KamerkringInloggen
Kamerbrief

Meedoen in democratie en samenleving

18 jun 2025 · Tweede Kamer

Brontekst

Versie 0e993177c8da371b · officiële bron

Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2024–202536 600 VIIVaststelling van de begrotingsstaten van hetMinisterie van Binnenlandse Zaken enKoninkrijksrelaties (VII) voor het jaar 2025Nr. 142 BRIEF VAN DE MINISTER VAN BINNENLANDSE ZAKEN ENKONINKRIJKSRELATIES Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-GeneraalDen Haag, 18 juni 2025AanleidingBurgers moeten gehoord worden, zich geholpen voelen en meerzeggenschap krijgen over zaken die hen aangaan. Daarom kondigde ditkabinet in het regeerprogramma een agenda aan voor versterking van dedemocratische rechtsstaat, het bestuur en de controle daarop. Dit is eenagenda van verbinding: verbinding tussen burgers en de overheid entussen mensen onderling. Want democratie begint in de samenleving,waar mensen elkaar ontmoeten, omzien naar elkaar, initiatief nemen, zichorganiseren en met elkaar het sociale weefsel en cement van de samen-leving vormen.Dit kabinet ziet het als zijn verantwoordelijkheid om de kracht van desamenleving te versterken en ruimte te bieden aan eigen initiatieven vanburgers en bedrijven. Door initiatieven te steunen en te versterken. Doorbelemmerende regels weg te nemen. En door nieuwe manieren vaninvloed en zeggenschap van burgers te ondersteunen. Zo benutten wesamen de kracht en basis van onze samenleving.Een samenleving is immers meer dan een staat. Het functioneren vanNederland als gemeenschap vraagt niet alleen om goed openbaarbestuur, maar ook om actieve betrokkenheid van burgers zelf. Het vraagtvan mensen om daadwerkelijk mee te doen in die samenleving en bij tedragen. Burgerschap is daarmee geen vrijblijvende zaak: het is de basisvan een sterke democratie, sociale samenhang en vertrouwen in elkaar.Daarom is burgerschap nadrukkelijk opgenomen in de portefeuille van hetMinisterie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Niet als extrabeleidslaag, maar als fundamentele dimensie van goed bestuur.Het binnenlands bestuur van ons land rust op verschillende pijlers: hetRijk, de provincie, de waterschappen en de gemeenten. Maar dezeinstitutionele structuur kan alleen goed functioneren als zij is ingebed ineen levendig maatschappelijk middenveld. Gemeenschappen waarin kst-36600-VII-142ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2025Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 1421 mensen samen verantwoordelijkheid kunnen nemen voor hun leefom-geving, hun buurt, hun dorp of hun stad.Dat betekent dat we niet alleen moeten sturen op beleid van bovenaf,maar ook moeten investeren in ruimte van onderop. Initiatieven die vanuitde samenleving zelf ontstaan, verdienen niet alleen waardering, maar ookactieve ondersteuning. Of het nu gaat om buurtverenigingen, vrijwilligers-netwerken, lokale coöperaties of sociaal ondernemers: zij geven dagelijksvorm aan de gemeenschappen waarin wij wonen, werken en leven.In deze brief zet ik de eerste uitwerking van mijn plannen en acties vooreen krachtige samenleving uiteen. Hiervoor heb ik in 2025 € 3 miljoeneuro extra uitgetrokken. Om duurzaam te blijven investeren lopen dezemiddelen de komende jaren op tot circa € 9 miljoen structureel. De actiesworden uitgevoerd in het programma «invloed en zeggenschap», waarbijeen nieuwe programmalijn rondom burgerschap en gemeenschaps-vorming wordt opgezet. Hierbij wordt actief de samenwerking metmaatschappelijke organisaties, bedrijven en medeoverheden