Verslag houdende een lijst van vragen en antwoorden
Brontekst
Versie f736bdaf451f1536 · officiële bronTweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2024–202536 600 VIVaststelling van de begrotingsstaten van hetMinisterie van Justitie en Veiligheid (VI) voor hetjaar 2025Nr. 15 VERSLAG HOUDENDE EEN LIJST VAN VRAGEN ENANTWOORDENVastgesteld 7 november 2024 De vaste commissie voor Digitale Zaken, belast met het voorbereidendonderzoek van dit voorstel van wet, heeft de eer verslag uit te brengen inde vorm van een lijst van vragen met de daarop gegeven antwoorden.De vragen zijn op 7 oktober 2024 voorgelegd aan de Minister van Justitieen Veiligheid. Bij brief van 5 november 2024 zijn ze door de Minister vanJustitie en Veiligheid beantwoord.Met de vaststelling van het verslag acht de commissie de openbarebehandeling van het wetsvoorstel voldoende voorbereid.De voorzitter van de commissie,PalmenAdjunct-griffier van de commissie,Muller kst-36600-VI-15ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2024Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VI, nr. 151 Vragen en antwoorden 42Bent u voornemens om bij de Voorjaarsnota extra geld vrij te maken voorde Autoriteit Persoonsgegevens (AP) voor het uitvoeren van haar takenindien de AP aangeeft dat dat noodzakelijk is?AntwoordDe Autoriteit Persoonsgegevens (AP) vervult een belangrijke rol alsonafhankelijke toezichthouder in de gegevensbeschermingsketen. Hetkabinet Rutte IV heeft daarom extra middelen uitgetrokken om decapaciteit van de AP uit te breiden. Het budget van de AP voor het toezichtop de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) groeithierdoor naar ruim 45 miljoen euro structureel vanaf 2025. De APontvangt daarnaast bijdragen van de Ministeries van Financiën, Econo-mische Zaken en Binnenlandse Zaken Koninkrijksrelaties voor anderetoezichtstaken. Dat brengt het totale budget van de AP voor volgend jaarop circa 49 miljoen euro. Dat is ongeveer een verdubbeling van hetbudget binnen vijf jaar. De AP is een onafhankelijke toezichthouder enbepaalt zelf waar zij haar financiële middelen aan uitgeeft en waar zijprioriteiten legt. Het toekennen van meer middelen aan de AP ziet hetkabinet op dit moment niet als het middel bij uitstek om een goedeomgang met persoonsgegevens verder te borgen.43Bereiden het departement en de uitvoeringsorganisaties zich voor opNIS2? Zo ja, hoe?AntwoordDe voorbereidingen van de implementatie van de NIS2-richtlijn gaanlangs diverse lijnen. De NIS2-richtlijn wordt geïmplementeerd in deCyberbeveilingswet. Er zijn door de vakdepartementen en daartoebehorende uitvoeringsorganisaties uitvoeringstoetsen en/of handhaaf-baarheidtoetsen gedaan en er wordt hard gewerkt om daar uitwerking aante geven. De beoogde toezichthouders en CSIRTs hebben middelengekregen om hun capaciteit uit te breiden en technische en organisato-rische aanpassingen door te voeren.Daarnaast zijn er vanuit de Rijksoverheid voor de verschillende sectorenén uitvoeringsorganisaties, tools en kennis- en adviesproductenontwikkeld die organisaties kunnen gebruiken of inzetten om zich betervoor te breiden op de komende inwerkingtreding van de Cyberbeveili-gingswet. Zo heeft de Rijksinspectie Digitale Infrastructuur (RDI) bijvoor-beeld een vragenlijst ontwikkeld, waarmee organisaties zelf een eerstebeoordeling kunnen doen of ze onder de NIS2-richtlijn vallen en of ze indat verband aangemerkt worden als essentiële entiteit of belangrijkeentiteit. Ook is vanuit de Rijksoverheid een NIS2-Quickscan gelanceerd:een hulpmiddel voor organisaties die willen weten hoe zij zich kunnenvoorbereiden op de komende implementatie van de NIS2-richtlijn. Tevenshebben het NCSC en DTC diverse kennis- en adviesproducten ontwikkelddie organisaties kunnen helpen om te voldoen aan de aankomenderegelgeving.Verder worden organisaties door betrokken ministeries en uitvoeringsor-ganisaties voortdurend actief benaderd en gewezen op de maatregelendie ze nu al kunnen treffen. Dit wordt gecoördineerd uitgevoerd. Wel isieder vakdepartement en uitvoeringsorganisatie primair verantwoordelijkvoor het informeren en activeren van hun eigen sector en achterban.