschappenKlimaatfonds Groenfonds garantie0000003240003240Totaal6862.778125.0382.0932.5001.820126.082‒ 6804.0001.545123.627‒ 2.455Artikel 21 Land- en tuinbouwBorgstelling MKB-Landbouwkredieten (BL)Met deze garantieregeling kunnen banken een borgstelling aan land- en tuinbouwondernemers verstrekken indien deze bedrijven voor leningen onvoldoende zekerheden bieden aan de bank. Het knelpunt dat met deze borgstelling wordt bestreden, is het verschijnsel dat in de kern gezonde bedrijven – met voldoende zicht op rentabiliteit en continuïteit – niet of onvoldoende in hun kredietbehoefte kunnen voorzien door een tekort aan zekerheden (onderpand). De borgstelling voor een onderneming kan bijvoorbeeld 70% van € 1,2 mln. bedragen (standaard BL, ad 1 hieronder). De borgstellingslening is maximaal 2/3 van de benodigde investering, waardoor de borgstelling maximaal 46,6% (70% x 66,67% = 46,6%) van de benodigde financiering bedraagt. De borgstelling wordt alleen verleend voor «fresh money»: nieuwe leningen ten behoeve van de (door-)ontwik­keling of overname van een bedrijf.De BL bestaat uit vijf modules:1.Borgstellingskrediet voor de landbouw (BL): de overheid staat borg voor 70% van een borgstellingskrediet van maximaal € 1,2 mln. per onderneming. Het aandeel van het borgstellingskrediet in het totale krediet mag niet meer zijn 2/3.2.Borgstellingskrediet voor de landbouw Plus (BL Plus): deze borgstelling is bedoeld voor glastuinders of veehouders die duurzaam en milieu­vriendelijk willen investeren in gecertificeerde kassen en stallen. De overheid staat borg voor 70% van een borgstellingskrediet van maximaal € 2,5 mln. per onderneming. Het aandeel van het borgstel­lingskrediet in het totale krediet mag niet meer zijn 2/3.31Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 3.Landbouwinnovatie: de overheid staat borg voor 70% van een borgstel­lingskrediet van maximaal € 2,5 mln. per onderneming ten behoeve van investeringen in een duurzaam nieuw concept, product of productie­proces. Het aandeel van het borgstellingskrediet in het totale krediet mag niet meer zijn 2/3.4.Vermogensversterkend Krediet (VVK): de overheid staat borg voor 90% van een borgstellingskrediet van maximaal € 2,5 mln. per onderneming voor investeringen in duurzame bedrijfsvoering binnen 3 jaar na de start of overname van een land- of tuinbouwbedrijf. Het aandeel van de borgstellingskrediet in het totale krediet mag niet meer zijn dan 2/3.5.Borgstelling MKB-landbouwkredieten, werkkapitaal Omschakeling Duurzame Landbouw (BL-O). De BL-O is de vijfde module binnen de BL, hierin gebracht in het kader van het Omschakelprogramma Duurzame Landbouw (Kamerstuk 35334, nr. 126). De module heeft als doel finan-ciering mogelijk te maken van de voorzienbare dip in de kasstroom van een omschakelend bedrijf, die het gevolg is van tijdelijke extra kosten en/of tijdelijk mindere opbrengsten tijdens de omschakeling naar een integraal duurzame bedrijfsvoering. Deze module is gestart in 2021 en loopt, net als de pilot Investeringsfonds Duurzame Landbouw, vooralsnog voor de periode van een jaar. De maximale borgstellings­omvang per ondernemer kan € 1,2 mln., of € 2,5 mln. ingeval van BL-Plus, bedragen. De overheid staat hierbij borg voor 90% over 2/3 van het totale werkkapitaalkrediet. Bij aanvang van de BL-O is € 1,4 mln. in de borgstellingsfaciliteit gestort ter dekking van mogelijke verliesdecla­raties.De BL, BL Plus, VVK en BL-O mogen gecombineerd worden.De provisie voor deze BL modules bedraagt eenmalig 3% van het te lenen bedrag of 1% indien het een starter of een overnemer betreft. Alleen bij de BL-O is provisie lager, namelijk 1,5% respectievelijk 0,5% indien het om een starter of een overnemer betreft.Jaarlijks worden de premieontvangsten/provisie-inkomsten en een bijdrage van LNV in de begrotingsreserve Borgstellingsfaciliteit gestort. Het gereser­veerde geld uit deze begrotingsreserve wordt gebruikt om mogelijke verliesdeclaraties (als gevolg van faillissement) te betalen.Voor alle bovenstaande varianten van de BL tezamen, inclusief de LNV-garantstelling voor het Klimaatfonds, is het jaarlijkse garantieplafond € 120 mln. Dit plafond is het maximale bedrag waarvoor LNV jaarlijks nieuwe garanties voor deze onderdelen mag aangaan. De BL-C is hiervan uitge­zonderd.Tijdelijke Borgstelling MKB-Landbouwkredieten corona (BL-C)Vanaf maart 2020 is de regeling tijdelijk verruimd om liquiditeitsproblemen als gevolg van de coronacrisis op te kunnen vangen (BL-C). De overheid staat borg voor 70% van een werkkapitaalkrediet van maximaal € 1,2 mln. per onderneming. Indien een bedrijf de maximale ruimte van de reguliere BL borgstelling al heeft benut, kan de borgstelling met € 300.000 worden verruimd zodat aan elk bedrijf in ieder geval werkkapitaal beschikbaar kan worden gesteld. Dit werkkapitaalkrediet heeft een looptijd van maximaal twee jaar, maar kan indien gewenst op maximaal vier jaar worden gesteld. Tevens is de eenmalige provisie die betaald moet worden voor dit werkka­pitaalkrediet verlaagd van respectievelijk 3% naar 1,5% en van 1% naar 0,5% 32Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 voor starters en overnemers. Voor de tijdelijke borgstelling met een looptijd langer dan twee jaar moet wel een hogere provisie van 2,25%, respectie­velijk 0,75% door starters en overnemers, worden betaald.De BL-C heeft geen jaarlijks plafond maar een totaalplafond (over de jaren heen) van € 180 mln. Om eventueel daaruit voortvloeiende verliesdecla­raties te dekken, is bij aanvang € 15 mln. aan de LNV begroting toegevoegd. Deze verruiming van de regeling met de BL-C geldt tot 31 december 2021 en is toegankelijk voor bedrijven in de land- en tuinbouw en voor visserij en aquacultuurbedrijven.Artikel 22 Natuur, visserij en gebiedsgericht werkenKlimaatfonds Groenfonds GarantieMet de Garantstelling van 80% van € 70 mln. aan het Nationaal Groenfonds trekt het Groenfonds extra geld aan voor de financiering van projecten die een bijdrage leveren aan de klimaatdoelstellingen van de sector Landbouw en Landgebruik. Nederland staat voor een grote maatschappelijke opgave op het terrein van klimaat. De uitstoot van broeikasgassen moet fors omlaag. Voor de sector Landbouw en Landgebruik ligt er een taakstelling van ten minste 3,5 Mton en een ambitie van 6 Mton broeikasgasemissiere­ductie in 2030. Voor het bereiken van de beoogde resultaten zijn innovatieve projecten wezenlijk; zij zorgen voor ‘vernieuwing van onderaf´ en zijn de successen van morgen. De financiering van deze projecten komt door marktfalen (te) beperkt van de grond. De projecten krijgen bij het reguliere bankwezen geen of zeer moeilijk financiering omdat ze voor banken (nog) te klein, te bewerkelijk/specialistisch en te nieuw (en daarmee te risicovol) zijn, en voor banken een te laag financieel rendement hebben. In dit markthiaat opereert de stichting Nationaal Groenfonds met haar klimaat­fonds. Ze pakt economisch levensvatbare projecten op die banken laten liggen en verstrekt aan deze projecten onder marktconforme voorwaarden risicodragende financieringen (achtergestelde leningen). Door deze risico­dragende financieringen daalt het risicoprofiel van de projecten naar een voor banken veelal acceptabel niveau waardoor deze bereid zijn te cofinan-cieren.Garantie voor natuurgebieden en landschappenHet betreft het garant staan voor de leningen die aangetrokken zijn via het Groenfonds voor het realiseren van de EHS-gronden (nieuwe natuur in de Ecologische Hoofdstructuur). Deze gronden zijn opgegaan in het Natuur Netwerk Nederland.Artikel 23 Kennis en innovatieLeningenOverzicht verstrekte leningen (bedragen x € 1.000)ArtikelOmschrijvingUitstaande LeningLooptijd LeningRenteWijze van aflossingArtikel 23 Kennis en InnovatieWageningen Research22.353tot en met 20274,50%JaarlijksWageningen Research4.825tot en met 20224,50%JaarlijksWageningen Research9.328tot en met 20295,20%JaarlijksWageningen Research2.016tot en met 20305,00%Jaarlijks33Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 Het Ministerie van LNV heeft in het verleden leningen verstrekt aan Wageningen Research. Het betreft vier leningen met een looptijd van 30 jaar die zijn verstrekt in de periode van 1999 tot en met 2001. De leningen zijn verstrekt ten behoeve van gebouwen en terreinen die bij de verzelfstan­diging van Wageningen Research (destijds Dienst Landbouwkundig Onderzoek, DLO) zijn overgedragen.34Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 3. BeleidsartikelenArtikel 11 Een weerbaar, veerkrachtig en veilig agro-, voedsel- en visserijsysteemVanaf begrotingsjaar 2021 is een nieuwe artikelstructuur ingevoerd. In onderstaande budgettaire tabel worden daarom alleen de realisatiecijfers 2020 weergegeven. De actuele budgetstanden voor 2021 en budgetten voor de jaren 2022 en verder staan op de nieuwe artikelen 21, 22, 23 en 24 en worden daar toegelicht.Budgettaire gevolgen van beleid art. 11 (bedragen x € 1.000)Omschrijving2020202120222023202420252026Verplichtingen1.558.269Waarvan garantieverplichtingen149.805Waarvan overige verplichtingen1.408.464Uitgaven1.086.870Waarvan juridisch verplicht (percentage)Subsidies345.235Sociaal economische positie boeren16.700Duurzame veehouderij28.427Glastuinbouw en weerbare planten en teeltsystemen171.246Kennisontwikkeling en (agrarische) innovatie120.801Duurzame visserij8.061Garanties58.800Storting bijdrage begrotingsreserve58.114Verliesdeclaraties Borgstellingsfaciliteit686Bijdrage borgstelling vermogensversterkende kredieten0Opdrachten55.085Sociaal economische positie boeren2.121Duurzame veehouderij6.110Glastuinbouw en weerbare planten en teeltsystemen8.929Mestbeleid2.357Duurzame visserij872Kennisontwikkeling en (agrarische) innovatie20.919Diergezondheid en dierenwelzijn10.689Voedselzekerheid en internationaal en Europees landbouwbeleid3.088Bijdragen aan agentschappen424.521Rijksrederij8.786Rijksdienst voor Volksgezondheid en Milieu11.211Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit206.130Rijksdienst Voor Ondernemend Nederland198.394Bijdragen aan ZBO’s /RWT’s100.647College toelating gewasbeschermingsmiddelen en biociden2.45735Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 Omschrijving2020202120222023202420252026Centrale Commissie Dierproeven0Wageningen Research95.613ZonMw (dierproeven)0Medebewind/voormalige productschappen1.014Raad voor de plantenrassen1.563Bijdragen aan (inter)nationale organisaties9.358FAO en overige contributies9.358Bijdragen aan (andere) begrotingshoofdstukken82.321Diergezondheidsfonds82.321Storting begrotingsreserves10.903Storting begrotingsreserve landbouw8.592Storting begrotingsreserve apurement0Storting begrotingsreserve visserij2.311Ontvangsten106.151Sociaal economische positie boeren981Agroketens9.814Agrarische innovatie en overig494Mestbeleid13.602Duurzame visserij6.362Garanties (provisies borgstellingsfaciliteit)2.879Weerbare planten en teeltsystemen5.308Diergezondheid en dierenwelzijn11.859Kennisontwikkeling en (agrarische) innovatie11.852Voedselzekerheid en internationaal en Europees landbouwbeleid6.327Agentschappen18.736Onttrekkingen begrotingsreserve15.981Zbo’s en RWT’s1.95636Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 Artikel 12 Natuur en biodiversiteitVanaf begrotingsjaar 2021 is een nieuwe artikelstructuur ingevoerd. In onderstaande budgettaire tabel worden daarom alleen de realisatiecijfers 2020 weergegeven. De actuele budgetstanden voor 2021 en budgetten voor de jaren 2022 en verder staan op de nieuwe artikelen 21, 22, 23 en 24 en worden daar toegelicht.Tabel 1 Budgettaire gevolgen van beleid art. 12 (bedragen x € 1.000)Omschrijving2020202120222023202420252026Verplichtingen636.392Waarvan garantieverplichtingen0Waarvan overige verplichtingen636.392Uitgaven539.409Waarvan juridisch verplicht (percentage)Subsidies126.867Vermaatschappelijking Natuur en Biodiversiteit1.000Natuur en biodiversiteit op land1.038Beheer Kroondomein700Regio Deals124.129Leningen24.116Rente en aflossingen voor bestaande leningen24.116Opdrachten196.648Natuur en Biodiversiteit Grote wateren10.109Vermaatschappelijking Natuur en Biodiversiteit6.119Overige stelsel activiteiten4.687Internationale Samenwerking1.600Natuur en Biodiversiteit op land103.456Caribisch Nederland2.629Klimaatimpuls natuur en biodiversiteit67.549Regio deals499Bijdragen aan medeoverheden373Caribisch Nederland373Bijdragen aan agentschappen29.687Rijksdienst Voor Ondernemend Nederland21.534Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit8.153Bijdragen aan ZBO’s /RWT’s28.510Staatsbosbeheer28.510Bijdragen aan (inter)nationale organisaties1.847Contributies1.847Storting begrotingsreserve131.361Storting begrotingsreserve stikstof131.361Ontvangsten183.43637Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 Omschrijving2020202120222023202420252026Landinrichtingsrente30.481Verkoop gronden2.933Overige3.472Onttrekking begrotingsreserve146.55038Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 Artikel 21 Land- en tuinbouwA. Algemene doelstellingDe Minister van LNV streeft naar een weerbaar, veerkrachtig en veilig functi­onerend land- en tuinbouw- en voedselsysteem, dat internationaal concur­rerend is, met aandacht voor dierenwelzijn, waarbinnen zorgvuldig wordt omgegaan met natuurlijke hulpbronnen en waar opbrengsten en reststromen zo efficiënt en hoogwaardig mogelijk worden (her)benut.B. Rol en verantwoordelijkheidDe Minister van LNV is verantwoordelijk voor het zorgdragen voor een in ecologisch, maatschappelijk en economisch opzicht verantwoord functio­nerende land- en tuinbouw en voedselsector. Hiertoe stelt de Minister regels op en creëert zij voorwaarden die het mogelijk maken om vermijdbaar verbruik van grondstoffen terug te dringen en om de natuurlijke leefom­geving en de natuurlijke hulpbronnen (waaronder dierenwelzijn) te verbeteren.De Minister van LNV is (mede)verantwoordelijk voor:Stimuleren–Het versterken van de sociaaleconomische positie van de agrarische ondernemer als pijler onder een toekomstbestendige sector.–Het stimuleren van de waardering van voedsel en de productiewijze en herkomst ervan.–Het versterken van kringlopen in de land- en tuinbouw en het bevorderen van circulariteit.–Het stimuleren van verduurzaming van de (dierlijke) productie en de consumptie van dierlijke en plantaardige producten door middel van nieuwe vormen van ketensamenwerking en nieuwe marktstrategieën.–Het stimuleren van de verbetering van het dierenwelzijn.–Het breder toepassen van geïntegreerde gewasbescherming door agrarische ondernemers.–Het borgen en verbeteren van plant- en diergezondheid en dierenwelzijn, duurzaam bodembeheer en klimaatvriendelijk energiebeheer en -gebruik in de land- en tuinbouw.–Het stimuleren van groene economische groei en het bevorderen van transparantie en ketenverantwoordelijkheid in de Nederlandse agro- en voedselketens.–Bijdragen aan het Europese en internationale landbouwbeleid om daarmee de inzet op kringlooplandbouw en duurzaamheid goed verankerd te krijgen.–Het stimuleren van een adequate en duurzame voedselvoorziening, voedselzekerheid en voedselkwaliteit op Europees niveau.–Versterken van het verdien- en innovatievermogen van Nederlandse bedrijven in nauwe samenwerking met het landbouwattachénetwerk (LAN).–Bijdragen aan duurzame en veerkrachtige mondiale voedselsystemen, inclusief voedselzekerheid, via bilaterale en multilaterale samenwerking.–Het ontwikkelen van nieuwe kaders voor handelsakkoorden met betere verankering duurzaamheid en gelijk speelveld.–Het (mede)financieren van ontwikkelingen gericht op verdere verduur­zaming van de land- en tuinbouw en veehouderij.39Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 Regisseren–Het borgen van voedselveiligheid. Producenten en partijen uit de voedselketen zijn primair verantwoordelijk voor de veiligheid van hun producten en productiewijze. De Minister voor Medische Zorg en Sport is verantwoordelijk voor wetgeving voor voedselveiligheid, met uitzon­dering van wetgeving voor het slachten van dieren en het keuren en uitsnijden van vlees, waar de Minister van LNV verantwoordelijk voor is.–De coördinatie en het beheer van het Diergezondheidsfonds.–Het stellen van regelgeving op het gebied van dier- en plantgezondheid, dierenwelzijn, mest, gewasbescherming, plantveredeling, biologische landbouw en voedselveiligheid.–Het voeren van regie op de nationale inzet in EU-verband en op bi- en multilaterale samenwerkingen rond land- en tuinbouw en voedselkwa­liteit.C. BeleidswijzigingenBrexit controlesVoor het fytosanitaire domein zal de Brexit ook in 2022 de nodige aandacht vragen. Ten gevolge van de Brexit dienen vanaf 1 januari 2022 alle groenten, fruit en sierteeltproducten die naar het Verenigd Koninkrijk geëxporteerd worden, vergezeld te gaan van een fytosanitair certificaat. Hieraan is een verplichte officiële inspectie verbonden. De NVWA geeft de certificaten af en de het KCB voert de inspecties uit. Dit betekent een flinke uitbreiding van de werkzaamheden op dit terrein voor deze diensten.40Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 D. Budgettaire gevolgen van beleidBudgettaire gevolgen van beleid art. 21 (bedragen x € 1.000)Omschrijving2020202120222023202420252026Verplichtingen0748.394639.806296.490239.262242.596283.205waarvan garantie verplichtingen126.027124.627124.627124.627124.627124.627waarvan overige verplichtingen622.367515.179171.863114.635117.969158.578Uitgaven0767.287534.117189.893145.224185.961174.833waarvan juridisch verplicht63%Subsidies654.267424.441102.37257.75199.28686.845Sociaal economische positie boeren0199.8048.4438.6438.6438.4547.643Duurzame veehouderij0382.165335.68621.15219.19151.91710.080Glastuinbouw en weerbare planten en teeltsystemen071.79822.18623.08623.91733.41558.122Mestbeleid050058.12649.4916.0005.50011.000Garanties6.8325.4325.4325.4325.4325.432Bijdrage borgstellingsreserve05.0273.6273.6273.6273.6273.627Verliesdeclaraties borgstellingsfaciliteit01.8051.8051.8051.8051.8051.805Opdrachten77.79974.97854.36354.31553.51754.830Sociaal economische positie boeren01.8972.6023.2523.2523.2523.252Duurzame veehouderij09.76812.91411.06012.07411.5539.741Glastuinbouw en weerbare planten en teeltsystemen019.30915.54615.93914.94115.06118.136Mestbeleid019.49018.8973.5103.5683.5683.568Diergezondheid en dierenwelzijn013.33213.2519.1399.2708.9158.915Voedselzekerheid en internationale agrarische samenwerking04.6335.3845.0245.0244.9744.974Integraal voedselbeleid09.3706.3846.4396.1866.1946.244Bijdrage aan ZBO's/RWT's10.7346.9885.4485.4485.4485.448College toelating gewasbeschermingsmiddelen en biociden02.4951.2891.2891.2891.2891.289Centrale Commissie Dierproeven0452.2252.2252.2252.2252.225Raad voor de Plantenrassen01.3441.3441.3441.3441.3441.344Keuringsdiensten06.8502.130590590590590Bijdrage aan (inter-)nationale organisaties11.85711.10711.10711.10711.10711.107FAO en overige contributies011.85711.10711.10711.10711.10711.107Bijdrage aan (andere) begrotingshoofdstukken5.79811.17111.17111.17111.17111.171Diergezondheidsfonds05.79811.17111.17111.17111.17111.171Ontvangsten63.36632.77032.58030.28029.08029.080Sociaal economische positie boeren03.245245245245245245Agroketens07.28100000Mestbeleid07.2097.2097.2097.2097.2097.209Garanties01.8001.8001.8001.8001.8001.800Diergezondheid en dierenwelzijn011.30011.60011.60011.60011.60011.600Voedselzekerheid en internationale agrarische samenwerking05.9265.9265.9265.9265.9265.926Onttrekkingen begrotingsreserves024.3053.6903.5001.20000ZBO's/RWT's02.3002.3002.3002.3002.3002.30041Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 BudgetflexibiliteitHet budget voor 2022 is voor circa € 327,2 mln. (63%) juridisch verplicht. Dit komt met name door verplichtingen die rusten op bijdragen aan zbo’s/rwt’s, (inter-)nationale organisatie, het Diergezondheidsfonds en verplichtingen ten laste van doorlopende subsidieregelingen waarvoor de uitgaven van een toekenning over meerdere jaren gespreid zijn. De niet-juridisch verplichte uitgaven betreffen voor het grootste deel middelen die samenhangen met het Klimaatakkoord, de structurele aanpak stikstof en met nationale cofinanciering voor EU-fondsen.42Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 E. Toelichting op de financiële instrumentenSubsidiesSociaal economische positie boerenVoor het subsidiebudget voor ‘Sociaal economische positie boeren’ is voor 2022 € 8,4 mln. begroot. Hiervan is € 5,4 mln. beschikbaar voor landbouwers in de open teelten als gedeeltelijke tegemoetkoming op de premie die zij betalen voor de Brede Weersverzekering. De Brede Weersverzekering verzekert landbouwers met open teelten tegen schade aan gewassen door extreme en ongunstige weersomstandigheden, zoals storm, hagel, regenval of droogte. Daarnaast wordt de Brede Weersverzekering met EU-middelen gesubsidieerd (niet op de LNV-begroting zichtbaar) en valt deze verzekering in een verlaagd btw-tarief. Verder is in 2022 € 3 mln. beschikbaar voor de flankerende maatregelen in het kader van de Wet verbod pelsdier­houderij. De middelen zijn bestemd voor de sloop- en ombouwregeling. Op de begrotingsreserve landbouw is er € 10,6 mln. beschikbaar voor de sloop- en ombouwregeling en de overige onderdelen van het flankerend beleid voor de pelsdierhouderij.De pilot van het Investeringsfonds Duurzame Landbouw is in 2021 gestart. Hier is op de begroting van dat jaar € 10 mln. voor gereserveerd. In 2022 wordt voorzien in de uitwerking van het vervolg op deze pilot. In 2022 wordt ook voorzien in de continuering van de regeling voor demonstratiebedrijven en bedrijfsplannen die zijn opgenomen binnen de SABE. Beide zijn onderdeel van het Omschakelprogramma.Duurzame veehouderijIn 2022 wordt € 335,7 mln. gereserveerd voor ondersteuning gericht op de verdere verduurzaming van de veehouderij en het verminderen van stikstof­depositie met het beëindigen van veehouderijbedrijven:•Voor de Subsidiemodules brongerichte verduurzaming stal- en manage­mentmaatregelen (Sbv) is in totaal € 172 mln. gereserveerd voor de periode 2020-2030. In 2022 is er € 15,9 mln. beschikbaar. Het doel van de Sbv is het ontwikkelen en toepassen van integrale, brongerichte technieken en managementmaatregelen in zowel bestaande als in nieuwe stalsystemen, gericht op de reductie van broeikasgas- en stale­missies, waaronder ammoniak, methaan, lachgas en fijnstof. Dit draagt zowel bij aan de gezondheid en het welzijn van mens en dier als aan de realisatie van klimaat- en milieudoelen. De Sbv bestaat uit twee subsidiemodules: de innovatiemodule en de investeringsmodule. De innovatiemodule richt zich op het ontwikkelen en testen van technieken en management-maatregelen die zouden kunnen leiden tot brongerichte verduurzaming in bestaande stalsystemen of nieuw te ontwikkelen en te bouwen type stalsystemen. De investeringsmodule richt zich op de aanschaf- en het gebruiksklaar maken van nieuwe bewezen innovaties ten behoeve van integrale, brongerichte emissiereductie in bestaande en nieuwe stalsystemen.•In 2022 loopt de uitvoering van de Subsidieregeling sanering varkens­houderij (Srv) door. Hiervoor is in 2022 € 67 mln. gereserveerd. Met de Srv ontvangen deelnemende varkenshouders een subsidie voor het beëindigen van hun bedrijf(slocatie). De Srv is gericht op de reductie van geuroverlast en draagt daarnaast ook bij aan reductie van andere emissies, waaronder stikstof en broeikasgassen. Er zijn in totaal 502 aanvragen voor de Srv ingediend, waarvan er 407 aan de gestelde 43Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 vereisten voldoen (Kamerstuk 28 973, nr. 238). In totaal hebben 278 varkenshouders zich gecommitteerd aan deelname aan de Srv (Kamerstuk 28 973 nr. 244). Er lopen nog beroep- en bezwaartrajecten.•Als flankerende maatregel in het kader van de Srv is in totaal € 10 mln. gereserveerd voor gemeenten waar zich varkenshouders bevinden die deelnemen aan de Srv. In 2022 is hiervoor € 3 mln. geraamd. De gemeenten maken onder andere kosten voor begeleiding van ondernemers en voor het intrekken van vergunningen. De middelen worden beschikbaar gesteld middels een specifieke uitkering.•In 2022 wordt verder gegaan met de Gerichte opkoop van veehouderijen rondom Natura2000-gebieden. Hiervoor is in 2022 € 249,2 mln. geraamd. Deze middelen hebben betrekking op de 2e en 3e tranche van de maatregel Gerichte opkoop en staan voor dit moment voor 2022 geraamd. Dat maakt het mogelijk om dan ook te besluiten wat de gewenste wijze is waarop de middelen over 2022 en latere jaren worden ingezet. Die nadere verdeling zal in 2022 worden doorgevoerd. De middelen worden via de provincies ingezet voor aankoop van veehou­derijlocaties nabij stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden. Dit gebeurt op basis van een op minnelijke verwerving gericht traject dat onderdeel vormt van een planmatige, gebiedsgerichte aanpak, gericht op natuur­herstel. Provincies gaan gericht te werk bij wat wordt opgekocht (gronden, gebouwen etc.) en de aanwezige productierechten die rusten op het bedrijf worden marktconform gekocht en doorgehaald.•Verder is er in 2022 budget gereserveerd (€ 0,6 mln.) voor diverse subsidies, waaronder die voor melkvee van zeldzame runderrassen.Glastuinbouw en weerbare planten en teeltsystemenHet budget van € 22,2 mln. is bestemd voor subsidieregelingen op het terrein van energiebesparing en duurzame energie in de glastuinbouw. Het programma Kas als Energiebron is het innovatie- en actieprogramma dat energiebesparing en het gebruik van duurzame energie in de glastuinbouw stimuleert. Dit programma ondersteunt de opschaling en vroege marktintroductie van integrale innovatieve teelt- en kas(techniek) concepten en gebiedsgerichte energie-innovaties in de glastuinbouw passend bij een klimaatneutrale toekomst. Er zijn hiervoor twee subsidie­regelingen:•Energie-efficiëntie glastuinbouw (EG): voor deze regeling is in 2022 € 16,3 mln. beschikbaar voor investeringen in energiebesparende maatregelen en aansluitingen op regionale warmte- en CO2-netten.•Markintroducties energie-innovaties (MEI): voor deze regeling is € 5,9 mln. beschikbaar voor investeringen in de vroege marktintroductie van energie-innovaties in de glastuinbouw.MestbeleidOp deze post is er voor 2022 € 58,1 mln. geraamd, welke beschikbaar zal zijn voor twee subsidieregelingen. Het gaat om de regeling waterbassins mest met € 55,1 mln. en de regeling kunstmestvervanging/mestverwerking met € 3 mln. Beide regelingen hebben het doel om de stikstofuitstoot te verminderen. Daarnaast is de regeling kunstmestvervanging/mestver­werking ook gericht op het reduceren van broeikasgasemissies, zoals neergelegd in het Klimaatakkoord (Kamerstuk 32 813, nr. 342). De subsidie­regeling gericht op mestverwerkingsinstallaties beoogt de realisatie van mestverwerkingsinstallaties die mest verwerken tot een mestproduct dat kunstmest vervangt, in een stroomversnelling te brengen. De regeling waterbassins mest beoogt de kosten voor de aanleg van (regen)waterop­vangconstructies te subsidiëren en dient ertoe bedrijven op zandgrond de gelegenheid te geven over (voldoende) water te beschikken om de mest te 44Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 verdunnen. Of de regeling ook wordt opengesteld zal mede afhangen van de toegevoegde waarde op het terugdringen van de stikstofemissie wanneer de drijfmest, die wordt uitgereden met een zodenbemester, verdund is met water. Zie ook Kamerstuk 35 334, nr. 82.GarantiesLNV verleent via de borgstelling MKB-Landbouwkredieten (BL) steun aan agrariërs in de primaire sector (land- en tuinbouw). Dit middels het gedeel­telijk borg staan voor leningen die banken en/of andere financiers verstrekken aan agrariërs. Hierdoor wordt de financiering mogelijk gemaakt van investeringen die in de markt niet vanzelfsprekend tot stand komen. In 2022 is de geraamde LNV bijdrage aan de begrotingsreserve voor de borgstellingsfaciliteit € 3,6 mln.Bij verliesdeclaraties borgstellingsfaciliteit worden uitgaven op afgegeven borgstellingen zichtbaar. Deze uitgaven doen zich voor als een agrariër, gebruikmakend van de borgstellingsregeling, failliet gaat. Hiervoor is op de LNV-begroting € 1,8 mln. geraamd. Meer informatie over risicorege­lingen is te vinden in het overzicht in deze begroting achter de beleids­agenda.OpdrachtenSociaal economische positie boerenVoor het versterken van de sociaal economische positie van de boer is € 2,6 mln. beschikbaar. Een groot deel van dit budget (€ 1,1 mln.) is bestemd voor de financiering van de activiteiten van de ACM die samenhangen met haar rol als handhavingsautoriteit voor de Wet oneerlijke handelspraktijken in de landbouw en voedselvoorzieningsketen. Deze wet treedt op 1 november 2021 in werking. In 2021 zal de uitvoeringsverordening 1185-2017 zijn geïmplementeerd waarmee de transparantie in de keten wordt vergroot. Voor de implementatie van deze verordening is aanvullend budget gereser­veerd (€ 0,6 mln.). Met het resterende deel van het budget (€ 0,9 mln.) worden activiteiten gefinancierd die bijdragen aan het verbeteren van het verdienvermogen van de boer, de versterking van de relatie boer-burger en de vernieuwing van de ICT voor pachtregistratie.Duurzame veehouderijVoor de verduurzaming van de veehouderij is in 2022 € 12,9 mln. beschikbaar. Het betreft middelen voor de volgende onderdelen:•Uitvoering van het Klimaatakkoord landbouw en landgebruik (Kamerstuk 32 813, nr. 342) (€ 7,6 mln.): dit budget is beschikbaar voor het terugdringen van broeikasgasemissies in de veehouderij. Deze middelen zullen worden ingezet voor een aantal gerichte activiteiten zoals de integrale aanpak van methaan en ammoniak via het dier- en voerspoor (€2,6 mln.). De aanpak is gericht op een efficiënte inzet van middelen voor kennisontwikkeling, kennistoepassing en kennisver­spreiding, gevolgd door implementatie en monitoring. Een centrale rol hierbij is weggelegd voor onderzoek op een netwerk van praktijkbe­drijven en de verspreiding van resultaten via demonstratiebedrijven. Daarnaast wordt € 2,6 mln. ingezet voor het uitvoeren van onderzoek, pilots en demo’s gericht op emissiereductie vanuit stallen en mestop­slagen. Daarnaast is er een bedrag van € 1,7 mln. gereserveerd voor het vergroten van de vraag naar duurzame en klimaatvriendelijke producten. Dat gebeurt onder andere via een onderdeel van de Subsi­dieregeling agrarische bedrijfsadvisering dat gericht is op 45Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 samenwerking tussen veehouders en marktpartijen die zich richt op het ontwikkelen van nieuwe marktconcepten. Voor overige projecten, waaronder het project Nieuwkoopse plassen, is € 0,7 mln. beschikbaar.•Emissiearm veevoer (€ 3 mln.): uit onderzoek is gebleken dat het eiwit­gehalte in veevoer verlaagd kan worden zonder dat dit leidt tot gezond­heidsrisico’s voor de dieren of productieverlies. Onbekendheid met de mogelijkheden en ook vrees voor productieverlies weerhoudt vele boeren ervan de stap naar een lagere eiwitinput te zetten. Agrariërs zullen echter zelf de stap moeten zetten naar eiwitarmer veevoer. Dit wordt gestimuleerd door ervaringen van individuele agrariërs of ervaringen door middel van lerende netwerken intensief te delen, waar gewenst met behulp van bedrijfsadviseurs (programma Innovatie op het boerenerf – zie hiervoor artikel 23). De verlaging van de eiwitinput vergt voortdurende begeleiding van praktijkonderzoek, waarbij ook diergezondheid en dierenwelzijn veel aandacht zullen krijgen om het vertrouwen te geven dat de verlaging zonder risico’s kan worden ingezet.•Diverse projecten gericht op de transitie naar een duurzame veehouderij binnen de kringlooplandbouw en opdrachten aan derden die onder­steunend zijn aan de beleidsontwikkeling en -uitvoering op het gebied van de veehouderij (€ 1,3 mln.). Ook de bijdrage aan het sociaal-economisch plan voor de pelsdierhouderij (€ 0,3 mln.) maakt onderdeel uit van dit budget.•Weidegang (€ 1 mln.): weidegang is een belangrijke maatschappelijke wens die breed gedragen wordt in de samenleving. De inzet op het vergroten van het aantal uren weidegang draagt hier aan bij en levert daarnaast een bijdrage aan de reductie van ammoniakemissie. Om dit te realiseren wordt ingezet op een mix van instrumenten, die in overleg met het bedrijfsleven nader vormgegeven wordt. Centrale elementen hierbij zijn demonstratie en voorlichting aan melkveehouders over beweiden en graslandmanagement en het versterken van onderwijs en scholing gericht op ‘grasland en beweiden’.Glastuinbouw en weerbare planten en teeltsystemenHet budget van € 15,5 mln. is voornamelijk bestemd voor maatregelen die in het kader van het Klimaatakkoord genomen worden. Het budget wordt met name ingezet voor de volgende activiteiten:•Innovatieagenda energie (€ 8,5 mln.): het programma Kas als Energiebron is het innovatie- en actieprogramma dat energiebesparing en het gebruik van duurzame energie in de glastuinbouw stimuleert. Dit programma ondersteunt kennis- en innovatie-ontwikkeling, proof of principle-onderzoek en demonstraties voor verbreden en verdiepen van «Het nieuwe Telen» en klimaatneutrale(re) teelsystemen en kassystemen. Via een kennisuitwisselingprogramma wordt uitrol gesti­muleerd (bijvoorbeeld met kennisbijeenkomsten en communicatie via www.kasalsenergiebron.nl).•Nationaal Programma Landbouwbodems (NLP) (€ 4,2 mln.): het doel van het NLP is dat in 2030 alle Nederlandse landbouwbodems (ongeveer 1,8 miljoen hectare) duurzaam worden beheerd en daarmee jaarlijks extra 0,5 Mton CO2-eq in (minerale) landbouwbodems wordt vastgelegd door koolstofvastlegging (CO2 uitstoot reductie) (Kamerstuk 30 015, nr. 58). Het programma kent een focus van bestedingen voor de eerste paar jaar, gericht op een flinke opschaling van wetenschappelijk onderzoek, praktijkpilots en een stevige impuls aan kennisverspreiding. In 2022 worden opdrachten uitgevoerd voor onder andere een eenduidige infor­matiestroom naar het boerenerf over nieuw ontwikkelde en bewezen maatregelen voor duurzaam bodembeheer en koolstofvastlegging. Verder vindt in 2022 opdrachtverstrekking plaats voor de verdere 46Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 kennisontwikkeling en opschaling van maatregelen, verdiepingsslag rondom afwenteling en praktijkpilots binnen Slim Landgebruik, die zorgen voor onderbouwing van de effecten van de maatregelen in de komende periode naar onder meer het GLB/NSP.•Plantgezondheid (€ 0,6 mln.): een hoogwaardige kwaliteit van plant­aardige producten en een hoog plantgezondheidsniveau zijn voor de Nederlandse plantaardige sector van groot belang. Een belangrijk speerpunt is het voorkomen van de in- en uitsleep van plantenziekten in Nederland. In 2022 wordt de implementatie van het nieuwe Europese fytosanitaire stelsel afgerond. Ook blijft Nederland in 2022 inzetten op het bevorderen van de zaaizaadvoorziening in ontwikkelingslanden via het publiek-private programma SeedNL en zet Nederland onder andere in op het wegnemen van fytosanitaire handelsbelemmeringen.•Gewasbescherming (€1,9 mln.): in 2022 wordt uitvoering gegeven aan het programma dat bijdraagt aan de doelen van het Uitvoeringspro­gramma Toekomstvisie gewasbescherming 2030 (Kamerstuk 27 858, nr. 518). Het gaat hierbij om kennisontwikkeling en –verspreiding via onderzoek en gebiedsgerichte pilotprojecten zodat telers gestimuleerd worden om weerbare plant en teeltsystemen en geïntegreerde gewas­bescherming toe te passen en emissies naar het milieu verder te reduceren.MestbeleidEr is een bedrag van € 18,2 mln. geraamd voor de uitvoering, monitoring en handhaving van het mestbeleid om in 2022 aan de Europese verplich­tingen te kunnen blijven voldoen. Daarnaast is ten behoeve van het nationale mestbeleid in 2022 € 0,7 mln. gereserveerd. Met het nationale mestbeleid wordt invulling gegeven aan de verplichtingen die volgen uit de Nitraatrichtlijn (91/676/EEG). Ook wordt er een bijdrage geleverd aan de realisatie van de doelen van de Kaderrichtlijn Water (2000/60/EG). Het doel van het mestbeleid is het verbeteren van de kwaliteit van het grond- en oppervlaktewater door het bevorderen van een effectief en efficiënt gebruik van meststoffen in de landbouw. Nederland stelt in dit kader elke vier jaar een Actieprogramma Nitraatrichtlijn op waarin het beleid van de komende vier jaar wordt vastgelegd. De maatregelen zoals uitgevoerd in kader van het 6e Actieprogramma (2018-2021) zijn gefinancierd vanuit incidentele middelen. Per 2022 gaat hiervoor een nieuwe periode in. LNV is momenteel bezig met de voorbereiding van de invulling van het 7e Actieprogramma Nitraatrichtlijn. Besluitvorming hierover moet nog plaatsvinden en is in principe aan het volgende kabinet.Er zal blijvend ingezet worden op de uitvoering van de Versterkte Handha­vingsstrategie die door de EU als voorwaarde was verbonden aan het verlengen van de derogatieperiode (2020-2021). Van daaruit zal worden gewerkt aan de invoering van het realtime Vervoersbewijs Dierlijke Meststoffen (rVDM): digitale verantwoording van mesttransporten. Daarnaast zal de verdere uitwerking van contouren voor het toekomstige mestbeleid worden opgepakt, welke vervolgens in beleid dienen te worden omgezet. Het actieprogramma dient als basis voor gesprekken over een nieuwe derogatie vanaf 2022. Op dit moment is nog onduidelijk of deze verkregen zal worden.Diergezondheid en dierenwelzijnGezonde dieren en dierenwelzijn zijn onlosmakelijk verbonden met een duurzame veehouderij. In 2022 wordt daarom € 13,3 mln. ingezet voor activiteiten die bijdragen aan beleidsdoelen, onder andere uit de Beleids­brief Dierenwelzijn (Kamerstuk 28 286, nr. 991):47Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 •Bijdragen aan het sectorspecifieke beleid voor de reductie van het gebruik van antibiotica (Kamerstuk 29 683, nr. 252), met een focus op hooggebruik en het verbeteren van diergezondheid in het algemeen (€ 0,7 mln.).•Bijdragen voor de uitvoering van acties uit de roadmap preventie Afrikaanse Varkenspest (Kamerstuk 29 683, nr. 251)(€ 0,1 mln.).•Early warning, monitoring en bewaking van dierziekten en zoönosen via bijdragen mede namens het ministerie van VWS aan het Dutch Wildlife Health Centre (€ 0,7 mln.) en aan de faculteit Diergeneeskunde (gezel­schapsdieren) (€ 0,2 mln.).•Bijdrage aan het CIBG voor beheer en uitvoering van het wettelijk register voor diergeneeskundigen (€ 1,5 mln.).•Daarnaast wordt bijgedragen aan de financiering van voorzieningen voor de crisisparaatheid zoals bijdragen aan de deskundigengroep dierziekten, de permanente welzijnscommissie dierziekten en budget voor crisisoefeningen (€ 0,1 mln.).•Diverse bijdragen voor de bevordering van het welzijn van gezelschaps­dieren (€ 3,7 mln.), bijvoorbeeld voor de Landelijke Inspectiedienst Dierenbescherming (€ 2,8 mln.) en het Landelijk Informatiecentrum Gezelschapsdieren (€ 0,2 mln.), het bevorderen van een gezonde fokkerij en voor inzet op preventie van bijtincidenten die veroorzaakt worden door hoog risico honden (€ 0,1 mln.). Voor het in beslag of in bewaring nemen van dieren om redenen van dierenwelzijn is een bijdrage (€ 3,4 mln.) beschikbaar.•Diverse bijdragen voor bevordering van het welzijn van landbouwhuis­dieren (€ 1 mln.), waaronder ondersteuning van het vertrouwensloket welzijn landbouwhuisdieren en het bevorderen van de brandveiligheid van stallen.•Regie van het programma Transitie Proefdiervrije Innovatie (€ 0,5 mln.).•Bijdragen aan projecten ter psychosociale ondersteuning van boeren om de kloof tussen boeren en professionele hulpverleningsinstanties te verkleinen (€ 0,1 mln.).•Overige projecten (€ 1,3 mln.) in het kader van dierproeven en alterna­tieven (€ 0,5 mln.) en monitoring, early warning en bewa-king veterinaire veiligheid (€ 0,8 mln.).Voedselzekerheid en internationale agrarische samenwerkingHet budget van € 5,4 mln. is bestemd voor onder andere het Programma Internationale Agroketens (PIA) en internationale agrarische samen­werking. De middelen voor PIA (€ 2,6 mln.) worden ingezet voor het versterken van de internationale positie van de Nederlandse agro- en foodsector. De middelen zijn bestemd voor de financiering van diverse kleinschalige projecten wereldwijd, maar ook voor projecten in Nederland zoals voor inkomende handels- en overheidsmissies en voor de website agroberichtenbuitenland.nl. Het Landbouwradennetwerk vervult hierbij een belangrijke rol. Daarnaast zijn er middelen beschikbaar voor bilaterale en multilaterale samenwerking op het gebied van duurzame economische- en landbouwontwikkeling en veerkrachtige voedselsystemen, mondiale voedselzekerheid en (internationale) partnerschappen (€ 1,4 mln.). Op basis van de evaluatie voedselzekerheid in 2019 en in lijn met het Nederlandse voedselzekerheidsbeleid (Kamerstuk 33 625, nr. 280), de LNV-visie en de internationale strategie van LNV, is het accent komen te liggen op de inhou­delijke thema’s: a) Transitie duurzaam voedselsysteem en circulaire landbouw; b) Opgaven klimaat en natuurlijke hulpbronnen; c) Internationale markten en duurzame, efficiënte ketens en d) Ontwikkelen van kennis en technologie op landbouwgebied. Verder zijn middelen gereserveerd voor 48Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 het steunpunt voor de regeling Schoolfruit en voor de totstandkoming van het Nationaal Strategisch Plan (NSP) dat voor de nieuwe periode van het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid wordt opgesteld (€ 1 mln.).Integraal voedselbeleidHet budget van € 6,4 mln. is bestemd voor beleid voor duurzaam voedsel, reststromen en voor het borgen van de voedselveiligheid.•Duurzaam voedsel (€ 2,2 mln.): het beleid voor duurzaam voedsel richt zich op het verminderen van voedselverspilling, het stimuleren van een duurzaam (en gezond) eetpatroon en het makkelijker maken voor consumenten om een bewuste en geïnformeerde keuze te maken voor duurzaam geproduceerd voedsel. Een belangrijk speerpunt blijft het verlagen van voedselverspilling bij de consument. In het Klimaatak­koord is de afspraak opgenomen om voedselverspilling bij de consument, inclusief de voedselverliezen in de keten, in Nederland in 2030 te halveren ten opzichte van 2015. In 2022 wordt de vierde monitor voedselverspilling bij huishoudens in Nederland uitgevoerd om te bepalen of de dalende trend doorzet. In 2022 wordt ook ingezet op het verminderen van voedselverspilling bij restaurants. Om het voor consumenten makkelijker te maken een bewuste en geïnformeerde keuze te maken voor voedsel dat op een duurzamere wijze is geprodu­ceerd, wordt in 2022 voor de derde keer een benchmark op duurzaam­heidsbeeldmerken op voedsel uitgevoerd. De resultaten hiervan worden onder de aandacht gebracht bij consumenten zodat zij inzicht krijgen in de betekenis van verschillende beeldmerken. Een duurzaam voedingspatroon is belangrijk om de impact van voedsel op het milieu binnen de draagkracht van de planeet te houden. LNV zet daarom in op het stimuleren van een duurzaam voedingspatroon, onder meer via het Voedingscentrum. In 2022 is er specifiek aandacht voor een gezonde balans tussen plantaardige en dierlijke eiwitten en niet te veel eten.