Nahang Uitvoeringsbesluit WVO 2020
Brontekst
Versie 2cb34c35744fa86b · officiële bronStaten-Generaal1/2Vergaderjaar 2021–2022 31 289Voortgezet Onderwijs N/ Nr. 497 BRIEF VAN DE MINISTER VOOR BASIS- EN VOORTGEZET ONDERWIJS EN MEDIA Aan de Voorzitters van de Eerste en van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Den Haag, 28 oktober 2021 Hierbij bied ik u aan het Uitvoeringsbesluit WVO 20201. Voor de inhoud van het besluit verwijs ik u naar de nota van toelichting2. De voorlegging geschiedt in het kader van de wettelijk voorgeschreven procedure, bedoeld in artikel 13.1, tweede lid, van de Wet voortgezet onderwijs 2020. Op grond van de aangehaalde bepaling geschiedt de inwerkingtreding van het besluit niet dan nadat vier weken zijn verstreken na de overlegging van het besluit aan beide Kamers der Staten-Generaal. Er wordt gestreefd naar inwerkingtreding van het besluit met ingang van 1 augustus 2022. Een gelijkluidende brief heb ik heden gezonden aan de Voorzitter van de Eerste Kamer der Staten-Generaal. De Minister voor Basis- en Voortgezet Onderwijs en Media, A. Slob1Raadpleegbaar via www.tweedekamer.nl2Raadpleegbaar via www.tweedekamer.nl kst-31289-497ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2021Ter griffie van de Eerste en van de Tweede Kamer der Staten-Generaal ontvangen op 28 oktober 2021.De wens dat het in de maatregel geregelde onderwerp bij wet wordt geregeld kan door of namens een van beide Kamers of door ten minste vijftien leden van de Eerste Kamer dan wel dertig leden van de Tweede Kamer te kennen worden gegeven uiterlijk op 25 november 2021.Staten-Generaal, vergaderjaar 2021–2022, 31 289, nr. 497
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.