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VI, nr. 152 De Rijksoverheid raadt organisaties dan ook aan deze maatregelen tenemen om de continuïteit van de bedrijfsprocessen (beter) te waarborgen.Voor organisaties die straks moeten voldoen aan de komende wetgevingis het dan ook van belang vroegtijdig te beginnen met de voorberei-dingen. De risico’s die organisaties en systemen lopen, zijn er immers nuook al.Ook is een publiek-privaat NIS2-overleg actief met vertegenwoordigers uitde Rijksoverheid en diverse brancheorganisaties.44Is het budget van de politie toereikend om te handhaven op onlinekindermisbruik? Investeert u de komende jaren in het uitbreiden enuitrusten van het Team Bestrijding Kinderpornografie en Kindersekstoe-risme (TBKK)? Zo ja, wat is de gewenste extra capaciteit van het TBKK? Zoniet, hoe verenigt u dit met het groeiende aantal meldingen van onlinekindermisbruik?AntwoordOnline seksueel kindermisbruik is een zeer ernstig strafbaar feit metlangdurige ernstig ontwrichtende gevolgen voor een slachtoffer en diensomgeving. De aanpak van online seksueel kindermisbruik bij de politiewordt uitgevoerd door de Teams ter Bestrijding van Kinderpornografie enKindersekstoerisme (TBKKs). Met de motie Hermans c.s.1 zijn middelenter beschikking gesteld om de aanpak van seksuele misdrijven en onlinekinderpornografisch materiaal een impuls te geven. Hiervan ontvangt depolitie vanaf 2024, in oplopende tranches, structureel 4 miljoen euro om teinvesteren in de versterking van de werkwijze en digitale mogelijkhedenvan de TBKK ter aanwending van de bestrijding van digitale zedende-licten. Als gevolg van deze investering is de formatie van de TBKK met24 fte uitgebreid naar een totaal van 175 fte. De bezetting van de TBKK issinds eind 2022 met 25 fte gestegen naar een totaal van 153 fte eind april2024.Gezien de massale aard van online seksueel kindermisbruik, in combinatiemet de schaarse politiecapaciteit, is het echter nodig om naast dereguliere opsporing en vervolging ook in te zetten op alternatieveinterventies of verstoringsacties, zoals de vorig jaar uitgevoerde actieweekvan de politie waar stopgesprekken werden gevoerd met verdachten vanhet downloaden van beeldmateriaal van online seksueel kindermisbruik,gerichte acties op het darkweb of het ontoegankelijk maken van fora waarbeeldmateriaal gedownload kan worden. Maar ook preventieve hulpver-lening zoals die wordt aangeboden bij Stop it Now, onderdeel vanstichting Offlimits, speelt een rol in de aanpak van dit fenomeen. Verderwordt er nog ingezet op nieuwe en effectievere EU-regelgeving tervoorkoming en bestrijding van seksueel misbruik van kinderen. Onderandere door middel van de EU-Verordening ter bestrijding van onlineseksueel kindermisbruik. Het doel van deze verordening is om deverspreiding van beelden van online seksueel kindermisbruik tegen tegaan. Het ontwerp stelt regels om ervoor te zorgen dat de verschillendeaanbieders van tussenhandeldiensten meer verantwoordelijkheid nemenom de eigen diensten schoon te maken en houden van online materiaalvan seksueel kindermisbruik. Voorbeelden van dergelijke diensten zijnhostingdiensten, online platforms en interpersoonlijke communicatie-diensten.In het regeerprogramma is opgenomen dat de aanpak van seksueelkindermisbruik wordt geïntensiveerd. Daarom is het onverminderd1Kamerstukken II 2021/22, 35 925, nr. 13.