KamerkringInloggen
Kamerbrief

Voortgang Versterkte Aanpak Online inzake extremistische en terroristische content

17 dec 2025 · Tweede Kamer

Brontekst

Versie a4156fff55a3c3e6 · officiële bron

Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2025–202629 754TerrorismebestrijdingNr. 774 BRIEF VAN DE MINISTER VAN JUSTITIE EN VEILIGHEID Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-GeneraalDen Haag, 17 december 2025De online wereld is onlosmakelijk verbonden met de fysieke wereld. Hetveilig deelnemen aan de online wereld is essentieel voor de samenleving.Het biedt vele mogelijkheden voor onder andere kennisvergaring,ontspanning en het opdoen van sociale contacten. Tegelijkertijd kent deonline leefwereld uitdagingen. Zo is in de afgelopen periode in de mediaen vanuit uw Kamer aandacht gevraagd voor een relatief nieuwfenomeen: online sadistische netwerken waarin geweld en seksueelmisbruik een doel op zich is en waarbij kwetsbare jongeren wordenaangezet tot ernstig geweld, seksueel misbruik en zelfbeschadiging (hetzogeheten COM-netwerk).1 Dit draagt bij aan de groeiende zorgen vanoverheidsinstanties over de snelle online radicalisering van met namejongeren waar een mogelijke geweldsdreiging van uitgaat, en vanextremistische en terroristische groeperingen die de mogelijkheden vanonline platformen misbruiken. Deze zorgen worden ook onderstreept inhet Dreigingsbeeld Terrorisme Nederland (DTN) dat ik onlangs aan uwKamer heb aangeboden, waarin wordt geconstateerd dat radicalisering inbelangrijke mate online plaatsvindt.2Het kabinet zal zich daarom onverminderd blijven inzetten om onlineextremisme en terrorisme aan te pakken – in het bijzonder waar hetjongeren betreft.3 Hier heeft uw Kamer ook toe opgeroepen tijdens hetCommissiedebat extremisme en terrorisme in september 2025 (Kamerstuk29 754, nr. 757) en in de verschillende moties die zijn aangenomen.4 Indeze brief ga ik, mede namens de Staatssecretaris Participatie enIntegratie, in op de meest recente ontwikkelingen met betrekking tot:1Zie het recente NTA rapport «Likes voor leed» van 4 november jl. https://ntadvies.nl/media/1082/likes-voor-leed-764-com-netwerken-misantropisch-nihilistisch-gewelddadig-extremisme.pdf2Dreigingsbeeld Terrorisme Nederland december 2025.3Het gaat hierbij om de leeftijdsgroep van 10 tot en met 22 jaar.4Hiermee geef ik invulling aan de toezegging om de Kamer voor het einde van 2025 te infor-meren over de voortgang van de versterkte aanpak online, TZ202509-006. kst-29754-774ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2025Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 29 754, nr. 7741 −de dialoog met de internetsector;−de nationale inzet;−de internationale inzet;−de Autoriteit online Terroristisch en Kinderpornografisch Materiaal(ATKM);−Wetenschappelijk Onderzoek- en Datacentrum (WODC) onderzoekeninzake wet- en regelgeving.Hiermee bouw ik verder aan de aanpak zoals die in de eerdere contouren-brief Versterkte Aanpak Online (december 2023)5, de Kamerbrief NadereUitwerking Versterkte Aanpak Online (december 2024)6 en de voortgangs-brief (mei 2025)7 waarin de versterkte aanpak langs vier pijlers wordtvormgegeven. Ook ga ik in deze brief in op verschillende moties van entoezeggingen aan uw Kamer.Dialoog internetsectorDe online platformen spelen een cruciale rol in het veilig gebruik kunnenmaken van de digitale wereld. Zij hebben een verantwoordelijkheid in hetbeschermen van hun gebruikers en het toepassen van contentmoderatie.Daarom blijft een structurele nationale dialoog met de internetsector eenvan de belangrijkste speerpunten in het voorkomen en bestrijden vanonline extremisme en terrorisme. In de gesprekken met verschillendetypen online platformen uit ik mijn zorgen over risico’s voor jongeren enbenadruk ik het belang van effectieve contentmoderatie met een beperktefoutmarge. Ook werk ik samen met de platformen aan interventiemoge-lijkheden om online radicalisering tegen te gaan.Mede naar aanleiding van de motie Kuik (CDA) over een pilot om deonline-aanpak van radicalisering te versterken en de toezegging Boswijk(CDA) om de bevindingen te delen, gaat in samenwerking met Meta eenpilot met de ReDirect-methode van start.8 De pilot wordt per januari 2026uitgerold op Instagram, waarna Facebook en Threads volgen. DeReDirect-methode is een interventiestrategie die gericht is op hettegengaan van online radicalisering. De methode geleidt personen dieonline zoeken naar extremistische of terroristische content door naar eenlandingspagina van het Landelijk Steunpunt Extremisme (LSE). Hierbijbestaat tevens de mogelijkheid om gebruik te maken van de, in opdrachtvan de NCTV, ontwikkelde online chatfunctie.9 Binnen deze chatfunctiekunnen jongeren anoniem en laagdrempelig chatten met experts op hetgebied van radicalisering en extremisme. Indien nodig wordt vroegtijdighulp geboden, zoals persoonlijke begeleiding of familieondersteuning viahet LSE. In een volgende voortgangsbrief in 2026 ga ik nader in op deresultaten en eventueel vervolg van de pilot.Naast de pilot met de ReDirect-methode wordt verkend of ook met andereonline platformen vergelijkbare pilots kunnen worden opgezet om onlineradicalisering tegen te gaan. Hierbij ligt de focus op online gamingplat-formen, gelet op het grote gebruik ervan door jongeren en de manierenwaarop extremistische groeperingen jongeren via deze platformenbenaderen. In de volgende voortgangsbrief in het voorjaar van 2026 komik terug op de resultaten van deze verkenning. Een ander resultaat van dedialoog met de internetsector is de afspraak om de medewerking van deonline platformen aan de opsporing te verbeteren. In de afgelopen5Kamerstukken II 2023/2024, 29 754, nr. 708.6Kamerstukken II 2024/25, 29 754, nr. 735.7Kamerstukken II 2025/26, 29 754, nr. 751.8Kamerstukken II 2022/23 29 754, nr. 658 en TZ202312-032.9Zie ook https://www.landelijksteunpuntextremisme.nl/chat/Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 29 754, nr. 7742 maanden is de bereidheid van online platformen om informatie teverstrekken aan de politie significant toegenomen, en is de reactietijd vanonline platformen op verzoeken verbeterd.Ik blijf in de dialoog met de internetsector onverminderd inzetten opsamenwerking met meerdere online platformen om genoemde pilotsbreder te implementeren en de mogelijkheden om vroegtijdig te interve-niëren, te versterken. Aanvullend heeft de Staatssecretaris van Binnen-landse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) uw Kamer op 3 oktober jl.geïnformeerd over de resultaten van het evaluatieonderzoek naar de bestecontentmoderatiepraktijken op zeer grote online platformen en zoekma-chines.10 Eén van de belangrijkste bevindingen is dat verbetering kanplaatsvinden in de communicatie richting gebruikers over beslissingeninzake contentmoderatie. Platformen zijn verplicht burgers te informerenwanneer berichten worden verwijderd of minder zichtbaar gemaakt. In ditkader zijn door de Europese Commissie, als toezichthouder, handhavings-procedures gestart tegen enkele zeer grote online platformen.11Nationale inzetRadicalisering voorkomen en versterken digitale weerbaarheidEr wordt nationaal ingezet op het voorkomen van radicalisering en hetversterken van de digitale weerbaarheid. Binnen de lokale aanpak vanradicalisering, extremisme en terrorisme werken gemeenten, politie, hetOpenbaar Ministerie (OM) en andere lokale en landelijke zorg- enveiligheidspartners samen aan het vroegtijdig voorkomen van radicali-sering en gewelddadig extremisme.12 Dit doen zij door een combinatievan brede weerbaarheidsprojecten en persoonsgerichte preventie eninterventie samen met sociale- en onderwijspartners. De alarmerendeberichten dat minderjarigen online steeds vaker en sneller radicaliseren,benadrukken het belang om de digitale weerbaarheid te versterken, in hetbijzonder waar het jongeren betreft.13 Samen met gemeenten wordtingezet op het verhogen van de digitale weerbaarheid van jongeren vialesprogramma’s, waarin jongeren