Verslag van een commissiedebat, gehouden op 9 oktober 2024, over de JBZ Raad (Luxemburg) 10 en 11 oktober 2024 (vreemdelingen- en asielbeleid)
Brontekst
Versie 61927e819c85d208 · officiële bronTweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2024–202532 317JBZ-RaadNr. 905 VERSLAG VAN EEN COMMISSIEDEBATVastgesteld 14 november 2024 De vaste commissie voor Asiel en Migratie en de vaste commissie voorEuropese Zaken hebben op 9 oktober 2024 overleg gevoerd met mevrouwFaber, Minister van Asiel en Migratie, over:−de brief van de Minister van Justitie en Veiligheid d.d. 2 okto-ber 2024 inzake geannoteerde agenda JBZ-Raad van 10 en11 oktober 2024 (Kamerstuk 32 317, nr. 890);−de brief van de Minister van Justitie en Veiligheidd.d. 14 augustus 2024 inzake verslag informele JBZ-Raad22 en 23 juli 2024 (Kamerstuk 32 317, nr. 888);−de brief van de Minister van Justitie en Veiligheid d.d. 21 juni2024 inzake verslag JBZ-Raad 13 en 14 juni 2024 (Kamerstuk32 317, nr. 882);−de brief van de Minister van Justitie en Veiligheid d.d. 19 juli2024 inzake antwoorden op vragen commissie over onderandere het verslag JBZ-Raad 13 en 14 juni 2024 (Kamerstuk32 317, nr. 882) (Kamerstuk 32 317, nr. 886);−de brief van de Minister van Asiel en Migratie d.d. 9 oktober2024 inzake reactie op verzoek van het lid Timmermansgedaan tijdens de Algemene Politieke Beschouwingen op18 september 2024, over de onderliggende adviezen van deopt-out EU-migratie- en asielacquis (Kamerstuk 19 637,nr. 3300).Van dit overleg brengen de commissies bijgaand geredigeerd woordelijkverslag uit.De voorzitter van de vaste commissie voor Asiel en Migratie,VijlbriefDe voorzitter van de vaste commissie voor Europese Zaken,Van der PlasDe griffier van de vaste commissie voor Asiel en Migratie,Brood kst-32317-905ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2024Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 32 317, nr. 9051 Voorzitter: VijlbriefGriffier: BurgerAanwezig zijn tien leden der Kamer, te weten: Bontenbal, Boomsma,Ceder, Diederik van Dijk, Eerdmans, Piri, Podt, Rajkowski, Vijlbrief enVan Zanten,en mevrouw Faber, Minister van Asiel en Migratie.Aanvang 12.00 uur.De voorzitter:Goedemiddag, allemaal. Het is 12.00 uur geweest. Gezien het feit dat weecht om 15.00 uur moeten stoppen, lijkt het mij verstandig om op tijd tebeginnen. Welkom bij het commissiedebat Asiel en Migratie. Vandaag zijnde volgende Kamerleden aanwezig: de heer Eerdmans van JA21,mevrouw Rajkowski van de VVD, de heer Boomsma van NSC, een van devele Van Dijken, namelijk Diederik van Dijk van de SGP, en mevrouw Podtvan D66. Welkom aan de Minister en haar ambtenaar, die ik bijzondergoed ken uit het verleden. Dat is Victor Cramer. Dan komt ook de heerBontenbal van het CDA nog binnen. U heeft allen in de eerste termijnmaar liefst vier minuten spreektijd. Ik geef u allemaal twee interrupties intweeën. Maar keep it short. Ik wil echt proberen om rond 15.00 uur detweede termijn af te ronden. Er staat vandaag namelijk ook een tweeminu-tendebat gepland. We moeten dus proberen om dit af te ronden.Als iedereen er klaar voor is, geef ik het woord aan de heer Eerdmans vanJA21. Ook u heeft vier minuten, meneer Eerdmans.De heer Eerdmans (JA21):Dank je wel, voorzitter. De afgelopen vier weken was de asielinstroom4.000. Dat zijn 1.000 asielverzoeken per week in Nederland. Je kunt duszeggen dat de stoere taal die de Minister bezigt nog niet direct effect heeftop de instroom. Als we de IND-trendlijn volgen, koersen we af op50.000 asielaanvragen in 2024. Dat is net zoveel als in ’22 en ’23.Annabel Nanninga zei het gisteren in de Eerste Kamer bij de AlgemeneBeschouwingen wel mooi, vond ik: als we nou € 1 zouden krijgen voorelke keer dat de Minister zegt dat we het strengste asielbeleid ooit krijgen,dan hadden we het begrotingstekort bijna opgelost. Mooie opmerking!Maar het is natuurlijk wel vooral spierballentaal die de Minister laat zien.Het is veel spierballentaal, het is veelbelovende spierballentaal, maarhelaas zijn het tot nu toe alleen spierballen. Ik ben intussen wel benieuwdnaar wat er nou voor acties volgen uit de werkbezoeken in Polen,Denemarken, Ter Apel, enzovoorts enzovoorts. Ik ben vooral ookbenieuwd wanneer die acties volgen.Over euro’s gesproken: er gaat dus nog steeds 400 miljoen euro naar deopvang in hotels. In het jaar van de waarheid, 2024, is dat nog370 miljoen. Dat is bijna net zoveel als de hele asielopvang in 2021 kostte.Mijn vraag is: hoelang nog? Hoelang blijft het COA asielzoekers in hotelsonderbrengen als het aan deze Minister ligt?Voorzitter. Wij werken aan een terugkeer van bordjes bij de azc’s. Ik zetliever bordjes neer in Marokko, in veilige landen, op het strand, metdaarop: «Kom niet naar Nederland. Dan is de kans dat u langer dan eenweek mag blijven gewoon nul.» Kijk, zo’n bordje zou ik graag zien. Dat ishet bordje waar JA21 op zit te wachten.Voorzitter. De Minister kan vandaag maatregelen nemen om de asiel-stroom in te dammen. Voer per direct de definitie van «alleenstaand» invoor vooruitgestuurde minderjarige asielzoekers, namelijk alleenstaand isalleenstaand en niet wonend bij een oom of neef. Ga direct over tot hetweigeren of het intrekken van visa en landingsrechten. Stop ontwikke-lingshulp. Zeg verdragen op met tegenwerkende herkomstlanden vanTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 32 317, nr. 9052 uitgeprocedeerde asielzoekers. Voer grenscontroles in. Dat mag gewoon.Stop met het verstrekken van verblijfsvergunningen voor onbepaalde tijd.Dat kan gewoon. Stel illegaal verblijf in Nederland strafbaar. Dat kangewoon. Trek de Spreidingswet in. Voer een tijdelijke asielstop in, zoalsItalië, Estland en Luxemburg hebben gedaan. Waar wachten we nog op?Heeft de Minister al een reactie gehad op haar brief aan de EuropeseCommissie over de wens van Nederland om een opt-out te realiseren?Kunt u het tijdpad schetsen van de wijze waarop wij die opt-out gaanrealiseren?Voorzitter. Ik lees in het verslag van de vorige JBZ-Raad helaas weinigterug over grenscontroles. Er is wel gesproken over het Schengenbeleidenzovoorts, maar onduidelijk is of wij nou, in navolging van Duitsland, diebinnenlandse grenscontroles gaan invoeren. Hoe staat het daarmee?Voorzitter. In juli was ook het idee van de returnhubs uit Zweden aan deorde. Dit komt erop neer dat vreemdelingen met een terugkeerbesluitdirect worden heengezonden naar een locatie in een derde land. Wordt ditnu weer besproken? Volgens mij wel. Wat is daarbij dan de inzet? Watkunnen we verwachten?Voorzitter. Het kabinet is zeer enthousiast over het Asiel- en Migratiepact.Dat begrijp ik helemaal niet. Er zitten immers nadelen in: de wettelijkeverankering van herverdeling van asielzoekers over de EU-lidstaten.Ongeacht hoe restrictief we nu zelf zijn, Brussel blijft bepalen hoeveelasielzoekers wij als Nederland moeten opvangen of afkopen. Dat gaat hetkabinet doen. Ik wou maar eens vragen: heeft mevrouw Faber dit ook alkenbaar gemaakt aan de Europese collega’s?Voorzitter, tot slot. Het gaat niet goed in Ter Apel, helemaal niet. Dat zal deMinister weten. Op verzoek van de gemeenteraad in Westerwolde is nueen onderzoek uitgevoerd. Bewoners zijn geënquêteerd. Overlast wordtdoor twee derde van de bewoners dagelijks beleefd. De waarde van dehuizen daalt. Iemand zegt in het rapport: «Het opvangcentrum heeftweinig goeds voor het dorp gebracht. Het is geen dorp meer. Het helegevoel is weg. Huizen en tuinen worden bewaakt door camera’s. Je kuntde deur geen seconde openlaten.» Uiteraard gaat het bij die overlast-gevers bijna zonder uitzondering over veiligelanders. De burgemeesters inde omliggende dorpen hebben inmiddels aangegeven dat zij meeragenten willen om de hulp die ze nu bieden aan Ter Apel te kunnencompenseren. Graag een reactie. Wat gaat de Minister doen op kortetermijn voor de bewoners van Ter Apel?Dank je wel.De voorzitter:U heeft nog twee seconden over, keurig. Inmiddels zijn gearriveerdmevrouw Piri van GroenLinks-PvdA en mevrouw Van Zanten van BBB. Wegaan verder met mevrouw Rajkowski.Mevrouw Rajkowski (VVD):Dank, voorzitter. Migratie staat niet alleen hoog op de Nederlandseagenda, maar ook op die van Europa. Om meer grip op migratie te krijgenmoeten we dit ook in Europees verband goed met elkaar gaan afspreken.Daarom wil ik in dit debat ingaan op de volgende punten: implementatievan het EU-Migratiepact, slimme grenscontroles en migratie in andereEuropese landen.Uiterlijk in december moeten we de Europese Commissie informeren overde implementatie van het EU-Migratiepact. De VVD ziet dit als eenbelangrijk onderdeel van het Nederlandse migratiebeleid en als eenonmisbaar instrument om de instroom van asielzoekers structureel telaten afnemen. Hoe staat het met het nationale implementatieplan enwanneer kunnen we in de Kamer een update verwachten? Ik zou graag detoezegging van de Minister willen dat zij ook de deadline gaat halen endat het nationale implementatieplan ook met de Kamer gedeeld gaatTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 32 317, nr. 9053 worden. Ik ben nieuwsgierig of de verwachting ook is dat andere landendat gaan halen, want de asielketen is zo sterk als de zwakstel schakel.Voorzitter. Dan slimmere grenscontroles.De voorzitter:U heeft een interruptie van mevrouw Podt.Mevrouw Rajkowski (VVD):Oké, heel goed. Ja.Mevrouw Podt (D66):Nog heel even over dat Migratiepact, want ik ben eigenlijk wel blij datmevrouw Rajkowski zo enthousiast is over dat Migratiepact. Dat zijn wijbij D66 ook. Ik zag pas geleden de EP-collega van mevrouw Rajkowski,meneer Azmani, die zich daar altijd heel hard voor heeft gemaakt. Dat isgewoon de allerbelangrijkste manier om te zorgen dat we controle krijgenover onze buitengrenzen. Wat ik dan toch een beetje lastig vind, en dat wilik mevrouw Rajkowski vragen, is: denkt zij dat het nou helpt als weenerzijds dat pact zeggen te willen en anderzijds zeggen «we willen er zosnel mogelijk mee stoppen, want we willen een opt-out?»Mevrouw Rajkowski (VVD):Het pact is al uitonderhandeld. Volgens mij gaan wij, zolang die opt-outniet wordt gerealiseerd en er geen verdragswijziging is, dit pact gewoonuitvoeren. De VVD is wat dat betreft heel blij met het pact. Niet met alleswat er in dat pact staat, zijn we blij. Voor iedere partij in ieder land bevathet wat zoet en wat zuur, maar als we echt iets willen veranderen ...Nederland is gewoon geen alleenstaand land, dus wat mij betreft volgenwe het EU-Migratiepact, want ik heb nog geen verdragswijziging voor eenopt-out gezien.De voorzitter:Mevrouw Podt, in tweede instantie.Mevrouw Podt (D66):Een hoop woorden, maar ik hoorde nog niet echt een antwoord. Kijk, hetlijkt soms een klein beetje alsof de coalitie in parallelle werelden leeft. Duswe gaan én samenwerken én niet samenwerken. Volgens mij kan het nietallebei. Het lijkt dus een beetje alsof de VVD dan zegt: nou ja, goed, dieopt-out is eigenlijk een beetje onzin, maar die hebben we blijkbaar nodigom de PVV aan boord te houden, dus doen we dat maar. Maar ik hooptoch wel dat mevrouw Rajkowski ook begrijpt dat het zo niet werkt. Jekunt niet naar Europa gaan en, terecht, zeggen «we willen dat al dielanden hun stinkende best gaan doen om dat af te ronden», maarondertussen wel briefjes sturen en zeggen: eigenlijk willen we toch nietmeedoen. Zo werkt het niet.De voorzitter:Mevrouw Rajkowski, kort.Mevrouw Rajkowski (VVD):Die opt-out is wat dat betreft ook niet ons einddoel, maar blijkbaar is hetwel nodig geweest om die opt-out altijd op tafel te blijven leggen, omervoor te zorgen dat er in Europa ook echt iets verandert. Dus: ja, dieopt-out ligt op tafel en dat is wat ons betreft ook helemaal prima; maar inde tussentijd, zolang er geen verdragswijziging is, willen wij volle bakinzetten op dat EU-Migratiepact. En in mijn spreektekst ging het daar ookover.De voorzitter:Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 32 317, nr. 9054 Mevrouw Rajkowski vervolgt haar betoog.Mevrouw Rajkowski (VVD):Dan slimmere grenscontroles. We hebben strengere grenscontrolesafgesproken, maar het moet natuurlijk wel slim, want Nederland is geeneiland. We hebben een Europese haven, we zijn afhankelijk van onzelogistieke en transportsector. Dus als we elke bus of elke auto aan degrens zouden gaan controleren, kan het juist weer een vuistslag zijn vooronze economie. Dus we moeten slim gaan controleren. Ik kreeg hetsignaal dat ook heel veel vluchtelingen per FlixBus naar Nederlandkomen. Dat betekent dat ze in een ander Dublinland opstappen. Daarworden ook paspoorten en ID-controles gedaan. Zouden we dan nietgericht kunnen controleren, door bijvoorbeeld naar die FlixBussen tekijken? Ik pleit er niet per se voor dat de medewerkers van de FlixBussenin alle systemen moeten kunnen kijken, maar ik probeer mee te denkenover een slimme manier om hier toch iets aan te doen.Voorzitter. Dan het laatste punt, de migratie naar Nederland ten opzichtevan andere Europese landen. Met het nieuwe EU-voorzitterschap vanHongarije zijn er op het gebied van migratie ook veel veranderingengekomen. De VVD is toegezegd dat er elk kwartaal een rapportage naar deKamer zou komen, waarin zou worden omschreven of andere Europeselanden een strenger asielbeleid dan Nederland voeren. Die laatsterapportages lijken enorme vertraging te hebben opgelopen. Dus wanneerkan de Kamer deze verwachten? Want veel Europese landen scherpen hunnationale asielbeleid aan, en het is wel belangrijk voor ons dat wij blijvenmonitoren welke maatregelen andere landen nemen, zodat we hier ookinspiratie uit kunnen putten.De voorzitter:Dank u wel, mevrouw Rajkowski. We gaan verder met de heer Boomsma.De heer Boomsma (NSC):Dank, voorzitter. Steeds meer Europese landen willen asiel en migratiebeperken en ook snel maatregelen nemen om dat te bereiken. We zagendat de afgelopen tijd in Duitsland, Italië en Zweden, nu in Oostenrijk enzelfs in Frankrijk en Engeland. Er ontstaat dus echt momentum om nustappen te gaan zetten. Het moet volgens mij een belangrijke prioriteit zijnvan deze regering en deze Minister om van dat momentum gebruik temaken en samen op te trekken met al die gelijkgezinde landen omresultaten te boeken. Dat heeft natuurlijk veel meer zin dan bordenneerzetten bij asielzoekerscentra. Je wil ook niet tegen mensen die zijngevlucht voor vervolging als het ware zeggen: ga maar terug naar jebeulen. Ik snap de wens om mensen te ontmoedigen, maar dat moet jedoen voordat ze naar Nederland komen, of het liefst voordat ze naarEuropa komen. Een bord gaat dus geen verschil maken, maar goedeEuropese afspraken wel. Dat vergt ten eerste inderdaad een goedeuitvoering van de afspraken van het Migratiepact. Nederland moet nu hetplan opleveren. Ik wil ook graag dat we dat hier kunnen bespreken. Graageen toezegging daarop.Tegelijkertijd zien we dat veel van die maatregelen pas na twee jaaringaan. Wij willen daar eigenlijk niet op wachten. Als het mogelijk is,willen we graag kijken of we kunnen versnellen, met name als het gaatom het versterken van de buitengrenzen, de screenings en snelleprocedures voor kansarme asielverzoeken. Ziet de Minister mogelijkhedenom daar met gelijkgezinde landen toe op te roepen, uiteraard wel met oogvoor het belang van onafhankelijke monitoring van de gebieden waar ookVluchtelingenWerk op wijst? Daar hoor ik graag een reactie op van deMinister.Ik heb ook een andere vraag.