Reactie op verzoek commissie over hoe het wetsvoorstel actualisering lichaamsmateriaalwetgeving zich verhoudt tot de wet zeggenschap lichaamsmateriaal en de Europese verordening lichaamsmateriaal
Brontekst
Versie 919ee19198cb1e94 · officiële bronTweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2022–2023 32 620Beleidsdoelstellingen op het gebied van Volksgezondheid, Welzijn en Sport Nr. 282 BRIEF VAN DE MINISTER VAN VOLKSGEZONDHEID, WELZIJN EN SPORT Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Den Haag, 22 november 2022 De vaste Kamercommissie voor Volksgezondheid, Welzijn en Sport heeft mij verzocht toe te lichten hoe het wetsvoorstel «actualisering lichaams-materiaalwetgeving», de «wet zeggenschap lichaamsmateriaal» (Kamerstuk 35 844) en de «Europese verordening lichaamsmateriaal» (Kamerstuk 22 112, nr. 3495) zich tot elkaar verhouden. Inhoud van de trajecten in het kort De «actualisering lichaamsmateriaalwetgeving» is een nationaal wetsvoorstel dat zich enkel richt op lichaamsmateriaal dat wordt gedoneerd voor toepassing op de mens. Het betreft aanpassing van de Wet veiligheid en kwaliteit lichaamsmateriaal (Wvkl) en de Wet op de orgaandonatie (Wod), met als voornaamste doel aanvullende eisen te stellen aan de veiligheid en kwaliteit en beter aan te sluiten bij de praktijk. De «wet zeggenschap lichaamsmateriaal» reikt verder. Deze gaat over zeggenschap van alle lichaamsmaterialen die worden afgenomen binnen de zorg of de geneeskunst (inclusief medische wetenschap en onderwijs) en die worden gebruikt voor andere doeleinden dan zorgverlening of diagnostiek van de donor, bijvoorbeeld voor onderzoeks- of onderwijs-doeleinden. De «Europese verordening lichaamsmateriaal» gaat de EU-richtlijn voor weefsels en cellen (2004/23/EG) vervangen. De verordening heeft daarmee direct impact op de nationale wetgeving. Ook deze richtlijn ziet enkel op lichaamsmateriaal dat wordt gedoneerd voor toepassing op de mens. kst-32620-282ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2022Tweede Kamer, vergaderjaar 2022–2023, 32 620, nr. 2821 Noodzaak van parallel lopende trajecten De reden dat deze drie trajecten gelijktijdig lopen is als volgt. De aanvul-lende eisen aan veiligheid en kwaliteit die worden gesteld in het wetsvoorstel «actualisering lichaamsmateriaalwetgeving» betreffen deels onderwerpen die buiten de reikwijdte van de «Europese verordening lichaamsmateriaal» vallen. Bijvoorbeeld op gebied van orgaanhandel en de wettelijke taken van het orgaancentrum. Ook is er op sommige punten sprake van versnelde uitvoering van maatregelen die ook onder de Europese verordening lichaamsmateriaal vallen, waaronder het reguleren van onder meer moedermelk en feces microbiota (poep) transplantaten. Om de veiligheid van donor en patiënt nu al te borgen wil ik niet wachten op het EU-traject. Het voorstel «wet zeggenschap lichaamsmateriaal» werkt aanvullend op deze andere wetgeving. Dit betekent dat indien er al eisen worden gesteld op grond van een andere wet, de Wzl niet ook van kracht is op dezelfde onderdelen (zie figuur 1 voor een visuele weergave de overlap tussen de wetgevende kaders). Tezamen zie ik in deze drie trajecten een waardevolle versterking van de veiligheid, kwaliteit en zeggenschap bij de verschillende toepassingen van lichaamsmateriaal. De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, E.J. KuipersFiguur 1. Visuele weergave van de overlap tussen de verschillende wetgevende kaders.Tweede Kamer, vergaderjaar 2022–2023, 32 620, nr. 2822
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.