kritisch leren denken en leren om tegaan met desinformatie en online bedreigingen.Het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) ondersteuntgemeenten en (jeugd)professionals bij de preventie van (online) radicali-sering onder jongeren. Vanuit de Actieagenda Integratie en Open en VrijeSamenleving14 zet SZW in op het vergroten van hun kennis, vakmanschapen bewustwording op dit thema. Daarnaast richt de Actieagenda zich opde versterking van regionale samenwerking tussen gemeenten en deontwikkeling en evaluatie van effectieve interventies ter preventie van(online) radicalisering. In dit kader vond in 2025 de conferentie «Samendigitaal weerbaar tegen polarisatie en radicalisering» plaats,15 waaraantientallen gemeenten deelnamen. Er werden innovatieve interventies,kennis en handreikingen rondom online radicalisering gedeeld metgemeenten.10Kamerstukken II 2025/26, 26 643, nr. 1423.11Zie de Verzamelbrief Digitalisering van oktober 2025: https://open.overheid.nl/documenten/3dafed26-aa22-4286-9ab0-267a98825ad9/file12Zie de doelbinding Wet gegevensverwerking persoonsgerichte aanpak radicalisering enterroristische activiteiten (PARTA): https://wetten.overheid.nl/BWBR0050740/2025-07-0113Zie AIVD Rapport april 2025: https://www.aivd.nl/documenten/publicaties/2025/04/03/een-web-van-haat14Kamerstukken II 2024/25, 32 824, nr. 448; Kamerstukken II 2025/26, 32 824, nr. 456.15Eindproduct Samen Digitaal Weerbaar | Publicatie | SocialestabiliteitTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 29 754, nr. 7743 De Expertise-unit Sociale Stabiliteit (ESS) van SZW organiseerde insamenwerking met het Nationale Jeugdinstituut (NJi) in oktober jl. eenwebinar voor onderwijs- en jeugdprofessionals. Van (praktijk)expertsleerden professionals hoe zij extreme uitspraken van jongeren kunnenherkennen en hoe deze samenhangen met de online leefwereld. Professi-onals kregen praktische tips mee over hoe zij hier in hun werk mee omkunnen gaan. Daarnaast is de ESS dit najaar gestart met een opdrachtvoor het opbouwen van een Online Coalitie.16 Het doel van deze coalitie ishet aanjagen en ondersteunen van samenwerking tussen lokale partnerster voorkoming van online polarisatie en radicalisering.17 De geleerdelessen uit deze samenwerkingen worden gebruikt om een landelijkondersteuningsaanbod voor lokale partners te ontwikkelen.De Actieagenda steunt ook bewustwordingscampagnes over digitaleweerbaarheid gericht op opvoeders, aangezien ouders een belangrijke rolspelen bij het voorkomen en tegengaan van radicalisering. In het kadervan City Games – een gamefestival voor jongeren in Amsterdam – heeftSZW bijgedragen aan een online ouderavond over de digitale leefwereldvan jongeren, georganiseerd door het jongerenwerk in de regio. Daarbijkwamen de kansen en risico’s van de online leefwereld aan bod en kregenouders en professionals praktische handvatten om met deze uitdagingenom te gaan. Er volgt (nog) dit jaar een toolkit voor ouders en professi-onals, waar ook andere lokale partners mee aan de slag kunnen.In het kader van het versterken van de digitale weerbaarheid is door hetMinisterie van BZK op 4 september jl. de Rijksbrede strategie «Kinder-rechten in de digitale wereld» met uw Kamer gedeeld.18 Hierin zet deStaatssecretaris van BZK uiteen hoe kinderrechten beter wordenbeschermd in een digitale wereld. Er worden concrete acties benoemdvoor kinderen, ouders, opvoeders en het onderwijs. Bijvoorbeeld hetgebruik van Kinderrechten Impact Assesments (KIA). Dit wordt ingezet alsinstrument om de kansen en risico’s van digitale diensten voor kinderen inbeeld te brengen en wordt momenteel uitgevoerd op social mediaplatformen, streamingdiensten en gameplatformen, waaronder Roblox.19Daarnaast is op 8 september 2025 de meerjarige publiekscampagne «Blijfin Beeld» vanuit BZK van start gegaan. De campagne helpt ouders vankinderen tussen de 7 en 12 jaar in gesprek te gaan over hun smartphone-gebruik.20 Via jouwkindonline.nl wordt informatie over mediaopvoedingen