KamerkringInloggen
Kamerstuk

Debat naar aanleiding van een algemeen overleg op 27 juni 2012 over de Belastingdienst

5 jul 2012 · Tweede Kamer

Brontekst

Versie 72dbdb5d66cd830d · officiële bron

Tweede KamerBelastingdienst 5 juli 2012TK 105105-50-11850BelastingdienstAan de orde is het debat naar aanleiding van een alge-meen overleg op 27 juni 2012 over de Belastingdienst.De voorzitter:Ik heet de staatssecretaris welkom.De heer Van Vliet (PVV):Voorzitter. Het AO dat hieraan voorafging, was wat mij be-treft het belangrijkste AO van het afgelopen jaar. Het gaatnamelijk om gemiste belastingopbrengsten. In deze tijdenvan bezuinigingen moeten we het uiterste doen om daarverandering in aan te brengen. Vandaar de volgende aan-sporing.MotieDe Kamer,gehoord de beraadslaging,overwegende dat sprake is van een substantieel bedragaan niet ingevorderde en niet geïnde belastingen;constaterende dat de regering heeft toegezegd om voor1 oktober 2012 met een actieplan te komen om dit bedragtot het uiterste te verlagen;constaterende dat dit actieplan wordt uitgewerkt door deambtelijke top van de Belastingdienst;constaterende dat de meeste geluiden over niet geïndebelastingen afkomstig zijn van lagere echelons zoals be-lastingdeurwaarders, ontvangers en controleurs;verzoekt de regering, deze groepen expliciet te betrekkenbij het actieplan en de Kamer uiterlijk bij indiening vanhet actieplan hierover te informeren,en gaat over tot de orde van de dag.De voorzitter:Deze motie is voorgesteld door het lid Van Vliet. Naar mijblijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.Zij krijgt nr. 135 (31066).MotieDe Kamer,gehoord de beraadslaging,overwegende dat het model van horizontaal toezicht vol-gens het rapport van de commissie-Stevens tekortkomin-gen kent en niet voor alle doelgroepen van belastingplich-tigen even geschikt is om volledige en juiste belastinghef-fing en belastinginning te bereiken;verzoekt de regering, tot een nadere afbakening te komenvan de doelgroepen voor wie horizontaal toezicht inder-daad een geschikt model is voor invulling van de relatietussen Belastingdienst en belastingplichtige en de Kamerhierover voor 1 oktober 2012 te informeren,en gaat over tot de orde van de dag.De voorzitter:Deze motie is voorgesteld door het lid Van Vliet. Naar mijblijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.Zij krijgt nr. 136 (31066).Het woord is aan de heer Braakhuis. Als ik het goedheb, wordt dit zijn laatste VAO-deelname. We gaan ervoor zitten.De heer Braakhuis (GroenLinks):Voorzitter. Zal ik dan de tijd nemen?De voorzitter:Nee! Ik ken u!De heer Braakhuis (GroenLinks):Goed. Dan brand ik meteen los.Voorzitter. De staatssecretaris en ik hebben de afgelo-pen jaren aardig de degens gekruist over belastingontwij-king. Ik ga toch niet weg zonder te proberen iets daaroverin te koppen. Vandaar de volgende moties.MotieDe Kamer,gehoord de beraadslaging,overwegende dat het begrip "substance" door de Kamerook wordt beleefd als een vereiste om reële meerwaardetoe te voegen aan de Nederlandse economie;constaterende dat bovenstaande vereiste momenteel nietonder de substance-eisen valt;constaterende dat de substance-eisen hierdoor magerzijn;verzoekt de regering om het begrip "substance" zodanigte herdefiniëren dat deze ook de reële economische meer-waarde reflecteert, zoals ten minste het scheppen vanwerkgelegenheid, en de Kamer hierover voor 1 oktober2012 te informeren,en gaat over tot de orde van de dag.De voorzitter:Deze motie is voorgesteld door de leden Braakhuis enGroot. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoen-de ondersteund.Zij krijgt nr. 137 (31066). BraakhuisTweede KamerBelastingdienst 5 juli 2012TK 105105-50-119De heer Braakhuis (GroenLinks):In vervolg en aansluiting op deze motie, dien ik de vol-gende motie in.MotieDe Kamer,gehoord de beraadslaging,overwegende dat de Nederlandse fiscale wetgeving er-toe geleid heeft dat zich in Nederland bovengemiddeldveel brievenbusmaatschappijen hebben gevestigd met alsdoel elders belasting te ontwijken;constaterende dat dit vaak ten koste gaat van ontwikke-lingslanden en soms van Europese bondgenoten;constaterende dat het grootste deel van deze brievenbus-maatschappijen ook op langere termijn niet leidt tot reëleeconomische meerwaarde, met nadruk op het scheppenvan werkgelegenheid;verzoekt de regering, zo snel mogelijk met wetgeving tekomen die een nader te bepalen maximale termijn steltaan het genieten van fiscale voordelen door brievenbus-maatschappijen, zonder dat binnen deze termijn reëleeconomische meerwaarde wordt gegenereerd, zoals hetscheppen van werkgelegenheid, en dit nog in 2013 aan deKamer voor te leggen,en gaat over tot de orde van de dag.De voorzitter:Deze motie is voorgesteld door de leden Braakhuis enGroot. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoen-de ondersteund.Zij krijgt nr. 138 (31066).De heer Braakhuis (GroenLinks):Naar aanleiding van hetgeen ik terugkreeg via de pers,namelijk dat een bepaalde afspraak die ik met de staatsse-cretaris dacht te hebben anders geïnterpreteerd werd enanders blijkt te zijn overgekomen, dien ik mijn laatste mo-tie in.MotieDe Kamer,gehoord de beraadslaging,overwegende dat de staatssecretaris zowel tijdens hetlaatste debat als in zijn schriftelijke antwoorden heeft be-vestigd dat leden van de Tweede Kamer bij de Belasting-dienst op basis van vertrouwelijkheid inzage kunnen krij-gen in individuele casussen en op publieke basis onher-leidbare geaggregeerde overzichten kunnen krijgen;constaterende dat dit tegenover de pers weer wordt gere-lativeerd;overwegende dat het voor de Kamer belangrijk is haarparlementaire toezicht op de Belastingdienst te kunnenuitvoeren met respect voor, maar niet onnodig gehinderddoor artikel 67 van de AWR en dat er dus geen onduide-lijkheid mag bestaan over hoe dit te interpreteren;verzoekt de regering, nogmaals eenduidig te bevestigenwat al toegezegd leek,en gaat over tot de orde van de dag.De voorzitter:Deze motie is voorgesteld door het lid Braakhuis. Naar mijblijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.Zij krijgt nr. 139 (31066).De heer Omtzigt (CDA):Voorzitter. Ik dank mijn collega's, in het bijzonder collegaBraakhuis, voor de goede samenwerking. Ik dien één mo-tie in.MotieDe Kamer,gehoord de beraadslaging,constaterende dat een behoorlijk percentage van het be-drag dat op grond van de wet aan belasting betaald zoumoeten worden, niet in de schatkist belandt door onjuisteof onvolledige belastingaangiften, illegale activiteiten enonvoldoende capaciteit voor de invordering van belastin-gen;van mening dat het eerlijker en rechtvaardiger is om dehuidige belastingverplichtingen beter te handhaven en zodeze tax gap te verkleinen, dan om de belastingen te ver-hogen of nieuwe belastingen in te voeren;overwegende dat een betere handhaving van huidige be-lastingverplichtingen bovendien een positief effect heeftop de belastingmoraal van welwillende belastingplichti-gen;overwegende dat het nalevingstekort voor particulieren1,5% van de totale