gezocht.Jaarlijks zal ik u over de voortgang informeren.1. Krachtige samenleving, initiatieven versterken 1.1 De kracht van de maatschappij versterken In onze samenleving nemen burgers allerlei waardevolle initiatieven. Zedoen dat omdat ze betrokken zijn bij elkaar en bij de plekken waar zewonen, werken, en leven. Ruimte en vertrouwen zijn cruciaal voormaatschappelijk initiatief. Regeldruk en onzekerheid over financiering zijndaarbij remmende factoren. Gemeenschappen willen eigenaarschap.Lokale coöperaties, buurthuizen, jongereninitiatieven en sociale onderne-mingen floreren als ze serieus genomen worden. De vraag die wij onszelfmoeten stellen is: hoe kan het Rijk een uitnodigende en faciliterende rolspelen voor deze burgerinitiatieven? Hoe zorgen we ervoor dat wet- enregelgeving niet in de weg staan, maar juist ruimte schept voor eigeninitiatief en betrokkenheid?De overheid moet aandacht hebben voor deze initiatieven en ze ruimte enondersteuning bieden waar nodig. De overheid moet meebewegen. Geenblauwdrukken bovenaf opleggen, maar faciliteren waar nodig. Hierbij vindik het belangrijk dat de overheid, het bedrijfsleven en de bewonersbe-weging elkaar vinden. Dit gebeurt al volop. Dit heb ik ook zelf gezientijdens mijn bezoek aan het We Doen het Samen-festival in Amersfoort op12 april waar actieve burgers, maatschappelijke organisaties, bedrijven,fondsen en overheden elkaar ontmoeten. Ik wil deze beweging graagondersteunen en samen met bedrijven en overheden die hiervoor opstaaneen voorhoede vormen om de kracht van lokale gemeenschappen teversterken. Dit is ook nodig om oplossingen te bieden voor de grotemaatschappelijke opgaven waar we voor staan in bijvoorbeeld de bouw,zorg of sociale zekerheid. In het vergroten van de weerbaarheid en lokaleveerkracht van onze samenleving in tijden van crises spelen maatschap-pelijke initiatieven eveneens een onmisbare rol. Buurthuizen, maatschap-pelijk initiatief of andere vormen van sociale ondernemingen fungeren alsbelangrijk vangnet in de directe leefomgeving van mensen. In tijden vanontwrichting bieden zij een vertrouwde en toegankelijke plek waarmensen snel steun en informatie kunnen vinden.De komende periode zet ik het gesprek met deze partners voort en zal ikmet maatschappelijke organisaties en gemeenten in overleg treden overhet versterken van het maatschappelijk middenveld. Ik wil toewerken naarstructurele ondersteuning van bewonersinitiatieven, onder andere viaTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 1422 kennisdeling, community support en langjarige financiering voorsuccesvolle lokale pilots.Om maatschappelijke initiatieven te ondersteunen blijf ik nauw samen-werken met de Landelijke Vereniging voor Kleine Kernen (LVKK) en hetLandelijk Samenwerkingsverband Actieve Bewoners (LSA Bewoners).Afgelopen jaar heeft BZK extra subsidie beschikbaar gesteld aan de LVKKnaar aanleiding van het amendement Van Dijk-Van der Graaf. Hiermee isde provinciale structuur van bewonersorganisaties in het landelijke gebiedversterkt. Zo is er in Utrecht een vereniging voor kleine kernen endorpshuizen in oprichting. In Zeeland zijn de wensen van de achterban in160 kleine kernen onderzocht. De kennis is hiermee vergroot en debelangenbehartiging verbeterd. Daarnaast worden de behoeften vanplattelandsjongeren in heel Nederland in kaart gebracht en is er eennetwerk gevormd van actieve, jonge dorpsbewoners. Ook komend jaarzullen er door een breed gesteund amendement (Van Dijk) extra middelenvrijkomen voor de LVKK. Om ook maatschappelijke