praktische handvatten voor ouders geboden, waaronder de richtlijnvoor gezond schermgebruik.Acteren bij radicaliseringBij signalen van radicalisering richting extremisme of terrorisme, kunnenpersonen worden opgenomen in de lokale persoonsgerichte aanpak.Hierin wordt door zorg- en veiligheidspartners een plan van aanpakopgesteld met interventies op maat. Er bestaat bij het signaleren vanonline radicalisering een sterke afhankelijkheid van signalen vanuit politie16Naar voorbeeld van de Utrechtse Online Coalitie, deze Online Coalitie heeft betrekking op eenregio in landelijk gebied.17Lokale partners zoals het jongerenwerk, scholen, OOV (Openbare Orde en Veiligheid) partnersen zorg- en welzijnspartners.18Publicatie Rijksbrede strategie «Kinderrechten in de digitale wereld»:https://www.digitaleoverheid.nl/document/strategie-kinderrechten-online/19Bij risico’s gaat het onder meer om de categorieën content, gedrag, contact, consument,privacy en gezondheid. Het KIA is geen instrument dat in het kader van toezicht wordt ingezet.Het brengt niet in kaart of wetgeving wordt nageleefd en is evenmin bedoeld om vooruit telopen op een eventueel oordeel van een of meerdere toezichthouders.20Naast een reclamespot, wordt er ook een afsprakenkaart aangeboden die ouders en kinderensamen kunnen invullen.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 29 754, nr. 7744 en inlichtingen- en veiligheidsdiensten.21 Met zorg- en veiligheidsketen-partners is daarom onderzocht of de bestaande aanpak ten aanzien vanjongeren daarin voldoende is en hoe knelpunten rondom preventie,signalering, monitoring, detentie en re-integratie kunnen wordenweggenomen. Eén van de vervolgacties is dat de ESS samen metgemeenten regiobijeenkomsten in het land gaat organiseren. Debijeenkomsten zijn onder andere gericht op de inbedding van de onlineleefwereld binnen de preventieve aanpak van radicalisering in gemeentenen het opschalen van een interventie op extreme uitingen online.Jongerenwerkers en jongeren worden getraind om te kunnen reageren opextreme uitingen online. Met deze interventie wordt getracht de normali-satie van (rechts)extremistische content te voorkomen.Om lokale zorg-, jeugd- en gemeenteprofessionals te ondersteunen bij hetsignaleren van online radicalisering, is ter aanvulling op de lokale aanpakvan radicalisering, extremisme en terrorisme, het verdiepingsdossier«online radicalisering» ontwikkeld.22 Dit dossier is geschreven voorgemeenten en lokale professionals en is tevens informatief voor ouders.Het bevat onder andere een richtlijn over het herkennen van onlineradicalisering met vragen die gesteld kunnen worden in het gesprek overonline gedrag en een handelingsperspectief bij zorgen over mogelijkeradicalisering. Voor gemeenten is een handelingskader opgenomen overde (on)mogelijkheden van online onderzoek.23In het verdiepingsdossier wordt daarnaast aandacht besteed aanpublicaties, onderzoeken en de workshop «online radicalisering» die hetRijksopleidingsinstituut tegengaan Radicalisering (ROR) heeft ontwikkeldvoor lokale professionals. Genoemde workshop heeft als doel om meerinzicht in online radicalisering te bieden en is bedoeld als verdieping vanhun trainingsaanbod. Met het verdiepingsdossier geef ik tevens gevolgaan de motie Mutluer om te komen tot een handreiking en verwijzing naarhulplijnen, alsmede de toezegging van mijn voorganger tijdens hetcommissiedebat Terrorisme en Extremisme om in te gaan op de afnamevan signalen van professionals over radicalisering van 17 december2024.24 Het verdiepingsdossier zal onder meer via regiobijeenkomsten enlandelijke overleggremia met gemeenten onder de aandacht wordengebracht.De Raad voor de Kinderbescherming (RvdK) heeft bij uitstek expertise alshet gaat om de leefwereld van jongeren, waaronder de online leefwereldwaarin radicalisering soms zeer snel kan optreden. De RvdK werkt samenmet de landelijke keten aan een effectieve en uniforme aanpak op ditvlak.25 Daarnaast hebben gemeenten in de