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 32 317, nr. 9055 De voorzitter:U heeft een interruptie van de heer Bontenbal.De heer Bontenbal (CDA):Ik ben blij dat collega Boomsma heldere taal spreekt over die borden. Datheeft de collega van de VVD ook gedaan. Als we met z’n allen even sneltellen, kunnen we concluderen dat de Kamer die maatregel gewoon nietziet zitten. We voelen, denk ik, allemaal aan dat je daarmee door eenaantal morele bodems heen zakt. Het is ook geen onderdeel van hethoofdlijnenakkoord, dus zouden we niet gewoon snel met elkaar kunnenafspreken dat de Minister dit idee niet zou moeten uitvoeren? Het zou,denk ik, helpen als alle partijen dat in dit debat duidelijk maken, want dankan de Minister haar tijd aan andere zaken besteden dan aan dit soortproefballonnetjes.De heer Boomsma (NSC):Zoals ik net al zei, gaan die borden geen verschil maken, maar goedeafspraken in Europa wel. Daar moeten we nu op focussen.Ik heb een vraag aan de Minister. Wat zijn volgens haar de belangrijkstekwetsbaarheden en tekortkomingen aan de buitengrenzen? Wat wordt nude Nederlandse inzet om die op te lossen? Met betrekking tot de binnen-grenzen vraag ik me af wat Duitsland nu precies doet. Klopt het dat hetirreguliere migranten terugstuurt bij de grenzen? Wat gaat Nederlanddaaraan doen?Dan wil ik het hebben over instrumentalisering. Kwetsbare mensenworden misbruikt in een soort hybride oorlogsvoering. Ik ben benieuwdwat de Minister daarvan vindt en waar zij op gaat inzetten in Europa.Voorzitter. We moeten, denk ik, ook verder kijken dan het Migratiepact. Inmei heeft de regering, samen met vijftien landen, aan de toenmaligeCommissie een brief gestuurd met zogenaamde out-of-the-boxmaatregelen. Ik wil graag dat de Minister deze inzet overneemt enintensiveert en dat zij om daar werk van te maken in gesprek gaat metandere landen die zich misschien aansluiten bij die kopgroep. Het gaatdan bijvoorbeeld om het versoepelen van het bandencriterium voorveilige derde landen en om external processing. Ik begrijp dat Albanië nuheeft gezegd dat het alleen met Italië wil werken. Maar misschien zijn erwel andere landen. NSC heeft natuurlijk eerder gezegd dat dan met namegekeken moet worden naar landen die toetredingsperspectief tot deEuropese Unie hebben. Zij werken al aan een rechtsstaat en dergelijke.Hoe ziet de Minister dat? Daarnaast gaat het ook om verschillendemaatregelen om terugkeer te bevorderen. Denk hierbij aan terugkeerhubs.Het gaat ook om het ertoe aanzetten van landen om mee te werken. Ik hebhet rapport dat blijkbaar gelekt was ook gelezen. Er zijn toch nog heel veellanden die niet goed meewerken. Ik vind dat je daar dan inderdaadsancties op moet zetten. Denk aan visumsancties. Doe die consulairebureaus maar dicht, zodat de elite daar geen visum meer kan krijgen.Maar denk ook aan sancties op het gebied van handel, zodat je maatre-gelen neemt om ze er op die manier toe aan te zetten, hoewel hetnatuurlijk veel beter is om positief-stimulerende maatregelen te nemen,maar toch. Daar horen ook maatregelen bij om irreguliere migranten uit tezetten naar een ander land dan het land van herkomst. Dat vraagt volgensmij om een herziening van de Terugkeerrichtlijn. Ik zag dat Duitsland nueen overeenkomst heeft gesloten met Oezbekistan om crimineleAfghaanse asielzoekers via dat land uit te zetten. Als de sociaaldemocra-tische bondskanselier Scholz dat kan, dan denk ik dat deze Minister datook kan.Tot slot wil ik nog iets zeggen over de migratiedeals met derde landen.Het blijft gewoon ongelofelijk belangrijk om daar goede afspraken mee temaken. Maar je moet niet zomaar zeggen: hier heb je een zak geld enhoud maar mensen tegen. Je moet daar wel slim voorwaarden aanTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 32 317, nr. 9056 verbinden, een pad schetsen, verbetermaatregelen eisen en dergelijke.Graag ook daarop een visie van de Minister. Ik ben ook benieuwd hoe zede rol ziet van onafhankelijke organisaties die daar toezicht op houden.De voorzitter:Mevrouw Podt heeft nog een interruptie voor u.Mevrouw Podt (D66):Die gaat over een onderwerp dat de heer Boomsma niet heeft genoemd.Ik vroeg me af wat hij ervan vindt dat het kabinet hulpverlening zonderfinancieel gewin strafbaar wil stellen en dat het dat niet aan de Kamergemeld heeft.De heer Boomsma (NSC):Ik heb dit wel ergens gelezen. Ik weet alleen niet waar ik het heb gelezen.Nee, het was niet in een blog. Ik begrijp de inzet van de regering in dezenwel. Het is gewoon een buitengewoon ingewikkeld dilemma. Als NieuwSociaal Contract vind ik dat je nooit mensen moet bestraffen die anderemensen in nood hulp verlenen en ze soms letterlijk redden van eenverdrinkingsdood. Tegelijkertijd moet je er wel voor uitkijken dat je nieteen systeem creëert waarin er een soort samenwerking ontstaat, datmensensmokkelaars gebruik kunnen maken van de diensten van anderendie mensen op zee oppikken. Het wordt dan als ware mogelijk gemaaktom mensen in een gammel bootje de zee op te sturen omdat die toch welopgepikt worden. Los daarvan vind ik wel dat er een sanctie op mag staanals je meewerkt aan het overtreden van wetten. Het moet er echter nooittoe leiden dat puur humanitaire hulpverlening strafbaar wordt.De voorzitter:Mevrouw Podt, in tweede instantie.Mevrouw Podt (D66):Ik kan wel vertellen waar de heer Boomsma dat gelezen heeft. Dat wasnamelijk in de signalering die door de griffie gemaakt is. Die informatiehebben we niet ontvangen van het kabinet. Dat vergt dus allereerst eenreactie van NSC. In de tweede plaats wil ik het volgende zeggen. Wehebben hier ook in deze commissie al eerder uitgebreide debatten overgehad. Dan vind ik het dus sowieso nogal schadelijk dat het kabinetgewoon niet meldt wat het aan het doen is. Kijk, we worstelen natuurlijkallemaal met dat dilemma. Niemand wil mensensmokkel faciliteren. Hiergaat het alleen wel om mensen die bij wijze van spreken iemand een liftnaar Ter Apel geven en die dan door de marechaussee ondervraagdworden over wat ze in hemelsnaam aan het doen zijn. Dat lijkt me nooitde bedoeling en ik hoop dat NSC dat met mij eens is.De voorzitter:De heer Boomsma, voor een kort antwoord.De heer Boomsma (NSC):Ik vind dat de regering zulke dingen natuurlijk moet melden aan de Kamer.Ik ben dus benieuwd hoe dat dan zit. In andere stukken heb ik eerder ookgelezen dat dit de positie van de Nederlandse regering is. Als dat nuechter de inzet van onderhandelingen wordt, dan wil ik graag horen hoedat zit. Dan wil ik ook graag worden geïnformeerd. Ik vind inderdaad nietdat mensen moeten worden bestraft voor het geven van een lift naar TerApel.De voorzitter:Dank u wel. We gaan verder met de heer Van Dijk van de SGP.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 32 317, nr. 9057 De heer Diederik van Dijk (SGP):Dank u wel, voorzitter. Ons asielbeleid is gebouwd op het uitgangspuntdat mensen die tijdelijke bescherming nodig hebben, terugkeren naar huisen haard zodra dit weer mogelijk is. Afgewezen migranten moeten dusretour. Nu deze pilaar onder het systeem beroerd functioneert, staat hethele huis te schudden. Mijn fractie dringt aan op aanscherping van deEuropese Terugkeerrichtlijn. Het is positief dat dit onderwerp nu weernadrukkelijk op de EU-agenda staat. Hoe staat het kabinet tegenover deHongaarse voorstellen voor terugkeer? Zet het ook in op het verruimenvan de mogelijkheden tot besloten toezicht en gedwongen terugkeer,waarom de aangenomen motie-Van der Staaij/Bisschop verzocht? Vindthet kabinet ook dat de nieuwe Hoge Vertegenwoordiger van de EU actiefop pad moet worden gestuurd om irreguliere migratie tegen te gaan enterugkeer te bevorderen?Eerder keek de Europese Commissie naar een deal met Rwanda over eenEU-terugkeerhub, maar die lijkt inmiddels van de baan. Wat is daarvan deachterliggende reden? Klopt het wat ik uit de stukken begreep, namelijkdat Duitsland een deal overweegt zonder hierbij andere Europese partnerste betrekken? Klopt dat en is het al dan niet zaak om aan te haken bij ditinitiatief van ons buurland?Voorzitter. De Dublinverordening is nog zo’n belangrijke pijler. De regelingdat vluchtelingen die aankomen in een EU-land ook in dat land asielmoeten aanvragen, wordt met voeten getreden. Hierdoor lopen mensendoor naar een land naar keuze. Vorige week nam deze Kamer eenSGP-motie aan om op korte termijn in gesprek te gaan met Duitsland enandere gelijkgezinde lidstaten om een kopgroep van lidstaten te vormendie voor strikte handhaving van de Dublinregels zijn. Staan voor tijdensdeze vergadering hierover al afspraken gepland met Duitsland en anderelanden, vraag ik de Minister.Voorzitter. Het Schengenacquis vormt een andere dragende dwarsbalk inde constructie. Dat brengt mij op de herinvoering van de grenscontrolesbij onze oosterburen. Hoe geeft Duitsland hier nu invulling aan? Welkekansen biedt dit volgens de Minister voor Nederland? Deze Minister gafbij de Duitse aankondiging aan dat dit ook voor Nederland een interessantvoorstel zou kunnen zijn, maar daarna hebben we er niks meer vanvernomen. Wil zij toezeggen dat ze gaat kijken hoe we de ruimte die hetSchengenacquis biedt, maximaal kunnen benutten voor invoering vancontroles aan onze landsgrenzen zonder dat onze export daaronder lijdt?Daarnaast moet binnenkort worden besloten of de landsgrenzen vanRoemenië en Bulgarije worden opengesteld, waardoor de EU-grens zouopschuiven naar Turkije. De SGP is hier kritisch over omdat die grensbepaald niet waterdicht te noemen is. Beide landen doen te weinig omillegale migratie tegen te gaan. Wat is het standpunt van de regering enwelke mogelijke gevolgen voorziet zij bij openstelling? Deelt de Ministerde mening dat Schengen beter moet worden en niet groter? Wanneer isde besluitvorming hierover voorzien? Kan de Minister hier toezeggen datzonder voorafgaand debat met de Kamer geen definitief standpunt wordtingenomen?Voorzitter. Het fundament van het Europese asiel- en migratiebeleid wordtmomenteel grondig gerenoveerd. In december moet het Nederlandseimplementatieplan voor het Migratiepact gereed zijn. Kan de Ministeraangeven wat de stand van zaken is? Kan zij toezeggen dat dit plan ookaan de Kamer wordt toegestuurd?Tot slot. Ik wijs de Minister nog graag op een SGP-motie die het kabinetopdroeg om bij EU-overleggen frequent aan te kaarten dat Nederland deop een na hoogste bevolkingsdichtheid van de EU heeft en dat dit moetworden meegewogen bij besluitvorming over de verdeling van asiel-zoekers. De impact van migratie gaat de draagkracht van onze samen-leving momenteel te boven. Ik denk onder andere aan de discussie dienog moet worden gevoerd over de uitwerking van het crisismechanisme.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 32 317, nr. 9058 Is de Minister bereid bij dergelijke gesprekken frequent met deze motie tewapperen?Dank u wel, voorzitter.De voorzitter:Dank u wel, meneer Van Dijk. We gaan verder met mevrouw Podt vanD66.Mevrouw Podt (D66):Dank u wel, voorzitter. Eerlijk gezegd waren mijn verwachtingen over deEuropese inzet van deze Minister niet heel erg hoog. Haar partij heeftimmers jarenlang «nexit» geroepen en tot nu toe hebben haar interna-tionale tripjes slechts ruzie in de coalitie opgeleverd over een verzonnenterugkeerbord in Denemarken.Voorzitter. Het kabinet heeft ons gezegd: we gaan het Migratiepactuitvoeren. In de geannoteerde agenda las ik zelfs «de afspraken uit hetpact zullen enkel effectief zijn wanneer alle lidstaten eenduidig implemen-teren». Ik zou het zelf geschreven kunnen hebben. Heeft de Minister hetNederlandse plan voor implementatie al af, vraag ik met mijn velecollega’s. Wil ze dat dan met de Kamer delen? Tegelijkertijd pleit hetkabinet ook voor een mini-nexit, een opt-out. Pleiten voor Europesesamenwerking terwijl je zegt zelf niet mee te willen doen, is net zoeffectief als zwemmen met een paraplu. Zo’n opt-out is overigens alleenmogelijk als er een verdragswijziging plaatsvindt en die staat niet op deplanning. Heeft het kabinet al besloten of het zelf een verdragswijzigingwil voorstellen? Of blijft het bij briefjes gericht aan de verkeerdeinstelling?Voorzitter. Er was één lidstaat die op de bankjes stond te juichen om hetopt-outbriefje. Dat was Hongarije. Volgens de premier is Orbán inmiddelszelfs een partner. D66 vindt het extreem pijnlijk dat zo hard wordtgebroken met de lijn van voormalig premier Rutte, die wel grenzen steldeaan het gedrag van Orbán. Hongarije heeft een boete opgelegd gekregenvoor aanhoudende illegale pushbacks, maar weigert die te betalen. Vindtde Minister die boete terecht en, zo nee, waarom niet? Daarnaast heeftHongarije zijn Nationale Kaart-systeem uitgebreid waardoor ook mensenuit Rusland makkelijker naar Hongarije en dus naar het Schengengebiedkunnen reizen. Wat vindt de Minister ervan dat Hongarije zijn grenzenextra heeft opengezet? Is ze van mening dat hiermee de veiligheid van derest van het Schengengebied en dus ook van Nederland in het gedingkomt? Wat gaat ze hiertegen doen?Voorzitter. Mensensmokkel moeten we keihard aanpakken, maar ik benenorm geschrokken van de plannen om hulp aan migranten ook strafbaarte stellen als er geen sprake is van geldelijk of materieel gewin. Laat ikduidelijk maken wat dit betekent. Als je een jongen van 15 die net eenvreselijke tocht achter de rug heeft, een lift naar Ter Apel geeft, ben jestrafbaar. Als je een uitgeprocedeerde vrouw met haar kind een broodjegeeft omdat ze niets anders te eten heeft, ben je strafbaar. Wat het extracynisch maakt, is dat het kabinet de landelijke voorziening vreemdelingenniet meer gaat financieren. Er gaan dus nog meer mensen die hulp nodighebben, op straat eindigen. Wat je ook vindt van migratie, dit beleid raaktde kern van onze medemenselijkheid; het raakt ons in het hart. Ik doe dusecht een beroep op deze Minister: laat dit onzalige plan los.Tot slot, voorzitter. Ik zag deze week opnieuw dat een Groningsegemeente is opgestaan om Ter Apel te ontlasten. Ik ben heel blij om tezien dat gemeenten willen helpen, maar ik blijf de Minister aanspreken ophaar eigen verantwoordelijkheid. Mijn vraag is namelijk wat ze zelf al aanopvang geregeld heeft om Ter Apel te ontlasten. Ten slotte reageer ik opmijn buurman. Borden zijn natuurlijk echt kul. Ik heb inderdaad liever datdeze Minister haar tijd aan iets anders besteedt. Ik denk dat die opvang enhet tegemoetkomen van Ter Apel daarbij een goede start zouden zijn.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 32 317, nr. 9059 Dank u wel.De voorzitter:Dank u wel, mevrouw Podt. Ik ga verder met de heer Bontenbal van hetCDA.De heer Bontenbal (CDA):Het is voor de Minister de eerste JBZ-Raad in Luxemburg. Dat is op zichniet een heel belangrijk gegeven, maar het is wel belangrijk dat dezeMinister daar voor het eerst is. Voor het CDA is het heel belangrijk enevident dat de grote vraagstukken van deze tijd – ik denk aan klimaat enzeker ook aan migratie – alleen maar in Europa goed aangepakt kunnenworden. Dat begint ook met het op orde krijgen van de buitengrenzen enhet hervormen van ons asielstelsel. Dat geldt voor Europa, maar zeker ookvoor Nederland. Dat betekent wel dat Nederland op al die terreinen zijnkleine positie maximaal moet benutten. Wie niet sterk is, moet slim zijn.Dit kabinet heeft wat mij betreft tot nu toe niet laten zien dat het op dezemanier naar Europa kijkt en dat het op deze manier te werk gaat. De eersteEuropese daad was namelijk het schrijven van die opt-outbrief. Ik moetsoms nog een beetje wennen aan de stijl en denkwijze van dit kabinet. Ikdacht bij een opt-out aan de start van een aanpak om het Europeseasielbeleid te ontlopen, maar gisteren heb ik de Minister-President in deEerste Kamer horen zeggen «dat de nationale aanpak op dit momentabsoluut prioriteit heeft boven de opt-out». De Minister-President wasgisteren dus vrij duidelijk over de prioritering van de dingen die hijbelangrijk vindt.Ik heb daar wel een paar vragen over. De eerste: gaat u morgen uwcollega’s in Europa vragen om samen te werken om een opt-out tekrijgen? En twee: zo ja, is die er dan alleen voor Nederland of wilt usamenwerken met andere lidstaten, zodat ook zij een opt-out krijgen?Drie: kunt u inmiddels wél aangeven waarop Nederland dan een opt-outwil? Want zomaar zeggen dat je een opt-out wil, is niks. Je moet zeggenwaarop je een opt-out wil. Wat denkt u dat dit voor invloed heeft op deasielinstroom? Tot slot mijn vierde vraag in dit blokje. U was in Polen. Watwas de reactie van Polen op uw verzoek om een opt-out te krijgen?Het tweede onderwerp waar ik bij wil stilstaan, zijn de afspraken overterugkeer. Ik heb er bij de Algemene Politieke Beschouwingen naargevraagd en ook een toezegging gekregen van de Minister-President. Ikben blij dat het ook in de brief staat. Het is goed dat een initiatief isgenomen, inmiddels door meer lidstaten. Mijn vraag is hoeveel lidstatenzich hebben aangesloten bij dat initiatief. Uit Brussel begreep ik dat ditinmiddels veertien lidstaten zijn. Klopt dat? De tekst kent wel een watdiplomatieke vaagheid. Kunt u ook daarover wat meer duidelijkheidgeven? Wat staat er nou precies?Tot slot. Zijn deze lidstaten het ermee eens dat de nieuwe Terugkeer-richtlijn meer ruimte moet bieden voor de inbewaringstelling vanterugkeerders en overlastgevende vreemdelingen, zoals het CDA ookaangaf bij de Algemene Politieke Beschouwingen? Daar hoor ik dus ookgraag een reactie op.In het kader van het Migratiepact worden parallel allerlei stappen gezet.Over twee maanden moet het nationaal implementatieplan bij deCommissie worden ingediend. Wanneer wordt de Tweede Kamer hierovergeïnformeerd? Hebben wij dan nog voldoende tijd om het debat daaroveraan te gaan?Voorzitter. Ik wil afsluiten met een paar zinnen en woorden, en die heb ikniet lichtzinnig gekozen. Deze Minister heeft inmiddels een stijl ontwikkeldwaar zij zelf trots op is, maar ik denk dat wij als Kamer heel duidelijk tegendeze Minister moeten zeggen: u bent dienaar van de Kroon en eenuitspraak zoals «ik ben beleid» past daar absoluut niet bij. Ik begin eraante twijfelen of u doorheeft welke verantwoordelijkheid u heeft als dienaarTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 32 317, nr. 90510 van de Kroon. Daarbij is er geen onderscheid tussen uw optreden inNederland en Europa. U heeft een geloofwaardigheid in Nederland op tehouden, maar u gaat ook naar Europa, en dan raakt het ook Nederland alsgeheel. Ik hoop dat u zich daar bewust van bent.Dat is wat ik wilde zeggen, voorzitter.De voorzitter:Er is een interruptie van de heer Eerdmans.De heer Eerdmans (JA21):Ik heb een vraag aan de heer Bontenbal. Een van de problemen van nu ophet gebied van asiel in Europa is het probleem van de alleenstaandeminderjarige asielzoekers. Daarvan komen er steeds meer. Alleenstaandeminderjarige kinderen worden vooruitgestuurd. Zij komen hier aan enmogen dan – ik vind dat raar – in Nederland asiel aanvragen voor defamilie die dan nareist. In Nederland zijn dat er zo ongeveer 5.000 per jaar.Vroeger, in 2021, hadden we een systeem waarbij het kind, de minder-jarige, ook echt alleenstaand moest zijn om een beroep te kunnen doen opde aanvraag voor nareis van familie. Dat hebben we afschaft. Eigenlijkgebeurde dat onder druk van een media-offensief, zo van «dat kun je nietmaken». Toen is besproken dat iemand ook alleenstaand is als diepersoon hier al bij een neef of een oom onderdak gevonden heeft. Danmag hij nog steeds een beroep doen op de aanvraag voor nareis vanfamilie. Wat vindt het CDA? Willen we nou terug naar de aanscherping diewe vroeger hadden – een alleenstaande minderjarige asielzoeker is ookecht alleenstaand – of blijven we toch bij de afgezwakte definitie,waardoor hele gezinnen deze kant op komen, terwijl het kind eigenlijkhelemaal niet alleenstaand is? Overigens gaat dit vooral over Syrië.De heer Bontenbal (CDA):Deze vraag vind ik eerlijk gezegd ingewikkeld, want hierbij word je nietalleen begrensd door wat je zelf wil, maar ook door Europees recht enverdragen. Het CDA zegt steeds dat het bereid is om naar heel veelmaatregelen te kijken, ook naar maatregelen over gezinshereniging, maarhet moet wel blijven passen in het Europese recht. Het tweede dat ikhieraan wil toevoegen, is dat ik denk dat Nederland moet proberen omveel beter aansluiting te zoeken bij het beleid van andere lidstaten, wanter zijn best nog wel wat verschillen tussen lidstaten. Ik