initiatieven encoöperaties in de steden te ondersteunen maak ik, naast de structurelesubsidie, dit jaar ook extra middelen vrij voor het LSA. Zo zorgen weervoor dat we zowel in steden als kernen ondersteuning aan inwonersbieden om initiatief te nemen en inwoners daarbij niet steeds zelf het wielhoeven uit te vinden. Ook voor jongeren is het belangrijk om te leren hoezij zelf iets kunnen veranderen in hun leefomgeving. Daarom ondersteuntBZK Tienskip, een organisatie die jongeren wegwijs maakt in de lokaledemocratie. Dit jaar ontvangen zij extra steun om de organisatie teprofessionaliseren en landelijk uit te breiden. Zo leren ook jongeren hoezij in de praktijk hun stem kunnen laten horen en iets kunnen doen aan deproblemen die zij tegenkomen in hun dagelijks leven.1.2 Naar een brede maatschappelijke alliantie op burgerschap De komende kabinetsperiode bouw ik vanuit BZK, samen met het Vfonds,aan een brede maatschappelijke alliantie op burgerschap. Lid Snellervroeg me tijdens het commissiedebat Bestuurlijke organisatie endemocratie naar de stand van zaken hierop. Concreet hebben we maart2025 Loket D geopend. Loket D is speciaal opgezet voor kleine, lokaleinitiatieven. Het gaat om ideeën die uit de wijk komen en waarbij mensenkunnen meedoen, meepraten en meebeslissen, of dat nu gaat om hetveiliger maken van de straat, of het creëren van een ontmoetingsplek voorjong en oud. Dit loket helpt de plannen verder met maximaal € 15.000 perplan per jaar. In totaal is € 1,5 miljoen beschikbaar. Bij voorkeur wordenvanuit dit loket projecten ondersteund gericht op mensen die het gevoelhebben dat de democratie voor hen niet (meer) werkt en die door initiatiefte nemen een oplossing willen bieden voor problemen waar zij dagelijksmee te maken hebben. Een mooi voorbeeld is het allereerste initiatief datik heb bezocht en dat vanuit deze samenwerking wordt ondersteund: eenproject van stichting Nu Youth Dialogue Group (NYDG) in Amsterdam-Zuidoost. Dit project organiseert de dialoog tussen jongeren met eenbi-culturele achtergrond over hoe zij invulling geven aan hun burger-schap. Hierbij staat centraal hoe de jongeren hun plek en rol in desamenleving ervaren en invullen. Jongeren nemen zelf het initiatief endragen de gespreksonderwerpen aan. Alle informatie over dit loket is tevinden op de website van het Vfonds. Daarbij is gezorgd voor eenlaagdrempelige aanvraagprocedure en kan het Vfonds ondersteunen enadviseren bij het indienen van een aanvraag.Loket D is eerste concrete stap en met succes. Deze eerste ronde heeftaanvragen opgeleverd voor initiatieven in alle provincies en Curaçao. Erzijn tweehonderd aanvragen in behandeling genomen. Bovendien zien weeen nieuwe groep aanvragers, waarmee we erin slagen om buiten hetbekende netwerk te komen. Dit najaar en in 2026 zijn er nieuwe aanvraag-Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 1423 rondes vanuit Loket D. Komende periode wil ik de samenwerkingverduurzamen en verbreden door nieuwe partners te betrekken en tewerken aan duurzame financiering.Naast het versterken van burgerschap, is het ook van belang om bredersociaal-maatschappelijk initiatief dat bijdraagt aan meer sociale cohesie inde samenleving, te versterken. Deze zomer zal ik vanuit BZK deelnemenaan een maatschappelijke top, op initiatief van het Oranje Fonds metandere grote fondsen, vertegenwoordigers van verschillende ministeries,maatschappelijke organisaties en het bedrijfsleven over het bundelen vankrachten met als doel het verder versterken van