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VI, nr. 153 voortzetten van de aanpak een prioriteit voor dit kabinet en wordt bezienof er extra stappen gezet kunnen worden45Hoeveel budget heeft de politie voor ICT?AntwoordIn de begroting van de politie is voor 2025 668 miljoen euro opgenomenvoor informatievoorziening.46Welke nieuwe taken volgen er uit digitale EU-regelgeving voor de AP?Kunt u per verordening of wet toelichten welke middelen de AP hiervoorontvangt? Kunt u hierbij aangeven er sprake is van cofinanciering uitverschillende departementen (zoals bij het Ministerie van EZ voor toezichtop de DGA) en welk departement daar verantwoordelijk voor is?AntwoordDe AP houdt zich bezig met verschillende taken rondom digitaleEU-wetgeving. Om deze taken uit te kunnen voeren ontvangt de APmiddelen vanuit verschillende ministeries. Welk ministerie dat is, isafhankelijk van de desbetreffende EU-wetgeving. Deze geldstromen lopenvia de begroting van het Ministerie van Justitie en Veiligheid.Ter verduidelijking:WetgevingTakenMiddelenMinisterieDSATaken die voorvloeien uit DSA:• Artikel 26 lid 3 en 28 lid 2 en 3 DSA: dezehouden verband met het profileren vangegevens van kinderen/bijzondere persoonsge-gevens met als doel adverteren (AP is hieraangewezen als toezichthouder).• Artikel 40 lid 8 onder d: adviesrol richting ACMover de toelating van erkende onderzoekers.2024: € 355.0002025: € 516.000EZEZDGATaken die voortvloeien uit DGA:• Adviesrol richting ACM bij de aanvraag voorregistratie van databemidddelingsdiensten.• Adviesrol richting ACM bij de aanvraag voorregistratie van data-altruïstische organisaties.€ 121.000 van BZK (structureel)€ 120.000 van EZ (structureel)EZ (50%) en BZK (50%)DataverordeningVoorbereiding op taken die voortkomen uit:• De overlap tussen AVG en DV.• Artikelen 4 en 5 DV (bepaling AVG-grondslag).• Hoofdstuk 5 van de DV (in voorlopige uDVaangewezen als toezichthouder).Incidenteel voor voorbereiding:2024: € 680.000 toegekend (€ 170.000 vanEZ en € 510.000 van BZK) 2025: Het deel voor 2025 van EZ is nog niettoegekend (€ 255.000). Bijdrage van BZK iswel toegekend (€ 765.000) Op de gevraagde structurele middelen uitde Uitvoeringstoets is nog niet gereageerd.EZ (25%) en BZK (75%)AI-verordeningVoorbereidend werk toezicht AI-verordeningVoor 2024: € 1.084.000 Voor 2025: Nader te bepalenEZ 47Welke middelen worden er vrijgemaakt voor de AP voor het uitvoeren vande aanbevelingen uit het rapport «Ongekend Onrecht»?AntwoordDe Autoriteit Persoonsgegevens krijgt vanaf 2023 tot 2033 ongeveer2,6 miljoen euro aan Parlementaire ondervragingscommissie kinderop-vangtoeslagen (POK)/Werk aan Uitvoering (WaU)-middelen. HiermeeTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VI, nr. 154 versterkt de AP het toezicht op het gebruik van algoritmes, voorkomtnegatieve gevolgen van het gebruik van algoritmes waarin persoonsge-gevens worden gebruikt en signaleert en pakt de risico’s hieromtrent aan.48Waarom kent de Autoriteit online Terroristisch en KinderpornografischMateriaal (ATKM) een stabiele jaarlijkse financiering, in plaats van eenfinanciering die meegroeit met het groeiende aantal meldingen waarop zijmoet handhaven? Heeft u de mogelijkheid om incidenteel geld vrij temaken als de ATKM dit nodig heeft voor haar taken?AntwoordVoor de inrichting van de autoriteit is in de voorbereidingsfase voor zowelde aanpak van kinderpornografisch materiaal als voor de aanpak vanterroristische online inhoud een inschatting gemaakt van de personele enfinanciële consequenties. Voor de aanpak van kinderpornografischmateriaal is een business case opgesteld en voor de implementatie van deverordening online terroristisch online