belastingopbrengst bedraagt, voorkleine en middelgrote ondernemingen 6,5% en voor gro-te ondernemingen eveneens een dergelijk percentage,en dat verkleining van de tax gap de schatkist dus enkelemiljarden kan opleveren;van mening dat er met het oog op een nieuw regeerak-koord een plan moet liggen om ervoor te zorgen dat debelasting die de fiscus wettelijk gezien binnen zou moe-ten krijgen, ook daadwerkelijk door de fiscus ontvangenwordt;verzoekt de regering, voor 1 oktober met een plan te ko-men om de tax gap te halveren, dan wel zo mogelijk nogverder te verkleinen, door met gerichte acties zowel op OmtzigtTweede KamerBelastingdienst 5 juli 2012TK 105105-50-120het gebied van handhaving als invordering de belasting-opbrengst te vergroten;verzoekt de regering tevens, hierbij in kaart te brengenmet welke gerichte investeringen de belastingopbrengstmet een veelvoud vergroot kan worden,en gaat over tot de orde van de dag.De voorzitter:Deze motie is voorgesteld door de leden Omtzigt, Schou-ten, Braakhuis, Van Vliet, Bashir, Kortenoeven en Groot.Zij krijgt nr. 140 (31066).De heer Groot (PvdA):Voorzitter. Het was een belangrijk debat. Ik ben blij dat destaatssecretaris het belang inziet van een goed functione-rende Belastingdienst. Hij constateert ook dat het aantalcontroles dreigt achter te blijven en komt nu met een planvan aanpak. Ter ondersteuning daarvan dien ik twee mo-ties in.MotieDe Kamer,gehoord de beraadslaging,constaterende dat de regering een plan van aanpak op-stelt om onder meer het aantal verticale controles door deBelastingdienst uit te breiden;verzoekt de regering, in dit plan van aanpak een concreteen uitdagende doelstelling te formuleren voor de hoeveel-heid extra verticale belastingcontroles die de komende ja-ren moet worden uitgevoerd en de hoeveelheid werkne-mers die hiertoe bij de Belastingdienst wordt vrijgemaakt,en gaat over tot de orde van de dag.De voorzitter:Deze motie is voorgesteld door de leden Groot enBraakhuis. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan vol-doende ondersteund.Zij krijgt nr. 141 (31066).MotieDe Kamer,gehoord de beraadslaging,constaterende dat de grootte van de tax gap door de Be-lastingdienst wordt beschreven aan de hand van onder-zoek naar belastinginkomsten uit 2007 en 2008 en van depercentages gemiste opbrengst van particulieren en hetmkb;overwegende dat meer recente informatie over de om-vang van de tax gap gewenst is, ook aangezien de Neder-landse Staat kampt met een begrotingstekort dat deelswordt veroorzaakt door achterblijvende belastinginkom-sten;verzoekt de regering, nieuw onderzoek te doen naar deomvang en samenstelling van de tax gap en in de rappor-tage hierover aan de Kamer niet enkel de percentages na-levingstekorten te vermelden, maar ook de nominale be-dragen aan misgelopen belastinginkomsten,en gaat over tot de orde van de dag.De voorzitter:Deze motie is voorgesteld door de leden Groot enBraakhuis. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan vol-doende ondersteund.Zij krijgt nr. 142 (31066).Mevrouw Neppérus (VVD):Voorzitter. Er ligt duidelijk druk op de Belastingdienst,want op een aantal plekken blijkt de gedachte te zijn ont-staan dat horizontaal toezicht op basis van afsprakentussen de Belastingdienst en bedrijven geen toezicht in-houdt. De Belastingdienst is goed bezig, maar dat beeldmoeten wij wegnemen. Er moet dus duidelijkheid ko-men over de vraag hoe wij plannen verder uitwerken. Destaatssecretaris heeft dat ook toegezegd. Het gaat om watwellicht tekort