sociaal-maatschappelijkeinitiatieven. Mijn inzet is dat we met elkaar in heel Nederland, stedelijk enlandelijk gebied, ondersteuning bieden aan maatschappelijke initiatievenen ruimte maken voor lokale gemeenschappen. Hierbij sluiten we aan opplekken waar inwoners, bedrijven en overheden al samenkomen.Voorbeelden van dit soort plekken zijn het «Huis voor Actief Burger-schap», in de bibliotheek van Utrecht. Maar ik kan evengoed verwijzennaar het Wijkpaleis in Rotterdam of het gemeenschapshuis dat ik hebbezocht in Demen.2. Versterken van invloed en zeggenschap – lokaal en nationaal 2.1 Invloed en zeggenschap op decentraal niveau Om de kracht van de samenleving te benutten zal de overheid zelf ookmoeten leren meebewegen en ruimte moeten maken aan tafel voormaatschappelijk initiatief en de inbreng van burgers. Op 1 januari jl. is deWet versterking participatie op decentraal niveau in werking getreden.Deze wet verplicht lokale overheden om binnen twee jaar een participatie-verordening op te stellen. Ook vergroot deze wet de mogelijkheden voorburgers om zaken zelf op te pakken middels het uitdaagrecht. Naaraanleiding van een toezegging aan de Eerste Kamer1 heeft BZK de wet enhet uitdaagrecht vanuit onder de aandacht gebracht bij het stuurcomitédemocratie van de Raad van Europa in oktober 2024. Daarnaast heb ik opverzoek van lid Roovers2 uit de Eerste Kamer gesproken met de VNG overde modelverordening, de definitie van maatschappelijke partijen daarin enhet aanbestedingsrecht. De modelverordening is hierop verduidelijkt eninmiddels online te vinden op de website van de VNG.3In 2025 zorg ik met de VNG voor passende ondersteuning bij de imple-mentatie van de wet. Bijvoorbeeld met vier regionale bijeenkomsten meten voor gemeenten. Zo kunnen we leren van elkaar. Ook provincies enwaterschappen nodigen we actief hiervoor uit. Provincies en water-schappen hebben veel aan de ondersteuning die ontwikkeld wordt voorgemeenten, maar kennen ook hun eigen uitdagingen en behoeften.Daarom organiseren we deze zomer ook een bijeenkomst speciaal voorprovincies en waterschappen. Dit jaar zorgen we ook voor extra onder-steuning op het uitdaagrecht. We zetten voorbeelden waarbij burgerssuccesvol gebruik hebben kunnen maken van het uitdaagrecht in hetzonnetje en lichten deze uit op de bijeenkomsten en op het kennis-platform. Daarnaast kunnen bewonersinitiatieven specifieke expertise enondersteuning inwinnen bij de LSA. Daarnaast heeft de Vereniging vanRekenkamers een evaluatie uitgevoerd van alle Rekenkamerrapportenover participatie die in de afgelopen jaren zijn verschenen. In dit metaonderzoek is gekeken naar wat 102 rekenkamerrapporten over participatiezeggen én hoe rekenkamers dit onderwerp onderzoeken. De resultaten1T03914, aan lid Van der Goot, OPNL.2T03923, aan lid Roovers, GL-PvdA.3Model Participatieverordening 2024 | VNG.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 1424 worden door de rekenkamer verspreid middels verschillende webinars enpublicaties.4 Ook ik zal de lessen breed delen, zowel interdepartementaalals met decentrale overheden. Met betrekking tot de inwerkingtreding opde eilanden ben ik, naar aanleiding van motie Hartog5, recent in gesprekgegaan met Sint Eustatius en Bonaire over de inwerkingtreding van dewet en gewenste ondersteuning. De Bestuurscolleges hebben aange-geven dat zij, vanwege de uitvoerbaarheid in het licht van de specifiekeeilandelijke omstandigheden, graag betrokken zijn bij het bepalen van eentermijn voor het invoeren van de wetgeving. Nadat de overgangstermijnvan