Voortgang tabaksontmoedigingsbeleid
Brontekst
Versie 4c7d820f058bac87 · officiële bronTweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2023–202432 011TabaksbeleidNr. 110 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN VOLKSGEZONDHEID,WELZIJN EN SPORT Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-GeneraalDen Haag, 25 april 2024Roken is de belangrijkste veroorzaker van ziekte en sterfte in Nederland.Het blijft daarom onverminderd belangrijk om in te zetten op hetontmoedigen van roken en het bereiken van de rookvrije generatie. Metdeze brief breng ik uw Kamer op de hoogte over de stand van zaken vaneen aantal onderwerpen rondom het tabaksontmoedigingsbeleid. Ookdoe ik een aantal moties van uw Kamer af. In deze brief behandel ik devolgende onderwerpen:1.Uitbreiding rookverbod naar plekken waar veel kinderen komen2.Onderzoek uniform en neutraal uiterlijk van e-sigaretten3.Afstandscriterium verkooppunten tabak4.Verkoop elektronische rookwaar in speciaalzaken5.Accijnsverhoging en stoppen met roken6.Reactie Europese Commissie op rechtszaak aangaande sjoemelsigaretHieronder ga ik puntsgewijs in op de verschillende onderwerpen.1. Uitbreiding rookverbod naar plekken waar veel kinderen komen In de motie Jansen en Krul wordt de regering verzocht om met een plan tekomen voor een rookverbod ten aanzien van plekken waar veel kinderenkomen, zoals in pretparken, speeltuinen en openluchtzwembaden.1Tevens wordt de regering verzocht om ervaringen en de haalbaarheid teonderzoeken van een breder verbod van roken in de nabijheid vankinderen, en de Kamer daarover binnen zes maanden te informeren. Netals de leden Jansen en Krul vind ik het rookvrij maken van omgevingenwaar veel kinderen komen van groot belang en de motie steunt dan ookhet beleid dat ik hierop, samen met partijen, al heb ingezet en eerder hebaangekondigd in mijn brief van 2 december 20222.1Kamerstukken II 2023/2024 36 410 XVI, nr. 62.2Kamerstukken II 2022/2023 32 011, nr. 97. kst-32011-110ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2024Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 32 011, nr. 1101 In het Nationaal Preventieakkoord (NPA) is afgesproken dat kinderenmoeten kunnen opgroeien in een rook- en tabaksvrije omgeving. Datbetekent dat ze niet langer blootgesteld worden aan meeroken en datvoorkomen wordt dat zij verleid worden om te beginnen met roken.3 Omdit te bewerkstelligen zijn met de NPA-partners doelen gesteld om alleschoolterreinen, kinderboerderijen en kinderopvanglocaties speeltuinenen sportterreinen rookvrij te maken.4 Veel partners zijn aan de slag en erzijn veel goede voorbeelden van kindomgevingen die de afgelopen jarenrookvrij zijn geworden. Denk bijvoorbeeld aan de gemeente Den Haag,waar alle openbare speelplekken en eigen sportparken rookvrij zijngemaakt. Inmiddels zijn bijna alle kinderboerderijen en beheerdespeeltuinen in Nederland rookvrij. Het is belangrijk dat partijen aan deslag blijven met het rookvrij maken van terreinen. Via de RookvrijeGeneratie hebben partijen materialen tot hun beschikking die kunnenhelpen bij het rookvrij maken.Ondanks dat er vooruitgang is geboekt op de rook- en tabaksvrijeomgeving, blijkt uit de Voortgangsrapportage Nationaal Preventieakkoord2021 dat een aantal doelstellingen niet gehaald is.5 Het aantal rookvrijekinderboerderijen, beheerde speeltuinen en sportverengingen is toege-nomen, maar het is nog niet zo dat al deze plekken rookvrij zijn. Over dehele linie worden belangrijke stappen gezet richting de rook- en tabaks-vrije omgeving, maar het tempo waarop dit gebeurt ligt laag. Om ook deachterblijvers te stimuleren tot het rookvrij maken van hun terreinen, hebik eerder aangekondigd het rookverbod uit te breiden met een aantalplekken waar veel kinderen