komt en wat beter moet. Dat moet gewoongebeuren. Ik ben blij dat de staatssecretaris heeft toege-zegd daaraan te werken.Er ligt dus druk op de Belastingdienst. Toezicht moet al-tijd beter kunnen. Het is goed, maar het moet beter kun-nen zolang er verhalen zijn over te weinig toezicht, diedeels op waarheid berusten. Ik zeg er wel bij dat wij alle-maal beter toezicht willen, maar wij zeggen in de Kamerook allemaal dat de overheid kleiner moet worden. Datvraagt ook om een stukje zelfreflectie. Ik zie ook graag be-ter toezicht, net als iedereen, maar weet wel: de Belas-tingdienst werkt met de middelen die hij heeft. Het moetaltijd beter kunnen, maar wij moeten ook naar onszelf kij-ken en enige zelfreflectie tonen.Dat was het, voorzitter. Volgens mij is dit de laatste keerdat ik onder uw voorzitterschap tijdens een VAO sprak.De voorzitter:Ik denk het; het zou zomaar kunnen. Maar goed, er kun-nen altijd nog recesonderbrekingen komen. Ik juich dusniet te vroeg. U moest ook een keer aan de bak tijdenseen reces; dat ben ik niet vergeten.Volgens mij hebben wij de inbreng van de zijde van deKamer gehoord. Wij wachten even totdat de staatssecre-taris beschikt over de teksten van de ingediende moties.De vergadering wordt enkele ogenblikken geschorst.Staatssecretaris Weekers:Voorzitter. Ik dank de Kamer voor de inbreng en de mo-ties, die ik stuk voor stuk zal doorlopen. De heer Van Vlietheeft een motie ingediend op stuk nr. 135, waarin hij deregering verzoekt om lagere echelons binnen de Belas-tingdienst, zoals belastingdeurwaarders, ontvangers encontroleurs, te betrekken bij het actieplan en de Kamerhierover uiterlijk bij de indiening van het actieplan te in- WeekersTweede KamerBelastingdienst 5 juli 2012TK 105105-50-121formeren. Deze motie is overbodig, want dit doe ik al. Ikkan het ook positief benaderen door te zeggen dat dezemotie ondersteuning van beleid is, maar daarmee wordtde motie niet minder overbodig. Ik doe dit gewoon, dusde heer Van Vliet en ik zitten wat dit betreft inhoudelijk opdezelfde lijn. Ik hoef daartoe niet te worden aangespoordmet een motie.De voorzitter:Trekt de heer Van Vliet zijn motie in na deze toezegging?De heer Van Vliet (PVV):De motie vraagt om die groepen expliciet erbij te betrek-ken. Daar was geen sprake van in het AO. Ik vraag om deKamer daarover te informeren bij de indiening van dat ac-tieplan, dus ik wil de motie toch graag in stemming bren-gen.Staatssecretaris Weekers:Ik zeg graag toe dat ik de Kamer hierover informeer.De voorzitter:Expliciet informeer?Staatssecretaris Weekers:Ik informeer de Kamer daarover expliciet. De heer VanVliet vraagt om de ambtenaren er expliciet bij te betrek-ken, maar dat heb ik net al gezegd. Ik kan ambtenaren erniet impliciet bij betrekken. Er wordt een actieplan opge-steld om te kijken of we met gerichte investeringen de be-lastingopbrengst uiteindelijk kunnen verhogen, zodat hetpercentage niet-geïnde bedragen of oninbaar verklaardebedragen fors vermindert. Dat kan ik alleen maar doendoor de mensen die hier op de werkvloer elke dag meebezig zijn, er expliciet bij te betrekken. Die inventarisatievindt op dit moment plaats en zal de komende weken enmaanden doorgaan. Ik heb de Kamer beloofd om uiter-lijk 1 oktober met een plan van aanpak te komen. Daar-in zal ik ook rapporteren over de wijze waarop ik de doorde heer Van Vliet genoemde ambtenaren erbij heb betrok-ken. Daarmee is de motie in mijn opinie overbodig, wantdat doe ik al.De heer Van Vliet (PVV):Ik hoorde van die lagere echelons