•Voedselveiligheid (€ 4,2 mln.): de borging van voedselveiligheid richt zich op de primaire productiefase van de voedselketen. Daarbij moet in de eerste plaats worden gedacht aan de veiligheid van diervoeders, het verwerken van dierlijke reststromen en het borgen van voedselvei­ligheid in de schakels van de vleessector tot en met de slacht. Samen met het tegengaan van voedselfraude draagt dit bij aan het verkleinen van de risico’s voor de volksgezondheid, het versterken van het vertrouwen van de consument in voedsel en het versterken van de (internationale) positie van de agrofoodketen. Vanuit dit budget wordt tevens een bijdrage gedaan aan de coördinatie van Codex comités, specifiek voor het jaarlijkse Codex Alimentarius comité voor contami­nanten in voedsel, waarvan Nederland organisator en permanent voorzitter is. Nederland draagt daarmee ook bij aan het mondiale systeem van veilig voedsel. Daarnaast is budget gereserveerd voor beleidsadvisering door het Bureau Diergeneesmiddelen met betrekking tot het diergeneesmiddelenbeleid en de handhaving van de Europese verordening diergeneesmiddelen dat na een periode van implementatie in 2022 in werking treedt.Bijdrage ZBO/RWTCollege toelating gewasbeschermingsmiddelen en biocidenOp de LNV-begroting is in 2022 € 1,3 mln. gereserveerd voor de bijdrage aan het College voor de toelating van gewasbeschermingsmiddelen en biociden (Ctgb). De ministeries van LNV, IenW, SZW en VWS geven opdracht aan het Ctgb voor het geven van beleidsadviezen en het afhandelen van 49Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 bezwaar- en beroepschriften en verzoeken in het kader van de Wet openbaarheid van bestuur. In totaal bedraagt de bijdrage aan Ctgb € 2,5 mln. via budgetoverboekingen van de genoemde ministeries.Centrale Commissie DierproevenVoor de bijdrage aan de Centrale Commissie Dierproeven (CCD) is € 2,2 mln. gereserveerd. RVO ondersteunt de CCD bij haar werkzaamheden en ontvangt daarvoor een bijdrage voor zover dit niet via leges in rekening kan worden gebracht bij aanvragers van een projectvergunning. De CCD verstrekt op grond van de Wet op de dierproeven vergunningen voor het mogen uitvoeren van dierproeven. Daarnaast behandelt het wijzigingsaan­vragen en registreert de CCD meldingen. Het uitgangspunt van de wet is dat er geen dierproeven worden uitgevoerd, tenzij er goede redenen voor zijn en dat er geen mogelijkheden bestaan om de gevraagde resultaten te behalen zonder proefdieren. In 2022 wordt uitvoering gegeven aan de aanbevelingen uit het in 2021 uitgevoerde onderzoek naar de doeltref­fendheid en doelmatigheid van het functioneren van de CCD. Een van deze aanbevelingen betreft om de positionering van de CCD en andere keten­partners in het stelsel en tevens de bijbehorende taakverdeling uitgebreider te onderzoeken.Medebewind/voormalige productschappenIn 2014 zijn publieke taken van de Publiekrechtelijke bedrijfsorganisaties (PBO’s) overgaan naar de centrale overheid. Het bijbehorende budget van € 1,4 mln. is binnen de begroting overgeheveld naar de apparaatskosten (artikel 50).Raad voor de plantenrassenAan de Raad voor plantenrassen wordt in 2022 € 1,3 mln. ter beschikking gesteld om uitvoering te geven aan diverse wettelijke verplichtingen aanvullend op de eigen wettelijke taken. Dit betreft onder meer het inrichten en uitgeven van een Rassenlijst Bomen en het opzetten van toetsproeven in de bosbouw en methodiekontwikkeling voor het uitvoeren van proeven aan plantenrassen. KeuringsdienstenDit betreft het geraamde budget van € 2,1 mln. voor een bijdrage aan privaatrechtelijke ZBO's voor delen van de taakuitvoering. Het gaat onder andere om het Kwaliteits-Controle-Bureau (KCB), het Centraal Orgaan voor Kwaliteitsaangelegenheden in de Zuivel (COKZ) en Nederlandse Algemene Kwaliteitsdienst voor de Tuinbouw (Naktuinbouw). Het budget is gereser­veerd voor een bijdrage aan de keuringsdiensten voor kosten die zij maken om zich voor te bereiden op nieuwe regelgeving van het Verenigd Koninkrijk als gevolg van Brexit (€ 1,5 mln.). Verder gaat het om niet-retribueerbare toezicht- of controletaken (€ 0,3 mln.) en de Toolbox kwekersrecht waarmee projecten worden uitgevoerd om landen te helpen bij de implementatie van het kwekersrecht (€ 0,2 mln.) en overige bijdragen (€ 0,1 mln.).Bijdrage aan (inter-)nationale organisatiesFAO en overige contributiesTen behoeve van de jaarlijkse contributies voor internationale organisaties is er in 2022 € 11,1 mln. gereserveerd. De grootste contributie die hieruit bekostigd wordt, is die aan de Food and Agriculture Organization of the United Nations (FAO) (€ 8,2 mln.). Daarnaast zijn er middelen gereserveerd voor kleinere contributies aan verschillende internationale organisaties, zoals het United Nations Environment Programme (UNEP) (€ 0,4 mln.).50Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 Bijdrage aan andere begrotingshoofdstukkenDiergezondheidsfondsDit betreft de LNV-bijdrage van € 11,2 mln. aan de begroting van het Dierge­zondheidsfonds (DGF) voor bewaking en monitoring en voor voorzieningen in geval van een dierziekte-uitbraak (zoals vaccins, destructiecapaciteit en bestrijdingsmaterialen). Daarnaast is de bijdrage aan de Autoriteit dierge­neesmiddelen inbegrepen. Meer informatie over het DGF vindt u in het begrotingshoofdstuk van het DGF.OntvangstenMestbeleidDe ontvangsten betreffen de boete-inkomsten voor de handhaving van het mestbeleid en de bijdrage van bedrijven die gebruik maken van de derogatie. Op moment van opstellen van deze begroting is er nog geen zekerheid over de derogatieverlening voor het jaar 2022. De kosten in het kader van de derogatie betreffen de kosten van het derogatiemeetnet binnen het Landelijk Meetnet Mestbeleid (LMM) en de kosten die verbonden zijn aan het verlenen van een vergunning voor derogatie. Voor 2022 worden de ontvangsten geraamd op € 7,2 mln.GarantiesDe ontvangsten betreffen inkomsten uit door agrariërs betaalde provisies voor de door LNV afgegeven garantstellingen aan banken. Voor 2022 worden de ontvangsten geraamd op € 1,8 mln.Diergezondheid en dierenwelzijnDeze geraamde ontvangsten van € 11,6 mln. hebben voor het grootste gedeelte (€ 5,2 mln.) betrekking op ontvangsten uit heffingen en retributies voor identificatie en registratie van dieren. Daarnaast zijn er ontvangsten geraamd voor boete-inkomsten op grond van de Gezondheids- en welzijnswet voor dieren (€ 3,5 mln.), de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden (circa € 0,5 mln.) en vanwege retributies meststoffen, fosfaat­rechten en derogatie (€ 1,5 mln.). Ook is er een bedrag geraamd voor ontvangsten van de Centrale Commissie Dierproeven voor de behandeling van vergunningaanvragen en wijzigingen (€ 0,5 mln.). Verder zijn er ontvangsten op grond van de regeling In beslag genomen goederen (€ 0,3 mln.). Voedselzekerheid en internationale agrarische samenwerkingDe ontvangsten van € 5,9 mln. betreffen voornamelijk ontvangsten van vervallen waarborgsommen bij in- en uitvoercertificaten. RVO verstrekt deze in- en uitvoercertificaten op basis van de Gemeenschappelijke Markt­ordening.Onttrekkingen begrotingsreservesZie hiervoor de toelichting op de begrotingsreserves.ZBO’s/RWT’sDit betreft een geraamde ontvangst van € 2,3 mln. uit door de Grondkamers geïnde leges. De Grondkamers hebben als doel om goede pachtverhou­dingen te bevorderen tussen verpachters en pachters van landbouwgrond. Dit doen zij door nieuwe, gewijzigde of ontbonden pachtovereenkomsten van landbouwgrond te toetsen aan wet- en regelgeving. Hiervoor vragen de Grondkamers een lege voor de uitvoeringskosten.51Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 Toelichting op de begrotingsreservesBegrotingsreserve LandbouwDe begrotingsreserve Landbouw is bestemd voor omvangrijke uitgaven op het gebied van landbouwbeleid waarvoor het lastig is om een kasritme vast te stellen. Het grootste deel van de middelen is bestemd voor het flankerend beleid pelsdierhouderij (circa € 10 mln.). De hoogte van de onttrekking in 2022 voor de pelsdierhouderij zal afhangen van het gebruik van de verruimde subsidieregeling sloop- en ombouwkosten. De verplichtingen ten aanzien van sloopsubsidies zijn in 2021 al aangegaan, maar uitbetaling ervan kan later plaatsvinden. Voor deze regeling zijn ook middelen beschikbaar op de LNV-begroting uit de Regeerakkoordenvelop Warme sanering (zie subsidies - sociaal economische positie boeren). Het restant van de begrotingsreserve is bestemd voor verplichtingen die zijn aangegaan voor de VAMIL-compensatieregeling en projecten die bijdragen aan een duurzame cacaoconsumptie en -productie. De middelen voor de bijdragen aan duurzame cacaoconsumptie en -productie zijn ontvangen van de Vereffeningsorganisatie PBO's en zijn afkomstig van het cacaobuffer­stock-fonds dat beheerd werd door het voormalig Productschap Akkerbouw. Het budget in deze reserve is 100% juridisch verplicht.Overzicht geraamd verloop begrotingsreserve Landbouw (bedragen x € 1 mln.)Stand per 1/1/2021Verwachte toevoegingen 2021Verwachte onttrekkingen 2021Verwachte stand per 1/1/2022Verwachte toevoegingen 2022Verwachte onttrekkingen 2022Verwachte stand per 31/12/2022Begrotingsreserve Landbouw30,501317,50116,5Begrotingsreserve BorgstellingsfaciliteitDe begrotingsreserve Borgstellingsfaciliteit is bedoeld om de verliesdecla­raties te betalen. Deze verliesdeclaraties (als gevolg van faillissement) kunnen te zijner tijd voortkomen uit afgegeven garantstellingen op verstrekte kredieten waarmee innovatieve en duurzame investeringen in de landbouw en visserij worden gefaciliteerd. Om een garantstelling te krijgen, moet door de ondernemer een provisie worden betaald. Deze provisie inkomsten plus een jaarlijkse bijdrage vanuit de LNV begroting (zie budgettaire tabel, onder garanties en dan «bijdrage Borgstellingsreserve») worden in deze reserve afgestort.Deze begrotingsreserve is gelinkt aan de Borgstelling MKB-Landbouwkre­dieten (BL) en de modules die hieronder vallen. Zie hiervoor ook paragraaf risicoregelingen achter de beleidsagenda in deze begroting voor meer specifieke informatie over de onderliggende delen.Het budget in deze reserve is voor circa 60% juridisch verplicht.Overzicht geraamd verloop begrotingsreserve Borgstellingsfaciliteit (bedragen x € 1 mln.)Stand per 1/1/2021Verwachte toevoegingen 2021Verwachte onttrekkingen 2021Verwachte stand per 1/1/2022Verwachte toevoegingen 2022Verwachte onttrekkingen 2022Verwachte stand per 31/12/2022Begrotingsreserve Borgstellingsfaciliteit1253,22,5125,81,54123,3Begrotingsreserve ApurementDe begrotingsreserve Apurement heeft betrekking op correcties van de Europese Commissie (EC) vanwege een niet EU-conforme uitvoering van EU-subsidieregelingen. LNV monitort het verloop van correctievoorstellen en -besluiten en bepaalt of de omvang van deze reserve proportioneel is in relatie tot de financiële dreigingen uit lopende onderzoeken. Pas op het 52Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 moment van de ontvangen uitspraak van de EC is er sprake van een juridische verplichting. Op grond van de tot nu toe ontvangen definitieve besluiten is 15% van de reserve juridisch verplicht.Overzicht geraamd verloop begrotingsreserve Apurement (bedragen x € 1 mln.)Stand per 1/1/2021Verwachte toevoegingen 2021Verwachte onttrekkingen 2021Verwachte stand per 1/1/2022Verwachte toevoegingen 2022Verwachte onttrekkingen 2022Verwachte stand per 31/12/2022Begrotingsreserve Apurement85,1111,374,817,268,6Extracomptabele fiscale regelingenNaast de in dit begrotingsartikel genoemde instrumenten, zijn er fiscale regelingen die betrekking hebben op dit beleidsterrein. In onderstaande tabel is ter informatie het budgettaire belang van deze regelingen vermeld. De cijfers zijn ontleend aan de corresponderende bijlage ‘Fiscale regelingen’ in de Miljoenennota. Een fiscale regeling die niet in onder­staande tabel is opgenomen, maar wel op dit beleidsartikel betrekking heeft is het verlaagd btw-tarief voor de sierteelt. Voor een beschrijving van de regelingen, de doelstelling, de ramingsgrond, een verwijzing naar de laatst uitgevoerde evaluatie en het beoogde jaar van afronding van de volgende evaluatie wordt verwezen naar de bijlage bij de Miljoenennota ‘Toelichting op de fiscale regelingen’.Fiscale regelingen 2020-2022, budgettair belang op transactiebasis in lopende prijzen202020212022Landbouwvrijstelling in de winstsfeer664598538OVB Vrijstelling cultuurgrond1133184191EB Verlaagd tarief glastuinbouw2138136131ASB Vrijstelling Brede Weersverzekering35661OVB = Overdrachtsbelasting2EB = Energiebelasting3ASB = Assurantiebelasting53Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 Artikel 22 Natuur, visserij en gebiedsgericht werkenA. Algemene doelstellingDe Minister van LNV streeft naar een sterke en veerkrachtige natuur, een duurzame en economisch rendabele visserijsector en draagt via gebieds­gericht werken bij aan het versterken van de brede welvaart.B. Rol en verantwoordelijkheid–De Minister van LNV is verantwoordelijk voor het beschermen, versterken en duurzaam benutten van de natuur en biodiversiteit, mede in relatie tot de klimaat-, en stikstofdoelstellingen, Caribisch Nederland, in nationaal, EU- en mondiaal verband. Voor de natuurkwaliteit van de Rijkswateren en voor de internationale samenwerking op natuurgebied treedt de Minister als eerstverantwoordelijke op.–De Minister van LNV is verantwoordelijk voor het versterken van de positie van de Nederlandse visserijketen (inclusief Caribisch Nederland) en het bevorderen van duurzaamheid, transparantie en ketenverant­woordelijkheid in de Nederlandse visserijketen (inclusief Caribisch Nederland).–De Minister van LNV is medeverantwoordelijk voor gebiedsgericht werken, waarbij de LNV-opgaven in onderlinge samenhang met andere maatschappelijke en regionale opgaven worden opgepakt ter versterking van de brede welvaart in de regio.–De Minister van LNV voert de regie over de aanpak van regionale knelpunten ter versterking van de brede welvaart middels de Regio Deals.–De Minister van LNV is het aanspreekpunt voor wat betreft de betrok­kenheid van het Rijk bij bodemdaling in het landelijke gebied in relatie tot landbouw, natuur en biodiversiteit en de vitaliteit van het platteland in bredere zin en voor landbouw als onderdeel van het Klimaatakkoord.De Minister van LNV is (mede)verantwoordelijk voor:Stimuleren–Het stimuleren en versterken van de maatschappelijke betrokkenheid bij het beschermen, versterken en duurzaam benutten van natuur en biodi­versiteit, op zowel nationaal als internationaal niveau.–Het bevorderen van behoud en versterken van biodiversiteit in het agrarisch gebied en binnen agroketens.–Het ondersteunen van het versterken van de positie van de Nationale parken.–Het stimuleren van de inzet van de Nederlandse bos-, natuur- en houtsector in het energie- en klimaatbeleid en het bevorderen van de duurzame bijdrage van bos en natuur aan de groene grondstoffenvoor­ziening.–Het stimuleren van maatschappelijke initiatieven in lijn met de LNV-visie, zoals Nederland Natuurpositief, het Handvest Natuurinclusief en het Deltaplan Biodiversiteitsherstel–Het bevorderen van een duurzame, innovatieve en rendabele visserij- en aquacultuursector binnen de kaders van het Gemeenschappelijk visse­rijbeleid (Europees Maritiem, Visserij en Aquacultuur Fonds 2021-2027 (EMVAF).54Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 Regisseren–Het inzetten, samen met medeoverheden en maatschappelijke partijen, op de totstandkoming van afspraken over het versterken van biodiver­siteit, aansluitend op de afspraken uit de EU-Biodiversiteitsstrategie en het (nog overeen te komen) nieuwe raamwerk voor biodiversiteit in het kader het mondiale biodiversiteitsverdrag (Convention on Biological Diversity, CBD).–Het voeren van regie op de aanpak van regionale knelpunten middels de bestaande Regio Deals met als doel om de brede welvaart in de regio’s in Nederland te versterken.Uitvoeren–Het samen met provincies nakomen van afspraken die gemaakt zijn in het Natuurpact en samen met provincies en IenW/RWS monitoren van de toestand van de natuur en biodiversiteit en benutting van natuur op land en in het water.–Het samen met de provincies uitvoeren van het gezamenlijke Programma Natuur, onderdeel van het programma Stikstofreductie en Natuurherstel. Hiermee wordt onder andere invulling gegeven aan de langjarige financiële impuls in het natuurbeleid als gevolg van de stikstofaanpak, de Agenda Natuurinclusief en aan het ambitiedocument Nederland Natuurpositief.–Het onderhouden en handhaven van onder andere de Wet natuurbe­scherming en de Wet grondslagen natuurbeheer- en bescherming Caribisch Nederland en het treffen van voorbereidingen voor het invoeren van de Omgevingswet en bijbehorende regelgeving.–Het voorbereiden en uitvoeren van internationale en in EU-verband gemaakte afspraken over de internationale handel in bedreigde dieren en planten.–De implementatie van het Europese exotenbeleid. De provincies zijn verantwoordelijk voor het beheer van invasieve exoten.–Het doen uitvoeren van regelingen en programma’s, zoals het Programma naar een Rijke Waddenzee, de natuuronderdelen van de Mariene Strategie en het beheer van Kroondomeinen.–Het samen met provincies en andere betrokken partijen uitvoeren van de Bossenstrategie.–Staatsbosbeheer in staat stellen om, in samenhang met zijn maatschap­pelijke omgeving, uitvoering te kunnen geven aan zijn (kern)taken, zoals bedoeld in de Wet verzelfstandiging Staatsbosbeheer en het Convenant LNV/Staatsbosbeheer (2014).C. BeleidswijzigingenNatuurbankVoor de opzet van een natuurbank is vanuit de begrotingsreserve Stikstof € 125 mln. gereserveerd. Deze middelen worden ingezet voor de realisatie van natuurcompensatie van de schade als gevolg van projecten in het kader van rijksinfra- en waterveiligheid en defensieprojecten die een veiligheids­belang vertegenwoordigen. In 2020 is Staatsbosbeheer gestart met een pilot. Het doel van de pilot is om ervaring op doen met hoe het instrument in de praktijk werkt, waarbij onderscheidende projecten worden geïnitieerd. Naast het leereffect worden ook daadwerkelijke natuurmaatregelen gerea­liseerd die beschikbaar komen voor adc-projecten. Het resterende budget van € 112 mln. wordt ingezet voor het uitvoeren van de werkzaamheden in het kader van de Natuurbank. De ambitie is om circa 1.100 tot 2.000 hectare aan natuurmaatregelen te realiseren gedurende de periode 2022-2025. In 2022 is de ambitie om de eerste 100 tot 150 ha. natuurmaatregelen te 55Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 realiseren. De natuurmaatregelen komen in komende jaren, zodra deze zich voldoende hebben ontwikkeld en zich kwalificeren, via een register beschikbaar voor gebruik als compensatienatuur in de vergunningverlening van adc-projecten van Rijk en Waterschappen. Ter uitwerking van de natuur­compensatiebank is een wetsvoorstel in voorbereiding.Aanvalsplan GruttoHet Aanvalsplan Grutto heeft tot doel om 34 kansgebieden van minimaal 1.000 hectare te creëren met een optimaal leef- en foerageergebied voor weidevogels. Om dit te kunnen realiseren is het van belang dat agrariërs in deze gebieden een verdienmodel kunnen ontwikkelen. Dat verdienmodel bestaat enerzijds uit een vergoeding op grond van een meerjarige verbintenis voor «zwaar agrarisch natuurbeheer» en anderzijds uit elementen als een CO2 bank, verlaging van de waterschapslasten, aantrek­kelijke pachtvoorwaarden, rentekorting en een hogere melkprijs. Voor een voortvarende start van het Aanvalsplan Grutto is een bedrag van € 5 mln. gereserveerd voor 2021 en 2022 (€ 2 mln. in 2021 en € 3 mln. in 2022) op de begroting van LNV. Daarnaast hebben de provincies toegezegd eenzelfde bedrag beschikbaar te stellen. Verder is met de provincies de ambitie uitge­sproken om voor de GLB periode 2023-2027 € 69,5 mln. beschikbaar te stellen, waarvan € 52,5 mln. afkomstig is uit overhevelingsmiddelen. Voor de resterende € 17 mln. is nog geen dekking beschikbaar en zal in overleg met provincies de mogelijkheden voor het leggen van de verbinding met andere programma’s worden onderzocht. Met deze financiële impuls kunnen de provincies 18 tot 26 kansgebieden met een minimale omvang van 1.000 hectare inrichten en beheren. Indien de aanvullende dekking niet gevonden kan worden, dan zal de ambitie bijgesteld moeten worden (Kamerstuk 28 625, nr. 293).KlimaatfondsIn 2022 wordt verder uitvoering gegeven aan het Klimaatfonds van het Nationaal Groenfonds dat in 2021 is gestart. Het Groenfonds trekt € 70 mln. extra geld aan voor de financiering van projecten die een bijdrage leveren aan de klimaatdoelstellingen van de sector Landbouw en Landgebruik. Voor de sector Landbouw en Landgebruik ligt er een taakstelling van ten minste 3,5 Mton en een ambitie van 6 Mton broeikasgasemissiereductie in 2030. Voor het bereiken van de beoogde resultaten zijn innovatieve projecten wezenlijk; zij zorgen voor ‘vernieuwing van onderaf´ en zijn de successen van morgen. De financiering van deze projecten komt door marktfalen (te) beperkt van de grond. Met de beschikbare middelen in het Klimaatfonds pakt het Groenfonds economisch levensvatbare projecten op die banken laten liggen en verstrekt aan deze projecten onder marktconforme voorwaarden risicodragende financieringen (achtergestelde leningen). Door deze risicodragende financieringen daalt het risicoprofiel van de projecten naar een voor banken veelal acceptabel niveau waardoor deze bereid zijn te cofinancieren. Het ministerie van LNV staat voor 80% van de € 70 mln. uit het Klimaatfonds garant.Agroprogramma GroningenDe onzekerheid die de aardbevingsproblematiek in Groningen jarenlang heeft veroorzaakt, en de trage en ingewikkelde schadeherstel- en verster­kingsoperaties, hebben er toe geleid dat een deel van de agrarisch ondernemers in het aardbevingsgebied is vastgelopen in de ontwikkeling van hun bedrijf. Naar schatting gaat het om 175 gevallen. Vaak is de samenloop van problematiek en processen zo complex geworden dat enkel de aardbevingsgerelateerde procedures onvoldoende zijn om deze boeren weer perspectief te geven op de toekomst van hun bedrijf. Om deze boeren 56Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 individueel te begeleiden, de processen waar ze mee te maken krijgen inzichtelijk te maken en zoveel mogelijk te stroomlijnen, en daaruit tot duurzame toekomstbeelden voor het bedrijf te komen, is onder leiding van Provincie Groningen een programma opgezet. Hiervoor heeft het Rijk € 19 mln. beschikbaar gesteld in het Bestuursakkoord Groningen voor de periode 2021-2025. Hiervan wordt € 5,5 mln. besteed aan de casusbege­leiding (€ 1,1 mln. in 2022) en € 13,5 mln. aan fondsen voor inzet van expertise en specifiek maatwerk (€ 2,7 mln. in 2022). Hiermee versterken en verduurzamen we de agrarische sector in het aardbevingsgebied.57Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 D. Budgettaire gevolgen van beleidBudgettaire gevolgen van beleid art. 22 (bedragen x € 1.000)Omschrijving2020202120222023202420252026Verplichtingen01.119.898269.321238.180465.784463.507416.629waarvan garantie verplichtingen000000waarvan overige verplichtingen1.119.898269.321238.180465.784463.507416.629Uitgaven0619.460462.658515.816486.548472.728415.790waarvan juridisch verplicht95%Subsidies141.85036.02935.93132.51120.3808.828Vermaatschappelijking Natuur en Biodiversiteit02.6352.6352.6871.6061.0611.061Natuur en Biodiversiteit op land011.63724.74624.98122.64211.9441.104Beheer Kroondomeinen0803803803803803803Duurzame visserij04.9987.8457.4607.4606.5725.860Regio Deals0121.77700000Leningen23.84523.14522.74522.14522.14522.145Leningen rente en aflossing023.84523.14522.74522.14522.14522.145Garanties324324322000Garantie Klimaatfonds0324324322000Opdrachten413.833363.860417.603392.677390.731345.652Vermaatschappelijking Natuur en Biodiversiteit013.09215.3438.6408.7128.7519.531Natuur en Biodiversiteit op land0308.749266.805331.354343.071347.398303.648Natuur en Biodiversiteit Grote Wateren013.54811.75111.05211.19711.19511.350Duurzame visserij03.36441.21040.6196.4996.6006.675Overige stelsel activiteiten04.0956.4086.6126.2046.2436.174Internationale Samenwerking03.5873.6553.7363.7363.7363.736Caribisch Nederland02.8144.3642.7141.064764764Klimaatimpuls Natuur en Biodiversiteit064.16713.77412.87612.1946.0443.774Regio Deals04175500000Bijdrage aan agentschappen9.2709.2938.9588.9589.2658.958Rijksrederij09.2709.2938.9588.9589.2658.958Bijdrage aan ZBO's/RWT's28.29328.29328.54328.54328.49328.493Staatsbosbeheer028.29328.29328.54328.54328.49328.493Bijdrage aan (inter-)nationale organisaties2.0451.7141.7141.7141.7141.714Internationale Samenwerking02.0451.7141.7141.7141.7141.714Ontvangsten536.56344.65133.16530.25727.05324.409Landinrichtingsrente029.47826.03524.35323.04519.84118.397Verkoop gronden012.1598.8040000Overige ontvangsten natuur03.4174.8193.8192.2192.2192.219Duurzame visserij06.6874.9934.9934.9934.9933.793Onttrekkingen begrotingsreserves0484.82200000Budgetflexibiliteit58Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 Het budget voor 2022 is voor circa € 441,1 mln. (95%) juridisch verplicht. Dit komt door de verplichtingen die rusten op de onderdelen van dit artikel, onder andere het opdrachtenbudget, de bijdrage aan Staatsbosbeheer en Leningen rente en aflossingen.E. Toelichting op de financiële instrumentenSubsidiesVermaatschappelijking natuur en biodiversiteitVoor subsidies ‘Vermaatschappelijking natuur en biodiversiteit’ is in 2022 € 2,6 mln. beschikbaar. De Nationale Parken vertegenwoordigen een maatschappelijke waarde. Om deze waarde goed te benutten is er in 2022 € 1,0 mln. beschikbaar voor activiteiten op het gebied van educatie in de Nationale Parken. Daarnaast is er budget gereserveerd voor de uitvoering van de regeling Tijdelijke Ondersteuning Nationale Parken (€ 1,6 mln.). Deze regeling is in 2020 opengesteld met een budget van € 5,45 mln. en is bedoeld voor de ondersteuning van nationale parken bij de ontwikkeling richting de 12 ambities in de standaard voor de gebiedsaanduiding nationaal park.Natuur en biodiversiteit op landVoor het subsidiebudget voor ‘Natuur en biodiversiteit op land’ is in 2022 € 24,7 mln. begroot. Hiervan is € 19,7 mln. geraamd voor de Regeling versneld natuurherstel. Met deze regeling wordt ingezet op natuurherstel­projecten bij natuurterrein beherende organisaties (TBO’s). Deze organi­saties kunnen op basis van de regeling projectvoorstellen voorstellen indienen voor natuurherstelmaatregelen, zoals bijvoorbeeld het versnellen en intensiveren van inrichting en beheer, hydrologische maatregelen en verwerven van sleutelhectares. De eerste tranche van de regeling is begin 2021 opengesteld. Verder wordt er een budget van € 4,6 mln. geraamd voor financiële ondersteuning van onderzoeken in het kader van het Agrarisch Natuur- en Landschapsbeheer. Hiervan wordt € 3 mln. ingezet voor de ondersteuning van het Aanvalsplan Grutto. Deze bijdrage wordt ingezet als extra nationale bijdrage aan het ANLb budget dat provincies inzetten voor weidevogelbeheer, gelabeld aan het Aanvalsplan Grutto. Het Aanvalsplan Grutto heeft tot doel om 34 kansgebieden van minimaal 1.000 hectare te creëren met een optimaal leef- en foerageergebied voor weidevogels. Om boeren in staat te stellen een optimaal leefgebied voor weidevogels te kunnen creëren, is het van belang dat agrariërs in deze gebieden een verdienmodel kunnen ontwikkelen. De vergoeding voor het «zware beheer» vanuit ANLb is een belangrijk en noodzakelijk onderdeel van het verdien­model. Het zware beheer omvat beheerpakketten gericht op plas-dras, kruidenrijk grasland en uitgesteld maaien. Verder wordt er € 0,4 mln. geraamd voor de uitfinanciering van de Tijdelijke regeling particulier natuurbeheer (Staatscourant 1998, nr. 163, 15298).Beheer KroondomeinenHet Loo is een landgoed van circa 10.400 hectare bestaat uit twee deelge­bieden: de Staatsdomeinen bij Het Loo en het eigenlijke Kroondomein. Bij de Staatsdomeinen bij Het Loo zijn de baten en lasten voor rekening van de Staat. De Kroondrager is economisch eigenaar van het eigenlijke Kroondomein (6.700 hectare) en heeft hierop het vruchtgebruik en gebrui­kersrechten alsmede de lasten. Het juridisch eigendom berust bij de Staat. Het Rijk verstrekte de afgelopen jaren een subsidie van € 0,8 mln. aan de Kroondrager, als privaatrechtelijk vruchtgebruiker van het eigenlijke Kroondomein, voor beheers- en inrichtingsmaatregelen van het 59Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 Kroondomein. De huidige subsidie loopt tot eind 2021. Op de begroting van LNV is € 0,8 mln. gereserveerd voor een nieuwe aanvraag met ingang van 2022.Duurzame visserijHet budget van € 7,8 mln. is gedeeltelijk bestemd voor de nieuwe program­maperiode 2021-2027 van het Europees Maritieme Visserij en Aquacultuur Fonds (EMVAF). Voor de cofinanciering hiervan is € 5,8 mln. gereser­veerd. Het EMVAF-programma is verbonden met de bredere beleidsagenda voor visserij, aquacultuur en maritieme zaken. De grote uitdagingen voor de toekomst zijn de klimaatopgave en het beschermen van kwetsbare biodi­versiteit op zee en andere wateren. De EMVAF-middelen dragen bij aan deze uitdagingen middels een breed spectrum van activiteiten en maatregelen, waaronder het geven van steun aan innovaties, investeringen en onderzoek. Er is daarnaast in 2022 € 2 mln. beschikbaar voor de nationale innovatie­middelen visserij welke volgen uit afspraken uit het Regeerakkoord. Deze zijn aanvullend aan de beschikbare Europese middelen en nationale cofinanciering (Kamerstuk 32 301, nr. 94). Het programma richt zich op de delen van het innovatieproces die onder het EFMZV en de opvolger EMVAF minder aan bod komen. Er wordt ingezet op twee sporen. Het eerste spoor focust zich op fundamentele en grensverleggende innovaties (funda­menteel onderzoek). Het tweede spoor richt zich juist op kleinere, toepas­singsgerichte innovaties (pre-marktintroductie).LeningenLeningen rente en aflossingenIn 2022 is er € 23,1 mln. beschikbaar voor de betaling van de rente en aflossing van leningen die LNV heeft uitstaan aan het Nationaal Groenfonds. Deze leningen zijn in het verleden met tussenkomst van het Nationaal Groenfonds verstrekt voor de realisatie (verwerving en doorle­vering van gronden) van het Natuurnetwerk Nederland (voorheen: Ecologische Hoofdstructuur). Door de decentralisatie van het natuurbeleid naar de provincies worden hiervoor geen nieuwe leningen meer aangegaan.GarantiesKlimaatfondsIn 2022 is er € 0,3 mln. geraamd voor een reservering in de risicovoorziening voor het Klimaatfonds van het Nationaal Groenfonds dat in 2021 is gestart. Het Groenfonds trekt € 70 mln. extra geld aan voor de financiering van projecten die een bijdrage leveren aan de klimaatdoelstellingen van de sector Landbouw en Landgebruik. Met de beschikbare middelen in het Klimaatfonds pakt het Groenfonds economisch levensvatbare projecten op die banken laten liggen en verstrekt aan deze projecten onder marktcon­forme voorwaarden risicodragende financieringen (achtergestelde leningen). Het ministerie van LNV staat voor 80% van de € 70 mln. uit het Klimaatfonds garant.OpdrachtenVermaatschappelijking natuur en biodiversiteitIn 2022 is er € 15,3 mln. geserveerd voor activiteiten ten behoeve van het verankeren van het belang en de waarde van natuur in verschillende maatschappelijke sectoren. Deze activiteiten zijn de volgende:60Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 •Stikstofaanpak (€ 10,2 mln.): de ontwikkeling van de structurele aanpak stikstof wordt ondersteunt met middelen (€ 2,1 mln.) voor het meten van de stikstofdepositie en ammoniakconcentraties, onderzoeken naar stikstof en Natura 2000 en het basisbeheer van het rekeninstrument AERIUS. Daarnaast wordt ingezet op de ontwikkeling en uitvoering van de monitoringssystematiek, waarmee wordt vastgesteld of de condities voor behoud en herstel van instandhouding worden behaald en het maatregelenpakket voor daling van depositie en natuurversterking voldoende effectief is dan wel bijstelling behoeft (€ 1,6 mln.). Ook worden middelen ingezet voor ondersteuning van de gebiedsgerichte aanpak en advies, onder meer via de inzet van RVO, expertise over ruimtelijke processen en dataverzameling, informatievoorziening en kennisuitwisseling, en worden middelen ingezet voor het Informa­tiepunt stikstof dat ondersteuning biedt bij vragen van burgers, ondernemers en overheidsinstanties over stikstof, de toepassing van nieuw beleid bij toestemmingsverlening (€ 1,9 mln.). In verband met de (neven)effecten van de snelheidsverlaging op Rijkswegen op specifieke hexagonen in Natura 2000-gebieden, zijn middelen gereser­veerd voor het treffen van de benodigde mitigerende maatregelen (€ 2,1 mln.). Tenslotte zijn er middelen gereserveerd voor RIVM voor advies over bijvoorbeeld de effecten van bronmaatregelen en voor de ontwik­keling van AERIUS (€ 2,5 mln.).•Natuurlijk kapitaal en vergroening financiële sector (€ 1,7 mln.): het Ministerie van LNV werkt samen met onder meer VNO-NCW, IUCN Nederland, MVO Nederland, De Nederlandsche Bank en kennisinstel­lingen aan methoden en instrumenten die inzicht geven in het beslag op en de afhankelijkheid van biodiversiteit van bedrijven en financiële instellingen. Ook wordt gewerkt aan toepassing van de methoden en instrumenten door overheden en gebiedspartijen, bijvoorbeeld voor ruimtelijke en thematische vraagstukken. De beschikbare middelen worden ingezet voor het ondersteunen en stimuleren van private partijen, financiële instellingen, overheden en andere maatschappelijke partijen om daarmee aan de slag te gaan en het ontwikkelen en ontsluiten van de hiervoor benodigde informatie.•Natuurcombinaties (€ 3,1 mln.): onder de noemer natuurcombinaties werkt LNV aan het verankeren van het belang van natuur in andere sectoren en het stimuleren van de benutting van natuur bij de aanpak van maatschappelijke opgaven (nature based solutions). Het beschikbare budget wordt ingezet voor de ondersteuning van kansrijke maatschappelijke initiatieven, de opbouw van kennis door onder­steuning van onderzoeken en pilots ten behoeve van onderbouwing van beleidskeuzes en ten behoeve van versnelling en opschaling van natuur­inclusieve praktijken en de verspreiding van kennis en netwerkvorming, waardoor initiatiefnemers en koplopers van elkaar kunnen leren. Daarbij richt de inzet zich onder meer op natuurinclusieve landbouw, natuurin­clusief bouwen, groen in de stad en de rol van natuur in de energietran­sitie. Daarnaast wordt een deel van het budget ingezet voor de ondersteuning van het proces van de Agenda Natuurinclusief.•Nationale Parken (€ 0,3 mln.): het Ministerie van LNV ondersteunt de ingezette beweging naar Nationale Parken nieuwe stijl, onder meer door financiering van het bij Staatsbosbeheer ondergebrachte Bureau Nationale Parken en een communicatie- en marketingcampagne.Natuur en biodiversiteit op landVoor opdrachten op het gebied van natuur en biodiversiteit op land is in 2022 € 266,8 mln. beschikbaar. De middelen worden ingezet voor de volgende activiteiten:61Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 •Programma Natuur (€ 248,9 mln.): voor de aanpak van de stikstofpro­blematiek wordt in 2022 € 250 mln., waarvan € 1,1 mln. op artikel 23, ingezet voor het versterken van de natuur (Kamerstuk 35 334, nr. 82). LNV heeft hiervoor via het Programma Natuur meerjarige afspraken met provincies gemaakt. Het gaat daarbij om gebiedsgerichte maatregelen die nodig zijn om de instandhoudingsdoelstellingen te bereiken en om ervoor te zorgen dat de kwaliteit van de natuurlijke habitats van soorten niet verslechtert. Het gaat daarbij onder andere over:•het versnellen en naar voren halen van natuur herstelmaatregelen om de gevolgen van stikstofdepositie in natuurgebieden sneller te verminderen;•het verbeteren van de hydrologie om de kwaliteit van de natuur te verhogen en het verbeteren van het natuurbeheer om beter in staat te zijn de natuurdoelen te halen;•het versneld realiseren van het Natuur Netwerk Nederland ten behoeve van stikstofgevoelige habitats en leefgebieden door het versneld realiseren van grondverwerving en inrichtingsmaatregelen;•het verder versterken van het systeem van robuuste natuurgebieden door ecologische en landschappelijke verbindingen, uitbreiding van natuur bij essentiële schakels in het natuurnetwerk en het realiseren van kwaliteitsverhoging van riviernatuur in samenhang met water­veiligheid;•het verbeteren van condities voor behoud en herstel van algemene soorten.•Natuurbank (€ 10 mln.): deze middelen worden ingezet voor het uitvoeren van werkzaamheden in het kader van de natuurbank. Deze werkzaamheden worden door RVO uitgevoerd en bestaan uit de kosten voor het realiseren van circa 100-150 ha. natuurmaatregelen en de kosten voor de uitvoering daarvan. De getroffen natuurmaatregelen komen in komende jaren, zodra deze zich voldoende hebben ontwikkeld en zich kwalificeren, via een register beschikbaar voor gebruik als compensatienatuur in de vergunningverlening van adc-projecten van Rijk en Waterschappen. Ter uitwerking van de natuurcompensatiebank is een wetsvoorstel in voorbereiding.•Landelijk gebied (€ 4,7 mln.): van deze middelen is € 3,8 mln. gereser­veerd voor agrariërs in het aardbevingsgebied in Groningen. Dit agroprogramma ondersteunt boeren die met complexe problematiek te maken hebben, om weer perspectief te krijgen op de toekomst (Kamerstuk 33 525 nr. 846). Deze ondersteuning krijgt o.a. vorm via casusbegeleiding door consulenten. Daarnaast werkt LNV in het landelijk gebied samen met provincies, gemeenten en waterschappen via gebiedsgericht werken aan het realiseren van beleidsdoelen, onder andere in de gebieden waarin de samenwerking is gestart in het kader van het interbestuurlijk programma «Naar een Vitaal Platteland» (€ 0,9 mln.).•Het overige budget (€ 3,2 mln.) wordt ingezet voor verschillende activi­teiten waarvoor LNV als systeemverantwoordelijke verantwoordelijk is gebleven na de decentralisatie van natuurtaken naar provincies. Zo worden middelen ingezet met betrekking tot de Natuurwetgeving, natuurvergunningenverlening, Natura2000 gebieden en nationaal soortenbeleid. Ook is er budget bestemd voor de uitvoeringskosten van de Regeling versneld natuurherstel voor de realisatie van natuurherstel­projecten.62Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 Natuur en biodiversiteit Grote WaterenIn 2022 is er voor opdrachten op het terrein van natuur en biodiversiteit in grote wateren € 11,8 mln. beschikbaar. Het Rijk is verantwoordelijk voor het beschermen en versterken van natuur en biodiversiteit in de grote wateren (het Waddengebied, de Zuidwestelijke Delta, het IJsselmeergebied, de Noordzee, het kustgebied en het rivierengebied). LNV zorgt ervoor dat het natuurbelang goed is gewaarborgd bij het gebruik, beheer en onderhoud van grote wateren en bij de uitvoering van projecten. Het budget betreft de volgende activiteiten:•Natuur grote wateren (€ 7,2 mln.): om de natuur een bestendige plaats te geven te midden van ons intensieve gebruik, wordt geïnvesteerd in de veerkracht van het natuurlijk systeem. LNV werkt gebiedsgericht samen met andere overheden, natuurorganisaties en bedrijven om deze veerkracht en Natura 2000-doelen in de grote wateren te realiseren en doet dat door uitvoering middels de Programmatische Aanpak Grote Wateren. Door middel van systeemingrepen en aanpassingen in beheer wordt gewerkt aan ecologisch gezonde en toekomstbestendige grote wateren. LNV participeert bijvoorbeeld in de ontwikkeling van het Integraal Rivier Management (IRM) programma voor de grote rivieren en de ontwikkeling van het toekomstbestendige ecologische systeem van het Markermeer en IJmeer. In het EU-programma LIFE-IP Deltanatuur werkt LNV samen met maatschappelijke partijen en andere overheden aan het wegnemen van belemmeringen en aan een Natuur­winstplan (NWP). Het NWP betreft een strategie om de Natura 2000-doelen te behalen en daarbij de ecologische potentie van de Grote wateren centraal stelt.•Waddenzee (€ 2,7 mln.): LNV is onder meer verantwoordelijk voor de trilaterale samenwerking tussen Denemarken, Duitsland en Nederland voor de Waddenzee en is tevens de siteholder (voor Nederland) van dit internationale natuurlijk UNESCO Werelderfgoed. De Nederlandse delegatie bestaat uit vertegenwoordigers van de ministeries van LNV en IenW, de Waddenprovincies en -gemeenten. Tevens is LNV verantwoor­delijk voor de Beheerautoriteit Waddenzee die middels een Integraal Beheerplan de samenhang van het natuur-, vis- en waterbeheer bevordert en versterkt, waarmee de natuurkwaliteit verbeterd wordt. Naast LNV zijn IenW en de Waddenprovincie medeopdrachtgever van de Beheerautoriteit. LNV draagt samen met andere partijen bij aan een vijfjarig NWO programma naar de effecten van klimaatverandering op de ecologie van het Waddengebied. Hiermee wordt een belangrijke bijdrage geleverd aan trilaterale kennisontwikkeling voor het Wadden­gebied en het Werelderfgoed Waddenzee.•Noordzee met een gezond natuurlijk systeem en duurzaam en verantwoord gebruik (€ 1,9 mln.): de Noordzee wordt steeds intensiever gebruikt en kent tegelijkertijd een kwetsbaar ecosysteem. Dat betekent dat het toenemend gebruik moet passen binnen de ecologische grenzen en ook bijdraagt aan de versterking van de Noordzeenatuur (Natuurin­clusieve ontwikkeling). Na het sluiten van het Noordzeeakkoord dient een aantal aanvullende afspraken voor bescherming en herstel te worden uitgevoerd. Zo worden onder meer voor 2023 de Bruine Bank en de Borkumse Stenen aangewezen als beschermde natuurgebieden en gaat een deel van deze middelen naar de NVWA voor handhaving in beschermde gebieden. Tevens zal er een intensivering voor het herstel en versterking van soorten en habitats worden uitgevoerd. Dit is niet alleen van belang voor het behoud en vergroten van de mariene biodi­versiteit maar ook voor het duurzaam realiseren van de klimaatdoelen, bijvoorbeeld via windenergie op zee en voor de implementatie van de EU-Kaderrichtlijn Mariene Strategie (KRM). LNV draagt samen met IenW 63Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 bij aan het Informatiehuis Marien, bedoeld om alle mariene informatie en onderzoeksgegevens over de Noordzee op één plek toegankelijk te maken voor belangstellenden, overheden en professionals. Daarnaast draagt LNV bij aan de coördinerende rol in de uitvoering van het KRM-monitoringsprogramma dat het Informatiehuis Marien uitvoert.Duurzame visserijVoor opdrachten op het terrein van duurzame visserij is € 41,2 mln. gereser­veerd. Ten behoeve van de ondersteuning van beleid in diverse gebieden (Noordzee, IJsselmeer, kustwateren, Caribisch Nederland), het beleggen van het stakeholdersoverleg en de inhuur van expertise is in 2022 € 1,1 mln. beschikbaar. Ook is in 2022 € 36,7 mln. gereserveerd als bijdrage van LNV aan de activiteiten die voortvloeien uit het Noordzeeakkoord. Middelen uit het Noordzeeakkoord zijn beschikbaar voor innovatie en sanering in de visserij en handhaving op de Noordzee. Middelen voor innovatie en sanering hebben tot doel om de transitie te stimuleren naar een visserij die in aard en omvang past bij de toekomstige ruimtelijke situatie op de Noordzee. Daarnaast stelt LNV in 2022 € 2,1 mln. beschikbaar ten behoeve van het Actieplan ‘Toekomstig visserijbeheer IJsselmeergebied’ (Kamerstuk 29 664, nr. 71). Hiervoor is in 2020 en 2021 de inhoudelijke basis voor de uitvoering zo veel als mogelijk gelegd. In 2022 wordt de laatste hand gelegd aan de voorbereidende werkzaamheden die nodig zijn voor de herstructu­rering. De beoogde saneringsregeling wordt ter toetsing en accordering aan de Europese Commissie voorgelegd. Ook is in 2022 € 0,8 mln. beschikbaar voor de uitvoering van de nadeelcompensatieregeling en de handhaving van de visserijvrije zones. Om vismigratie te stimuleren is afgelopen jaren veel geïnvesteerd in vismigratievoorzieningen bij stuwen, sluizen en gemalen. Om vismigratie verder te bevorderen wordt een visserij vrije zone ingesteld (Kamerbrief 29 664, nr. 204). De visserijsector wordt hiervoor gecompenseerd door middel van een nadeelcompensatieregeling. Verder is, in aansluiting op de EU-wetgeving, een bijdrage van € 0,5 mln. beschikbaar voor onderhoud en aanpassing van de vangstregistratietaken en bijbehorende digitale systeem.Overige stelsel activiteitenHet budget voor overige stelsel activiteiten bedraagt € 6,4 mln. en wordt met name ingezet voor (internationaal) verplichte monitoring van natuur­informatie. Het verzamelen van gegevens over planten, dieren en habitats (monitoring) is nodig om de voortgang bij het realiseren van (inter)nationale natuurdoelen te kunnen volgen en indien nodig bij te sturen en voor het opstellen van de internationale rapportages op het gebied van natuur en biodiversiteit (waaronder de EU-richtlijnen, CBD, Verdrag van Bern, Verdrag van Bonn en het Waddenverdrag). De gegevens worden vooral via het Netwerk Ecologische Monitoring (NEM) verzameld. Verder verstrekt LNV een bijdrage aan BIJ12 voor het beheer van de Nationale Databank Flora en Fauna (NDFF) en aan het CBS voor de statistische bewerking van natuurge­gevens en publicaties daarover in het Compendium voor de Leefomgeving.Internationale samenwerkingIn 2022 is € 3,7 mln. beschikbaar voor opdrachten op het gebied van inter­nationale samenwerking. Van dit budget € 1,5 mln. wordt onder meer ingezet voor de uitvoering van acties die zijn overeengekomen in interna­tionale verdragen en afspraken over biodiversiteit. In 2021 of 2022 worden nieuwe, wereldwijde afspraken gemaakt over het verbeteren van biodiver­siteit, in het kader van het VN-Biodiversiteitsverdrag (CBD). Een van de bouwstenen daarvoor is het rapport van het Intergouvernementele Platform voor Biodiversiteit en Ecosysteemdiensten (IPBES) dat in 2019 verscheen. 64Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 Daarnaast worden in 2021 en 2022 belangrijke uitwerkingen verwacht van de in 2020 verschenen EU-Biodiversiteitstrategie. Verder wordt € 1,2 mln. gereserveerd voor de implementatie van de aan biodiversiteit gerelateerde onderdelen van de VN-agenda 2030 voor duurzame ontwikkeling en de daaraan gekoppelde doelstellingen (Sustainable Development Goals). Zo wordt er internationaal aandacht besteed aan de synergie tussen natuur, voedselproductie en integraal landgebruik. Ook wordt gewerkt aan het beperken van de ecologische voetafdruk van Nederland door het tegengaan van ontbossing, het bevorderen van duurzaam bosbeheer en het verduur­zamen van de productie van en de handel in de belangrijkste handelsketens die in relatie tot ontbossing en duurzaam bosbeheer van grote invloed zijn. Het verduurzamen van deze handelsketens wordt samen met het Ministerie van BZ, het bedrijfsleven en het maatschappelijk middenveld opgepakt. Verder worden onder deze post uitgaven geraamd (€ 1 mln.) voor de regeling In Beslag genomen Goederen (IBG) in het kader van de opslag en opvang van in beslag genomen goederen bij overtreding van de regels voor handel in bedreigde dier- en plantensoorten.Caribisch NederlandVoor het opdrachtenbudget ‘Caribisch Nederland’ is € 4,4 mln. geraamd. In samenwerking met de ministeries van IenW en BZK wordt uitvoering gegeven aan het Natuur- en milieubeleidsplan 2020–2030 (Kamerstuk 33 576, nr. 190). Het plan bevat op verzoek van de Tweede Kamer (Kamerstuk 33 576, nr. 47) een koraalherstelplan. Het vormt het kader en geeft de uitvoeringsdoelstellingen voor de uitvoeringsagenda’s van de openbare lichamen die in tweede helft van 2021 worden vastgesteld weer. Voor het koraalherstelplan is binnen dit opdrachtenbudget in 2022 € 3,3 mln. gereserveerd.Klimaatimpuls natuur en biodiversiteitVanuit het Klimaatakkoord zijn middelen beschikbaar gesteld voor een impuls op het terrein van veenweiden en klimaatinclusief natuurbeleid en -beheer. Het budget van € 13,8 mln. in 2022 wordt ingezet voor de volgende activiteiten:•Pilots en onderzoeken rondom veenweidengebieden (€ 8,7 mln.): deze middelen worden onder meer ingezet voor uitvoering van het Nationaal Onderzoeksprogramma Broeikasgassen Veenweiden (NOBV), de uitvoering van GLB-pilots en onderzoek via het (nog te starten) Nationaal Innovatieprogramma Veenweide. Op basis hiervan vindt op diverse locaties, verspreid over de veenweidegebieden, onderzoek plaats en worden pilots uitgevoerd. De onderzoeken worden uitgevoerd door onderzoeksconsortia waarin alle relevante onderzoeksinstituten zijn betrokken. Het programma staat onder regie van de regiegroep veenweide met vertegenwoordigers van de klimaattafel Landbouw & Landgebruik van het Klimaatakkoord.