denk dat het eenopgave van dit kabinet moet zijn om te inventariseren wat de verschillentussen de lidstaten zijn, precies ook op het soort onderdelen dat de heerEerdmans nu aangeeft, om die verschillen inzichtelijk te maken, te kijkenwat binnen het Europese recht past en daar dan ook gezamenlijk die extramaatregel voor te nemen.De voorzitter:De heer Eerdmans in tweede instantie.De heer Eerdmans (JA21):Het is aan Nederland om die definitie te bepalen. Dat kunnen we zelfbepalen. Dan zit je gewoon binnen de Europese regels. Als dat dus kan –en dat konden wij vroeger – is het CDA dan bereid om mee te denken overhet weer terugbrengen van die definitie zoals die hoort te zijn, namelijk:alleenstaand, oké, maar dat is alleenstaand?De voorzitter:De heer Bontenbal voor een kort antwoord.De heer Bontenbal (CDA):Daar moet ik wel nog even over nadenken. Ik ben geneigd om te zeggen:ja, dat moeten we kunnen inperken. Ik wil wel die check zien: past hetTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 32 317, nr. 90511 inderdaad binnen het Europees recht? Maar ik moet daar nog even goedover nadenken. Geeft u mij dus nog even de kans om daarop tereflecteren.De voorzitter:De heer Bontenbal gaat reflecteren, en dan geven we ondertussenmevrouw Piri het woord.Mevrouw Piri (GroenLinks-PvdA):Dank u wel, voorzitter. De Minister is haar koffer weer aan het pakken,deze keer voor overleg met haar Europese collega’s in Luxemburg. Ik benerg benieuwd naar de inspiratie die zij daar weer zal opdoen. Staat u mijtoe, voorzitter, om een aantal actuele nationale onderwerpen kort aan testippen voordat ik inga op de JBZ-agenda.Misbruik van het noodrecht om zo het parlement buitenspel te zetten. Metgrote woorden werd de noodwet aangekondigd in mei. Inmiddels zijn wemeer dan vijf maanden verder en is men nog steeds bezig met deonderbouwing. Maar sinds vannacht is duidelijk dat de Eerste Kamer zegt:no way noodrecht. Ik hoor graag een reactie van de Minister. Gaatmevrouw Faber samen met de heer Wilders doortrekken op een kabinets-crisis?Voorzitter. Dagblad Trouw heeft uitgezocht welk effect haar plannen zullenhebben op het aantal mensen dat in Nederland asiel aanvraagt. Volgenshun berekening komen daardoor per jaar maximaal 500 tot 800 mensenminder naar Nederland. Dat is 0,3% van de totale jaarlijkse migratie. Ik kanme niet voorstellen dat de Minister niet zelf van tevoren een inschattingheeft laten maken van het effect van haar plannen. Wat zijn haar bevin-dingen?Voorzitter. Eerlijk is eerlijk, ik moet de Minister ook een compliment geven.Het lukt haar elke week weer om de media en het publiek te bespelen.Vakkundig haalt ze de aandacht weg van alle gebroken PVV-beloftes, vanhaar poging om het parlement buitenspel te zetten en van haar eigenonvermogen en wellicht onwil om de asielketen op orde te brengen. Deene week doet ze dat met een knullig briefje aan Brussel, dan weer metspeculaties over een provinciale spreidingswet en vorige week met eenhersenspinsel over borden. Maar feit is dat deze Minister inmiddels100 dagen in functie is en nog niet veel heeft bereikt. Integendeel. Zenegeert de lokale bestuurders en als ze hen niet negeert maakt ze er ruziemee. Ze gooit af en toe haar eigen ambtenaren voor de bus en neemt ooknog eens besluiten die een risico vormen voor de veiligheid van Neder-landers.Tussen alle pr-stunts door was er toch ook opmerkelijk goed nieuws: deSpreidingswet. Ik begrijp dat de Minister in haar overleg met lokalebestuurders heeft gemeld dat het intrekken van de Spreidingswetwaarschijnlijk nog twee à drie jaar op zich laat wachten. Kan de Ministerdat bevestigen aan de Kamer?Voorzitter. Dan de JBZ-Raad. Ik lees dat de Minister wil dat het mogelijkwordt om migranten uit te zetten naar een ander land dan het land vanherkomst of het land waar zij doorheen zijn gereisd. Kan de Minister mijéén land noemen dat geïnteresseerd zou zijn in het opvangen vanuitgezette, uitgeprocedeerde asielzoekers die niet uit dat land afkomstigzijn of niet door dat land zijn gereisd? Ik lees ook over de plannen ommensen terug te sturen naar zogenaamd veilige plekken in Syrië, een plandat we eerder al van haar fractievoorzitter hebben gehoord. Het EuropeesHof van Justitie heeft vorige week nog geoordeeld dat het niet istoegestaan om delen van een land veilig te verklaren. Kan de Minister mijvertellen of zij zich neerlegt bij dit vonnis of op dit moment nog anderejuridische mogelijkheden aan het onderzoeken is?Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 32 317, nr. 90512 Voorzitter. Wij zien een daling van 39% van het aantal migranten dat deEuropese Unie binnenkomt. Kan de Minister bevestigen dat deze trendook in Nederland te zien is?Voorzitter. Tot slot Hongarije. De JBZ-Raad heeft scherpe kritiek geuit opHongarije omdat het migranten terugstuurt zonder hun asielaanvraag tebeoordelen – in jargon «pushbacks» genoemd. Ik hoor graag of hetkabinet deze kritiek deelt en of de Minister van plan is haar Hongaarsecollega hier ook persoonlijk op aan te spreken.Dank u wel.De voorzitter:Dank u wel, mevrouw Piri. We sluiten af met mevrouw Van Zanten van deBBB.Mevrouw Van Zanten (BBB):Dank u wel, voorzitter. Voordat ik inga op de inhoud van de agenda van deJBZ-Raad, heb ik aan de Minister één vraag over het asielbeleid in hetEuropese kader. Hoe zit het nu precies met de opt-out in Europa die wewillen? Die is hier al een paar keer genoemd. Tot op heden hebben wevernomen dat de Minister aan de Commissie een brief heeft gestuurd omte laten weten dat Nederland die wil. Maar daarna bleef het stil. Dus wat isprecies de stand van zaken en welke stappen neemt de Minister om dit inEuropees verband voor elkaar te krijgen? Kan de Kamer daar ook eentijdlijn bij krijgen?Dan de agenda van de JBZ-Raad. De Minister zal spreken over verschil-lende beleidsprioriteiten en over de Schengenzone. In de brief van deMinister lees ik hierover dat het kabinet eraan hecht te spreken overconcrete acties om het buitengrensbeheer te versterken. Dat vind ik heelerg goed. Daar zijn we zeker geen tegenstander van, maar waaromspreekt de Minister niet over de grenscontroles die wij in Nederland willeninvoeren? Zoals hier ook al eerder is genoemd, gaf de Minister vorigemaand aan dat zij daar in navolging van Duitsland heel snel mee wildebeginnen. Maar wij hebben daar tot nu toe niks meer over gehoord. Graaghoor ik van de Minister wat de stand van zaken is.Voorzitter. Dan de verbetering van de effectiviteit van hetEU-terugkeerbeleid. Tijdens de strategische discussie benoemde devoorzitter de noodzaak tot het herzien van de Terugkeerrichtlijn, omdat deterugkeercijfers niet toereikend zijn. Het is goed om in de brief te lezen datde Minister de noodzaak tot het aanscherpen van die Terugkeerrichtlijnonderstreept. Het voornemen om vertrekplichtige vreemdelingen die zijnveroordeeld voor ernstige misdrijven of een gevaar vormen voor deopenbare orde of nationale veiligheid zo snel mogelijk uit te kunnenzetten, is een onderdeel hiervan. Dit terugkeerbesluit gaat altijd gepaardmet een inreisverbod. Dit inreisverbod zou BBB graag willen aanscherpen.In artikel 11, lid 2 van de Terugkeerrichtlijn staat dat een inreisverbodmaximaal vijf jaar mag duren, tenzij een onderdaan van een ander landeen ernstige bedreiging vormt voor onze openbare orde of nationaleveiligheid. In dat geval mag het langer en is het onbegrensd. Maar hetinreisverbod kent geen ondergrens. BBB zou dat wel graag zien tenbehoeve van de openbare orde en de openbare en nationale veiligheid. Isde Minister bereid om bij artikel 11, lid 2 van de Terugkeerrichtlijn tepleiten voor een inreisverbod met een minimale duur wanneer eenonderdaan van een derde land een ernstige bedreiging vormt voor deopenbare orde, de openbare veiligheid of de nationale veiligheid?Dank u wel.De voorzitter:U was de laatste spreker. Ik schors tot 13.00 uur, zodat de Minister zich kanvoorbereiden op haar antwoorden. Om 13.00 uur precies beginnen weweer.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 32 317, nr. 90513 Minister Faber:Ik zou graag een halfuur willen schorsen, als u dat oké vindt. Ik moet ooknog naar mijn ambtenaren toe lopen. Dat kost ook weer tien minuten.De voorzitter:Doe maar. Het wordt 13.10 uur.De vergadering wordt van 12.39 uur tot 13.10 uur geschorst.De voorzitter:We zijn toe aan de eerste termijn van de Minister. Ik zou willen voorstellenom twee interrupties in tweeën te doen. Als we daarmee tekortkomen,dan wil ik best een beetje soepel zijn. Maar we moeten wel om 15.00 uurklaar zijn, inclusief de tweede termijn. De Minister.Minister Faber:Dank u wel, voorzitter. Ik spreek vandaag met uw Kamer over de JBZ-Raadin Luxemburg waar ik vanavond naartoe ga afreizen. Op de agenda van deRaad staan een aantal belangrijke zaken waarover ik graag met de anderelidstaten afspraken maak. Ik zal rondom de vergaderingen ook mijncollega’s uit verschillende lidstaten spreken, evenals de EuropeseCommissie. Graag loop ik eerst een aantal algemenere punten af, voordatik inga op de specifieke vragen die zijn gesteld door de aanwezige leden.Dit is dus een inleiding; daarna volgen de blokjes.Allereerst zal ik mijn deelname aan de Raad morgen gebruiken om mijndoelen in Europa kenbaar te maken. Ons regeerprogramma is ambitieusen mijn opdracht is helder: alle migratie naar Nederland moet drastischingeperkt worden. Daarin staat Nederland niet alleen. Migratie staat inheel veel EU-lidstaten hoog op de agenda. Ik was bijvoorbeeld vorigeweek in Polen en daarvoor in Denemarken. Daar zijn de geluiden nietanders dan in Nederland. Veel Europese burgers vragen een fors strengermigratiebeleid. Daarnaast worden de huidige regels niet goed nageleefd.Ik zal dan ook op de Raad uitleggen dat dat de reden is waarom ik weerover mijn eigen regels wil gaan en dat de brief die ik heb gestuurd naar deEuropese Commissie, waarin stond dat Nederland bij verdragswijzigingvoor een opt-out zal pleiten, ook dient als een belangrijk politiek signaaldaarvoor.Ik vind dat het anders moet in Europa. Ik wil strikte EU-asielregels en-toelatingseisen en sterke EU-buitengrenzen. Daarvoor is het ook heelbelangrijk dat de regels die we afspreken goed worden nageleefd, vooralals het gaat om screening, Dublin en asielgrensprocedures. Ik zal mijdaarin constructief opstellen, bijvoorbeeld door elkaar te assisteren bij deimplementatie. Ik zal ook aangeven dat Nederland, zolang het geenopt-out heeft, de Europese wetgeving zal implementeren.Dan de agenda van de Raad zelf. Allereerst de staat van het Schengen-gebied.De voorzitter:U heeft een interruptie van mevrouw Podt, D66.Mevrouw Podt (D66):De Minister zegt dat ze bij een verdragswijziging gaat pleiten voor eenopt-out. Wanneer is dat? Kan zij daar zo concreet mogelijk over zijn?Minister Faber:Kijk, de opt-out is natuurlijk een zaak van de lange adem. Dus dat kan nogeven duren. Maar het heeft zeker onze aandacht. En het signaal dat isgegeven door dit kabinet is duidelijk geland in Europa. Het gaat ook omde signaalfunctie. U kunt daar een beetje om lachen, maar ik kan uvertellen dat het zeker een gesprek is in Brussel.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 32 317, nr. 90514 De voorzitter:Mevrouw Podt in tweede instantie.Mevrouw Podt (D66):Ik krijg gelijk allerlei commentaar van de Minister. Ik vind dat een beetjewonderlijk. Zij zegt: het kan even duren. Mijn vraag was om zo concreetmogelijk te zijn. Waar kunnen we nou op rekenen? Ik vind dat we er alsKamer ook recht op hebben om dat gewoon te weten. U zegt: ik geefsignalen af en ik vind het belangrijk dat we weer over onze eigen regelsgaan. Prima, maar wanneer dan? Is dat over een halfjaar? Is dat overvijf jaar? Is dat over tien jaar? Als het kabinet niet zelf gaat pleiten vooreen verdragswijziging, dan duurt dat echt nog heel erg lang. Daar moet deMinister wel eerlijk over zijn. Dus waar hebben we het nou over? Ik wileen concreet getal.Minister Faber:Ik ben er heel eerlijk over: dat is gewoon een zaak van de lange adem. Datheb ik ook gezegd. Volgens mij ben ik nu aan het woord. Volgens mij steltu mij een vraag en geef ik daar een antwoord op.Goed, ik vind het ...De voorzitter:U heeft nog twee interrupties. U moet nog heel even wachten.De heer Bontenbal (CDA):Een opt-out gebeurt bij een verdragswijziging en die ligt gewoon nietvoor. Wanneer dat gaat gebeuren, is ongedefinieerd. Dat is gewoon heteerlijke antwoord, denk ik. De Minister-President heeft gisteren gezegd dathij de nationale aanpak op dit moment absoluut prioriteit wil geven,boven de opt-out. Volgens mij is dat een heel duidelijk statement. U heeftuw boodschap gebracht, maar volgens mij zegt de Minister-President heelduidelijk dat de nationale aanpak prioriteit heeft. Gaat u dat dan ook zoverwoorden bij de JBZ-Raad?Minister Faber:Het klopt natuurlijk dat de nationale aanpak prioriteit heeft, want datkunnen we veel sneller realiseren. Daar gaan we dus ook gewoon meeaan de slag. Het kenbaar maken van dat Nederland een opt-out wil, isdaarbij een politiek signaal dat we willen dat het anders gaat. Datondersteunt ook dat wij een strikter migratiebeleid willen hebben. Zoalsiedereen ook weet, is er gewoon een andere wind aan het waaien inEuropa en wij zijn niet het enige land dat een ander migratiebeleid wil. Datwillen ook onze kiezers.De voorzitter:De heer Bontenbal in tweede instantie.De heer Bontenbal (CDA):Misschien loop ik vooruit op de beantwoording van mijn vragen, maarhoe gaat u dat dan fixen? Gaat u met andere lidstaten praten? Met welkelidstaten? Heeft u het misschien al gedaan? Waarop gaat u een opt-outvragen? Een opt-out kan op van alles, maar heeft u dan al zelf met uwministerie inzichtelijk gemaakt waarop u die opt-out wil? Bent u al met eenbrief of een pakketje bij andere lidstaten aan het rondgaan? Want het isnatuurlijk ook zo dat alle energie die u daarin steekt, ten koste gaat vanandere maatregelen die u hier in Nederland kunt treffen, denk ik. Het heeftnatuurlijk ook met politiek kapitaal in Europa te maken. Als u hier heelveel tijd in steekt en daar met collega-bewindspersonen in Europa overaan het praten bent, bent u vermoedelijk veel minder effectief in maatre-Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 32 317, nr. 90515 gelen die waarschijnlijk voor Nederland veel belangrijker zijn op kortetermijn.De voorzitter:De Minister voor een kort, laatste antwoord.Minister Faber:Het klopt dat meneer Bontenbal er iets op vooruitloopt. De vraag vanmeneer Bontenbal zit natuurlijk in de mapjes die ik zo ga behandelen.Maar ik wil er natuurlijk wel even op ingaan. U heeft het over effectiviteit.Ik ga morgen naar Luxemburg. Ik spreek daar mijn collega’s uit anderelanden en dan neem ik het gelijk mee. Ik ben daar dan toch, dus dat heeftgeen invloed op de effectiviteit. Onze nationale aanpak loopt gewoondoor. Dat zijn gewoon twee processen die naast elkaar doorlopen. Ikspreek daar zeker met andere landen over. Maar op het moment dat ik uwvraag ga beantwoorden kan ik er nog gedetailleerder op terugkomen, alsu daarmee akkoord gaat.De voorzitter:Doet u dat. U heeft nu ook nog een interruptie van mevrouw Piri endaarna van de heer Eerdmans. Daarna kunt u weer verder met uw betoog,denk ik. Maar eerst is mevrouw Piri.Mevrouw Piri (GroenLinks-PvdA):We hebben vanmorgen de stukken ontvangen waar tijdens de APB omwas gevraagd: de achterliggende documenten voor de opt-out. Daarinstaat, denk ik, ook duidelijk beschreven – de Minister weet dat natuurlijkook – dat de Raad daar uiteindelijk over gaat. Mijn vraag is dus: waaromheeft de Minister besloten om dat toch naar de Europese Commissie testuren? Is er ook overlegd met de Minister-President en de Minister vanBuitenlandse Zaken of zij de brief mee wilden tekenen?Minister Faber:Daar is overleg over geweest, ja. Toen is met meerdere bewindspersonenbesloten dat het naar de Europese Commissie gaat.Mevrouw Piri (GroenLinks-PvdA):Die interrupties gaan heel snel zo. Mijn vraag was: waarom is de briefnaar de Europese Commissie gegaan? Dan zal ik ook maar meteen mijnvervolgvraag stellen. We lezen nu in de stukken dat er ook een heelprocesvoorstel was. Het advies was heel duidelijk en er was kennelijkafgesproken om het pas kort na de APB te versturen. We weten allemaaldat het eigenlijk maandagochtend net voor de APB verstuurd is. Dit lijkt,zoals ik het noem, toch wel weer op een vuurpijl, een afleidingsma-noeuvre om ervoor te zorgen dat de APB weer over migratie gingen enniet over alle andere zaken. Dus graag een reflectie van de Minister ennog steeds een antwoord op mijn andere vraag. Waarom is er afgewekenvan het afgesproken proces, namelijk: na de APB versturen? Waarom is erbesloten om het naar de Commissie te sturen en niet naar de EuropeseRaad?De voorzitter:Het helpt enorm als we het debat als volgt doen: vraag-antwoord,vraag-antwoord. Dus misschien kan de Minister deze twee vragen nu voorhaar rekening nemen.Minister Faber:Wat betreft de timing van het versturen van de brief naar de EuropeseCommissie wil ik het volgende zeggen. Ik had de opdracht gekregen omdeze opt-out zo snel mogelijk te gaan melden. De brief was op datTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 32 317, nr. 90516 moment af en er was afstemming binnen het kabinet. Ik kon het op datmoment versturen. Nogmaals, het was de afspraak om het zo snelmogelijk te versturen. Ik was er verder mee klaar, het was afgestemd, dusde brief ging eruit. Vervolgens was in overleg met andere bewindsper-sonen de keuze gemaakt om de brief naar de Europese Commissie testuren, omdat ik hem zou ondertekenen en mijn evenknie bij de EuropeseCommissie zit.De heer Eerdmans (JA21):Samenvattend, de Minister gaat dus morgen in Luxemburg in de Raadvragen: is er voor Nederland ruimte voor een opt-out op asiel?Minister Faber:De opt-out zal zeker besproken worden. Natuurlijk ga ik ook kijken naarhet draagvlak, naar