Gewijzigd amendement van de leden De Graaf en Beertema t.v.v. nr. 20 over het bevorderen van Nederlandstalig onderwijs
Brontekst
Versie 9bfc26818d69e3de · officiële bronTweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2019–2020 35 282Wijziging van onder meer de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek en de Wet educatie en beroepsonderwijs in verband met het stellen van voorschriften ten behoeve van de toegankelijkheid van het hoger onderwijs en met betrekking tot taal in het hoger en middelbaar beroepsonderwijs (Wet taal en toegankelijkheid) Nr. 52 GEWIJZIGD AMENDEMENT VAN DE LEDEN DE GRAAF EN BEERTEMA TER VERVANGING VAN DAT GEDRUKT ONDER NR. 20 Ontvangen 16 december 2019 De ondergetekenden stellen het volgende amendement voor: IIn artikel I, onderdeel A, wordt in de voorgestelde onderdelen ee en ff «twee derde deel» vervangen door «drie vijfde deel». IIArtikel I, onderdeel B, subonderdeel 2, wordt als volgt gewijzigd: 1. In de aanhef wordt «Twee leden» vervangen door «Drie leden». 2. In het voorgestelde zesde lid, aanhef, wordt «kunnen regels worden gesteld» vervangen door «worden nadere regels gesteld», vervalt «Nederlandstalige» en wordt «kunnen onder meer betrekking hebben op» vervangen door «hebben onder meer betrekking op». 3. Na het zesde lid wordt een lid ingevoegd, luidende: 6a. Het niveau van uitdrukkingsvaardigheid ligt ten minste op het niveau B2 van het Europees referentiekader. IIIIn artikel I, onderdeel Ca, subonderdeel 2, wordt in het voorgestelde tweede lid, onder a, «twee derde deel» vervangen door «drie vijfde deel». kst-35282-52ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2019Tweede Kamer, vergaderjaar 2019–2020, 35 282, nr. 521 IVIn artikel I, onderdeel D, subonderdeel 2, wordt in het voorgestelde onderdeel d na «taal van de opleiding» ingevoegd «, voor zover het een masteropleiding betreft» en wordt «de opleiding» vervangen door «die masteropleiding». VArtikel I, onderdeel E, wordt als volgt gewijzigd: 1. Het voorgestelde artikel 5.6a wordt als volgt gewijzigd: a. In het opschrift wordt «anderstalig onderwijs» vervangen door «anderstalige masteropleiding». b. opleiding» wordt telkens vervangen door «masteropleiding». 2. In het voorgestelde artikel 5.6b, eerste lid, wordt «opleiding» vervangen door «masteropleiding». 3. In het voorgestelde artikel 5.6c wordt in het opschrift «anderstalig onderwijs» vervangen door «anderstalige masteropleiding» en wordt in het eerste lid «opleiding» vervangen door «masteropleiding». VINa artikel I, onderdeel E, wordt een onderdeel ingevoegd, luidende: EaNa artikel 5.9 wordt een artikel ingevoegd, luidende: Artikel 5.9a. Weigering accreditatie nieuwe anderstalige bachelo-ropleiding Accreditatie nieuwe opleiding wordt voorts geweigerd indien het een bacheloropleiding betreft die voor meer dan drie vijfde deel van het totaal aantal studiepunten van die opleiding in een andere taal dan het Nederlands verzorgd wordt. VIIIn artikel I, onderdeel F, wordt in het voorgestelde onderdeel h voor de punt aan het slot ingevoegd «, voor zover het een masteropleiding betreft». VIIIIn artikel I, onderdeel G, onder 2, wordt in het voorgestelde onderdeel c na «taal van de opleiding» ingevoegd «, voor zover het een masterop-leiding betreft». IXIn artikel I, onderdeel H, wordt na «de graad of» ingevoegd «, voor zover het een masteropleiding betreft,». Tweede Kamer, vergaderjaar 2019–2020, 35 282, nr. 522 XNa artikel I, onderdeel I, worden drie onderdelen ingevoegd, luidende: IaNa artikel 5.17 wordt een artikel ingevoegd, luidende: Artikel 5.17a. Weigering accreditatie bestaande anderstalige bacheloropleiding Accreditatie bestaande opleiding wordt voorts geweigerd indien het een bacheloropleiding betreft die voor meer dan drie vijfde deel van het totaal aantal studiepunten van die opleiding in een andere taal dan het Nederlands verzorgd wordt. IbIn artikel 5.19 wordt, onder vernummering van het vierde en vijfde lid tot het vijfde en zesde lid, na het derde lid een lid ingevoegd, luidende: 4. Voor zover het een bacheloropleiding betreft wordt accreditatie nieuwe opleiding, onderscheidenlijk accreditatie bestaande opleiding, voorts ingetrokken indien niet langer wordt voldaan aan de voorwaarden, bedoeld in de artikelen 5.9a, onderscheidenlijk 5.17a. IcIn artikel 5.21, eerste lid, wordt «artikel 5.17» vervangen door «de artikelen 5.17 en 5.17a». XIIn artikel I, onderdeel J, wordt in het voorgestelde artikel 5.31a, eerste lid, «opleiding» vervangen door «masteropleiding». XIIArtikel I, onderdeel La, onder 1, wordt als volgt gewijzigd: 1. In het voorgestelde onderdeel x wordt «en voor welke taal» vervangen door «en, voor zover van toepassing, voor welke taal». 