komen.6Het wettelijk verbieden van roken of vapen op locaties waar veel kinderenkomen, kan worden bewerkstelligd door middel van uitbreiding van dereikwijdte van het rookverbod, zoals geformuleerd in de Tabaks- enrookwarenwet. Het rookverbod is in artikel 10 van de Tabaks- en rookwa-renwet opgenomen en stelt dat de beheerder van de locaties waar hetrookverbod geldt dit verbod moet instellen, aanduiden en handhaven. DeNederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) ziet toe op de nalevingen kan de beheerders beboeten indien zij niet aan de wetgeving voldoen.Dit kan er hetzelfde uitzien als de wetgeving zoals die sinds 2020 geldtvoor het rookvrij maken van de terreinen van onderwijsinstellingen. Hetrookverbod op schoolterreinen geldt altijd: 24 uur per dag en 7 dagen perweek.Uit gesprekken met vertegenwoordigers van de verschillende branchesblijkt dat er grote variatie is tussen en binnen de verschillendeomgevingen waar veel kinderen komen. In de paragrafen hieronder wordtingegaan op deze verschillen. Zoals de motie verzoekt, volgt hierondereen analyse van de ervaringen, haalbaarheid en uitvoerbaarheid op basisvan de gevoerde gesprekken.SpeeltuinenEr kan onderscheid gemaakt worden tussen twee soorten speeltuinen,namelijk beheerde en onbeheerde speeltuinen. Een beheerde speeltuinkenmerkt zich als een omheind terrein dat is ingericht als speelgele-genheid voor kinderen en waar van het beheer ligt bij een speeltuinorga-nisatie. Uit gesprekken met brancheorganisatie LOS (voor speeltuinen en3Kamerstukken II 2018/2019 32 793, nr. 339, bijlage, Nationaal Preventieakkoord, p11.4Kamerstukken II 2018/2019 32 793, nr. 339, bijlage, Nationaal Preventieakkoord, p14.5Kamerstukken II 2021/2022 32 793, nr. 616, bijlage Voortgangsrapportage Nationaal Preventie-akkoord 2021, p24–25.6Kamerstukken II 2022/2023 32 011, nr. 97, p8.Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 32 011, nr. 1102 kindervakantieorganisaties) blijkt dat de terreinen en het beheer heelverschillend zijn, bijvoorbeeld in beheer van gemeenten, verenigingen ofstichtingen. Een onbeheerde speeltuin is openbaar toegankelijk,onbeheerd en de grond is eigendom van een gemeente. Daarmee valt hetbeheer en toezicht dan ook onder de gemeentelijke verantwoordelijkheid.In het NPA is afgesproken dat in 2020 75% van de speeltuinen rookvrij isen dat in 2025 alle beheerde en onbeheerde speeltuinen geheel rookvrijzijn. De voortgangsrapportage van het Preventieakkoord over het jaar2021 laat zien dat 81% van de beheerde speeltuinen rookvrij is, maar dater geen zicht is op de voortgang bij onbeheerde speeltuinen. In Nederlandzijn er naar schatting 800 beheerde speeltuinen, waarvan 540 aangeslotenbij een brancheorganisatie. Alleen bij de leden van die brancheorganisatieis er zicht op het aantal rookvrije speeltuinen.7Het maatschappelijk draagvlaak voor het rookvrij maken van speeltuinenis groot. Uit draagvlakonderzoek van de GvRV blijkt namelijk dat 90% vande Nederlanders voorstander is van geheel rookvrije speeltuinen.8 Verderzet een aantal gemeenten belangrijke stappen om speelplekken rookvrij temaken. Zo zijn alle speelplekken in Den Haag al een aantal jaar rookvrij enin Utrecht is dit het geval sinds 2022.9 Tijdens gesprekken hebben degemeente Den Haag en LOS aangegeven dat ook gemeenten een rolkunnen spelen bij het rookvrij maken van speeltuinen, bijvoorbeeld doordit als voorwaarde op te nemen voor een subsidie.SportBinnen de sportsector is er een grote variëteit aan omgevingen. Er kanonder andere onderscheid gemaakt worden tussen grote sportparken en-velden, maar er kan ook sprake zijn van kleine afgebakende locaties zoalsmaneges en ijsbanen. In het NPA is de doelstelling opgenomen dat in2020 2.500 sportverenigingen rookvrij zijn. Dit