dat zij er niet bij wor-den betrokken, maar de toezegging klinkt nu zo hard datik de motie aanhoud, maar niet intrek.De voorzitter:Op verzoek van de heer Van Vliet stel ik voor, zijn motie(31066, nr. 135) aan te houden.Daartoe wordt besloten.Staatssecretaris Weekers:Dat apprecieer ik zeer.Dan kom ik op de motie-Van Vliet op stuk nr. 136, die deregering vraagt om tot een nadere afbakening te komenvan de doelgroepen voor wie horizontaal toezicht inder-daad een geschikt model is voor de invulling van de rela-tie tussen Belastingdienst en belastingplichtige en de Ka-mer hierover voor 1 oktober 2012 te informeren.Tegen deze formulering heb ik wel bezwaar. De com-missie-Stevens heeft geen aanleiding gezien om dezekeuze te maken. De commissie-Stevens heeft gezegd dathorizontaal toezicht perfect werkt in het segment zeer gro-te ondernemingen, maar dat dit in het segment mkb enmiddelgrote en grote ondernemingen op grond van eenaantal criteria moet worden doorontwikkeld en dat zakendaar transparanter moeten worden gemaakt.In reactie daarop heb ik gezegd dat ik met de aanbe-velingen aan de slag ga. Uiteraard zal ik de Kamer daar-over rapporteren. Naar mijn mening moeten niet bij voor-baat bepaalde groepen ondernemingen worden uitgeslo-ten van horizontaal toezicht, mits zij voldoen aan gerecht-vaardigd vertrouwen en enkele andere voorwaarden. Ikzeg niet bij voorbaat dat een segment, zoals middelgroteen grote ondernemingen of het mkb, niet meer voor hori-zontaal toezicht in aanmerking kan komen. Om die redenmoet ik de motie ontraden.De heer Van Vliet (PVV):In de motie wordt juist verzocht om aan te geven voor wiehet wel een geschikt model is. Deze motie breng ik dusgraag in stemming, temeer daar horizontaal toezicht juistin verband wordt gebracht met een derving van belas-tingopbrengsten.Staatssecretaris Weekers:De commissie-Stevens heeft nu juist aangegeven dat ho-rizontaal toezicht niet leidt tot derving van belastingop-brengsten. Ik heb in het algemeen overleg dat ik vorigeweek met de Kamer heb gevoerd, nog even de paginaaangegeven waarin een aantal passages hierover zijn op-genomen. Ik heb toen ook afstand genomen van de publi-caties daarover in de Volkskrant. Ook de commissie-Ste-vens heeft impliciet afstand genomen van die publicaties.Die kloppen gewoon niet. Daarin zijn verkeerde gevolg-trekkingen gebezigd. Ik wil de Kamer ontraden om datsoort verkeerde berichtgeving voor waar aan te nemen.Ik wil haar vragen om zich te baseren op rapporten vande onafhankelijke commissie-Stevens en de discussie diewe daarover hebben gevoerd. Ik zou het appreciëren alswe ons richten op gedegen stukken en niet op publicatiesmet verkeerde gevolgtrekkingen in de krant. Mijn oordeelblijft dus dat de motie moet worden ontraden.In de motie op stuk nr. 137 van de heren Braakhuis enGroot wordt de regering verzocht, het begrip "substance"zodanig te herdefiniëren dat deze ook de reële economi-sche meerwaarde reflecteert, zoals ten minste het schep-pen van werkgelegenheid, en de Kamer hierover voor1 oktober te informeren.De heren Braakhuis en Groot hebben nog een tweedemotie ingediend die zich richt op brievenbusmaatschap-pijen. Daarin wordt de regering verzocht om wetgevingte maken, zodat brievenbussen zich binnen enkele jarenmoeten transformeren tot bedrijven die reële werkgele-genheid scheppen. We hebben hierover vorige week tij-dens het algemeen overleg een goed debat gevoerd. Ikdenk dat we het inhoudelijk met elkaar eens zijn als hetgaat om het volgende. Het fiscaal