of andere EU-lidstaten willen steunen dat Nederlandeen opt-out kan krijgen.De heer Eerdmans (JA21):Dan hoor ik graag vrijdagavond wat daar het antwoord op was en welkelidstaten Nederland hierin steunen. Want als u geheel wordt afgewezen indie Raad, dan houdt het in ieder geval op korte termijn op met de opt-out.De voorzitter:Ik had het woord nog niet gegeven aan de heer Eerdmans, maar hij heeftalvast een tweede vraag gesteld. Nu geef ik het woord aan de Minister.Minister Faber:Er komt wat betreft de JBZ-Raad van morgen gewoon een verslag van water allemaal is besproken. Dus daar wordt dat in meegenomen.De voorzitter:Ik dacht dat de heer Eerdmans vroeg of het vrijdagavond zou kunnen omhet proces te bespoedigen.Minister Faber:Ik moet toch eventjes afstemmen met de ambtenaren of zij daartoe instaat zijn. Ik kan u wel die toezegging doen, maar ik moet wel weten of datin de praktijk ook kan.De voorzitter:De Minister komt hierop terug in de tweede termijn, lijkt mij. Het isinderdaad logisch dat ze dat even moet vragen.Minister Faber, natuurlijk mag u wat zeggen. U mag altijd wat zeggen.Minister Faber:De vraag aan de heer Eerdmans is: waarom wilt u dat per se op vrijdag-avond hebben?De heer Eerdmans (JA21):Dan ga ik gerust het weekend in, bijvoorbeeld. Maar dan maken we ermaandag 12.00 uur van. Ik wil gewoon echt weten of de Raad vanMinisters nou wel of niet meegaat in deze opt-out voor Nederland.Nogmaals, er is geen enkele onderbouwing. Ik lees stukken waarin allerleiinterne memo’s staan. Ik wil gewoon weten wat de onderbouwing is vooreen opt-out voor Nederland op asiel. Hoe kijkt de meerderheid van deRaad van Ministers daar nu tegen aan in Europa? Dat wil ik gewoonbeantwoord hebben en dat wil ik eigenlijk uiterlijk maandag om 12.00 uur.De voorzitter:Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 32 317, nr. 90517 Mensen die het debat volgen, denken nu dat u lid van de Kamer bent,want u begint vragen aan de heer Eerdmans te stellen. Zo werken wij niet,maar dat geeft niks. Dat geeft niks. Ik hoorde de heer Eerdmans vragen ofhij uiterlijk maandag 12.00 uur een brief kan krijgen van het kabinethierover. Daar komt u op terug in de tweede termijn en u vervolgt nu uwbetoog.Minister Faber:Dank u, voorzitter. Dan moet ik even kijken waar ik ben gebleven. Dan deagenda van de Raad zelf, met allereerst de staat van het Schengengebied.Ik ben blij dat de Commissie heeft gerapporteerd dat de aantallen langs dediverse migratieroutes zijn gedaald. Maar we moeten blijven inzetten opde uitwerking en versteviging van partnerschappen met landen langs deroutes, versterking van de buitengrenzen en het tegengaan van doorreizenbinnen de Unie. Dat zal ik dan ook onderstrepen.Daarnaast ben ik blij dat de verbetering van de terugkeer op de agendastaat. Terugkeer is absoluut essentieel voor een goedwerkend asiel-systeem. Daarvoor hebben we allereerst een stevige herziening van hetwettelijke raamwerk nodig. In het regeerprogramma hebben weopgenomen dat we de kar gaan trekken in Europa. In aanloop naar deJBZ-Raad heeft Nederland dan ook, samen met Oostenrijk en gesteunddoor een hele groep lidstaten, een non-paper verspreid met daarin deinzet van Nederland. U ontving die inzet als bijlage bij de geannoteerdeagenda. Hiermee wil ik laten zien ook constructief mee te willen denken inEuropa en met gelijkgezinde landen. De kern van onze inzet is dat ik vinddat terugkeerprocedures eenvoudiger moeten worden en dat we toemoeten naar een situatie waarin personen beter verplicht kunnen wordenom mee te werken aan hun terugkeer.Dan ga ik naar de vragen die de diverse leden gesteld hebben. Ik hebdiverse blokken: de opt-out, het pact, terugkeer, grenzen en overig.De voorzitter:Vijf blokken, als ik goed heb geteld.Minister Faber:Ja, klopt. De opt-out is net al even ter sprake geweest. Ik pak ’m er evenbij. De heer Eerdmans vroeg of ik het tijdpad kan schetsen van de wijzewaarop wij de opt-out gaan realiseren. Mevrouw Podt heeft het net ook algevraagd. De brief gaat vanzelfsprekend gepaard met diplomatieke inzet,dus spreek ik daar natuurlijk over met diverse collega’s. Dat begintnatuurlijk al morgen in Luxemburg. Daar ben ik al mee begonnen en ik gaer de komende tijd intensief mee verder. Dit werd ook gevraagd aan depremier tijdens de APB. Hij heeft u toegezegd om in de loop van volgendjaar de stand op te maken.De heer Eerdmans vroeg: heeft de Minister een reactie gehad op de briefnaar de Commissie om de opt-out te realiseren? Het signaal dat hetnieuwe Nederlandse kabinet het anders wil, is ontvangen. Via diversewegen zijn er ook reacties ontvangen. De ene lidstaat kijkt met interessenaar het Nederlandse standpunt en de andere is er wat minder gechar-meerd van. Dat kan; dat is nu eenmaal hoe het gaat in Europa. Morgenspreek ik ook de diverse Europese collega’s.De heer Bontenbal vroeg, zoals net ook al ter sprake kwam: gaat u metcollega’s in de Europese Unie samenwerken om een opt-out te krijgen? Enzo ja, is dat alleen voor Nederland? Ik breng de Nederlandse wens vooreen opt-out onder de aandacht bij de Europese collega’s. Dat doe ik nietalleen morgen, maar elke keer als ik er een tegenkom, ga ik dat doen. Ik ganiet afwachten tot de opt-out. In de tussentijd, tot wij een opt-out hebben,zal ik in Europa inzetten op strengere regels voor het beperken van deinstroom naar de EU en ook naar Nederland. Zo moeten we werken aanTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 32 317, nr. 90518 sterkere buitengrenzen, snellere terugkeerprocedures en de naleving vanDublin. Ik ga alleen over de Nederlandse inzet.Dan hebben we mevrouw Podt.De voorzitter:De heer Bontenbal heeft een vraag naar aanleiding van uw antwoord.De heer Bontenbal (CDA):Ik zou het een punt van orde willen noemen. Is dit de beantwoording vanal mijn vragen? Want ik had er namelijk een paar in dit blokje. Als dit hetantwoord is op de vier vragen die ik heb gesteld, dan zou ik zeggen dathet geen antwoord is.De voorzitter:Ik kijk even naar de Minister: was dit het antwoord op de «volleBontenbal»?Minister Faber:Ik pak even mijn eigen aantekeningen erbij om te kijken wat ik hebopgeschreven. O ja, dit hebben we al besproken: de prioriteit nationaleaanpak. Dat hebben we al gehad. Of ik ook ga pleiten voor een opt-outvoor andere landen: het is aan de landen zelf of zij een opt-out willenhebben. Ik ga voor de Nederlandse opt-out. Ik ga niet voor een opt-outvoor andere landen. Ik heb natuurlijk wel de medewerking nodig vanandere landen om een Nederlandse opt-out te kunnen realiseren op hetgebied van asiel en migratie. Ik zit hier voor migratie. Wij willen natuurlijkinvloed hebben op de instroom. En benadrukken dat wij willen gaan vooreen opt-out en dat dit voor ons een serieuze zaak is, helpt natuurlijk welom binnen Europa de zaken te laten schuiven. Als wij meerdere lidstatenaan onze kant krijgen, kunnen wij gewoon meer. Dan krijgen wij gewoonmeer invloed. Dat heb ik hier verder staan over de opt-out. Ik weet nietof ...De voorzitter:De heer Bontenbal twijfelt of hij hier tevreden over is.De heer Bontenbal (CDA):Nou, daar twijfel ik niet over. Ik heb geen antwoord op de vraag gekregenwaarop u dan een opt-out wilt. Dat wordt steeds maar niet aangegeven.Waarop willen we een opt-out? Ja, op asiel. Zo kan ik het ook. Ik maghopen dat ...De voorzitter:Zeg het even in de microfoon, meneer Bontenbal.De heer Bontenbal (CDA):Ik mag hopen dat er na al die weken een scherp beeld is bij het Ministerievan waarop wij dan een opt-out willen hebben en wat dat betekent.Denemarken heeft ook een opt-out, maar zit ook nog vast aan allerleiverdragen. Ik verwacht na al die weken dat er een analyse is van waarop udie opt-out dan wil hebben. Ik heb ook nog een vraag gesteld over Polen.U was daar en u zal daar ook iets van een reactie hebben gekregen. U zegtnet ook: in elk contact met een bewindspersoon ga ik weer over dieopt-out beginnen. Dan denk ik: we gaan toch een enorme flater in Europaslaan als wij zo te werk gaan? Wat zetten we als Nederland neer als u alsbewindspersoon elke keer als u een andere bewindspersoon ziet over eenopt-out gaat beginnen? Kunnen we niet gewoon aan het werk met eengoed Migratiepact en met het op orde krijgen van de asielketen inNederland? Ik maak me hele grote zorgen over het aanzien van Nederlandin Europa door uw optreden.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 32 317, nr. 90519 Minister Faber:Ten eerste slaan we absoluut geen flater. Er is nu in ieder geval eendiscussie aan de gang binnen Europa over dit punt. Die discussie wordtook aangezwengeld. Die discussie blijf ik aanzwengelen. Daar gebruik ikook de opt-out voor. Het gaat over een opt-out op asiel. Dat lijkt meduidelijk. Dan wat betreft Polen. Polen heeft aangegeven dat zij ons willensteunen in deze opt-out voor Nederland.De voorzitter:De heer Bontenbal in tweede instantie. Of laat hij het even gaan?De heer Bontenbal (CDA):Ik verschiet dan mijn maar kruit, maar ik heb geen antwoord gekregen opde vraag waarop dan een opt-out moet komen. Er wordt gezegd: ja, eenopt-out op asiel. Ik mag toch hopen dat niet op dit niveau wordtnagedacht over die opt-out. Als dit wel het niveau is, dan is het echt nietmeer dan een luchtballonnetje, een proefballonnetje, om elke weekergens een stukje rood vlees in de arena te kunnen gooien. Maar dat iswat u nu doet. Ik verwacht toch een serieus verhaal over wat die opt-outis, op welke verdragen, op welke stukken en wat u bereid bent om in televeren, ook richting alle andere Europese lidstaten.De voorzitter:Een korte reactie van de Minister. Daarna gaan we naar mevrouw Podt.Minister Faber:Ik heb ’m al beantwoord. Ik ga het niet nog een keer herhalen.Mevrouw Podt (D66):Dan ga ik toch een beetje door op de vragen van collega Bontenbal. Latenwe het dan maar gelijk heel concreet maken. De Minister zegt namelijk: ikwil een opt-out op asiel. In de stukken van vanochtend lees ik: «Bij eenopt-out op asiel en migratie verlaat Nederland Schengen.» Is datinderdaad de bedoeling van de Minister?Minister Faber:Dat zou een mogelijkheid kunnen zijn, maar zover zijn we nog lang niet.Daar moeten we namelijk eerst even goed over nadenken. Dat lijkt meduidelijk. Ik heb ook gezegd dat het een planning is van langere tijd, vaneen lange adem.De voorzitter:Mevrouw Podt, via de microfoon graag.Mevrouw Podt (D66):Ik wil graag één interruptie bewaren, maar ik ...De voorzitter:Nou, doe een hele snelle halve dan, als u zo gefrustreerd bent.Mevrouw Podt (D66):Dank, voorzitter, haha ... Sorry, voorzitter, dan moet u me niet zo aan hetlachen maken. De Minister weet toch op z’n minst haar inzet wel voordeze opt-out? Ik snap wel dat het heel lang gaat duren, wat ze ook verderwil. Maar ze heeft toch een bepaalde inzet met die opt-out? Mijn vraag isdus: zit in die inzet ook een uittreding uit Schengen? Dan ben ik namelijkwel benieuwd wat de rest van de coalitie daarvan vindt.De voorzitter:De heer Eerdmans met een punt van orde.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 32 317, nr. 90520 De heer Eerdmans (JA21):Er gaan nu echt heel veel zaken door elkaar heen. Schengen heeft nietsmet asiel te maken. Schengen is een heel ander verdrag. Schengen is hetvrij verkeer van personen en diensten. Maar als de Minister een opt-outwil, gaat het natuurlijk over het Europese asiel- en migratiebeleid. Datbegrijpt iedereen. Maar ik wil graag een punt van orde maken dat we hethierover hebben en niet over Schengen.De voorzitter:Dat is genoteerd. We gaan terug. We gaan het even ordelijk doen.Mevrouw Podt stelt nog een keer de vraag aan de Minister naaraanleiding van de stukken. De Minister antwoord daarop en vervolgtdaarna haar betoog.Minister Faber:Nogmaals, dat is nu nog helemaal niet aan de orde.De voorzitter:De Minister vervolgt haar betoog.Minister Faber:Oké. De vraag van meneer Bontenbal of ik met de collega’s binnen de EUga samenwerken voor een opt-out heb ik al voor een deel beantwoord. Ja,ik breng het onder de aandacht. Dat heb ik al gezegd. Ik ga niet zittenwachten. We moeten zo snel mogelijk de buitengrenzen ... Ja, die heb ik algehad. Ik ga voor de Nederlandse inzet. Die heb ik al besproken.Dan kom ik bij mevrouw Podt. Zij zegt: heeft het kabinet besloten zelfs eenverdragswijziging op te brengen? Op dit moment niet. Een verdragswij-ziging kan betrekking hebben op vele elementen van EU-samenwerking.Als Minister ga ik natuurlijk alleen over migratie. Dat heb ik net ookgenoemd. Wel breng ik natuurlijk de Nederlandse wens voor een opt-outonder de aandacht bij mijn Europese collega’s. Ik ga niet zitten wachtenop een opt-out. Ik zal me inzetten voor strengere regels binnen Europa enhet beperken van de instroom naar Europa en Nederland. Zo moeten wewerken aan sterkere buitengrenzen, snellere terugkeerprocedures en eennaleving van Dublin.Dat was de opt-out. Dan kom ik bij het mapje Migratiepact. Er warenvragen van meneer Eerdmans en van mevrouw Van Zanten. De vraagwas: heeft de Minister het voornemen om af te kopen al kenbaar gemaaktbij de Commissie? Het staat ook in het regeerprogramma dat we gaanafkopen. Daar doen we ook helemaal niet geheimzinnig over. Maar ookdat is nu nog niet aan de orde. Dat zal medio volgend jaar op de agendastaan. Dan zal Nederland aangeven dat wij financiële solidariteit zullenbieden.Dan kom ik bij mevrouw Rajkowski en meneer Boomsma. Die vroegen:wordt de deadline voor het indienen van het nationale implementatieplanbij de Commissie gehaald en kan het plan naar de Kamer wordengestuurd? Van de Europese Commissie heb ik begrepen dat de nationaleimplementatieplannen geen openbare stukken zijn. Tegen het einde vanhet jaar zal ik uw Kamer een uitvoerige brief doen toekomen. Onderdeelvan de brief zal ook zijn hoe wij het pact nationaal gaan implementeren.We zullen daarin het beleid uiteenzetten, want de Kamer is uiteraardnatuurlijk geïnteresseerd in het beleid.Mevrouw Rajkowski (VVD):De deadline voor het indienen van die plannen is 12 december, naar mijnweten. Kan de Minister toezeggen om dat ook ruim op tijd naar de Kamerte sturen, zodat we ook voor 12 december eventueel nog wijzigingenkunnen aanbrengen?Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 32 317, nr. 90521 Minister Faber:We gaan die deadline sowieso halen. We zullen een uiterste inspanningdoen om u dat tijdig te doen toekomen.Meneer Van Dijk van de SGP had de vraag: gaat u aan de slag met eenkopgroep-Dublin bij de aankomende JBZ-Raad? Ja. Ik ga bij de JBZ-Raadin gesprek met de andere lidstaten en met de Eurocommissaris om tespreken over de naleving van de Dublinregels. Dat doe ik ook conform uwmotie, de motie-Diederik van Dijk; dat bent u.Dan had meneer Van Dijk nog iets over een motie. Die motie roept deKamer op om bij de EU-overleggen frequent aan te kaarten dat Nederlandde op een na hoogste bevolkingsdichtheid heeft en dat hiermee rekeninggehouden moet worden bij de verdeling van asielzoekers. Ja, uiteraard.Dat is een motie en die moeten we uitvoeren, maar het is zeker zinnig enhet is natuurlijk ook een feit dat we hier in een dichtbevolkt land zitten.Ook zonder de motie had ik het zeker naar voren gebracht. We willennatuurlijk ook voortdurend benadrukken dat we met een enormebevolkingsdichtheid zitten, waardoor ook de publieke voorzieningen inNederland onder druk staan. Feit is ook dat er nu geen wetgeving ofafspraken aan de orde zijn waar dit ingebracht wordt, maar ik zal het zekeraltijd meenemen in mijn inspraken.Dat was het pact. Dan had ik nog de vragen over terugkeer. MeneerEerdmans vroeg hoe het staat met de terugkeerhubs. Het kabinet vindt heteen goed idee om te blijven zoeken naar innovatieve oplossingen en kijktdaarom ook naar het concept terugkeerhubs. Bij de terugkeerhubs gaathet om een nieuw concept waarvan de vorm en de juridische grond nogniet duidelijk zijn. Daarom is een verkenning door de Commissie vanbelang.De voorzitter:U heeft een interruptie van de heer Van Dijk.De heer Diederik van Dijk (SGP):Excuus. Het heeft te maken met mijn soms iets trage begrip. Het gaat nogeven over het pact. Dat nationale uitvoeringsplan zou niet inzichtelijk zijnvoor de Kamer? Ik kan dat niet zo goed plaatsen. Waar komt dat vandaan?Minister Faber:De Europese Commissie heeft aangegeven dat het geen openbare stukkenzijn. Ja, dat ...De heer Diederik van Dijk (SGP):Dat blijkt voor mij ook wel ...De voorzitter:Ik geef het woord aan de heer Van Dijk.De heer Diederik van Dijk (SGP):Excuus, voorzitter. Uit mijn reactie blijkt wel dat ik daardoor verrast ben. Ikneem aan dat de Minister dat allemaal heel goed ... Maar ik vind het raar.Ik zou dat graag iets hogerop willen spelen, bij wijze van spreken. Het lijktme bijzonder logisch dat het parlement daar natuurlijk gewoon inzicht inkrijgt.Minister Faber:Er zit heel veel gedetailleerde informatie in over de uitvoeringsdiensten.Maar voor zover wij dat op hoofdlijnen kunnen delen, ben ik daarnatuurlijk uiteraard toe bereid.De voorzitter:Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 32 317, nr. 90522 Is het dan handig dat we afspreken – u heeft net een toezegging gedaanaan mevrouw Rajkowski – dat u zo spoedig mogelijk, zo veel mogelijkvoor het versturen, informatie zal delen met de Kamer en dat die deinformatie bevat waar de heer Van Dijk om vraagt? Zullen we dat zoafspreken?Minister Faber:Dat is akkoord.De voorzitter:De Minister vervolgt haar betoog.Minister Faber:Dan kom ik weer bij de terugkeerhubs; een vraag van meneer Eerdmans.Dat is een nieuw concept en daarom is een verkenning door deCommissie van belang, zowel om helder te krijgen wat nu al kan alsookom helder te krijgen welke juridische aanpassingen ervoor nodig zijn opde langere termijn. Mogelijk is bijvoorbeeld een wijziging in de Terugkeer-richtlijn nodig. Dat wordt morgen ook besproken bij de JBZ-Raad. Dat isook een agendapunt. Zowel Oostenrijk als Nederland zijn daarinvoortrekker. We hebben ook een non-paper daarvoor opgesteld. Dat heeftzeker onze aandacht, want de terugkeer moet verbeterd worden. Als wegeen goede Terugkeerrichtlijn en geen goede regeling hebben, dan komenwe als Europa natuurlijk ook een beetje ongeloofwaardig over wanneerwe er niet in slagen mensen te laten terugkeren. Het kabinet wacht nietalleen maar op de Commissie. Het werkt ook samen met een groot aantalgelijkgezinde landen, zoals Zweden en Denemarken, om innovatieveconcepten als de terugkeerhub praktisch verder te verkennen dan wel uitte werken.Meneer Boomsma had een vraag over maatregelen bij het nietmeewerken aan terugkeer. Wij zetten natuurlijk in op terugkeer, wantmensen die geen recht hebben op legaal verblijf hier moeten gewoonterug. Een positieve benadering, onder andere door het opbouwen vangelijkwaardige en duurzame partnerschappen, staat daarbij voorop. Alspositieve maatregelen niet tot vooruitgang in samenwerking leiden, dankijken we naar negatieve maatregelen. Daarbij geldt in het algemeen datnegatieve maatregelen op Europees niveau meer gewicht in de schaalleggen dan als we dat alleen als Nederland doen. Zo zijn erEU-visummaatregelen aangenomen tegen bijvoorbeeld Gambia, waarnade terugkeersamenwerking is verbeterd. Ook werden er in 2024 maatre-gelen tegen Ethiopië genomen. Ook zet ik mij ervoor in om bij het makenvan nieuwe afspraken over toegang tot de Europese markt voor de minstontwikkelde landen een link op te nemen met terugkeer.Meneer Boomsma had ook een vraag betreffende out-of-the-boxoplossingen. Zoals de Minister-President ook al zei bij de AlgemenePolitieke Beschouwingen: dit kabinet blijft zoeken naar nieuwe manierenom meer grip te krijgen op migratie. We gaan binnen de Europese Unievoorop bij het verkennen en uitwerken van innovatieve oplossingen, zoalsterugkeerhubs en Italië/Albanië-afspraken. Ik sprak dat enkele weken ookal een keer af met mijn Deense collega’s. Die hebben daar ook aandachtvoor. De taskforce internationale migratie, die is opgenomen in hetregeerprogramma, gaat vernieuwde partnerschappen nader uitwerken. Ikzal uw Kamer uiteraard over de voortgang daarvan rapporteren. Omdathet gaat om nieuwe concepten, waarvan de vorm en juridische grond nogniet altijd duidelijk zijn, zal ik op de JBZ-Raad de Commissie ook oproepentot het uitrollen van pilots. Ik zet mij samen met andere Europese lidstatenin voor een herziening van de Terugkeerrichtlijn en een herziening van hetconcept «veilig derde land», zodat dit soort partnerschappen een goedejuridische basis hebben in het EU-recht.