KamerkringInloggen
Kamerbrief

Nieuw handelingskader politie externe bijeenkomsten

21 sep 2026 · Tweede Kamer

Brontekst

Versie 5f76e05d50be8691 · officiële bron

29 628 Politie Nr. 1357 Brief van de minister van Justitie en Veiligheid Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Den Haag, 21 september 2026 In het eerste halfjaarbericht politie 2026[voetnoot 1] heb ik uw Kamer geïnformeerd over het handelingskader van de politie voor deelname als gast aan bijeenkomsten in het teken van betekenisvolle dagen. Met deze brief informeer ik uw Kamer - na overleg met de korpschef - over het handelingskader voor het zelf organiseren van dergelijke bijeenkomsten door de politie voor externen.[voetnoot 2] Handelingskader politie voor betrokkenheid bij externe bijeenkomsten Een politieorganisatie kan haar werk alleen goed doen als zij in verbinding staat met de samenleving. Hiervoor is een goede informatiepositie essentieel. Een belangrijk deel van de informatiepositie ontstaat wanneer burgers zelf bereid zijn signalen met de politie te delen, zorgen kenbaar te maken, mee te werken aan onderzoek en contact te zoeken wanneer problemen (lijken te) ontstaan. Door aanwezig en aanspreekbaar te zijn als politie in de samenleving kunnen spanningen eerder worden herkend, risico’s tijdig worden gesignaleerd, kan de meldingsbereidheid worden vergroot en kunnen situaties worden voorkomen die kunnen escaleren. Maatschappelijke acceptatie en contact met burgers zijn daarnaast voorwaarden voor legitimiteit. De politie werkt vanuit het algemeen belang en kiest in maatschappelijke verschillen geen partij. Daarmee is de politie bij de uitvoering van de politietaak niet dienstbaar aan specifieke religieuze en levensbeschouwelijke doeleinden. Deze scheiding tussen kerk en staat vloeit voort uit de godsdienstvrijheid en het discriminatieverbod. De Politiewet 2012 verankert de taakuitoefening ten dienste van de rechtsorde en een gelijke behandeling. De politie vertegenwoordigt de wet in de rechtsstaat, waarin neutraliteit een centraal uitgangspunt is. Neutraliteit staat hierbij niet tegenover diversiteit, maar beschermt juist haar gelijke behandeling. Een geüniformeerde agent is een bijzondere vertegenwoordiger van de overheid. Dit brengt een grote verantwoordelijkheid met zich mee en vereist een neutrale taakuitvoering. Door deze neutraliteit in de uitstraling en taakuitvoering te handhaven blijft de politie boven de partijen staan en daardoor in verbinding met iedereen. Met bovengenoemde uitgangspunten is de korpschef met het korpsmanagementteam aan de slag gegaan voor de uitwerking van de strategische agenda politie 2025-2030. Deze agenda wordt langs verschillende beleidslijnen uitgewerkt, waaronder de lijnen ‘verbonden politie’ en ‘rechtsstatelijk handelen’. De uitwerking van deze beleidslijnen is begin dit jaar gestart en heeft geleid tot een handelingskader voor het zelf organiseren van bijeenkomsten door de politie voor externen. Zelf door politie organiseren van externe bijeenkomsten De vraag die steeds centraal staat bij het beoordelen van de werkwijzen voor de professionele taakuitvoering van de politie is: draagt dit bij aan een betere informatiepositie, een effectievere samenwerking met de samenleving en dus aan een betere uitvoering van de wettelijke politietaak? De korpschef en het korpsmanagementteam stellen zich op het standpunt dat de politie niet zelf als (mede)organisator dient op te treden van religieuze en levensbeschouwelijke bijeenkomsten voor externen (zoals met Ramadan (iftar), Kerst, of Chanoeka). De politie zou daarmee mogelijk een verwarrend signaal kunnen afgeven over