materiaal is een verkenninguitgevoerd. De resultaten van beide zijn input geweest voor het toekennenvan financiering aan de autoriteit en voor het opstellen van eenorganisatie- en formatierapport. Hierin staan de kaders voor de omvangen inrichting van de organisatie beschreven.Voor de ATKM is vanuit de begroting van het Ministerie van J&V eenbudget beschikbaar gesteld van ca. € 5,2 miljoen in 2023 oplopend totca. € 6,4 miljoen euro structureel vanaf 2025. De ATKM kan de komendeperiode groeien naar maximaal 34 fte, waaronder 3 bestuurders.De noodzakelijke omvang van de ATKM is niet alleen afhankelijk van hetaantal meldingen dat zij ontvangt, maar kan ook beïnvloed worden doorhet eigen onderzoek dat zij naar meldingen kan doen op basis van dewettelijke taak. Ook hier kunnen verwijderbevelen uit voortvloeien.Eventuele additionele financiering is op dit moment niet aan de orde. Inde reguliere begrotingsprocessen en in de evaluaties van beide wettenkan de financiering aan de orde komen indien daar aanleiding voor is.49Hoeveel van de 46 miljoen euro voor het Nationaal Cybersecurity Center(NCSC) gaat naar preventie van cyberrisico’s en hoeveel gaat naar deaanpak en het herstel van cyberrisico’s?AntwoordHet NCSC heeft tot taak om verschillende organisaties zowel preventief ingeval van dreigingen, de koude fase, als in situaties wanneer er eenincident is, de warme fase, te informeren, adviseren of bijstand teverlenen. Als gevolg daarvan zijn veel producten en diensten van hetNCSC waardevol in zowel de koude als de warme fase. Daarbij is hetvrijwel onmogelijk om onderscheid tussen genoemde activiteiten temaken als het gaat om de inzet van middelen. Een voorbeeld van eenproduct dat in beide fase zeer relevant is, is het in bovenbedoeld verbandinformeren van mogelijke slachtoffers en doelwitten van een cyber-dreiging of -incident. Hiermee worden zowel organisaties geïnformeerddie slachtoffer zijn van een incident en met deze informatie verdereschade kunnen beperken, en organisaties die doelwit zijn en daarmeemaatregelen kunnen nemen om te voorkomen dat zij daadwerkelijkslachtoffer worden.50Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VI, nr. 155 Welk percentage van de begroting van uitvoeringsorganisaties van hetMinisterie van Justitie en Veiligheid (JenV) is beschikbaar voor cyberse-curity? Is er ook een internationale benchmark?AntwoordBinnen de rijksbegroting worden de middelen die beschikbaar zijn voorcybersecurity niet apart begroot. Hierdoor kan ik niet aangeven welkpercentage van de begroting beschikbaar is voor cybersecurity. Op ditmoment ben ik niet op de hoogte van internationale benchmarks die eenbegrip als cybersecurity kunnen definiëren en vervolgens representatiefbenchmarken over verschillende organisaties.51Aan het budget apparaat wordt in 2025 6,2 miljoen euro, in 202611 miljoen euro, aflopend naar 3,6 miljoen euro vanaf 2029, toegevoegdom aan maatregelen vanuit de EU te voldoen waarmee de regelgevingbinnen de EU op het gebied van digitalisering wordt geüniformeerd enverbeterd. Kunt u nader toelichten om welke verordeningen het hier gaat?AntwoordHet betreft hier de Artificiële Intelligentie (AI) Verordening, de Networkand Information Security 2 (NIS2)-richtlijn en e-Justice.52Welke sectorale toezichthouders zijn betrokken bij het implementeren vanen toezien op de NIS2-richtlijn? Welke middelen krijgt ieder van hen voordeze nieuwe taken? In het geval dat deze middelen bestaan uit cofinan-ciering uit verschillende departementen: wie is de coördinator van ditbudget?AntwoordDe vakdepartementen gaan zelf over hun eigen sectoren en de departe-mentale begrotingen. Zij hebben alle de kosten in relatie tot de implemen-tatie van de richtlijn geraamd en deze