•Klimaatinclusief natuurbeleid en beheer (€ 5,1 mln.): een andere bijdrage aan de CO2-reductie voor Landbouw en Landgebruik wordt gerealiseerd door partijen die werken aan een klimaatinclusief natuurbeleid en -beheer. Partijen in dit domein zetten zich gezamenlijk in voor maatregelen die in 2030 tot een klimaatwinst van ten minste 0,4 Mton CO2 ten opzichte van 1990 moeten leiden en streven naar 0,8 Mton CO2 ten opzichte van 1990 in 2030 door het voorkomen van ontbossing, het vergroten van de vastlegging van koolstof en de uitbreiding van bos en landschap. Het Rijk financiert het opzetten van compensatiepools bij ontbossing, klimaatgerichte inrichting van rijksgronden (waaronder infranetwerken), herstel van landschapselementen, boslandbouw en bosaanleg door boeren en voortzetting van het in 2018 gestarte 65Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 programma voor praktijkgericht onderzoek voor klimaatslim beheer van bos, bomen en natuur. Het Rijk en de provincies hebben gezamenlijk de Bossenstrategie vastgesteld (Kamerstuk 33 576, nr. 186), onder andere om een zorgvuldige afweging te maken tussen de verschillende doelen op het gebied van klimaat, natuur, recreatie en duurzaam gebruik van grondstoffen. Deze strategie komt in 2022 verder in uitvoering.Regio DealsTer ondersteuning van de werkzaamheden op het gebied van de Regio Deals is voor 2022 een bedrag van € 0,6 mln. gereserveerd. Via de Regio Deals werkt het kabinet samen met de regio’s aan meervoudige opgaven die het perspectief van burgers en bedrijven op een goede kwaliteit van leven en leefomgeving in de regio versterken (brede welvaart). Inmiddels zijn er 30 Regio Deals in realisatie. De Regio Deals richten zich door middel van een integrale aanpak onder andere op thema’s als de transitie kringloop­landbouw, het versterken van natuur en biodiversiteit, scholing, werk, innovatie, verduurzaming en de leefbaarheid op het platteland. Het gaat hierbij om een interdepartementale samenwerking en afstemming waarbij het Rijk als een overheid samen optrekt met de regionale partners. Opgedane kennis en ervaringen worden breed gedeeld en kennis op gebied van brede welvaart wordt doorontwikkeld met rijkspartners PBL en CBS alsook met regionale (plan)bureaus, en toegepast in de regio, onder meer via monitoring en lerend evalueren.Bijdrage aan agentschappenRijksrederijIn 2022 is er € 9,3 mln. beschikbaar voor de bijdrage aan de Rijksrederij. Deze is bestemd voor het uitvoeren van taken op het gebied van visserijon­derzoek en het beheer en de inspectie voor natuur en visserij.Bijdrage ZBO's/RWT'sStaatsbosbeheerTen behoeve van personeelskosten, huisvestingskosten en andere organi­satiekosten van Staatsbosbeheer die niet kunnen worden verhaald op andere opdrachtgevers en voor aanvullende rijksopdrachten ontvangt Staatsbosbeheer een bijdrage van het Rijk. Hiervoor is in 2022 € 28,3 mln. gereserveerd. HIermee financiert Staatsbosbeheer kosten die samenhangen met bijvoorbeeld de Boomfeestdag en het beheer van rijks­monumenten. Voor het reguliere terreinbeheer ontvangt Staatsbosbeheer, net als andere natuurbeheerders, een subsidie van de provincies.Bijdrage aan (internationale) organisatiesInternationale samenwerkingIn totaal is er in 2022 € 1,7 mln. beschikbaar voor internationale contribu­tieverplichtingen. Nederland is partij bij een aantal internationale verdragen die als doel hebben dat de mondiale biodiversiteit en de relatie die dit met de Nederlandse biodiversiteit heeft, behouden blijft. Ondertekening en toetreding bij een verdrag leidt tot contributieverplichting aan de betreffende organisatie. Uit het beschikbare budget worden onder meer de contributies betaald aan (inter)nationale organisaties zoals United Nations Environment Programme (UNEP), Wetlands International, Interna­tional Union for Conservation of Nature (IUCN) en Commission for the Conservation of Antarctic Marine Living Resources (CCAMLR).66Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 OntvangstenLandinrichtingsrenteDe geraamde ontvangsten van € 26 mln. in 2022 zijn gebaseerd op geprog­nosticeerde inkomsten per landinrichtingsproject. Tot aan de start van het Investeringsbudget Landelijk Gebied (ILG) in 2007 werd wettelijke landin­richting uitgevoerd op basis van de Landinrichtingswet. Op grond van deze wet schiet het Rijk de kosten van een landinrichting voor en worden de kosten daarna door de gezamenlijke eigenaren terugbetaald. Dit gebeurt door middel van de zogenaamde landinrichtingsrente waarbij wordt voorzien dat het Rijk in een aflopende reeks nog circa 25 jaar landinrich­tingsrente zal ontvangen.Verkoop grondenVoor 2022 zijn de geraamde inkomsten van de verkoop van gronden € 8,8 mln. Als gevolg van de afronding van de werkzaamheden van het beheer van gronden voor o.a. de Ecologische Hoofdstructuur door Bureau Beheer Landbouwgronden resteert een algemene reserve. De middelen worden in de jaren 2020–2022 afgedragen aan LNV als opdrachtgevend departement.Overige ontvangsten natuurDit betreft diverse geraamde inkomsten van € 4,8 mln., onder andere de bijdrage vanuit de EU voor het project LIFE IP Deltanatuur, de bijdrage die wordt ontvangen van de opdrachtgevers voor het Bureau Programma Rijke Waddenzee, de inkomsten als gevolg van het afsluiten van diverse projecten die via het Groenfonds zijn uitgevoerd, leges voor vergunningaanvragen op basis van de Wet natuurbescherming en terugontvangsten bij diverse subsidiebijdragen.Duurzame visserijDe ontvangsten voor 2022 zijn geraamd op € 5 mln. Deze hebben met name betrekking op de geïnde leges van afgegeven visserijvergunningen en huurinkomsten (uit onder andere mosselpercelen).Onttrekkingen begrotingsreservesZie hiervoor de toelichting op de begrotingsreserves hieronder.Toelichting op de begrotingsreservesBegrotingsreserve VisserijDe begrotingsreserve Visserij is bestemd voor uitgaven op de regelingen van het Europees Fonds voor Maritieme Zaken en Visserij (EFMZV 2014–2020) en het Europees Maritiem Visserij en Aquacultuur Fonds (EMVAF 2021-2027). Hiermee wordt zeker gesteld dat de nationale bijdrage, die is vastgesteld in het Operationeel Programma, beschikbaar blijft bij vertra­gingen in de uitgaven. Het budget in deze reserve is voor circa 35% juridisch verplicht.Overzicht geraamd verloop begrotingsreserve Visserij (bedragen x € 1 mln.)Stand per 1/1/2021Verwachte toevoegingen 2021Verwachte onttrekkingen 2021Verwachte stand per 1/1/2022Verwachte toevoegingen 2022Verwachte onttrekkingen 2022Verwachte stand per 31/12/2022Begrotingsreserve Visserij26,901,325,60025,667Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 Extracomptabele fiscale regelingenNaast de in dit begrotingsartikel genoemde instrumenten, zijn er fiscale regelingen die betrekking hebben op dit beleidsterrein. In onderstaande tabel is ter informatie het budgettaire belang van deze regelingen vermeld. De cijfers zijn ontleend aan de corresponderende bijlage ‘Fiscale regelingen’ in de Miljoenennota. De fiscale regelingen die niet in onder­staande tabel zijn opgenomen, maar wel op dit beleidsartikel betrekking hebben, zijn:•– Vrijstelling bos- en natuurterreinen box 3•– OVB (overdrachtsbelasting) Vrijstelling inrichting landelijk gebied•– OVB Vrijstelling Bureau Beheer Landbouwgronden, is vervallen per 1 januari 2019.•– OVB Vrijstelling natuurgrondVoor een beschrijving van de regelingen, de doelstelling, de ramingsgrond, een verwijzing naar de laatst uitgevoerde evaluatie en het beoogde jaar van afronding van de volgende evaluatie wordt verwezen naar de bijlage bij de Miljoenennota ‘Toelichting op de fiscale regelingen’.Fiscale regelingen 2020-2022, budgettair belang op transactiebasis in lopende prijzen202020212022Bosbouwvrijstelling222Vrijstelling vergoeding bos- en natuurbeheer81010Natuurschoonwet37383968Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 Artikel 23 Kennis en innovatieA. Algemene doelstellingDe Minister van LNV streeft naar een goed functionerend kennis- en innova­tiesysteem en een optimale onderzoeksinfrastructuur op het terrein van landbouw, voedsel en natuur die bijdragen aan een duurzaam, concur­rerend en ecologisch houdbaar landbouw- en voedselsysteem met maximale benutting van circulariteit en bijdragen aan maatschappelijke opgaven op het terrein van landbouw, natuur, water, voedsel, klimaat, biodiversiteit en landelijk gebied. B. Rol en verantwoordelijkheid–De Minister van LNV is medeverantwoordelijk voor de instandhouding van een groene kennis- en onderzoeksinfrastructuur ten behoeve van het landbouw-, natuur- en voedseldomein.–De Minister van LNV is verantwoordelijk voor de inzet en verspreiding van kennis en innovatie gericht op de verdere verduurzaming van de land- en tuinbouw en visserij en het voedselsysteem, inclusief het sluiten van kringlopen, het benutten van reststromen en met respect voor de biodiversiteit en natuurlijke ecosystemen.–De Minister van LNV is als penvoerder verantwoordelijk voor de inhou­delijke programmering van Wageningen Research op basis van de Subsidieregeling instituten voor toegepast onderzoek.–De Minister van LNV is als vakminister medeverantwoordelijk, met de Minister van OCW, voor de invulling en de inzet van het groen onderwijs ten behoeve van de maatschappelijke opgaven van LNV.De Minister van LNV is (mede)verantwoordelijk voor:Stimuleren–Het bevorderen van kennisontwikkeling, kennisbenutting en kennisver­spreiding, nieuwe technologieën (ICT) en educatie voor de bijdrage aan de maatschappelijke opgaven van LNV.–Het bevorderen van publiek-private samenwerking gericht op het opstellen en (laten) uitvoeren van meerjarige missiegedreven innova­tieprogramma’s voor Landbouw, Water en Voedsel.–Het bevorderen van de inzet van kennis en innovatie binnen het domein van Landbouw, Water en Voedsel, in het bijzonder in de topsectoren Agri&Food en Tuinbouw & Uitgangsmaterialen op basis van een meerjarige kennis- en innovatieagenda (KIA) en een kennis- en innova­tieconvenant (KIC).–Het bevorderen van educatie en kennisverspreiding over voedsel richting scholen.–Het bevorderen van educatie en kennisverspreiding naar agrarische ondernemers.–Het stimuleren van internationale samenwerkingsprogramma’s voor onderzoek gericht op de maatschappelijke opgaven van LNV.–Het stimuleren van het ontwikkelen van praktijkkennis voor structureel natuurherstel en -beheer via het kennisnetwerk Ontwikkeling en Beheer Natuurkwaliteit (OBN).–Het stimuleren van startups bij het ontwikkelen van innovatieve manieren van werken bij het oplossen van maatschappelijke opgaven van LNV.69Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 Financieren–Het financieren van de kennisbasis van Wageningen Research, op basis van de Subsidieregeling instituten voor toegepast onderzoek.Regisseren–Regievoering op de subsidieverlening aan Wageningen Research en de opdrachtverlening RIVM voor het groene domein.–Het regisseren van meerjarige missiegedreven programmering van kennis en innovatie met stakeholders ten behoeve van de maatschap­pelijke opgaven van LNV.Uitvoeren–Het uitvoering geven aan het Groenpact, samen met het groene onderwijs en het bedrijfsleven.–De uitvoering van wettelijke onderzoekstaken door Wageningen Research gericht op genetische bronnen, voedselveiligheid, besmette­lijke dierziekten, economische informatievoorziening, natuur en milieu en visserij.C. Beleidswijzigingen70Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 D. Budgettaire gevolgen van beleidTabel Budgettaire gevolgen van beleid art. 23 (bedragen x € 1.000)Omschrijving2020202120222023202420252026Verplichtingen0261.865229.587228.341217.967208.745208.625waarvan garantie verplichtingen000000waarvan overige verplichtingen261.865229.587228.341217.967208.745208.625Uitgaven0263.430244.539234.875223.977215.656214.215waarvan juridisch verplicht98%Subsidies138.227120.093110.02499.20493.54493.274Beleidsondersteunend onderzoek047.23828.84421.13219.28917.57817.578Missiegedreven topsectoren- en innovatiebeleid066.80766.78464.99564.99564.99564.995Kennisverspreiding en groen onderwijs024.18224.46523.89714.92010.97110.701Opdrachten16.36714.54613.75014.25213.53212.811Kennisontwikkeling en innovatie016.36714.54613.75014.25213.53212.811Bijdrage aan agentschappen13.9808.0607.7987.0465.1614.461Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu013.9808.0607.7987.0465.1614.461Bijdrage aan ZBO's/RWT's94.856101.840103.303103.475103.419103.669Wageningen Research094.848101.825103.014102.914102.831102.695ZonMw0815289561588974Ontvangsten012.26712.1079.2569.2569.2569.256Kennisontwikkeling en innovatie012.26712.1079.2569.2569.2569.256BudgetflexibiliteitHet budget voor 2022 is voor circa € 239,5 mln. (98%) juridisch verplicht. Dit wordt veroorzaakt door verplichtingen die rusten op de onderdelen van dit artikel. De niet-juridische verplichte uitgaven betreffen middelen die vallen onder de onderdelen «Kennisverspreiding en groen onderwijs» en 'Kennis­ontwikkeling en innovatie'.71Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 E. Toelichting op de financiële instrumentenSubsidiesBeleidsondersteunend onderzoekOm onderbouwd beleid mogelijk te maken en om knelpunten in de beleids­uitvoering op te lossen, wordt kennis ontwikkeld op een groot aantal thema’s. Het gaat hier veelal om middellange termijn en om politiek urgente dossiers. Daarnaast wordt onderzoek gedaan naar aanleiding van onder meer beleidsbrieven, toezeggingen aan de Tweede Kamer, internationale verplichtingen en bestuurlijke afspraken. Voorbeelden van dergelijke dossiers zijn stikstof, antibiotica, dierenwelzijn, bedrijfsspecifieke afrekening, nieuwe eiwitten, voedselconsumptie, natuurinclusieve landbouw, eerlijke prijs, visserij, natuurherstel, klimaat en digitalisering. In 2022 is hiervoor € 28,8 mln. beschikbaar. De middelen worden ingezet als subsidie aan Wageningen Research.Missiegedreven topsectoren- en innovatiebeleidVoor publiek-private samenwerking is in 2022 € 66,8 mln. beschikbaar. In deze programma’s werken kennisinstellingen, private partijen uit de topsectoren Agri&Food, Tuinbouw & Uitgangsmaterialen en Water & Maritiem en overheden samen aan kennis- en (digitale) technologieontwik­keling, innovatie, internationalisering, Human Capital en kennis voor het MKB. De kennis- en innovatieprogramma’s zijn gericht op de vijf missies, die daarbij ondersteuning krijgen van de twee sleuteltechnologiepro­gramma’s:•Kringlooplandbouw;•Klimaatneutrale landbouw en voedselproductie;•Klimaatbestendig landelijk en stedelijk gebied;•Gewaardeerd, gezond en veilig voedsel;•Duurzame Noordzee, oceanen en binnenwateren;•Smart Technologies in Agri-Horti-Water-Food en Biotechnologie en Veredeling.De innovaties worden benaderd met de werkwijze «Safe-by-design». In 2022 is er extra aandacht voor valorisatie en implementatie van kennis door onder andere het programma Kennis op Maat, een versterkte betrokkenheid van de onderwijsinstellingen, het opstarten van Living Labs, aansluiting op de regionale kennisprogrammering en Communities of Practice (CoP). De al bestaande CoP voor de Noordzee, het vernieuwde programma Nationale Proeftuin PrecisieLandbouw (NPPL) en de Boerderij van de Toekomst zijn voorbeelden. In 2022 worden opnieuw kennis- en innovatie-investeringen voor de onderwerpen voedselzekerheid, natuurontwikkeling, landelijk gebied en welzijn huisdieren volgens de principes van de missies ingezet.Kennisverspreiding en groen onderwijsHet budget van € 24,5 mln. is bestemd voor diverse gesubsidieerde activi­teiten op het terrein van kennisverspreiding en groen onderwijs.•Voor de meerjarige kennis- en innovatieprogramma’s Duurzaam Door (DD) en Jong Leren Eten (JLE) is in 2022 een budget van € 4,2 mln. beschikbaar. Het doel van de programma’s DD en JLE is om maatschap­pelijke (innovatieve) initiatieven op het gebied van duurzaamheid te versterken en de kennis en bewustwording over gezond en duurzaam voedsel onder (jonge) mensen te vergroten. Beide programma’s kennen een aanpak van ‘learning by doing and doing by learning’ en de betrok­kenheid van veel partijen. Bij Duurzaam Door zullen de regionale opgaven, het thema klimaatadaptatie en de doorwerking in het 72Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 onderwijs extra aandacht krijgen, bij Jong Leren Eten is er aandacht voor de structurele borging van de voedseleducatie en zal er meer aandacht zijn voor het vo en mbo (TK 31 532 nr.261, 29 maart 2021).•In het Groenpact (derde fase 2021–2025) werkt LNV samen met het bedrijfsleven en de onderwijsinstellingen aan de aansluiting tussen onderwijs en arbeidsmarkt, vernieuwing van het onderwijs en innovaties in de praktijk. Hiervoor is in 2022 € 4,8 mln. beschikbaar. De maatschappelijke opgaven, in het bijzonder de omslag naar een duurzame landbouw en de klimaatopgaven, zijn leidend bij de keuze in welke delen van het onderwijs en in welke thema’s voor praktijkgericht onderzoek geïnvesteerd wordt. LNV ondersteunt het MBO Centrum voor Innovatief Vakmanschap Groen en het HBO Centre of Expertise Groen in het groene domein. Het Groenpact besteedt in 2022 meer aandacht aan strategische samenwerking in cross-overs met andere sectoren en in Europees verband, een Leven Lang Ontwikkelen in het groene domein, groen ondernemerschap, een groene stad en klimaatspecialisten en -pleinen voor voedsel en groen.•Voor het lopende, reguliere programma van het Kennisnetwerk Ontwik­keling en Beheer Natuurkwaliteit (OBN) (2019–2024) is in 2022 € 2,5 mln. beschikbaar. Met de start van het Programma Natuur krijgt het Kennis­netwerk OBN voor de komende drie jaar een impuls van jaarlijks ongeveer € 1,1 mln. uit het kennis- en innovatiebudget van het Programma Natuur (zie de toelichting onder het kopje opdrachten). Het kennisnetwerk genereert op een onafhankelijke manier strategieën en maatregelen voor structureel herstel en beheer van natuurkwaliteit. In 2022 is er extra aandacht voor natuurherstelmaatregelen in het kader van de stikstofproblematiek, zowel in lopende als nieuwe projecten. Ook andere thema’s komen aan de orde, zoals de waterhuishouding in de natuur, invasieve exoten en insectensterfte. De ontwikkelde kennis wordt gebruikt voor het behalen van de doelen van de Vogel- en Habita­trichtlijn, soortenbeleid, de ontwikkeling en het beheer van het cultuur­landschap en de inrichting van nieuw verworven (landbouw)gronden.•Voor het programma ‘Innovatie op het boerenerf’ is in 2022 € 13,1 mln. beschikbaar. Het doel van het programma is om de kennis die beschikbaar is over verduurzaming van de landbouw en praktijkgerichte innovaties sneller te laten doorstromen naar boeren en tuinders. Kennis wordt ontsloten via een digitaal platform: het vernieuwde Groen Kennisnet. In 2022 stelt LNV 5.000 vouchers beschikbaar waarmee agrariërs onafhankelijke en deskundige bedrijfsadviseurs kunnen inschakelen of kunnen deelnemen aan cursussen (o.a. over stikstof) van groene hogeronderwijsinstellingen. Het aanbod van cursussen voor agrariërs of adviseurs waarvoor vouchers kunnen worden ingezet, wordt uitgebreid. Ook verstrekt LNV subsidie aan projecten gericht op verschil­lende verduurzamingsthema’s waarin agrariërs met, en van elkaar, leren. De website Regelhulp Kringlooplandbouw (regelhulpenvoorbe­drijven.nl) van RVO zal worden geactualiseerd. Bovendien zal deze, naast de landelijk beschikbare subsidies en regelingen, ook provinciale regelingen en subsidies gaan bevatten.OpdrachtenKennisontwikkeling en innovatieVoor de ontwikkeling van kennis en praktijkgerichte innovaties worden opdrachten uitgezet bij kennisinstellingen, anders dan Wageningen Research, die ook bijdragen aan de missies van het thema Landbouw, Water en Voedsel. Het gaat hier om projecten bedoeld om nieuw beleid te 73Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 onderbouwen, knelpunten in de beleidsuitvoering op te lossen en perspec­tiefvolle oplossingsrichtingen aan te dragen. Het budget voor 2022 bedraagt € 14,5 mln.•Digitalisering voedselzekerheid is een meerjarig project over de inzet van vernieuwende digitale technieken voor het bestaande voedselzeker­heidsbeleid. De inzet richt zich op verspreiding van innovatieve technieken, klimaatadaptatie en terugdringing van voedselverliezen. In 2022 is € 1 mln. beschikbaar.•Het Nationaal Kennisprogramma Stikstof (NKS) is geïnitieerd om een transparante en wetenschappelijk robuuste onderbouwing te bieden van het Nederlandse stikstofbeleid met oog op de lange termijn. De inhou­delijke scope van het NKS richt zich op het reduceren van de onzeker­heden in het proces van stikstofemissie tot depositie. Hiertoe worden o.a. emissiefactoren opnieuw afgeleid, meetnetten uitgebreid en innovatieve monitoringsmethodieken verder verkend (ensemblemodel­lering, satellietwaarnemingen, biomonitoring). In 2022 is € 1,8 mln. beschikbaar.•In wisselwerking tussen overheid, kennisinstellingen, maatschappelijke stakeholders en gebiedspartijen is het de bedoeling een gedragen set van kpi’s te ontwikkelen en hiermee praktijkervaring op te doen. In praktijkpilots op gebiedsniveau gaat hier ervaring mee worden opgedaan. Zo moet zicht ontstaan op een vertaling van doelrealisatie op bedrijfs- en/of gebiedsniveau naar beloningsvormen en economische handelingsperspectieven voor boeren. In de pilots in experimenteerge­bieden voor de LNV-visie en enkele andere regio’s wordt onderzocht hoe reële beloningsvormen en economisch handelingsperspectief voor boeren/ ondernemers kunnen worden gecreëerd die aantoonbare prestaties leveren. In 2022 is € 1,8 mln. beschikbaar.•Binnen Horizon Europe vindt Europese samenwerking in diverse partnerschappen plaats. Het gaat om onderzoekssamenwerking op het gebied van verschillende maatschappelijke uitdagingen. Drie partner­schappen, op de thema’s water, ‘blue economy’ en biodiversiteit, zijn reeds gestart. Partnerschappen op de onderwerpen agro-ecologie, duurzame voedselsystemen, ICT-toepassingen en besmettelijke dierziekten starten in 2023. De voorbereidingen hiervoor zijn reeds in volle gang. Verder wordt ingezet op multilaterale samenwerking op het gebied van voedselzekerheid en de implementatie van het EU Protein Plan. In 2022 is € 0,1 mln. beschikbaar.•Om de ontwikkeling van het startup-ecosysteem en innovaties te stimuleren die tegelijkertijd bijdragen aan de missies, worden opdrachten verstrekt aan startups, scaleups en accelerators, onder meer in het kader van het programma «Startup in Residence». Daarnaast wordt bijgedragen aan projecten van innovatieorganisatie Stichting Innovatie Glastuinbouw Nederland (SIGN) die grensverleggende concepten ontwerpt en realiseert voor de glastuinbouw. Voor deze opdrachten is in 2022 € 2,9 mln. beschikbaar.•LNV draagt € 2,2 mln. bij aan de basisfinanciering van enkele planbureaus en adviesraden die beleidsadviezen leveren. Het gaat voornamelijk om de generieke bijdrage van LNV aan het Ministerie van IenW voor het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) en de generieke bijdrage aan het Ministerie van VWS voor de Gezondheidsraad.•Het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) voert beleids­ondersteunend onderzoek uit dat bijdraagt aan maatschappelijke doelen en verplichtingen, die onder andere voortkomen uit (Europese) wet- en regelgeving, zoals bijvoorbeeld monitoring. Hiervoor is in 2022 € 4,7 mln. programmabudget beschikbaar. Dit wordt ingezet voor de volgende thema’s:74Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 •Veilig, gezond en duurzaam voedsel & Alternatieven voor dierproeven;•Plantaardige Agro, Milieu en Gezondheid met daarin het monitoring­programma Landelijk meetnet effecten mestbeleid;•Stikstof en Natuur, met daarin onder andere het onderzoek naar verbetering van de modellen om stikstofemissie en -depositie te berekenen, het onderhoud van het stikstofmeetnet en de uitvoering van het secretariaat van het kennisplatform eikenprocessierups;•Klimaat, Energie en Economie: Opdrachten over onder andere emissieregistratie, Kennisplatform Elektromagnetische Velden vanuit EZK en opdrachten vanuit Staatstoezicht op de Mijnen.Bijdrage aan AgentschappenRijksinstituut voor Volksgezondheid en MilieuDe bijdrage aan het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) van € 8,1 mln. is onder andere bestemd voor advisering over voedselvei­ligheid, duurzame voeding, alternatieven voor dierproeven, het Landelijk Meetnet effecten mestbeleid, het Meetnet Ammoniak Natuurgebieden stikstofdepositiemetingen in Natura 2000-gebieden en de Atlas Natuurlijk Kapitaal. Het hier genoemde budget betreft het apparaatsbudget, voor dezelfde thema’s is ook programmabudget opgenomen in de categorie Opdrachten.Bijdrage ZBO/RWTWageningen ResearchEen goed functionerend kennissysteem draagt bij aan de economische positie van de Nederlandse agro-, visserij- en voedselketens en levert een belangrijke bijdrage aan de oplossing van maatschappelijke vraagstukken, zoals verwoord in de missies, in het agro- en natuurdomein. De bijdrage aan Wageningen Research betreft € 101,8 mln. en bestaat uit drie onderdelen:•Wettelijke taken (€ 70,0 mln.): de wettelijke onderzoekstaken op de terreinen van Besmettelijke Dierziekten (BD), Voedselveiligheid (VV), Genetische Bronnen (GB), Natuur en Milieu (N&M), Visserijonderzoek (VO) en Economische Informatievoorziening (EI) zijn ondergebracht in WOT‑programma's. Deze programma's voorzien de overheid van kennis, expertise, methoden, analyses en faciliteiten, die nodig zijn om te voldoen aan haar verplichtingen voor de uitvoering van (inter)nationale wet- en regelgeving en andere overheidstaken van nationaal en/of algemeen belang. De programma’s zijn meerjarig en worden elke 5 jaar geëvalueerd. In 2022 wordt de WOT N&M geëvalueerd. De WOT-programma’s Besmettelijke Dierziekten, Voedsel­veiligheid en Genetische Bronnen zijn in 2020 geëvalueerd. Dit heeft ertoe geleid dat het budget voor WOT GB vanaf 2022 is verhoogd.•Kennisbasis (KB) (€ 27,9 mln.): de kennisbasis van Wageningen Research (WR) vormt samen met fundamenteel onderzoek van Wageningen University en andere kennisinstellingen (bijv. RIVM, PBL) de strategische kennisbasis voor het agro- en natuurdomein. Daarmee is het een lange­termijnpijler onder het LNV-beleid. Voor het meerjarig kennisbasison­derzoek vormt het strategisch plan Wageningen UR 2019–2022 de basis.•Autonome bijdrage (€ 3,9 mln.): dit is een lump sum financiering aan Wageningen Research (WR) en houdt verband met de privatisering van de toenmalige Dienst Landbouwkundig Onderzoek (DLO, nu WR) eind jaren negentig van de vorige eeuw. Met deze bijdrage kan WR een aantal leningen (vorderingen van LNV op DLO/WR) terugbetalen. Dit betreft een bestuurlijke afspraak.75Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 ZonMw (Alternatieven voor dierproeven)De bijdrage aan ZonMw betreft budget voor het programma «Meer kennis met minder dieren». Het programma heeft tot doel de ontwikkeling van nieuwe proefdiervrije innovaties en de toepassing van bestaande proef­diervrije innovaties te stimuleren. Het gereserveerde budget wordt via een driejaarlijkse bijdrage aan ZonMw uitgegeven en loopt via het Ministerie van VWS. Het budget voor de bijdrage 2022 is al overgeboekt naar VWS.OntvangstenKennisontwikkeling en innovatieDe ontvangsten van € 12,1 mln. bestaan voornamelijk uit een taakstellende ontvangst van een jaarlijkse betaling van WR aan LNV voor rente en aflossing op de leningen die bij de verzelfstandiging van de toenmalige Dienst Landbouwkundig Onderzoek (DLO en nu WR) eind jaren negentig werden aangegaan. Daarnaast gaat het om een jaarlijkse taakstellende ontvangst van Europese middelen die ingezet worden voor het wettelijk visserijonderzoek.76Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 Artikel 24 Uitvoering en toezichtA. Algemene doelstellingDe Minister van LNV streeft naar een doeltreffende uitvoering van het agro-, visserij- en natuurbeleid en een effectief en efficiënt stelsel voor handhaving en toezicht op deze beleidsterreinen.B. Rol en verantwoordelijkheidDe Minister van LNV is verantwoordelijk voor de uitvoering van het agro-, visserij- en natuurbeleid (onder meer de uitvoering van het GLB) en belegt deze uitvoering jaarlijks bij RVO.nl. De uitvoering van de handhaving en het toezicht binnen deze domeinen is ondergebracht bij de NVWA, waarvoor de Minister niet alleen opdrachtgever is, maar ook de eigenaarsrol vervult.De Minister van LNV is (mede)verantwoordelijk voor:Stimuleren–Het versterken van de internationale positie van het Nederlandse agro-, visserij en natuurdomein via het Landbouwradennetwerk.Uitvoeren–Het doen uitvoeren van een effectief beleid ter realisatie van de doelstel­lingen uit de Europese regelgeving.–Het uitvoeren van adequaat veterinair en fytosanitair beleid.–Het uitoefenen van toezicht en het handhaven van de regelgeving op het gebied van dier- en plantgezondheid, dierenwelzijn, mest, natuur en voedselveiligheid (primaire productie en slachterijfase).–Het uitvoeren van het Gemeenschappelijk landbouw- en visserijbeleid en het zorgdragen voor een rechtmatige financiering aan agrarische ondernemers.–Het uitvoeren van het klimaat en stikstof beleid op het terrein van landbouw, visserij en natuur.–Het doen uitvoeren van de in de Wet natuurbescherming vastgelegde rijkstaken.C. Beleidswijzigingen77Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 D. Budgettaire gevolgen van beleidBudgettaire gevolgen van beleid art. 24 (bedragen x € 1.000)Omschrijving2020202120222023202420252026Verplichtingen0472.118431.026419.035404.722405.193398.750waarvan garantie verplichtingen000000waarvan overige verplichtingen472.118431.026419.035404.722405.193398.750Uitgaven0471.904431.026419.035404.722405.193398.750waarvan juridisch verplicht97%Bijdrage aan agentschappen471.904431.026419.035404.722405.193398.750Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit0250.486233.474227.832214.944216.680211.786Rijksdienst voor Ondernemend Nederland0221.418197.552191.203189.778188.513186.964Ontvangsten07.05500000Agentschappen en overig07.05500000BudgetflexibiliteitHet budget voor 2022 is voor circa € 418 mln. (97%) juridisch verplicht. Dit komt door verplichtingen die rusten op de bijdragen aan de NVWA en RVO.E. Toelichting op de financiële instrumentenBijdragen aan agentschappen NVWADe bijdrage aan de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) van € 233,5 mln. is bestemd voor de financiering van het toezicht bij bedrijven en instellingen op de naleving van wetten en voorschriften op het gebied van dier- en plantgezondheid, visserij duurzaamheid, dierenwelzijn, diervoeders, diergeneesmiddelen, dierlijke bijproducten, dierproeven, mest en de veiligheid van voedsel. Ook levert NVWA een bijdrage aan de duurzame instandhouding van de biodiversiteit, het tegengaan van illegale handel en het bezit van bedreigde dier- en plantsoorten en producten daarvan, het tegengaan van illegale handel in (hout)producten en het toezien op rechtmatig gebruik van natuursubsidies. De werkzaamheden van de NVWA in 2022 voor LNV bestaan voor een groot deel uit consistente taken die om continuïteit vragen. Tegelijkertijd heeft de NVWA bij deze continuïteit ook te maken met een capaciteitsvraagstuk en zijn de uitzon­derlijke omstandigheden door de Coronacrisis nog niet voorbij. De hiervoor door het demissionair kabinet ingezette maatregelen kunnen mogelijk ook in 2022 nog hun weerslag hebben op de werkzaamheden van de NVWA. Met betrekking tot de Brexit is de verwachting dat het Verenigd Koninkrijk (VK) haar importprocedures begin 2022 op orde heeft. De NVWA heeft hiervoor de nodige voorbereidingen getroffen. De effecten van Brexit voor de NVWA en de daarvoor benodigde capaciteit zijn sterk afhankelijk van besluitvorming in het VK over het border operating model.Eind 2021 wordt het jaarplan NVWA voor 2022, met daarin een meer gedetailleerde beschrijving van alle voorgenomen activiteiten, vastgesteld en aan de Tweede Kamer gestuurd.78Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 Rijksdienst voor Ondernemend NederlandDe bijdrage aan de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) van € 197,5 mln. is bestemd voor onder andere de uitvoering van het Gemeen­schappelijk Landbouw- en Visserijbeleid, het mestbeleid, plant-, voedsel- en dierregistraties, natuur en biodiversiteit, klimaat- en stikstofbeleid.RVO voert onder de status van Europees betaalorgaan de Europese subsidies voor Nederland uit. Hieronder vallen diverse regelingen zoals de basisbetaling, de betaling voor jonge landbouwers, de betaling voor klimaat en milieuvriendelijke maatregelen in de landbouw, herstelfonds Europees LandbouwFonds voor PlattelandsOntwikkeling (ELFPO), invoer­certificaten en tariefcontingenten onder Gemeenschappelijke markt- en prijsbeleid, gemeenschappelijke marktordening Groente en Fruit en de uitvoering van het Europees Maritiem, Visserij en Aquacultuur fonds (EMVAF).Daarnaast verleent RVO vergunningen voor agrarische ondernemers en voor bezit en handel in beschermde plant- en diersoorten. Van de bijdrage aan RVO is tevens € 18,3 mln. bestemd voor de uitvoering van het Landbouwradennetwerk. Het Landbouwradennetwerk stimuleert wereldwijd de internationalisering van het Nederlandse agro- en natuur­domein en draagt daarmee bij aan het verdienvermogen van de Nederlandse economie en aan een duurzame voedselproductie.De noodmaatregelen in verband met corona en de toenemende maatregelen op het gebied van klimaat en stikstof leggen de nodige druk op de capaciteit van RVO. Het goed en snel implementeren, beschikbaar stellen voor de doelgroep en uitvoeren van de maatregelen vraagt het nodige van de organisatie en haar medewerkers. LNV en RVO werken aan een gezamenlijke aanpak die uitkomst moet bieden aan het vele werk dat RVO uitvoert voor de maatschappelijke opgaven van LNV. KengetallenNVWADe onderstaande urenverdeling NVWA per publiek belang en procentuele verdeling van de financiering is afkomstig uit het NVWA jaarplan 2021. Later in het jaar 2021 zal het NVWA jaarplan 2022 worden gepubliceerd waarin de urenverdeling voor 2022 wordt opgenomen. De realisatie 2022 zal terug te vinden zijn in de NVWA jaarverantwoording. In de agentschapsbegroting van de NVWA zijn nadere doelmatigheidsindicatoren over de NVWA opgenomen.79Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 Figuur 1Figuur 2RVO.nl20162017201820192020Klanttevredenheid over uitvoering LNV opdrachten door RVO6,776,97,27,1Bovenstaand cijfer betreft een weergave van het gemiddelde cijfer dat klanten voor de dienstverlening van RVO.nl hebben gegeven bij acht grote regelingen.80Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 4. Niet-beleidsartikelenArtikel 50 ApparaatA. Budgettaire gevolgenOp artikel 50 zijn de personele en materiële uitgaven en ontvangsten van het departement LNV geraamd, voor zover die betrekking hebben op het kerndepartement (Directoraten-generaal en stafdirecties). De uitgaven aan externe inhuur, de uitgaven aan ICT en de bijdragen aan shared service organisaties (SSO’s) worden apart inzichtelijk gemaakt en meerjarig geraamd. Onder overige personele uitgaven worden de budgetten voor Sociaal plan en Wachtgelden in kaart gebracht. Voor de Programma DG Stikstof is tot en met 2022 een budget van €10,2 mln. aan artikel 50 toegevoegd.Budgettaire gevolgen artikel Apparaat Kerndepartement (bedragen x € 1.000)Omschrijving2020202120222023202420252026Verplichtingen149.717152.015150.403133.736131.770129.281129.513Uitgaven149.717152.015150.403133.736131.770129.281129.513Personele uitgaven105.700112.490114.07999.39197.92295.52595.149Eigen personeel93.442103.728106.35191.66390.19487.79783.723Externe inhuur9.1334.8183.7843.7843.7843.7847.482Overige personele uitgaven3.1253.9443.9443.9443.9443.9443.944Materiële uitgaven44.01739.52536.32434.34533.84833.75634.364ICT648510510510510510510Bijdrage aan SSO's (exclusief DICTU)18.04316.07812.92912.92912.92912.92912.929SSO DICTU22.06517.83214.27113.39913.39913.39913.399Overige materiële uitgaven3.2615.1058.6147.5077.0106.9187.526Ontvangsten2.5772.7932.7863.4313.4313.4313.431Personeel Kerndepartement6381.2931.2861.9311.9311.9311.931Materieel Kerndepartement1.9391.5001.5001.5001.5001.5001.500B. Toelichting op de financiële instrumentenPersonele uitgavenDit betreft alle personeelsuitgaven voor het kerndepartement van het Ministerie van LNV. Deze uitgaven zijn inclusief het aan LNV toegerekende deel van de uitgaven die worden gedaan voor de dienstonderdelen die samen worden gedeeld met het Ministerie van EZK (Kamerstuk 34 775-XIII, nr. 138). Deze gezamenlijke onderdelen (o.a. directie Bedrijfsvoering en directie Wetgeving en Juridische Zaken) zijn formeel opgehangen onder het Ministerie van EZK. Uitzondering hierop vormt de Crisisorganisatie, die onder LNV valt. De kosten van de gezamenlijke onderdelen worden volgens een verdeelsleutel aan de begrotingen van de ministeries van LNV en EZK toebedeeld. Overschrijdingen, meevallers, taakstellingen, etc. bij deze onderdelen worden door beide departementen gezamenlijk gedragen. 81Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 Materiële uitgavenDit betreft de materiële uitgaven voor het kerndepartement LNV. Net als bij de personele uitgaven, geldt ook hier dat de uitgaven inclusief het LNV-deel van de uitgaven van de gezamenlijke onderdelen van EZK en LNV zijn. Binnen de materiële uitgaven worden de ICT uitgaven geraamd onder de posten ICT en de bijdrage aan SSO DICTU.OntvangstenDe ontvangsten van het kerndepartement bestaan onder andere uit ontvangsten voor detacheringen en ontvangsten voor doorbelaste kosten.C. Totaaloverzicht apparaatsuitgaven/kostenDe onderstaande twee tabellen geven de apparaatsuitgaven voor het kerndepartement en de apparaatskosten van de agentschappen en de begrotingsgefinancierde ZBO’s en RWT’s weer. Bij rijksdiensten zijn de apparaatsuitgaven de personele en materiële uitgaven. Bij baten-lasten-diensten (agentschappen) en ZBO’s/RWT’s omvatten de apparaatskosten de personele kosten en materiële kosten, exclusief afschrijvingskosten en overige lasten (zoals dotaties aan voorzieningen, rentelasten en andere lasten).Totaaloverzicht apparaatsuitgaven/kosten inclusief agentschappen en zbo's/rwt's (bedragen x € 1.000)2020202120222023202420252026Totaaloverzicht apparaatsuitgaven ministerie149.717152.015150.403133.736131.770129.281129.513Kerndepartement149.717152.015150.403133.736131.770129.281129.513Tabel 2 Totaaloverzicht apparaatsuitgaven/kosten agentschappen en zbo's/rwt's (bedragen x € 1.000)2020202120222023202420252026Totaaloverzicht apparaatsuitgaven agentgschappen214.283250.486233.474227.832214.944216.680211.786Nederlandse voedsel en warenautoriteit214.283250.486233.474227.832214.944216.680211.786Totaal apparaatsuitgaven ZBO's en RWT's195.354Staatsbosbeheer89.500Wageningen Research304.660College voor de toelating van gewasbeschermingsmiddelen en biociden (Ctgb)19.134Stichting Nederlandse Algemene Kwaliteitsdienst Tuinbouw (Naktuinbouw)31.203Stichting Nederlandse Algemene Kwaliteitsdienst (NAK)23.730Stichting Kwaliteits-Controle-Bureau (KCB)17.075Stichting Controle Orgaan Kwaliteits Zaken (COKZ)6.434Stichting Skal Biocontrole (Skal)8.278In de tabel zijn onder andere de personele en materiële apparaatskosten van de NVWA, ZBO’s en RWT’s vermeld. Deze apparaatskosten worden niet alleen door LNV gefinancierd, maar ook door andere opdrachtgevende ministeries, decentrale overheden en derden. In de agentschapsparagraaf en in Bijlage 1 «Zelfstandige Bestuursorganen en Rechtspersonen met een Wettelijke Taak» wordt dit nader toegelicht. De apparaatskosten van 82Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 de zelfstandige bestuursorganen zonder rechtspersoonlijkheid zijn vanwege hun beperkte omvang niet opgenomen in de tabel. Een groot deel van hun werkzaamheden is uitbesteed aan andere organisaties.Apparaatsuitgaven per beleidsartikel/DG (bedragen x € 1.000)2022Totaal apparaat150.403DG Agro35.106DG Natuur, Visserij en Landelijk Gebied17.343Programma DG Stikstof10.183Stafdirecties (inclusief gezamenlijk gedeelde onderdelen EZK/LNV87.771In bovenstaande tabel staan de personele uitgaven voor het kerndepar­tement van LNV opgenomen. Onder de uitgaven van stafdirecties (inclusief gezamenlijk gedeelde onderdelen EZK/LNV) vallen ook de personeelsgere­lateerde materiële kosten voor DG Agro en DG Natuur, Visserij en Landelijk gebied. De personeelsgerelateerde materiële kosten voor het Programma DG Stikstof zijn onderdeel van kopje Programma DG Stikstof. 83Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 Artikel 51 Nog onverdeeldA. Budgettaire gevolgenBudgettaire gevolgen artikel 51 - Nog onverdeeld (bedragen x € 1.000)Omschrijving2020202120222023202420252026Verplichtingen02.50122.63714.36612.41129.88210.695Uitgaven02.50122.63714.36612.41129.88210.695Nog te verdelen02.50122.63714.36612.41129.88210.695Ontvangsten0000000B. Toelichting op de financiële instrumentenDit artikel is een administratief begrotingstechnisch artikel. Dit betekent dat er geen daadwerkelijke uitgaven ten laste van artikel 51 worden gedaan. Vanuit dit artikel vinden overboekingen van loon- en prijsbijstellingen naar de loon- en prijsgevoelige artikelen binnen de begroting plaats. Ook worden er taakstellingen of extra middelen die nog niet aan de beleidsartikelen zijn toegevoegd op dit artikel geplaatst.Het budget van € 22,6 mln. in 2022 betreft hoofdzakelijk de reservering van middelen voor de implementatie van de nieuwe GLB-periode (€ 8,9 mln.), de middelen voor het Inkoop Uitvoeringscentrum (IUC) (€ 5,0 mln.), en de middelen voor de regionale opgaven (€ 5,0 mln.). De gelden op dit artikel zullen bij Najaarsnota (voor 2021) en Voorjaarsnota (voor 2022 en verder) worden verdeeld over de relevante onderdelen op de begroting van LNV.84Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 5. Begroting agentschappenDe Nederlandse Voedsel- en WarenautoriteitBegroting van baten-lastenagentschap voor het jaar 2022 (bedragen x € 1.000)Stand Slotwet 20201e suppletoire begroting 202120222023202420252026BatenOmzet344.256422.042419.773414.131401.243402.979398.085- Omzet moederdepartement151.351198.625198.125192.483179.595181.331176.437- Omzet overige departementen98.888112.793111.024111.024111.024111.024111.024- Omzet derden94.017110.624110.624110.624110.624110.624110.624Rentebaten0000000Vrijval voorzieningen721000000Bijzondere baten25.20240.98540.98540.98540.98540.98540.985Totaal baten370.179463.027460.758455.116442.228443.964439.070LastenApparaatskosten394.803447.395449.724444.082431.194432.930428.036- Personele kosten242.629261.400265.572260.522248.987250.541246.161waarvan eigen personeel212.922228.295231.758226.708215.173216.727212.347waarvan externe inhuur22.00320.32720.62720.62720.62720.62720.627waarvan overige personele kosten7.70412.77813.18713.18713.18713.18713.187- Materiële kosten152.174185.995184.152183.560182.207182.389181.875waarvan apparaat ICT4.5582.1502.1502.1502.1502.1502.150waarvan bijdrage aan SSO's50.11857.99957.99957.99957.99957.99957.999waarvan overige materiële kosten97.498125.846124.003123.411122.058122.240121.726Rentelasten211002020202020Afschrijvingskosten13.12415.03210.51410.51410.51410.51410.514- Materieel2.1912.2372.2372.2372.2372.2372.237waarvan apparaat ICT102250250250250250250- Immaterieel10.93312.7958.2778.2778.2778.2778.277Overige kosten10.563500500500500500500waarvan dotaties voorzieningen946500500500500500500waarvan bijzondere lasten9.617000000Totaal lasten418.512463.027460.758455.116442.228443.964439.070Saldo van baten en lasten gewone bedrijfsuitoefening‒ 48.333000000Agentschapsdeel Vpb-lasten0000000Saldo van baten en lasten‒ 48.333000000Toelichting op de batenOmzetDe NVWA streeft naar effectief toezicht binnen de gegeven financiële kaders, met adequate beheersing van budgettaire en bedrijfsmatige risico’s waarbij gestreefd wordt naar een meerjarige stabiele formatieve omvang. De post omzet moederdepartement (€ 198,1 mln.) is gerelateerd aan de opbrengsten voortvloeiend uit het opdrachtenpakket dat met het moeder­departement is afgesproken. De omzet derden bestaat uit opbrengsten retributies NVWA, retributies Kwaliteitskeuring Dierlijke Sector (KDS) en overige baten. In 2021 is een programma gestart met deelname vanuit NVWA, LNV, VWS en vertegenwoordiging van het bedrijfsleven om te komen tot een herziening van de producten- en dienstencatalogus voor overheid en bedrijfsleven, een nieuw kostprijsmodel en retributiestelsel. 85Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 De planning is om dit programma in 2022 af te ronden zodat dit verwerkt kan worden in de begroting 2023. De hoogte van de totale omzet 2022 ligt naar verwachting in lijn met de hoogte van de omzet in 2021.RentebatenEr zijn geen rentebaten begroot. De rentepercentages die door het Ministerie van Financiën dagelijks worden vastgesteld liggen rond de 0%.Vrijval voorzieningenDit betreft voorzieningen voor (schade)claims. Er is geen vrijval van de bestaande voorzieningen begroot.Bijzondere batenDe bijzondere baten betreffen de bijdragen van het moederdepartement en het Ministerie van VWS ten behoeve van het dempen van de tarieven tot een vastgesteld niveau. Daarnaast betreft dit de compensatie voor reistijd = werktijd en BTW-compensatie.Toelichting op de lastenPersonele kostenDe personele kosten zullen licht stijgen, met name als gevolg van loon- en prijsbijstellingen.Materiële kostenDe lichte daling van de overige materiële kosten wordt met name veroorzaakt door aanpassingen in de hoogte van enkele Extern Geoormerkte Budgetten (EGB’s)RentelastenDe rentelasten dalen met € 80.000 door lagere rentepercentages op de leningen bij het Ministerie van Financiën.Afschrijvingskosten materieelDeze kosten liggen naar verwachting in lijn met de kosten in 2021. Het betreft met name afschrijvingen op laboratoriumapparatuur, gebouwen, inventaris en ICT-middelen.Afschrijvingskosten immaterieelDeze kosten zijn € 4,5 mln. lager dan bij 1e suppletoire begroting 2021. De belangrijkste reden daarvan is de lagere afschrijvingen op de oude Inspect-componenten vanaf 2022 omdat er in 2020 versneld is afgeschreven.Dotaties voorzieningenVoor (schade)claims wordt, net als in 2021, een bedrag van € 0,5 mln. aan de voorziening gedoteerd.Bijzondere lastenEr zijn voor 2022 geen bijzondere lasten begrootToelichting op het saldo van baten en lastenDe extra personeelskosten ten opzichte van 2021 worden gecompenseerd door lagere afschrijvingskosten. Het saldo van baten en lasten komt daarmee op 0 uit.86Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 Kasstroomoverzicht over het jaar 2022 (bedragen x € 1.000)Stand Slotwet 20201e suppletoire begroting 2021202220232024202520261Rekening courant RHB 1 januari (incl. deposito)48.07526.66028.07930.77435.76239.35741.581+/+ totaal ontvangsten operationele kasstroom370.692463.027460.758455.116442.228443.964439.070-/- totaal uitgaven operationele kasstroom‒ 396.818‒ 447.495‒ 449.744‒ 444.102‒ 431.214‒ 432.950‒ 428.0562Totaal operationele kasstroom‒ 26.12615.53211.01411.01411.01411.01411.014-/- totaal investeringen‒ 28.429‒ 9.350‒ 8.750‒ 8.750‒ 8.750‒ 8.750‒ 8.750+/+totaal boekwaarde desinvesteringen29.1200000003Totaal investeringskasstroom691‒ 9.350‒ 8.750‒ 8.750‒ 8.750‒ 8.750‒ 8.750-/- eenmalige uitkering aan moederdepartement‒ 17.736‒ 7.05500000+/+ eenmalige storting door moederdepartement32.1765.00000000-/- aflossingen op leningen‒ 13.370‒ 12.058‒ 8.319‒ 6.026‒ 7.419‒ 8.790‒ 8.744+/+ beroep op leenfaciliteit2.9509.3508.7508.7508.7508.7508.7504Totaal financieringskasstroom4.020‒ 4.7634312.7241.331‒ 4065Rekening courant RHB 31 december (incl. deposito) (=1+2+3+4)26.66028.07930.77435.76239.35741.58143.851Operationele kasstroomDe operationele kasstroom is in 2022 € 4,5 mln. lager dan in 2021. Een groot deel daarvan wordt veroorzaakt doordat de personele kosten licht stijgen, terwijl de baten in lijn liggen met 2021.InvesteringskasstroomDe investeringskasstroom is in 2022 € 0,6 mln. hoger dan in 2021, doordat minder wordt geïnvesteerd in inventaris en installaties.FinancieringskasstroomDe financieringskasstroom is in 2022 € 5,2 mln. hoger dan in 2021. Een groot deel daarvan (€ 3,7 mln.) wordt veroorzaakt doordat er een kleiner bedrag aan leningen afgelost hoeft te worden.Rekening courantDe verwachte stand rekening-courant neemt toe met € 2,7 mln. tot € 30,8 mln.87Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 Overzicht doelmatigheidsindicatorenStand Slotwet 20201e suppletoire begroting 202120222023202420252026Gemiddelde kostprijs (€/uur)107,23121,54121,17HandhavenKeuren certificering op afstandKeuren importKeuren export, slachthuizen en overige activiteitenTarievenIndex 2012 = € 94,07 = 100114129,2128,8Omzet per productgroep ( in € mln.)Handhaven213,4263,6262,2258,7250,6251,7248,6KeurenKeuren certificering op afstand7,310,1109,99,69,69,5Keuren import18,619,419,31918,418,518,3Keuren export, slachthuizen en overige activiteiten75,1101,5101,099,696,596,995,7FTEAantal FTE (excl. Externe inhuur)*2.5312.7182.7182.6592.5232.5422.490Verhouding FTE direct/indirect (exclusief externe inhuur)1.951/5802.095/6232.049/6101.945/5781.959/5831.919/571Salariskosten per fte84.43585.26885.26885.26885.26885.268Saldo van baten en lastenSaldo van baten en lasten als % van de totale baten‒ 13%0%0%0%0%0%0%KwaliteitAfhandelsnelheid informatieverzoeken, klachten en meldingen81%90%90%90%90%90%90%Tijdig betaalde facturen (< 30 dagen)98%95%95%95%95%95%95%*De gerealiseerde gemiddelde bezetting is niet alleen exclusief herplaatsingskandidaten, maar ook exclusief VanWerkNaarWerk-kandidaten.88Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 6. Begroting DiergezondheidsfondsLeeswijzerHet Diergezondheidsfonds (DGF) is een begrotingsfonds waaruit de kosten worden betaald die verband houden met de bestrijding, bewaking en preventie van besmettelijke dierziekten en zoönosen. Deze fondsbegroting bevat een inleidende paragraaf over de achtergronden van het fonds en plafondbedragen voor de maximale opbrengst van de diergezondheids­heffing. Aansluitend volgt de toelichting bij het enige artikel van het fonds, inclusief budgettaire tabel en de bijbehorende toelichting. Een toelichting op de saldosystematiek van het DGF volgt na de tabel.Inleiding en achtergrondUitbraken van besmettelijke dierziekten kunnen een grote impact op de Nederlandse samenleving hebben als geheel en op de agrarische sector in het bijzonder. Voor dierziekten die zich in potentie snel verspreiden gelden speciale bestrijdings- en preventieregimes die grotendeels in Europese regelgeving zijn voorgeschreven. Bij een aantal van deze dierziekten bevat de Europese regelgeving een plicht tot bestrijding. Daarnaast kan sprake zijn van een plicht tot het nemen van preventieve maatregelen en verplich­tingen voor het doen van onderzoek naar de aan- of afwezigheid van een dierziekte via het monitoren van dieren.Het fonds wordt gevoed door jaarlijkse bijdragen vanuit de begroting van LNV, heffingen bij de sector op grond van de wet Dieren en de middelen die de Europese Unie ter beschikking stelt in verband met het weren en bestrijden van besmettelijke dierziekten.Financiering van het fondsDe verdeling welke activiteiten uit de heffingen bij het bedrijfsleven worden gefinancierd en welke uit de begroting van LNV, is vastgelegd in een convenant tussen LNV en de betrokken sectorpartijen (Convenant finan-ciering bestrijding besmettelijke dierziekten 2020–2024; Kamerstuk 29 683, nr. 248).De kosten van bewaking van dierziekten worden in beginsel voor 50% door het Rijk en voor 50% door het bedrijfsleven gefinancierd met uitzondering van de bewakingsprogramma’s die LNV heeft overgenomen van de voormalige productschappen. Deze worden voor 100% door de betreffende sector gefinancierd. Het gaat hierbij om het voorkomen en/of bestrijden van dierziekten waaronder de ziekte van Aujeszky, Salmonella (Se en St), Leukose, en een monitoringsprogramma voor AI, NCD, non-zoönotische Salmonella, en Mycoplasma.De financiering van de kosten van bestrijding van dierziekten is afhankelijk van de dierziekte en de noodzakelijke voorzieningen om de bestrijding uit te kunnen voeren. Deze kosten worden in beginsel – tot een per diersoort afgesproken plafondbedrag – voor 100% doorberekend aan de veehoude­rijsectoren, met uitzondering van de kosten van de contractueel vastgelegde voorzieningen voor de bestrijding. Deze worden gefinancierd door overheid en sector, beide voor 50%. Boven de plafondbedragen draagt de overheid de resterende kosten.89Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 De plafondbedragenDe tarieven voor de diergezondheidsheffing voor de diersoorten runderen, varkens, kippen, kalkoenen, eenden, schapen en geiten worden voor de jaren 2020 tot en met 2024 zodanig vastgesteld dat de totale opbrengst van de diergezondheidsheffing en de bijdragen van de sectorpartijen niet meer zullen bedragen dan de in onderstaande tabel opgenomen plafonds.Overzicht plafondbedragen opbrengsten diergezondheidsheffing (bedragen in €)SectorPlafond voor de 5 jaarlijkse vaste kosten1Plafond voor de bestrijdingskostenTotaalplafondRundvee34.220.0009.000.00043.220.000Pluimvee46.000.00032.000.000 2.78.000.000Schapen4.699.860Geiten3.905.580490.0009.095.440Varkens16.947.30041.000.000 3.57.947.3001 5-jaarlijkse kosten: voor de 5 jaren van de convenantsperiode (2020-2024).2 Waarvan 2.000.000 voor Newcastle disease.3 Waarvan 22.000.000 voor Afrikaanse Varkenspest.De bedragen voor de totaalplafonds zijn opgenomen in het besluit dierge­zondheid (tot 1/1/2022 in het besluit diergezondheidsheffing). In het eerder­genoemde convenant zijn deze plafondbedragen nader uitgewerkt in een deelplafond voor de vaste jaarlijkse kosten over de periode 2020 tot en met 2024 en een deelplafond voor de bestrijdingskosten in geval van een uitbraak van een dierziekte.Artikel 1 Bewaking en bestrijding van dierziekten en voorkomen en verminderen van welzijnsproblemenAlgemene doelstellingBewaking en bestrijding van specifieke dierziekten en het voorkomen en verminderen van welzijnsproblemen.Rol en verantwoordelijkheidDe Minister van LNV is verantwoordelijk voor:•Het bestrijden van dierziekten die op basis van (Europese) wetgeving verplicht moeten worden bestreden en indirect verantwoordelijk – houders van dieren zijn zelf primair verantwoordelijk – voor welzijnsas­pecten bij de bestrijding.•Het tijdig signaleren en afhandelen van verdenkingen en besmettingen door onderzoek en monitoring/bewaking van bepaalde dierziekten (bijvoorbeeld scrapie, blauwtong, Brucella melitensis, klassieke en Afrikaanse varkens pest (KVP en AVP), mond-en-klauwzeer (MKZ), vogelgriep (aviaire influenza, AI), ziekte van Aujeszky, Salmonella, Mycoplasma en Bovine Spongiforum Encephalopathy (BSE).•Effectieve en doelmatige crisisorganisatie bij dierziektenuitbraken.BeleidswijzigingenEr zijn geen wijziging in het beleid ten opzichte van 2021.Budgettaire gevolgen van beleidBudgettaire gevolgen van beleid (bedragen x € 1.000)2020202120222023202420252026VERPLICHTINGEN93.69842.86934.98633.68633.68633.68633.68690Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 2020202120222023202420252026Waarvan GarantieverplichtingenWaarvan overige verplichtingenUITGAVEN93.69842.86934.98633.68633.68633.68633.686Waarvan juridisch verplicht16%Opdrachten93.69842.86934.98633.68633.68633.68633.686Waarvan:Bewaking van dierziekten17.06718.68520.46620.46620.46620.46620.466Bestrijding van dierziekten73.78521.1709.7629.7629.7629.7629.762Overig2.8463.0144.7583.4583.4583.4583.458ONTVANGSTEN142.91183.58827.17733.68633.68633.68633.686Waarvan:Ontvangsten van LNV82.3215.79811.17111.17111.17111.17111.171Ontvangsten van sector16.80820.17713.50620.53420.53420.53420.534Bijdrage sector crisisreserve8.3524.90000000Ontvangsten EU2.5093.5002.5001.9811.9811.9811.981Saldo van de afgesloten rekeningen32.92149.213Toelichting bij posten van bovenstaande tabel budgettaire gevolgen van beleidBudgetflexibiliteitEr zijn doorlopende contracten met bedrijven om bewakingsprogramma’s uit te voeren en/of om beschikbaar te zijn voor dienstverlening tijdens crises, waardoor uitgaven voor circa 16% juridisch verplicht zijn. De rest is op basis van het convenant aan bestuurlijke afspraken gebonden.Saldosystematiek DGFOntwikkeling saldoIn de systematiek van het DGF speelt het fondssaldo een belangrijke rol. Via het saldo worden de middelen in het fonds, die worden gereserveerd voor onverwachte (grote) uitgaven die samenhangen met het uitbreken van een dierziektecrisis, jaar op jaar meegenomen. Het beginsaldo is de resultante van het beginsaldo van het vorige jaar en het saldo van specifieke uitgaven en ontvangsten in dat jaar. Voor de crisisreserve geldt dat deze middelen op vergelijkbare wijze meegenomen worden.Het eindsaldo van 2020 bedroeg € 49,2 mln. Dit is de opgebouwde crisisre­serve tot en met 2020 ad € 12,6 mln. en het voordelig eindsaldo per eind 2020 ad € 36,6 mln. Dit eindsaldo voor 2020 is als beginsaldo bij eerste suppletoire begroting 2021 toegevoegd aan de lopende begroting 2021. Voorts kan het verwachte DGF-saldo voor 2022 worden berekend onder aanname van het uitblijven van dierziektecrises. Het beginsaldo 2022 is de verwachte stand van het DGF saldo op basis van het genoemde eindsaldo 2020 ad € 49,2 mln. en de verwachte uitgaven en ontvangsten in 2021. De eindafrekening van de bestrijding van COVID-19 in de pelsdierhouderij is hierbij niet meegenomen. Deze vindt naar verwachting plaats bij najaarsnota 2021. Op vergelijkbare wijze is het eindsaldo 2022 berekend en hieronder weergegeven.91Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 Verwachte ontwikkeling van het saldo van de afgesloten rekeningen (bedragen x € 1.000)2022Beginsaldo 2022 (1)40.719Geraamde uitgaven 2022 (2)34.986Geraamde ontvangsten 2022 (zonder het saldo van de afgesloten rekeningen) (3)27.177Verwacht eindsaldo 2022 (1-2+3) (4)32.910Verwacht saldo-effect (4) – (1)-/-7.809Voor 2022 is de huidige verwachting dat de uitgaven en ontvangsten niet in evenwicht zijn. Het voorziene effect op het DGF-saldo is dat deze lager wordt. Dit komt voornamelijk doordat er bij twee sectoren overschotten aanwezig zijn en de ontvangsten voor deze twee sectoren in 2022 zijn verlaagd.Meerjarig beeldVoorheen werden bij de begroting de ontvangsten volledig gelijkgesteld aan de uitgaven. Vanaf 2020 is er voor gekozen om een prognose van verwachte ontvangsten op te nemen. Zo wordt een reëler beeld van de verwachte ontwikkeling van het fondssaldo gepresenteerd. De raming wordt jaarlijks herijkt.De geraamde uitgaven 2022 worden pro forma meerjarig doorgetrokken naar 2023 en latere jaren. Uitzondering hierop zijn de verwachte uitgaven voor de post overige. Hier zijn onder andere de uitvoeringskosten van RVO opgenomen. De uitvoeringskosten van het DGF worden betaald uit de ontvangsten van LNV (kosten voor bezwaar en beroep) en ontvangsten van sector (overige uitvoeringskosten). In 2022 is een verhoging van de uitvoe­ringskosten voor bezwaar en beroep begroot. Deze eenmalige verhoging is begroot in verband met een mogelijke toename van bezwaar en beroep door het invoeren van een diergezondheidsheffing voor de rundveesector in 2020. De heffing voor de rundveesector werd in de 5 jaar daarvoor betaald uit de reserves van de voormalige productschappen.De geraamde ontvangsten 2022 kunnen niet pro forma meerjarig doorge­trokken worden. Vanaf 2023 zijn de ontvangsten gelijkgesteld aan de geraamde uitgaven.Ontvangsten van LNVDe LNV-bijdrage voor 2021 is voor één jaar met € 5 mln. verlaagd. Daarom is dit ook alleen in 2021 in de tabel verwerkt en niet in de daarop volgende jaren.Ontvangsten van sectorenIn de varkens- en pluimveesector zijn overschotten aanwezig in het saldo van de afgesloten rekeningen. Om die reden is de diergezondheidsheffing voor de varkenssector in 2021 op nihil vastgesteld. Voor de pluimveesector is de heffing voor 2022 verlaagd. Dit zal ook in 2023 en 2024 gebeuren, mits er geen grote onverwachte uitgaven zijn (dierziekte-uitbraken).Saldo van de afgesloten rekeningenOm het saldo van de uitgaven en de inkomsten vanaf 2023 gelijk aan elkaar te stellen is het saldo van de sectoren opgehoogd met de geraamde onttrek­kingen uit het saldo van de afgesloten rekeningen. Het saldo van de afgesloten rekeningen daalt hierdoor naar verwachting in 2023 en 2024 met jaarlijks € 3,7 mln.92Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 CrisisreserveIn het convenant 2020-2024 zijn afspraken gemaakt over de opbouw van een crisisreserve. Deze reserve vormt een aanvulling op het fondssaldo. Met de opbouw van de crisisreserve is in 2019 begonnen. Per 2022 is de crisis­reserve volledig opgebouwd door alle sectoren en zijn er geen ontvangsten voor deze post.De raming zal jaarlijks worden herijkt en hierbij worden ook de gevolgen voor het fondssaldo meegewogen. De verdere ontwikkeling van het fondssaldo (of het saldo crisisreserve) wordt dan ook niet voor latere jaren weergegeven omdat hier nu geen reële raming van kan worden gemaakt.Toelichting op de financiële instrumentenOpdrachtenBewaking van dierziektenHet signaleren van (mogelijke) dierziekten vindt plaats door houders van dieren, dierenartsen en/of medewerkers van laboratoria/onderzoeksinstel­lingen, hetzij op basis van klinische verschijnselen dan wel op basis van de uitkomsten van laboratoriumonderzoek. In het geval deze verschijnselen kunnen wijzen op een aangifteplichtige ziekte, dient dit onmiddellijk bij de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) te worden gemeld. Naast de meldplicht worden in opdracht van LNV bewakings- en monitoringspro­gramma’s uitgevoerd die deels door de Europese Unie (EU) verplicht zijn gesteld ter behoud van de dierziektevrij-status.Ook een vrijstatus voor de Wereldorganisatie voor diergezondheid (Office International des Épizooties, OIE) vereist voor sommige ziekten een monito­ringsprogramma. Door bewakingsonderzoeken uit te voeren wordt het risico dat een ziekte niet of niet tijdig wordt opgemerkt gereduceerd.Naast deze officiële vrijstatus zijn er andere redenen voor het uitvoeren van monitoringprogramma’s, zoals de volksgezondheid of nationale dierge­zondheidsbelangen. Zo is ervoor gekozen om een monitoringsprogramma uit te voeren op Q-koorts, Mycoplasma gallisepticum en Salmonella St./Se.Voor een snelle opsporing van dierziekten is de overheid in sterke mate afhankelijk van de opmerkzaamheid van veehouders en dierenartsen en van hun bereidheid een eventuele verdenking te melden. Hiervoor worden in aanvulling op de monitoringsprogramma’s, waarbij een aangewezen aantal bedrijven wordt bemonsterd, zogenaamde ‘early warning’-programma’s uitgevoerd voor AI, KVP en AVP. Deze early warning verplicht de dierhouder om bij zieke dieren, waarbij AI, KVP of AVP niet kan worden uitgesloten op basis van het klinische beeld, monsters op te sturen voor uitsluitingsdiag­nostiek.Het budget voor bewaking van dierziekten wordt onder meer ingezet voor de volgende activiteiten:Uitgaven bewaking van dierziekten (bedragen x € 1.000)2022Basismonitoring (incl. effectiviteitsonderzoek)9.126Brucella melitensis (schaap, geit)419Blauwtong (rund, schaap, geit)44Brucellose (rund)1.10393Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 BSE (rund)2.900TSE (schaap, geit)242KVP (varkens, wilde zwijnen)584AI‒Bedrijfsmatig pluimvee early warning123‒Wilde vogels early warning / serologische test83Q-koorts (schaap, geit)688Leukose (rund)374Salmonella (zoönotisch, pluimvee)2.709AI, NCD, Mycoplasma en Salmonella (niet-zoönotisch)1.138Vogelgrieptesten933Totaal bewaking van dierziekten20.466Er zijn twee wijzigingen ten opzichte van voorgaande jaren. De eerste betreft het verschuiven van het monitoringsprogramma Brucellose abortus bij runderen van verdenkingen naar monitoring. Brucella Abortus komt in Nederland niet voor. Bij verwerpers worden wel bloedmonsters genomen om uit te sluiten dat deze abortus een gevolg is van Brucellose. Dit onderzoek wordt voor 100% door de sector gefinancierd en valt door deze verplaatsing onder het deelplafond 5-jaarlijkse kosten.Daarnaast is een lager bedrag voor salmonella opgenomen. Voorgaande jaren was in de begroting de EU-bijdrage nog meegenomen voor de vacci­natieregeling voor zoönotische Salmonellose. Vanaf 2020 wordt alleen de nationale bijdrage vastgelegd en gerapporteerd.Bestrijding van dierziektenOnder de bestrijding van dierziekten vallen:Voorzieningen•Treffen van voorzieningen om onmiddellijk te kunnen bestrijden (crisis-paraatheid);Verdenkingen•Onderzoek naar verschijnselen die kunnen duiden op een aangifte­plichtige dierziekte na een melding door een (vee)houder en/of door een dierenarts;•Onderzoek van verdachte dieren;Bestrijding•Bestrijding van besmettelijke dierziekten zoals tuberculose, brucellose, leukose, AI, MKZ en KVP.Als veehouders verschijnselen signaleren bij hun dieren die kunnen duiden op een aangifteplichtige dierziekte, is melding daarvan verplicht. Het onderzoeken van deze meldingen is een belangrijke structurele taak van de NVWA. Ook bij een positief testresultaat van een aangifteplichtige ziekte wordt dit gemeld bij de NVWA. Indien een bevestigingstest positief is, wordt het bedrijf door de NVWA besmet verklaard. Als er sprake is van een bestrij­dingsplichtige ziekte, wordt aansluitend tot bestrijding overgegaan.Zodra sprake is van een besmetting of hier vanuit moet worden gegaan, worden onmiddellijk bestrijdingsmaatregelen getroffen door de (permanente) crisisorganisatie van LNV. Vertraging van de bestrijding leidt tot meer besmettingen en daarmee tot langdurige bestrijdingsmaatregelen. 94Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 Bestrijding vindt plaats volgens Europese bestrijdingsrichtlijnen. De aanpak is geregeld in diverse draaiboeken van het Ministerie. Op Rijksoverheid.nl staan de actuele bestrijdingsdraaiboeken.In bepaalde gevallen kan de inzet van beschermende noodvaccinatie (vaccinatie ‘voor het leven’) een effectieve bestrijdingsmethode zijn. In plaats van het in grote aantallen preventief ruimen van dieren kan de uitbraak bij bepaalde dierziekten tot staan worden gebracht door vaccinatie, in een bepaald gebied rondom besmette bedrijven. Gezonde gevaccineerde dieren worden niet meer gedood. Op basis van de huidige EU-regelgeving is beschermende noodvaccinatie mogelijk bij de bestrijding van uitbraken van MKZ, KVP, Ziekte van Aujeszky (ZvA) en AI. Deze aanpak is alleen uitvoerbaar bij dierziekten waarvoor een effectief en praktisch toepasbaar vaccin beschikbaar is (MKZ, KVP en ZvA). De mogelijkheid van noodvacci­natie is beschreven in de betreffende beleidsdraaiboeken.Voor de bestrijding van dierziekten staan onder andere de volgende instru­menten ter beschikking:•wettelijke verplichting van houders van dieren en dierenartsen om verschijnselen die duiden op een aangifteplichtige dierziekte te melden;•klinische inspectie door een zogenaamd deskundigenteam, bestaande uit dierenartsen (bedrijfsdierenarts van veehouder, dierenarts van de Gezondheidsdienst van Dieren en NVWA-dierenarts op bedrijven waar mogelijk sprake is van aangifteplichtige dierziekten);•monsternames en diagnostisch onderzoek van afgenomen monsters bij verdachte dieren;•instellen van stand-still, vervoersverboden en/of compartimenten;•vaccineren van dieren;•onderzoek van dieren op buurt-/contactbedrijven en andere relevante bedrijven;•tracering van een besmetting (van en naar);•doden van besmette dieren en van dieren die een reëel gevaar zijn voor verspreiding van de besmetting;•destructie van gedode (besmette) dieren;•reinigen en ontsmetten van bedrijven.De grondslag voor de inzet van bovenstaande instrumenten zijn:•EU-richtlijnen en EU-verordeningen;•Wet Dieren;•(Beleids)draaiboeken;•crisisorganisatie en voorzieningen.Doordat een mogelijke dierziektecrisis niet op voorhand te voorspellen valt, kunnen de werkelijke bestrijdingskosten niet worden begroot. Het budget voor opdrachten voor voorzieningen en verdenkingen wordt onder meer ingezet voor de volgende activiteiten:Uitgaven bestrijding van dierziekten (bedragen x € 1.000)2022 1.Voorzieningen:Middelenbeheer109Waakvlamcontracten2.048Vaccinatie ZvA, MKZ en KVP2.129HCU1.452Subtotaal Voorzieningen5.73895Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 2022 1.Verdenkingen:AI334Salmonella255Overige verdenkingen623Subtotaal Verdenkingen1.212Bestrijding:Salmonella2.762Mycoplasma Gallisepticum0Overige ziekten50Subtotaal Bestrijding2.812Totaal9.7621. Begrote bedragen gebaseerd op gerealiseerde kosten 2018-2020 (zie jaarverslagen DGF), daarbij rekening houdend met meerjarige trends en structurele veranderingen.Er zijn twee wijzigingen ten opzichte van voorgaande jaren. De eerste aanpassing betreft het verplaatsen van Brucella abortus van verdenkingen naar bewaking (zie eerdere toelichting). Ten tweede is de inschatting dat er hogere bestrijdingsuitgaven zijn aan Salmonella. Op aangeven van de EU wordt sinds 2020 de bestrijding van zoönotische Salmonella bij pluimvee geïnitieerd op basis van de uitslag van de monitoring en niet meer op basis van een confirmatietest.OverigHet budget 2022 voor overige opdrachten wordt onder meer ingezet voor de volgende activiteiten:•De bijdrage aan de Stichting Diergeneesmiddelen Autoriteit voor € 0,6 mln. Dit bedrag is hoger dan in voorgaande jaren. De bijdrage van LNV (€ 0,3 mln.) aan dit programma loopt vanaf 2021 via de DGF begroting. Daarnaast zal ook de geitensector (€ 0,1 mln.) gaan deelnemen aan dit programma.•De uitvoeringskosten voor het innen van heffingen van € 3,3 mln. De uitvoeringskosten worden hoger begroot dan voorgaande jaren. Deze tijdelijk verhoging is begroot in verband met een mogelijke toename van bezwaar en beroep door het invoeren van een diergezondheidsheffing voor de rundveesector in 2020.•De overeenkomst met de Gezondheidsdienst voor Dieren voor veterinaire kennis (inclusief opleiding) en beleidsadvisering, deelname aan de zoönosenstructuur, assistentie van de NVWA bij verdenkingen en de afhaaldienst voor onderzoek dode dieren (€ 0,9 mln.).OntvangstenToelichting op de ontvangsten in de tabel budgettaire gevolgen van beleid.Ontvangsten LNVDit betreft de LNV-bijdrage aan de DGF-begroting voor met name de bewaking en monitoring en voor voorzieningen in geval van een dierziekte-uitbraak (zoals vaccins, waakvlamcontracten en bestrijdingsmaterialen). De ontvangsten LNV zijn voor 2021 en voor 2022 en verdere jaren verhoogd met respectievelijk € 0,4 mln. per jaar en € 0,5 mln. per jaar voor de prijs­bijstellingstranche en de jaarlijkse LNV-subsidie aan de Autoriteit Dierge­neesmiddelen (voorheen SDa, stichting Diergeneesmiddelenautoriteit) die 96Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 voorheen ten laste van de LNV-begroting werd gebracht. De bijdrage van LNV is op de LNV begroting terug te vinden op artikel 21 bij Bijdragen aan andere begrotingshoofdstukken.Ontvangsten van de sectorSinds 1 januari 2018 worden heffingstarieven jaarlijks bij algemene maatregel van bestuur vastgesteld. Voor het bepalen van de hoogte van het tarief zijn de volgende componenten van belang:•Een raming van de uitgaven voor betreffende diersoort of diercategorie in het kalenderjaar waarvoor het tarief wordt vastgesteld.•De benodigde middelen om in het DGF als reserve aan te houden.•Een berekening van de uitgaven in de voorafgaande vijf jaren die niet gedekt zijn door de inkomsten uit heffingen of Europese middelen. Hierdoor sluiten de opbrengsten van de heffingen beter aan op de uitgaven.•Mogelijke overschotten op de balansBijdrage sector crisisreserveDe omvang van de reserve per sector is vastgelegd in het besluit dierge­zondheidsheffing en is ongeveer 20% van het plafondbedrag voor de bestrijdingskosten per sector in de convenantsperiode. De crisisreserve wordt gevormd en in stand gehouden uit de bijdragen van de sectoren. De reserves zijn bedoeld om in geval van een crisis direct de bestrijdings­kosten te kunnen betalen. Tegenover de ontvangsten ten behoeve van de crisisreserve staan nog geen begrote uitgaven omdat uitbraken van dierziekten en daarmee samenhangende uitgaven in enig jaar niet te voorspellen zijn. De ontvangsten in 2022 voor de crisisreserve staan bij alle sectoren op 0, omdat de beoogde reserves zijn bereikt of, in geval van de pluimveesector, de crisisreserve is aangevuld uit het overschot in het fondssaldo. De rundersector beheert zijn eigen crisisreserve. Ook voor deze sector is de bijdrage voor de crisisreserve aan de DGF-begroting daarom €0,-.Verwachte ontvangsten van de sector in 2022 (bedragen x € 1.000)RunderenVarkensSchaapGeitPluimveeTotaalOntvangsten in 2022 uit voorgaande jaren6.11408897661.8339.602Ontvangsten voor 2022 die in hetzelfde jaar worden ontvangen3.9043.904Ontvangsten in 2022 voor crisisreserve00Totaal verwachte ontvangsten in 20226.11408897665.73713.506RunderenDe ontvangsten worden gevormd door de heffing over 2021 die in 2022 wordt opgelegd en geïnd.VarkensDe heffing over 2021 is op nihil vastgesteld door een eerder ontstaan overschot. De heffingen worden na afloop van het kalenderjaar opgelegd. Dit betekent concreet dat in 2022 geen heffing wordt opgelegd over 2021.Schapen en geitenDe ontvangsten worden voor beide sectoren gevormd door de heffing over 2021 die in 2022 wordt opgelegd en geïnd.97Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 PluimveeDe ontvangsten worden gevormd door de heffing over 2022 en het restant over 2021. De heffingen worden gedurende het jaar 2-maandelijks opgelegd. Het heffingsbedrag is lager dan de verwachte uitgaven doordat er een overschot aanwezig is in het DGF. De sector heeft er voor gekozen om gedurende 3 jaar de tarieven deels te verlagen.Ontvangsten EUVoor specifieke monitoringsprogramma’s en bestrijding kunnen in een aantal gevallen EU-bijdragen worden toegekend. De jaarlijkse EU bijdrage is iets naar beneden bijgesteld. Dit komt door de gewijzigde vastlegging van de EU-bijdrage aan de vaccinatieregeling voor zoönotische Salmonellose. Alleen de nationale bijdrage wordt vastgelegd en gerapporteerd binnen begrotingsverband. Bij de raming is alleen rekening gehouden met de lopende monitoringsprogramma’s. Voorts is op de EU-ontvangsten voor 2023 en verdere jaren een verlaging ad € 0,5 mln. per jaar doorgevoerd om de totale DGF-uitgaven en ontvangsten voor die jaren aan elkaar gelijk te stellen.98Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 7. BijlagenBijlage 1: ZBO's en RWT'sOverzicht Zelfstandige Bestuursorganen en Rechtspersonen met een Wettelijke Taak (vallend onder ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit)Naam organisatieZBO/RWTBegrotingsartikelBegrotingsramingen x € 1.000Uitgevoerde evaluatie ZBO onder KaderwetVolgende evaluatie ZBOGezondheidsdienst voor DierenRWT210Evaluatieplicht niet van toepassingEvaluatieplicht niet van toepassingRaad voor Plantenrassen ZBO211.344Kamerstuk 25 268, nr. 1572022Centrale Commissie DierproevenZBO212.225Kamerstuk 32 336, nr. 1142026College voor de toelating van gewasbeschermings-middelen en biocidenZBO en RWT212.495Evaluatie eind 20212026StaatsbosbeheerZBO en RWT2228.293Kaderwet ZBO’s is niet van toepassing, op Staatsbosbeheer.Voor Staatsbosbeheer geldt de Wet verzelfstandiging Staatsbosbeheer.Daarin is ook een evaluatieverplichting opgenomen(iedere vier jaar evaluatie van doelmatigheid en doeltreffendheid).Laatst uitgevoerde evaluatie stamt uit 2018 (Kamerstuk 29 659, nr. 51 ) 2022Wageningen ResearchRWT23101.825Kamerstuk 32 637, nr. 274 (Loopt mee in de evaluatie subsidieregeling Instituten voor toegepast onderzoek)2022Stichting Kwaliteits-Controle-Bureau (KCB)ZBO en RWT211.500Kamerstuk 25 268, nr. 1572022Stichting Nederlandse Algemene Kwaliteitsdienst Tuinbouw (Naktuinbouw)ZBO en RWT21348Kamerstuk 25 268, nr. 1572022Stichting Nederlandse Algemene Keuringsdienst voor zaaizaad en pootgoed van landbouwgewassenZBO en RWT210Kamerstuk 25 268, nr. 1572022Stichting BloembollenkeuringsdienstZBO en RWT210Kamerstuk 25 268, nr. 157Stichting SkalZBO en RWT211.000Kamerstuk 25 268, nr. 1622022Stichting Controle Orgaan Kwaliteits Zaken (COKZ)ZBO en RWT21200Kamerstuk 26 991, nr. 5782026Bureau Beheer LandbouwgrondenZBO en RWT220Evaluatieplicht niet van toepassingEvaluatieplicht niet van toepassingRendac BVRWT210Evaluatieplicht niet van toepassingEvaluatieplicht niet van toepassingStichting Bureau ErkenningenZBO en RWT210Evaluatie eind 20212026GrondkamersZBO213.154Evaluatie wordt meegenomen bij de herziening van de pachtwetgevingEvaluatie wordt meegenomen bij de herziening van de pachtwetgevingKamer voor de BinnenvisserijZBO22300Evaluatieplicht niet van toepassingEvaluatieplicht niet van toepassing99Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 Overzicht Zelfstandige Bestuursorganen en Rechtspersonen met een Wettelijke Taak (vallend onder andere ministeries)Naam organisatieMinisterieZBO/RWTBegrotingsartikelBegrotingsramingen x1000ZorgOnderzoek Nederland en Medische wetenschappen (ZonMw)VWSZBO & RWT23€ 15100Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 Bijlage 2: VerdiepingshoofdstukAlgemeenNieuwe begrotingsmutaties die enkel betrekking hebben op 2021 worden komend najaar in de tweede suppletoire begroting toegelicht. Nieuwe mutaties die betrekking hebben op 2021 én latere begrotingsjaren zijn eveneens terug te vinden in de tabellen en worden hieronder toegelicht.Artikel 21 Land- en tuinbouw en veehouderij Uitgaven beleidsartikel 21 (bedragen x € 1.000)202120222023202420252026Stand ontwerpbegroting 2021549.659195.210194.987148.745179.909Mutatie Nota van wijziging 202100000Mutatie ISB 2021224.2400000Mutatie 1e suppletoire begroting 202155.96936.695‒ 8.413‒ 8.1871.179Nieuwe mutatiesHoger aantal fokteven (nadeelcompensatie pelsdierhouders)6.600Overheveling MGO naar artikel 210249.253752593200Kasschuif waterbassins Mest (stikstofmiddelen)‒ 12.86211.2591.603Kasschuif EG (Urgenda LED middelen)‒ 12.00012.000Kasschuif EG (reguliere Klimaatmiddelen)‒ 10.5002.5003.5004.500Kasschuif Srv uitfinanciering (stikstofmiddelen)‒ 65.31565.315Mestbeleid18.200Onderuitputting Srv en inzet Walstroom en MIRT-projecten‒ 34.000Overig20.996‒ 9.31567‒ 1.030173Stand ontwerpbegroting 2022767.287534.117189.893145.224185.961174.833Hoger aantal fokteven (nadeelcompensatie pelsdierhouders)Het aantal fokteven waarvoor een vergoeding wegens inkomensschade kan worden aangevraagd ligt hoger dan geraamd. Hiervoor is een budgeto­phoging nodig, welke onttrokken wordt aan de risicoreservering op de Aanvullende Post.Overheveling MGO naar artikel 21Het budget van de Maatregel Gerichte opkoop (MGO) wordt verantwoord op artikel 21. De MGO is gericht op het opkopen van de grootste piekbe­lasters en wordt zodanig toegepast dat er maatwerk geboden kan worden in de gebiedsprocessen onder leiding van de provincies. De middelen voor de MGO worden via de provincies ingezet voor aankoop van veehouderij­locaties nabij stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden.Kasschuif waterbassins Mest (stikstofmiddelen)Een deel van de beschikbare middelen voor de regeling waterbassins wordt doorgeschoven naar 2022. De regeling waterbassins mest subsidieert de kosten voor de aanleg van (regen) wateropvangconstructies. Vanwege diverse onzekerheden, zoals EU goedkeuring, wordt deze regeling pas later opengesteld.101Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 Kasschuif EG (Urgenda LED middelen)Het budget voor subsidies in de bestaande Energie-efficiënte Glastuinbouw (EG-) regeling wordt ingezet om de SONT-verlichting (de algemeen toegepaste assimilatieverlichting in kassen) te vervangen voor full spectrum LED-verlichting met een equivalente lichtopbrengst bij een lager energie­verbruik. Deze maatregel is onderdeel van het Urgenda 2.0 pakket. De regeling is dit jaar opengesteld en de uitfinanciering van deze regeling zal over meerdere jaren lopen. Hierdoor wordt een deel van het budget van 2021 verschoven naar 2022.Kasschuif EG (reguliere Klimaatmiddelen)Het beroep op de EG-subsidieregeling is lager dan verwacht. Er wordt verwacht dat de aanvragen zullen gaan stijgen in de komende jaren. De gereserveerde middelen worden daarom doorgeschoven naar de latere jaren.Kasschuiven Srv uitfinanciering (stikstofmiddelen)Bij de uitvoering van de Subsidieregeling sanering varkenshouderijen (Srv) is gebleken dat ondernemers die een subsidiebeschikking hadden ontvangen meer tijd nodig hadden om tot een afgewogen besluit voor deelname te komen. De termijn voor het retourneren van de modelover­eenkomst is verlengd tot 1 april 2021. Dit heeft geleid tot ramingsbijstelling van de verwachte uitbetaling van de subsidievoorschotten.MestbeleidDoor het uitblijven van een regeerakkoord na de Tweede Kamer verkie­zingen van 17 maart 2021 komt de continuïteit van de uitvoering van maatregelen in gevaar die noodzakelijk zijn voor het voldoen aan de Europese nitraat- en waterrichtlijnen.Deze middelen zijn bedoeld om in 2022 de uitvoering, monitoring en handhaving van het mestbeleid voort te zetten om aan de Europese verplich­tingen te kunnen blijven voldoen.Onderuitputting Srv tbv MIRT-projecten en WalstroomAan de Subsidieregeling sanering varkenshouderijen (Srv) doen minder ondernemers mee dan eerder werd verwacht (Kamerstuk 28 973, nr. 244). De regeling levert daarmee minder stikstofreductie op. De onderuitputting op het budget van de regeling wordt daarom voor aanvullende reductie ingezet voor onder andere de intensivering van de regeling voor Walstroom zeevaart (€ 19 mln.) en voor de projectspecifieke mitigatie van de 7 MIRT-projecten (€ 15 mln.). Deze middelen zijn overgeheveld naar de begroting van het Ministerie van IenW.OverigHet betreft diverse mutaties voor o.a. gewasbescherming, het fosfaatreduc­tieplan en diverse andere uitvoeringsopdrachten op het terrein van land- en tuinbouw.Ontvangsten beleidsartikel 21 (bedragen x € 1.000)202120222023202420252026Stand ontwerpbegroting 202139.58032.58032.58030.28029.080Mutatie Nota van wijziging 202100000Mutatie ISB 202100000Mutatie 1e suppletoire begroting 202113.505190000102Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 202120222023202420252026Nieuwe mutatiesCOVID 19: terugontvangst sierteelt/aardappels5.000Overige5.281Stand ontwerpbegroting 202263.36632.77032.58030.28029.08029.080COVID 19: terugontvangst sierteelt/aardappelsDeze ontvangsten betreffen de terugbetaalde bedragen op voorschotten die bij coronamaatregelen zijn verstrekt. Deze terugbetalingen zijn relatief hoog omdat ondernemers vooraf een inschatting moesten maken van de verwachte omzetdaling. De sector is echter minder hard getroffen dan verwacht. Deze overgebleven middelen vloeien terug naar het generale beeld.Artikel 22 Natuur, visserij en gebiedsgericht werkenUitgaven beleidsartikel 22 (bedragen x € 1000)202120222023202420252026Stand ontwerpbegroting 2021674.973463.306467.177419.814414.860Mutatie Nota van wijziging 202100000Mutatie ISB 202100000Mutatie 1e suppletoire begroting 2021‒ 48.084229.81319.65026.0525.928Nieuwe mutatiesKasschuif Natuurbank (stikstofmiddelen)‒ 110.67310.00025.00035.67340.000Onttrekking begrotingsreserve tbv Natuurbank112.143Overheveling Maatregel Gerichte Opkoop (MGO) naar artikel 210‒ 249.253‒ 752‒ 593‒ 200Investeringsfonds Duurzame Landbouw (onderdeel Omschakelprogramma)10.000Innovatie Visserij‒ 5.9122.0001.6001.600712Agroprogramma Groningen4.0003.7503.7503.7503.750Overige‒ 16.9873.042‒ 6092527.678Stand ontwerpbegroting 2022619.460462.658515.816486.548472.728415.790Kasschuif Natuurbank (stikstofmiddelen)De begrotingsreserve Stikstof houdt op te bestaan. De middelen voor de Natuurbank zijn aan de LNV begroting toegevoegd. De besteding van de Natuurbank middelen gaat de komende 5 jaar plaatsvinden. Met deze kasschuif worden de middelen doorgezet.Onttrekking begrotingsreserve tbv NatuurbankDe in de begrotingsreserve Stikstof gereserveerde middelen voor de Natuurbank worden toegevoegd aan artikel 22 op de LNV begroting. Deze middelen (€ 112,1) worden ingezet voor de realisatie van natuurcompensatie van schade als gevolg van projecten in het kader van rijksinfra- en water­veiligheid en defensieprojecten die een veiligheidsbelang vertegenwoor­digen.103Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 Overheveling MGO naar artikel 21 Het budget van de Maatregel Gerichte opkoop (MGO) wordt verantwoord op artikel 21. De MGO is gericht op het opkopen van de grootste piekbe­lasters en wordt zodanig toegepast dat er maatwerk geboden kan worden in de gebiedsprocessen onder leiding van de provincies. De middelen voor de MGO worden via de provincies ingezet voor aankoop van veehouderij­locaties nabij stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden.Investeringsfonds Duurzame Landbouw (onderdeel Omschakelprogramma)De pilot van het Investeringsfonds Duurzame Landbouw is in 2021 gestart. Hier is op de begroting van dat jaar € 10 mln. voor gereserveerd. In 2022 wordt voorzien in de uitwerking van het vervolg op deze pilot. In 2022 wordt ook voorzien in de continuering van de regeling voor demonstratiebedrijven en bedrijfsplannen die zijn opgenomen binnen de SABE. Beide zijn onderdeel van het Omschakelprogramma.Innovatie VisserijDe nationale innovatiemiddelen worden doorgeschoven. In het Kaderbe­sluit nationale EZK- en LNV-subsidies staat opgenomen dat niet in één keer het volledige bedrag mag worden bevoorschot aan subsidiegerechtigden.Agroprogramma GroningenDit agroprogramma ondersteunt boeren in het aardbevingsgebied die met complexe problematiek te maken hebben, om weer perspectief te krijgen op de toekomst (Kamerstuk 33 525 nr. 846). Deze ondersteuning krijgt o.a. vorm via casusbegeleiding door consulenten.OverigeHet betreft diverse mutaties op het terrein van natuur, visserij en landelijk gebied.Ontvangsten beleidsartikel 22 (bedragen x € 1000)202120222023202420252026Stand ontwerpbegroting 2021182.49941.15131.16530.75728.053Mutatie Nota van wijziging 202100000Mutatie ISB 202100000Mutatie 1e suppletoire begroting 2021231.9293.5002.000‒ 500‒ 1.000Nieuwe mutatiesOnttrekking begrotingsreserve Omschakelprogramma10.000Onttrekking begrotingsreserve tbv Natuurbank112.143Overige‒ 8Stand ontwerpbegroting 2022536.56344.65133.16530.25727.05324.409Onttrekking begrotingsreserve OmschakelprogrammaHet betreft de desaldering van de € 10 mln. voor het Omschakelprogramma. Deze middelen worden onttrokken aan de begrotingsreserve Stikstof en overgeheveld naar artikel 21. Hier worden de middelen ingezet voor de pilot van het Investeringsfonds Duurzame Landbouw, welke onderdeel is van het Omschakelprogramma.104Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 Onttrekking begrotingsreserve tbv NatuurbankIn de begrotingsreserve Stikstof resteert een bedrag van € 112,1 mln., bestemd voor de Natuurbank. De middelen worden onttrokken aan de begrotingsreserve en voor het jaar 2021 aan artikel 22 toegevoegd. De middelen worden vervolgens doorgeschoven met een kasschuif.Artikel 23 Kennis en innovatieUitgaven beleidsartikel 23 (bedragen x € 1.000)202120222023202420252026Stand ontwerpbegroting 2021230.168222.429219.468206.281206.198Mutatie Nota van wijziging 202100000Mutatie ISB 202100000Mutatie 1e suppletoire begroting 202116.0286.9735.0569.7682.186Nieuwe mutaties00000Integrale aanpak methaan en ammoniak47201612Loon en prijsbijstellingstranche 20214.3805981591058935891Overig8.7047.6944.5912.1351.381Stand ontwerpbegroting 2022263.430244.539234.875223.977215.656214.215Integrale aanpak methaan en ammoniakDit betreffen onderzoeken naar de integrale aanpak methaan en ammoniak via het dier- en voerspoor door Wageningen Research.Loon- en prijsbijstellingstranche 2021Het betreft de toedeling van de toegekende loon- en prijsbijstellingstranche vanaf artikel 51 naar de loon- en prijsgevoelige posten op artikel 23.OverigeHet betreft diverse projecten onderzoeksprogrammering, wettelijke taken en missiegedreven topsectoren die worden uitgevoerd door Wageningen Research.Ontvangsten beleidsartikel 23 (bedragen x € 1.000)202120222023202420252026Stand ontwerpbegroting 202112.26712.1079.2569.2569.2560Mutatie Nota van wijziging 2021000000Mutatie ISB 2021000000Mutatie 1e suppletoire begroting 2021000000Nieuwe mutatiesStand ontwerpbegroting 202212.26712.1079.2569.2569.2569.256Artikel 24 Uitvoering en toezichtUitgaven beleidsartikel 24 (bedragen x € 1000)202120222023202420252026Stand ontwerpbegroting 2021416.295395.161386.846383.504384.270Mutatie Nota van wijziging 202100000Mutatie ISB 20212600000Mutatie 1e suppletoire begroting 202136.09718.81013.65713.61913.619Nieuwe mutaties00000105Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 202120222023202420252026Retributiedemping NVWA13.90010.80010.800Loon en prijsbijstellingstranche 20218.7028.2946.1986.1596.176Verrekening ureninzet NVWA 20207.0550Overige‒ 10.405‒ 2.0391.5341.4401.128Stand ontwerpbegroting 2022471.904431.026419.035404.722405.193398.750Retributiedemping NVWADit betreft een aanvullende dekking die nodig is om de tarieven voor het bedrijfsleven met niet meer dan het CPB-indexcijfer, dat gebaseerd is op de macro economische verkenningen, te laten stijgen. Het bedrag ziet enerzijds op de demping van de gevolgen van integrale kostprijssyste­matiek vanaf 2020 en toerekening van de werkelijke kosten aan alle producten en diensten van de NVWA. Anderzijds ziet het op demping van tarieven met kostenverhogingen als gevolg van herinrichting van processen of nieuwe regelgeving.Loon- en prijsbijstellingstranche 2021Het betreft de toedeling van de toegekende loon- en prijsbijstellingstranche vanaf artikel 51 naar de loon- en prijsgevoelige posten op art 24.Verrekening ureninzet NVWA 2020Het in 2020 te veel betaalde voorschot aan de NVWA in relatie tot de onder­uitputting 2020 op de urenomzet wordt verrekend via de agentschapsbij­drage en als ontvangst geboekt.Ontvangsten beleidsartikel 24 (bedragen x € 1000)202120222023202420252026Stand ontwerpbegroting 2021000000Mutatie Nota van wijziging 2021000000Mutatie ISB 2021000000Mutatie 1e suppletoire begroting 2021000000Nieuwe mutatiesVerrekening ureninzet NVWA 20207.055Stand ontwerpbegroting 20227.05500000Verrekening ureninzet NVWA 2020Het in 2020 teveel betaalde voorschot aan de NVWA in relatie tot de onder­uitputting 2020 op de urenomzet wordt verrekend via de agentschapsre­geling en als ontvangst geboekt.Artikel 50 ApparaatUitgaven beleidsartikel 50 (bedragen x € 1000)202120222023202420252026Stand ontwerpbegroting 2021143.854131.257126.169124.821123.182Mutatie Nota van wijziging 202100000Mutatie ISB 202100000Mutatie 1e suppletoire begroting 20218.9345.0523.9683.4453.055Nieuwe mutatiesVoortzetting DG stikstof in 202210.174106Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 202120222023202420252026Overig‒ 7733.9203.5993.5043.044Stand ontwerpbegroting 2022152.015150.403133.736131.770129.281129.513Voortzetting DG stikstof in 2022Het Programma DG Stikstof is tot en met 2022 verlengd en hiervoor wordt een budget van €10,2 mln. aan artikel 50 toegevoegd.Ontvangen beleidsartikel 50 (bedragen x € 1000)202120222023202420252026Stand ontwerpbegroting 20212.7932.7863.4313.4313.431Mutatie Nota van wijziging 202100000Mutatie ISB 202100000Mutatie 1e suppletoire begroting 202100000Nieuwe mutatiesStand ontwerpbegroting 20222.7932.7863.4313.4313.4313.431Artikel 51 Nog onverdeeldUitgaven beleidsartikel 51 (bedragen x € 1000)202120222023202420252026Stand ontwerpbegroting 202150.54816.09912.34911.39128.261Mutatie Nota van wijziging 202100000Mutatie ISB 202100000Mutatie 1e suppletoire begroting 20211.08031.24826.49724.48425.561Nieuwe mutatiesVerdeling Loon en prijsbijstellingstranche 2021‒ 17782‒ 17205‒ 16827‒ 16721‒ 16701Overig‒ 31.345‒ 7.505‒ 7.653‒ 6.743‒ 7.239Stand ontwerpbegroting 20222.50122.63714.36612.41129.88210.695Loon en prijsbijstellingstranche 2021De loon- en prijsbijstellingstranche 2021 is aan de LNV begroting toegevoegd. De loonbijstelling betreft de vergoeding voor de stijging van de contractloonontwikkeling en de stijging van de sociale lasten voor de overheidswerkgever. De prijsbijstelling is bestemd voor de verwerking van de stijging van diverse prijsindexen. Vanuit artikel 51 wordt de toegekende loon- en prijsbijstelling verdeeld over de relevante onderdelen van de begroting.Diergezondheidsfonds (DGF)Uitgaven DGF (bedragen x € 1.000)202120222023202420252026Stand ontwerpbegroting 202134.32934.32934.32934.32934.3290Mutatie Nota van wijziging 2021000000Mutatie ISB 2021000000Mutatie 1e suppletoire begroting 20218.54000000Nieuwe mutatiesBijstelling prognose bewaking‒ 1.449‒ 1.449‒ 1.449‒ 1.4490Bijstelling prognose bestrijding777777770Overige2.0297297297290107Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 202120222023202420252026Stand ontwerpbegroting 202242.86934.98633.68633.68633.68633.686Bijstelling prognose bewakingDe eerste wijziging