betekent dat de sportter-reinen geheel rookvrij zijn of dat er afspraken zijn gemaakt die bijdragenaan het rookvrij maken van het terrein. Hiermee wordt geregeld datkinderen niet meer in aanraking komen met roken. Daarnaast is in hetNPA afgesproken dat in 2025 (nagenoeg) alle sportverenigingen rookvrijzijn.10 De doelstelling voor 2020 ging slechts over 2.500 sportvereni-gingen, wat neerkomt op minder dan 10% van het totale aantal. Uit devoortgangsrapportage van het NPA over het jaar 2021 blijkt dat er slechts1.960 rookvrije sportverenigingen waren. Dit aantal was een inschatting,waarbij cijfers over verenigingen zonder eigen kantine onbekend waren.11Hiertegenover staat dat het maatschappelijk draagvlak voor de maatregelgroot is. Uit draagvlakonderzoek van de GvRV blijkt dat 87% van deNederlanders voorstander is van geheel rookvrije buitensportterreinenwaar kinderen sporten.12Uit gesprekken met onder ander NOC*NSF en een aantal sportbondenblijkt dat zij groot voorstander zijn van vrijwillige inzet, waarbij eenwettelijk rookverbod een laatste redmiddel is. De grote variëteit aanterreinen maakt het uitrollen van een rookverbod lastig volgens dezepartijen. Daarnaast voorzien de sportbonden problemen in de handhaving7Kamerstukken II 2021/2022 32 793, nr. 616, bijlage, Voortgangsrapportage Nationaal Preventie-akkoord 2021, p24–p25.8Draagvlakonderzoek Tabaksontmoedigingsbeleid (2022), uitgevoerd door Kantar Public inopdracht van de Gezondheidsfondsen voor Rookvrij.9NOS nieuws (2022), In Utrecht zijn voortaan alle speelplekken rookvrij, 10 november 2022.10Kamerstukken II 2018/2019 32 793, nr. 339, bijlage, Nationaal Preventieakkoord, p14.11Kamerstukken II 2021/2022 32 793, nr. 616, bijlage, Voortgangsrapportage Nationaal Preventie-akkoord 2021, p25.12Draagvlakonderzoek Tabaksontmoedigingsbeleid (2022), uitgevoerd door Kantar Public inopdracht van de Gezondheidsfondsen voor Rookvrij.Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 32 011, nr. 1103 van het verbod, bijvoorbeeld bij het aanspreken van mensen die ondankshet verbod toch roken door vrijwilligers van verenigingen. Mochtengemeenten vooruitlopend op een wettelijk rookverbod toch stappenwillen zetten, dan is dit mogelijk. Denk bijvoorbeeld aan de gemeenteDen Haag die al zijn eigen sportparken rookvrij maakte door het als eenvoorwaarde te stellen bij het afsluiten van contracten.KinderboerderijenDe beheerdersvorm van kinderboerderijen is erg divers. Hoewel een grootdeel van de kinderboerderijen een stichting of vereniging is, valt eenaantal onder het beheer van een gemeente, recreatie-, zorg- of onderwijs-instelling. De kinderboerderij kan ook in particulier beheer zijn.13 In hetNPA is afgesproken dat in 2020 alle terreinen van alle 400 kinderboerde-rijen geheel rookvrij zijn. De voortgangsrapportage van het NPA over hetjaar 2021 laat zien dat 81% van de kinderboerderijen geheel rookvrij is endaarmee is de doelstelling niet gehaald.14 Ondanks dat er belangrijkestappen worden gezet, blijkt uit gesprekken met de organisatie Kinder-boerderijen Actief en de vereniging Stads- en KinderboerderijenNederland (vSKBN) dat het vooralsnog niet lukt om ook de laatstekinderboerderijen rookvrij te maken. Hiertegenover staat dat hetmaatschappelijk draagvlak voor deze maatregel groot is. Uit draagvlakon-derzoek van de GvRV blijkt dat 91% van de Nederlands voorstander isvoor geheel rookvrije kinderboerderijen.15 Ook blijkt uit de gesprekken datbij kinderboerderijen vrijwilligers in eerste instantie huiverig zijn, maar datwanneer de maatregel is ingevoerd zij het een goede en verstandigemaatregel vinden en ook anderen durven aan te spreken op ongewenstgedrag. Desalniettemin wordt het ook als drempel ervaren.KinderopvanglocatiesDe kinderopvang is