de wet is afgerond zal ik een 1-meting laten uitvoeren van de Monitorburgerparticipatie.6 Hierbij zal ik op verzoek van lid Van der Goot uit deEerste Kamer ook monitoren waar maatschappelijke initiatieven diegebruik maken van het uitdaagrecht tegenaan lopen bij aanbestedingen.72.2 Invloed en zeggenschap op nationaal niveau Aan het lid Van Waveren heb ik in het commissiedebat op 12 februari jl.toegezegd in te gaan op de vraag hoe ik ook op nationaal niveauburgerparticipatie stimuleer. Op nationaal niveau zet het kabinet zich inom burgers beter te betrekken bij het uitdenken, uitvoeren en evaluerenvan voorgestelde maatregelen uit het regeerprogramma. Zo benutten weook zelf als overheid de kracht van de samenleving. We zullen dit doenmet een combinatie van vormen die passen binnen en aanvullend zijn oponze representatieve democratie. Een concrete stap hierin is het Nationaalburgerberaad klimaat dat op dit moment in uitvoering is. De strategischeverkenning over burgerparticipatie in nationale besluitvormingsprocessendie in juli 2024 met bijbehorende essaybundel8helpt ons daarbij met vierrichtingen:1.het versterken van politiek en ambtelijk democratisch vakmanschap2.het doorontwikkelen van (gecombineerde) vormen van burgerbetrok-kenheid, zoals het burgerberaad, online participatie en het correctiefbindend referendum3.betere organisatorische en/of wettelijke verankering4.het versterken van de representatieve democratie.Op alle denkrichtingen werk ik samen met andere departementen aanconcrete acties. Zo zorg ik bijvoorbeeld dat democratisch rechtsstatelijkvakmanschap en burgerperspectief wordt versterkt in de basisopleidingvoor Rijksambtenaren. Ook werk ik aan betere verankering van hetburgerperspectief in het reguliere werk en bestaande werkprocessen. Zozal ik het burgerperspectief centraal zetten bij uitvoeringstoetsen, bij deaanpak van hardheden en bij het Beleidskompas. Om de burgerbetrok-kenheid rijksbreed te versterken levert BZK goede voorbeelden enbeproefde instrumenten, zoals de basisworkshop «goed aan de slag metparticipatie». Ik doe dit vanuit BZK samen met andere departementen inde Interdepartementale Werkgroep Participatie (IDWP). Het streven is omRijksbreed kennis, ervaringen en advies te delen. We werken met elkaartoe naar een duidelijk centraal aanspreekpunt per ministerie en Rijksbreedcontactpunt. Dit aanspreekpunt en contactpunt helpt medewerkers van derijksoverheid met kennis, advies en begeleiding hoe burgers goed tebetrekken bij beleid en hoe initiatieven de ruimte te geven.4Metadossier en meta-analyse Participatie – Vereniging van Rekenkamers.5Kamerstuk 36 210, F.6Een nulmeting is in 2024 uitgevoerd: Regioplan i.s.m. Dialogic, Monitor Burgerparticipatie:rapportage nulmeting, Amsterdam, 2024. Eindrapport Monitor burgerparticipatie Regioplan |Kennisbank Openbaar Bestuur7T03913 aan lid Van der Goot, OPNL.8Boogaard, G., Hendriks, F., Tiemeijer, W., Verloo, N., Essaybundel burgerparticipatie opnationaal niveau, Den Haag: Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, juli2024. Essaybundel Burgerparticipatie op nationaal niveau | Kennisbank Openbaar BestuurTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 1425 2.3. Betrekken van jongeren op nationaal en Europees niveau Dan wil ik ten slotte nog specifiek ingaan op de doelgroep jongeren. Ookop nationaal en Europees niveau is het belangrijk dat zij zich beterbetrokken voelen bij beslissingen die hen aangaan. De StaatssecretarisJeugd, Preventie en Sport werkt daarom momenteel samen met deNationale