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 32 317, nr. 90523 Meneer Van Dijk had de vraag: hoe staat het kabinet tegenover deHongaarse voorstellen voor terugkeer en zet het kabinet in op hetverruimen van de mogelijkheden voor besloten toezicht en gedwongenterugkeer, zoals ook is aangegeven in de motie-Van der Staaij/Bisschop?Dit kabinet zet fors in op het versterken van terugkeer. Het kabinet kijktmet open vizier naar voorstellen van andere lidstaten, dus ook naar dievan Hongarije. In dat kader heeft het kabinet, samen met Oostenrijk engesteund door een groot aantal andere lidstaten, de Europese Commissieopgeroepen om tot een paradigmaverschuiving te komen op het gebiedvan terugkeer en het daarbij aanscherpen van de Terugkeerrichtlijn. Hetmoet duidelijk worden wat de plicht is van de vreemdeling en wat degevolgen zijn als men niet meewerkt aan terugkeer. We willenbenadrukken dat vreemdelingen ook plichten hebben en niet alleenrechten. Daarbij kan gedacht worden aan het uitbreiden van demogelijkheid tot het opleggen van een vreemdelingenbewaring. Ten slottemoet de procedure simpeler, efficiënter en doeltreffender wordeningericht.Mevrouw Piri vroeg mij om een land te noemen dat interesse zou hebbenom uitgeprocedeerde asielzoekers op te vangen die niet uit hun landkomen of erdoorheen zijn gereisd. Ik verken de mogelijkheden en zoekdaarbij ook naar partners buiten de Europese Unie. Daar is nu nog nietsconcreets over te zeggen. In het algemeen geldt dat afspraken dieNederland maakt met derde landen gebaseerd moeten zijn op wederke-righeid en gelijkwaardigheid. Het is daarom van belang dat dit in nauwesamenspraak met eventuele partners gaat.Meneer Boomsma vroeg naar uitzetting naar een ander land dan een landvan herkomst en de herziening van de Terugkeerrichtlijn. Duitsland heefthiervoor een overeenkomst met Oezbekistan gesloten; kan Nederland ditook? Dit kabinet zet, zoals gezegd, fors in op het versterken van terugkeeren aanscherping van de Terugkeerrichtlijn. Nederland zet continu in op hetversterken van terugkeerafspraken met de landen van herkomst. Waarmogelijk gebeurt dat met een terugkeer- en overnameovereenkomst. Opdit moment beziet het kabinet in hoeverre afspraken kunnen wordengemaakt met Oezbekistan.Tot zover de terugkeer.De heer Boomsma (NSC):Ik ben blij te horen dat het kabinet de mogelijkheden beziet om afsprakente maken met specifiek Oezbekistan. Ik neem aan dat het daarbij ook omandere landen gaat. Op welke termijn kan de Minister ons informerenover de uitkomst van die inventarisatie?Minister Faber:Zodra er iets concreets komt. Want eerst ben je natuurlijk in overleg metpartijen. Ik bedoel: het is natuurlijk een proces dat zorgvuldigheid vereist.Soms heb je hele prille gesprekken – dan zijn het alleen nog maarverkenningen – en dan is het niet altijd handig om heel uitgebreid overdoelen te spreken. Ik wil er ook niet geheimzinnig over doen. Op hetmoment dat ik echt iets te melden heb, kom ik zeker bij uw Kamer.De voorzitter:U vervolgt uw betoog.Minister Faber:Dan kom ik bij het blokje grenzen. Meneer Eerdmans had gevraagd hoehet staat met plannen om binnenlandse grenscontroles in te voeren. Hetkabinet is conform het regeerprogramma aan de slag gegaan met demaatregelen om ervoor te zorgen dat de controles aan de binnengrenzenversterkt worden. Ik verwacht daar binnenkort meer over te kunnencommuniceren met uw Kamer. Daarbij wordt ook rekening gehouden metTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 32 317, nr. 90524 het functioneren van de interne markt, overlast voor burgers en bedrijvenen uitvoerbaarheid. Dan heb ik het natuurlijk over de grenscontroles, dieniet ten koste mogen gaan van bijvoorbeeld export en mobiliteit.De Koninklijke Marechaussee heb ik gevraagd om versterkingen vancontroles aan onze grenzen voor te bereiden. Het kabinet zoekt dan ook desamenwerking met onze buurlanden. Daar spreek ik morgen ook over metmijn Duitse en Belgische collega’s. We hebben artikel 23 van de Schen-gencode, waar wij nu al mee werken. Dat willen we uitbreiden naar artikel25. Ik ben ook bezig met het voorbereiden van een notitie, die binnenkortnaar de ministerraad gaat. De samenwerking met Duitsland is nu al heelgoed, en die willen we uiteraard ook versterken.Mevrouw Van Zanten (BBB):Kan de Minister iets concreter zijn over wanneer die binnengrenzen danworden ingevoerd in Nederland?Minister Faber:Het betreft grenstóézicht, hè. Dan heb je het dus meer over de «vliegendebrigades». Dan kan je in een bepaalde tijdsspanne op een bepaald trajectgaan controleren. Met de uitbreiding naar artikel 25 worden die bevoegd-heden iets breder. Dan kan je ook op een vaster punt langer blijven staan.Zeer binnenkort komt dat in de ministerraad. Ik ben nu al bezig met hetuitwerken van die notitie, dus binnen afzienbare tijd moet dat kunnen.De voorzitter:Tweede ronde.Mevrouw Van Zanten (BBB):«Binnen zeer afzienbare tijd» ... Waar moet ik dan op rekenen? Is dat nogvoor het herfstreces of eerder voor het kerstreces?Minister Faber:Ik ga er toch echt wel van uit dat ik dat zeker voor het kerstreces heb. Wehebben de hele notitie al voorbereid en die wordt nu uitgewerkt. Dus datmoet heel snel kunnen.De voorzitter:U vervolgt uw betoog. Ah, eerst de heer Eerdmans.De heer Eerdmans (JA21):Kan de Minister iets zeggen over Duitsland? We weten dat daar heel watmensen zijn aangehouden en dat dat niet de kleinste criminelen ensmokkelaars waren. Die Duitse aanpak heeft effect, maar er wordt ookgevreesd voor economische schade en dergelijke. Hoe is de ervaring inDuitsland met de interne controles?Minister Faber:De samenwerking met Duitsland is nu al heel erg goed. Even kijken, ikkrijg hier nog wat meer zaken. Het klopt. Ik ben mee geweest met eengrenscontrole. Ik was er tien minuten en toen werd er al een autoaangehouden waar iemand in zat die geen recht had op verblijf inNederland, maar wel recht op verblijf in Duitsland. De Duitse politie werder gelijk bij gehaald en toen is die persoon teruggegaan naar Duitsland.Het heeft dus zeker zin. Het natuurlijk wel zo dat op het moment ... Stel datwij samenwerken met Duitsland. Dat doen wij eigenlijk al, dus niet «stel».Wij werken al samen met Duitsland. Stel dat er iemand binnenkomt inNederland vanuit Duitsland, dat die wordt aangehouden en dat die illegaalis, zowel in Duitsland als in Nederland. Dan heeft die persoon wel recht opasiel. Maar dan gaat natuurlijk wel direct Dublin in, want je ziet dus op datTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 32 317, nr. 90525 moment dat hij vanuit Duitsland naar ons toe komt. Dat is daar weer eenvoordeel van. Dan kan je ’m gelijk daar aanmelden.De voorzitter:Vervolgt u uw betoog.Minister Faber:Mevrouw Rajkowski kwam met de vraag: zouden we niet gericht kunnencontroleren op de bussen? Dat ging over die FlixBussen. Dat is zeker eenpunt. We hebben dat ook opgemerkt toen ik bij die grenscontrole was. Wehadden een FlixBus op het oog, want die rijden volgens een bepaaldrooster. Wat opvallend was, was dat die bus niet meer is gaan rijden. Toenze er lucht van kregen dat die controle er was, is die niet meer gaan rijden.Het is een heel interessant idee. We hadden het ook al gedetecteerd. Hetheeft zeker onze aandacht en we gaan zeker, zoals het regeerprogrammaook aangeeft, aan de slag om maatregelen te nemen om de controles aande binnengrenzen te gaan doen. Ik zal uw Kamer ervan op de hoogtehouden. Ik heb al gezegd dat er ook een stuk naar de ministerraad gaat,heel binnenkort, betreffende dat extra grenstoezicht. We werken natuurlijkook samen met de KMar om te kijken hoe we de controles slimmerkunnen doen, hoe we dat efficiënter kunnen doen. Samenwerking metvervoersmaatschappijen, zoals busmaatschappijen, wordt natuurlijk ookeen onderdeel daarvan.De voorzitter:Dat noteren we als een toezegging. U vervolgt uw betoog, Minister.Minister Faber:Meneer Boomsma vroeg: wat zijn de belangrijkste tekortkomingen aan debuitengrenzen en wat is de Nederlandse inzet om die op te lossen? Decontroles aan de buitengrenzen moeten natuurlijk verbeterd worden omvooral niet-geregistreerde migratiebewegingen naar Nederland tevoorkomen. U moet zich voorstellen dat via de buitengrenzen mensennaar binnen komen die niet geregistreerd worden. Dan gaat gelijk deDublinovereenkomst mank. U moet zich eens voorstellen dat aan debuitengrens – het maakt even niet uit welk land het is, zeg maar land A –mensen doorlopen en niet geregistreerd worden, dat die in Nederlandaankomen en dat die hier asiel gaan aanvragen. Wij kunnen dan nietbewijzen dat ze al door ... Ja, we weten dat ze over land komen. Maargoed, je hebt dan niet een vast punt, omdat ze niet geïdentificeerd zijn.Dus het is echt van belang dat dat registreren gaat gebeuren, want dankunnen we ze terugsturen op basis van de Dublinovereenkomst. Het pactbiedt daar onder andere door middel van screening en asielgrensproce-dures belangrijke instrumenten voor. Daarin is vastgelegd dat we gaanregistreren. Van belang is daarom dat lidstaten zich focussen op deimplementatie van het pact. Dat moeten we dan natuurlijk allemaal gaandoen. In de tussentijd zal het kabinet blijvend inzetten op versterking vande buitengrenzen, ook door ondersteuning van Frontex, dat daarnatuurlijk een belangrijke rol in heeft. We kijken natuurlijk ook ofNederland lidstaten hierin kan ondersteunen. De registratie heb ik gehad.Dan hadden meneer Boomsma en meneer Van Dijk de vraag: wat doetDuitsland precies met de binnengrenzen? Klopt het dat zij irregulieremigranten terugsturen bij de grens en wat gaat Nederland daarop doen?Die heb ik natuurlijk al voor een deel beantwoord. Het Duitse besluitbetreft een uitbreiding van de reeds bestaande herinvoering van hetgrenstoezicht met onder andere Nederland. Duitsland maakt daarbijgebruik van de mogelijkheid die de Schengengrenscode biedt om bijernstige bedreiging van de openbare orde of de binnenlandse veiligheidtijdelijk binnengrenstoezicht in te voeren. Het klopt niet dat Duitsland alleirreguliere migranten kan terugsturen aan de grens. Personen die eenTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 32 317, nr. 90526 asielverzoek indienen, moeten nog steeds in behandeling wordengenomen. Duitsland geeft als aanleiding onder meer druk van illegalemigratie op het asiel- en opvangsysteem en veiligheidsrisico’s. Ik begrijpdeze maatregel en ik neem deze ook mee in de Nederlandse besluit-vorming.Dan was er de vraag – hier staat niet meer bij van wie die was – welkemaatregelen ik ga nemen ten aanzien van Hongarije, de Nationale Kaarten de mogelijke risico’s voor het Schengengebied die hiermee gepaardgaan. De integriteit van het Schengengebied is natuurlijk van het grootstebelang. Zoals u weet, hebben zowel de Europese Commissie als delidstaten afzonderlijk hun zorgen uitgesproken over deze stappen vanHongarije. Dat heeft het kabinet ook gedaan, bijvoorbeeld onlangs tijdensde Raad Algemene Zaken en de Raad Buitenlandse Zaken. De EuropeseCommissie is hierbij primair aan zet en heeft dan ook een brief gestuurdwaarin Hongarije om opheldering wordt gevraagd. Daarop heeftHongarije aangegeven in lijn met de EU-wetgeving veiligheidsscreeningtoe te passen. Dat gaf de Commissie aanleiding om nadere informatie opte vragen bij Hongarije. Zowel de Commissie als de lidstaten blijven desituatie nauwlettend volgen.Dan was er een vraag van meneer Van Dijk: wat is het standpunt van deregering met betrekking tot het openstellen van grenzen met Roemenië enBulgarije en kan de Minister toezeggen dat zonder debat met de Kamergeen definitief standpunt wordt ingenomen? Besluitvorming is in dezeJBZ-Raad niet aan de orde. Het voorzitterschap zal de stand van zakennader toelichten. Als besluitvorming aan de orde is, zal ik de Kamerdaarover uiteraard informeren. In december 2023 ging de Raad unaniemakkoord met gedeeltelijke Schengentoetreding van Roemenië enBulgarije. Eind maart zijn controles aan de lucht- en zeegrenzenopgeheven. Oostenrijk kon destijds nog niet instemmen met het opheffenvan controles aan de landgrenzen. Het vorige kabinet was het eens metdeze toetreding. Er is nu een nieuw kabinet, maar het nieuwe kabinetheeft hierover nog geen standpunt ingenomen. Dat waren de grenzen.Dan kom ik bij overig, het laatste blokje. De heer Eerdmans vraagt welkeacties volgen uit het bezoek aan Polen en andere landen. Ik ga in eersteinstantie op reis om relaties op te bouwen met gelijkgezinde landen om zoin Europa effectief irreguliere migratie omlaag te kunnen brengen. Erwaren goede gesprekken met Deense en Poolse collega’s en met dedirecteur van Frontex. Ook morgen tijdens de JBZ-Raad zal ik daar weerdiverse gesprekken over voeren. Dan spreek ik ook, zoals al eerder isaangegeven, over de opt-out, het versterken van de buitengrens,terugkeer en het pact. Daarnaast zijn wij voornemens om nationalehervormingen door te voeren op basis van het regeerprogramma. Het isdaarom interessant om te bezien wat andere landen doen, hoe zij hunprocedures inregelen enzovoort.Verder vraagt meneer Eerdmans wat wij gaan doen voor de inwoners vanTer Apel. Ik werk hard om in andere gemeentes de procesbeschikbaar-heidslocaties, de zogenaamde pbl’s, voor kansarme asielzoekers terealiseren om Ter Apel te ontlasten. Ik ben hierover ook in gesprek mettwee andere gemeentes. We hebben natuurlijk ook het lik-op-stukbeleidvoor criminele asielzoekers. Een van de mooiste instrumenten is natuurlijkde pbl en die willen we ook heel graag in Ter Apel hebben. Als we onderde 2.000 personen binnen Ter Apel komen, dan kan dat ook gerealiseerdworden. Maar dan moet het aantal eerst onder de 2.000 zijn. Daar wordtecht met man en macht aan gewerkt, ook vanuit het ministerie. Voor deinwoners in Ter Apel die te maken hebben met de schade die veroorzaaktis door asielzoekers en die niet wordt vergoed door de verzekeraars, iseen schaderegeling opgezet. Deze pilot loopt tot 1 juni 2025 en zal daarnaworden geëvalueerd. Tevens ben ik natuurlijk bezig met het verkennenvan juridische mogelijkheden om deze regeling te versimpelen.