een omgeving die zich op kinderen richt. Ruim900.000 (jonge) kinderen in Nederland gaan hier naartoe.16 Vanuit hetoogpunt van de volksgezondheid moet de kinderopvang een veilig engezonde omgeving zijn. Hierbij hoort dat de omgeving rookvrij is. In hetNPA is afgesproken dat in 2020 alle kinderopvanglocaties rookvrij zijn. Uitde voortgangsrapportage van het NPA blijkt dat in 2021 minstens 95% vande buitenschoolse opvanglocaties (BSO’s) en kinderopvanglocatiesrookvrij zijn. Uit gesprekken met de Belangenvereniging van Ouders in deKinderopvang (BOink) blijkt dat het grootste obstakel nu zit bij professi-onals die zelf roken en kinderen blootstellen aan derdehandsrook. Er zijnpersoneelstekorten en de sector wil daarom leiders niet onder druk zetten.Het maatschappelijk draagvlak voor deze maatregel is groot. Uit draag-vlakonderzoek van de GvRV blijkt dat 90% van de Nederlandersvoorstander is van geheel rookvrije buitenterreinen van de kinder-opvang.17 Waar in 2020 het rookverbod werd ingesteld voor onderwijs-instellingen, was dit niet het geval voor terreinen van kinderopvang. Dekinderopvang kent verschillende opvangstructuren met verschillendeterreinen, namelijk buitenschoolse opvang, kinderopvanglocaties envoorzieningen van gastouderopvang. Het rookverbod kan niet gelden voor13Vereniging Samenwerkende Kinderboerderijen Nederland (2014), Kinderboerderijen inNederland 2014, p6.14Kamerstukken II 2021/2022 32 793, nr. 616, bijlage, Voortgangsrapportage Nationaal Preventie-akkoord 2021, p24.15Draagvlakonderzoek Tabaksontmoedigingsbeleid (2022), uitgevoerd door Kantar Public inopdracht van de Gezondheidsfondsen voor Rookvrij.16Kamerstukken II 2021/2022 32 793, nr. 616, bijlage, Voortgangsrapportage Nationaal Preventie-akkoord 2021, p25.17Draagvlakonderzoek Tabaksontmoedigingsbeleid (2022), uitgevoerd door Kantar Public inopdracht van de Gezondheidsfondsen voor Rookvrij.Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 32 011, nr. 1104 voorzieningen van gastouderopvang, omdat dit een kleinschalige vormvan opvang is in de huiselijke sfeer. Artikel 6.2 van het Tabaks- enrookwarenbesluit regelt een uitzondering voor ruimten waar geen inbreukmag worden gemaakt op de persoonlijke levenssfeer. Ik juich het toe datook deze vorm van kinderopvang op vrijwillige basis volledig rookvrijwordt.DagattractiesMet dagattracties, zoals pretparken en dierentuinen, zijn in het NPA geenafspraken gemaakt. Uit een gesprek met de Club van 11, de branchever-eniging voor Nederlandse dagattracties, blijkt dat van de 23 dagattractiesdie zijn aangesloten er geen één is waar je overal mag roken. In de praktijkis er bij dagattracties een beperkt aantal rookplekken. Uit een gesprek metde Nederlandse Vereniging voor Dierentuinen (NVD) blijkt dat alledierentuinen in ieder geval rookvrije afspraken hebben. Onder anderedoor de verschillende groottes in terreinen maakt het gros nog gebruikvan rookzones. Er is een aantal goede voorbeelden te benoemen,bijvoorbeeld de dierentuinen ARTIS en Blijdorp die respectievelijk deterreinen in 2019 en 2024 volledig rookvrij maakten. Bij diergaardeBlijdorp werkt men met een creatieve oplossing om rokende bezoekerstoch te laten roken, zij kunnen een stempel halen en daarmee het terreinverlaten voor een sigaret en daarna weer terugkomen. Uit draagvlakon-derzoek van de GvRV blijkt dat 81% van de Nederlanders voorstander isvan een rookvrije dierentuin, het draagvlak is ook hier ontzettend hoog.OpenluchtzwembadenOver openluchtzwembaden zijn in het NPA geen afspraken gemaakt, maarer zijn goede voorbeelden van gemeenten die hier actief mee aan de slagzijn. In de gemeente Utrecht zijn de zwembaden bijvoorbeeld rookvrij.Zwembaden werden op basis van een stappenplan van de GvRV geholpenom rookvrij te