betreft het verschuiven van het monitoringsprogramma brucellose abortus bij runderen van verdenkingen naar monitoring. Dit onderzoek wordt voor 100% door de sector gefinancierd, maar valt door deze verplaatsing onder het deelplafond 5-jaarlijkse kosten. Daarnaast is een lager bedrag voor salmonella opgenomen. In voorgaande jaren was in de begroting de EU-bijdrage meegenomen voor de vaccinatieregeling voor zoönotische salmonellose. Vanaf 2020 wordt alleen de nationale bijdrage vastgelegd en gerapporteerd.Bijstelling prognose bestrijdingDe eerste aanpassing betreft het verplaatsen van brucella abortus van verdenkingen naar bewaking. Daarnaast zijn er hogere bestrijdingsuitgaven aan zoönotische salmonella omdat deze sinds 2020 bij pluimvee geïnitieerd worden op basis van de uitslag van de monitoring en niet meer op basis van een confirmatietest.OverigeDe tijdelijke verhoging van de uitvoeringskosten voor het innen van heffingen is met name begroot in verband met een toename van bezwaar en beroep door het invoeren van een diergezondheidsheffing voor de rundveesector (€ 1,3 mln.).Ontvangsten DGF (bedragen x € 1.000)202120222023202420252026Stand ontwerpbegroting 202133.96434.32934.32934.32934.3290Mutatie Nota van wijziging 2021000000Mutatie ISB 2021000000Mutatie 1e suppletoire begroting 202149.21300000Nieuwe mutatiesOntvangsten van LNV4115195195195190Ontvangsten van de sector‒ 6.6713573573570Ontvangsten van EU‒ 1.000‒ 1.519‒ 1.519‒ 1.5190Stand ontwerpbegroting 202283.58827.17733.68633.68633.68633.686Ontvangsten LNVVanaf 2021 wordt de jaarlijkse LNV-subsidie aan de Autoriteit Diergenees­middelen (voorheen SDa Stichting Diergeneesmiddelenautoriteit) betaald vanuit het Diergezondheidsfonds in plaats vanuit de LNV-begroting. Tevens verhoging door verdeling van de prijsbijstellingstranche 2021.Ontvangsten van de sectorDe verlaging van de ontvangsten in 2022 heeft met name betrekking op het heffingsbedrag voor pluimvee en voor varkens. Het heffingsbedrag is voor beide lager geworden doordat er een overschot aanwezig is in het DGF. Om het saldo van de DGF-uitgaven en -inkomsten conform de fondssyste­matiek vanaf 2023 aan elkaar gelijk te stellen, zijn de geraamde ontvangsten van de sectoren voor deze jaren opgehoogd met onttrekkingen uit het saldo van de afgesloten rekeningen. Het saldo van de afgesloten rekeningen daalt dan naar verwachting de komende jaren.108Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 Ontvangsten van de EUDe jaarlijkse EU bijdrage is naar beneden bijgesteld. Dit komt door de gewijzigde vastlegging van de EU-bijdrage aan de vaccinatieregeling voor zoönotische salmonellose. Voorts is op de EU-ontvangsten voor 2023 en verdere jaren een verlaging ad € 0,5 mln. doorgevoerd om de totale DGF-uitgaven en ontvangsten voor die jaren aan elkaar gelijk te stellen.109Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 Bijlage 3: Moties en toezeggingenStand van zaken moties Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (Eerste Kamer)OmschrijvingVindplaatsAfgedaan metVerzoekt de regering om bij het hernieuwd inzetten van de grond van opgekochte boerenbedrijven samen met gemeenten en provincies het belang en kansen van regionale initiatieven ten behoeve van passende seniorenhuisvesting op deze locaties te bezien en initiatiefnemers nadrukkelijk te betrekken.Parlementaire agenda [02-03-2021]‒ 35600 Wijziging van de Wet natuurbescherming en de Omgevingswet (stikstofreductie en natuurverbetering)Onderhanden110Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 Stand van zaken moties Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (Tweede Kamer)OmschrijvingVindplaatsAfgedaan metVerzoekt de regering, zich bij de onderhandelingen actief uit te spreken voor het intrekken van de gerichte Europese subsidies aan fokkers van stieren voor stierengevechten, conform de tekst die nu voorligt.Parlementaire agenda [21-04-2021] - VSO Landbouw en Visserijraad d.d. 26/4 (21 501-322, nr. 1284).OnderhandenVerzoekt de regering, om in gesprekken met dierentuinen over de steunmaatregel aandacht te hebben voor het behoud van deze programma's verzoekt de regering tevens, de Kamer ook over de uitkomsten te informeren.Parlementaire agenda [24-09-2020] - Debat Steunpakket met MEZK/MFIN/MSZW35 420, nr. 229Verzoekt de regering zich sterk te maken voor een importverbod op bont en bontproducten afkomstig van pelsdieren.Moties ingediend bij het debat over de ontwikkelingen rondom het coronavirus d.d. 3/1121 501-32, nr. 1330Verzoekt de regering, om zo spoedig mogelijk een verbod in te stellen op het bedrijfsmatig houden van nertsen.Parlementaire agenda [11-11-2020] - VAO Nertsen en COVID-19Wetsvoorstel op 24 december gepubliceerd in Staatsblad 2020, 555Verzoekt de regering om, waar mogelijk, Europese gelden voor de visserij naar voren te halen, dan wel anderszins ervoor te zorgen dat de gewenste oplossingen eerder in beeld komen en daarmee het draagvlak voor het Noordzeeakkoord onder vissers te verstevigen.Mariene Strategie voor het Nederlandse deel van de Noordzee 2 juli 202021501-32, nr. 1328Verzoekt de regering, om een levenslang houd- en beroepsverbod in te stellen voor recidiverende dierenbeulen.Parlementaire agenda [25-11-2020] ‒ 2e termijn Begroting Landbouw, Natuur en Visserij (XIV)OnderhandenVerzoekt de regering, voldoende tijd te nemen om in overleg met de familie Freiwald en ter zake deskundigen een Buba-waardig verblijf in Nederland te vinden waar ze haar laatste jaren mag en kan genieten.Parlementaire agenda [25-11-2020] ‒ 2e termijn Begroting Landbouw, Natuur en Visserij (XIV)De ontheffing is verleend.Verzoekt de regering, een speciaal gezant innovatie te benoemen die gevraagd en ongevraagd advies kan uitbrengen, knelpunten en belemmerende regelgeving kan signaleren en een schakel vormt tussen de overheid en het werkveld om beloftevolle initiatieven sneller van de grond te krijgen.Parlementaire agenda [25-11-2020] ‒ 2e termijn Begroting Landbouw, Natuur en Visserij (XIV)Onderhanden. Uw Kamer is op 10 februari 2021 geïnformeerd over de inzet van de speciaal gezant innovatie en daarin is aangekondigd dat uw Kamer medio 2021 nader wordt geïnformeerd (Kamerstuk 35 570-XIV, nr. 72).Verzoekt de regering, na ommekomst van een knelpuntenanalyse, te komen met een jaarlijkse monitor Groen in de Stad, waarin wordt meegenomen welke stappen er genomen zijn om deze knelpunten te verhelpen, welke doelstellingen gesteld worden en in hoeverre deze bereikt zijn, om stedelijke vergroening verder te stimuleren.Parlementaire agenda [25-11-2020] ‒ 2e termijn Begroting Landbouw, Natuur en Visserij (XIV)OnderhandenVerzoekt de regering, om in overleg met kweekvleesbedrijven, onderzoeksinstituten en de veehouderij een samenwerkingsproject te verkennen, waarbij onderzocht wordt hoe lokale productie van kweekvlees door Nederlandse veehouders op termijn vorm kan krijgen.Parlementaire agenda [25-11-2020] ‒ 2e termijn Begroting Landbouw, Natuur en Visserij (XIV)OnderhandenVerzoekt de regering om met gelijkgestemde landen, waaronder Duitsland, Spanje, Denemarken, Estland en Zweden op te trekken om het Europese draagvlak voor een herziening en versoepeling van Europese regelgeving met betrekking tot biotechnologie en veredeling te vergroten.Parlementaire agenda [25-11-2020] ‒ 2e termijn Begroting Landbouw, Natuur en Visserij (XIV)Kamerstuk met voorlopig kenmerk 2021D23364, brief verzonden op 14 juni 2021 onder titel Antwoord op vragen van de leden Valstar en Van Campen over het bericht ‘Nederland raakt met landbouw-innovaties achter op China’Verzoekt de Minister, om samen met het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijkrelaties te onderzoeken of natuurinclusief bouwen opgenomen kan worden in het Bouwbesluit, en de Kamer hierover in 2021 te informeren.Parlementaire agenda [25-11-2020] ‒ 2e termijn Begroting Landbouw, Natuur en Visserij (XIV)OnderhandenVerzoekt de regering, om in het kader van het GroenPact en de Green Deal Natuurinclusieve Landbouw Groen Onderwijs in gesprek te gaan met het agrarisch en natuurgericht onderwijs en gezamenlijk tot een plan van aanpak te komen om structurele kennisuitwisseling verder vorm te geven, en de Kamer hierover in 2021 te informeren.Parlementaire agenda [25-11-2020] ‒ 2e termijn Begroting Landbouw, Natuur en Visserij (XIV)OnderhandenVerzoekt de regering te onderzoeken hoe verschillende vormen van rewilding passen binnen het huidige en toekomstige natuurbeleid en de Kamer hierover te informeren.Parlementaire agenda [25-11-2020] ‒ 2e termijn Begroting Landbouw, Natuur en Visserij (XIV)OnderhandenVerzoekt de regering, te komen tot een platform waar publieke en private belanghebbenden samenkomen om praktisch uitvoerbaar invulling te geven aan doelstellingen die vanuit de politiek worden geformuleerd.Parlementaire agenda [25-11-2020] ‒ 2e termijn Begroting Landbouw, Natuur en Visserij (XIV)OnderhandenVerzoekt het kabinet, om voor januari met een reactie te komen op welke wijze dit Aanvalsplan Grutto gerealiseerd kan worden.Parlementaire agenda [25-11-2020] ‒ 2e termijn Begroting Landbouw, Natuur en Visserij (XIV)33 576, nr. 218 en 28 625, nr. 293Verzoekt de regering, om ervoor te zorgen dat Buba bij haar circusfamilie kan blijven, als de familie dat wil.Parlementaire agenda [25-11-2020] ‒ 2e termijn Begroting Landbouw, Natuur en Visserij (XIV)De ontheffing is verleend.Verzoekt de regering, om in Europees verband te pleiten voor een import- en verkoopverbod op bont.Parlementaire agenda [25-11-2020] ‒ 2e termijn Begroting Landbouw, Natuur en Visserij (XIV)21 501-32, nr. 1330Verzoekt de regering, om ook een positieflijst voor amfibieën, vogels en reptielen te realiseren.Parlementaire agenda [25-11-2020] ‒ 2e termijn Begroting Landbouw, Natuur en Visserij (XIV)32 336, nr. 121verzoekt de regering, over dit waardevolle advies in overleg te treden met de commissie, de opdrachtgevers, de provincies en de Nationale Parken en nader te bezien hoe het advies een rol kan hebben in de vormgeving van de Nationale Parken na de overgangsperiode die in 2022 afloopt, en de Kamer hierover te informeren.Parlementaire agenda [25-11-2020] ‒ 2e termijn Begroting Landbouw, Natuur en Visserij (XIV)33 576, nr. 247verzoekt de regering, deze regionale foodhub actief te ondersteunen als proeflocatie voor de uitvoering van een ketenmodel en verdienvermogen, met stevige routekaart richting ontwikkeling van regionale voedselstrategieën elders in het land.Parlementaire agenda [25-11-2020] ‒ 2e termijn Begroting Landbouw, Natuur en Visserij (XIV)OnderhandenVerzoekt de regering, naar analogie van België in overleg te treden met onderwijs- en kennisinstellingen en natuur- en landbouworganisaties om in samenwerking te komen tot een platform waarbij de kennis over en kansen voor agroforestry worden vergroot.Parlementaire agenda [25-11-2020] ‒ 2e termijn Begroting Landbouw, Natuur en Visserij (XIV)33 576, nr. 247Verzoekt de regering, stevig te pleiten voor de invoering van een extra veiligheidsfactor bij de Europese toelating van pesticiden.Parlementaire agenda [25-11-2020] ‒ 2e termijn Begroting Landbouw, Natuur en Visserij (XIV)OnderhandenVerzoekt de regering, zich in te zetten voor een maximaal aanvaardbare sterfte van (wilde) bijen- en hommelpopulaties, zoals vastgelegd in het oorspronkelijke bijenrichtsnoer.Parlementaire agenda [25-11-2020] ‒ 2e termijn Begroting Landbouw, Natuur en Visserij (XIV)Onderhanden, uw Kamer is op 22 juni 2021 over de voortgang geinformeerd via de brief «Agendapunt bijenrichtsnoer op de Landbouw- en Visserijraad» (Kamerstuk 21501-31, nr. 1322) en op 16 juli 2021 via het «Verslag van de Landbouw en Visserijraad van 28 en 29 juni» (2021Z13848).verzoekt de regering, op korte termijn met betrokken branchepartijen in gesprek te gaan om te zoeken naar oplossingen voor deze verkooppunten met een beperkte omzet van bioproducten, waaronder een vrijstelling, waardoor deze drempel wordt weggenomen.Parlementaire agenda [25-11-2020] ‒ 2e termijn Begroting Landbouw, Natuur en Visserij (XIV)OnderhandenVerzoekt de regering op basis van het voorstel voor meer maatwerk bij het opleggen van bestuurlijke boetes op grond van de Meststoffenwet binnen vier maanden met een voorstel voor wijziging van de Meststoffenwet te komen.Parlementaire agenda [25-11-2020] ‒ 2e termijn Begroting Landbouw, Natuur en Visserij (XIV)OnderhandenVerzoekt de regering, om te onderzoeken of de beleidsdoelstellingen voor natuur en milieu uitgewerkt kunnen worden naar streefwaarden, zodat deze als omgevingswaarde leidend kunnen zijn in overwegingen en alle onder de NOVI gerangschikte planfiguren, en hierover de Kamer voor het voorjaar van 2021 te informeren.[29-10-2020] VAO NOVI (AO d.d. 24/09)OnderhandenVerzoekt de regering, binnen veertien dagen na en op basis van de aanvraag nadeelcompensatie een voorschot uit te betalen aan de pelsdierhouders.Parlementaire agenda [30-11-2020] - Wetgevingsoverleg Pelsdierhouderij35 633, nr. 21Verzoekt de regering, om het ondernemersrisico in de nadeelcompensatie-regeling te verhogen van 15% naar 20%.Parlementaire agenda [30-11-2020] - Wetgevingsoverleg Pelsdierhouderij35 633, nr. 21Verzoekt de regering, met een alternatieve uitwerking te komen, zodat ondernemers sneller kunnen beginnen met het opruimen en/of afvoeren van bijvoorbeeld de inventaris en ondernemers zich sneller en concreter kunnen richten op hun toekomst; verzoekt tevens om voor het eind van het jaar in gesprek te gaan met nertsenhouders en de gemeenten en de provincies om te komen tot concrete afspraken over snelle afhandeling van procedures, het voorkomen van leegstand of verloedering en het delen van best practices, en de uitkomsten van een eerste gesprek nog voor het eind van het jaar met de Kamer te delen.Parlementaire agenda [30-11-2020] - Wetgevingsoverleg Pelsdierhouderij35 633, nr. 21 en 22Verzoekt de regering, om te onderzoeken welke manieren er zijn om een puinoverschot als gevolg van de sloop van agrarische gebouwen te voorkomen of op te lossen.Parlementaire agenda [08-12-2020] - VSO Landbouw- en visserijraad d.d. 1 september 2020 (21 501-32, nr. 1247)OnderhandenVerzoekt de regering, actief bij de Europese Commissie te pleiten voor het openbaar maken van de posities van alle lidstaten na stemmingen in het SCoPAFF-comité.Parlementaire agenda [08-12-2020] - VAO Videoconferentie EU Landbouw- en Visserijministers van 29 juni 2020 (AO d.d. 24/6)Onderhandenverzoekt de regering, de Kamer zo veel als mogelijk te informeren over de verschillende stappen en contactmomenten bij de derogatieonderhandelingen met betrekking tot de aanvullende voorwaarden, de opstelling van het ministerie daarbij en de wijze waarop de sector betrokken is geweest, en over de wetenschappelijke onderbouwing van de effectiviteit van de aanvullende voorwaarden.Parlementaire agenda [08-12-2020] - VAO Videoconferentie EU Landbouw- en Visserijministers van 29 juni 2020 (AO d.d. 24/6)Onderhandenverzoekt de regering, het vrijblijvende karakter ten aanzien van de aanvullende inspanningen weg te nemen en te zorgen voor bindende afspraken die leiden tot doelbereik in 2022-2025.Parlementaire agenda [08-12-2020] - VAO Landbouw, Klimaat en Voedsel (AO d.d. 01/10)OnderhandenVerzoekt de regering, de Farm to Fork-strategie kritisch te beoordelen en met de huidige kennis over de voorgestelde interpretatie en uitwerking op korte termijn per strategieonderdeel een beoordeling te geven van de subsidiariteit, de proportionaliteit en de potentiële gevolgen voor de sector.Parlementaire agenda [08-12-2020] - VAO Landbouw, Klimaat en Voedsel (AO d.d. 01/10)Onderhandenverzoekt de regering, zich ervoor in te zetten dat het doel beperking van nutriëntenverliezen voorop blijft staan, het belang van bodemvruchtbaarheid en de voeding van bodem en gewas te benadrukken, en zich uit te spreken tegen de ambitie om het mestgebruik met 20% omlaag te brengen.Parlementaire agenda [08-12-2020] - VAO Landbouw, Klimaat en Voedsel (AO d.d. 01/10)Onderhandenverzoekt de regering, in overleg met betrokken partijen te bezien of en hoe de oprichting van lokale landcoöperaties gestimuleerd kan worden via bijvoorbeeld het omschakelfonds en/of het borgstellingsfonds ten behoeve van risicodekking.Parlementaire agenda [08-12-2020] - VAO Landbouw, Klimaat en Voedsel (AO d.d. 01/10)OnderhandenVerzoekt de regering, om betere voorlichting ten behoeve van de aanschaf en het waardig houden van hobby- en/of gezelschapsdieren.Parlementaire agenda [08-12-2020] - VAO Dierenwelzijn buiten de veehouderij (AO d.d. 29/9)OnderhandenVerzoekt de regering, alle dieronvriendelijke hulp- en trainingsmiddelen in kaart te laten brengen door (veterinair) ter zake deskundigen en deze uit te faseren.Parlementaire agenda [08-12-2020] - VAO Dierenwelzijn buiten de veehouderij (AO d.d. 29/9)OnderhandenVerzoekt de regering, te bevorderen dat deze aanpak en dit type projecten op bredere schaal wordt toegepast.Parlementaire agenda [08-12-2020] - VAO Dierenwelzijn buiten de veehouderij (AO d.d. 29/9)OnderhandenVerzoekt de regering, met de medeoverheden in overleg te treden hoe de afschot van katten in de regelgeving zo veel mogelijk voorkomen kan worden.Parlementaire agenda [08-12-2020] - VAO Dierenwelzijn buiten de veehouderij (AO d.d. 29/9)OnderhandenVerzoekt de regering, om deze verkennende gesprekken voort te zetten en met een plan van aanpak te komen waarin staat omschreven of en hoe gemeentelijke boa's kunnen worden betrokken bij versterking van de handhaving op het domein dierenwelzijn.Parlementaire agenda [08-12-2020] - VAO Dierenwelzijn buiten de veehouderij (AO d.d. 29/9)OnderhandenVerzoekt de regering, in overleg te treden met terreinbeherende organisaties en met faunabeheereenheden om de juiste constructie te vinden om deze vicieuze cirkel te doorbreken.Parlementaire agenda [08-12-2020] - VAO Dieren in de veehouderij (AO d.d. 29/10)33 576, nr. 247Verzoekt de regering, om een plan van aanpak tegen hittestress bij landbouwhuisdieren.Parlementaire agenda [08-12-2020] - VAO Dieren in de veehouderij (AO d.d. 29/10)OnderhandenVerzoekt de regering, om spoedige uitvoering van de motie-Graus (33 400-XIII, nr. 127) ten behoeve van een beter verdienmodel voor de kleine gezins- en familiebedrijven (ten laste van de machtige retailers) en om de afbouw van de bioindustrie mogelijk te maken.Parlementaire agenda [08-12-2020] - VAO Dieren in de veehouderij (AO d.d. 29/10)OnderhandenVerzoekt de regering, het houden van kippen in kooien zo snel mogelijk uit te faseren.Parlementaire agenda [08-12-2020] - VAO Dieren in de veehouderij (AO d.d. 29/10)Onderhanden. Uw Kamer is tussentijds geïnformeerd via de brief «Stand van zaken pluimveedossiers» (Kamerstuk 28286, nr. 1184).Roept de regering op, om per direct over te gaan tot het stellen van vaste contracten als norm voor de slachtindustrie; roept de regering op, om te komen met een plan van aanpak om de positie van werknemers in specifiek de Nederlandse slachtindustrie te versterken en hierbij de koppeling te leggen naar het verbeteren van naleving van dierenwelzijnswetgeving; roept de regering op, om hierbij advies van vakbonden, de commissie-Roemer en dierenwelzijnsorganisaties te betrekken.Parlementaire agenda [08-12-2020] - VAO Dieren in de veehouderij (AO d.d. 29/10)28 286, nr. 1171verzoekt de regering, om het verbeteren van dierenwelzijn en de brandveiligheid van stallen als harde voorwaarde te stellen voor het in aanmerking komen voor de Sbv.Parlementaire agenda [08-12-2020] - VAO Dieren in de veehouderij (AO d.d. 29/10)OnderhandenVerzoekt de regering met betrokkenheid van de ondernemers, met name de vissers, de betrokken regio's en de betrokken NGO's een impactanalyse te maken van het Noordzeeakkoord, de Kottervisie, de concept-Waddenagenda en Brexit voor de visserijsector, de keten en de economie van regio's waar de visserij een belangrijke sector is en de impact het grootst is; Verzoekt te monitoren of het beschikbare geld voor innovatie in de visserij en de verwerkende keten, te weten de nationale innovatiemiddelen, het Europees Maritiem Visserij en Aquacultuur Fonds (EMVAF), innovatiemiddelen Noordzeeakkoord, voldoende is, zoals Tsjibbe Joustra heeft geadviseerd.Parlementaire agenda [08-12-2020] - VAO Visserij (AO d.d. 12/10)Onderhanden. Uw Kamer is met Kamerstuk 21501-32, nr. 1328 over de voortgang geïnformeerd.verzoekt de regering, af te zien van het instellen van een generieke visserijvrije zone voor sportvissers rondom vismigratievoorzieningen en in plaats daarvan de sportvissers de mogelijkheid te geven in samen-spraak met de waterbeheerder te komen tot visserijvrije zones op maat, die zowel de trekvissen beschermen als recht doen aan de impact van de sportvisserij.Parlementaire agenda [08-12-2020] - VAO Visserij (AO d.d. 12/10)29 675, nr. 200Verzoekt de regering, de optelsom van effecten die van invloed zijn op het perspectief voor de visserij in beeld te brengen en de Kamer hier zo spoedig mogelijk over te informeren.Parlementaire agenda [08-12-2020] - VAO Visserij (AO d.d. 12/10)Onderhanden. Uw Kamer is met Kamerstuk 21501-32, nr. 1328 over de voortgang geïnformeerd.Verzoekt de regering, om in te zetten op langjarige afspraken, waarbij wordt vastgehouden aan het principe ‘geen toegang tot de markt’ indien geen toegang tot de wateren; verzoekt de regering, bij een no-deal bij de Europese Commissie te pleiten voor compensatie voor de vissers.Parlementaire agenda [08-12-2020] - VAO Visserij (AO d.d. 12/10)35 393, nr. 12Verzoekt de regering, zich in Europa actief te verzetten tegen Europese subsidies voor de promotie van visconsumptie.Parlementaire agenda [08-12-2020] - VAO Visserij (AO d.d. 12/10)32 201, nr. 114verzoekt de regering, geen generieke reductie van vangstrechten door te voeren zolang het genoemde visstandonderzoek nog loopt en bestands-schattingen nog herzien moeten worden, en ruimte te geven voor zegenvisserij op het Markermeer in combinatie met onderzoek op het IJsselmeer.Parlementaire agenda [08-12-2020] - VAO Visserij (AO d.d. 12/10)29 675, nr. 200verzoekt de regering, om bestaande en toekomstige platte oesterriffen een beschermde status toe te kennen door ze toe te voegen als typische soorten voor beschermde gebieden in profieldocumenten van habitattype 1110 en 1140, en als biogene structuur in habitattype 1170.Parlementaire agenda [08-12-2020] - VAO Visserij (AO d.d. 12/10)29 675, nr. 200Spreekt uit dat er geen sprake kan zijn van een Noordzeeakkoord zonder de vissers.Parlementaire agenda [08-12-2020] - VAO Visserij (AO d.d. 12/10)Dit betreft een 'spreekt uit'-motie, waarbij geen verzoek aan de regering wordt gedaan.verzoekt de regering, de website biodiversiteit.nl te updaten en halfjaarlijks bij te houden, zodat in één oogopslag de stand van Nederlandse biodiversiteit en natuur ten opzichte van de te behalen doelen te zien is.Parlementaire agenda [08-12-2020] - VAO Natuur (AO d.d. 22/6)OnderhandenVerzoekt de regering, de streefdoelen voor koraalbedekking op de eilanden medio 2021 vast te stellen.Parlementaire agenda [08-12-2020] - VAO Natuur (AO d.d. 22/6)OnderhandenVerzoekt de regering, de Kamer te informeren over de uitvoeringsagenda's per eiland zodra deze zijn opgesteld.Parlementaire agenda [08-12-2020] - VAO Natuur (AO d.d. 22/6)Onderhandenverzoekt de regering, glyfosaathoudende middelen op gronden van het Rijksvastgoedbedrijf te verbieden.Parlementaire agenda [08-12-2020] - VAO Natuur (AO d.d. 22/6)27 858, nr. 536Verzoekt de regering, de verkoop van watercrassula per 1 maart 2021 te verbieden.Parlementaire agenda [08-12-2020] - VAO Natuur (AO d.d. 22/6)33 576, nr. 222Verzoekt de Minister, om samen met de provincies deze lacune in het beleid te dichten en dit onderwerp ook aan te kaarten in de recent opgezette nationale wolvencommissie.Parlementaire agenda [08-12-2020] - VAO Natuur (AO d.d. 22/6)33 576, nr. 247Verzoekt de regering, de verkoop van deze schadelijke invasieve exoot zo spoedig mogelijk te verbieden.Parlementaire agenda [08-12-2020] - VAO Natuur (AO d.d. 22/6)33 576, nr. 222Verzoekt de regering, op passende wijze bij te dragen aan het bestrijden van de watercrassula op de Wadden om zo de unieke, inheemse natuur van de Wadden te behouden en te beschermen.Parlementaire agenda [08-12-2020] - VAO Natuur (AO d.d. 22/6)33 576, nr. 222verzoekt de regering, een modellenensemble te gaan maken van de verschillende modellen en daarbij de kritische depositiewaarden (KDW) te betrekken; verzoekt de regering, tevens spoedig een maatschappelijke kosten-batenanalyse van Natura 2000-gebieden in Nederland uit te voeren.Parlementaire agenda [10-12-2020] - Debat behandeling StikstofwetOnderhandenverzoekt de regering, te laten onderzoeken of er een andere procedure mogelijk is, waarbij de grondeigenaren actief op de hoogte worden gesteld van het voornemen om het label «stikstofgevoelig» toe te kennen en waarbij grondeigenaren de mogelijkheid hebben om hierin te participeren.Parlementaire agenda [10-12-2020] - Debat behandeling Stikstofwet33 576, nr. 247verzoekt de regering, in beeld te brengen hoe de Nederlandse land- en tuinbouw in 2030 voldoende kritische massa en kwaliteit behoudt om internationaal leidend te blijven op het gebied van voedselzekerheid, kennis, innovatie en duurzaamheid, en deze strategische waarde in te zetten in geopolitieke vraagstukken.Parlementaire agenda [10-12-2020] - Debat behandeling StikstofwetOnderhandenVerzoekt de regering, om bij de uitwerking van de maatregel maatwerk piekbelasters industrie rekening te houden met de impact van lokale specifieke piekbelasters en te bezien of provincies hier een rol in kunnen spelen.Parlementaire agenda [10-12-2020] - Debat behandeling StikstofwetOnderhandenVerzoekt de regering, samen met de melkveehouderij te onderzoeken in hoeverre deze bruikbaar zou kunnen zijn.Parlementaire agenda [10-12-2020] - Debat behandeling StikstofwetOnderhandenVerzoekt de regering: - om te bezien of depositieruimte in het stikstofregistratiesysteem die niet gebruikt kan worden voor woningbouw- of infrastructuurprojecten met voorrang kan worden besteed aan reserveringen voor bestemmingsplannen voor woningbouw; - hiertoe ten minste de mogelijkheden te verkennen en uit te werken in de regio's Zwolle, Arnhem/Nijmegen en Zaanstad; - de Tweede Kamer hierover begin 2021 te rapporteren.Parlementaire agenda [10-12-2020] - Debat behandeling Stikstofwet35 334, nr. 160Verzoekt de regering, om ervoor zorg te dragen dat ook in 2022 een bedrag van 20 miljoen beschikbaar gesteld wordt om de totstandkoming van ontmoetingsruimten in wooncomplexen te ondersteunen waardoor vormen van zorgbuurthuizen gerealiseerd worden.Parlementaire agenda [10-12-2020] - Debat behandeling StikstofwetOnderhanden door de minister van BZK.Verzoekt het kabinet, om samen met de instellingen uit de financiële sector te onderzoeken of en op welke wijze initiatiefnemers van meldingen en meldingsvrije activiteiten tot aan de periode van vergunningverlening toch van de benodigde (bedrijfs)financiering kunnen worden voorzien.Parlementaire agenda [10-12-2020] - Debat behandeling Stikstofwet35 334, nr. 160Verzoekt de regering, zich er bij de Europese Commissie voor in te zetten dat opkoop van gronden geen verplichtende voorwaarde wordt in de landelijke beëindigingsregeling.Parlementaire agenda [10-12-2020] - Debat behandeling StikstofwetOnderhandenVerzoekt de regering, om een optie te bieden om af te wijken van nieuw- of verbouw van stallen met emissiearme maatregelen, mits de gestelde normen en doelen op bedrijfsniveau worden gehaald met geborgde emissiearmere bedrijfsmanagementmaatregelen, bijvoorbeeld binnen een systeem van de afrekenbare stoffenbalans.Parlementaire agenda [10-12-2020] - Debat behandeling StikstofwetOnderhanden. Uw Kamer is op 13 april 2021 geïnformeerd via de brief over «Mestbeleid» (Kamerstuk 33 037, nr. 395). Een gelijkluidende passage is op 3 mei 2021 opgenomen in de brief over «Kabinetsaanpak Klimaatbeleid» (Kamerstuk 32 813, nr. 686).Verzoekt de regering, samen met de provincies zo spoedig mogelijk inzichtelijk te maken welke opties «interimmers» hebben om tot een passende vergunningaanvraag te komen.Parlementaire agenda [10-12-2020] - Debat behandeling Stikstofwet35 334, nr. 160Verzoekt de regering, alles in het werk te stellen om binnen afzienbare tijd tot dergelijke afspraken te komen met het oog op een integrale aanpak, en duidelijkheid, ruimte en een economisch en ecologisch duurzaam toekomstperspectief voor de vele gezinsbedrijven in de agrarische sector.Parlementaire agenda [10-12-2020] - Debat behandeling StikstofwetOnderhandenVerzoekt de regering, de provincies en gemeenten ertoe aan te zetten om al hun bestaande kennis over de rood-voor-roodwerkwijze te ontsluiten en te benutten bij het hernieuwd benutten van grond die vrijkomt bij de vrijwillige opkoop van agrarische ondernemingen; verzoekt de regering, tevens goed samen te werken met provincies en gemeenten om agrarische ondernemers als gezamenlijke overheden helderheid te bieden over de (on)mogelijkheden voor de rood-voor-roodwerkwijze in het geval zij gebruik willen maken van een vrijwillige opkoopregeling.Parlementaire agenda [10-12-2020] - Debat behandeling StikstofwetOnderhanden. Uw Kamer wordt dit najaar verder geïnformeerd.verzoekt de regering: om samen met de provincies gerichte actie te ondernemen om de grootste belasters nabij Natura 2000-gebieden te benaderen voor opkoop van het bedrijf; «de behaalde resultaten daarvan in de eerste tranche te evalueren en op basis daarvan in de tweede en derde tranche het verplaatsen van een bedrijf mogelijk maken onder de voorwaarde dat een bestaand bedrijf met dierrechten wordt overgenomen en dat er substantiële emissiereductie plaatsvindt; op die manier in de tweede tranche het stoppersverbod uit de regeling te halen;«te onderzoeken wat de deelnamebereidheid is van veehouderijen, waaronder de veehouderijen die de grootste belasting op Natura 2000-gebieden veroorzaken, om hun bedrijf te beëindigen of te verplaatsen; mogelijkheden uit te werken om verplaatsing te faciliteren in combina-tie met een beëindigingsregeling; «de opbrengst hiervan in het structurele pakket op te nemen ten einde in elk geval de meldingsvrije activiteiten te kunnen legaliseren.Parlementaire agenda [10-12-2020] - Debat behandeling StikstofwetOnderhanden. Uw Kamer is over de voortgang geïnformeerd via 35 334, nr. 160.verzoekt de regering, mogelijkheden te onderzoeken voor intensivering van bronmaatregelen voor de kustprovincies zoals een forse inzet op de walstroomvoorziening en het verleggen van scheepvaartroutes op de Noordzee, en de Kamer hierover te informeren.Parlementaire agenda [10-12-2020] - Debat behandeling Stikstofwet28 973, nr. 244Verzoekt de regering, een «pilot grondfonds stikstofaanpak» te starten waarbij vanuit Bureau Beheer Landbouwgronden een leenfaciliteit van 100 miljoen wordt ingezet om gronden die vrijkomen bij het vrijwillig opkopen van agrarische ondernemingen te verwerven en voor hernieuwde inzet gericht te verkopen,Parlementaire agenda [10-12-2020] - Debat behandeling StikstofwetOnderhanden. Uw Kamer is over de voortgang geïnformeerd met Kamerstuk 34 682, nr. 83. Uw Kamer wordt dit najaar verder geïnformeerd.Verzoekt de regering, om versneld afspraken te maken met provincies die in hun gebiedsaanpak voorop lopen en additionele stikstofreducerende maatregelen nemen, en deze provincies actief te ondersteunen bij het concreet maken van gebiedsspecifiek maatwerk.Parlementaire agenda [10-12-2020] - Debat behandeling Stikstofwet35 334, nr. 160Verzoekt de regering: de totstandkoming van de toekomstvisie op de kottervisserij te versnellen; in te zetten op financiële compensatie voor de Nederlandse vissers vanuit de 600 miljoen euro die uit de BAR wordt vrijgemaakt en die overeenkomt met de bijdrage die Nederland levert aan het visserijak-koord; in kaart te brengen welke verdere steunmaatregelen nodig zijn.Notaoverleg handelsakkoord EU VK 28 december 202021501-32, nr. 1328Verzoekt de regering, zich ervoor in te zetten dat de Nederlandse vissers en visserijgemeenschappen worden gecompenseerd met Europese middelen.Notaoverleg handelsakkoord EU VK 28 december 202021501-32, nr. 1328Verzoekt de regering, bij de Europese Commissie aan te blijven dringen op formeel bewijs dat Nederlandse vissers zo snel mogelijk, bij voorkeur per 1 januari, in Britse wateren terechtkunnen.Notaoverleg handelsakkoord EU VK 28 december 202021 501-32, nr. 1274Verzoekt de regering, luchtwassers te schrappen uit de Maatlat Duurzame Veehouderij.Parlementaire agenda [28-03-2018] - VAO Programma Aanpak Stikstof (PAS)OnderhandenVerzoekt de regering om een onderzoek in te stellen naar de schadelijke rol van (zwerf)katten.Parlementaire agenda [11-02-2021] - Notaoverleg Initiatiefnota «Weidse blik op de weidevogels» van het lid Von MartelsOnderhandenVerzoekt de regering om binnen enkele weken te laten weten welke mogelijkheden hiervoor zijn.Parlementaire agenda [11-02-2021] - Notaoverleg Initiatiefnota «Weidse blik op de weidevogels» van het lid Von Martels28 625, nr. 293Verzoekt de regering om binnen 6 weken duidelijk te maken op welke wijze men dit denkt te kunnen realiseren.Parlementaire agenda [11-02-2021] - Notaoverleg Initiatiefnota «Weidse blik op de weidevogels» van het lid Von Martels28 625, nr. 293Verzoekt de regering om de haas en het konijn te schrappen van de lijst van vrij bejaagbare soorten.Parlementaire agenda [11-02-2021] - Notaoverleg Initiatiefnota «Weidse blik op de weidevogels» van het lid Von MartelsOnderhandenVerzoekt de regering op korte termijn onafhankelijk empirisch onderzoek te laten uitvoeren naar residuen in krachtvoer, mest en de bodem en de effecten daarvan op insecten en weidevogels.Parlementaire agenda [11-02-2021] - Notaoverleg Initiatiefnota «Weidse blik op de weidevogels» van het lid Von MartelsOnderhandenVerzoekt de regering, de Nederlandse visserij geen duurzaamheidsverplichtingen op te leggen.Parlementaire agenda [27-01-2021] - Notaoverleg Onderhandelaarsakkoord over de Noordzee met MI&W21501-32, nr. 1328Verzoekt de regering, de buizen- en leidingentracés zo veel mogelijk te bundelen en er zorg voor te dragen dat landbouw- en natuurwaarden bij de keuze van tracés zo min mogelijk worden geschaad.Parlementaire agenda [27-01-2021] - Notaoverleg Onderhandelaarsakkoord over de Noordzee met MI&WOnderhandenVerzoekt de regering, de regie te nemen om in samenwerking met het Noordzeeoverleg en de visserijsector passende maatregelen te nemen, zoals bijvoorbeeld de ontwikkeling van een emissiearme kottervloot en innovatieve vistechnieken, en verzoekt de regering dit met prioriteit op te pakken en daarmee perspectief voor de sector te bieden op het gebied van innovatie.Parlementaire agenda [27-01-2021] - Notaoverleg Onderhandelaarsakkoord over de Noordzee met MI&WOnderhandenVerzoekt de regering, om in overleg met de visserijsector verder te inventariseren welke knelpunten er nog zijn als het gaat om visgronden, en aan te geven welke oplossingen binnen de kaders van het Noordzeeakkoord er zijn, en de Tweede Kamer daarover voor 1 mei 2021 te informeren.Parlementaire agenda [27-01-2021] - Notaoverleg Onderhandelaarsakkoord over de Noordzee met MI&WOnderhandenverzoekt de regering, om de opslag boven op de TVL voor de dekking van doorlopende kosten in de land- en tuinbouw niet te beperken tot het eerste kwartaal van 2021, maar ook in het tweede kwartaal van 2021 van kracht te laten zijn.Parlementaire agenda [28-01-2021] - Debat Steunpakket MEZK/MSZW/MFIN35 420, nr. 235Verzoekt de regering, er zorg voor te dragen dat alle onderliggende stukken bij de huidige subsidiebeschikking voor Kroondomein Het Loo met de Kamer worden gedeeld.[07-10-20202] Begroting Algemene Zaken (35570-III) + Begroting Koning (35570-I)35570-I, nr. 14Verzoekt de regering, de handhaving, en wijziging regelgeving c.q. verbeteringen daarvoor, als prioriteit aan te merken bij de Europese Commissie en ondersteuning daarvoor te zoeken bij andere Europese lidstaten en de Kamer over de voortgang in het voorjaar van 2022 te rapporteren.Parlementaire agenda [14-04-2021] - VSO Biotechnologie en Tuinbouw (27 428, nr. 373)OnderhandenVerzoekt de regering, om een onderzoek in te stellen naar hoe het kan dat er op deze schaal illegaal gebruik van gewasbescherming heeft kunnen plaatsvinden.Parlementaire agenda [14-04-2021] - VAO Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) (AO d.d. 2/2)Kamerstuk met voorlopig kenmerk 2021D18563, brief verzonden op 19 mei 2021 onder titel Antwoord op vragen van het lid Bromet over het artikel «Toezichthouder NVWA stond kwekers gebruik van een verboden middel toe»Verzoekt de regering, ervoor te zorgen dat gelijke gevallen gelijk behandeld worden, en iedere vorm van rechtsongelijkheid wordt voorkomen.Parlementaire agenda [14-04-2021] - VAO Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) (AO d.d. 2/2)OnderhandenVerzoekt de regering, ervoor te zorgen dat bij de handhaving van het fosfaatrechtenstelsel over de jaren 2018 tot 2020 tenminste recht wordt gedaan aan de juridische spagaat en de langdurige juridische onduidelijkheid waar knelgevallen mee geconfronteerd werden.Parlementaire agenda [14-04-2021] - VAO Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) (AO d.d. 2/2)OnderhandenVerzoekt de regering, vooruitlopend op de verdere uitwerking van een nieuw mestbeleid een nulmeting uit te werken van de huidige situatie, en de Kamer bij het eerstvolgende informatiemoment te informeren over de concrete invulling daarvan.Parlementaire agenda [14-04-2021] - VAO Mestbeleid (AO d.d. 4/11)OnderhandenVerzoekt de regering, het voornemen om niet-grondgebonden bedrijven te verplichten alle mest af te voeren en te laten verwerken te heroverwegen.Parlementaire agenda [14-04-2021] - VAO Mestbeleid (AO d.d. 4/11)OnderhandenVerzoekt de regering, in de verdere uitwerking van het nieuwe mestbeleid een derde, privaat spoor op te nemen waarin deels afzet op eigen grond en deels verwerking op basis van vraaggestuurde mestbewerking mogelijk blijftParlementaire agenda [14-04-2021] - VAO Mestbeleid (AO d.d. 4/11)OnderhandenVerzoekt de regering, zich actief te verzetten tegen dit Europese voorstel tot verregaande inperking van de communicatie over plantaardige voedingsmiddelen.Parlementaire agenda [21-04-2021] - VSO Landbouw en Visserijraad d.d. 26/4 (21 501-322, nr. 1284).21501-32, nr. 1304Verzoekt de regering, om projecten die het koraal beschadigen, geen doorgang te laten vinden.Parlementaire agenda [22-04-2021] - Bonaire Brandstof TerminalOnderhandenVerzoekt de regering, bij infrastructurele ontwikkelingen ten gevolge van de oprichting van BBT natuurbescherming te waarborgen en koraalvernietiging te voorkomen.Parlementaire agenda [22-04-2021] - Bonaire Brandstof TerminalOnderhandenVerzoekt de regering, zich samen met de sector in te zetten voor preventieve vaccinatie als onderdeel van het diergezondheidsinstrumentarium, inclusief de handelsaspecten daarvan.Parlementaire agenda [21-04-2021] - Wijziging van de Wet dieren in verband met de uitvoering van de herziene Europese Diergezondheidswetgeving (35 398)Onderhanden, uw Kamer is op 21 juli 2021 over de voortgang geinformeerd via de brief 'Stand van zaken Diergezondheid'(Kamerstuk 28 286, nr. 1207)Verzoekt de regering, in Europa de meerwaarde van het Nederlandse stelsel van diergezondheid onder de aandacht te brengen, teneinde te bevorderen dat de hoge Nederlandse standaard breder in Europa navolging krijgt, alsmede dat er een gelijk speelveld voor Nederlandse veehouders is.Parlementaire agenda [21-04-2021] - Wijziging van de Wet dieren in verband met de uitvoering van de herziene Europese Diergezondheidswetgeving (35 398)OnderhandenVerzoekt de regering, de nadere uitwerking van verdere wet- en regelgeving, al dan niet vanuit Brussel, voor parlementaire behandeling aan de Kamer te doen toekomen.Parlementaire agenda [21-04-2021] - Wijziging van de Wet dieren in verband met de uitvoering van de herziene Europese Diergezondheidswetgeving (35 398)Onderhanden, uw Kamer is op 21 juli 2021 over de voortgang geinformeerd via de brief «Stand van zaken Diergezondheid» (Kamerstuk 28286- nr. 1207)Verzoekt het kabinet, om alle beleids- en uitvoeringsdraaiboeken zo spoedig mogelijk openbaar te plaatsen op rijksoverheid.nl en jaarlijks actueel te houden en te bewaken, en voor het zomerreces de Kamer een overzicht te geven van alle huidige draaiboeken die voorzien zijn van een laatsteversiedatum.Parlementaire agenda [21-04-2021] - Wijziging van de Wet dieren in verband met de uitvoering van de herziene Europese Diergezondheidswetgeving (35 398)Onderhanden, uw Kamer is op 21 juli 2021 over de voortgang geinformeerd via de brief 'Stand van zaken Diergezondheid'(Kamerstuk 28 286, nr. 1207)Verzoekt de regering, om te onderzoeken hoe deze agrarische praktijktoets in elk nieuw wetsvoorstel, dus ook Europese verordeningen die omgezet worden naar Nederlandse wetgeving, gerealiseerd kan worden, en de Kamer hierover in het najaar van 2021 te informeren.Parlementaire agenda [21-04-2021] - Wijziging van de Wet dieren in verband met de uitvoering van de herziene Europese Diergezondheidswetgeving (35 398)OnderhandenVerzoekt de regering, bij de Europese Commissie aan te dringen op een spoedige verruiming van de beoordelingscapaciteit voor pesticiden bij de Europese Autoriteit voor Voedselveiligheid (EFSA), zodat deze het werk van de overbelaste beoordelende lidstaten kan overnemen; verzoekt de regering, zich tevens in te zetten voor een aanpassing van de regelgeving om de toelating voor pesticiden te laten vervallen bij het verstrijken van de goedkeuringsperiode indien de wettelijk verplichte veiligheidstoets niet tijdig is afgerond.Parlementaire agenda [21-04-2021] - Landbouw- en Visserijraad d.d. 22 februari 2021 (21 501-32, nrs. 1277 en 1279)OnderhandenVerzoekt de regering, om met gelijkgestemde lidstaten een kopgroep te vormen voor de versnelde beoordeling van biologische gewasbeschermingsmiddelen.Parlementaire agenda [21-04-2021] - Landbouw- en Visserijraad d.d. 22 februari 2021 (21 501-32, nrs. 1277 en 1279)OnderhandenVerzoekt de regering, om iedere drie jaar een voortgangsrapportage naar de Kamer te sturen, waarin ook wordt ingegaan op een prognose van het doelbereik in 2030.Parlementaire agenda [21-04-2021] - Natuur (33 576, nr. 224)OnderhandenVerzoekt de regering, om een onderzoek uit te laten voeren waarbij de kansen voor het versterken van biodiversiteit, klimaatadaptatie en gezondheid op bedrijventerreinen in kaart worden gebracht, en de Kamer voor 1 september te informeren over de uitkomsten.Parlementaire agenda [21-04-2021] - Natuur (33 576, nr. 224)OnderhandenVerzoekt de regering, om spoed te maken met de uitwerking van de basiskwaliteit in de afzonderlijke natuurgebieden om verslechtering van de natuurkwaliteit tegen te gaanParlementaire agenda [21-04-2021] - Natuur (33 576, nr. 224)OnderhandenVerzoekt de regering, voor de zomer een eerste opzet omtrent de Agenda Natuurinclusief met de Kamer te delen, waarbij integraal is gekeken naar welke bestaande en nieuwe opgaves er liggen bij verschillende departementen.Parlementaire agenda [21-04-2021] - Natuur (33 576, nr. 224)35 334, nr. 160Verzoekt de regering, om met voorrang in kaart te brengen welke maatregelen, waaronder wet- en regelgeving, nodig zijn zodat vrijwillig bos planten op landbouwgronden wel mogelijk is; verzoekt de regering, tevens om de Kamer hierover te informeren voor het einde van het zomerreces.Parlementaire agenda [21-04-2021] - Natuur (33 576, nr. 224)OnderhandenVerzoekt de regering, in overleg met provincies ervoor te zorgen dat met name ingetekende leefgebieden die niet direct grenzen aan stikstofgevoelige Natura 2000-habitattypen, kritisch bekeken worden op het daadwerkelijk voorkomen van Natura 2000-soorten, meerjarig bezien, en op de stikstofgevoeligheid van het leefgebied voor deze soorten.Parlementaire agenda [21-04-2021] - Natuur (33 576, nr. 224)OnderhandenVerzoekt de regering, met terrein- en natuurbeheerders een plan te maken hoe meer natuurgebieden en landgoederen open kunnen worden gesteld en hoe meer promotie kan worden gemaakt voor locaties die minder worden bezocht.Parlementaire agenda [21-04-2021] - Natuur (33 576, nr. 224)OnderhandenVerzoekt de regering, in kaart te brengen welke wettelijke belemmeringen er zijn voor het opzetten van grootschalige voedselbossen, deze belemmeringen waar mogelijk weg te nemen en waar nodig in overleg te treden met gemeenten en provincies in dezen.Parlementaire agenda [21-04-2021] - Natuur (33 576, nr. 224)OnderhandenVerzoekt de regering, te onderzoeken hoe voedselbosbouw kan worden ingezet bij het versterken van de biodiversiteit van Natura 2000-gebieden, bijvoorbeeld in de vorm van verbindingszones of bufferzones tussen natuur en landbouw, en het verdienmodel voor boeren.Parlementaire agenda [21-04-2021] - Natuur (33 576, nr. 224)OnderhandenVerzoekt de regering, deze discrepantie weg te nemen en het maximale areaal voor kleine toepassingen voor de bedekte teelt naar 5.000 hectare en voor de onbedekte teelt naar 10.000 hectare te verhogen voor groene laagrisicogewasbeschermingsmiddelen.Parlementaire agenda [20-05-2021] - VAO GewasbeschermingsmiddelenOnderhandenVerzoekt de regering, om een apart loket bij het Ctgb in te richten waarbij groene laagrisicomiddelen voorrang krijgen.Parlementaire agenda [20-05-2021] - VAO GewasbeschermingsmiddelenOnderhandenVerzoekt de regering, om met de biologische sector, gemeenten en provincies te bekijken of het mogelijk is het aandeel biologische bloembollen en perkgoed dat afgenomen wordt door gemeenten en provincies te verhogen naar minimaal 25% binnen afzienbare tijd.Parlementaire agenda [20-05-2021] - VAO GewasbeschermingsmiddelenOnderhandenVerzoekt de regering, om een langetermijnstudie naar de gezondheidsge-volgen van blootstelling aan bestrijdingsmiddelen te doenParlementaire agenda [20-05-2021] - VAO GewasbeschermingsmiddelenOnderhandenverzoekt de regering, in gesprek met de sector te komen tot een werkbaar alternatief voor het gebruik van neonicotinoïden door