KamerkringInloggen
Kamerbrief

Verlenging financieringsinstrumenten Economische Zaken

21 sep 2010 · Tweede Kamer

Brontekst

Versie 9c5ff5ac8a6fc7a1 · officiële bron

kst-31371-352ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2010Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2010–201131 371Kredietcrisis Nr. 352 BRIEF VAN DE MINISTER VAN ECONOMISCHE ZAKEN Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Den Haag, 21 september 2010 Met deze brief wil ik uw Kamer, mede namens de minister van Financiën, informeren over het heden bekend gemaakte besluit ten aanzien van de verlenging van de tijdelijke garantie-instrumenten gericht op het bevorderen van financiering van het bedrijfsleven. Daarnaast wordt u in deze brief geïnformeerd over de stand van zaken met betrekking tot de motie Tang/Pieper1. 1. Reeds genomen maatregelen Naar aanleiding van de crisis in de financiële sector heeft het kabinet, in goed overleg met het bedrijfsleven en de bancaire sector, sinds najaar 2008 het bestaande instrumentarium in een aantal stappen verruimd. Het instrumentarium is daarnaast aangevuld met een garantieregeling voor kredieten aan grotere ondernemingen (GO) waarvoor een garantie van 50 procent kan worden verkregen voor leningen tot aan een bedrag van € 150 mln. Uw Kamer wordt frequent geïnformeerd over de benutting van het instrumentarium en daaruit blijkt dat het instrumentarium in toene-mende mate wordt gebruikt (zie bijlage2 voor huidige stand van zaken). In de brief van 5 juli jl. kondigde het kabinet – mede in het kader van de motie Tang/Pieper – aan dat de maanden in aanloop naar de Miljoe-nennota benut zouden worden om, samen met banken en beleggers, de mogelijkheden voor ondersteuning van de financiering van het bedrijfs-leven verder te onderzoeken en daarbij verlenging van het crisisgarantie-instrumentarium onder ogen te zien. 2. Verlenging van de verruiming van de garantie-instrumenten Het kabinet heeft, parallel aan de begrotingsvoorbereiding 2011, besloten tot verlenging van de tijdelijke onderdelen van het garantie-instrumen-tarium met één jaar, tot eind 2011. Voor de GO wordt de onbenutte garantieruimte 2010 in 2011 open gesteld. Daarnaast wordt in de BMKB het 80% borgstellingspercentage voor kleine kredieten (maximaal 1 Motie nr. 6, vergaderjaar 2009/2010 (32 050). 2 Ter inzage gelegd bij het Centraal Informa-tiepunt van de Tweede Kamer der Staten-Generaal.Tweede Kamer, vergaderjaar 2010–2011, 31 371, nr. 3521 € 250 000) weer alleen beschikbaar gesteld voor starters. Bestaande ondernemers kunnen gebruik maken van de reguliere borgstelling van per saldo 45%. Met deze vormgeving van de verlenging gaat het kabinet over tot beheerste uitfasering van het crisis-instrumentarium. Het kabinet heeft tot verlenging van de garantie-instrumenten besloten tegen de achter-grond van de huidige stand van de economie. Deze situatie laat naar de opvatting van het kabinet niet toe dat de tijdelijke garantiemaatregelen nu reeds buiten werking worden gesteld. Verlenging van de tijdelijke onderdelen van de garantieregelingen zal er aan bijdragen dat vermo-gensverschaffers -voor bedrijven die in de kern gezond zijn- makkelijker in de financieringsvraag kunnen voldoen. Er is daarnaast frequent gesproken met private initiatiefnemers, banken en beleggers over de mogelijkheden gericht op de ondersteuning van het buffervermogen van bedrijven. Het kabinet staat positief tegenover initiatieven die in de markt worden ontplooid. Ter ondersteuning van het buffervermogen heeft het kabinet de verruimde openstelling van de Groeifaciliteit verlengd tot eind 2011. Het besluit van het kabinet om het crisis-instrumentarium te verlengen sluit aan bij de gezamenlijke brief d.d. 2 juni 2010 van MKB Nederland, VNO-NCW en NVB, waarin zij van oordeel zijn dat het bestaande garantie-instrumentarium juist ook in een opgaande economie voor bedrijven van grote waarde is. Daarom pleiten de drie verenigingen gezamenlijk voor het behoud van deze instrumenten in 2011 in de huidige vorm. Banken zullen overigens, naar verwachting, blijvend op een andere wijze omgaan met kredietrisico’s. Het nieuwe kapitaaleisenraamwerk (Basel III) dwingt de banken ertoe om meer en beter bufferkapitaal aan te houden voor de risico’s die de banken lopen. In vergelijking met de periode van voor de kredietcrisis zullen kredietvoorwaarden strenger zijn en kredietri-sico’s beter beprijsd. Het kabinet kan en wil deze structurele ontwikkeling niet tegengaan. De verlenging van crisismaatregelen met betrekking tot het financieringsinstrumentarium van de overheid kent dan ook een tijdelijk karakter. De verlenging van de (tijdelijke componenten van de) garantieregelingen voor het bankwezen en verschaffers van eigen vermogen tot eind 2011 zullen een belangrijke bijdrage leveren aan het financieren van het economische herstel. De minister van Economische Zaken,M. J. A. van der HoevenTweede Kamer, vergaderjaar 2010–2011, 31 371, nr. 3522

Eerdere bronversies

17 okt 2026 · 745d2d000abc301b

14 okt 2026 · a29838006f8cfe44

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.