KamerkringInloggen
Kamerbrief

Aanpassing van de Aanwijzingen inzake externe contacten van rijksambtenaren

21 apr 2026 · Tweede Kamer

Brontekst

Versie f7d7f69846bf74fe · officiële bron

Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2025–202628 362Reikwijdte van artikel 68 GrondwetNr. 87 BRIEF VAN DE MINISTER VAN BINNENLANDSE ZAKEN ENKONINKRIJKSRELATIES Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-GeneraalDen Haag, 21 april 2026Hierbij bied ik uw Kamer de aangepaste Aanwijzingen inzake externecontacten van rijksambtenaren (hierna: de Aanwijzingen) aan.Met deze aanpassing van de Aanwijzingen wordt uitvoering gegeven aande toezegging die in de kabinetsreactie op het rapport «Grip op infor-matie» van 10 januari 2025 is gedaan door mijn ambtsvoorganger dat bijeen volgende herziening in de Aanwijzingen zal worden verduidelijkt datrijksambtenaren ook op eigen initiatief, via de parlementair contact-persoon, contact kunnen opnemen met Kamerleden.1 Deze verduidelijkingis nu opgenomen in de toelichting bij de nieuwe aanwijzing 4, tweede lid.Daarnaast is in het debat van 23 januari 2025 over werk- en informatieaf-spraken met de vaste Kamercommissie voor Binnenlandse Zaken dooreen aantal Kamerleden naar voren gebracht dat er nog ruimte voorverbetering is in de mogelijkheden voor direct contact tussen rijksambte-naren en Kamerleden (Kamerstuk 28 362, nr. 73). De regering is hetdaarmee eens en ziet daarbij vooral ruimte binnen de bestaande kaders,zoals ook in de brief van 19 februari 2025 is benadrukt.2 Verder is van dezegelegenheid gebruikgemaakt om een aantal teksten van de paragrafen 1en 2 van de Aanwijzingen te herformuleren. Hierin is een aantalelementen uit de staande praktijk opgenomen en is geprobeerd om meerduidelijkheid te verschaffen in de betekenis van bestaande aanwijzingenen de teksten toegankelijker te formuleren. De nadruk ligt daarbij op watwél kan.Bij deze actualisatie is verduidelijkt dat de bewindspersoon vanuit deministeriële verantwoordelijkheid afspraken kan maken om in de meestegevallen verzoeken om informatie of contact zelfstandig af te laten doendoor de parlementair contactpersoon, in plaats van dat de bewinds-persoon in elk concreet geval expliciet toestemming dient te verlenen.1Kamerstukken II 2024/25, 28 362, nr. 72.2Kamerstukken II 2024/25, 28 362, nr. 74. kst-28362-87ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2026Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 28 362, nr. 871 Verder is verduidelijkt dat een parlementair contactpersoon weliswaar hetcontact tussen rijksambtenaren en Kamerleden faciliteert, maar dat hetniet noodzakelijk is dat hij vervolgens ook bij het uiteindelijke contact-moment aanwezig is. Daarnaast zijn de definities van «feitelijke infor-matie» en «persoonlijke beleidsopvattingen» nader beschreven en is opsommige plaatsen de volgorde van aanwijzingen aangepast en zijn tweeaanwijzingen samengevoegd. Bovendien is verduidelijkt dat een verzoekom informatie of contact zowel op initiatief van een Kamerlid als opinitiatief van een medewerker of bestuurder van een zelfstandig bestuurs-orgaan gedaan kan worden, zonder tussenkomst van de betrokkenbewindspersoon. Het is daarbij wel wenselijk dat de betrokken bewinds-persoon ten tijde van het verzoek over het verzoek wordt geïnformeerd.Bovendien is opgenomen dat met inwerkingtreding van de Wet regelsintegriteit en vervolgfuncties bewindspersonen een verbod geldt vooroud-bewindspersonen om binnen 2 jaar na ontslag zakelijk contact tehebben met de ambtenaren van het vorige ministerie of met ambtenarenop een ander ministerie voor zover sprake is van aanpalende beleids-terreinen.3 Daar dienen ambtenaren zich in het contact met derdenrekenschap van te geven.Mijn ambtsvoorganger heeft in de brief van 19 februari 2025 toegezegddeze aanpassing in het najaar van 2025 door te kunnen voeren. Omdatvan de gelegenheid gebruik is gemaakt om meerdere aanwijzingen teactualiseren, is dat begin 2026 geworden.Het kabinet streeft met deze herziening naar een steeds meer ontspannencontact tussen rijksambtenaren en Kamerleden – binnen ministeriëleverantwoordelijkheid – als een normaal onderdeel van een professioneelsamenspel.De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,P.E. Heerma3De wet is per 20 februari 2026 in werking getreden.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 28 362, nr. 872

Eerdere bronversies

17 okt 2026 · ef241e1532af9aae

14 okt 2026 · 891ccd9168f2f8d6

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.