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 32 317, nr. 90527 Dan vraagt de heer Eerdmans naar asielzoekers die verblijven in eenhotel. Ik vind al die hotels ook vreselijk. Die kosten zijn veel te hoog. Ik benook wel blij met de vraag. De huidige opvangsituatie is dusdanig kritiekdat het nu nog noodzakelijk is om te kijken naar opvangcapaciteit buitende reguliere opvang, zodat niemand in het gras hoeft te slapen. Zolang erdruk op de opvang is en er onvoldoende reguliere opvangplekken zijn, zitik daar nog aan vast – hoe vervelend ik dat ook vind, want ik ben er ookhelemaal niet blij mee. Wel bekijk ik in het licht van een bredere opvang-opgave hoe het gebruik van hotels voor de opvang van asielzoekers danwel statushouders zo snel mogelijk kan worden afgebouwd. Daarom focusik natuurlijk ook op die instroom. Die instroom moet naar beneden. Hetuitgangspunt is enerzijds de implementatie van de UitvoeringsagendaFlexibilisering Asielketen en anderzijds de inzet van het kabinet om deinstroom te beperken en de doorstroom te bevorderen. We zittennatuurlijk ook met een doorstroom. Als het zo doorgaat, dan kan het aanhet einde van het jaar zomaar zo zijn dat ik 28.000 statushouders in deazc’s heb zitten die daar niet horen. Die horen bij de gemeentes. Het is ookwettelijk verplicht dat deze statushouders naar de gemeentes overgaan.Maar de gemeentes zitten ook met de handen in het haar, want diehebben geen woningen. Vandaar dat ze nog even hier in de azc’s blijvenhangen, zal ik maar zeggen. We willen ook gaan werken aan doorstroom-locaties bij de gemeentes. Dan kunnen statushouders alvast naar degemeente gaan waar ze aan gekoppeld zijn, zodat er weer ruimte komtbinnen de azc’s.Dan had meneer Van Dijk een vraag over het aansluiten bij afspraken vanDuitsland met RWA. Ik ben ervoor dat alle Europese lidstaten blijvenzoeken naar innovatieve oplossingen op het gebied van migratie.Daarover ben ik ook in contact met mijn Europese collega’s en kijken wewaar we samen kunnen optrekken. Als er een significante ontwikkeling is– «RWA» is Rwanda, ik had dat even moeten zeggen, excuus daarvoor –met betrekking tot eventuele afspraken die Duitsland met Rwanda zoumaken, dan informeer ik uiteraard de Kamer.Dan vraagt meneer Boomsma wat mijn visie is op migratiedeals metderde landen en het stellen van voorwaarden, inclusief toezicht dooronafhankelijke partijen. Het kabinet is ambitieus en maakt migratieaf-spraken met landen zoals Egypte, Marokko, Turkije en Tunesië. Wedringen aan op Europees niveau en dat doen we ook zeker in bilateraalverband; we doen dat allebei. Zoals al benoemd, vind ik ook dat we werkmoeten maken van zogenaamde out-of-the-boxmigratiesamenwerking.Daarvoor moeten we ook echt alle zeilen gaan bijzetten, zodat dit soortafspraken bijdragen aan het beperken van de instroom en het bevorderenvan de terugkeer. Dat betekent inderdaad slim omgaan met de instru-menten die het kabinet tot zijn beschikking heeft. In eerste instantie makenwe afspraken die in wederzijds belang zijn, want afspraken werken alleenals partijen er wederzijds belang bij hebben. Maar als migratiesamen-werking stokt, dan gaan we ook inzetten op negatieve maatregelen. Datvereist ook een kabinetsbrede inzet. Daarom richt dit kabinet ook eentaskforce internationale migratie op.Dan was de vraag van mevrouw Podt en mevrouw Piri: vindt de Ministerde boete van de Commissie aan Hongarije over pushbacks terecht? Dit iseen uitspraak van het Europees Hof gericht aan Hongarije en de EuropeseCommissie dient daar toezicht op te houden.Dan vraagt mevrouw Rajkowski wanneer de migratierapportage met demonitoring van asielbeleid uit omliggende landen met de Kamer wordtgedeeld. Die rapportage stuur ik u deze week toe.Mevrouw Piri vroeg naar een reactie op de motie over het noodrecht diein de Eerste Kamer is ingediend.De voorzitter:Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 32 317, nr. 90528 Kunt u heel even wachten? Mevrouw Piri is even de zaal uit. Gaat u evendoor met het volgende onderwerp.Minister Faber:Ik schuif de vraag even naar achteren.De voorzitter:Ja, heel even.Minister Faber:Goed. Meneer Boomsma had een vraag over instrumentalisering.Kwetsbare mensen worden misbruikt in hybride oorlogsvoering, zegt hij.Wat vindt de Minister daarvan en wat is haar inzet in Europa, is zijn vraag.Het is natuurlijk een vreselijke toestand. Ook in Polen is dat op tafelgekomen, met de grens Belarus-Polen. Mensen worden naar Moskouovergevlogen uit Afrika. Van Moskou gaan ze naar Minsk en vervolgensgaan ze met de bus naar de grens. Dat geldt niet alleen voor mensen uitAfrika, maar ook voor mensen uit het Midden-Oosten. Het is één grootdrama dat zich daar afspeelt. Ze worden opgejaagd vanuit Belarus. Polenis er natuurlijk ook niet blij mee. Het is een vreselijke situatie, maar helaasis instrumentalisering niet nieuw. In 2021 hebben de Europese Unie enNederland de instrumentalisering van migranten door Belarus al met klemveroordeeld, ook in de Europese Raad. Nederland zal te allen tijdebenadrukken dat lidstaten die met deze complexe situatie te makenkrijgen er niet alleen voor staan en zal ook middels de Europese Unieassisteren waar nodig. Dat is, zoals gezegd, ook al in Polen gedaan. Zodrahet pact van toepassing is in de Europese Unie, biedt de crisisverordeningeen uitgebreid kader wanneer er sprake is van instrumentalisering enduidelijkheid over welke maatregelen lidstaten kunnen nemen. Nu kunnenlidstaten al grensdoorlaatposten sluiten om hun buitengrenzen tebeschermen tegen instrumentalisering. Finland sluit al een heel groot deelvan de grensdoorlaatposten op het stuk land dat grenst aan Rusland. Ermoet wel rekening worden gehouden met het feit dat personen nog asielkunnen aanvragen. Mensen moeten die mogelijkheid natuurlijk nog welhebben.Ik heb hier weer iets van mevrouw Piri, dus ik ga eerst door naar mevrouwPodt, want zij is er wel. Zij vroeg: wat is de inzet van het kabinet opstrafbaarstelling van humanitaire hulp bij de onderhandelingen over denieuwe EU-mensensmokkelrichtlijn? De inzet van dit kabinet isongewijzigd. U kunt dat ook lezen in het verslag van de JBZ-Raad van juni.Overigens is het Ministerie van Justitie en Veiligheid verantwoordelijkvoor mensensmokkel. Ik kan de inzet nader toelichten. Wij willenmensensmokkel uiteraard aanpakken, maar we moeten ook voorkomendat zuivere humanitaire hulpverlening wordt gecriminaliseerd. Hierbij achthet kabinet een expliciete humanitaire clausule in de operationele tekstvan de richtlijn niet nodig. Het kabinet is voorstander van een algemenebepaling in de considerans van de richtlijn. Deze moet stellen dat het doelvan strafbaarstelling van mensensmokkel niet mag zijn om humanitairegevallen te bestraffen. Zo wordt binnen de EU een juridische waarborgmet betrekking tot alle lidstaten toegevoegd, waardoor de nationaleautoriteiten van lidstaten zuivere humanitaire hulpverlening niet dienen tecriminaliseren. Middels deze weg worden daarnaast geen onnodigebelemmeringen voor opsporingsautoriteiten opgeworpen die de aanpakvan criminele mensensmokkelaars onbedoeld kunnen tegenwerken.Dan ten aanzien van materieel gewin. Zoals in het verslag ...De voorzitter:Mevrouw Podt heeft een vraag. De Minister mag het eerst even afmaken.Minister Faber:Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 32 317, nr. 90529 Zoals in het verslag van de JBZ-Raad van juni staat, is het bestanddeelfinancieel of materieel voordeel uit artikel 3 van het voorstel inderdaadbesproken. Een groot deel van de lidstaten gaf aan dat zij dit onderdeelliever zien verdwijnen, omdat inclusie als bestanddeel in de strafbaar-stelling een onwelkome verzwaring van de bewijslast zal vormen in destrafrechtelijke aanpak van mensensmokkel. Nederland steunt dat, omdatdat in lijn is met hoe mensensmokkel thans in artikel 197a van hetWetboek van Strafrecht is opgenomen.Mevrouw Podt (D66):Dit soort juridische teksten zijn allemaal heel mooi, maar we moeten hetnu even hebben over wat dat echt betekent. We hebben hier in de vorigeperiode tot aan premier Rutte aan toe debatten over gevoerd. Ruttesuggereerde dat er ngo’s zijn die massaal mensensmokkelaars helpen,maar daar hebben we het natuurlijk niet over. In de tekst staat:«Nederland wil de ruimte hebben om op nationaal niveau mensen-smokkel en hulp aan illegalen zonder geldelijk of materieel gewinstrafbaar te stellen. De Europese Commissie stelt juist wel voor om eengewincriterium in de strafbepaling op te nemen. Nederland vindt dat hulpzonder eigen voordeel ook strafbaar moet worden.» Dat is gewoon hetstrafbaar stellen van hulp. Ik begrijp gewoon niet wat de Minister zegt,want dit gaat om het strafbaar stellen van hulp. Dit gaat om het helpenvan mensen die op bootjes zitten die ten onder gaan in de MiddellandseZee. Wat je er ook van vindt dat die mensen hiernaartoe komen, wehebben de verplichting om ervoor te zorgen ze op dat moment geredkunnen worden. Je wilt niet dat er mensen op boten zitten te twijfelen ofze dat wel moeten doen omdat ze anders strafbaar zijn. Dat kan gewoonniet.Minister Faber:Volgens mij heb ik net al aangegeven: binnen de EU wordt een juridischewaarborg met betrekking tot alle lidstaten toegevoegd, waardoor denationale autoriteiten van lidstaten zuivere humanitaire hulpverlening nietdienen te criminaliseren.De voorzitter:U gaat verder. U heeft nog een aantal dingen liggen.Minister Faber:Ja, van mevrouw Piri.De voorzitter:Zij is nu binnen, dus we kunnen starten.Minister Faber:Ik was hier ook net mee klaar, dus ze komt precies op tijd binnen. Datkomt goed uit. Ik weet niet meer of de volgorde goed is, maar ik heb hierwel haar vragen liggen. Mevrouw Piri vroeg: kan de Minister uitleggen ofzij zich neerlegt bij het vonnis dat het niet is toegestaan om delen van eenland veilig te verklaren? Wij bestuderen dit vonnis nog. Daar betrekken weook het pact bij, want het lijkt er sterk op dat de mogelijkheden hiertoedoor het pact worden vergroot. Het lijkt erop dat je delen van een land wélveilig kunt verklaren. Dat schijnt in het pact te zitten, maar dat gaan wenog nader bestuderen.Mevrouw Piri (GroenLinks-PvdA):Dit is geen interruptie. Mag ik de toezegging dat zodra die bestudering isafgerond, er informatie naar de Kamer komt?Minister Faber:Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 32 317, nr. 90530 Zodra we dat bestudeerd hebben, sturen we een brief naar u.De voorzitter:U had nog meer antwoorden op vragen van mevrouw Piri.Minister Faber:Ja. De volgende vraag was: kan de Minister bevestigen dat het intrekkenvan de Spreidingswet nog twee à drie jaar gaat duren? Binnenkort krijgt ueen planning voor de verschillende wetstrajecten. Die komen naar uwKamer voor het herfstreces. Ik ga me inzetten om het veel en veel snellerin te trekken. Dat moet wel gezamenlijk met de asielcrisiswet, want bij hetintrekken van de Spreidingswet moet je natuurlijk ook gelijk de maatre-gelen nemen om de instroom te beperken. Maar ga ik alles op alles zettenom ’m snel in te trekken. Dan heb ik het dus niet over twee à drie jaar. Datwordt veel en veel eerder.De voorzitter:Het lijkt me uitstekend dat u even wacht op de rest van de antwoorden,mevrouw Piri.Minister Faber:Dan heb ik de laatste vraag van mevrouw Piri. Dat is een reactie op demotie over het noodrecht in de Eerste Kamer. O, dat was gisteren. Dat wasdie motie die is aangenomen. Deze motie wordt uiteraard besprokenbinnen het kabinet. Daar kan ik natuurlijk nu nog niet op vooruitlopen,want we moeten dat eerst binnen de ministerraad bespreken. Het zou nietnetjes zijn als ik daar nu op vooruit ga lopen. Maar die wordt zekerbesproken.De voorzitter:Ik denk dat mevrouw Piri nog wel wat wil terugzeggen, of niet? Ik probeerhet, maar het hoeft niet.Mevrouw Piri (GroenLinks-PvdA):Dat wordt besproken: dat lijkt me ook. Het is niet niks, een Eerste Kamerdie gewoon in grote meerderheid zegt: doe het niet. Maar allereerst overdie Spreidingswet. Klopt het dat de Minister eerst in haar gesprek metlokale bestuurders heeft gezegd dat het intrekken van de Spreidingswetgeen onderdeel zou zijn van die asielcrisiswetgeving? Nee, ik ga ’manders formuleren, want ik zie dat ik de Minister anders verlies. Ik ben nietduidelijk genoeg. Klopt het dat zij tegen de lokale bestuurders wél heeftgezegd dat het twee tot drie jaar gaat duren? En klopt het dat ze daar duskennelijk in de afgelopen tien dagen een ander besluit over heeftgenomen?Minister Faber:Het klopt dat ik dat heb gezegd, maar dat was niet goed van mij. Dat waseen verkeerde voorstelling van zaken. Er staat ook in het regeerpro-gramma dat we dat zo snel mogelijk zouden doen. Dat was een fout vanmij. Ik was op dat moment niet scherp. Mijn excuus daarvoor; dat was nietde bedoeling. Maar ik ga ’m zo snel mogelijk intrekken, want hij staat ookals tweede stap in het hoofdlijnenakkoord. U weet dat de eerste stap hetpunt van de noodwet is. De tweede stap was de asielcrisiswet, waar hijonderdeel van is.De voorzitter:Helder antwoord. Mevrouw Piri voor de tweede ronde.Mevrouw Piri (GroenLinks-PvdA):Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 32 317, nr. 90531 Zeer helder antwoord, maar ook zeer verontrustend. Dit is dus precies deonzekerheid die gewoon constant gecreëerd wordt. Vier maanden langhebben de lokale bestuurders gesmeekt om een afspraak met de Minister.Een van die zaken is uiteraard de Spreidingswet, waar nu alle gemeentenvoor 1 november aan moeten voldoen. De Minister besluit na viermaanden met lokale bestuurders om de tafel te gaan zitten. Die willennatuurlijk weten wat er met die Spreidingswet gaat gebeuren. Dat wasvoor hen het belangrijkste punt. De Minister geeft nu toe dat ze kennelijkniet goed was voorbereid en daar de illusie heeft laten ontstaan dat hettwee tot drie jaar gaat duren. We zijn nu weer tien dagen verder en ze trekthet in. Dit is toch gewoon wanbestuur? Als dit niet wanbestuur is, wat ishet dan wel?De voorzitter:De Minister voor een korte reactie.Minister Faber:Ten eerste. Ik ben het niet eens met mevrouw Piri dat het wanbestuur is. Uzegt: na vier maanden. Volgens mij zit ik hier pas drie maanden. Dus ikweet het niet. Maar goed, dat terzijde. Ik geef u ridderlijk toe dat ik daareen fout in heb gemaakt. Dat kan gewoon gebeuren. Dat heeft helemaalniets te maken met onjuist bestuur of wat dan ook. Dat kan gebeuren. Ikheb ook gezegd dat dat niet goed was. Dat heb ik bij dezen gecorrigeerd.De voorzitter:Héél kort, heel kort, heel kort.Mevrouw Piri (GroenLinks-PvdA):Hoe kan het dat u deze fout heeft gemaakt? Was het advies vanuit deambtenaren: geef aan dat het twee tot drie jaar gaat duren? Hoe kon ditmisverstand ontstaan?De voorzitter:Dit was heel kort. Dit was heel kort. Een heel kort antwoord en dan gaanwe over na de tweede termijn.Minister Faber:Het eerlijke antwoord is vermoeidheid.Mevrouw Van Zanten (BBB):Ik mis een antwoord op mijn vraag. Ik had gedacht dat die misschien inhet blokje over het terugkeerbeleid of in het blokje overig zou komen,maar ik heb ’m in beide niet gehoord. Ik heb namelijk aan de Ministergevraagd of zij bereid is om bij artikel 11, lid 2 van de Terugkeerrichtlijn tepleiten voor een inreisverbod met een minimale duur wanneer eenonderdaan van een derde land een ernstige bedreiging vormt voor deopenbare orde, de openbare veiligheid of de nationale veiligheid.Minister Faber:Excuus dat die vraag erdoor is geglipt. Dat is uiteraard geen opzet. Watbetreft het inreisverbod met een minimale termijn: wij zetten uiteraard inop aanscherping van de Terugkeerrichtlijn. We kennen nu al een inreis-verbod van tien of twintig jaar. We kunnen deze technische voorstellenpas later beoordelen. Ik neem dit zeker mee, want ik vind het zekerinteressant. We zullen dit dus nader bekijken.De voorzitter:Mevrouw Van Zanten in tweede instantie.Mevrouw Van Zanten (BBB):Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 32 317, nr. 90532 Wanneer mag ik dan een reactie verwachten van de Minister?Minister Faber:Laten we afspreken dat we u daarover informeren zodra we daar eenstandpunt over hebben ingenomen. Eerder kan natuurlijk ook niet. Nee.De voorzitter:Ik doe even een hele korte veegronde om de tweede termijn niet tebelasten met alle vragen die zijn blijven liggen. Ik begin even bij de heerBontenbal, die zijn vinger opstak. Heel kort en puntig, graag.De heer Bontenbal (CDA):Ik ben in mijn laatste stuk begonnen over de uitspraak van de Minister nade ministerraad dat zij het beleid zou zijn. Ik heb daar geen reflectie opgehoord. Ik vind het nogal een vergaande uitspraak. U bent dienaar vande Kroon en u zou zich ook zo moeten gedragen. Ik ben dus wel benieuwdhoe u zelf terugkijkt op die uitspraak en wat u er precies mee heeftbedoeld.De voorzitter:We doen even heel snel een ronde. Gaat uw gang, Minister.Minister Faber:Ik zal ’m heel kort beantwoorden. Ik bedoelde daarmee dat ik beleids-vrijheid heb. Dat had ik beter uit kunnen drukken, maar ik bedoeldedaarmee dat ik beleidsvrijheid heb om bepaalde zaken uit te voeren.De voorzitter:Ik kijk naar de heer Eerdmans.De heer Eerdmans (JA21):Daar had ik eigenlijk ook wel een vraag over. Betekent dat dat die bordjesmet «hier werken wij aan uw terugkeer» er komen bij de azc’s? Begrijp ikdat goed? Daar had ik zelf namelijk een variant op bedacht: bordjes inMarokko. Daar wil ik dan ook graag een reactie op horen. Daar had ik noggeen antwoord op gehad. Maar ik ben ook erg benieuwd naar hetantwoord op deze vraag. Het beleid staat dus vast; er komen bordjes bijde azc’s, bij Ter Apel, met «hier werken wij aan uw terugkeer»? Is datwerkelijk waar?De voorzitter:We zijn niet aan de anderhalfde ronde bezig, maar aan een veegrondjevan vragen die zijn blijven liggen. Kunt u hier een kort antwoord opgeven, Minister?Minister Faber:Jazeker. De plannen zijn om die borden te plaatsen. Dat klopt. Wat betreftMarokko: we hebben een goede relatie opgebouwd. We werken zeer goedsamen met Marokko aan het terugkeerbeleid. Dat wil ik graag zo laten.De voorzitter:Dat is een helder antwoord. Wie nog in de veegronde? Zijn er nog vragendie zijn blijven liggen? Mevrouw Piri, heel kort.Mevrouw Piri (GroenLinks-PvdA):Ik had nog een vraag over het Trouw-onderzoek en over de EU-brededaling van 39%. Welke effecten zijn daarvan zichtbaar in Nederland?De voorzitter:Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 32 317, nr. 90533 Zullen we die in de tweede termijn doen? Dat is beter, denk ik. Die doenwe even in de tweede termijn van de Minister. Is er niks meer blijvenliggen? Dan gaan we nu naar de tweede termijn van de Kamer. Dan beginik bij de heer Eerdmans. U heeft maar liefst anderhalve minuut.De heer Eerdmans (JA21):Voorzitter. Ik wilde vanmiddag gaan stemmen over drie voorstellen vanJA21. Dat betekent dat ik een tweeminutendebat aanvraag voor vandaag.Ik wil de Minister veel succes wensen in de Raad. Vrijdagavond ofmaandagochtend hoor ik dus even hoe de collega-Ministers hebbengereageerd op het verzoek om een opt-out van Nederland. Daar ben ikecht benieuwd naar.Dan nog iets over de hotels. Dan kom je dus bij Van der Valk, als je daareen hotelkamer hebt geboekt, en dan staat daar bij wijze van spreken eenbordje met «hier werken wij aan asielopvang». Dan denk ik: kan dat echtniet anders? Het gaat mij niet alleen om de euro’s; het gaat om het ideedat we zo ver gezonken zijn. Ik denk dat we ons daarvoor moetenschamen.Voorzitter, tot slot. Ik had gevraagd om een paar maatregelen die vandaaggenomen kunnen worden. Ik had een interruptiedebat met de heerBontenbal over gezinshereniging voor alleenstaande minderjarigen. Dievijf maatregelen kunnen gewoon binnen de verdragen genomen worden,vandaag. Wat doet de Minister? Waar wachten we nog op? Dat is mijnvraag.Voorzitter. Ik zie de Minister vanmiddag misschien bij de stemmingen, enanders wens ik haar succes.De voorzitter:Vanmiddag komt er dus een tweeminutendebat. Dat was al vooraange-kondigd, en is nu aangevraagd. Ik ga naar mevrouw Rajkowski.Mevrouw Rajkowski (VVD):Dank, voorzitter. Ik heb de toezegging gekregen dat er snel een rapportagenaar de Kamer komt, dat de FlixBussen worden meegenomen, dat we ookkijken naar slimmere grenscontrole, dat Nederland zich committeert aanhet snel uitvoeren van het Migratiepact en dat we daar ook een brief overkrijgen. Wat dat betreft ben ik tevreden. Dank.De voorzitter:Er is een interruptie van mevrouw Podt. Kort graag, in tweede termijn.Mevrouw Podt (D66):We hebben de Minister om een reactie gevraagd op het feit dat de opt-outvoor asiel en migratie ook zou betekenen dat we Schengen zoudenverlaten. De Minister gaf als reactie daarop dat dat een mogelijkheid zoukunnen zijn. Ik ben benieuwd of de VVD dat ook een mogelijkheid vindt.Mevrouw Rajkowski (VVD):Dat was voor mij eerlijk gezegd ook nieuws. Ik heb net even een snellegoogelronde gedaan, dus u moet mij alle details dan maar even besparen.Zo’n opt-out op asiel en migratie zou ook een opt-out op Schengenkunnen betekenen. Daar is de VVD wat minder voor. Maar ik hebbegrepen dat daar constructies voor zijn, dat je daar weer een opt-in voorkunt regelen. Dat zijn volgens mij allemaal juridische mogelijkheden. DeVVD wacht dus even af waar de Minister precies mee komt. Maar de VVDwil graag binnen het Schengengebied blijven, zeker.De voorzitter:Mevrouw Podt nog even. Heel kort, want het is de tweede termijn.