lokale keten de voornoemdepersoonsgerichte aanpak, waar de RvdK deelnemer van is, en waarin kanworden gehandeld in het geval er signalen van radicalisering zijn. In hetafgelopen jaar zijn de werkafspraken in dit verband tussen de RvdK en hetOM verder ontwikkeld. Voor 2026 krijgt de RvdK een extra impuls om huntaken ten aanzien van radicalisering te versterken en landelijk te borgen.21De AIVD en de politie hebben binnen hun wettelijk kader bevoegdheden om toezicht tehouden of opsporingsonderzoek uit te voeren, onder specifieke omstandigheden, in geslotenchatgroepen en op het darkweb, bijv. bij verdenking van een strafbaar feit. Conform de motieYes¸ilgöz-Zegerius (Kamerstuk 28 684, nr. 797) worden de bevoegdheden van de politie onlineuitgebreid om toezicht te kunnen houden. Zo is 4 juli jl. in consultatie gegaan het wetsvoorstelwaarin de bevoegdheid tot stelselmatige informatievergaring in publiek toegankelijke onlinebronnen.22Zie ook: https://www.nctv.nl/onderwerpen/l/lokale-aanpak-radicalisering-extremisme-en-terrorisme/verdiepingsdossier-online23Dit kan slechts in die gevallen dat er sprake is van een dreigende (significante) openbare ordeverstoring. Hier wordt verwezen naar de Handreiking: https://open.overheid.nl/documenten/799e3fc2-a01c-4cd8-955f-96408dba56ff/file24Kamerstukken II 2025/26, 29 754, nr. 763; en TZ202412-147.25Bestaande uit het OM, Politie, RvdK, Jeugdreclassering, Reclassering Nederland en NCTV.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 29 754, nr. 7745 Europese en internationale inzetIn het tegengaan van online extremisme en terrorisme is Europese eninternationale samenwerking essentieel. Het internet overstijgt iederelandsgrens. Voor een effectieve bestrijding is een krachtig geluid eneensgezind optreden vanuit in ieder geval de Europese Unie (EU), en bijvoorkeur ook andere landen, noodzakelijk. Nederland zet zowel in op hetgezamenlijk bestrijden van online radicalisering alsook de preventiehiervan in internationaal verband. Binnen de EU heeft Nederland nauwesamenwerking gezocht met Duitsland en Frankrijk, wat heeft geresulteerdin het gezamenlijk opgestelde non-paper «Countering together: FightingOnline Radicalisation, Violent Extremism and Terrorism». Dit non-paper isop 17 december jl. aan de Europese Commissie voorgelegd en aan uwKamer aangeboden.26 In het non-paper wordt de Europese Commissieopgeroepen om in samenspraak met betrokken partijen, zoals onlineplatformen, lidstaten en het maatschappelijk middenveld een vrijwilligegedragscode op te stellen ter bestrijding van online radicalisering,gewelddadig extremisme en terrorisme. De voorstellen voor degedragscode richten zich op de bescherming van gebruikers van onlineplatformen, het delen van signalen van online radicalisering en hettegengaan van zogeheten «platform migratie» waarbij geblokkeerdegebruikers telkens nieuwe accounts op nieuwe platformen openen.Nederland zal, in het kader van de totstandkoming van de gedragscode,ook oproepen om te komen tot een werkbare definitie van extremistischecontent. Op die manier geeft Nederland invulling aan zijn internationalevoortrekkersrol op dit onderwerp, met name binnen de EU. Dit is eenbelangrijke stap in de Europese samenwerking, waarvoor ik mij blijfinzetten. Hiermee wordt ook opvolging gegeven aan de motie Six Dijkstra(NSC), om in Europees verband te komen tot strakkere regels voor(gaming)platformen om radicalisering tegen te gaan.27Daarnaast is Nederland, samen met Frankrijk en de Europese Commissievoorzitter van een Europese werkgroep over online radicalisering vanjongeren. Deze werkgroep is onderdeel van de EU Knowledge Hub onPrevention of Radicalisation en richt zich op het herkennen van signalenvan online radicalisering en interventiemogelijkheden voor lokaleprofessionals, politie- en handhavingsdiensten. Het doel hiervan is hetbevorderen van kennisdeling onder lidstaten over effectieve initiatieven,het identificeren van knelpunten in de aanpak van online radicalisering enhet