bietentelers, en de Kamer daarover zo spoedig mogelijk te informerenParlementaire agenda [20-05-2021] - VAO GewasbeschermingsmiddelenOnderhandenverzoekt de regering, om samen met de NVWA en andere betrokken partijen een plan van aanpak op te stellen om de criminele handel in illegale gewasbeschermingsmiddelen aan banden te leggen, en de Kamer hierover in het najaar van 2021 te informeren; verzoekt de regering, bij het opstellen van dit plan in ieder geval aandacht te besteden aan verruiming van inspectie- en handhavingsmogelijkheden, capaciteit bij de controlerende instanties en de mogelijkheden voor zwaardere straffen.Parlementaire agenda [20-05-2021] - VAO GewasbeschermingsmiddelenOnderhandenVerzoekt de regering, een convenant te sluiten over de inzet van supermarkten op het gebied van voorlichting, schapruimte en aanbod van biologische producten.Parlementaire agenda [20-05-2021] - VSO Landbouw- en VisserijraadOnderhandenVerzoekt de regering, de biologische landbouw in het Nationaal Strategisch Plan een prominente plek te geven.Parlementaire agenda [20-05-2021] - VSO Landbouw- en VisserijraadOnderhandenVerzoekt de regering, in EU-verband in te zetten op made in Europe-eiwitten en daarbij tevens te onderzoeken welke maatregelen daaraan kunnen bijdragen, en hoe veevoerbedrijven gestimuleerd kunnen worden om meer eiwithoudende grondstoffen uit Europa te halen, zonder dat dit ontbossing in Europa tot gevolg heeft; verzoekt de regering, de Kamer in het najaar van 2021 hierover te informeren.Parlementaire agenda [20-05-2021] - VSO Landbouw- en VisserijraadOnderhandenVerzoekt de regering, om een vervolg te geven aan de regie op het partnerprogramma TPI.Parlementaire agenda [20-05-2021] - VAO Dierproeven32 336, nr. 121Verzoekt de regering, om in de voortzetting van het TPI-programma samen met de ministeries van EZK en VWS in kaart te brengen hoe knelpunten op de route van het lab naar praktijk kunnen worden weggenomen, en de Kamer hiervan op de hoogte te houden.Parlementaire agenda [20-05-2021] - VAO DierproevenOnderhandenVerzoekt de regering, zich te beroepen op het Verdrag van Aarhus en Raadsafspraken over transparantie en kenbaar te maken niet akkoord te gaan met een besloten discussie over het bijenrichtsnoer.Parlementaire agenda [24-06-2021] - Tweeminutendebat Landbouw- en Visserijraad 28 en 29 juni (CD d.d. 23/6)OnderhandenVerzoekt de regering, de uitkomsten van de pilots, klankbordgroepen en uitvoeringstoetsen met de Kamer te delen zodat dit betrokken kan worden bij het op te stellen NSP.Parlementaire agenda [24-06-2021] - Tweeminutendebat Landbouw- en Visserijraad 28 en 29 juni (CD d.d. 23/6)Onderhanden. Uw Kamer is op 29 juni 2021 resp. 7 juli 2021 geïnformeerd over de concept-publieksversie GLB-NSP en de voortgang GLB-NSP (Kamerstuk 28 625, nr. 293 en 294).Verzoekt de regering, in gesprek te gaan met de provincies en de agrarische sector over de mogelijkheden om meer gebruik te maken van langjarige contracten voor agrarisch natuurbeheer, en de Kamer voor 1 oktober 2021 te informeren over de uitkomsten, mogelijkheden en vervolgstappen.Parlementaire agenda [24-06-2021] - Tweeminutendebat Landbouw- en Visserijraad 28 en 29 juni (CD d.d. 23/6)OnderhandenVerzoekt de regering, om ervoor te zorgen dat, samen met de visserijsector, in lijn met het idee van de agrarische praktijktoets eerst de praktische uitvoerbaarheid van de wijziging van de Controleverordening visserij goed uitgewerkt wordt voordat definitief wordt ingestemd met de richtlijnen zoals verwoord in de Algemene Oriëntatie op de wijziging van de Controleverordening visserij.Parlementaire agenda [24-06-2021] - Tweeminutendebat Landbouw- en Visserijraad 28 en 29 juni (CD d.d. 23/6)Onderhanden. Uw Kamer is met Kamerstuk 21501-32, nr. 1323 over de voortgang geïnformeerd.Verzoekt de regering, te zoeken naar geld om het Aanvalsplan Grutto tot aan de start van het nieuwe GLB te financieren en de financiering voor de daaropvolgende jaren te regelen binnen het GLB; verzoekt de regering, voorts op zoek te gaan naar structurele financiering van het Aanvalsplan Grutto om participerende boeren te voorzien van langjarige zekerheid om het plan tot goede uitvoering te brengen; verzoekt de regering, om hier samen in op te trekken met de provincies en voor het zomerreces duidelijkheid te verschaffen.Parlementaire agenda [24-06-2021] - Tweeminutendebat Landbouw- en Visserijraad 28 en 29 juni (CD d.d. 23/6)Onderhanden. Uw Kamer is over de voortgang geïnformeerd via Kamerstuk 28 625, nr. 293.Verzoekt de regering, het Nationaal Strategisch Plan verder uit te werken, waarbij een zo groot mogelijk budget beschikbaar is voor innovatie, investeringen en agrarisch natuur- en landschapsbeheer in een meer gebiedsgerichte benadering, waarbij ook diensten van boeren op het gebied van onder andere bodem, water, emissies en dierenwelzijn kunnen worden aangeboden en vergoed.Parlementaire agenda [24-06-2021] - Tweeminutendebat Landbouw- en Visserijraad 28 en 29 juni (CD d.d. 23/6)Onderhanden. Uw Kamer is op 29 juni 2021 resp. 7 juli 2021 geïnformeerd over de concept-publieksversie GLB-NSP en de voortgang GLB-NSP (Kamerstuk 28 625, nr. 293 en 294).Verzoekt de regering, zich bij de Landbouw- en Visserijraad uit te spreken voor invulling van de sociale dimensie als conditionaliteit in het gemeenschappelijk landbouwbeleid.Parlementaire agenda [24-06-2021] - Tweeminutendebat Landbouw- en Visserijraad 28 en 29 juni (CD d.d. 23/6)Kamerstuk met voorlopig kenmerk 2021Z13848, brief verzonden op 16 juli 2021 onder titel Verslag Landbouw- en Visserijraad van 28 en 29 juni 2021.Verzoekt de regering, om dit belastinggeld te besteden aan de beloning van boeren en aan doelen waar alle Nederlanders iets aan hebben.Parlementaire agenda [24-06-2021] - Tweeminutendebat Landbouw- en Visserijraad 28 en 29 juni (CD d.d. 23/6)OnderhandenVerzoekt de regering, zich in te zetten, via onder andere bilaterale contactmomenten, voor vergelijkbare afspraken ter bevordering van papierloos certificeren met andere landen, in het bijzonder het Verenigd Koninkrijk, voor de export van dierlijke producten[08-06-2021] Dertigledendebat over het besluit van de Chinese regering om de markt te openen voor Nederlands kalfsvleesOnderhandenVerzoekt de regering, om een heldere routekaart voor de volledige uitfasering tot 2027 te formuleren, inclusief ambitieus tussendoel; verzoekt de regering tevens, om vissers en de industrie voldoende te ondersteunen in de transitie.Parlementaire agenda [08-07-2021] - Tweeminutendebat Visserij (CD 30/6)OnderhandenVerzoekt de regering, om met de visserijsector niet alleen een praktijktoets uit te voeren voor wat betreft CCTV-controle door de NVWA, maar ook een praktijktoets uit te voeren met een systeem met optische herkenning en registratie van vangsten zonder CCTV-controle; verzoekt de regering, om de Kamer per kwartaal op de hoogte te houden van de vorderingen rondom de praktijktoetsen en hoe deze resultaten in de trilogen meegenomen worden.Parlementaire agenda [08-07-2021] - Tweeminutendebat Visserij (CD 30/6)OnderhandenVerzoekt de regering, de maximale temperatuur voor diertransporten te verlagen naar 30 graden.Parlementaire agenda [08-07-2021] - Debat Slotwet Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit en Diergezondheidsfonds 2020 (35 830-XIV)OnderhandenVerzoekt de regering, om wettelijk vast te leggen dat de wachttijd bij het slachthuis tot de start van het uitladen maximaal vijftien minuten mag bedragen.Parlementaire agenda [08-07-2021] - Debat Slotwet Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit en Diergezondheidsfonds 2020 (35 830-XIV)OnderhandenVerzoekt de regering, om een nadere verkenning te doen samen met de provincies, terreinbeherende organisaties en boerenorganisaties naar wat de juridische mogelijkheden zijn wat, naast het huidige stelsel van subsidiering van natuurbeheer, rendabel is voor boeren om aan natuur-beheer te doen.Parlementaire agenda [08-07-2021] - Debat Slotwet Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit en Diergezondheidsfonds 2020 (35 830-XIV)OnderhandenVerzoekt de regering, om bij de gebiedsgerichte aanpak niet blind te varen op de stikstofdoelstellingen, maar de brede natuurdoelstellingen en de toekomst van de landbouw voor ogen te houden.Parlementaire agenda [08-07-2021] - Debat Slotwet Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit en Diergezondheidsfonds 2020 (35 830-XIV)Onderhandenverzoekt de regering, om een voorstel uit te werken voor een derde optie waarbij landbouwgrond in natuurlijk beheer komt en in dit voorstel mee te nemen hoe de bestemming geregeld wordt, hoe er een optimale balans gevonden wordt tussen natuur en agrarisch en hoe het verdienmodel voor de boer eruit kan komen te zien; verzoekt de regering, om dit voorstel voor de begrotingsbehandeling naar de Kamer te sturen,Parlementaire agenda [08-07-2021] - Debat Slotwet Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit en Diergezondheidsfonds 2020 (35 830-XIV)OnderhandenVerzoekt de regering, een verbod in te stellen op het gebruik van drijfmiddelen die pijn of veel stress kunnen veroorzaken bij dieren, zoals elektrische prikkers waarmee stroomschokken worden gegeven.Parlementaire agenda [08-07-2021] - Tweeminutendebat Voortgang verbetering slachtsysteem (28 286, nr. 1199)OnderhandenVerzoekt het kabinet, om niet later dan 1 januari 2022 capaciteit bij de NVWA beschikbaar te maken voor de inzet van mobiele dodingsunits; voorts gaan we verder met het verspreiden van gezond verstand in de Tweede Kamer.Parlementaire agenda [08-07-2021] - Tweeminutendebat Voortgang verbetering slachtsysteem (28 286, nr. 1199)OnderhandenVerzoekt de regering, om toe te werken naar volledig turfvrije potgrond voor particulieren; verzoekt de regering, om in samenwerking met VNG en de tuinbouwsector te onderzoeken hoe en op welke termijn het gebruik van turf en turfproducten in de professionele sector voor in ieder geval de gemeenten en de sierteelt kan worden uitgefaseerd en vervangen kan worden door alternatieven; verzoekt de regering, om de Kamer voor de begrotingsbehandeling te informeren over de stand van zaken.Parlementaire agenda [08-07-2021] - Tweeminutendebat Informele Landbouw- en Visserijraad 13-15 juni 2021 (21 501-32, nr. 1306)OnderhandenVerzoekt de regering, in EU-verband in te zetten op het versterken van de datapositie van boeren en daarbij in ieder geval aandacht te besteden aan bescherming en ondersteuning van de datasoevereiniteit van agrariërs, zodat zij grip houden op hun eigen data en hun innovatief vermogen wordt vergroot; verzoekt de regering, de Kamer voor het einde van 2021 te informeren over de vorderingen die op dit vlak zijn gemaakt.Parlementaire agenda [08-07-2021] - Tweeminutendebat Informele Landbouw- en Visserijraad 13-15 juni 2021 (21 501-32, nr. 1306)OnderhandenVerzoekt de regering, om bij lopende en komende vergelijkende beoordelingen niet-chemische alternatieven nadrukkelijk mee te nemen.Parlementaire agenda [08-07-2021] - Tweeminutendebat Informele Landbouw- en Visserijraad 13-15 juni 2021 (21 501-32, nr. 1306)OnderhandenVerzoekt het kabinet, zich op Europees niveau maximaal in te zetten om verdere beperkende maatregelen ten aanzien van de Nederlandse visserij te voorkomen; voorts gaan we verder met het verspreiden van gezond verstand in de Tweede Kamer.Parlementaire agenda [24-06-2021] - Tweeminutendebat Landbouw- en Visserijraad 28 en 29 juni (CD d.d. 23/6)OnderhandenVerzoekt de regering, boeren waarvan de overheid schade heeft erkend en die dit objectief hebben weten te onderbouwen, op redelijke wijze tegemoet te komen.Parlementaire agenda [24-06-2021] - Tweeminutendebat Fosfaatrechtenstelsel (CD 10/6)OnderhandenVerzoekt de regering, het wetsvoorstel voor onder meer afromingsvrije lease van fosfaatrechten zo spoedig mogelijk naar de Kamer te sturen, zodat het nog in de loop van 2021 van kracht kan worden.Parlementaire agenda [24-06-2021] - Tweeminutendebat Fosfaatrechtenstelsel (CD 10/6)OnderhandenVerzoekt de regering, zelf een plan van aanpak op te stellen waarin concrete doelen worden gesteld voor het voorkomen van ziekte en sterfte onder bokjes en waarin het welzijn en de intrinsieke waarde van zowel de geiten als hun jongen voorwaardestellend zijn.Parlementaire agenda [08-12-2020] - VAO Dieren in de veehouderij (AO d.d. 29/10)OnderhandenVerzoekt de regering, om diergedragsdeskundigen te betrekken bij de invulling van de open normen in de Wet dieren en bij de invulling van de wetswijziging en deze adviezen daarbij leidend te laten zijn.Parlementaire agenda [10-06-2021] - Tweeminutendebat Evaluatie Wet dieren (28 286, nr. 1183)OnderhandenVerzoekt de regering, voorbereidingen te treffen voor een tussenevaluatie van de Wet dieren, met het doel om deze te actualiseren en het beschermingsniveau te verhogen.Parlementaire agenda [10-06-2021] - Tweeminutendebat Evaluatie Wet dieren (28 286, nr. 1183)OnderhandenSpreekt uit dat het doden van haantjes verboden moet worden.Parlementaire agenda [10-06-2021] - Tweeminutendebat Evaluatie Wet dieren (28 286, nr. 1183)Dit betreft een 'spreekt uit'-motie, waarbij geen verzoek aan de regering wordt gedaan.verzoekt de regering, onderzoek te doen hoe en op welke termijn een verbod op het doden van haantjes ingevoerd kan worden, en de Kamer daarover te informerenParlementaire agenda [10-06-2021] - Tweeminutendebat Evaluatie Wet dieren (28 286, nr. 1183)OnderhandenVerzoekt de regering, in de uit te voeren analyse de Europeesrechtelijke kaders en het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens in relatie tot eigendomsrechten mee te nemenParlementaire agenda [10-06-2021] - Tweeminutendebat Evaluatie Wet dieren (28 286, nr. 1183)OnderhandenVerzoekt het kabinet, om gebaseerd op wetenschappelijk onderzoek vast te stellen wat wordt verstaan onder het natuurlijk gedrag van een gehouden en daarmee gedomesticeerd (landbouw)huisdier, en of het vertonen van natuurlijk gedrag altijd bijdraagt aan een beter welzijn van een gehouden en daarmee gedomesticeerd (landbouw)huisdier.Parlementaire agenda [10-06-2021] - Tweeminutendebat Evaluatie Wet dieren (28 286, nr. 1183)OnderhandenVerzoekt het kabinet, een impactanalyse te maken voor de handhaafbaarheid door de NVWA van deze wetswijziging - deze impactanalyse omvat in ieder geval de praktische handhaafbaarheid voor alle gehouden dieren.Parlementaire agenda [10-06-2021] - Tweeminutendebat Evaluatie Wet dieren (28 286, nr. 1183)Onderhanden111Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 Toezeggingen Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit aan Eerste KamerOmschrijvingVindplaatsAfgedaan metInformeren over omschakelfonds en aanpak duurzame landbouwbeleid agrofinancieringen (35.452) (zie T02948)Parlementaire agenda [07-07-2020] ‒ 3de suppletoire begrotingsbehandeling LNV (debat 30 minuten)Uitgaande brief [18-11-2020] - Contouren van het Omschakelprogramma duurzame landbouw (omschakelfonds)De minister van LNV heeft toegezegd het PvA over zoonosen ook naar de Eerste Kamer te sturen. (zie EK T03076)Parlementaire agenda [14-12-2020] - Plenaire behandeling van wetsvoorstel 35633, Wijziging van de Wet verbod pelsdierhouderij in verband met een vervroegde beëindiging van de pelsdierhouderijUitgaande brief van de minister van VWS [28-01-2021] - verzamelbrief SARS-CoV-2 bij dierenDe minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit zegt de Kamer, naar aanleiding van een vraag van het lid Rietkerk (CDA), toe bij de evaluatie van de natuurdoelensystematiek duidelijker te definiëren wat de instandhoudingsdoelen, behouddoelen en uitbreidingsdoelen zijn (zie EK T3005).Parlementaire agenda [30-06-2020] - Debat Aanvullingswet natuur OmgevingswetDe Kamer zal conform toezegging worden geïnformeerd.De minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit zegt de Kamer, naar aanleiding van het lid Kluit (GroenLinks), toe dat zij erop toe zal zien dat definities bij de voortgangsrapportages van het Natuurnetwerk Nederland (NNN) op elkaar afgestemd worden (zie EK T3006).Parlementaire agenda [30-06-2020] - Debat Aanvullingswet natuur OmgevingswetDe Kamer zal worden geïnformeerd met de volgende voortgangsrapportage natuur, welke volgens de planning eind 2021 wordt gepubliceerd.De minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit zegt de Kamer, naar aanleiding van een vraag van het lid Van Dijk (SGP), toe dat zij de Kamer nader zal informeren over de bejaagbaarheid van de grauwe gans (zie EK T3009).Parlementaire agenda [30-06-2020] - Debat Aanvullingswet natuur OmgevingswetDe Kamer zal conform toezegging worden geïnformeerd.De Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit zegt de Kamer, naar aanleiding van vragen van de leden Kluit (GroenLinks), Faber (PVV) en Janssen (SP), toe de Kamer in het voorjaar van 2021 te informeren over de mogelijkheden om in de toekomst wel beperkingen te kunnen stellen aan het gebruik van de stikstofruimte in het geval van beëindigingssituaties. (T03075)Parlementaire agenda [14-12-2020] - Plenaire behandeling van wetsvoorstel 35633, Wijziging van de Wet verbod pelsdierhouderij in verband met een vervroegde beëindiging van de pelsdierhouderijIn Kamerstuk 35 334, nr. 160 is aan uw Kamer gemeld dat de verwachting is dat u in het najaar van 2021 conform toezegging zal worden geïnformeerd.De minister van LNV zegt aan het lid Janssen (SP) toe het programma stikstofreductie en natuurverbetering voor de zomer naar de Eerste Kamer stuurt (zie EK T03102).Parlementaire agenda [02-03-2021]‒ 35600 Wijziging van de Wet natuurbescherming en de Omgevingswet (stikstofreductie en natuurverbetering)Uitgaande brief [16-07-2021] - Voortgang aanpak stikstofproblematiekDe minister van LNV zegt aan het lid Prins (CDA) toe om het gesprek aan te gaan met de minister van Financiën over wat mogelijk is om het budget voor de gerichte opkoopregeling te verhogen indien kansen bestaan die anders gemist worden, met het oog op versnelling van de uitkoop van de piekbelasting. Dat is geen resultaatverplichting, maar een inspanningsverplichting (zie EK T03103).Parlementaire agenda [02-03-2021]‒ 35600 Wijziging van de Wet natuurbescherming en de Omgevingswet (stikstofreductie en natuurverbetering)De Kamer zal conform toezegging worden geïnformeerd.De minister van LNV zegt aan het lid Kluit (GroenLinks) toe om de Eerste Kamer op de hoogte te houden van de ontwikkelingen met betrekking tot versnelling van de uitkoop van piekbelasters en de tweede en derde tranche van de gerichte opkoopregeling (zie EK T03104).Parlementaire agenda [02-03-2021]‒ 35600 Wijziging van de Wet natuurbescherming en de Omgevingswet (stikstofreductie en natuurverbetering)De Kamer zal conform toezegging worden geïnformeerd.De minister van LNV zegt aan het lid Pijlman (D66) toe om de Eerste Kamer te informeren over de voorwaarden (zoals over BBT) bij verplaatsing van piekbelasters op het moment dat de tweede tranche ingaat, dat zal na de zomer zijn. In de tussentijd worden gesprekken met piekbelasters wel gevoerd.Parlementaire agenda [02-03-2021]‒ 35600 Wijziging van de Wet natuurbescherming en de Omgevingswet (stikstofreductie en natuurverbetering)De Kamer zal conform toezegging worden geïnformeerd.De minister van LNV zegt aan het lid Prins (CDA) toe om ervoor te zorgen dat de Eerste Kamer het rapport, dat door de staatssecretaris van I&W naar de Tweede Kamer is gestuurd met een appreciatie, ook ontvangt, zodat deze kan lezen hoe het kabinet met de aanbevelingen omgaat (zie EK T03105).Parlementaire agenda [02-03-2021]‒ 35600 Wijziging van de Wet natuurbescherming en de Omgevingswet (stikstofreductie en natuurverbetering)Uitgaande brief [19-04-2021] - Advies Taskforce Versnelling Innovatieproces StalsystemenDe minister van LNV zegt aan het lid Schalk (SGP) toe dat aan individuele melders een brief wordt gestuurd met de uitkomst van de verificatie, waarmee zij naar de bank kunnen om aan te tonen dat gewerkt wordt aan de verlening van een vergunning. Tegelijk blijft de minister van LNV in gesprek met de banken om te kijken wat er nog meer voor nodig is om hun de zekerheid te geven waar ze om vragen (zie EK T03106 en T03107).Parlementaire agenda [02-03-2021]‒ 35600 Wijziging van de Wet natuurbescherming en de Omgevingswet (stikstofreductie en natuurverbetering)Uitgaande brief [16-07-2021] - Voortgang aanpak stikstofproblematiekDe minister van LNV zegt aan de leden Schalk (SGP) en Prins (CDA) toe de Eerste Kamer te informeren zodra meer duidelijkheid bestaat over het gesprek met provincies over tegemoetkoming van melders voor hun kosten.Parlementaire agenda [02-03-2021]‒ 35600 Wijziging van de Wet natuurbescherming en de Omgevingswet (stikstofreductie en natuurverbetering)Uitgaande brief [16-07-2021] - Voortgang aanpak stikstofproblematiek112Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 OmschrijvingVindplaatsAfgedaan metDe minister van LNV zegt toe aan het lid Janssen (SP) dat zij verwacht de Tweede Kamer later dit jaar meer te kunnen vertellen over hoever zij is met het bekijken van de aanpassing van het systeem van toestemmingsverlening, waaronder het bezien van bestaande vergunningen om meer zicht te krijgen op wat daar allemaal precies speelt, en hoe die verkenning precies verloopt (zie EK T03109).Parlementaire agenda [02-03-2021]‒ 35600 Wijziging van de Wet natuurbescherming en de Omgevingswet (stikstofreductie en natuurverbetering)De Kamer zal conform toezegging worden geïnformeerd.De minister van LNV zegt aan het lid Janssen (SP) toe om er bij de provincies op aan te dringen dat een check door de Strategische Milieukamer wordt uitgevoerd, zodat de risico's van fraude bij vergunningverlening en saldering goed in kaart worden gebracht. Dit moet met de provincies in het bestuurlijk overleg vastgesteld worden, maar de minister van LNV is bereid om hiernaar te gaan kijken (zie EK T03110).Parlementaire agenda [02-03-2021]‒ 35600 Wijziging van de Wet natuurbescherming en de Omgevingswet (stikstofreductie en natuurverbetering)Uitgaande brief [16-07-2021] - Voortgang aanpak stikstofproblematiekDe minister van LNV zegt toe aan het lid Kluit (GL) om in gesprek te gaan met onder meer VNO-NCW, LTO, Natuurmonumenten, MKB Nederland, Bouwend Nederland om te kijken wat ze nodig hebben voor de vormgeving van een integrale aanpak van de stikstofproblematiek (zie EK T03111).Parlementaire agenda [02-03-2021]‒ 35600 Wijziging van de Wet natuurbescherming en de Omgevingswet (stikstofreductie en natuurverbetering)De Kamer zal conform toezegging worden geïnformeerd.De minister van LNV zegt toe aan het lid Schalk (SGP) om het resultaat van het onderzoek naar de kritische depositiewaarden en de daaruit voortvloeiende herstelmaatregelen tot nu loopt in april of mei 2021 naar beide Kamers der Staten-Generaal te sturen (zie EK T03112).Parlementaire agenda [02-03-2021]‒ 35600 Wijziging van de Wet natuurbescherming en de Omgevingswet (stikstofreductie en natuurverbetering)Uitgaande brief [11-06-2021] - Rapport «Relaties tussen de hoeveelheid stikstofdepositie en de kwaliteit van habitattypen»De minister van LNV zegt toe aan het lid Pijlman (D66) om na te gaan of de ELGF-subsidies ook ingezet kunnen worden voor omschakelen. Zij kijkt of er meer nodig is dan de gereserveerde 175 miljoen euro voor het omschakelfonds en kijkt daarbij ook wat de mogelijkheid is om daar Europese fondsen bij te betrekken (zie EK T03113).Parlementaire agenda [02-03-2021]‒ 35600 Wijziging van de Wet natuurbescherming en de Omgevingswet (stikstofreductie en natuurverbetering)De Kamer zal conform toezegging worden geïnformeerd. De Kamer is hierover met Kamerstuk 35 334 nr. 163 geïnformeerd (Omschakelfonds).De minister van LNV zegt toe aan het lid Schalk (SGP) dat binnen vier jaar wordt gekeken welke zekerheid kan worden geboden om het wettelijke doel in 2035 te halen en zaken hiervoor goed om een rij te krijgen, en hiermee niet tot 2028 te wachten (zie EK T03114).Parlementaire agenda [02-03-2021]‒ 35600 Wijziging van de Wet natuurbescherming en de Omgevingswet (stikstofreductie en natuurverbetering)De Kamer zal conform toezegging worden geïnformeerd.De minister van LNV zegt toe aan de leden Kluit (GroenLinks) en Pijlman (D66) om te Eerste Kamer op de hoogte te houden van de ontwikkelingen wat betreft de Afrekenbare Stoffenbalans en zal daarbij ook aangeven, als het wordt ingevoerd, wanneer het eventueel zou kunnen draaien en of er in Europa nog goede voorbeelden hiervan zijn. De Eerste Kamer wordt hier na de zomer over geïnformeerd (zie EK T03115).Parlementaire agenda [02-03-2021]‒ 35600 Wijziging van de Wet natuurbescherming en de Omgevingswet (stikstofreductie en natuurverbetering)De Eerste Kamer zal conform toezegging worden geinformeerd.De minister van LNV zegt de Eerste Kamer, naar aanleiding van vragen van de leden Prins (CDA) en Schalk (SGP), toe dat de SER het proces van de totstandkoming van het landbouwakkoord gaat faciliteren en dat diverse sectoren uit de landbouw daarbij zullen worden betrokken (zie EK 03116).Parlementaire agenda [02-03-2021]‒ 35600 Wijziging van de Wet natuurbescherming en de Omgevingswet (stikstofreductie en natuurverbetering)Uitgaande brief [2 juni 2021] - SER-verkenning ‘Naar duurzame toekomstperspectieven voor de landbouw’De minister van LNV zegt toe aan het lid Faber (PVV) om de Eerste Kamer te informeren over de websites waar alle gevraagde informatie over de artikel 17-rapportage over de staat van instandhouding is te vinden (zie EK T03117).Parlementaire agenda [02-03-2021]‒ 35600 Wijziging van de Wet natuurbescherming en de Omgevingswet (stikstofreductie en natuurverbetering)Uitgaande brief [05-03-2021] - Toezegging over informatie over SDF in behandeling van het Wetsvoorstel stikstofreductie en natuurverbetering d.d. 2 maart 2021De minister van LNV zegt de Eerste Kamer, naar aanleiding van vragen van de leden Klip-Martin (VVD), Prins (CDA) en Schalk (SGP), toe dat er in oktober 2021 een nieuwe release van het AERIUS-systeem zal worden uitgebracht en dat zij voor die tijd met de provincies zal overleggen om ervoor te zorgen dat zij er ruchtbaarheid aan geven bij andere bevoegde gezagen dat er een extra check wordt gedaan, zodat de meest recente gegevens worden gebruikt bij de vergunningaanvragen (zie EK03118).Parlementaire agenda [02-03-2021]‒ 35600 Wijziging van de Wet natuurbescherming en de Omgevingswet (stikstofreductie en natuurverbetering)De Kamer zal conform toezegging worden geïnformeerd.De minister van LNV zegt de Eerste Kamer, naar aanleiding van een vraag van het lid Koffeman (PvdD), toe informatie te sturen over de monitoring van veevoerpilots met praktijkbedrijven voor de verdere verlaging van het ruweiwitgehalte, zodra dit beschikbaar is (zie EK T03119).Parlementaire agenda [02-03-2021]‒ 35600 Wijziging van de Wet natuurbescherming en de Omgevingswet (stikstofreductie en natuurverbetering)De Eerste Kamer zal conform toezegging worden geinformeerd.De minister van LNV zegt toe aan het lid Klip (VVD) om in het overdrachtsdossier naar haar ambtsopvolger te benadrukken dat ruimtelijke integraliteit in het kader van de Studiegroep ruimtelijke inrichting landelijk gebied van belang is. Het gaat daarbij om stikstof, water, bodem, lucht, klimaat en vele andere zaken. Deze integraliteit is ook gevraagd in de studiegroep, maar die zal de minister zeker ook benadrukken voor haar ambtsopvolger.Parlementaire agenda [02-03-2021]‒ 35600 Wijziging van de Wet natuurbescherming en de Omgevingswet (stikstofreductie en natuurverbetering)De minister zal opvolging aan de toezegging zodra het moment daar is.113Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 OmschrijvingVindplaatsAfgedaan metDe minister van LNV zegt toe aan het lid Faber (PVV) dat zij navraag doet of er nog nadere zaken zijn die gestuurd kunnen worden in het kader van de onderbouwing van de SDF-formulieren (in aanvulling op de brief die is verzonden aan de Eerste Kamer n.a.v. het debat op 2 maart 2021) (zie EK T03117).Parlementaire agenda [09-03-2021] - Derde termijn Kamer en regering (onder voorbehoud) Stikstofreductie en natuurverbetering (35.600)De Eerste Kamer heeft een technische briefing gehad over dit onderwerp en daarmee is de toezegging voldaan.Toezeggingen Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit aan Tweede KamerOmschrijvingVindplaatsAfgedaan metOnderzoek juridische implicaties van nertsenfokkers die eerder gestopt zijn en geen aanspraak meer kunnen doen op nadeelcompensatie.Parlementaire agenda [16-09-2020] - LNV: Algemene Politieke Beschouwingen TKVerzamelbrief SARS-CoV-2 bij nertsen van 13-10-2020 door VWSHoe het kabinet nu handelt op basis van die extra volksgezondheidsrisico's die vorige week nog zijn gebleken.Parlementaire agenda [16-09-2020] - LNV: Algemene Politieke Beschouwingen TKUitgaande brief [13-10-2020] - Verzamelbrief SARS-CoV-20 bij nertsenIn het komende najaar zult u nader worden geïnformeerd over het advies van de Taskforce en de acties die daaruit volgen.Toezegging in twee brieven van I&W (bijgevoegd)Uitgaande brief [05-02-2021] - Advies Taskforce Versnelling Innovatieproces Stalsystemen en stand van zaken Subsidiemodules brongerichte verduurzaming stal- en managementmaatregelenHet kabinet zal in de periodieke rapportages aan de Kamer ingaan op juridische implicaties van de stoppersregeling van nertsenfokkerijen en op extra volksgezondheidsrisico's.Parlementaire agenda [16-09-2020] - LNV: Algemene Politieke Beschouwingen TKUitgaande brief [13-10-2020] - Verzamelbrief SARS-CoV-20 bij nertsenDe minister van LNV informeert de Tweede Kamer over korte ketens en streekproducten naar aanleiding van een vraag over gesprekken met o.a. cateraars over het gebruik van biologische producten.Parlementaire agenda [01-10-2020] - AO Landbouw, Klimaat en VoedselUitgaande brief [05-10-2020] - Nationale Handelsmissie korte ketenDe minister van LNV informeert de Tweede Kamer nader over het true pricing principe.Parlementaire agenda [01-10-2020] - AO Landbouw, Klimaat en VoedselUitgaande brief [15-10-2020] - De agrarische ondernemerschapsagendaDe minister van LNV stuurt de Tweede Kamer voor de begrotingsbehandeling van 24-26 november 2020 een brief over de mogelijke inzet van een speciale gezant voor versnelling van innovaties voor het mestbeleid.Parlementaire agenda [01-10-2020] - AO Landbouw, Klimaat en VoedselUitgaande brief [10-02-2021] - Inzet speciaal gezant innovatieDe minister van LNV informeert de Tweede Kamer - indien mogelijk - over de financiering van de agrosector in het algemeen.Parlementaire agenda [01-10-2020] - AO Landbouw, Klimaat en VoedselUitgaande brief [22-12-2020] - Toezeggingen agrofinancieringDe minister van LNV informeert de Tweede Kamer voor de begrotingsbehandeling van 24-26 november 2020 over het Transitiefonds.Parlementaire agenda [01-10-2020] - AO Landbouw, Klimaat en VoedselUitgaande brief [18-11-2020] - Contouren van het Omschakelprogramma duurzame landbouw (omschakelfonds)De minister informeert de Tweede Kamer over het grondbeleid.Parlementaire agenda [01-10-2020] - AO Landbouw, Klimaat en VoedselUitgaande brief van de minister van BZK [09-07-2021] - Verkenning actief grondbeleidDe minister zegt toe de Tweede Kamer voor het AO Biotechnologie nader te informeren over de relatie tussen biologische landbouw en veredelingstechnieken.Parlementaire agenda [01-10-2020] - AO Landbouw, Klimaat en VoedselUitgaande brief [28-10-2020] - Beantwoording SO Biotechnologie en Tuinbouw van 7 oktober 2020Zodra meer bekend wordt over een goede plek voor olifant Buba wordt de Kamer geïnformeerd.Parlementaire agenda [29-09-2020] - AO Dierenwelzijn buiten de veehouderij«Ontheffing is verleend».De minister van LNV gaat met de minister van VWS in overleg of er op basis van een andere titel dan het Besluit Houders van dieren mogelijkheden zijn om tijdens deze coronatijd dierenmarkten geen doorgang te laten vinden.Parlementaire agenda [29-09-2020] - AO Dierenwelzijn buiten de veehouderijUitgaande brief [19-04-2021] - Beantwoording vragen over de Puppy ExpressDe minister van LNV informeert de Kamer over het gesprek tussen de NVWA en Marktplaats over mogelijk te stellen aanvullende voorwaarden voor het plaatsen van een advertentie voor de verkoop van een dier zoals bijvoorbeeld het opnemen van een fiscaal nummer, een chipnummer en een dierenartsverklaring.Parlementaire agenda [29-09-2020] - AO Dierenwelzijn buiten de veehouderijUitgaande brief [19-04-2021] - Beantwoording vragen over de Puppy ExpressDe minister van LNV is bereid de petitie dierenmishandeling gezamenlijk met de leden van de Tweede Kamer in ontvangst te nemen.Parlementaire agenda [29-09-2020] - AO Dierenwelzijn buiten de veehouderijPetitie is in ontvangst genomen.De Kamer wordt voor de begrotingsbehandeling geïnformeerd over het overleg met lokale partijen/gemeenten over de pilot chipplicht.Parlementaire agenda [29-09-2020] - AO Dierenwelzijn buiten de veehouderijUitgaande brief [02-02-2021] - Pilot chippen van kattenDe Kamer wordt z.s.m. geïnformeerd over de uitkomsten van het onderzoek naar een DNA-databank en de kosten daarvan.Parlementaire agenda [29-09-2020] - AO Dierenwelzijn buiten de veehouderijDe Kamer zal conform toezegging worden geïnformeerd.114Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 OmschrijvingVindplaatsAfgedaan metDe minister van IenW stuurt, mede namens de minister van LNV, op korte termijn een reactie op het advies van de heer Joustra over deelname van de visserijsector aan het Noordzee-overleg.Parlementaire agenda [12-10-2020] - AO VisserijUitgaande brief van de minister van I&W [27-11-2020] - Appreciatie van de adviezen over de governance van het Noordzeeoverleg en deelname van de visserijsectorEind dit jaar ontvangt de Kamer de tussenevaluatie van het akkoord Visserij in Beschermde Gebieden (VIBEG 2), met daarbij het toekomstperspectief voor de garnalensector.Parlementaire agenda [12-10-2020] - AO VisserijDe Kamer is geïnformeerd met Kamerstuk 29 675, nr. 200 over de tussenevaluatie van het akkoord VIBEG 2. De Kamer is op 28 juni 2021 over de voortgang van het toekomstperspectief garnalenvisserij geïnformeerd via de brief «Actualisatie Kottervisie en benutting middelen Brexit Adjustment Reserve» (Kamerstuk 21 501-32, nr. 1328). De Kamer zal in het najaar over de garnalenvisie worden geïnformeerd.In de voortgangsrapportage van het Gemeenschappelijk Visserijbeleid wordt uitgebreider ingegaan op de onderzoeken naar de aanlandplicht en uitzonderingen daarop.Parlementaire agenda [12-10-2020] - AO VisserijDe Kamer zal conform toezegging worden geïnformeerd.De minister van LNV zal de Kamer nader informeren over eventuele aanpassingen van regelgeving (per 1 april 2021) voor de bescherming van oesterbanken.Parlementaire agenda [12-10-2020] - AO VisserijUitgaande brief [20-04-2021] - Verzamelbrief kust- en binnenvisserijDe Kamer wordt zeer binnenkort nader geïnformeerd over het onderzoek naar verontreiniging van rode aal in het gebied bij Urk.Parlementaire agenda [12-10-2020] - AO VisserijUitgaande brief [04-12-2020] - Rapport 2e monitoring gebiedenIn de kottervisie wordt een impact assessment van het Noordzee-akkoord meegenomen.Parlementaire agenda [12-10-2020] - AO VisserijUitgaande brief [19-06-2020] - Appreciatie bij het advies van mevrouw Burger voor een duurzame kottervisserij op de NoordzeeBegin volgend jaar wordt in de volgende verzamelbrief over visserij ingegaan op oesterbanken en vissenwelzijn.Parlementaire agenda [12-10-2020] - AO VisserijUitgaande brief [20-04-2021] - Verzamelbrief kust- en binnenvisserijDe Risicoanalyse van knelpunten in het slachtproces ontvangt de Kamer voor het eind van het jaarParlementaire agenda [29-10-2020] - AO Dieren in de veehouderijUitgaande brief [28-01-2021] - Brief inzake de verbetering van het slachtsysteemDe minister van LNV zal zich verdiepen in de Duitse regelgeving over koloniekooien in de pluimveehouderij en informeert de Kamer hierover voor de begrotingsbehandelingParlementaire agenda [29-10-2020] - AO Dieren in de veehouderijUitgaande brief [20-11-2020] - Toezeggingen dierenwelzijn en plaagdierenbestrijdingDe minister van LNV zal met de minister van Infrastructuur en Waterstaat bekijken of en hoe voorlichting kan worden gegeven aan Oost-Europese chauffeurs ter voorkoming van verspreiding van de Afrikaanse varkenspest.Parlementaire agenda [29-10-2020] - AO Dieren in de veehouderijUitgaande brief «Stand van zaken Diergezondheid» (Kamerstuk 28286 - nr. 1207).De onafhankelijke audit die wordt uitgevoerd naar aanleiding van de uitspraak van het College van Beroep over mond- en klauwzeer in Kootwijkerbroek ontvangt de Kamer in de eerste helft van 2021.Parlementaire agenda [29-10-2020] - AO Dieren in de veehouderijDe Kamer zal dit najaar over de audit worden geinformeerd. De Kamer is op 21 juli 2021 over de voortgang geïnformeerd via de brief «Stand van zaken Diergezondheid» (Kamerstuk 28286- nr. 1207).De minister van LNV zal zich zo spoedig mogelijk verstaan met de vrije kalversector, maar kan hierover geen beloftes doen. (i.v.m. steun in deze coronatijd)Parlementaire agenda [29-10-2020] - AO Dieren in de veehouderijDe minister heeft hierover gesproken tijden het begrotingsdebatVoorafgaand aan de behandeling van de begroting van het ministerie van LNV krijgt de Kamer een reactie op het plan «Houden van dieren: Dierenwelzijn bij de tijd» dat lid De Groot namens D66 tijdens het algemeen overleg heeft overhandigd aan de ministerParlementaire agenda [29-10-2020] - AO Dieren in de veehouderijUitgaande brief [20-11-2020] - Toezeggingen dierenwelzijn en plaagdierenbestrijdingDe minister van LNV zal het recent uitgebrachte rapport van de commissie van Deskundigen Meststoffenwet (CDM) met een appreciatie aan de Kamer sturen. Gestreefd wordt om dit te sturen voorafgaand aan de begrotingsbehandeling.Parlementaire agenda [04-11-2020] - AO MestbeleidUitgaande brief [24-12-2020] - Gecombineerde indicator voor de fosfaattoestand van de bodem en invoering rVDMDe minister van LNV informeert begin 2021 de Tweede Kamer nader over de invulling van het 7e Actieprogramma.Parlementaire agenda [04-11-2020] - AO MestbeleidUitgaande brief [13-04-2021] - Opgave en voortgang zevende actieprogramma NitraatrichtlijnDe minister van LNV zal meer inzicht geven in de mogelijke definities van grondgebondenheid en de daaruit voortkomende consequenties.Parlementaire agenda [04-11-2020] - AO MestbeleidUitgaande brief [13-04-2021] - Routekaart Toekomstig MestbeleidDe minister van LNV zet op verzoek van de Kamer een experiment op voor het gebruik van bietenblad als eiwitvervanger, waarbij het experiment zich richt op het mogelijk maken ervan in het mestbeleid.Parlementaire agenda [04-11-2020] - AO MestbeleidDe Kamer zal conform toezegging worden geïnformeerd.115Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 OmschrijvingVindplaatsAfgedaan metDe minister van LNV zal voor de behandeling van de begroting van het ministerie van LNV de Kamer informeren over de invoering van de fosfaatindicator.Parlementaire agenda [04-11-2020] - AO MestbeleidUitgaande brief [24-12-2020] - Gecombineerde indicator voor de fosfaattoestand van de bodem en invoering rVDMDe minister zal voor eind 2020 de Kamer meer informatie sturen over emissiearme stalvloeren (deze toezegging ziet op volièrehuisvesting).Parlementaire agenda [04-11-2020] - AO MestbeleidDe Kamer zal conform toezegging worden geïnformeerd. Uw Kamer is over de voortgang geïnformeerd met uitgaande brief [05-03-2021] - Onderzoek veiligheid emissiearme stalvloeren.De minister van LNV komt met een routekaart waarin inzichtelijk wordt gemaakt welke stappen worden gezet voor de uitwerking van de contourenbrief over het nieuwe mestbeleid.Parlementaire agenda [04-11-2020] - AO MestbeleidUitgaande brief [13-04-2021] - Routekaart Toekomstig MestbeleidDe minister van LNV neemt de impactanalyse van de contouren van het nieuwe mestbeleid mee bij de uitwerking daarvan.Parlementaire agenda [04-11-2020] - AO MestbeleidUitgaande brief [13-04-2021] - Routekaart Toekomstig MestbeleidDe minister van LNV zegt toe dat er een ex-ante analyse door of met in samenwerking met het Planbureau voor de Leefomgeving zal worden uitgevoerd over de tussendoelen, de indicatoren en de criteria van het Uitvoeringsprogramma Toekomstvisie Gewasbescherming, die komend jaar worden uitgewerkt.Parlementaire agenda [02-11-2020] - AO GewasbeschermingsmiddelenDe Kamer zal conform toezegging worden geinformeerd.De minister van LNV zegt toe dat de Kamer nog nader geïnformeerd over de rol van economische prikkels in het behalen van de doelen van het Uitvoeringsprogramma Toekomstvisie Gewasbescherming 2030.Parlementaire agenda [02-11-2020] - AO GewasbeschermingsmiddelenDe Kamer zal conform toezegging worden geïnformeerd.De minister van LNV zegt toe voor de begrotingsbehandeling een appreciatie op hoofdlijnen te sturen van het juridisch advies over glyfosaat dat de commissie heeft laten uitvoeren.Parlementaire agenda [02-11-2020] - AO GewasbeschermingsmiddelenUitgaande brief [19-11-2020] - Toezegging op het terrein van gewasbeschermingDe minister van LNV zegt toe de Kamer voor het einde van het jaar te informeren over het gesprek over voorwaarden met betrekking tot glyfosaat voor de rijksvastgoedgronden.Parlementaire agenda [02-11-2020] - AO GewasbeschermingsmiddelenUitgaande brief [17-04-2021] - Toezegging en motie over het gebruik van glyfosaathoudende middelen op gronden van het RijksvastgoedbedrijfDe minister van LNV zegt toe voor de begrotingsbehandeling de Kamer te informeren over de certificering en cursussen in het kader van IPM en hoe deze laagdrempelig kunnen worden vormgegeven voor boeren.Parlementaire agenda [02-11-2020] - AO GewasbeschermingsmiddelenUitgaande brief [20-11-2020] - Toezeggingen dierenwelzijn en plaagdierenbestrijdingDe minister van LNV zegt toe dat in gesprekken met landbouwsector wordt gesproken over andere boekhoudsystemen in bepaalde landbouwsectoren.Parlementaire agenda [03-11-2020] - Debat Steunpakket voor MEZK/MSZW/MFINUitgaande brief [06-07-2021] - Start regeling ongedekte vaste kostenEr wordt nu een plan uitgewerkt waarin staat wat de ambitie van de TPI (Transitie Proefdiervrije Innovatie) wordt en welke acties daar allemaal aan worden verbonden. In dat document zal een passage worden opgenomen over de filosofie achter de TPI en de werkwijze in de omslag van het werken.Parlementaire agenda [12-11-2020] - AO DierproevenUitgaande brief [21 juli 2021] over «Het vervolg in 2021-2023 van het programma Transitie Proefdiervrije Innovatie (TPI» (Kamerstuk 32 336 nr. 121).De minister van LNV zegt toe de Kamer in het eerste kwartaal van 2021 nader te informeren over de sloop-en ombouwregeling en de daarmee gemoeide kosten.Parlementaire agenda [30-11-2020] - Wetgevingsoverleg PelsdierhouderijUitgaande brief [12-02-2021] - Ontwerpbesluit tot wijziging van het Besluit subsidiëring sloop- en ombouwkosten pelsdierhouderij in verband met een vervroegde beëindiging van de pelsdierhouderijDe minister van LNV is bereid gemeenten te ondersteunen om tempo te kunnen houden bij de vergunningverlening omtrent de sloop- en ombouwregeling.Parlementaire agenda [30-11-2020] - Wetgevingsoverleg PelsdierhouderijUitgaande brief [07-05-2021] - Voortgang verbod pelsdierhouderij (Kamerstuk 35 633, nr. 22).Voor 1 december 2020 informeert de minister van LNV de Tweede Kamer hoe wordt omgegaan met retributies door de NVWA.Parlementaire agenda [25-11-2020] ‒ 2e termijn Begroting Landbouw, Natuur en Visserij (XIV)Uitgaande brief [28-01-2021] - Voortgangsbrief NVWAZodra het uitvoeringsprogramma van het Programma Natuur gezamenlijk met de provincies is vastgesteld (naar verwachting begin december) zal de minister van LNV de Tweede Kamer hierover informeren.Parlementaire agenda [25-11-2020] ‒ 2e termijn Begroting Landbouw, Natuur en Visserij (XIV)Uitgaande brief [08-12-2020] - Uitvoeringsprogramma NatuurVoor het einde van het jaar 2020 informeert de minister van LNV samen met de minister van VWS de Tweede Kamer over de aanpak en samenstelling van de werkgroep zoönose.Parlementaire agenda [25-11-2020] ‒ 2e termijn Begroting Landbouw, Natuur en Visserij (XIV)Uitgaande brief van de minister voor MZS [17-02-2021] - Informatie over zoönosenbeleid en instelling expertgroepDe minister van LNV informeert de Tweede Kamer middels een begrotingswijziging over extra middelen voor het beheer van nationale parken in Caribisch Nederland.Parlementaire agenda [25-11-2020] ‒ 2e termijn Begroting Landbouw, Natuur en Visserij (XIV)Uitgaande brief [14-12-2020] - Begrotingswijzigingen ten opzichte van de 2e suppletoire begroting 2020 van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit en Diergezondheidsfonds; Uitgaande 116Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 OmschrijvingVindplaatsAfgedaan metbrief [24-04-2020] - Natuur- en milieubeleidsplan Caribisch Nederland 2020-2030Begin 2021 informeert de minister van LNV de Tweede Kamer over de invulling van de steunmaatregel voor dierentuinen, waarbij ook wordt ingegaan op de motie van het lid Van Weyenberg (D66) over behoud van fok- en uitzetprogramma's van beschermde diersoorten.Parlementaire agenda [25-11-2020] ‒ 2e termijn Begroting Landbouw, Natuur en Visserij (XIV)De Kamer is geïnformeerd met Kamerstuk 35 420, nr. 229 (d.d. 17 februari 2021). Hierin wordt gerefereerd aan de onderhavige motie-Weyenberg c.s. (Kamerstuk 35 420 nr. 122).De minister van LNV zal de Tweede Kamer informeren over op korte termijn te maken nadere afspraken met het Dolfinarium over voorstellingen en dierverblijven.Parlementaire agenda [25-11-2020] ‒ 2e termijn Begroting Landbouw, Natuur en Visserij (XIV)De Kamer zal in het najaar worden geïnformeerd conform toezegging.In februari 2021 geeft de minister van LNV een stand van zaken met betrekking tot alternatieven voor het doden van eendagshaantjes en het versneld toepasbaar maken van technieken en innovaties hiervoor.Parlementaire agenda [25-11-2020] ‒ 2e termijn Begroting Landbouw, Natuur en Visserij (XIV)Uitgaande brief [26-05-2021] - Stand van zaken brief pluimveedossiersIn februari 2021 verwacht de minister van LNV de Tweede Kamer te kunnen informeren over gesprekken met de eendensector over watervoorziening.Parlementaire agenda [25-11-2020] ‒ 2e termijn Begroting Landbouw, Natuur en Visserij (XIV)De Kamer zal conform toezegging worden geïnformeerd. Uw Kamer is over de voortgang geïnformeerd via de brief «Stand van zaken brief pluimveedossiers» van 26 mei 2021 (Kamerstuk 28 286, nr. 1184).De minister van LNV zal de Tweede Kamer informeren over de uitvoering van de motie van het lid Geurts (CDA) over fiscale tegemoetkoming van niet-verkochte producten van gevaccineerde dieren zodra het onderzoek naar de mogelijkheden hiervoor is afgerond.Parlementaire agenda [25-11-2020] ‒ 2e termijn Begroting Landbouw, Natuur en Visserij (XIV)Uitgaande brief [06-05-2021] - Motie over fiscaal reserverenDe minister van LNV is bereid om concreet met boeren in gesprek te gaan om terug te blikken op deze periode en om te kijken wat er nodig is om het gesprek voor de toekomst gaande te houden.Parlementaire agenda [25-11-2020] ‒ 2e termijn Begroting Landbouw, Natuur en Visserij (XIV)Uitgaande brief [01-06-2021] - Tweede resultatenoverzicht realisatieplan visie Waardevol en verbondenDe minister van LNV is bereid om samen met alle betrokken partners, de weidevogelprovincies, boeren en natuurorganisaties, de ideeën voor een verdienmodel verder uit te werken en de haalbaarheid en uitvoerbaarheid van het aanvalsplan Grutto te onderzoeken.Parlementaire agenda [25-11-2020] ‒ 2e termijn Begroting Landbouw, Natuur en Visserij (XIV)Uitgaande brief [07-07-2021] - Invulling Economisch Herstelfonds binnen de plattelandsontwikkeling en voortgang GLB-NSPDe minister van LNV vindt de actie Nederland plant bomen, waar o.a. SBB, de EO, Nationale Boomfeestdag, het Buitenfonds en andere mensen bij betrokken zijn, een heel mooi initiatief en ik zal kijken hoe we dat kunnen ondersteunen.Parlementaire agenda [25-11-2020] ‒ 2e termijn Begroting Landbouw, Natuur en Visserij (XIV)Uitgaande brief [25-05-2021] - Verzamelbrief NatuurDe minister van LNV werkt voor het verkiezingsreces (dit begint op 12 februari 2021) uit hoe zij de motie over de speciaal gezant innovatie (35 570-XIV, nr. 23) gaat uitvoeren en informeert de Tweede Kamer hierover per brief.Parlementaire agenda [08-12-2020] - VAO Landbouw, Klimaat en Voedsel (AO d.d. 01/10)Uitgaande brief [10-02-2021] - Inzet speciaal gezant innovatieDe minister van LNV zegt toe in gesprek te gaan met de provincies over de bevordering van stilte en stiltegebieden, ook in het kader van de Omgevingswet, en hoe we daarmee rekening zouden kunnen houden bij de ruimtelijke ordening.Parlementaire agenda [25-11-2020] ‒ 2e termijn Begroting Landbouw, Natuur en Visserij (XIV)De Kamer zal conform toezegging worden geïnformeerd.De minister van LNV informeert de Tweede Kamer voor de verkiezingen (verkiezingsreces begint op 12 februari 2021) over de uitkomst van de gesprekken met de organisaties die de natuurmonitoring uitvoeren en over eventuele lacunes in de huidige monitoring.Parlementaire agenda [10-12-2020] - Debat behandeling StikstofwetUitgaande brief [25-05-2021] - Verzamelbrief NatuurDe minister van LNV informeert de Tweede Kamer begin 2021 nader over het regionale stikstofregistratiesysteemParlementaire agenda [10-12-2020] - Debat behandeling StikstofwetUitgaande brief [16-07-2021] - Voortgang aanpak stikstofproblematiekDe minister van LNV informeert de Tweede Kamer begin 2021 over de stand van zaken van de uitwerking van het project voor een 'koepelvergunning' voor zeehavens.Parlementaire agenda [10-12-2020] - Debat behandeling StikstofwetUitgaande brief [16-07-2021] - Voortgang aanpak stikstofproblematiekDe minister van LNV informeert de Tweede Kamer in het eerste kwartaal van 2021 over de samen met de minister van EZK uitgevoerde inventarisatie van in de komende jaren te verwachten vergunningsaanvragen voor projecten en de daarvoor benodigde stikstofruimte.Parlementaire agenda [10-12-2020] - Debat behandeling StikstofwetUitgaande brief [16-07-2021] - Voortgang aanpak stikstofproblematiekZodra er duidelijkheid is over de beoordeling van de vergunningaanvragen van luchthavens informeert de minister van LNV de Tweede Kamer hierover.Parlementaire agenda [10-12-2020] - Debat behandeling StikstofwetDe Kamer zal conform toezegging worden geïnformeerd, zodra duidelijkheid bestaat over de beoordeling.117Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 OmschrijvingVindplaatsAfgedaan metDe minister van LNV beziet in de gesprekken met de Europese Commissie wat mogelijk is omtrent grond in de landelijke beëindigingsregeling en informeert de Tweede Kamer daarover.Parlementaire agenda [10-12-2020] - Debat behandeling StikstofwetDe Kamer zal conform toezegging worden geïnformeerd.De minister van LNV inventariseert met de provincies of zij het gesprek met agrarische natuurcollectieven aan willen gaan over landbouwgronden die als stikstofgevoelig kunnen worden aangewezen. En te bezien wat daar nu wel en wat daar niet onder valt.Parlementaire agenda [10-12-2020] - Debat behandeling StikstofwetUitgaande brief [25-05-2021] - Verzamelbrief NatuurDe minister van LNV informeert de Tweede Kamer begin 2021 nader over de stand van zaken van de criteria voor de nationale ontwikkelreserve.Parlementaire agenda [10-12-2020] - Debat behandeling StikstofwetUitgaande brief [16-07-2021] - Voortgang aanpak stikstofproblematiekDe minister van Buitenlandse Zaken zegt toe dat de Tweede Kamer een nadere appreciatie ontvangt met betrekking tot de regelingen van nadeelcompensatie betreffende de visserijsector en gaat daarbij in op de gevolgen voor de gehele visserijketen.