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 32 317, nr. 90534 Mevrouw Podt (D66):Ja, maar ik vind dit wel belangrijk, want Schengen is nogal een belangrijkonderdeel van ons hele Europese bestaan. De Minister houdt diemogelijkheid open. Dan wil ik ook echt even heel duidelijk van mevrouwRajkowski horen dat de VVD die mogelijkheid dus níét openhoudt.Mevrouw Rajkowski (VVD):Vooralsnog wil de VVD graag binnen het Schengengebied blijven. Op datpunt kan ik mevrouw Podt geruststellen.De voorzitter:Goed zo. De heer Ceder heeft ons nu ook bezocht. Als wij het toestaan,mag hij nog deelnemen aan deze ronde voor anderhalve minuut. Ik weeteigenlijk niet of hij dat wil. Maar ik geloof dat we het allemaal fijn vindendat hij er is, dus als hij in die anderhalve minuut wat wil zeggen, dan magdat. Het moet wel over dit debat gaan, maar dat had u begrepen. De heerBoomsma.De heer Boomsma (NSC):Dank, voorzitter. Ook dank aan de Minister voor de beantwoording tenaanzien van het terugkeerbeleid. Ik ben blij met de toezegging om hetgesprek aan te knopen met Oezbekistan om uitgeprocedeerde Afghanenterug te kunnen sturen, en ook met andere landen, om mensen uit tekunnen zetten naar andere landen dan het land van herkomst.Dan iets over migratiepartnerschappen. De Minister zei dat er eentaskforce internationale migratie komt. Welke bewindspersonen wordendaarbij betrokken? Als je gesprekken gaat aanknopen met al die derdelanden, denk ik dat het heel belangrijk is dat je dat op een hele slimme enzorgvuldige manier doet en aandacht besteedt aan doelstellingen. Hetmoet in wederzijds belang zijn, maar je moet ook kijken hoe we ervoorzorgen dat mensenrechten goed worden nageleefd. Ik ben ook welbenieuwd hoe de Minister ons op de hoogte gaat houden van dat traject.Ik had ook nog gesuggereerd om te kijken of het mogelijk is om bepaaldeaspecten van het Migratiepact te versnellen, met name bijvoorbeeld hetversterken van de Europese buitengrenzen en de screeningsprocedures,wat zo belangrijk is. Het gaat ook om de manier waarop je omgaat metmensen met een lage kans op asiel. Als er in Europa draagvlak voor is omdat te versnellen, dan zou dat natuurlijk heel interessant zijn, want andersmoeten we nog twee jaar wachten.Tot slot die borden. Daar zou ik inderdaad maar gewoon van afzien.De voorzitter:Dank u wel. De heer Van Dijk.De heer Diederik van Dijk (SGP):Dank u, voorzitter. Dank aan de Minister voor de beantwoording.Allereerst steun vanuit de SGP voor de inzet van de Minister op Europeesniveau om de asielstroom in te dammen. De Minister heeft haar tandengezet in een weerbarstig dossier, dat eerdere kabinetten te lang voor zichuit hebben geschoven. Daarvoor verdient de Minister lof. Juist in dat lichtzeg ik wat betreft het noodrecht tegen de Minister: wed niet op één paard,maar werk parallel aan spoedwetgeving. Maar dit terzijde.De Minister heeft het nodige gezegd over de SGP-moties. Bij een daarvanwou ik nog even de vinger leggen, namelijk de motie om bevolkings-dichtheid mee te wegen bij de verdeling van asielzoekers. De Minister zeidat er nu geen voorstellen lopen waarbij dit aan de orde is. Ik hebbegrepen dat de verdeelsleutel tot 30.000 asielzoekers al vastligt, maar datde bevolkingsdichtheid daarboven wel zou kunnen worden meegenomen.Daar ligt de verdeelsleutel nog niet vast. Wil de Minister dit belangrijkepunt daar dan ook expliciet inbrengen?Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 32 317, nr. 90535 Dank u wel.De voorzitter:Dank u wel, meneer Van Dijk. Mevrouw Podt.Mevrouw Podt (D66):Voorzitter. Het is toch een beetje teleurstellend. Wat we tot nu toe van deMinister zien en horen, is toch vooral heel veel soundbites, heel veelsymbolen, veel verwarring bij de medeoverheden en nogal wat wonder-lijke uitspraken. Wat er nou echt gebeurt en waar mensen echt wat aanhebben, is mij allemaal nog een beetje duister, maar wie weet komt datallemaal nog. Misschien kan ik even een voorbeeldje daarvan geven. DeMinister gaf een voorbeeld vanuit de praktijk van haar werkbezoek,namelijk dat de FlixBus ineens stopte toen men de grensbewaking zag. Ikvroeg me af wat de Minister daar nou mee suggereerde. Het leek eenbeetje alsof ze niet suggereerde dat de motor was uitgevallen, maar datFlixBus zich schuldig maakt aan mensensmokkel – welbewust, als ze zelfstoppen. Ik ben even benieuwd of ze dat kan ophelderen.Ook in het kader van ophelderen: over de opt-out worden veel dingengezegd, zoals «het is een signaal» en «we gaan het doen bij een verdrags-wijziging, die ooit nog een keertje komt». Zelf vond ik de uitspraak dat eenopt-out op Schengen een mogelijkheid zou kunnen zijn de meestwonderlijke. Ik wil de Minister graag nog even de gelegenheid geven omdaarop te reflecteren.Dank u wel.De voorzitter:Dank u wel, mevrouw Podt. We gaan over naar de heer Bontenbal.De heer Bontenbal (CDA):Dank, voorzitter. Ik denk dat het belangrijk is om ook hier steeds te blijvenzeggen dat er een hele belangrijke taak voor de Minister ligt om deasielketen in Nederland op orde te krijgen. We lezen vandaag weer dat dekosten van hotels en allerlei andere noodopvang de pan uit rijzen. Datkomt ook doordat we de reguliere opvang niet goed geregeld hebben.Dus ja, de instroom moet omlaag, maar we moeten ook gewoon dereguliere opvang op orde brengen.Borden plaatsen bij asielzoekerscentra is volgens mij beleid voor debühne, symboolpolitiek. Ik heb liever dat de Minister zich bezighoudt metzaken die echt belangrijk zijn, bijvoorbeeld met het tegengaan van hetstapelen van procedures, het versnellen van de terugkeer van mensen diehier niet mogen blijven en het aanpassen van gezinshereniging.De route via Europa – u gaat naar de Europese Raad – is ontzettendbelangrijk. Ik ben blij dat u ons verzoek om iets te doen aan de terugkeer-verordening in uw brief heeft meegenomen, dat u daarvoor gaat pleiten.Dat vind ik goed.Tot slot, voorzitter. Ik maak mij grote zorgen over de positie van Nederlandin de Europese Unie. Als wij zo te werk gaan door in elk gesprek tebeginnen over een opt-out, krijgen wij volgens mij nog heel weinig voorelkaar. Laten we Europa alsjeblieft serieus nemen. Laten we vooral depositie van Nederland in Europa serieus nemen. Ik zou het echt heel ergvinden als Nederland het lachertje van Europa wordt.Dank u wel, voorzitter.De voorzitter:U bedankt. We gaan naar mevrouw Piri.Mevrouw Piri (GroenLinks-PvdA):Voorzitter. Het is voor niemand een verrassing dat de Minister en ikideologisch mijlenver van elkaar af staan, maar dit is gewoon wanbestuur.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 32 317, nr. 90536 Het is echt wanbestuur. Laat ik beginnen met de noodwet, het noodrecht.Wanneer gaan we het besluit nemen of deze ramkoers wordt voortgezet?In de media zie ik dat de dragende motivering op het ministerie al tweeweken af schijnt te zijn. Klopt dat? Kan de Minister dat bevestigen?Dan over de Spreidingswet. Het is ongekend en echt onverantwoord omzo veel ruis te laten ontstaan bij alle gemeenten in Nederland, die nutegen een deadline van 1 november aanwerken. De Minister zegt: «Ik hebiets gezegd wat ik niet had moeten zeggen. Ik was te moe. Het klopt nietwat ik heb gezegd.» Deze afspraak met de lokale bestuurders was op27 september. We zitten vandaag op 9 oktober. Als het echt zo is dat deMinister kennelijk verkeerd geïnterpreteerd was, waarom wacht zij dantwee weken om dat te corrigeren tijdens een Kamerdebat?Tot slot, voorzitter, over de opt-out. De Minister zei: ik heb het naar mijnevenknie gestuurd, die bij de Europese Commissie zit. Maar haarevenknieën zijn toch juist haar Europese collega’s in de Europese Raad?We begrijpen uit de stukken dat de brief al een week eerder af was. Mijnvraag is dus alsnog, en dat is een herhaling: als de planning was om debrief na de APB te versturen en de brief al een week eerder klaar was,waarom moest dit dan als vuurpijl voor de start van de APB even onlineworden gezet?De voorzitter:Dank u wel, mevrouw Piri. We gaan naar mevrouw Van Zanten.Mevrouw Van Zanten (BBB):Dank u wel, voorzitter. Dank aan de Minister voor de beantwoording vande vragen. Ik ben blij om te horen dat ze met Duitsland en België ingesprek gaat over verscherpt grenstoezicht en over hoe wij dat hier zosnel mogelijk gaan implementeren. Ik heb begrepen dat in ieder gevalvoor het kerstreces duidelijk is hoe dat gaat gebeuren.Het is ook goed om te horen dat de Minister bereid is om bij de JBZ-Raadte pleiten voor een inreisverbod met minimale duur. Ik hoor graag, zodradaar door het kabinet een standpunt over is ingenomen, wat daaruit komt.Tot slot de opt-out. Ik vind «asiel» wel een beetje vaag en algemeen. Het isweinig concreet, een opt-out op asiel. Hoe zit dat dan precies? Ik zou tochiets concreter willen weten hoe dat zit.Dank.De voorzitter:Dank u wel, mevrouw Van Zanten. Ik geef het woord aan de heer Cedervan de ChristenUnie, als hij dat wenst.De heer Ceder (ChristenUnie):Voorzitter, ik zal het kort houden, want ik heb de eerste termijn gemist. Deopt-out is volgens mij onverenigbaar met het Migratiepact, omdat datveronderstelt dat je je met verschillende landen samen aan de afsprakenhoudt. Ik weet dat de Minister zegt dat de opt-out intreedt bij eenvolgende verdragswijziging. Maar dit continu benoemen geeft al iets aanover de positie van Nederland. Dat maakt het Migratiepact, dat nog vanstart moet gaan, kwetsbaar. Mijn vraag is of de Minister kan bevestigendat haar toewijding aan het Migratiepact staat. Hoe gaat zij het blijvenuitdragen in Europees verband, juist om te voorkomen dat het Migra-tiepact een stille dood sterft? Een van de kartrekkers, waar ik Nederlandtoe reken, laat eigenlijk al doorschemeren dat die zich bij de eerstvol-gende mogelijkheid die ontstaat, onttrekt aan het Migratiepact. Ik denk datdat een asieloplossing en een rechtvaardig migratiebeleid in de weg staat.Ik ben benieuwd of de Minister daarop wil reflecteren.Dank u wel, voorzitter.De voorzitter:Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 32 317, nr. 90537 De Minister geeft aan dat zij vijf minuten nodig heeft om zich voor tebereiden op haar antwoorden, dus we gaan om 14.35 uur verder.De vergadering wordt enkele ogenblikken geschorst.De voorzitter:Ik geef het woord aan de Minister voor haar tweede termijn.Minister Faber:Dank u wel, voorzitter. Ik begin gelijk weer met meneer Eerdmans. Hijwilde graag een schrijven betreffende de opt-out. Dat wilde hij eerst opvrijdag. Later werd dat maandag. Maar we willen graag een regulierverslag uitbrengen. We kunnen op 21 oktober het hele verslag aanleveren.Het is niet zo dat we u niet willen informeren, maar we willen het in éénkeer goed doen. Ik hoop dat u zich daarin kunt vinden. Ik weet nietwaarom u de voorkeur heeft om het op maandag te krijgen. Als u ons eenextra week wil geven, dan kunnen we het hele verslag in één keer goed enzorgvuldig aanleveren.De voorzitter:Ik kijk even naar de heer Eerdmans.De heer Eerdmans (JA21):De Minister mag ook een appje sturen over hoe er is gereageerd, hoor. Ikben gewoon benieuwd hoe de sfeer in de Raad is rond het voorstel. Maargoed, ik vind het prima om het een week later te ontvangen. Maar dan wilik er wel graag een onderbouwing bij over op basis waarvan wij alsNederland die opt-out denken binnen te slepen. Die mis ik namelijk ooknog totaal.De voorzitter:Laten we het zo afspreken. De Minister levert op maandag 21 oktober dezebrief aan en zal daarin uitgebreid ingaan op de opt-out. Dat lijkt mij eennette afspraak. De Minister vervolgt.Minister Faber:Dat wordt dan een verslag van het hele gebeuren.De voorzitter:We zien vanzelf wat u er verder allemaal bij schrijft.Minister Faber:Oké, goed. Dan had meneer Eerdmans het ook over allerlei maatregelen.In de eerste week dat ik er zat, is er al gelijk een maatregel getroffenbetreffende het kerngezin. Die is ook gepubliceerd in de Staatscourant.Goed. Dan kom ik bij mevrouw Rajkowski. Zij had het over de opt-out inrelatie tot Schengen. Ik zei dat dat een mogelijkheid is. Daarmee bedoel ikdat het technisch gezien een mogelijkheid is. Maar ik kijk dan meer naarhet Deense model. Dat land heeft een opt-out op migratie, maar eenopt-in op Schengen. Wij willen uiteraard de economie niet schaden. Wijbegrijpen het belang van het bedrijfsleven ook. Laten we eerlijk zijn:zonder bedrijfsleven staat alles stil. Daarin vinden we elkaar dus.Dan kom ik bij meneer Boomsma. Die had het over de taskforce interna-tionale migratie. Zijn vraag was wie daar dan in zaten en welke Ministersdaar betrokken bij zijn. Die taskforce valt onder de Raad Asiel en Migratie.Daar zijn de Ministers van Buitenlandse Zaken en SZW, de Minister voorBuitenlandse Handel en Ontwikkelingshulp, de Minister-President en ikzelfbij betrokken.Dan had de heer Boomsma nog vragen over het versnellen van delen vanhet Migratiepact. In het pact zitten natuurlijk ook zaken die voor een deelTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 32 317, nr. 90538 overlappen met het regeerprogramma. Als we daar eerder dingen uitkunnen halen en kunnen versnellen, dan zullen we dat zeker niet nalaten.We willen natuurlijk ook graag snel meters maken.Meneer Van Dijk had een vraag betreffende de bevolkingsdichtheid. Dievraag ging ook over het pact. Hij vroeg of de bevolkingsdichtheid invloedkan hebben op de verdeelsleutel. Ik moet hem helaas teleurstellen. Hetminimumaantal van 30.000 dat nu is vastgesteld, is onafhankelijk van dedichtheid van de bevolking. Uiteraard zal ik die bevolkingsdichtheid weltelkens noemen als er maatregelen genomen moeten worden. Ik vind hetnamelijk ook een factor.De heer Diederik van Dijk (SGP):Heel kort. Het gaat mij eigenlijk vooral om de aantallen boven de 30.000.Maar ik kom daar straks plenair wel even op terug. Bedankt.De voorzitter:Het woord is aan de Minister.Minister Faber:Dank u wel. Mevrouw Podt had het over de FlixBus. Vertrok die niet? Zagdie iets? Nee, het was opvallend. Wij hadden daar een grenscontrole.Deze bussen rijden volgens een bepaald rooster. Die bus is uiteindelijkniet vertrokken. Ik heb gezegd dat dat opvallend is. Ik heb het busbedrijfniet beschuldigd van mensensmokkel. Ik heb alleen genoemd dat de busniet vertrokken is. Dat is natuurlijk opvallend.Mevrouw Podt (D66):Maar dit kan niet. Dit kan niet. Wat wil de Minister daarmee zeggen?Waarom is dat dan opvallend? Volgens mij zijn er twee smaken. Of jevindt dat die bus zich begeeft op schimmig terrein en je beschuldigt hetbusbedrijf van mensensmokkel, of je zegt: er was niks aan de hand; hetwas gewoon een geinig verhaaltje en het sloeg verder eigenlijk nergensop. Maar er zit niet heel veel tussen.Minister Faber:Ten eerste vind ik het helemaal geen geinig verhaaltje, want het is eenheel serieus onderwerp. Ik heb alleen gezegd dat deze bus niet volgens dedienstregeling vertrok op het moment dat bekend werd dat daar eengrenscontrole was. Dat heb ik gezegd.De heer Bontenbal (CDA):Je kan geen beleid maken op basis van anekdotes, verhaaltjes en wat u bijde grens allemaal meemaakt. Op n=1 kunt u geen beleid maken. U noemthier gewoon een bedrijf. Als u harde cijfers heeft over dat bedrijf, moet udat zeggen. Anders kunt u niks hardmaken. Ik vind het heel raar om tezeggen: ik zag ergens een bus niet volgens de dienstregeling rijden.Volgens mij is dat niet het niveau waarop Nederland, de NederlandseStaat, de Nederlandse overheid, asielbeleid moet maken. Ik verwacht hiereen hoger niveau.De voorzitter:We zitten in de tweede termijn, dus we sluiten even af met een kortantwoord van de Minister op dit terrein.Minister Faber:De FlixBus heeft zeker onze aandacht bij de grenscontroles.De voorzitter:De heer Bontenbal. De laatste keer.