vestigingsklimaat vanNederland is aantrekkelijk en moet aantrekkelijk blijven.Om het even oneerbiedig te zeggen: we komen alleen onsbed uit voor diegenen die ook wat willen toevoegen aande Nederlandse economie, die hier ook welvaart willencreëren. Ik heb in de brief die vorige week wel aan de or-de is gekomen, maar die nog niet echt goed besprokenis door de rest van de Kamer omdat die formeel niet gea-gendeerd was, aangegeven wat de mogelijkheden en deonmogelijkheden zijn. Ik kan met deze twee moties dus WeekersTweede KamerBelastingdienst 5 juli 2012TK 105105-50-122op dit moment niet zo gek veel. Ik vind de moties wat pre-matuur. Het Holland Financial Centre doet op dit momentonderzoek naar het belang van de non-bank financial sec-tor voor de Nederlandse economie. De Kamer heeft mijgisteren per brief gevraagd om onverwijld na publicatievan dat onderzoek de Kamer te informeren en dat ook tevoorzien van een kabinetsreactie. Pas daarna kunnen wekijken of het noodzakelijk is om op een van de twee mo-ties in te gaan.Ik vind het een beetje vreemd om van de Kamer hetverzoek te krijgen om zo meteen nog wel dat onderzoekte sturen. De commissie heeft vorige week expliciet ge-zegd dat de brief die ik had gestuurd over substance,niet aan de orde was, maar zij stond toch toe dat de heerBraakhuis en ik daar een paar woorden aan konden wij-den. Dan is echt prematuur om nu met deze twee motieste komen. Om die reden moet ik ze ook echt beide ontra-den.De heer Braakhuis (GroenLinks):Het Holland Financial Centre doet een onderzoek naarschaduwbankieren. Dat heeft niets te maken met dezemotie. Volgens mij zijn de moties niet prematuur. Ik vraagalleen aan de staatssecretaris om met een voorstel te ko-men om substance te herdefiniëren.De voorzitter:We hadden afgesproken om dit niet te doen. Misschiengaat het hier om een misverstand.Staatssecretaris Weekers:Dat is geen misverstand. Het gaat om een onderzoek vanHolland Financial Centre. Wij hebben expliciet gevraagdom in beeld te brengen of er vanuit brievenbussen uitein-delijk reële economische activiteiten te verwachten zijn.Men gaat de zaak inventariseren en de casuïstiek beschrij-ven. Dit punt blijft dus een onderwerp van discussie. Eenmotie op dit moment is echt prematuur. Ik vraag de Ka-mer dus, in het uiterste geval de moties aan te houdentotdat het onderzoek van HFC is verschenen en totdat debrief over substance die ik vorige week naar de Kamerheb gestuurd, door de hele Kamer is besproken en niet al-leen door de fractie van GroenLinks, die dit stuk – dat bui-ten de orde was gesteld – wel in het debat heeft meege-nomen. Het onderdeel substance is volgens mij buiten deorde van dit VAO.De heer Braakhuis heeft een derde motie ingediend,waarin het informatierecht van de Kamer versus de ge-heimhoudingsplicht van de Belastingdienst wordt bespro-ken. De heer Braakhuis verzoekt de regering nogmaals,eenduidig te bevestigen wat al toegezegd leek. Ik weetniet wat hierover in de krant heeft gestaan. Ik heb de krantin elk geval zelf niet te woord gestaan na het AO. De krantheeft uit mijn mond kunnen optekenen wat tijdens het AOis gezegd. Voor de volledigheid zal ik het nu herhalen. Defiscale geheimhoudingsplicht verzet zich tegen openba-re informatieverstrekking over individuele belastingplich-tigen aan uw Kamer. Het is mogelijk om inlichtingen ge-aggregeerd te verstrekken als die informatie niet herleid-baar is tot individuele belastingplichtigen. Verder geldtdat de uitkomst van de weging tussen het belang van