Jeugdraad aan een nationale jeugdstrategie. Dit is eendomeinoverstijgende langetermijnvisie van het kabinet op thema’s dievoor jongeren tussen de 12 en 29 belangrijk zijn, waarin ook afsprakenworden gemaakt op welke manier jongeren betekenisvol kunnenparticiperen. In navolging van motie Chakor – Inge van Dijk9 heeft mijnministerie, samen met het Ministerie van Buitenlandse Zaken en hetMinisterie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, in gesprek met dejongerenvertegenwoordigers van de Nationale Jeugdraad opgehaald hoejongeren betrokken kunnen worden bij EU-besluitvorming. Uit dit gesprekmet de NJR werd duidelijk dat het kabinet op verschillende manierenwerkt aan het vertalen van input van jongeren in het standpunt vanNederland op Europees niveau. Bijvoorbeeld via consultatie van dejongerenvertegenwoordigers van de NJR op de conclusies en resolutiesvan de raadswerkgroep Jeugd van de Raad voor de Europese Unie. Ookheeft het Ministerie van Buitenlandse Zaken regelmatig overleg met dejongerenvertegenwoordigers en ontvangen zij onafhankelijk adviezen vanjongeren over Europees beleid via de Youth Advisory Committee en deWestWing. Daarnaast is het Ministerie van VWS vertegenwoordigd in denationale werkgroep in het kader van de EU-jongerendialoog. Uit hetgesprek met de NJR is naar voren gekomen dat de terugkoppeling van deinbreng van de jongerenvertegenwoordigers na overleggen eenaandachtspunt is. Hier zal aandacht voor zijn bij de ontwikkeling van denationale jeugdstrategie. Op Europees niveau wordt dit punt meege-nomen in de opzet van de nieuwe EU-jeugddialoog na 2027.3. Andere acties die lopen 3.1 Onderzoek naar burgerschapsvorming Niet alle burgers willen of kunnen zelf initiatieven voor de samenlevingnemen. Dat hoeft ook niet. Het is wel belangrijk dat mensen weten hoe zemee kunnen doen en hun stem kunnen laten horen in onze democratie.Op 13 maart 2024 werd tijdens het commissiedebat Bestuurlijke organi-satie en democratie in dit kader gevraagd wat wordt gedaan aanburgerschapsvorming en welke lessen we daarbij kunnen trekken uitandere Europese landen.10In 2024 is een door het Ministerie van BZKgefinancierd meerjarig onderzoek afgerond naar hoe Nederlandsejongeren de democratie ervaren en hoe zij hier tegenaan kijken.11 Hieruitblijkt dat onder hen sterke steun is voor de representatieve democratie endat deze toeneemt naarmate ze ouder worden. Wel zijn er verschillentussen jongeren, bijvoorbeeld naar opleidingstype. Scholieren op hetvmbo hebben minder politiek zelfvertrouwen, minder vaak de intentie inde toekomst te gaan stemmen en minder vertrouwen in politiekeambtsdragers dan scholieren op het vwo. Ook naar sociaaleconomischeachtergrond of naar het al of niet hebben van een migratieachtergrondzijn er structurele verschillen tussen groepen jongeren die al op vroegeleeftijd zichtbaar zijn. Jongeren met een migratieachtergrond hebben9Kamerstuk 36 514, nr. 5.10TZ202404–038, aan lid Meulenkamp, VVD11T. Huijsmans e.a., Democratische kernwaarden in het voortgezet onderwijs. Adolescenten-panel Democratische Kernwaarden en Schoolloopbanen jaar 5 en 6, UvA, 2024. Publicatienieuw rapport: Democratische kernwaarden in het voortgezet onderwijs jaar 5 en 6 (2022/2024)– Adolescentenpanel Democratische Kernwaarden en Schoolloopbanen.