[28-12-2020] Nota-overleg BrexitDe Kamer zal in het najaar over de nadeelcompensatie worden geïnformeerd. De Kamer is op 28 juni 2021 over de voortgang geïnformeerd via de brief «Actualisatie Kottervisie en benutting middelen Brexit Adjustment Reserve» (Kamerstuk 21 501-32, nr. 1328).De Kamer zal, zodra de minister van LNV meer informatie heeft over de saneringsregeling visserij, zo snel mogelijk geïnformeerd worden over de te nemen stappen om het traject verder vorm te geven.Parlementaire agenda [27-01-2021] - Notaoverleg Onderhandelaarsakkoord over de Noordzee met MI&WDe Kamer zal conform toezegging worden geïnformeerd. De Kamer is op 28 juni 2021 over de voortgang geïnformeerd via de brief 'Actualisatie Kottervisie en benutting middelen Brexit Adjustment Reserve (Kamerstuk 21 501-21, nr. 1328).De Kamer zal de Garnalenvisie in het tweede kwartaal van 2021 ontvangen.Parlementaire agenda [27-01-2021] - Notaoverleg Onderhandelaarsakkoord over de Noordzee met MI&WDe Kamer zal in het najaar over de garnalenvisie worden geïnformeerd. De Kamer is op 28 juni 2021 over de voortgang geïnformeerd via de brief «Actualisatie Kottervisie en benutting middelen Brexit Adjustment Reserve» (Kamerstuk 21 501-32, nr. 1328)De minister van LNV komt binnen een maand met een schriftelijke reactie op het artikel uit de Groene Amsterdammer over illegale visserij.Parlementaire agenda [27-01-2021] - Notaoverleg Onderhandelaarsakkoord over de Noordzee met MI&WUitgaande brief [30-03-2021] - Reactie visserij artikelen Groene AmsterdammerOp korte termijn wordt de Kamer geïnformeerd over de vormgeving van het onafhankelijke platform voor het melden en beoordelen van misstanden bij de NVWA en andere LNV-onderdelen, waarbij ook wordt ingegaan op de doorzettingsmacht hiervan.Parlementaire agenda [02-02-2021] - AO NVWAUitgaande brief [09-02-2021] - Externe integriteitscommissie LNV en beantwoording openstaande vragen AO 2 februari 2021 en de vragen van het lid De GrootDe minister van LNV maakt een concreet overzicht van de planning van ICT-projecten, dat beschikbaar zal zijn voor de formateur.Parlementaire agenda [02-02-2021] - AO NVWADe (in)formateur zal conform toezegging worden geïnformeerd zodra deze om de informatie verzoektDe Kamer zal geïformeerd worden over de uitkomst van de gesprekken met Rendac over de berekeningssystematiek van de tarieven en de transparantie van de tariefopbouw.Parlementaire agenda [02-02-2021] - AO NVWAUitgaande brief [08-02-2021] - Kadavertarieven en het destructiebestelDe minister van LNV zal de HUF-toets over drempels in de ruggenteelt aan de Kamer doen toekomenParlementaire agenda [02-02-2021] - AO NVWAUitgaande brief [09-02-2021] - Externe integriteitscommissie LNV en beantwoording openstaande vragen AO 2 februari 2021 en de vragen van het lid De GrootDe minister van LNV zal in gesprek gaan met haar Duitse collega over de afzetmogelijkheden van gevaccineerde producten en zal samen met de sectoren dit onderwerp agenderen op de Noordwest-Europese conferentie dit najaar.Parlementaire agenda [21-04-2021] - Wijziging van de Wet dieren in verband met de uitvoering van de herziene Europese Diergezondheidswetgeving (35 398)De Kamer zal conform toezegging worden geinformeerd.De minister van LNV zegt toe een uitvoerings- en handhaafbaarheidstoets te doen op het amendement van de heer Wassenberg op de Wet Dieren over het doden van dieren door fokkers en de Kamer hier over te informeren via de Nota naar aanleiding van het verslag.Parlementaire agenda [21-04-2021] - Wijziging van de Wet dieren in verband met de uitvoering van de herziene Europese Diergezondheidswetgeving (35 398)De Kamer zal conform toezegging worden geïnformeerd.De minister van LNV zal de Kamer informeren over de lagere Europese regelgeving die Commissie nog aan het ontwikkelen is in het kader van de Diergezondheidsverordening.Parlementaire agenda [21-04-2021] - Wijziging van de Wet dieren in verband met de uitvoering van de herziene Europese Diergezondheidswetgeving (35 398)De Kamer zal conform toezegging worden geïnformeerd.118Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 OmschrijvingVindplaatsAfgedaan metDe minister van LNV zegt toe de cijfermatige onderbouwing van de jaarlijkse tariefwijzing van het DGF voor het herfstreces met de Kamer te delen.Parlementaire agenda [21-04-2021] - Wijziging van de Wet dieren in verband met de uitvoering van de herziene Europese Diergezondheidswetgeving (35 398)De Kamer zal conform toezegging worden geinformeerd.De minister van LNV zegt toe de geactualiseerde draaiboeken rond de zomer online te publiceren.Parlementaire agenda [21-04-2021] - Wijziging van de Wet dieren in verband met de uitvoering van de herziene Europese Diergezondheidswetgeving (35 398)De Kamer zal conform toezegging worden geinfrmeerd. De Kamer is op 21 juli 2021 over de voortgang geinformeerd via de brief 'Stand van zaken Diergezondheid'(Kamerstuk 28286- nr. 1207)De minister van LNV zegt toe de Kamer zal samen met de sectoren kijken naar de (on)mogelijkheden op het gebied van preventief vaccineren en de Kamer hier voor de zomer over te informeren.Parlementaire agenda [21-04-2021] - Wijziging van de Wet dieren in verband met de uitvoering van de herziene Europese Diergezondheidswetgeving (35 398)De Kamer zal conform toezegging worden geinfrmeerd. De Kamer is op 21 juli 2021 over de voortgang geinformeerd via de brief 'Stand van zaken Diergezondheid'(Kamerstuk 28286- nr. 1207)De minister van LNV informeert de Kamer in het eerste kwartaal van 2022 over de mogelijkheden voor aanvullend gezondheidsonderzoek door het RIVM naar de langetermijngevolgen van blootstelling aan gewasbeschermingsmiddelen.Parlementaire agenda [20-05-2021] - VAO GewasbeschermingsmiddelenDe Kamer zal conform toezegging worden geinformeerd.De minister van LNV informeert de Kamer over wat de NVWA samen met de Douane en andere organisaties doet om illegale handel in gewasbeschermingsmiddelen en biociden tegen te gaan, zowel bij de telers als bij de handelsorganisatie.Parlementaire agenda [20-05-2021] - VAO GewasbeschermingsmiddelenDe Kamer zal conform toezegging worden geinformeerd.De minister van LNV zegt toe de Kamer voor de zomer te informeren over de stand van zaken van de juridische analyse en de impactassessment over de invulling van de Wetswijziging van de Wet Dieren.Parlementaire agenda [01-06-2021] - Mondelinge vraag van het lid OUWEHAND (PvdD) aan de minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit over het bericht dat de minister juristen aan het werk zou hebben gezet om te kijken of ze onder een wetswijziging uit kan die door beide Kamers is aangenomen (Nieuweoogst.nl, 27 mei 2021)Uitgaande brief [15-07-2021] - Stand van zaken en vervolg analyse amendement artikel 2.1 Wet dierenDe minister van LNV informeert de Kamer voor half juli over de voortgang van de gesprekken met de provincies over het Aanvalsplan Grutto.Parlementaire agenda [24-06-2021] - Tweeminutendebat Landbouw- en Visserijraad 28 en 29 juni (CD d.d. 23/6)Uitgaande brief [07-07-2021] - Invulling Economisch Herstelfonds binnen de plattelandsontwikkeling en voortgang GLB-NSPDe minister van LNV stuurt de Kamer vrij snel de publieksversie van het Nationaal Strategisch Plan.Parlementaire agenda [24-06-2021] - Tweeminutendebat Landbouw- en Visserijraad 28 en 29 juni (CD d.d. 23/6)Op 29 juni 2016 heeft de Kamer de concept-versie ontvangen. In het najaar van 2021 ontvangt de Kamer de definitieve versie.De minister van LNV zegt toe scenario's uit te werken om de fosfaatbank gerichter in te zetten voor bedrijven die stappen in duurzaamheid zetten en ook de daarbij behorende consequenties in kaart te brengen. De zal de minister voor de begrotingsbehandeling aan de Kamer ter sturen.Parlementaire agenda [24-06-2021] - Tweeminutendebat Fosfaatrechtenstelsel (CD 10/6)De Kamer zal conform toezegging worden geinformeerd.De minister van LNV zegt toe dat wanneer het 7e AP naar de Tweede Kamer wordt gestuurd dat daarin een impactanalyse wordt meegestuurd van de maatregelen zoals die daar in zijn opgenomen.Parlementaire agenda [24-06-2021] - Tweeminutendebat Water (CD 9/6)De Kamer zal conform toezegging worden geinformeerd.De minister van LNV zal de Kamer naar verwachting eind van het jaar informeren over vervolgstappen naar aanleiding van het WUR-onderzoek naar bedwelming van schol, waarbij praktijktesten als optie worden meegenomen.Parlementaire agenda [08-07-2021] - Tweeminutendebat Informele Landbouw- en Visserijraad 13-15 juni 2021 (21 501-32, nr. 1306)De Kamer zal conform toezegging worden geïnformeerd.Eind deze zomer krijgt de Kamer de evaluatie van het cameratoezicht in slachthuizen naar aanleiding van de motie van de leden Geurts en Lodders (Kamerstuk 33 835, nr. 153). In de appreciatie van de evaluatie zal ook worden ingegaan op de vraag of de camerabeelden uit slachthuizen eigendom kunnen worden van de overheid ten behoeve van onafhankelijk toezicht, op de mogelijkheden om in slachthuizen gebruik te maken van slimme camera's en op een 'three strikes out'-systeem.Parlementaire agenda [08-07-2021] - Tweeminutendebat Voortgang verbetering slachtsysteem (28 286, nr. 1199)De Kamer zal conform toezegging worden geïnformeerd.Voor het eind van het jaar stuurt de minister van LNV het onderzoek naar de bandsnelheid naar de Kamer, dat ook een praktijktoets bevat.Parlementaire agenda [08-07-2021] - Tweeminutendebat Voortgang verbetering slachtsysteem (28 286, nr. 1199)De Kamer zal conform toezegging worden geïnformeerd.119Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 Bijlage 4: SubsidieoverzichtIn deze bijlage zijn de subsidies van LNV opgenomen. De subsidiedefinitie van de Algemene wet bestuursrecht wordt hierin gebruikt. Deze wet definieert een subsidie als volgt (artikel 4.21 Awb):‘De aanspraak op financiële middelen, door een bestuursorgaan verstrekt met het oog op bepaalde activiteiten van de aanvrager, anders dan als betaling voor aan het bestuursorgaan geleverde goederen of diensten’.Per beleidsartikel zijn de subsidie(-regelingen) opgenomen. Het subsidieo­verzicht sluit zoveel mogelijk aan op de Verantwoord Begroten-categorie «subsidies» in de budgettaire tabellen van de beleidsartikelen uit de begroting. In lijn met Verantwoord Begroten zijn de bijdragen aan ZBO’s en RWT’s niet vermeld als subsidies. De bijdragen aan ZBO’s en RWT’s zijn terug te vinden in Bijlage 1 «Zelfstandige Bestuursorganen en Rechtsper­sonen met een Wettelijke Taak».Subsidies (bedragen x 1.000 euro)Art.Naam Subsidie (regeling)2020202120222023202420252026Laatste evaluatieVolgende evaluatieEinddatum Subsidie regelingArtikel 21 Land- en tuinbouwSociaal economische positie boeren21Flankerend beleid pelsdierhouders23812.0003.0003.0003.0002.8112.00021Nadeelcompensatie vervroegd verbod pelsdierhouderij129.100202121Brede Weersverzekering2.0723.5045.4435.6435.6435.6435.6432017202321Tegemoetkoming vaste lasten land- en tuinbouw40.000202121Omschakelprogramma48113.6002023Duurzame veehouderij21Subsidie zeldzame huisdierrassen535500500500202121Tijdelijke Regeling subsidie dierentuinen38.740202221Maatregel gerichte opkoop133.400249.253752593200202121Subsidieregeling sanering varkenshouderijen25.137188.69767.0002022202021Regeling specifieke uitkeringen uitvoering subsidieregeling sanering varkenshouderijen6.7663.000202021Subsidiemodules brongerichte verduurzaming stal- en managementmaatregelen2.04913.74815.85319.82018.51851.63710.00020242030Glastuinbouw en weerbare planten en teeltsystemen21Energie-efficiëntie Glastuinbouw (EG)9.36722.73716.27517.27518.35627.85452.56120202025120Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 Art.Naam Subsidie (regeling)2020202120222023202420252026Laatste evaluatieVolgende evaluatieEinddatum Subsidie regelingArtikel 21 Land- en tuinbouw21Subsidie marktintroductie energie-innovaties (glastuinbouw) (MEI)3.7646.0395.8895.7895.5395.5395.5392020202521Regeling tegemoetkoming land- en tuinbouwondernemers157.91143.00020222021Mestbeleid21Regeling waterbassins mest55.12643.491202521Regeling kunstmestvervanging en mestverwerking5003.0006.0006.0005.50011.0002025Subtotaal201.554652.331424.339102.27057.64999.18486.743Artikel 22 Natuur, visserij en gebiedsgericht werkenVermaatschappelijking Natuur en Biodiversiteit22Regeling tijdelijke ondersteuning nationale parken1.6351.6351.635545202022Natuureducatie1.0001.0001.0001.0521.0611.0611.0612018JaarlijksNatuur en Biodiversiteit op land22Tijdelijke Regeling Particulier Natuurbeheer1983683683683683683682007199922Experimenten504646464646462007199822Stimulering Bosuitbreiding op Landbouwgronden18201022Regeling versneld natuurherstel7.68819.69723.09721.05810.06020232022Beheer Kroondomeinen22Kroondomeinen7008038038038038038032018PeriodiekDuurzame visserij22Nationaal innovatieprogramma visserij3.180‒ 9512.0001.6001.60071222EMVAF4.8815.9495.8455.8605.8605.8605.8602.019Regio Deals22Regio Deals124.129121.77720232020Subtotaal134.156138.31531.39434.46131.34118.9108.138Artikel 23 Kennis en innovatieBeleidsondersteunend onderzoek23Onderzoeksprogrammering50.09547.23828.84421.13219.28917.57817.57820212022Missiegedreven topsectoren - en innovatiebeleid121Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 Art.Naam Subsidie (regeling)2020202120222023202420252026Laatste evaluatieVolgende evaluatieEinddatum Subsidie regelingArtikel 21 Land- en tuinbouw23Missiegedreven Topsectoren62.56966.80766.78464.99564.99564.99564.995201720222023Kennisverspreiding en groen onderwijs23Ontwikkeling en Beheer natuurkwaliteit8162.4342.4562.4781.3341.3211.32120182024202423Kennisprogramma DuurzaamDoor5.2245.1034.1834.1734.1734.2434.87320212025202123Innovatie op het Boerenerf11.54513.05112.7394.9069002020202423Aanvullende onderwijssubsidies1.9795.1004.7754.5074.5074.5074.50720212025Subtotaal120.683138.227120.093110.02499.20493.54493.274Totaal472.102934.344580.563248.327189.466213.210188.947122Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 Bijlage 5: Strategische Evaluatieagenda (SEA)Inleiding en doelstellingDeze tweede Strategische Evaluatie Agenda laat zien hoe LNV de komende jaren werkt aan het voortbrengen van inzichten over de (voorwaarden voor) de doeltreffendheid en doelmatigheid van ons beleid. Door voldoende (goed) evaluatieonderzoek te programmeren neemt het aantal bruikbare inzichten toe en daarmee onze kennis over het bereiken van onze departe­mentale missie en onderliggende doelstellingen.Leeswijzer SEA/ opbouw SEADe SEA kent een gelaagde opbouw en is opgebouwd uit vier verschillende tredes. Elke volgende trede gaat in op een dieper detailniveau:•Trede 1: departementale missie•Trede 2: hoofdthema's•Trede 3: centrale doelstellingen•Trede 4: evaluatieonderzoekTrede 1: departementale missieHet Ministerie van LNV staat voor duurzaam voedsel, waardevolle natuur en een vitaal platteland. Deze missie staat voor ogen bij al het beleid dat we uitvoeren. Ook voor de SEA is deze missie het vertrekpunt.Trede 2: thema'sOnder de departementale missie onderscheiden we drie thema's. Dat zijn:–Land- en tuinbouw–Natuur, visserij en gebiedsgericht werken–Kennis en innovatieConform afspraak met de Kamer wordt periodiek, indicatie 4-7 jaar, per thema verantwoording afgelegd over de doeltreffendheid en doelmatigheid van het gevoerde beleid. Dit gebeurt via een periodieke rapportage (voorheen: beleidsdoorlichting).Trede 3: centrale doelstellingenElk thema kent een aantal centrale doelstellingen. Door uiteenlopende vormen van «georganiseerd handelen» werkt LNV aan het behalen van deze doelstellingen. Voorbeelden hiervan zijn subsidiëring, wetgeving, kennis­deling en uitvoering.Trede 4: evaluatieonderzoekOp het niveau van de centrale doelstellingen wordt relevant evaluatieon­derzoek weergegeven. Evaluatieonderzoek wordt gebruikt om uitspraken te kunnen doen over het effect van beleid op de voortgang van doelstellingen. Het voorziet in benaderingen en methoden om valide en betrouwbare antwoorden te geven op vragen over de doeltreffendheid en doelmatigheid van beleid.123Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 THEMA 1: LAND- EN TUINBOUWCentrale doelstellingen:1.Het versterken van de concurrentiekracht van duurzame agroketens2.Bevorderen van voedselzekerheid in de wereld3.Borgen van voedselveiligheid en voedselkwaliteit4.Vergroten maatschappelijke waardering van landbouw/voedsel5.Verduurzaming productie en consumptie (door middel van kring­looplandbouw)6.Bevorderen plantgezondheid7.Bevorderen diergezondheid8.Bevorderen dierenwelzijnFinanciele omvang:Begrotingsartikel 21 (€ 515,9 mln.) en deels begrotingsartikel 24 (€ 431 mln.)Vorige beleidsdoorlichting:2019Volgende periodieke rapportage (voorheen: beleidsdoorlichting):2025Toelichting periodieke rapportage:Een periodieke rapportage (syntheseonderzoek) brengt op themaniveau opgedane inzichten in de (voorwaarden voor) doeltref­fendheid en doelmatigheid samen. De belangrijkste bron voor deze periodieke rapportage zijn inzichten die worden opgedaan uit relevante evaluatieonderzoeken. Recent opgeleverde en geplande evaluatieonderzoeken binnen het thema land- en tuinbouw worden hieronder per centrale doelstelling weergegeven.124Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 1. DOELSTELLING: VERSTERKEN CONCURRENTIEKRACHT DUURZAME AGROKETENSEvaluatiesRecent afgerond evaluatieonderzoek:JaartalType evaluatieGarantstelling Landbouw (2010-2016)2019Ex postMEI/EG/Meerjarenafspraak energietransitie glastuinbouw2020Ex postBestaande evaluatieplanning:Tussenevaluatie vermogensversterkende kredieten2022Ex postBrede weersverzekering (incl. vrijstelling asb)2023Ex postAan de planning toegevoegde evaluaties (SEA 2022):Borgstelling MKB-Landbouwkredieten2024Ex postMEI/EHG2025Ex post2. DOELSTELLING: BEVORDEREN VAN VOEDSELZEKERHEID IN DE WERELDEvaluatiesRecent afgerond evaluatieonderzoek:JaartalType evaluatieVoedselzekerheid2019Ex post125Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 3. DOELSTELLING: BORGEN VAN VOEDSELVEILIGHEID EN VOEDSELKWALITEITEvaluatiesRecent afgerond evaluatieonderzoek:JaartalType evaluatieInstrument ketenborging.nl2021Ex postCOKZ2021Ex postBestaande evaluatieplanning:NVWA2023AgentschapsdoorlichtingAan de planning toegevoegde evaluaties (SEA 2022):Actieplan Voedselveiligheid2021ex post4. DOELSTELLING: VERGROTEN MAATSCHAPPELIJKE WAARDERING VAN LANDBOUW/VOEDSELEvaluatiesRecent afgerond evaluatieonderzoek:JaartalType evaluatieVoedingscentrum2020Ex postBestaande evaluatieplanning:Voedselagenda/Voedselverspilling2021Ex postAan de planning toegevoegde evaluaties (SEA 2022):Voedselverspilling2025Ex postConsumptie duurzaam geproduceerd voedsel2025Ex postToelichting aan de planning toegevoegde evaluaties:Voedselverspilling (2025)1. Waarom wordt deze evaluatie uitgevoerd?Ruim vier jaar geleden is begonnen met een nieuwe aanpak, in een soort partnership met Samen Tegen Voedsel Verspilling en in nauwe samen­werking met het Voedingscentrum. Er wordt inzet gepleegd om voedsel­verspilling te voorkomen, verminderen en verwaarden in de gehele voedselketen op een integrale manier. Krachten van organisaties, overheid en kennisinstellingen zijn gebundeld en er wordt gewerkt aan één gemeen­schappelijk doel: voedselverspilling voor 2030 halveren ten opzichte van 2015. Om dit te bereiken wordt gewerkt binnen 4 actielijnen. Deze evaluatie moet inzicht geven in hoeverre de resultaten van de evaluatie die in 2021 staat gepland doorwerking hebben gehad en effect hebben gesorteerd bij het tegengaan van voedselverspilling: wat is succesvol geweest en wat niet of minder en waarom? Welke verbeteringen kunnen doorgevoerd worden om het doelbereik in 2030 te behalen?2. Hoe draagt deze evaluatie naar verwachting bij aan meer kennis over het vergroten van de maatschappelijke waardering van landbouw/voedsel?De evaluatie laat zien hoe en in hoeverre beleid, maatregelen, instrumenten en initiatieven bijdragen voorkomen, verminderen en verwaarden van voedselverspilling in de gehele keten. Dit zal mogelijk leiden tot nieuwe inzichten en mogelijkheden. Goed beleid voor het tegengaan van voedsel­verspilling is belangrijk om alle spelers in de keten de waarde van voedsel te laten inzien. Een vierde van het voedsel wordt jaarlijks in Nederland 126Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 verspild met een negatieve milieuafdruk al gevolg. Voor zowel consument als producent betekent minder voedselverspilling een betere waardering van landbouw en voedsel en grote kostenbesparingen.Consumptie duurzaam geproduceerd voedsel (2025)1. Waarom wordt deze evaluatie uitgevoerd?Inzicht verkrijgen in effect van beleid, maatregelen, instrumenten en initia­tieven t.b.v. het stimuleren van consumptie van duurzaam geproduceerd voedsel: wat is succesvol geweest en wat niet of minder en waarom? Welke verbeteringen kunnen doorgevoerd worden?2. Hoe draagt deze evaluatie naar verwachting bij aan meer kennis over het vergroten van de maatschappelijke waardering van landbouw/voedsel?De evaluatie laat zien hoe en in hoeverre beleid, maatregelen, instrumenten en initiatieven bijdragen aan een stijging van het marktaandeel consumen­tenbestedingen aan duurzaam geproduceerd voedsel. Dit leidt tot een groter aanbod van duurzaam geproduceerd voedsel in de afzetkanalen en dus tot een grotere productie van duurzaam voedsel (vraag en aanbod). Duurzaamheidskeurmerken zijn een belangrijk instrument om de consument te helpen bij het maken van een bewuste en duurzame keuze en geeft producent en afzet de mogelijkheid om zich te onderscheiden.127Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 5. VERDUURZAMING PRODUCTIE EN CONSUMPTIE (D.M.V. KRINGLOOPLANDBOUW)EvaluatiesRecent afgerond evaluatieonderzoek:JaartalType evaluatieWet gewasbeschermingsmiddelen/beleidsnota Gezonde Groei, Duurzame Oogst2019ex postMEI/EG/Meerjarenafspraak Energietransitie Glastuinbouw2020ex postOndersteuning projecten biologische sector2020ex postFonds kleine toepassingen2020ex postCollectief stelsel Agrarisch natuur en landschapsbeheer2021ex postBestaande evaluatieplanning:Slimmer landgebruik/nationaal programma landbouwbodems12021ex postOpkoopregeling rondom natura2000 gebieden12021ex postBossenstrategie12026ex postSubsidieregeling sanering varkenshouderijen12022ex postVeenweidegebieden (impuls,uitrol)12023ex postSubsidiemodules brongerichte verduurzaming van stallen12024ex postRegeling kunstmestvervanging en mestverwerking2025ex postIntegrale aanpak methaan en ammoniak via het voer- en dierspoor2025ex postBrongerichte maatregelen: pilots en demo’s2025ex postBeknopte tussenevaluatie meststoffenwet2021ex duranteGLB/NSP2021ex anteBureau Erkenningen2021ex anteCTGB2022ex postWet gewasbescherming en biociden2023ex postRegeling waterbassins mest2025ex postEvaluatie meststoffenwet2027ex postAan de planning toegevoegde evaluaties (SEA 2022):MEI/EHG regelingen glastuinbouw2025ex post1Deze evaluatie wordt betrokken bij de Rijksbrede integrale evaluatie van het klimaatbeleid in 2024.6. BEVORDEREN PLANTGEZONDHEIDEvaluatiesRecent afgerond evaluatieonderzoek:JaartalType evaluatieKeurings- en toezichtslandschap2020Brede analyseBestaande evaluatieplanning:Raad voor Plantenrassen2022Ex postPlantaardige en biologische keuringsdiensten (NAK, Naktuinbouw, BKD, KCB, SKAL)2022Ex postAan de planning toegevoegde evaluaties (SEA 2022):Handhavingsinstrumentarium Keuringsdiensten binnen de Zaaizaad en plantgoedwet2022Ex post128Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 7. BEVORDEREN DIERGEZONDHEIDEvaluatiesRecent afgerond evaluatieonderzoek:JaartalType evaluatieDiergezondheidsfonds2019Ex postAan de planning toegevoegde evaluaties (SEA 2022):Evaluatie van de uitbraak van Sars-Cov-2 in de nertsenhouderij2022Ex postEvaluatie van de vogelgriepuitbraken in het seizoen 2020/20212022Ex postToelichting aan de planning toegevoegde evaluaties:Evaluatie van de uitbraak van Sars-Cov-2 in de nertsenhouderij1. Waarom wordt deze evaluatie uitgevoerd?Het is standaard beleid om elke dierziekte- of zoönosecrisis na afloop er van te evalueren.2. Hoe draagt deze evaluatie naar verwachting bij aan meer kennis over het bevorderen van de diergezondheid?Uit de evaluatie van de aanpak van een uitbraak van een dierziekte of zoönose kunnen altijd lessen getrokken worden die gebruikt kunnen worden voor verbetering van de crisisparaatheid en aanpak van een mogelijk volgende crisis.Vogelgriepuitbraken in het seizoen 2020/20211. Waarom wordt deze evaluatie uitgevoerd?Het is standaard beleid om elke dierziekte- of zoönosecrisis na afloop er van te evalueren.2. Hoe draagt deze evaluatie naar verwachting bij aan meer kennis over het bevorderen van de diergezondheid?Uit de evaluatie van de aanpak van een uitbraak van een dierziekte of zoönose kunnen altijd lessen getrokken worden die gebruikt kunnen worden voor verbetering van de crisisparaatheid en aanpak van een mogelijk volgende crisis.129Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 8. BEVORDEREN DIERENWELZIJNEvaluatiesRecent afgerond evaluatieonderzoek:JaartalType evaluatieWet Dieren2020Ex postCentrale commissie dierproeven2021Ex postBestaande evaluatieplanning:Inbeslaggenomen goederen (IBG) en Landelijke inspectiedienst dierenbescherming (LID)2021Ex postLandelijk informatiecentrum Gezelschapsdieren (LICG)2021Ex postStichting zeldzame huisdieren2021Ex postNationaal comité advies dierproevenbeleid2021Ex postIdentificatie en registratie hond2026Ex postAan de planning toegevoegde evaluaties (SEA 2022):Tijdelijke regeling subsidie dierentuinen COVID-192021Ex postToelichting aan de planning toegevoegde evaluaties:Tijdelijke regeling subsidie dierentuinen COVID-191. Waarom wordt deze evaluatie uitgevoerd?Om te toetsen of de beleidsinterventie (het geven van financiële steun) leidt tot het bereiken van het doel (waarborgen dierenwelzijn). Als dierenleed middels deze interventie is voorkomen wordt er gesproken van doeltref­fendheid van de regeling.2. Hoe draagt deze evaluatie naar verwachting bij aan meer kennis over het bevorderen van het dierenwelzijn?Direct is dit niet het geval, de regeling is immers bedoeld als coronasteun om zodat het dierenwelzijn niet onder druk komt te staan omdat dieren­tuinen in de financiële problemen komen of zelfs failliet gaan. Mogelijk kan het geëiste transitieplan hier wel aan bijdragen. Dit plan vraagt dierentuinen toekomstbestendiger te worden. Daarbij moeten ze beschrijven wat ze gaan doen ten aanzien van hun bedrijfsvoering, dierenwelzijn, educatie en conservatie.OVERIGE EVALUATIES (O.A. FISCALE REGELINGEN)EvaluatiesRecent afgerond evaluatieonderzoek:JaartalType evaluatieOnderzoeksrapporten van de Auditdienst Rijk (ADR) over de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit2019OnderzoekOnderzoek kostentoerekening en doelmatigheid NVWA2020OnderzoekEnergiebelasting verlaagd tarief glastuinbouw2021FiscaalBestaande evaluatieplanning:Verkenning vrijstelling overdrachtsbelasting cultuurgrond2021Fiscale verkenningIB/VPB Landbouwvrijstelling in de winstsfeer2022FiscaalBrede evaluatie van het lage btw-tarief (incl. sierteelt)2022FiscaalVrijstelling overdrachtsbelasting cultuurgrondNa 2025FiscaalAan de planning toegevoegde evaluaties (SEA 2022):Regeling tegemoetkoming land- en tuinbouwondernemers (COVID-19)2022Ex postOVK (ongedekte vaste kosten TVL)nader te bepalenEx post130Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 Toelichting aan de planning toegevoegde evaluaties:Regeling tegemoetkoming land- en tuinbouwondernemers (COVID-19)1. Waarom wordt deze evaluatie uitgevoerd?In het voorjaar van 2020 maakte deze steunregeling onderdeel uit van het eerste steunpakket van het kabinet voor het ledigen van de acute financiële nood die ontstond door het wegvallen van de vraag door beperkende maatregelen als gevolg van COVID-19. Gezien de omvang van de steun is het noodzakelijk om de doelmatigheid en de effectiviteit van de steun te evalueren en waar mogelijk lessen te trekken voor de toekomst. Aangezien verschillende steunmaatregelen van het kabinet zullen worden geëvalueerd, die in meer of mindere mate met een vergelijkbare doelstelling zijn ingesteld, is het wenselijk om de aanpak en tijdspad waar mogelijk op elkaar af te stemmen.2. Welke kennisinzichten worden er naar verwachting opgedaan in deze evaluatie?Een oordeel over doelmatigheid en effectiviteit van de verleende steun. Daarnaast lessen voor het verbeteren van toekomstige maatregelen in tijden van crisis.Ongedekte vaste kosten TVL (COVID-19)1. Waarom wordt deze evaluatie uitgevoerd?De TVL is een belangrijk instrument geweest in de noodsteun voor het bedrijfsleven. De hoge uitgaven van deze regeling maken het al noodzakelijk om deze te evalueren om vast te stellen of deze uitgaven doelmatig en effectief waren. Daarnaast is het van belang om lessen te trekken voor eventuele nieuwe steunmaatregelen in de toekomst. De evaluaties van de maatregelen die tijdens de financiële crisis werden genomen, leverde bruikbare lessen op voor de maatregelen nu.2. Welke kennisinzichten worden er naar verwachting opgedaan in deze evaluatie?Enerzijds een oordeel over doelmatigheid en effectiviteit. Anderzijds gaat het om lessen voor het verbeteren van toekomstige maatregelen en lessen over de meerwaarde van de TVL voor volgende crises.131Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 THEMA 2: NATUUR, VISSERIJ EN GEBIEDSGERICHT WERKENCentrale doelstellingen:1.Zorgen voor de instandhouding van biodiversiteit2.Streven naar een duurzame en economisch rendabele visserijs­ector3.De regie voeren over de instandhouding van de kwaliteit van het landelijk gebied en een vitale regioFinanciele omvang:Begrotingsartikel 22 (€ 462,7 mln.) en deels begrotingsartikel 24 (€ 431 mln.)Vorige periodieke rapportage/beleidsdoorlichting:2021Oplevering periodieke rapportage/beleidsdoorlichting:Nader te bepalenToelichting periodieke rapportage:Een periodieke rapportage (syntheseonderzoek) brengt op themaniveau opgedane inzichten in de (voorwaarden voor) doeltref­fendheid en doelmatigheid samen. De belangrijkste bron voor deze periodieke rapportage zijn inzichten die worden opgedaan uit relevante evaluatieonderzoeken. Recent opgeleverde en geplande evaluatieonderzoeken binnen het thema natuur, visserij en gebieds­gericht werken worden hieronder per centrale doelstelling weergegeven.1. DOELSTELLING: ZORGEN VOOR DE INSTANDHOUDING VAN BIODIVERSITEITEvaluatiesRecent afgerond evaluatieonderzoek:JaartalTypeProgramma natuurlijk ondernemen (waaronder Subsidieregeling innovatieve projecten biodiversiteit)2019Ex postNatuurpact/Natuurvisie2020Ex duranteEvaluatie collectief stelsel Agrarisch natuur en landschapsbeheer (ANLb)2021Ex postBeleidsevaluatie Programma aanpak Stikstof (PAS) en evaluatie Wetstraject PAS2020Ex postNatura2000 doelendocument2020Ex duranteBestaande evaluatieplanning:Natuurbeleids- en koraal actieplan Caribisch Nederland 2020–20302025Ex postEvaluatie implementatie exotenverordening2021Ex postProgramma naar een Rijke Waddenzee2022Ex postBeheerautoriteit Waddenzee2023Ex postImpuls natuurherstelmaatregelen2025Ex postProgramma NatuurEind 2022/2023Ex postBossenstrategie2026Ex postOpkoop rondom Natura 2000 gebieden2021Ex postVeenweiden2023Ex postAan de planning toegevoegde evaluaties (SEA 2022):Houtopstanden (paragraaf Wet natuurbescherming/Besluit activiteiten leefomgeving)2022Ex post132Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 Toelichting aan de planning toegevoegde evaluaties:Evaluatie van de paragraaf over houtopstanden in Wet natuurbescherming/Besluit activiteiten leefomgeving1.Waarom wordt deze evaluatie uitgevoerd?Naar aanleiding van de gesprekken over de bevoegdheidsverdeling tussen provincies en gemeenten en het beleid ten aanzien van bossen en landschapselementen ben ik voornemens om de regels over de houtopstanden (in Wnb en Bal) opnieuw te bekijken en te onderzoeken of deze aanpassing behoeven in het licht van het huidige natuurbeleid en de Europese bossenstrategie. Aan de hand van de evaluatie wordt bepaald of aanvullende regelgeving of wijziging van de regelgeving voor houtopstanden nodig is.2. Hoe draagt deze evaluatie bij aan kennis over de instandhouding van de biodiversiteitDe kennis die de evaluatie oplevert draagt bij aan de bescherming van houtopstanden en daarmee aan de bescherming van de biodiversiteit.2. DOELSTELLING: STREVEN NAAR EEN DUURZAME EN ECONOMISCH RENDABELE VISSERIJSECTOREvaluatiesBestaande evaluatieplanning:JaartalTypeConvenant visserij in beschermde gebieden2021Ex postEU gemeenschappelijk visserijbeleid2022Ex postNoordzeeakkoord2023Ex postAan de planning toegevoegde evaluaties (SEA 2022):Maatregelenpakket Ijsselmeergebied2026Ex postToelichting aan de planning toegevoegde evaluaties:Maatregelenpakket Ijsselmeergebied1. Waarom wordt deze evaluatie uitgevoerd?Om te zien in hoeverre het wegnemen van inzetbare vistuigen bijdraagt aan het beoogde herstel van de visbestanden (o.a. doel Actieplan).2.Hoe draagt deze evaluatie naar verwachting bij aan meer kennis over het streven naar een duurzame en economisch rendabele visserijsector?Het geeft inzicht in de effectiviteit van sanering van visrechten als instrument voor visstandbeheer.133Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 3. DOELSTELLING: REGIE VOEREN OVER DE INSTANDHOUDING VAN DE KWALITEIT VAN HET LANDELIJK GEBIED EN EEN VITALE REGIOEvaluatiesRecent afgerond evaluatieonderzoek:JaartalType evaluatieIBP Vitaal Platteland2021Lerende evaluatie (PBL)Bestaande evaluatieplanning:Regio Envelop2023Ex postOVERIGE EVALUATIES (O.A. FISCALE REGELINGEN)Recent afgerond onderzoek:JaartalType evaluatieVoortgangsrapportage Natuurpact2020VoortgangsrapportageBestaande evaluatieplanning:Verkenning vrijstelling overdrachtsbelasting natuurgrond2021Fiscale verkenningVerkenning vrijstelling overdrachtsbelasting Bureau Beheer Landbouwgronden2021Fiscale verkenningVerkenning vrijstelling overdrachtsbelasting inrichting landelijk gebied2021Fiscale verkenningVrijstelling overdrachtsbelasting natuurgrondNa 2025FiscaalVrijstelling overdrachtsbelasting Bureau Beheer LandbouwgrondenNa 2025FiscaalVrijstelling overdrachtsbelasting inrichting landelijk gebiedNa 2025FiscaalFiscale faciliteiten NatuurschoonwetNa 2025FiscaalIB/VPB BosbouwvrijstellingNa 2025FiscaalVrijstelling IB/VPB vergoeding bos- en natuurbeheerNa 2026FiscaalVrijstelling bos- en natuurterreinen box 3Na 2027Fiscaal134Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 THEMA 3: KENNIS & INNOVATIECentrale doelstellingen:1.Borgen en benutten van een kwalitatief hoogwaardige kennis- en innovatie- en onderzoeksinfrastructuur2.Borgen van wettelijke onderzoekstakenFinanciele omvang:Begrotingsartikel 23 (€ 244,5 mln.)Vorige periodieke rapportage/beleidsdoorlichting:2019Oplevering periodieke rapportage/beleidsdoorlichting:2024Toelichting periodieke rapportage:Een periodieke rapportage (syntheseonderzoek) brengt op themaniveau opgedane inzichten in de (voorwaarden voor) doeltref­fendheid en doelmatigheid samen. De belangrijkste bron voor deze periodieke rapportage zijn inzichten die worden opgedaan uit relevante evaluatieonderzoeken. Recent opgeleverde en geplande evaluatieonderzoeken binnen het thema kennis & innovatie worden hieronder per centrale doelstelling weergegeven.135Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 1. DOELSTELLING: BORGEN EN BENUTTEN VAN EEN KWALITATIEF HOOGWAARDIGE KENNIS- EN INNOVATIE- EN ONDERZOEKSINFRASTRUCTUUREvaluatiesRecent afgerond evaluatieonderzoekJaartalTypeSubsidie Jong Leren Eten2020Tussenevaluatie Groenpact2021Ex duranteToegepast onderzoek; TO2-instellingen (o.a. Wageningen Research)2021Ex postBestaande evaluatieplanning:Voedselagenda/Voedselverspilling2021Ex postSubsidieregeling Instituten voor toegepast onderzoek (TO2-regeling)2022Ex postRegeling Agrarische bedrijfsadvisering en educatie (SABE)2024Ex postAan de planning toegevoegde evaluaties (SEA 2022):Kennis- en Innovatieagenda (KIA)2023Ex postKennisprogramma's DuurzaamDoor en Jonger Leren Eten2023TussenevaluatieOBN2024Ex postKennisprogramma's DuurzaamDoor en Jonger Leren Eten2025Ex postToelichting aan de planning toegevoegde evaluaties:Kennis en Innovatieagenda (KIA)1. Waarom wordt deze evaluatie uitgevoerd?LNV streeft naar maximale impact van zijn kennis- en innovatiebeleid bij het werken aan oplossingen voor de maatschappelijk uitdagingen binnen het agrofood-systeeem. In de KIA LNV zijn voor die uitdagingen specifieke speerpunten benoemd en is de vernieuwde werkwijze van het integraal programmeren (brede mix van instrumenten) geïntroduceerd. Samen met het werken in het missiegedreven topsectoren- en innovatiebeleid moet dit leiden tot meer samenhang en massa van de inspanningen, tot gerichtere samenwerking met stakeholders en daarmee tot een efficiënte en effectieve inzet van de beperkte capaciteit. In de evaluatie wordt getoetst of dit vernieuwde K&I-beleid leidt tot deze beoogde uitkomsten.2. Hoe draagt deze evaluatie naar verwachting bij aan meer kennis over het borgen en benutten van een kwalitatief hoogwaardige kennis- en innovatie- en onderzoeksinfrastructuur?De uitkomsten van de evaluatie kunnen worden gebruikt voor het aanpassen van de KIA LNV. Zijn er met behulp van deze agenda aantoonbaar stappen gezet in het oplossen van de maatschappelijke uitdagingen en is dat efficiënt en effectief verlopen? Is de instrumentenmix geschikt of dienen daar aanpassingen in gedaan te worden? Hoe werkt het integraal programmeren uit in de praktijk, biedt het aantoonbaar meerwaarde? Zo nee, welke oplossingsrichtingen zijn daarbij te benoemen?Kennisnetwerk Ontwikkeling en Beheer Natuurkwaliteit (OBN)1. Waarom wordt deze evaluatie uitgevoerd?Deze cyclus van het programma loopt in 2024 af. Lijkt zinnig om alvorens een nieuwe cyclus te starten, te evalueren. Moet wel samen met provincies, want dit is een co-programma.136Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 2. Hoe draagt deze evaluatie naar verwachting bij aan meer kennis over het borgen en benutten van een kwalitatief hoogwaardige kennis- en innovatie- en onderzoeksinfrastructuur?Bij de evaluatie in 2018/19 toonden directbetrokkenen zich erg tevreden over het nut van OBN. Tegelijkertijd wisten personen op wat grotere afstand vaak niet van het bestaan. Doel: kijken of programma nog steeds aan de wensen voldoet én nagaan of inmiddels meer relevante personen OBN kennen en gebruiken.2. DOELSTELLING: BORGEN WETTELIJKE ONDERZOEKSTAKENEvaluatiesRecent afgerond evaluatieonderzoekJaartalTypeWOT genetische bronnen2021ex postWOT Voedselveiligheid2021ex postWOT besmettelijke dierziekten2021ex postBestaande evaluatieplanning:WOT economische informatievoorziening2021ex postWOT visserijonderzoek2022ex postWOT natuur en milieu2022Ex post137Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 Bijlage 6: Overzicht kengetallen en indicatorenInleidingDit overzicht gaat in op diverse indicatoren en kengetallen. Met ingang van deze begroting zijn deze gecategoriseerd in de herkenbare thema's van de Strategische Evaluatie Agenda (zie bijlage 5). Dit komt de samenhang tussen monitoring en evaluatieonderzoek ten goede. Indicatoren en kengetallen zijn meetbare grootheden die een belangrijke signalerende functie hebben. Kengetallen bieden met name belangrijke contextuele informatie. Indicatoren zijn vaker concreet gebonden aan de inzet van een beleidsmaatregel of doelen van beleid. Scores op indicatoren kunnen daarom aanleiding zijn om beleid bij te sturen. Om echter de daadwerkelijke effecten van het gevoerde beleid op de «scores» uit de indicatoren vast te kunnen stellen is nader evaluatieonderzoek nodig. De recente afgeronde en geplande evaluatieonderzoeken staan opgenomen in de SEA (bijlage 5).DOELSTELLING: VERSTERKEN CONCURRENTIEKRACHT DUURZAME AGROKETENSIndicatoren/kengetallenExport van agrarische producten uit Nederland ( Bron: CBS tot en met oktober 2020, raming november - december 2020 door WUR en CBS)Land2014201520162017201820192020 (raming)Duitsland20.14820.07321.18022.16821.85623.57924.600België8.2958.2178.8039.7229.76810.77910.577Verenigd Koninkrijk7.8508.0348.1098.3048.2528.6588.415Frankrijk6.9166.4846.7897.4807.3307.7267.567China1.0711.5682.0662.2242.3233.0833.819Overige landen33.91433.54234.51636.50837.18840.79740.593Totaal landen78.19377.91681.46386.40786.71894.62395.571Toelichting1. Export van agrarische producten uit NederlandBovenstaande tabel toont de belangrijkste exportlanden (in waarde) van Nederland met betrekking tot agrarische producten en de totale (agrarische) exportwaarde van