hetverkrijgen van inlichtingen van het parlement enerzijdsen het belang van de individuele belastingplichtige bij be-scherming van zijn fiscale gegevens anderzijds, bepalendis voor de vorm waarin fiscale inlichtingen worden ver-strekt. De uitkomst van die afweging kan inhouden datgegevens over individuele belastingplichtigen vertrouwe-lijk en onder geheimhouding aan de Kamer worden ver-strekt in het kader van het inlichtingenrecht dat de Kamergrondwettelijk heeft. Andere verstrekkingsvormen zijnook denkbaar, zoals een technische briefing of een ver-trouwelijk overleg.Dit heb ik ook in het algemeen overleg naar voren ge-bracht. Ik herhaal het hier nogmaals. Daarmee denk ik datde motie uiteindelijk overbodig is, omdat ik hiermee an-dermaal expliciet heb aangegeven hoe de zaak moet wor-den uitgelegd.De voorzitter:Mijnheer Braakhuis, wij gaan niet meer interrumperen.De heer Braakhuis (GroenLinks):Ik mag toch van de gelegenheid gebruikmaken om demotie terug te nemen, voorzitter? De staatssecretaris is nuexpliciet aan mijn motie tegemoetgekomen. Ik hoop danwel dat de omgeving van de staatssecretaris dezelfde in-formatie krijgt als wij, want het komt anders bij de persterecht.Staatssecretaris Weekers:Mijn ambtenaren zullen goed lezen wat in de Handelingenvan de Kamer staat.De voorzitter:En luisteren misschien zelfs.Staatssecretaris Weekers:Zo is het.De voorzitter:Aangezien de motie-Braakhuis (31066, nr. 139) is ingetrok-ken, maakt zij geen onderwerp van beraadslaging meeruit.Staatssecretaris Weekers:Voorzitter. Ook de leden Omtzigt en Groot hebben samenmet andere Kamerleden moties ingediend. Dat deden zijnaar aanleiding van mijn mededeling tijdens het alge-meen overleg dat ik de Belastingdienst heb gevraagd, meteen plan van aanpak te komen om het nalevingstekort teverkleinen om meer belastingopbrengsten binnen te ha-len op basis van de vigerende wetgeving dan thans hetgeval is. Het doel is om met gerichte investeringen te ko-men tot meer geld, netto onder de streep, ten behoevevan de schatkist. Hierover zijn enkele moties ingediend.De heer Omtzigt vraagt in zijn motie op stuk nr. 140 deregering "voor 1 oktober met een plan te komen om detax gap te halveren, dan wel zo mogelijk nog verder teverkleinen, door met gerichte acties zowel op het gebiedvan handhaving als invordering de belastingopbrengst tevergroten" en "hierbij tevens in kaart te brengen met wel-ke gerichte investeringen de belastingopbrengst met eenveelvoud vergroot kan worden". Met uitzondering van"de tax gap te halveren" heb ik al aangegeven dat ik bezigben met wat in de motie wordt gevraagd. Daarmee is dieoverbodig. Ik zou ook kunnen zeggen, zoals ik tegen deheer Van Vliet zei: de motie is ondersteuning van beleid.Ik zit nog wel met "de tax gap te halveren". Er zijn tweebegrippen die we niet met elkaar moeten verwarren: na-levingstekort en tax gap. In de begroting publiceer ik over WeekersTweede KamerBelastingdienst 5 juli 2012TK 105105-50-123het nalevingstekort en niet over de tax gap. De tax gap isiets wat we weten noch kunnen benaderen: alles wat zichin de illegaliteit afspeelt. Daarvoor kan ik onmogelijk ver-antwoordelijk worden gehouden. Ik weet niet hoe groothet is, laat staan dat ik het kan halveren. Bij het nalevings-tekort gaat het om andere zaken. Doen mensen en bedrij-ven tijdig aangifte? Klopt de aangifte? Kunnen correctiesworden aangebracht door middel van een boekenonder-zoek? Daarbij geldt, zoals ik vorige week heb gezegd, datik geen resultaatsverplichting op mij kan of wil