worden, een onderdeel hiervan was dat het personeel eenstoppen-met-roken-cursus aangeboden kreeg. Via de rookvrije generatiekunnen (buiten)zwembaden dergelijke informatie, waaronder eenstappenplan, vrijblijvend raadplegen en hulp vragen bij het rookvrijworden. Ook hiervoor is er een groot maatschappelijk draagvlak, acht opde tien Nederlanders is voorstander van geheel rookvrije buitenzwem-baden.Overige omgevingenNaast alle bovengenoemde omgevingen kan ook nog gedacht worden aanbijvoorbeeld het rookvrij maken van scouting en vakantieparken. Zo is erbij scoutinggroepen nu al vaak een ongeschreven regel om niet in hetzicht van kinderen te roken. Veel vakantieparken hebben uitgebreidespeelgelegenheden in de buitenlucht en buitenbaden. Het ligt in de redeom deze omgevingen mee te nemen bij een uitbreiding van hetrookverbod. Verder is er een steeds luidere roep in de maatschappij en depolitiek om een rookverbod in auto’s en meer specifiek voor auto’s metkinderen in te stellen. Roken in het bijzijn van kinderen is schadelijk voorde gezondheid van kinderen en dit geldt des te meer voor een kleineruimte zoals een auto waarbij kinderen worden blootgesteld aan grotehoeveelheden rook. Meerdere Europese landen hebben roken in auto’sverboden als er kinderen meerijden. Met deze maatregel geven zij eenextra signaal dat roken bij kinderen niet langer de norm is.Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 32 011, nr. 1105 Het percentage Nederlanders dat vindt dat auto’s waarin kinderen zittengeheel rookvrij zouden moeten zijn is gestegen van 80% in 2009 naar 91%in 2020.18 Het nemen van een dergelijke maatregel kan echter een inbreukop de persoonlijke levenssfeer zijn. Ook stelt het de toezichthouder voorgrote uitdagingen. Zo heeft de NVWA, die toezicht houdt op de nalevingvan het rookverbod, bijvoorbeeld niet de juiste bevoegdheden om opwegen te handhaven en mag de NVWA geen auto aanhouden. Daarnaastbrengt deze maatregel met zich mee dat de roker zelf wordt beboet voorroken op een plek waar dit niet mag. Dit is een afwijking van het gevoerdebeleid, aangezien het gebruik van tabak niet gecriminaliseerd is. Voor desituatie dat er zich tevens kinderen in de auto bevinden zou een rechtvaar-diging gezocht kunnen worden in het feit dat de roker de kinderenblootstelt aan uitzonderlijk hoge hoeveelheden rook in de longen. Eendergelijke maatregel dient onder andere om deze reden verder onderzochtte worden alvorens het invoeren daarvan kan worden overwogen.Overwegingen ten aanzien van de naleving, toezicht en handhavingDe NVWA is aangewezen als toezichthouder voor de tabaks- en rookwa-renregelgeving en zal daarom ook toezicht houden op de naleving van ditrookverbod. Wanneer al deze omgevingen bij elkaar opgeteld worden,gaat het om een groot aantal locaties dat rookvrij gemaakt moet worden.Dit betekent dat er veel aanvullende financiële middelen nodig zijn voorde NVWA voor toezicht op de naleving van het rookverbod. Handhavings-technisch is het vooralsnog niet mogelijk om al deze omgevingentegelijkertijd onder de wettelijke verplichting van het rookverbod te latenvallen.Verder is de verwachting, op basis van de ervaring bij bijvoorbeeldonderwijsinstellingen, dat er een zogenaamd waterbedeffect optreedt. Ditbetekent dat rokers zich verplaatsen naar buiten het terrein, waar zij nogsteeds in het zicht staan of niet-rokers door een rookhaag moeten om eenterrein te betreden. Dit speelt zich af in de openbare ruimte. Natuurlijkkunnen met gemeenten afspraken worden gemaakt over deze situatie,maar ook dit zal de handhavingsdruk voor gemeenten vergroten. Verderblijkt uit gesprekken met de Vereniging van Nederlandse Gemeenten(VNG) dat gemeenten positief staan tegenover het creëren van meerrookvrije omgevingen op plekken