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 32 317, nr. 90539 De heer Bontenbal (CDA):Dat vind ik prima. Dat mag ook. Ik zeg niet dat ik daartegen ben, maar danmoet u dat wel met iets onderbouwen. U kunt geen beleid baseren op hetfeit dat u ergens een verhaal hoort, zelf aan de grens staat of ergens ietsziet. Als u dus echt de onderbouwing heeft dat dit vaker gebeurt, vindt umij aan uw kant. Maar u kunt geen beleid maken door gewoon de nattevinger in de wind te houden. Ik verwacht dus een robuuster verhaal dan:ik zag ergens een bus van een dienstregeling vallen.De voorzitter:Het is nu 14.45 uur. U moet dus in een korte tijd een robuust verhaalvertellen.Minister Faber:Deze bussen zijn ook onderdeel van een risicoanalyse. Misschien is datduidelijker. Ja, het moest kort van de voorzitter.Dan kom ik weer bij meneer Bontenbal, die opmerkte dat de kosten van dehotels de pan uit rijzen en dat de reguliere opvang goedkoper is. Ik benhet met u eens dat de kosten van die hotels de pan uit rijzen. Ik wil daarook het liefste vanaf. Er wordt nu zeker aan gewerkt om deze kosten bijdie hotels sterk naar beneden te brengen. Daar zijn al gesprekken overgaande. Daar laat ik het bij.De heer Bontenbal (CDA):Bent u het wel met mij eens dat het vergroten van de reguliere opvangook een onderdeel van het pakket moet zijn, omdat die kosten veel lagerzijn? Een deel van het probleem is dat die reguliere opvang is wegge-vallen omdat erop bezuinigd is. Daarom moeten ze nu naar hotels.Daarom rijzen de kosten de pan uit. Dus naast het verkleinen van deinstroom, zul je de reguliere opvang moeten vergroten om daarmee deketen beter te laten functioneren. Is de Minister het met mij eens op datpunt?De voorzitter:De vragen kunnen korter. Dit was een hele analyse. Ik wil dus één helderevraag.Minister Faber:Betreffende de reguliere opvang zit het als volgt. Wij willen natuurlijk deinstroom beperken. Als het kan, willen wij zo min mogelijk opvang-plekken. Ik heb al eerder gezegd: als het doorgaat zoals het nu is, danzitten er aan het eind van het jaar 28.000 statushouders in de opvang vanhet COA. Dat is gigantisch. Op het moment dat deze mensen naar degemeenten worden overgeplaatst, heb ik ook geen probleem meer met deopvang. Dat is ook een punt. Daar gaan we wel heel makkelijk aan voorbij.Het is namelijk zo dat het natuurlijk wel de verantwoordelijkheid is van degemeenten. In feite zit ik hier met een probleem dat eigenlijk hoort bij degemeenten. Dat zit eigenlijk helemaal niet bij het Ministerie van Asiel.Maar ik snap ook dat die gemeentes met de broek tussen de ketting zitten,dus wil ik ze tegemoetkomen. Daarom houd ik ze dus nog even binnen hetazc. Maar het eerlijke verhaal is dat een derde van de mensen die aan heteind van het jaar in een azc zit, niet daar hoort te zitten, maar in degemeenten. Laten we dat dan ook onder de aandacht brengen. Dan vind ikdus ook dat de gemeenten ... Ze doen hun best. Ik wil ze er niet vanbetichten dat ze hun best niet doen, want ze hebben het ook moeilijk; zehebben het ook lastig. Maar dat mag ook gezegd worden.De voorzitter:Afrondend, meneer Bontenbal. Echt afrondend.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 32 317, nr. 90540 De heer Bontenbal (CDA):Ik geef u grotendeels gelijk, maar dan moet u ook het hele eerlijke verhaalvertellen, namelijk dat u tegelijkertijd de Spreidingswet intrekt en ook diemaatregel omtrent voorrang voor statushouders uit het pakket vaninstrumenten haalt die de gemeente heeft. U maakt het dus op tweemanieren lastiger voor de gemeenten om deze huisvesting te bieden,naast het feit dat er natuurlijk gewoon te weinig geïnvesteerd is in diehuisvesting. Vroeger hadden we die wel op orde. Het is afgeschaald.Daardoor hebben we die plekken niet. Ik denk dat u het hele eerlijkeverhaal moet vertellen en dat we de Spreidingswet dus op die manier ookniet moeten intrekken. Ook die andere maatregel is dus heel ingewikkeldin het licht van het betoog dat u net houdt.De voorzitter:Ik was zo keurig binnen de tijd aan het blijven, maar nu gaan we naar eenheel nieuw debat. U gaat dus nu echt heel kort iets zeggen, want anders ...Ik had alweer spijt dat ik de heer Bontenbal nog weer een beurt hadgegeven. Dus nu echt heel kort.Minister Faber:Nogmaals, alles zit natuurlijk bij de instroom. Op het moment dat dieinstroom naar beneden gaat, hebben we ook minder opvang nodig. Dat ispunt één. Punt twee is: er zitten mensen in de azc’s, de COA-opvang – zonoem ik het maar even – die daar niet horen te zitten. Ik heb al eerdergezegd dat ik het ook snap dat de gemeentes ook met een probleemzitten. Dat begrijp ik ook. We willen de voorrang bij het toewijzen vansociale huurwoningen alleen op basis van het zijn van een statushoudereraf halen. Daar willen we ook vanaf. Wij vinden het niet te verkopen aanmensen die al zeven of tien jaar op een wachtlijst staan dat zij nog verdernaar achteren worden gedrukt op een wachtlijst. We hebben daar ook eenoplossing voor. Het is niet zo dat wij zomaar alles over de schuttinggooien. We hebben het over doorstroomlocaties. We zijn in gesprek omdoorstroomlocaties te maken bij gemeenten. We hebben ook aangebodenom daarbij te helpen. Daar zijn we ook al mee bezig. Ook willen we vooreen deel nog kijken hoe we dat op een nette manier kunnen overdragen.Het is dus niet zo dat we daar helemaal niets aan doen, maar dan zullende gemeentes ook over de brug moeten komen. Ik zeg ook niet dat ze datniet willen, want ze hebben ook behoorlijk wat op hun bord liggen, maaral die gesprekken zijn gaande, en dan kunnen we ook die hotels gaanafbouwen.De heer Ceder (ChristenUnie):Ik vond eigenlijk dat mevrouw Faber een prachtige analyse gaf. Zeanalyseerde wat heel veel partijen de afgelopen jaren al zeggen: als de28.000 statushouders gewoon een plek hebben, dan is er geen opvang-crisis. Dan ligt het niet ...De voorzitter:Uw vraag, meneer Ceder.De heer Ceder (ChristenUnie):Mijn vraag is: wat de doorstroomlocaties betreft heeft deze Kamer zichmeerdere malen erover uitgesproken dat kleinschalige opvang de wegvoorwaarts moet zijn. Daarmee help je ook gemeenten en zorg je ervoordat het integratieproces op orde komt. Als u het over doorstroomlocatieshebt, dan hebt u het niet over alle gemeenten maar over een paargemeenten, dus dat zijn hele grote locaties. Dat staat haaks op wat wij alsKamer in meerderheid, ook de rechtse partijen, hebben afgesproken. Dusals u in gesprek bent over de doorstroomlocaties – u wilt het geen«Spreidingswet» noemen, maar het betreft wel een spreiding overTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 32 317, nr. 90541 gemeenten waarbij mensen kunnen doorstromen; daarin vinden wemekaar – hoe gaat u er dan voor zorgen dat het om kleinschalige opvanggaat? Kunt u toezeggen dat het bij die doorstroomlocaties om klein-schalige opvang gaat, conform de wens van de Kamer?De voorzitter:De Minister voor een korte reactie. We gaan nu echt geen nieuwe eerstetermijn voeren. Dus de Minister geeft een korte reactie. Ik sta geen reactiedaarop meer toe, want daarna gaan we door met haar tweede termijn.Anders lopen we ruim uit de tijd. De Minister.Minister Faber:Volgens mij lopen hier twee zaken door elkaar. Bij de doorstroomlocatiesbetreft het statushouders, niet asielzoekers. De Spreidingswet betreftasielzoekers; dat gaat over het opvangen van asielzoekers. Dus dat zijntwee verschillende zaken.De voorzitter:We gaan echt verder nu, want we gaan niet opnieuw het debat voeren. DeMinister vervolgt haar betoog.Minister Faber:Dan kom ik bij mevrouw Piri. Ik vond het interessant wat mevrouw Piri zei.Misschien kan ze het wat nader duiden. Ze zei: ik krijg informatie van hetministerie ... Ik hoor mevrouw Piri nu zeggen: dat heb ik niet gezegd. Ja,zo heb ik het opgeschreven.De voorzitter:Nee, zo doen we het niet. U stelt geen vragen aan de Kamer. Dat zei ik aleen keer eerder. Doe dat nou niet. Het is 14.50 uur. Geeft u nou gewoonantwoord op haar vraag of opmerking. Reageert u daarop, want u lokt nuuit. Mevrouw Piri ging net buiten de microfoon antwoorden en dankunnen de mensen op de tribune en elders het niet meer volgen. Dan ishet helemaal niet leuk meer.Minister Faber:Goed. Ik ga antwoorden. Dan doe ik het anders. Dan zeg ik: naar eigenzeggen kreeg mevrouw Piri informatie vanuit het ministerie – dat heb ikopgevangen – dat de motivering betreffende de noodwet nog niet af zouzijn. Die motivering is nog in constructie; daar ben ik nog mee aan de slag.Dan was er de vraag over de brief over de opt-out, die naar de EuropeseCommissie is gegaan. Dat is ook in de stukken te lezen, die openbaar zijngemaakt. Daarin staat dat de Europese Commissie mijn evenknie is. DeEuropese Raad is niet mijn evenknie, want dat is de Raad van deMinister-President. Dus op het moment dat de Minister-President de briefhad ondertekend, zou hij naar de Europese Raad zijn gegaan, en als ik ’monderteken, gaat die naar de Europese Commissie. Dat is ook zobesproken. Wat betreft het tijdstip van de verzending met de AlgemenePolitieke Beschouwingen: dat is ook daar besproken en terug te lezen.Goed. Dan kom ik bij mevrouw Van Zanten.De voorzitter:Mevrouw Piri, heel kort.Mevrouw Piri (GroenLinks-PvdA):Heel kort. Drie van mijn vragen zijn niet beantwoord. De eerste twee zijnnog uit het eerdere rondje dat de voorzitter heeft toegelaten: Trouw, 39%daling. En wat de Spreidingswet betreft: waarom heeft het van27 september tot 9 oktober moeten duren?Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 32 317, nr. 90542 Voorzitter, heel even een correctie: de Minister heeft mijn woorden echt uitde context gerukt. We kunnen allemaal op Twitter zien dat net eenjournalist, van de media, dus niet lekkende ambtenaren die naar Kamer-leden lekken, heeft gezegd dat zijn informatie is dat de dragendemotivering al twee weken lang af is op het ministerie. Maar als deMinister zegt dat dat helemaal niet klopt, hebben we ook een antwoord.En graag nog een antwoord op die ander vragen.De voorzitter:We doen het net als de vorige ronde. Nu geeft de Minister antwoord ensta ik geen verdere interrupties op dit punt meer toe. Anders halen we hetniet.Minister Faber:Nou, de motivering is nog niet af, dus dat lijkt me duidelijk.Dan de terugkeer. Er is sprake van een daling van 39% in Europa. We zienook een daling in Nederland. Alleen, die is niet van die omvang, niet 39%.Blijkbaar zijn we dus nog steeds heel aantrekkelijk om naartoe te komen.Betreffende het Trouw-onderzoek. Daar wordt geschreven over een dalingvan 0,3%. Ik heb deze cijfers niet gezien. Het gaat dan ook om eentotaalpakket en een structurele maatregel. Dus ik weet niet hoe hetonderzoek van Trouw is onderbouwd.Ik ben hem even kwijt. Deze is beantwoord. Ik denk dat ik wat hulp nodigheb van mevrouw Piri, want ik weet niet meer wat de andere vraag was.Dit was ’m toch? Ik heb hier Trouw gehad en ik heb de terugkeer vanEuropa en de motivering gehad.De voorzitter:Mevrouw Piri gaat het helder maken. Dat gaat zij heel kort doen, in tienseconden.Mevrouw Piri (GroenLinks-PvdA):Ja, de Spreidingswet en graag in een brief een reactie op het artikel inTrouw. Want dit is wel essentieel, namelijk de impact van de maatregelendie het kabinet wil nemen.Minister Faber:Op het moment dat de maatregelen geïmplementeerd worden, hebbenwe ook een impact daarvan. Ik kan een brief sturen, maar daar staat dannog heel weinig in. Ja, ik bedoel: ik wil met alle plezier een brief sturen,maar dat moet wel zinvol zijn, lijkt mij.Mevrouw Piri (GroenLinks-PvdA):Ja, sorry, voorzitter. Toch even. We hebben het nu al drie maanden overmisschien wel het meest besproken onderwerp: een noodwet. Dan neemik aan dat het ministerie kijkt wat voor effecten dat heeft. Journalisten vaneen krant hebben ernaar gekeken. Die zeggen: volgens ons heeft dat diteffect. Ik wil graag horen wat de analyse is van de Minister in de zin van:nee, volgens ons klopt dat niet of klopt dat wel. Het gaat om de impactvan haar beleid, niet alleen om symbolen maar ook om wat zij ermeebereikt. Daar wil ik graag een brief over.Minister Faber:Nogmaals, ik zei dat het getal van 0,3% mij niet bekend was. Ik kan uduidelijk antwoord geven op het moment dat de maatregelen geïmple-menteerd worden, want dan weet ik precies waar we het over hebben.De voorzitter:Mevrouw de Minister vervolgt haar betoog.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 32 317, nr. 90543 Minister Faber:Dan kom ik bij mevrouw Van Zanten. Zij had het over de opt-out. Waargaat dit over? Nogmaals, ik ga over asiel en dan heb ik het over hetbeperken van de instroom en het stimuleren van de uitstroom. Die moetvergroot worden. We hebben het over het grenzenbeleid. Ik wil desnoodsook gewoon mijn eigen regels kunnen stellen. Daar gaat het over.Dan kom ik bij meneer Ceder. Hij had het over het Migratiepact. Zoals ik aleerder heb aangegeven, willen wij natuurlijk een opt-out – dat hebben weook geventileerd – maar zolang wij geen opt-out hebben, moeten wegewoon het Migratiepact uitvoeren. Dat zijn we gewoon verplicht en datzal ik ook doen.De voorzitter:Dat was uw beantwoording?Minister Faber:Ja.De voorzitter:Dan ga ik ten slotte de toezeggingen die de Minister heeft gedaanvoorlezen. Misschien is het handig als iedereen luistert.−De Minister van Asiel en Migratie zegt toe de Kamer tijdig, voor12 december 2024, een brief te sturen over de nationale implementatievan het EU-Migratiepact voor zover dat op hoofdlijnen gedeeld kanworden.−De Minister van Asiel en Migratie zegt toe de Kamer op de hoogte tehouden van de inzet op intensivering van grenstoezicht en gaat daarbijook in op de samenwerking met bijvoorbeeld vervoersmaatschappijen.−De Minister van Asiel en Migratie zegt toe de Kamer te informerenover wat het vonnis betekent van het Europees Hof dat het niet istoegestaan om delen van landen veilig te verklaren.−De Minister zegt toe de Kamer te informeren over het kabinetsstand-punt over de minimumduur van een inreisverbod.−De Minister zegt toe het verslag van de JBZ-Raad op 21 oktober ’24aan de Kamer te sturen en daarbij uitgebreid in te gaan op de opt-outen op de vraag hoe andere lidstaten hiertegen aankijken.Mevrouw Podt (D66):Ik zou graag de eerste toezegging over het Migratiepact iets willenspecificeren. Er staat nu: voor zover dat gedeeld kan worden. Volgens mijleeft hier een vrij brede wens om hier echt met de Kamer over te kunnenpraten. «Voor zover dit gedeeld kan worden» kan je op verschillendemanieren lezen, volgens mij. Ik zou sowieso willen afspreken dat wij ditkrijgen op zo’n termijn dat wij daar ook nog met elkaar en de Minister vangedachten over kunnen wisselen. Maar ik wil ook op de een of anderemanier duidelijk maken dat alles wat gedeeld kan worden, ook met deKamer gedeeld wordt.De voorzitter:Mijn voorstel zou het volgende zijn. Er staat «tijdig» in. Ik lees het nog éénkeer voor: «De Minister van Asiel en Migratie zegt toe de Kamer tijdig,voor 12 december 2024, een brief te sturen over de nationale implemen-tatie van het EU-Migratiepact». Er staat nu als bijzin bij: Wvoor zover dat ophoofdlijnen gedeeld kan worden». De Minister deelt altijd alles voor zoverdat gedeeld kan worden, dus die bijzin kan gewoon weg. Dan wordt hetook helderder dat de Minister maximaal levert. Is dat voldoende? Ja? Danga ik naar mevrouw Rajkowski en dan naar de heer Boomsma. Dezetweede termijn is oneindig!Mevrouw Rajkowski (VVD):Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 32 317, nr. 90544 Dank, voorzitter. Ik heb nog één toezegging gemist, namelijk dat de laatstekwartaalrapportage ook nog naar de Kamer gestuurd zou worden. Datheeft mevrouw Faber volgens mij ook duidelijk aangegeven.De voorzitter:Ja, u heeft gelijk, mevrouw Rajkowski. Daar bleven wij even in gebreke.Die voegen wij toe. Dan hebben we de heer Boomsma en mevrouw Piridaarna nog.De heer Boomsma (NSC):Ik had ook een toezegging gehoord over mijn suggestie om bijvoorbeeldmet Oezbekistan te gaan praten over het uitzetten van uitgeprocedeerdeasielzoekers naar landen niet zijnde landen van herkomst. Dat zou wordenmeegenomen. Daar was geen termijn aan verbonden. Dat begrijp ik, wantzo’n gesprek moet zorgvuldig worden gevoerd. Ik snap niet hoe eentoezegging zonder termijn precies werkt, maar ik heb in ieder gevalgehoord dat zij daarmee aan de slag gaat.De voorzitter:Als u het goedvindt, voegen we die toe zonder termijn. Ten slottemevrouw Piri.Mevrouw Piri (GroenLinks-PvdA):Het klopt dat ik geen toezegging heb gehoord, maar volgens mij heb ik alsKamerlid gewoon recht op informatie. Dus ik zou toch nogmaals eenverzoek willen doen. Ik heb de Minister wel honderd keer horen zeggen:de instroom inperken is mijn allerbelangrijkste doel; daarom maak ikgebruik van het noodrecht. Ik wil graag weten in hoeverre dat impactheeft op het inperken van de instroom.De voorzitter:Ik geef de Minister het woord. En over anderhalf uur heeft u nog tijd ineen tweeminutendebat om daarop terug te komen. Ik geef de Minister hetwoord. Er wordt gevraagd om een brief, volgens mij. Dat heeft mevrouwPiri eerder gedaan. Anders moet het echt terugkomen in een tweeminu-tendebat; ik ga zo afsluiten. De Minister.Minister Faber:Wat ik al eerder heb gezegd: dan moeten eerst die maatregelen op de tafelzijn en dan kunnen we die geven.De voorzitter:Dan sluiten we daarmee het debat af. Ik begrijp dat het tweeminutendebatal heel snel ingepland staat, namelijk om 16.10 uur. Maar de begrotingvan BZK loopt uit, dus volgens mij kunt u rustig koffie gaan drinken. Ikwens iedereen een fijne middag.Sluiting 15.00 uur.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 32 317, nr. 90545
Gerelateerde bronnen
- JBZ Raad (Luxemburg) 10 en 11 oktober 2024 (vreemdelingen- en asielbeleid)
Verslag van een commissiedebat, gehouden op 9 oktober 2024, over de JBZ Raad (Luxemburg) 10 en 11 oktober 2024 (vreemdelingen- en asielbeleid)
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.