nemen omhet te halveren. Ik kan wel proberen om het nalevings-tekort te verkleinen. Als de heer Omtzigt in zijn motie dewoorden "de tax gap te halveren" schrapt, is die een, ove-rigens welkome, ondersteuning van het beleid. Als hij dewoorden laat staan, moet ik de motie ontraden. Andersword ik opgescheept met een opdracht die ik onmogelijkkan uitvoeren.De heer Koolmees (D66):In de motie van de heer Omtzigt wordt verzocht "om detax gap te halveren, dan wel zo mogelijk nog verder teverkleinen". Dit komt volgens mij tegemoet aan wat destaatssecretaris zegt.Staatssecretaris Weekers:Ik zou dan "de tax gap" graag vervangen zien door "hetnalevingstekort", gevolgd door "substantieel te verklei-nen". Als de motie zo wordt aangepast, kan ik er primamee leven en ervaar ik haar als een krachtige ondersteu-ning van beleid.De voorzitter:Kan de heer Koolmees of de heer Omtzigt knikken?De heer Omtzigt (CDA):Ik kom met een aanpassing die een eind in deze richtinggaat.De voorzitter:Dan is het oordeel aan de Kamer. We moeten het tempoeen beetje verhogen.Staatssecretaris Weekers:In de motie op stuk nr. 141 vragen de heren Groot enBraakhuis om in een plan van aanpak "een concrete enuitdagende doelstelling te formuleren hoeveel extra verti-cale belastingcontroles er de komende jaren moeten wor-den uitgevoerd en hoeveel werknemers bij de belasting-dienst hiertoe worden vrijgemaakt". Het ligt er maar aanhoe je deze motie leest. Als wordt gepleit voor een ver-schuiving binnen de dienst, dan is het een stap terug tenopzichte van de discussie van vorige week. Ik zei zojuistmet een stukje extra capaciteit nog meer binnen te willenhalen.De voorzitter:Dank u wel.Staatssecretaris Weekers:Als het zo is dat …De voorzitter:Staatssecretaris, het moet een beetje sneller. Het spijt me.Staatssecretaris Weekers:Dan stel ik vast dat deze motie contraproductief is, hoe-wel de heer Groot dat absoluut niet zo bedoeld zal heb-ben. Ik moet de motie ontraden. Dan is er nog een mo-tie van de heer Groot waarin hij de regering verzoekt omnieuw onderzoek te doen naar de omvang en samenstel-ling van de tax gap en in de rapportage hierover aan deKamer niet enkel de percentages nalevingstekorten te ver-melden, maar ook de nominale bedragen aan misgelopenbelastinginkomsten. Ik heb zojuist al het onderscheid tus-sen tax gap en nalevingstekort aangegeven. Als de term"tax gap" eruit wordt gehaald, zou ik beter met het dictumkunnen leven, maar wat ik niet kan, is de nalevingstekor-ten vertalen in concrete nominale bedragen aan misgelo-pen belastingopbrengsten. Ik weet namelijk niet wat deconcrete nominale bedragen aan misgelopen belastingin-opbrengsten zijn ...De voorzitter:Dank u wel.Staatssecretaris Weekers:... Het enige wat ik kan doen, en ook doe, is door middelvan gericht onderzoek zaken in beeld brengen en extrapo-leren. Die percentages staan elk jaar in de begroting en inde verantwoordingsstukken.De voorzitter:Ik begrijp van de heer Groot dat er een aangepaste motiekomt, maar ik kan niet helemaal beoordelen of die in uwgeest is. Ik dank de staatssecretaris voor zijn beantwoor-ding. Ik ben wel blij dat u vandaag niet tien keer een VAOhebt, en u zelf ook. Ik wens u een geweldig goed recestoe.De beraadslaging wordt gesloten.De voorzitter:Bij de eindstemming zullen wij stemmen over de inge-diende moties.Er is niet geschorst, zeg ik tegen de heer Braakhuis, dienu met de staatssecretaris van Financiën staat te praten.

Gerelateerde bronnen

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.