waar veel kinderen komen, maar dat eraanvullende financiële middelen nodig zijn voor de handhaving.Het invoeren van een rookverbod voor verschillende omgevingen waarveel kinderen komen zal gevolgen hebben voor de regeldruk vanbeheerders van de betreffende terreinen. Zoals eerder aangegeven ligt deverplichting van het instellen, aanduiden en handhaven van hetrookverbod bij de beheerder van een terrein. Om de kosten die hetwettelijk verbod met zich meebrengt inzichtelijk te maken, kunnen wekijken naar het eerder ingevoerde rookverbod bij onderwijsinstellingen.Voor onderwijsinstellingen werden de eenmalige kosten geschat tussende € 1.500,– tot € 100.000,– per onderwijslocatie. De structurele kostenwerden geschat op € 1.500,– tot € 10.000,– per jaar per onderwijs locatie.Kosten zijn afhankelijk van bijvoorbeeld het type onderwijs of de groottevan de locatie. De verwachting is dat kosten in de loop van de tijd dalen,omdat er een normverandering optreedt. Voor de locaties die in dezeanalyse zijn meegenomen zullen de kosten vergelijkbaar zijn.Daarnaast wordt regelmatig de vraag gesteld om individuele rokers tebeboeten. Ik vind dit niet passen in de gedachte achter de wet, tabaksge-bruik is namelijk legaal en het gebruik is niet gecriminaliseerd. Daarom zal18Trimbos-instituut (2021), Notitie rookvrije auto’s.Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 32 011, nr. 1106 aan individuen die het rookverbod overtreden door de NVWA geen boeteworden opgelegd; daartoe is de NVWA immers niet bevoegd. Daarnaastzie ik het als een verantwoordelijkheid van beheerders om aan de slag tegaan met het rookvrij maken van hun terreinen. Het is een gedeeldeverantwoordelijkheid van de maatschappij en overheid om kinderen ineen gezonde omgeving te laten opgroeien. We moeten samen aan de slagom dat mogelijk te maken en het beboeten van individuen zal daar nietnoemenswaardig aan bijdragen.Gezien het grote aantal kindomgevingen en de daaraan verbonden groteuitdagingen, kies ik er voor om het rookvrij maken van kindomgevingen ineen aantal fases op te delen. Ik bereid nu een wetsvoorstel voor waarmeeomgevingen die primair gericht zijn op kinderen rookvrij gemaakt wordenalsmede omgevingen die voorlopen in het volledig rookvrij maken vanhun locatie én waarvan het maatschappelijk draagvlak tot rookvrij makenhoog is. Dit zijn beheerde speeltuinen, kinderboerderijen en terreinen vankinderopvanglocaties. Het is een grote eerste stap die ruim 18.000 locatiesomvat die moeten voldoen aan de wettelijke verplichting van hetrookverbod.19, 20, 21 De komende maanden werk ik het voorstel verder uiten verwacht ik dat het voorstel in het voorjaar van 2025 met uw Kamergedeeld wordt. Vanwege de geschetste complexiteit is het niet mogelijkgebleken om het rookverbod al per 2025 uit te breiden.In een volgende stap kunnen desgewenst andere plekken waar veelkinderen komen rookvrij gemaakt worden. Hierbij valt te denken aan desportsector, openluchtzwembaden, dagattracties, zoals pretparken endierentuinen, onbeheerde speeltuinen en de scouting.2. Onderzoek uniform en neutraal uiterlijk van e-sigaretten In maart 2023 verzocht de motie van der Laan en Ceder22 de regering teonderzoeken welke stappen er gezet moeten worden om de e-sigaret eenuniform en neutraal uiterlijk te geven. Ik heb het RIVM gevraagd hier eenonderzoek naar uit te voeren. Bijgevoegd vindt u het onderzoek van hetRIVM. Het RIVM trekt de conclusie dat de kleur, vorm en functionaliteit vaneen e-sigaret belangrijke kenmerken zijn die de aantrekkelijkheid van dee-sigaret beïnvloeden. Het RIVM geeft aan dat de aantrekkelijkheid vane-sigaretten verminderd kan worden door deze kenmerken te reguleren engeeft in overweging om een standaardontwerp voor e-sigaretten teimplementeren.Het