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 1426 minder het gevoel dat de politiek er voor hen is dan jongeren zonder dieachtergrond. Het onderzoek laat verder zien dat er zeer kleine tot geenregionale verschillen zijn onder jongeren in hun houdingen ten aanzienvan democratie. In 2022 is ook onderzoek verschenen over democratischburgerschap onder jongeren in Nederland in vergelijking met anderelanden.12 Hieruit blijkt dat jongeren in Nederland minder burgerschaps-kennis hebben ten opzichte van jongeren in Europese vergelijkingslanden(Denemarken, Noorwegen en Zweden en de deelstaat Noordrijn-Westfalen in Duitsland).Om scholieren én volwassenen op een laagdrempelige manier kennis envaardigheden aan te bieden om mee te komen in onze democratischerechtsstaat werk ik samen met ProDemos. Met extra middelen uit hetamendement Sneller heeft ProDemos het afgelopen jaar het regionalenetwerk kunnen versterken in vier regio’s: Drenthe, Groningen, Flevoland,Zeeland en Noord-Brabant. ProDemos heeft in 2024 in die provincies metalle gemeenten en mbo-scholen contact gehad. Met een groot aantalgemeenten is in 2025 een samenwerking aangegaan. Daarnaast zijn deeerste educatieve trainingsprogramma’s op Caribisch Nederland gestart.Het is belangrijk dat we wat opgebouwd is bestendigen en uitbreiden,zodat ProDemos actief kan blijven in alle provincies en meer leerlingenkan bereiken. Daarom maak ik naar aanleiding van amendementSneller-Buijsse ook komend jaar 1 miljoen euro vrij om deze regionaleinzet te continueren. Met die middelen kan ProDemos door bestaandeinitiatieven voort te zetten en nieuwe samenwerkingen aan te gaan hetnetwerk verder uitbreiden in de overige provincies en in CaribischNederland.Daarnaast heeft mijn ministerie afgelopen jaar onderzoek gefinancierdnaar burgerschap als begrip en de ruimte voor mensen in Nederland omhier invulling aan te geven. Uit het onderzoek blijkt enerzijds dat erlevendige praktijken zijn. Zo zijn mensen lid van een politieke partij,nemen ze deel aan bewonerscoöperaties of doen ze vrijwilligerswerk.Anderzijds is de publieke ruimte in Nederland verkleind door onderandere individualisering en de aandacht voor marktwerking.13 In 2025 laatik een vervolgonderzoek doen naar de manieren waarop meer ruimte kanworden gemaakt voor democratisch burgerschap.4. Tot slot De beste ideeën komen vaak uit de samenleving zelf. Het is tijd omopnieuw na te denken over de verhouding tussen overheid en samen-leving. Niet alles hoeft top-down geregeld te worden. Sterker nog:duurzame gemeenschappen ontstaan wanneer mensen zich eigenaarvoelen van hun directie leefomgeving. Als Rijk kunnen en moeten wedaaraan bijdragen- door ruimte te geven, vertrouwen te bieden en devoorwaarden te scheppen voor bloei van onderop. Met deze brief geef ikaanzet tot een koers waarin burgerschap niet wordt gezien als bijzaak,maar als kernopgave voor een democratische, betrokken en veerkrachtigesamenleving. Dit is een essentieel onderdeel van mijn agenda om dedemocratische rechtsstaat te versterken en vernieuwen. De democratischerechtsstaat maken we samen.De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,J.J.M. Uitermark12Daas, R., ten Dam, G., Dijkstra, A.B., Karkdijk, E.M., Naayer, H.M., Nieuwelink, H., & van derVeen, I. (2023). Burgerschap in Beeld. Burgerschapscompetenties en burgerschapsonderwijs invergelijkend perspectief. Amsterdam University Press. ICCS Nederland - ICCS 202213M. Honingh e.a., «De mensen in het land». Wat burgerschap nog is, NSOB, 2025. «De mensenin het land» - Wat burgerschap eigenlijk (nog) isTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 1427

Eerdere bronversies

17 okt 2026 · 4b2df1f39163017c

14 okt 2026 · ba209dd5d3b45b8c

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.