Nederland.138Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 DOELSTELLING: BORGEN VAN VOEDSELVEILIGHEID EN VOEDSELKWALITEITIndicatoren/kengetallen●Voldoen controlevereisten HACCP (bron: NVWA)201320192020Meest recente jaarStreefwaarde 2020Aantal gecontroleerde bedrijven88,70%91,10%89%202095% (2025)●Vertrouwen consument in veiligheid voedsel (bron: NVWA consumentenmonitor)201520162017201820192021 (meest recent)StreefwaardeMate van vertrouwen consumenten in voedsel3,2Geen metingGeen meting3,23,23,1Toelichting1. Voldoen controlevereisten HACCPHet betreft het percentage van het totale aantal gecontroleerde bedrijven met een wettelijk verplicht Hazard Analysis and Critical Control Points (HACCP)-systeem uit het eerste deel van de vleesketen (slachthuizen, uitsnijderijen en koel- en vrieshuizen) dat aan alle controle-items voor HACCP voldoet.2. Vertrouwen consument in veiligheid voedselDe NVWA meet op een schaal van 1–5 het vertrouwen van de consument in de veiligheid van voedsel. Deze meting vindt om de 2 jaar plaats. In 2021 blijkt uit de meting dat het vertrouwen van de consument op alle aspecten licht is toegenomen. Voor de volgende monitor in 2023 wordt nagegaan of de vragenlijst en de berekening van het kengetal geactualiseerd moeten worden. Daarbij zal rekening gehouden worden met het feit dat de trend over de jaren heen gevolgd moet blijven kunnen worden.139Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 DOELSTELLING: VERGROTEN MAATSCHAPPELIJKE WAARDERING VAN LANDBOUW/VOEDSELIndicatoren/kengetallen●Voedselverspilling (kiloton) (Bron: Monitor voedselverspilling update 2009 ‒ 2018, WFBR, 2020)2015201620172018Meest recente jaarVoedselverspilling (kiloton)min: 1.771min: 1.781min: 1.814min:1.6492018max: 2.552max: 2.466max: 2.509max: 2.568●Afgeleide voedselverspilling in kiloton (absoluut en relatief) (bron: Monitor voedselverspilling update 2009 ‒ 2018, WFBR, 2020)2015201620172018Meest recente jaarStreefwaardeAfgeleide voedselverspilling in kiloton(absoluut)2.1622.1242.1622.10920181.081 (2030)Afgeleide voedselverspilling in %(relatief)1009810098201850●Duurzaam voedsel (consumentenbestedingen aan voor consumenten herkenbaar duurzamer geproduceerd voedsel)Bron: Monitor duurzaam voedsel, Wageningen University & Research20172018201920201: Totale consumentenbestedingen aanduurzaam voedsel (x€1 mld.)4,54,97,78,22: Marktaandeel van bestedingen aan duurzaamvoedsel in de totale bestedingen aan voedsel11%11%14%16%3: Bestedingen van consumenten aanduurzaam voedsel ten opzichte van het voorgaande jaar19%7%18%7%Toelichting1. Voedselverspilling (kiloton)Er is sprake van voedselverspilling als voedsel dat voor menselijke consumptie bedoeld is, hier niet voor wordt gebruikt. De Monitor voedsel­verspilling geeft de omvang van voedselresten in Nederland weer, gebaseerd op openbare cijfers. De totale hoeveelheid reststromen wordt uitgesplitst naar de bestemmingen voedselbank, veevoer, vergisten, composteren, verbranden en storten/lozen. De bestemmingen veevoer tot en met storten/lozen worden beschouwd als voedselverspilling. Per hoofd van de bevolking bedroeg de voedselverspilling in 2018 tussen de 96 en 149 kilogram, in totaal 1.649-2.568 kiloton. Een exact getal voor de hoeveelheid voedselverspilling binnen deze bandbreedte is niet te geven, omdat gegevens over afvalstromen per ketenschakel vooralsnog incompleet zijn en vaak niet bekend is welk aandeel voedsel heeft in een afvalstroom. Voor de monitor wordt gebruik gemaakt van cijfers uit geaggregeerde landelijke statistieken, waardoor de oorsprong en herkomst van reststromen niet altijd te achterhalen zijn. De experts hebben daarom aannames gedaan over de minimale en maximale hoeveelheid voedsel per afvalstroom. De cijfers over 2019 zijn nog2. Afgeleid voedselverspilling in kilotonNederland heeft zich gecommitteerd aan het realiseren van het Duurzame Ontwikkelingsdoel 12.3 van de Verenigde Naties (SDG 12.3). SDG 12.3 stelt dat in 2030 t.o.v. 2015 de hoeveelheid voedselverspilling gehalveerd dient te zijn. In de Monitor voedselverspilling wordt de omvang van de voedsel­verspilling in Nederland niet als een absoluut getal weergegeven, maar 140Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 aangeduid met een bandbreedte. De omvang van de voedselverspilling bedraagt tenminste de ondergrens van de bandbreedte (minimum) en ten hoogste de bovengrens van de bandbreedte (maximum). Hoewel het niet correct is om te stellen dat het ‘midden’ van de bandbreedte de hoeveelheid voedselverspilling aangeeft, is deze afgeleide voedselverspilling wel een indicatie van de ontwikkeling.3. Duurzaam voedselDe bovenstaande cijfers uit de Monitor Duurzaam Voedsel geven een overzicht van de consumentenbestedingen aan duurzaam voedsel. Duurzaam voedsel wordt in deze monitor gedefinieerd als voedsel waarbij tijdens de productie en verwerking meer rekening is gehouden met milieu, dierenwelzijn en/of sociale aspecten dan wettelijk verplicht is. Het gaat om de in Nederland geconsumeerde producten in de belangrijkste afzetkanalen voor duurzaam voedsel: supermarkten, foodservice en speciaalzaken voor duurzame voeding in Nederland. De gegevens zijn gebaseerd op de omzet van producten die zijn voorzien van een duurzaamheidskeurmerk met onafhankelijke controle. De voedingsmiddelen kunnen daarmee door consumenten op één of meer aspecten als duurzaam worden herkend. In de cijfers t/m 2018 was het mogelijk 70% van de uitgaven in supermarkten mee te nemen. Vanaf 2019 heeft er een aanpassing in de methodiek plaats­gevonden, waardoor 100% van de uitgaven in supermarkten wordt meegenomen. Voor de cijfers over 2019 zijn ook de cijfers over 2018 opnieuw berekend. Deze herberekening over 2018 staat niet in de boven­staande tabel opgenomen. De cijfers over 2020 zijn nog niet defiitief en worden opgenomen in het departementaal jaarverslag over 2021.141Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 VERDUURZAMING PRODUCTIE EN CONSUMPTIE (D.M.V. KRINGLOOPLANDBOUW)Indicatoren/kengetallen●Productie van dierlijke mest uitgedrukt in miljoen kg stikstof (bron: CBS)Plafond2017201820192020Landelijk504,4512503,5489,7489,4Melkvee281,8303,5289,9279,7286,5Varkens99,197,496,893,791,8Pluimvee60,358,956,75654,7●Productie van dierlijke mest uitgedrukt in miljoen kg fosfaat (bron: CBS)Plafond2017201820192020Landelijk172,9169162155,5150,7Melkvee84,986,678,775,573,6Varkens39,737,537,736,836,7Pluimvee27,427,525,925,124,1●Gemiddelde nitraatconcentratie per liter in uitspoelend water onder landbouwbedrijven (bron: RIVM, Landelijk Meetnet Effecten Mestbeleid)Bodemsoort2015-20192016-2019Streefwaarde 2021 of 2022Löss6863gemiddeld <of=50 mg Nitraat/l uitspoeling uit wortelzone onder landbouwgrondZand5550gemiddeld <of=50 mg Nitraat/l uitspoeling uit wortelzone onder landbouwgrondKlei2330gemiddeld <of=50 mg Nitraat/l uitspoeling uit wortelzone onder landbouwgrondVeen87gemiddeld <of=50 mg Nitraat/l uitspoeling uit wortelzone onder landbouwgrond●Energie efficiency index Voedings- en genotmiddelenindustrie (bron: RVO.nl)201820192020Streefwaarde 202078,3%77,2%76,1%70%●Totale CO2 emissie glastuinbouw (bron: energiemonitor glastuinbouw WEcR)20132017201820192020Meest recente jaarStreefwaarde 20207,5 Mton5,7 Mton5,7 Mton5,9 Mtonnog onbekend20194,6 Mton11Onderzoek naar de ontwikkeling van de CO2-emissie in 2020 is op 18 december 2020 naar de Tweede Kamer gestuurd (KST 329813 nr. 652). Als gevolg van areaal en/of WKK ontwikkeling valt de CO2-emissie buiten de afgesproken bandbreedte. Convenantspartijen gaan, conform de afspraken uit het convenant, in overleg over aanpassing.Toelichting1. en 2. Productie van dierlijke mest uitgedrukt in miljoen kg stikstof en fosfaatOm de kwaliteit van het grond- en oppervlaktewater te beschermen zijn er maxima gesteld aan de hoeveelheid mest, uitgedrukt in stikstof en fosfaat, die de Nederlandse veehouderij mag produceren. Sinds 2006 geldt er voor stikstof een nationaal plafond van 504,4 miljoen kilogram en voor fosfaat een nationaal plafond van 172,9 miljoen kilogram. Beide nationale plafonds zijn vertaald naar een sectoraal productieplafond voor melkvee, varkens, pluimvee, die sinds 1 januari 2020 zijn opgenomen in de Meststoffenwet. 142Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 Voor de ‘overige’ dieren zijn geen aparte plafonds vastgesteld, maar het totaal moet onder de landelijke plafonds blijven. (Kamerstuk 33 037 nr. 370) De hoeveelheid geproduceerde mest is een indicator voor de mate waarin de Nederlandse veehouderij geopereerd heeft binnen de milieu­technische grenzen die gesteld zijn.3.Gemiddelde nitraatconcentratie per liter in uitspoelend water onder landbouwbedrijvenHet mestbeleid is de implementatie van de EU-Nitraatrichtlijn, gericht op het terugdringen van uit- en afspoeling van nutriënten uit de landbouw tot op of onder het niveau van 50mg Nitraat/l, om verontreiniging van grond- en oppervlaktewater te verminderen en te voorkomen. Elke lidstaat dient per vier jaar een actieprogramma te ontwikkelen dat moet leiden tot een nutriëntenuitspoeling op of onder het genoemde niveau. Het huidige, zesde, Actieprogramma Nitraatrichtlijn loopt tot 2022 en het zevende Actiepro­gramma voor de jaren 2022-2025 wordt voorbereid. Effecten van actiepro­gramma’s zijn eerst volledig zichtbaar vijf jaar na afloop van het programma. Het mestbeleid draagt ook bij aan het bereiken van de doelen van de Kader­richtlijn Water van chemisch schoon en ecologisch gezond water.De ontwikkeling van de nutriëntenuitspoeling over de gehele meetperiode is onderstaand grafisch weergegeven. Hieruit blijkt dat voor álle grondsoor­tregio’s de nitraatuitspoeling is toegenomen, veroorzaakt door het droge voorjaar en zomer van vooral 2018 en 2019. Dat in bovenstaande cijfers de stijging alleen voor de kleiregio zichtbaar wordt, komt doordat het om een gemiddeld cijfer over de jaren 2015-2019 gaat. Klei toont eerder een toename in nitraatuitspoeling dan andere grondsoorten, door de snelle uitspoeling uit de wortelzone uit drainagebuizen, waardoor het gemiddelde cijfer van nitraatuitspoeling voor de jaren 2015-2019 voor klei sterker negatief beïnvloed is dan voor de andere grondsoorten.Figuur 3Nitraatconcentraties in het water dat uitspoelt uit de wortelzone op landbouwbedrijven per regio in de periode 1992-2019. Jaarlijkse gemiddelden van gemeten concentratie.Bron: Landbouwpraktijk en Waterkwaliteit, 2020, p. 23. 143Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 4.Energie-efficiency VGIHet MJA3-convenant voor VGI sectoren liep in 2020 af. De Energie efficiency index Voedings- en genotmiddelenindustrie geeft aan hoeveel energie bedrijven in een bepaald jaar bespaard hebben ten opzichte van het peiljaar, 2005. Daarbij wordt onderscheid gemaakt tussen procesefficiëntie, ketene­fficiëntie en duurzame energie. De cijfers in de tabel over 2020 zijn voorlopig en worden later in 2021 definitief vastgesteld.5.CO2 emissie glastuinbouwIn de jaarlijkse Energiemonitor Glastuinbouw van Wageningen Economic Research (WEcR) wordt o.a. de CO2-emissie van de glastuinbouw gepubli­ceerd. Dit geeft een overzicht van de ontwikkeling van de CO2-emissie van de sector. Cijfers over 2020 zijn nog niet beschikbaar. Voor deze begroting 2022 is het niet mogelijk een streefwaarde voor 2030 aan te geven. De streefwaarde is namelijk het CO2-doel voor 2030, dat nog niet is overeen­gekomen met de partijen. Dit is onderdeel van het nieuwe convenant. Het opstellen van het nieuwe convenant 2021-2030 is als gevolg van corona, ODE en CO2-leveringsproblematiek vertraagd. Volgens de huidige planning is dit eind 2021 gereed.6. Indicator soja import NederlandIdicatoren voor sojaverbruik NL (import/export) en specifiek die voor het aandeel duurzame soja daarbinnen kunnen betrouwbaar afgeleid worden van de monitor duurzame agrogrondstoffen, uitgevoerd door het CBS. De laatste agromonitor met gegevens over soja is van 2017 met gegevens over 2016. Momenteel wordt de laatste hand gelegd aan een opdracht aan het CBS om deze monitor te updaten voor soja, palmolie en (tropisch) hout met gegevens over 2020 en zo mogelijk aangevuld met 2018 om ook eventuele trends te kunnen vaststellen. De publicatie wordt gepland voor medio november 2021. Deze nieuwe monitor is noodzakelijk alvorens betrouwbare nieuwe indicatoren vanuit de overheid te kunnen opstellen.BEVORDEREN PLANTGEZONDHEIDIndicatoren/kengetallen●Aantal projecten toolbox kwekersrechtRaming 202210Toelichting1. Aantal projecten toolbox kwekersrechtHet kwekersrecht stimuleert bedrijven om nieuwe plantenrassen met verbeterde eigenschappen te ontwikkelen. Verbeterde plantenrassen zijn van groot belang om de landbouw duurzamer te maken (meer producti­viteit, minder chemische middelen). Nederland is actief via het "PVP Development Program» (PVP-toolbox) waarin Nederlandse kennis en ervaringen met het ontwikkelen, implementeren en ondersteunen van kwekersrecht wordt gedeeld met landen die kwekersrecht willen implemen­teren of verder ontwikkelen. De projecten lopen uiteen van het geven van voorlichting, het trainen van technici of beleidsmakers tot het ontvangen van delegaties om laten zien hoe we een en ander hebben georganiseerd. Jaarlijks komen via o.a. landbouwattache’s voorstellen voor projecten binnen. Deze worden door een internationale stuurgroep beoordeeld en geprioriteerd. Met een jaarlijks budget van 230.000 euro wordt geschat dat hiermee jaarlijks 10 projecten kunnen worden uitgevoerd.144Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 BEVORDEREN DIERGEZONDHEIDIndicatoren/kengetallen●Reductie antibiotica-gebruik in de dierhouderij (bron: SDa)201920202021Mate van afname van antibioticagebruik in de dierhouderij69,669Nog niet bekendToelichting1. Reductie antibiotica-gebruik in de dierhouderijDe bovenstaande indicator betreft de reductie van het antibioticagebruik in de dierhouderij ten opzichte van 2009. De raming 2022 is afhankelijk van de uitwerking van de in 2019 afgesproken sectorspecifieke reductiedoel­stellingen (zie ook Kamerstuk 29 683, nr. 247). Het streven is om antibioti­cumgebruik verder te reduceren door middel van sectorspecifieke reductiedoelstellingen en een reductie van hooggebruikende bedrijven per 2024. De gerealiseerde reductie in 2020 was 69,0%.DOELSTELLING: ZORGEN VOOR DE INSTANDHOUDING VAN BIODIVERSITEITIndicatoren/kengetallen● Oppervlakte ANLb beheerd landbouwareaalRealisatie 2017Realisatie 2018Realisatie 2019Realisatie 2020Realisatie 202162.116 ha69.989 ha76.943 ha83.968 ha88.795 ha● Uitbreiden bossen in NL (Bron: vierjaarlijkse Nederlandse Bos Inventarisatie (NBI)Startpunt 2021Tussendoelen in periode 2021-2030Streefdoel 2030Areaal bos in NederlandVolgt in najaar 2021Volgt begroting 202337.000 hectare uitbreiding1. Oppervlakte ANLB beheerd landbouwareaalVia het integreren van natuur in het landbouwbedrijf verbetert de kwaliteit van het ecosysteem, neemt de druk op het milieu af en ontstaan meer foerageer- en schuilplekken voor specifieke soorten. Om deze ontwikkeling te stimuleren, zet LNV een scala aan instrumenten in, waaronder het Agrarisch Natuur- en Landschapsbeheer (ANLb) uit het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (GLB). Via dit instrument sluiten provincies beheerpak­ketten af met collectieven van boeren voor op natuurwaarden gericht landbouwbeheer in (potentiële) leefgebieden van de betreffende soorten. Deze liggen buiten de bestaande natuurgebieden. De kengetal »oppervlakte ANLb beheerd landbouwareaal» illustreert de ontwikkeling van het areaal agrarisch gebied waarin natuur en landbouw met elkaar verbonden worden. Het kengetal geeft weer op hoeveel areaal de ecologische randvoorwaarden worden verbeterd tbv de VHR soorten. Of de populaties van die VHR soorten daadwerkelijk toenemen, hangt van meer factoren af.2. Uitbreiden bossen in NederlandRijk en provincies hebben in 2020 een ambitie neergezet om het areaal bos in Nederland met 37.000 hectare te laten toenemen tot 2030. Die ambitie past in een bredere doelstelling om natuur, gezondheid en klimaat een positieve impuls te geven. Vierjaarlijks wordt de Nederlandse Bos 145Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 Inventarisatie (NBI) uitgevoerd, die een zeer compleet beeld geeft van de stand van het bos. Hierbij wordt de methodologie van de klimaatafspraken binnen de VN gebruikt, waarvoor bos groter dan 0,5 hectare wordt meegenomen3. Het laatste beeld van het Nederlandse bos komt uit 2017 en is daarmee enigszins verouderd. In 2017 was er in Nederland 365.577 hectare bos. In het najaar van 2021 komt de nieuwste NBI uit. Daarmee wordt het startpunt voor de toename van het bosareaal bekend. Voor de tussenliggende jaren tot de volgende NBI in 2026 wordt op basis van verschillende registraties gekeken naar de groei van het bosareaal. Een programmering met jaarlijkse tussendoelen, gebaseerd op de individuele plannen van de provincies, volgt eind 2021. De gerealiseerde uitbreiding wordt hiertegen afgezet.3. Condities doelbereik Vogel- en HabitatrichtlijnFiguur 4Deze indicator is nieuw in de begroting. Om de effecten van beleid te kunnen voorspellen gebruikt het Planbureau van de Leefomgeving het VHR-doelbereik, waarin modelmatig berekend wordt welk effect de stikstofde­positie, grondwaterstand en ruimtelijke condities (omvang en inrichting Natuurnetwerk) hebben op de staat van instandhouding.Het getal van 53% betekent dat met de huidige condities er voor 53% van de soorten een duurzame instandhouding kan worden bereikt. Het PBL wordt gevraagd de gerealiseerde prestaties (o.a. uitbreiding en inrichting areaal, verlaging stikstofdepositie en verhoging grondwaterstand) jaarlijks te verwerken in deze indicator. Deze indicator werd ook gebruikt in de eerste evaluatie Natuurpact (Kamerstuk 33 576, nr. 118).3 Dit wijkt enigszins af van de Nederlandse wetgeving, die vanaf 0,1 hectare van ‘bos’ spreekt.146Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 4. Fauna in natuurgebieden op land en in agrarisch gebiedFiguur 5Figuur 6De diersoorten in natuurgebieden op land zijn sinds 1990 afgenomen. De laatste tien jaar is de trend stabiel. Veel diersoorten van het agrarisch leefgebied nemen af. Vooral broedvogels en dagvlinders gaan achteruit, terwijl de meeste soorten zoogdieren zich staande houden of toenemen. De figuren geven de trend weer van de ontwikkelingen van soorten in respectievelijk natuurgebieden op land en in het agrarisch gebied.147Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 DOELSTELLING: STREVEN NAAR EEN DUURZAME EN ECONOMISCH RENDABELE VISSERIJSECTORIndicator/ Kengetallen● Mate van duurzame bevissingOmschrijvingBasis- of Referentiewaarde en jaarHuidige waarde en jaarStreefwaarde en jaarHet percentage duurzaam bevist, van de door Nederlandse vissers gericht beviste bestanden.Basiswaarde 2019 per vlootsegment: Pelagisch: 0,98 Grootschalige boomkor: 1,01De laatst bekende waarde is 2019.1 (of lager)Toelichting1. Mate van duurzame bevissingVoor de levensvatbaarheid van de sector is het bestaan van duurzame instandhouding van visbestanden de belangrijkste voorwaarde. Het EU instrument voor instandhouding van visbestanden is de quotering. De indicator «duurzaam bevist» geeft bij een score van 1 of lager aan dat de Nederlandse vissers geen negatieve invloed hebben op de duurzaamheid van de gericht beviste bestanden. De mate van duurzame bevissing wordt aan de hand van de Sustainable Harvest Indicator (SHI) geanalyseerd. Deze indicator wordt ieder jaar in het vlootverslag door Wageningen Marine Research (WMR) berekend en betreft een gemiddelde. De waarde van de pelagische visserij fluctueert sinds het beginjaar van de indicator (2008) rond 1. Deze valt in 2019 lager uit dan de streefwaarde. De waarde van de indicator voor de grootschalige boomkor visserij is sinds het beginjaar boven 1, maar neemt elk jaar af en komt steeds dichter bij de 1 te liggen en is ook ten opzichte van vorige jaar weer gedaald. De streefwaarde blijft voor ieder jaar 1 (of lager).148Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 DOELSTELLING: BORGEN EN BENUTTEN VAN EEN KWALITATIEF HOOGWAARDIGE KENNIS- EN INNOVATIE- EN ONDERZOEKSINFRASTRUCTUURIndicatoren/kengetallen● Klanttevredenheid uitgevoerd onderzoek WRReferentie-waardePeildatumRaming 2022StreefwaardePlanning8,420208,582022● Kennisbenutting uitgevoerd onderzoek WR door beleid, bedrijfsleven en maatschappelijke organisatiesReferentie-waardePeildatumRaming 2022StreefwaardePlanning93%2020>90%>80%2022● Percentage innoverende agrarische bedrijvenReferentie-waardePeildatumRaming 2022StreefwaardePlanning7%20188%10%2025● Aandeel technologische landbouw goederen in de totale landbouwexportReferentie-waardePeildatumRaming 2022StreefwaardePlanning9,3%202011%12%2021●Aantal toegekende vouchers voor bedrijfsadviezen aan boeren en tuinders gericht op kringlooplandbouw en duurzaam en klimaatbestendig ondernemen.Referentie-waardePeildatumRaming 2022StreefwaardePlanning0202010.50014.4602023●Verhouding duurzame / totale investeringen (bron: WEcR)Referentie-waardePeildatumRaming 2022StreefwaardePlanning16%201825%30%2025● % innoverende agrarische bedrijven (Bron: WEcR)Referentie-waardePeildatumRaming 2022StreefwaardePlanning7%20188%10%2025Toelichting1. Klanttevredenheid uitgevoerd onderzoek WR en 2. Kennisbenutting uitgevoerd onderzoek WRIn 2015 zijn alle TO2-instituten (waaronder Wageningen Research (WR)) overgegaan op een nieuwe, uniforme methode voor het meten van klant­tevredenheid en kennisbenutting. De scores in bovenstaande tabel tonen de gerealiseerde waarden van klanttevredenheid en kennisbenutting voor het onderzoek dat WR uitvoert.3. Percentage innoverende agrarische bedrijvenDit geeft het percentage van de bedrijven weer dat product- of procesinno­vaties heeft doorgevoerd. Het gaat hierbij zowel om bedrijven die als eerste bedrijf iets nieuws hebben doorgevoerd als om innovatieve volgers (vroege volgers).4. Aandeel technologische landbouw goederen in de totale landbouwexportDeze indicator geeft het technologisch aandeel (kennis en innovatie omgezet in goederen/diensten in de vorm van oa. Kassen- en machinebouw) van de aan de landbouw gerelateerde goederen weer in 149Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 de totale landbouwexport van alle goederen.Bron: CBS tot en met oktober 2020, raming november - december 2020 door WUR en CBS.5. Aantal toegekende vouchers voor bedrijfsadviezenDeze indicator toont het aantal toegekende vouchers voor bedrijfsadviezen aan boeren en tuinders over bedrijfsspecifieke vragen en behoeften gericht op aandachtsgebieden binnen de kringlooplandbouw en duurzaam en klimaatbestendig ondernemen met tot doel om te komen tot bedrijfsaan­passingen in de eigen landbouwpraktijk. Voorbeelden van aandachtsge­bieden zijn ondermeer stikstofreductie, precisielandbouw, weerbare teelten, duurzaam bodembeheer, biodiversiteit, persoonlijke ontwikkeling van de ondernemer en de verduurzaming van zijn bedrijf, Boeren en tuinders die een voucher hebben toegekend gekregen ontvangen een bedrijfsadvies op maat door een onafhankelijke erkende bedrijfsadviseur.6. Verhouding duurzame / totale investeringenDeze indicator drukt het bedrag aan duurzame investeringen uit ten opzichte van het bedrag van de totale investeringen in de landbouw.7. Percentage innoverende agrarische bedrijvenDit geeft het percentage van de bedrijven weer dat product- of procesinno­vaties heeft doorgevoerd. Het gaat hierbij zowel om bedrijven die als eerste bedrijf iets nieuws hebben doorgevoerd als om innovatieve volgers (vroege volgers).8. Impact Missiegedreven innovaties voor landbouw, water, voedselVoor effectmonitoring en -evaluatie van de impact van missiegedreven innovaties voor landbouw, water en voedsel geldt een ingroeimodel. Immers, de missiegedreven innovaties zijn pas in 2020 goed van start gegaan. Zeker kan de impact nu nog niet bepaald worden, wel de input. Deze wordt aan de hand van een aantal core-kpi’s gemeten zoals type partners, hun financiële inbreng, de verhouding tussen publieke en private financiering en de koppeling aan maatschappelijke opgaven of sleuteltech­nologieën. Deze informatie zal per brief in oktober 2021 aan de Tweede Kamer worden gemeld. In een volgende fase kunnen tussenresultaten gemeld worden zoals de Technology Readiness Levels (TRL’s) die iets zeggen over de rijpheid van innovaties, aantal succesvol afgeronde projecten, aantal publicaties, aantal prototypen, aantal patenten, aantal demonstrators, de spin-of en spin-out en het aantal vernieuwde producten, processen end diensten dat op de markt is gebracht. In een laatste fase is op basis van deze informatie in kwalitatieve zin iets te zeggen over de totale impact van de missiegedreven innovaties.150Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 Bijlage 7: Rijksuitgaven Caribisch NederlandTer uitvoering van de motie Hachchi c.s. (Kamerstuk 33 000 IV, nr. 28,) brengen departementen reeds langer in kaart welke uitgaven zij doen ten behoeve van Caribisch Nederland, uitgesplitst per beleidsartikel en per instrument. Voor zover die uitgavenreeksen de € 1 mln te boven gaan, maken de departementen deze in een aparte regel (regeling onder een instrument) expliciet zichtbaar in de tabel budgettaire gevolgen van beleid en de bijbehorende toelichting. Bedragen onder de € 1 mln hoeven niet apart zichtbaar te worden gemaakt in de budgettaire tabel, hierbij volstaat een toelichting.Naar aanleiding van de voorlichting van de Afdeling Advisering van de Raad van State (RvS) en het Interdepartementale Beleidsonderzoek Koninkrijks-relaties (IBO) heeft het kabinet besloten het overzicht Rijksuitgaven (ten behoeve van) Caribisch Nederland uit te breiden (Kamerstuk 35 300 IV, nr. 11). Ter uitvoering hiervan dient deze bijlage waarin alle uitgavenreeksen van het Ministerie van LNV ten behoeve van Caribisch Nederland (Bonaire, Sint Eustatius en Saba ofwel BES-eilanden) worden opgenomen, ongeacht de hoogte van de uitgaven. Uitgaven aan de landen Curaçao, Sint Maarten en Aruba worden hierin niet opgenomen.Departementaal overzicht Rijksuitgaven Caribisch NederlandArtikel/ instrumentTaakBijdragerealisatieontwerpbegroting 20222020202120222023202420252026Totaal uitgaven3.0023.1644.8142.7141.064764764Artikel 21 Land- en tuinbouw03504500000OpdrachtenRijkIncidenteel03504500000Artikel 22 Natuur, visserij en gebiedsgericht werken13.0022.8144.3642.7141.064764764OpdrachtenRijkStructureel2.6292.8144.3642.7141.064764764Bijdrage aan medeoverhedenRijkIncidenteel3730000001Dit was voorheen artikel 12 Natuur en biodiversiteit.Artikel 21 Land- en tuinbouwOpdrachten - Veterinaire diensten Bonaire, Sint Eustatius, Saba (LNV)Anders dan in Europees Nederland zijn slachthuizen in Caribisch Nederland eigendom van de overheid en vallen daarmee onder hun directe verant­woordelijkheid. Er is daardoor onvoldoende kwantiteit aan slachtvee om een slachthuis privaat rendabel tegen redelijke tarieven te beheren en de voedselveiligheid te borgen. Op Bonaire zijn sinds een aantal jaar LNV, de NVWA en het openbaar lichaam Bonaire bezig met het opzetten van een veterinaire dienst en de renovatie van het slachthuis. Dit is nodig omdat er zonder veterinaire dienst grote risico’s zijn op het gebied van voedselvei­ligheid, volksgezondheid en het dierenwelzijn. Om het slachthuis op Bonaire aan de Europese richtlijnen te kunnen laten voldoen zijn extra middelen nodig die via dit bestedingsplan worden aangevraagd. Op Sint Eustatius en Saba heeft de NVWA op verzoek van LNV een audit uitgevoerd van de vleesketen voedselveiligheid. Middels dit project worden de aanbevelingen van deze inventarisatie uitgevoerd, namelijk het opzetten en versterken van de veterinaire diensten op Sint Eustatius en Saba ten behoeve van waarborging van de voedselveiligheid, veterinaire volksgezondheid, dierenwelzijn en diergezondheid.151Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 Artikel 22 Natuur, Visserij en gebiedsgericht werkenOpdrachten - Natuur- en milieubeleidsplan 2020–2030Voor het opdrachtenbudget ‘Caribisch Nederland’ is € 4,4 mln. geraamd. In samenwerking met de ministeries van IenW en BZK wordt uitvoering gegeven aan het Natuur- en milieubeleidsplan 2020–2030 (Kamerstuk 33 576, nr. 190). Het plan bevat op verzoek van de Tweede Kamer (Kamerstuk 33 576, nr. 47) een koraalherstelplan. Het is het kader en geeft de uitvoe­ringsdoelstellingen voor de uitvoeringsagenda’s van de openbare lichamen die in tweede helft van 2021 worden vastgesteld. Voor het koraalherstelplan is in 2022 € 3,3 mln. gereserveerd.Bijlage 8: Europese geldstromenInleidingDeze bijlage biedt inzicht in de Europese geldstromen die relevant zijn voor de beleidsterreinen van LNV. Er wordt ingegaan op de transitieperiode voor het GLB naar het volgende Meerjarig Financieel Kader. De transitieperiode is de overbruggingsperiode tussen het huidige MFK (2014 ‒ 2020) en het nieuwe MFK (2021 ‒ 2027). De transitieperiode is van toepassing op de jaren 2021 en 2022.Meerjarig Financieel KaderOp 2 mei 2018 heeft de Europese Commissie haar voorstellen gepresen­teerd voor het Meerjarig Financieel Kader (MFK) voor de periode na 2020. Op 27 mei 2020 heeft de Europese Commissie een hernieuwd voorstel voor het MFK van 2021 tot en met 2027 gepresenteerd. Op 21 juli 2020 bereikte de Europese Raad overeenstemming over het MFK voor de periode 2021 ‒ 2027. Het akkoord betekent voor Nederland een totale bijdrage vanuit de Europese Commissie van € 5,6 mld. (ELGF: € 5 mld.; ELFPO: € 529,1 mln.; EMVAF: € 139 mln.).De verschillende EU-programma’s en EU-fondsenVoor de uitvoering in gedeeld beheer van het Europees Beleid worden vanuit de Europese Commissie eisen gesteld aan de uitvoering door de lidstaten. Deze eisen zijn vastgelegd in Raadsverordeningen en zijn uitgewerkt in Commissieverordeningen en bijbehorende richtsnoeren. De lidstaten zijn verantwoordelijk voor de geharmoniseerde en eenduidige uitvoering van het EU-beleid.Voor de uitvoering van het EU beleid stelt de Europese Commissie een aantal Europese Fondsen aan de lidstaten beschikbaar. Voor LNV zijn de volgende EU-fondsen relevant:1.Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (GLB) 1e pijler: het Europees Landbouwgarantiefonds (ELGF);2.Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (GLB) 2e pijler (POP): het Europees Landbouwfonds voor Plattelandsontwikkeling (ELFPO);3.Gemeenschappelijk Visserijbeleid (GVB): het Europees Fonds voor Maritieme Zaken en Visserij (EFMZV) en Europees Maritiem, Visserij en Aquacultuur Fonds (EMVAF).Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (GLB) 152Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 Binnen het GLB zijn twee pijlers te onderscheiden. De 1e pijler bestaat uit directe inkomenssteun aan agrariërs en markt- en prijsbeleid. Met behulp van vooral rechtstreekse inkomenssteun richt deze pijler zich op het stabili­seren van landbouwinkomens. De 2e pijler betreft het plattelandsbeleid. Deze pijler richt zich op de kwaliteit van alle plattelandsgebieden in de EU.In november 2019 heeft de Europese Commissie een transitieverordening gepubliceerd, waarin wordt voorgesteld om, gezien de vertraagde besluit­vorming over het nieuwe GLB, een aantal noodzakelijke bepalingen uit het huidige GLB met twee jaar te verlengen. Dit voorstel is beleidsarm. Op 23 december 2020 is de transitieverordening (EU) 2020/2220 vastgesteld.Op 8 februari 2021 heeft Nederland bij de Europese Commissie een verzoek tot goedkeuring van een wijziging van het plattelandsontwikkelingspro­gramma ingediend en op 12 april 2021 is deze goedgekeurd.1. GLB pijler 1: het Europees Landbouwgarantiefonds (ELGF)Hieronder volgen de belangrijkste maatregelen van het Europese Landbouw garantiefonds (ELGF):1a. Inkomenssteun voor boerenEr geldt een vaste hectarebetaling die voor iedere landbouwer gelijk is, de zogeheten «flat rate». Voor de vaste hectarebetaling moeten landbouwers aan randvoorwaarden voldoen (onder andere op het gebied van milieu en dierenwelzijn), de zogenaamde cross-compliance. Op Europees niveau is vastgelegd dat landbouwbedrijven die gebruik willen maken van de directe betalingen in het GLB verplicht zijn om vergroeningsmaatregelen toe te passen. Hiervoor is 30% van het budget voor directe betalingen bestemd.Om te voldoen aan de vergroeningsverplichting is het mogelijk dat lidstaten, naast bovengenoemde maatregelen en na goedkeuring door de Europese Commissie, equivalente maatregelen toevoegen aan de Europese lijst. Nederland maakt daar gebruik van met het akkerbouw-strokenpakket, het duurzaamheidspakket Vezelhennep.1b. Extra ondersteuning jonge boerenMeer dan twee derde van de Europese boeren is ouder dan 55 jaar. Om de toekomst van de sector zeker te stellen, wil de Europese Commissie jonge boeren gedurende de eerste vijf jaar van het bestaan van hun bedrijf extra financiële ondersteuning bieden. Lidstaten worden verplicht extra steun aan jonge boeren te geven via een zogenaamde «top-up» op de directe betalingen. Hiervoor dient maximaal 2% van de enveloppe voor directe betalingen (1e pijler GLB) te worden aangewend. Daarnaast is besloten dat via het plattelandsbeleid (2e pijler GLB) jonge boeren extra steun kunnen ontvangen.Markt- en prijsbeleidMet de gemeenschappelijke ordening van de landbouwmarkten wordt beoogd een gelijk speelveld voor de landbouw in de EU te realiseren. In de afgelopen jaren zijn binnen de Gemeenschappelijke Marktordening (GMO) stappen gezet naar verdere marktoriëntatie met de beëindiging van de quotaregelingen voor melk in 2015 en voor suiker in 2017. Nederland meent dat marktoriëntatie het uitgangspunt moet zijn voor het realiseren 153Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 van de doelen van het GLB, zoals het bevorderen van het optimale gebruik van productiefactoren, verwerven van een redelijk inkomen door landbouwers, en verzekeren van redelijke prijzen voor consumenten. In de GMO-verordening (Vo. 1308/2013) is een vangnet voorzien voor landbouw­markten bestaande uit marktondersteunende instrumenten (bijv. openbare interventie en steun voor particuliere opslag), uitzonderlijke crisismaatre­gelen en steun aan bepaalde sectoren. Voorafgaand aan een jaar is niet te zeggen of en zo ja hoeveel steun zal worden gegeven aan marktondersteu­nende en crisismaatregelen aangezien deze onvoorspelbaar zijn. Een voor Nederland relevant voorbeeld van een steunprogramma is de financiering van zogenaamde operationele programma’s van producentenorganisaties in de groente- en fruitsector. Een ander relevant voorbeeld betreft het bijen­programma. Onder het nieuwe MFK (2021-2027) is het EU-budget voor de bijenprogramma’s met 50% verhoogd. Toewijzing van het bedrag naar lidstaten is naar rato van het aantal bijenkorven. Van belang voor Nederland is ook de steun die op grond van de GMO-verordening wordt gegeven voor het Europese programma voor schoolmelk en -groente en -fruit en de nationale bijenprogramma’s.In het algemeen geldt dat subsidies in het kader van EU markt- en prijsbeleid, net als in het geval van directe betalingen, uitsluitend EU-middelen betreffen en er dus geen nationale middelen bij betrokken zijn. Nederland draagt wel de nationale uitvoeringskosten voor deze subsidies. Uitzondering hierop is het bijenprogramma. Hiervoor geldt 50 % nationale cofinanciering.2. GLB pijler 2: Europees Landbouwfonds voor Plattelandsontwikkeling (ELFPO)POP3 (2014-2020) en POP3+ (2021-2022) worden ingevuld door de provincies en aangevuld door het Rijk. Hiermee kunnen gebiedsspecifieke behoeftes in de landbouw worden aangepakt. Aan generieke behoeftes wordt landsdekkend invulling gegeven. Met deze combinatie kan optimaal ingespeeld worden op het bevorderen van een gelijk speelveld. De provincies leveren het grootste deel van de benodigde nationale cofinan-ciering voor POP3 en POP3+, aangevuld met financiering door de water­schappen (verbetering waterkwaliteit).De jaren 2021-2022 is de transitieperiode. De transitieperiode is de overbruggingsperiode tussen het huidige GLB (2014‒2020) en het nieuwe GLB (2021-2027). Voor de transitieperiode is, in overleg met de provincies, besloten om inhoudelijk te focussen op de thema’s klimaat, biodiversiteit/bodem en kringlooplandbouw (incl. stikstof). Tevens zullen doorlopende maatregelen zoals de Brede weersverzekering, het ANLb, de Regeling Jonge Landbouwers en LEADER doorgang vinden. Op 28 mei 2020 is er in een Bestuurlijk Overleg tussen Rijk, provincies en waterschappen overeen­stemming bereikt over de hoofdlijnen van het transitieprogramma. En op 6 oktober 2020 en 28 januari 2021 is men gezamenlijk akkoord gegaan met de invulling van het programma en de verdeling van de middelen.Het bedrag dat voor Nederland vanuit het Europees Landbouwfonds voor Plattelandsontwikkeling (ELFPO) beschikbaar is voor POP3+ in 2021 bedraagt € 89,5 mln. en in 2022 € 73,3 mln. Het budget voor deze transitie­periode komt uit het budget voor het MFK 2021-2027 en daarbij gelden de oude regels met betrekking tot de nationale cofinanciering met 50% en een N+3-regime dat inhoudt dat het beschikbaar gekomen budget binnen drie jaar gedeclareerd moet worden in Brussel. De nationale cofinanciering 154Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 van POP3 en POP3+ komt grotendeels voor rekening van de provincies en waterschappen, met een klein aandeel voor LNV. Ten opzichte van het jaarlijkse EU-budget voor POP3 in 2014‒2020 ter grootte van € 85 mln. is dat voor 2021 een eenmalige verhoging van € 4,5 mln. en voor 2022 een verlaging van € 12 mln. In het akkoord van 6 oktober 2020 is afgesproken dat Rijk en provincies (incl. financiering waterschappen) zorgdragen voor de cofinanciering van de eigen regelingen in 2021-2022 en dat het budget voor 2022 niet opgehoogd wordt naar het ‘POP3-niveau’ van € 85 mln. per jaar. Het LNV-aandeel van de uitgaven wordt verantwoord in het jaarverslag van LNV. Het Rijksaandeel heeft in 2021-2022 betrekking op de regelingen: brede weersverzekering, praktijknetwerken en de GLB pilots veenweide en kringlooplandbouw. Vanaf 2016 is LNV eveneens verantwoordelijk voor de uitvoering van de regelingen voor de kalversector. Deze regeling wordt alleen via de EU gefinancierd. De hiervoor benodigde middelen zijn vanuit GLB pijler 1 overgeheveld naar pijler 2.De Europese Commissie heeft na de uitbraak van het coronavirus COVID-19, een Europees Herstelfonds in het leven geroepen. Dit Herstelfonds (Next Generation EU) omvat € 750 mld. Van de € 750 mld., is € 7,5 mld. bestemd voor Plattelandsontwikkeling. Nederland heeft uit dit bedrag, € 52,4 mln. toebedeeld gekregen voor 2021 en 2022. Het bedrag wordt toegevoegd aan het ELFPO-budget in de transitieperiode (2021-2022) van het Plattelands­ontwikkelingsprogramma Nederland (POP3+). Op 28 januari 2021 zijn Rijk, provincies en waterschappen akkoord gegaan met het voorstel om de middelen uit dit economisch herstelfonds te besteden aan twee landelijke subsidieregelingen voor groen-economisch herstel die vanuit LNV worden opengesteld. 3. Gemeenschappelijk Visserijbeleid (GVB): Europees Fonds voor Maritieme Zaken en Visserij (EFMZV) en Europees Maritiem, Visserij en Aquacultuur Fonds (EMVAF)Het GVB is in de eerste plaats gericht op de ontwikkeling van een verant­woorde visserijketen waarmee een evenwichtige en duurzame exploitatie van de visstand wordt bevorderd. Hiertoe zijn in EU-verband regels opgesteld, zoals beperkingen voor bepaalde visserijmethoden. Tevens zijn afspraken gemaakt ten aanzien van controle & handhaving, datacollectie en ter bevordering van de stabiliteit van de vismarkt.Ontwikkelingen EFMZV en EMVAFDe EFMZV programmaperiode is met ingang van 2021 afgesloten. Per 1 januari 2021 is de programmaperiode voor het EMVAF gestart. Het hoofddoel van het EMVAF is het bijdragen aan de verwezenlijking van het GVB en de Green Deal, in de vorm van verdere verduurzaming en versterking van de concurrentiekracht van de visserij en aquacultuur. De onderhandelingen met de Europese Commissie over het Operationeel Programma (OP) lopen nog. Het nieuwe OP voor het EMVAF wordt later dit jaar ingediend, nadat de regelgeving is goedgekeurd. De inzet is om in het Nederlandse OP het EMVAF-instrumentarium te richten op vier hoofd­thema’s:1.De uitvoering van het innovatie-onderdeel uit de Kottervisie (Kamerstuk-nr. 29675-194);2.De uitvoering van het GVB, zijnde de wettelijke verplichtingen voor datacollectie en controle en handhaving;3.De uitvoering van het Noordzeeakkoord ten behoeve van het MONS-programma;155Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 4.Het versterken van aquacultuur en de verwerkende keten.De uitvoering van het EFMZV bevindt zich in de eindfase; de periode 2020 tot en met 2023 is met name gericht op de uitfinanciering van het fonds. Er zijn openstellingen geweest voor Jonge vissers, aanlandplicht innovatie­projecten, rendementsverbeteringsprojecten, aquacultuur innovatiepro­jecten, afzetbevorderingsprojecten, productie- en afzetprogramma’s, innovatieprojecten duurzame visserij, en samenwerkingsprojecten wetenschap en visserij en investeringen voor toegevoegde waarde van visserijproducten. Daarnaast zijn overheidsopdrachten verleend voor Pulsonderzoek, Kenniskringen, Glasaaluitzet, Datacollectie en Controle. In het kader van de coronacrisis zijn de mogelijkheden om steun vanuit het EFMZV vorm te geven benut.Financieel overzicht Operationeel ProgrammaDe inzet is om de verdeling van de kosten van het EMVAF-programma tussen overheid en begunstigden in de meeste gevallen op 50–50 te houden, net als bij het EFMZV het geval is. Van het overheidsdeel komt gemiddeld 70% uit het EMVAF. De resterende 30% is nationale cofinan-ciering. Het daadwerkelijke kasritme van het EMVAF wordt ingegeven door het moment waarop Nederland uitgaven bij de EU declareert.156Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 Lijst van afkortingenACMAutoriteit Consument en MarktAIAviaire InfluenzaANLbAgrarisch natuur en landschapsbeheerAVPAfrikaanse VarkenspestAwbAlgemene wet bestuursrechtBESBonaire, Sint Eustatius, SabaBLBorgstelling MKB LandbouwkredietenBNPBruto Nationaal ProductBSEBovine Spongiforum EncephalopathyBTBlauwtongBZKMinisterie van Binnenlandse Zaken en KoninkrijksrelatiesCBSCentraal Bureau voor de StatistiekCCAMLRCommission for the Conservation of Antarctic Marine Living ResourcesCCDCentrale Commissie DierproevenCOKZCentraal Orgaan voor Kwaliteitsaangelegenheden in de ZuivelCtgbCollege toelating gewasbeschermingsmiddelen en biocidenDGDirectoraat-GeneraalDGFDiergezondheidsfondsDICTUDienst ICT UitvoeringECEuropese CommissieEFMZVEuropees Fonds voor Maritieme Zaken en VisserijEGEnergie-efficiëntie glastuinbouw (voorheen EHG)EHSEcologische HoofdstructuurELFPOEuropees Landbouwfonds voor PlattelandsontwikkelingELGFEuropees LandbouwgarantiefondsEMVAFEuropees Maritiem, Visserij en Aquacultuur FondsEUEuropese UnieEZKMinisterie van Economische Zaken en KlimaatFAOFood and Agriculture Organization of the United NationsGDGezondheidsdienst voor DierenGLGarantieregeling LandbouwGLBGemeenschappelijk LandbouwbeleidGMOGemeenschappelijke MarktordeningGVBGemeenschappelijk VisserijbeleidHACCPHazard Analysis and Critical Control PointsHBOHoger Beroeps OnderwijsHCUHigh Containment UnitIBGInbeslaggenomen goederenICTInformatie- en communicatietechnologieIenWMinisterie van Infrastructuur en WaterstaatIBPInterbestuurlijk ProgrammaIPBESIntergouvernementeel Platform voor Biodiversiteit en EcosysteemdienstenIUCNInternational Union for Conservation of Nature and Natural ResourcesKCBKwaliteits-Controle-BureauKDSKwaliteitskeuring Dierlijke SectorKRMKaderrichtlijn Mariene StrategieKVPKlassieke VarkenspestLANLandbouwraden NetwerkLEILandbouw-Economisch InstituutLICGLandelijk informatiecentrum gezelschapdierenLIDLandelijke inspectiedienst dierenbeschermingLNVMinisterie van Landbouw, Natuur en VoedselkwaliteitLTOLand- en Tuinbouw Organisatie Nederland157Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2 MBOMiddelbaar beroepsonderwijsMEIMarktintroductie energie-innovatiesMFKMeerjarig Financieel KaderMKBMidden- en KleinbedrijfMKZMond-en-klauwzeerMVOMaatschappelijk Verantwoord OndernemenNCDNewcastle DiseaseNDFFNationale Databank Flora en FaunaNEMNetwerk Ecologische MonitoringNGONiet-gouvernementele organisatieNLPNationaal Programma LandbouwbodemsNPPLNationale Proeftuin PrecisielandbouwNVWANederlandse Voedsel- en WarenautoriteitNWONederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk OnderzoekOBNOntwikkeling en Beheer NatuurkwaliteitOCWMinisterie van Onderwijs, Cultuur en WetenschapOIEOffice international des ÉpizootiesOMOpenbaar MinisterieOVBOverdrachtsbelastingOVKOngedekte Vaste KostenPASProgramma Aanpak StikstofPBLPlanbureau voor de LeefomgevingPBOPubliekrechtelijke bedrijfsorganisatiePIAProgramma Internationale AgroketensPOPPlattelandsontwikkelingsprogrammaRIVMRijksinstituut voor Volksgezondheid en MilieuRVO.nlRijksdienst voor Ondernemend NederlandRWSRijkswaterstaatRWTRechtspersonen met een Wettelijke taakSalmonella Se/StSalmonella serotype Enteritdis/TyphimuriumSbvSubsidiemodules brongerichte verduurzaming stal- en managementmaatregelenSDaStichting Diergeneesmiddelen AutoriteitSDGSustainable Development GoalSEAStrategische Evealuatie AgendaSrvSubsidieregeling sanering varkenshouderijenSSOShared Service OrganisatieSZHStichting Zeldzame HuisdierrassenSZWMinisterie van Sociale Zaken en WerkgelegenheidTO2Toegepast Onderzoek OrganisatiesTSETransmissible Spongiform EncephalopathiesTVLTegemoetkoming Vaste LastenUNEPUnited Nations Environment ProgrammeUNESCOUnited Nations Educational, Scientific and Cultural OrganizationUNFCCCUnited Nations Framework Convention on Climate ChangeVAMILRegeling Vervroegde Afschrijving Milieu-investeringenVGIVoedings- en genotmiddelenindustrieVIBEGVisserij in Beschermde GebiedenVVKVermogensversterkend KredietVWSMinisterie van Volksgezondheid, Welzijn en SportWEcRWageningen Economic ResearchWOTWettelijke onderzoekstakenWRWageningen Research158Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 2

Eerdere bronversies

17 okt 2026 · bf7dac64050297a3

14 okt 2026 · ebbd5f4a6b91bc37

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.