gezamenlijk werken aan oplossingsrichtingen. De werkgroep zal in2026 continueren. Ondertussen werkt de Europese Commissie aan eenaantal concrete producten zoals richtlijnen voor een preventiestrategieonline radicalisering en mogelijkheden om ouders te informeren oversignalen van online radicalisering. Ook wordt er door de EuropeseCommissie een training ontwikkeld voor veiligheidspartners over depreventie van online radicalisering.In lijn met de motie van de leden Boswijk (CDA) en Krul (CDA) blijft deregering zich in Europees verband inzetten voor een substantiële vormvan menselijke controle bij contentmoderatie.28 In het kader van het EUInternet Forum zal ik voortdurend aandacht vragen voor het belang vanmenselijke beoordeling, en ik betrek dit in mijn dialoog met de internet-sector.29 Ik constateer dat kwaadwillenden in staat zijn geautomatiseerdesystemen voor contentmoderatie te omzeilen en extremistische of26Aanbiedingsbrief Non-paper Online radicalisering, gewelddadig extremisme en terrorisme27Kamerstukken II, 2025/26, 29 754, nr. 768.28Kamerstukken II 25/26, 29 754, nr. 765.29Een samenwerkingsverband waar EU-lidstaten, EU-instellingen en online platformensamenkomen.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 29 754, nr. 7746 terroristische content te verspreiden, ook op grote online platformen.Juist wanneer dergelijke content verhuld, gecodeerd of verpakt wordtaangeboden, is het van belang dat contentmoderatiesystemen zorgvuldigen doeltreffend functioneren. Hierbij is menselijke controle en beoordelingbelangrijk. Platformen dienen daarom te blijven investeren in hoogwaar-dige en betrouwbare contentmoderatieprocessen die nieuwe vormen vanmisbruik tegengaan. In dit verband is de digitaledienstenverordening(Digital Services Act, DSA) van belang. Deze verordening is sinds17 februari 2024 van toepassing op onder meer online platformen enbevat diverse bepalingen over contentmoderatie. Samen met de ATKM ende Autoriteit Consument en Markt (ACM)30 volg ik de naleving van dezeregels en blijf ik online platformen hierop aanspreken, onder meer in hetEU Internet Forum. In 2027 vindt de evaluatie van de DSA plaats, die iknauwgezet zal volgen. Ook bij de verdere doorontwikkeling van dezewetgeving zal ik het belang van een effectieve vorm van contentmoderatiebenadrukken.Daarnaast bekijk ik, conform de motie van het lid Michon-Derkzen (VVD),de mogelijkheden om samen met de Politie, het OM, de ATKM, het GlobalInternet Forum to Counter Terrorism (GIFCT) en Tech Against Terrorism tekomen tot een werkbare definitie van extremistische content en mijhiervoor op Europees niveau in te spannen.31 Zo zal Nederland, zoalseerder genoemd, ook oproepen om te komen tot een werkbare definitievan extremistische content. Over de voortgang zal ik uw Kamer in devolgende voortgangsbrief in het voorjaar van 2026 informeren.ATKMEen onmisbaar onderdeel van de aanpak gericht op bestrijding van onlineterrorisme, is het (laten) verwijderen van online terroristische contentdoor de online platformen en aanbieders van hostingdiensten. De ATKMis in Nederland aangewezen als bevoegde autoriteit in het kader van deTOI-verordening en daarnaast op basis van nationale wetgeving voorkinderpornografisch materiaal. De ATKM detecteert en beoordeelt in haarfunctie van toezichthouder online terroristisch materiaal. De ATKMbeschikt sinds eind oktober jl. over een online meldpunt waar internetge-bruikers terroristische inhoud op het internet kunnen melden.Als er online terroristisch materiaal wordt aangetroffen, vaardigt de ATKMeen verwijderingsbevel uit op grond van de TOI-verordening.32 Tot opheden is in vrijwel alle gevallen door aanbieders van hostingdienstenopvolging aan verwijderingsbevelen van de ATKM gegeven. Wanneer eenaanbieder van hostingdiensten dit niet doet, kan de ATKM een last onderdwangsom of boete opleggen. De ATKM voert als toezichthouder ook eenpermanente dialoog met Nederlandse aanbieders van hostingdiensten omonder andere samen invulling