haar neutraliteit, dan wel is het voorstelbaar dat een burger dit zo ervaart. Dat schuurt met haar opdracht om het algemeen belang te dienen. Bovenstaande betekent niet dat de politie afstand neemt van gemeenschappen of minder zichtbaar wordt in de samenleving. Het betekent dat de politie haar neutraliteit scherper vormgeeft. Niet door afstand te nemen van gemeenschappen, maar door haar omgang met alle gemeenschappen langs gelijke norm vorm te geven. De politie blijft investeren in verbinding met de samenleving in brede zin door aanwezig en aanspreekbaar te zijn waar veiligheidsvraagstukken spelen. De politie blijft ook ingaan op uitnodigingen om aanwezig te zijn (als gast) bij bijeenkomsten georganiseerd door anderen. Hierbij is het handelingskader voor deelname van de politie (als gast) aan bijeenkomsten van toepassing, zoals met u gedeeld in het eerste halfjaarbericht politie van juli 2026, waarin is opgenomen dat politiemedewerkers zich te allen tijde opstellen als een representant van de seculiere overheid en bij deelname aan bijeenkomsten in het teken van betekenisvolle dagen geen religieuze uitingen doen tijdens hun dienst en in uniform.[voetnoot 3] Ook hierbij maakt de politie geen onderscheid tussen groepen op basis van geloof, etniciteit, achtergrond of identiteit. Leidend is de vraag waar contact bijdraagt aan de professionele uitvoering van de wettelijke taak. Het handelingskader is besproken en vastgesteld door de korpschef met het korpsmanagementteam en besproken met medezeggenschap en bonden. Ook met de netwerken divers vakmanschap binnen de politie is gesproken over het handelingskader. Zelf door politie organiseren van interne bijeenkomsten Binnen de politieorganisatie blijft er ruimte voor het organiseren van betekenisvolle momenten voor de eigen medewerkers. De korpschef biedt vanuit haar rol als werkgever binnen de politie organisatie ruimte voor betekenisvolle bijeenkomsten, ook met (deels) religieus karakter, binnen het gestelde handelingskader, zoals ook gebruikelijk binnen andere overheidsorganisaties. Tot slot De korpschef en ik hechten beiden veel waarde aan de neutraliteit van de politie bij de taakuitvoering en aan een politie die in goede verbinding staat met de samenleving. Het staat buiten kijf dat de overheid, en derhalve ook de politie, zich neutraal opstelt. Het handelingskader waarborgt scherper de neutraliteit van de politie bij externe bijeenkomsten en sluit in die zin aan bij de bredere wens van de Kamer en aangenomen moties hierover.[voetnoot 4] Ik heb vertrouwen in de ingeslagen weg van de Korpschef. Dit betekent (deels) een koerswijziging en heeft dus ook impact op de politieorganisatie en op bijeenkomsten die reeds in voorbereiding zijn. De minister van Justitie en Veiligheid, D.M. van Weel Kamerstukken II, 2025-2026, 29628, nr.1345 (HJB politie I 2026) In het eerste halfjaarbericht politie 2026 en in het CD politie van 9 september jl. heb ik toegezegd u nader te zullen informeren over het handelingskader. Met deze brief doe ik de toezegging gestand. D.w.z. door niet zelf actief deel te nemen aan rituelen (zoals bidden, zingen, reciteren, andere rituelen) of door religieuze rituelen te begeleiden (zoals oproepen tot gebed, zingen, reciteren, andere rituelen). Kamerstuk 29628, nr. 1264 (motie Michon-Derkzen), Kamerstuk 29 628, nr. 1340 (motie Coenradie c.s.). Met deze brief beschouw ik deze moties als afgedaan.

Eerdere bronversies

17 okt 2026 · 8741a0c6af473523

14 okt 2026 · acb278f3cef1f9f7

13 okt 2026 · 8c1d5321edb98ce9

12 okt 2026 · be15d77013ce4e5b

Gerelateerde bronnen

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.