verwerkt in de departementalebegrotingen. Indien er sprake is van cofinanciering, dan zal dit via hetnormale begrotingsproces worden verwerkt, en vindt er sturing plaatsconform de sturingsmodellen van de betreffende departementen. Hettoezicht zal in hoofdzaak bestaan uit het toezien op de naleving van demeldplicht, zorgplicht en registratieplicht alsook de handhaving daarvan.De toezichthouders zullen onderling werkafspraken maken om ervoor tezorgen dat zij doeltreffend en doelmatig uitvoering geven aan hun taken.Dit is een gebruikelijke werkwijze.Ik verwacht dat het voorstel voor de Cyberbeveiligingswet in het vierdekwartaal van 2024 voor advies worden aangeboden aan de Afdelingadvisering van de Raad van State. Afhankelijk van de tijd die nodig is voorhet advies en de verwerking daarvan, zal het voorstel naar verwachting inhet eerste kwartaal van 2025 naar uw Kamer worden gestuurd.53Hoe heeft u het budget voor het implementeren van de NIS2-richtlijningeschat? Kunt u met zekerheid zeggen dat dit budget toereikend is? Zoniet, uit welk budget worden tegenvallers gefinancierd?AntwoordDe verantwoordelijke departementen hebben alle de kosten in relatie totde implementatie van de richtlijn geraamd en deze verwerkt in dedepartementale begrotingen. Dit loopt op tot circa € 80 miljoen struc-tureel in 2029 dit is inclusief de budgettaire gevolgen van de inwerking-treding van de Wet weerbaarheid kritieke entiteiten. Naar gelang deTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VI, nr. 156 implementatie van het wetsvoorstel vordert kunnen waar nodig bijstel-lingen van deze ramingen worden doorgevoerd, bijvoorbeeld naaraanleiding van de consultatie op de amvb die op grond van de Cyberbe-veiligingswet wordt voorbereid.54Kunt u uitleggen waarom de subsidie voor Offlimits afneemt, terwijl dehoeveelheid meldingen die zij ontvangt onverminderd toeneemt? Waaromis er niet gekozen voor een hogere bijdrage van het Rijk of een financie-ringsmodel op basis van bereikbaarheid?AntwoordDe subsidie die door het Ministerie van Justitie en Veiligheid aan Offlimitswordt verstrekt is sinds 2022 flink verhoogd (van € 627.000 naar€ 2,5 miljoen), waarmee erkend is dat Offlimits een onmisbare rol vervultmet betrekking tot het tegengaan van illegale content, in het bijzonderonline seksueel misbruik van kinderen en illegale inhoud.In het hoofdlijnenakkoord is besloten tot een Rijksbrede taakstelling op desubsidies oplopend tot in totaal € 1 miljard. Daarvan geldt een taakstellingvan € 29 miljoen voor het Ministerie van Justitie en Veiligheid. Detaakstelling is op basis van de budgetten in de begroting evenredigverwerkt per organisatie, wat heeft geleid tot een langzaam dalendesubsidieraming. Over de uiteindelijke daadwerkelijke verdeling perorganisatie dient nog interne besluitvorming plaats te vinden.55Wordt Offlimits mede gefinancierd door het Ministerie van BZK vanuit hetbeleidsdoel Online Kinderrechten vanwege haar preventieve taken? Zo ja,welk departement coördineert de financiering richting de organisatie? Zoniet, kent de financiering vanuit het Ministerie van JenV bepaaldeoormerken of voorwaarden waaronder het wordt toegekend?AntwoordNee, Offlimits ontvangt vanuit de Rijksoverheid op dit moment enkelsubsidie van het Ministerie van Justitie en Veiligheid. Voor elke subsidie-verstrekking geldt dat deze verbonden is aan bepaalde voorwaarden.Daartoe worden jaarlijks afspraken gemaakt in het subsidiebesluit. Voor2024 ziet dat bijvoorbeeld op bepaalde stappen die Offlimits dient tenemen op het vlak van IT, zoals aansluiten bij de BIO: Baseline Informatie-beveiliging Overheid.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VI, nr. 157
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.