RIVM biedt met het onderzoek een basis voor eventuele toekomstigeregulering van het uiterlijk van de e-sigaret, om deze producten (nog)minder aantrekkelijk te maken, met name voor jongeren. Het invoeren vanregels ten aanzien van het uiterlijk van e-sigaretten zou een nieuw encomplex wetstraject betekenen. Het demissionaire karakter van hetkabinet leidt tot bescheidenheid ten aanzien van nieuwe wetsvoorstellenen daarom is het aan een volgend kabinet om te besluiten of zij deadviezen van het RIVM wil opvolgen. Tegelijkertijd zit ik niet stil en ga ikdoor met het invoeren en handhaven van andere belangrijke maatregelenten aanzien van de e-sigaret. Denk hierbij aan het rookverbod voor dee-sigaret, het smaakjesverbod op smaken anders dan tabak, het onlineverkoopverbod en het verkooppuntenverbod voor e-sigaretten.19Ongeveer 800 beheerde speeltuinen, 500 kinderboerderijen en 17.000 kinderopvanglocaties.20RIVM (2024), Doorrekening impact Nationaal Preventieakkoord deelakkoord roken, P34.21vSKBN (2020), Beleidsplan vereniging Stads- en Kinderboerderijen Nederland 2021–2022, p1.22Kamerstuk 32 793, nr. 668.Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 32 011, nr. 1107 3. Afstandscriterium verkooppunten tabak In hun motie23, aangenomen op 30 januari 2024, verzoeken de leden Krulen Bikker in kaart te brengen wat er nodig is om zo spoedig mogelijk eenafstandscriterium te kunnen hanteren voor verkooppunten van tabak envapes zodat deze niet in de buurt van supermarkten, scholen en andereplaatsen waar jongeren vaak kunnen komen, worden geopend.Ik vind het belangrijk te benadrukken dat we al grote stappen nemen omhet aantal tabaksverkooppunten te verkleinen. Eind 2020 waren erca. 10.000 tabaksverkooppunten, waarvan 6.400 supermarkten. Voor deze6.400 supermarkten is de tabaksverkoop per 1 juli 2024 niet meertoegestaan. Het openen van nieuwe tabaksverkooppunten na het verbodop de verkoop van tabak in supermarkten was voorzien in het in opdrachtvan het kabinet uitgevoerde onderzoek door SEO EconomischOnderzoek24. Deze onderzoekers gaan ervan uit dat uiteindelijkca. 800 supermarkten een eigen tabaksverkooppunt zullen openen. Ik hadhet liefst gezien dat ondernemers hun verantwoordelijkheid voor eengezonder Nederland nemen en geen nieuwe tabaksverkooppuntenopenen. Tegelijkertijd geven de voorliggende cijfers vooralsnog geenreden tot zorg, aangezien er geen signalen zijn dat het aantal nieuwgeopende tabaksverkooppunten ook maar in de buurt komt van het aantalvan 6.400 verkooppunten dat per 1 juli verdwenen zal zijn. Van eentoename of groei van verkooppunten is dan ook geen sprake.Als de verkoop dan toch wordt voortgezet in een aparte winkel diehoofdzakelijk tabak verkoopt is het gevolg wel dat ex-rokers, stoppers enkinderen minder vaak in aanraking komen met tabaksproducten verge-leken met de situatie waarbij sigaretten nog verkocht worden bij deservicebalie in de supermarkt. Het tabaksverkooppunt mag niet vanuit desupermarkt toegankelijk zijn.Het hanteren van een afstandscriterium zodat verkooppunten van tabaken vapes niet kunnen worden geopend in de buurt van supermarkten,scholen en andere plaatsen waar jongeren vaak kunnen komen kan alsbeperkende voorwaarde voor het vestigen van nieuwe verkooppunten inde wet worden opgenomen dan wel als voorwaarde gelden bij eenvergunningstelsel. Over de mogelijkheden voor een vergunningstelselheb ik uw Kamer geïnformeerd in mijn brief van 25 oktober 2023.25 Hierinstelde ik onder andere dat voor een vergunningenstelsel een wetswij-ziging vereist is en dat een wetswijzigingstraject minimaal twee jaar duurt,waarna nog eventueel aanvullende lokale regelgeving nodig is. Voor eenwettelijk beperkende voorwaarde geldt hetzelfde. Een invulling van eendergelijke