2. In het voorgestelde onderdeel y wordt «Nederlandstalige opleiding» vervangen door «Nederlandstalige masteropleiding». XIIIIn artikel I, onderdeel M, wordt het voorgestelde artikel 7.2 als volgt gewijzigd: 1. In het tweede lid, aanhef, wordt «aan een opleiding of een deel van een opleiding een andere taal worden gevoerd» vervangen door «een deel van een bacheloropleiding voor ten hoogste drie vijfde deel van die opleiding in een andere taal dan het Nederlands worden verzorgd». 2. Na het tweede lid wordt een lid ingevoegd, luidende: 2a. In afwijking van het eerste lid kan aan een masteropleiding of een deel daarvan een andere taal dan het Nederlands worden gevoerd, indien en voor zover:a. het een opleiding met betrekking tot die taal betreft;Tweede Kamer, vergaderjaar 2019–2020, 35 282, nr. 523 b. het onderwijs betreft dat in het kader van een gastcollege door een andere docent wordt gegeven;c. de specifieke aard, de inrichting of de kwaliteit van het onderwijs dan wel de herkomst van studenten daartoe noodzaakt. 3. In het derde lid wordt na «onderdeel c,» ingevoegd «of lid 2a,», wordt «indien de andere taal wordt gevoerd aan de gehele opleiding of:» vervangen door een punt, en vervallen de onderdelen a tot en met d. 4. In het zesde lid wordt voor de punt aan het slot ingevoegd «, en in welke gevallen sprake is van noodzaak tot het voeren van een andere taal dan het Nederlands, bedoeld in lid 2a». XIVIn artikel I, onderdeel MM, wordt na het voorgestelde artikel 18.94 een artikel ingevoegd, luidende: Artikel 18.95. Overgangsbepaling behoud graad zittende studenten Artikel 5.21, eerste lid, aanhef en onderdeel a, is niet van toepassing ten aanzien van studenten die op de dag voorafgaand aan de weigering of intrekking van de accreditatie van een bacheloropleiding op grond van artikel 5.17a, onderscheidenlijk 5.19, vierde lid, ingeschreven stonden voor een geaccrediteerde bacheloropleiding. XVIn artikel II, onderdeel B, wordt in het voorgestelde artikel 7.1.1, tweede lid, aanhef, «aan een deel van een opleiding» vervangen door «voor ten hoogste drie vijfde deel van de totale opleiding». Toelichting Alle bachelorstudenten dienen aan het einde van hun opleiding het Nederlands op een wettelijk vastgelegd academisch niveau, dat ten minste gelijk is aan niveau B2 van het Europees Referentiekader, te beheersen. Daarop dient het accreditatieorgaan NVAO toe te zien. Alle instellingen dienen hun studenten deugdelijke scholing in de Nederlandse taal aan te bieden. Hiertoe moeten alle bacheloropleidingen in het Nederlands onderwezen worden. Maximaal 40 procent van het totaal aantal studiepunten mag, mits daar goede redenen voor zijn, in een andere taal worden onderwezen. Buitenlandse studenten zijn ook in de bachelorfase van harte welkom, maar zullen aan het eind van hun opleiding ook het Nederlands op academisch niveau dienen te beheersen. Volledig Engelstalige bacheloropleidingen worden niet langer door de overheid bekostigd. Masteropleidingen worden in beginsel in het Nederlands onderwezen – zoals de huidige wet ook voorschrijft – maar mogen ook tweetalig of volledig in een andere taal worden aangeboden, mits de instelling de noodzaak hiervan kan aantonen. Het «noodzaak-criterium» voor onderwijs in een andere taal wordt gehandhaafd en niet vervangen door het vage «meerwaarde». Bij specifieke studierichtingen kan gebruik van het Engels als onderwijstaal, zeker in de masterfase, helpen om toptalent uit de hele wereld aan te trekken. Maar tijdens hun verblijf in Nederland dienen instellingen studenten dan wel aantoonbaar te ondersteunen bij het leren van de Nederlandse taal, om zo hun inburgering te vergemakkelijken en de kans te vergroten dat ze ook na Tweede Kamer, vergaderjaar 2019–2020, 35 282, nr. 524 hun studie in ons land blijven. Met betrekking tot de voertaal in het beroepsonderwijs treft dit amendement een vergelijkbare voorziening. De Graaf BeertemaTweede Kamer, vergaderjaar 2019–2020, 35 282, nr. 525
Gerelateerde bronnen
- Gewijzigd amendement van de leden De Graaf en Beertema t.v.v. nr. 20 over het bevorderen van Nederlandstalig onderwijs
Gewijzigd amendement van de leden De Graaf en Beertema t.v.v. nr. 20 over het bevorderen van Nederlandstalig onderwijs
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.