te geven aan de vereisten van deTOI-verordening. Daarnaast wordt in deze dialoog bezien welke aanvul-lende inspanningen overheid en internetsector, vanuit de eigen verant-woordelijkheid, kunnen nemen om de verspreiding van terroristischeonline inhoud tegen te gaan.De ATKM investeert verder in de samenwerking met haar Europese eninternationale partners. Voor uitvoering van de TOI-verordening is het vanbelang dat de bevoegde autoriteiten in de EU-lidstaten onderling ensamen met Europol optrekken. In EU-verband heeft de ATKM het initiatiefgenomen om een zogenaamde «baseline» te formuleren, dat wil zeggen30De ACM is aangewezen als Digitale Dienstencoördinator in Nederland.31Kamerstukken II, 2025/2026, 29 754, nr. 75832De ATKM rapporteert jaarlijks op 31 maart aan de Europese Commissie haar resultaten overhet voorafgaande jaar en informeert ook de Tweede Kamer hierover.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 29 754, nr. 7747 het identificeren van materiaal dat alle lidstaten als terroristisch beoor-delen. Daarnaast wordt via het Global Online Safety Regulators Network(GOSRN) samengewerkt met toezichthouders in het Verenigd Koninkrijken Australië, die zeer actief zijn bij het aanpakken van illegaal onlinemateriaal. De samenwerking betreft zowel het delen van kennis enexpertise als het wederzijds informeren over specifieke casuïstiek.De ATKM, die in 2023 is opgericht, heeft hiermee als relatief jongeorganisatie belangrijke stappen gezet en zich een actieve partner getoondin de aanpak van online terrorisme. In mijn gesprekken met de ATKM isaandacht voor de verdere ontwikkeling tot een gezaghebbende autoriteit,zodat de ATKM nog beter invulling kan geven aan de bestuursrechtelijkeaanpak van terroristische online inhoud.WODC onderzoeken wet- en regelgevingRecent zijn drie WODC-onderzoeken gestart en afgerond over wet- enregelgeving rondom online extremisme en terrorisme. Allereerst werd ditjaar een onderzoek afgerond naar de haalbaarheid van een duidingskadervoor platformen, om terroristische, extremistische en borderline contentte identificeren en modereren, met respect voor de vrijheid van menings-uiting. Op 2 december jl. heb ik dit onderzoek, met beleidsreactie, naar uwKamer verzonden.33Ten tweede is in mijn vorige voortgangsbrief de evaluatie van deUitvoeringswet TOI aangekondigd. De voorbereidingen voor de evaluatievan de sinds 1 september 2023 geldende Uitvoeringswet TOI zijn gestart.Het doel is de doeltreffendheid en praktische effecten van de wet tebeoordelen, conform de wettelijke verplichting om binnen drie jaar nainwerkingtreding een evaluatie aan uw Kamer te presenteren.34 In descope vallen ook de juridische reikwijdte van verwijderbevelen en deruimte voor verwijderverzoeken, wat bijdraagt aan de verkenning vanmogelijke inzet hiervan door de ATKM. Het derde WODC-onderzoek zietop online rekrutering voor terroristische en extremistische doeleinden opgaming- (gerelateerde) platformen. Dit onderzoek is gestart en deresultaten worden voor de zomer van 2026 met uw Kamer gedeeld.Tot slotVoor het tegengaan van online extremisme en terrorisme is de afgelopenperiode de samenwerking op lokaal, departementaal en Rijksniveauhechter en structureler ingericht. Vanuit deze integrale inzet blijf ik mijinspannen om de fundamentele rechten in de digitale wereld tebeschermen en misbruik tegen te gaan. In het voorjaar van 2026 zal ik inde volgende voortgangsbrief nader ingaan op de verdere ontwikkelingenin het tegengaan van online extremisme en terrorisme.De Minister van Justitie en Veiligheid,F. van Oosten33Kamerstukken II, 2025/2026, 29 754, nr. 771.34Toezegging gedaan aan het lid van der Werf (D66) tijdens het plenair debat inzake deUitvoeringswet verordening terroristische online-inhoud op 21 december 2022.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 29 754, nr. 7748

Eerdere bronversies

17 okt 2026 · 5f91b9eea9419832

14 okt 2026 · 2a3a0017912228a0

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.