afstandscriterium moet vanwege de beperking van het vestigenvan een dienst aan de Europese Dienstenrichtlijn26 worden getoetst.De huidige inzet op het verminderen van het aantal verkooppunten loopttot 2032, waarna tabaksverkoop voorbehouden is aan tabaksspeciaal-zaken. Ook hier geldt dat het starten met nieuwe wetgeving door hetkabinet vanwege de demissionaire status niet voor de hand ligt. Eventuelenieuwe besluiten over maatregelen in de vorm van een vergunningen-stelsel of het naar voren halen van het jaar waarin de verkoop vantabaksproducten en aanverwante producten enkel is voorbehouden aan23Kamerstukken 36 410 XVI, nr. 63.24SEO Economisch onderzoek, 2021. Beperken tabaksverkoop tot tabaksspeciaalzaken. Bijlagebij Kamerstukken 32 011 en 32 793, nr. 92.25Kamerstukken 32 011 en 32 793, nr. 107.26Richtlijn 2006/123/EG van het Europees Parlement en de Raad van 12 december 2006betreffende diensten op de interne markt.Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 32 011, nr. 1108 speciaalzaken laat ik over aan een volgend kabinet. Hetzelfde geldt voorhet invoeren van een afstandscriterium.4. Verkoop elektronische rookwaar in speciaalzaken In mijn brief van 2 december 2022 heb ik uw Kamer laten weten dat hetkabinet wetgeving voorbereidt waarmee de verkoop van elektronischerookwaar, zoals e-sigaretten, met ingang van 2025 alleen nog magplaatsvinden in speciaalzaken.27 Dit kunnen speciaalzaken voore-sigaretten zijn en tabaksspeciaalzaken die meerdere typen rookwarenverkopen. Op dit moment werk ik dit wetsvoorstel verder uit. Het is eencomplex voorstel waarmee tegelijkertijd het aantal verkooppunten vantabak in een aantal stappen verder afgebouwd wordt. Vanwege decomplexiteit van het voorstel is het niet haalbaar om dit vanaf 2025 inwerking te laten treden. Het kabinet richt er dan ook op dat de verkoopvan elektronische dampwaar in 2026 alleen nog kan plaatsvinden inspeciaalzaken. Vanaf 2030 zal de verkoop van tabaksproducten enaanverwante producten voorbehouden zijn aan gemakszaken enspeciaalzaken. Daaropvolgend worden tabaksproducten en aanverwanteproducten met ingang van 2032 alleen nog verkocht in speciaalzaken. Ikverwacht dit voorstel eind 2024 aan uw Kamer te doen zenden.5. Accijnsverhoging en stoppen met roken Op 1 april jl. is de accijns op tabaksproducten flink verhoogd. Gemiddeldzal een pakje sigaretten van 20 stuks na deze verhoging € 11,10 gaankosten. De pakjes die nu in de winkel liggen hebben mogelijk nog eenoude prijs, omdat winkels nog hun voorraden aan producten met hetoude accijnstarief mogen verkopen. Accijnsverhogingen zijn de meesteffectieve manier om tabaksconsumptie te verminderen. Hogere prijzendoor accijnsverhogingen stimuleert mensen om te stoppen, vermindertconsumptie en voorkomt dat mensen beginnen met roken.28Het is belangrijk dat mensen die roken weten juist rond het moment vaneen prijsverhoging weten waar zij terecht kunnen als zij denken overstoppen. Zij moeten de juiste informatie kunnen vinden over stoppen metroken en hoe zij dit het beste kunnen aanpakken. Daarom is ervoorgekozen om in de komende maanden de Stoplijn van het Trimbosinstituuten ook de website ikstopnu.nl goed onder de aandacht te brengen viamedia-inzet. Ook wordt de capaciteit van de Stoplijn tijdelijk uitgebreid,zodat er directe, gratis hulp bij het stoppen met roken beschikbaar is.6. Reactie Europese Commissie op rechtszaak aangaande sjoemelsigaret Op 17 januari 2024 heb ik uw Kamer de brief toegezonden die ik aanEurocommissaris Kyriakides heb verstuurd, betreffende de in de EuropeseTabaksproductenrichtlijn vastgelegde meetmethode voor het meten vanemissies van teer, nicotine en koolmonoxide (TNCO) van sigaretten.In deze brief heb ik nogmaals het belang van een accurate meetmethodein de Tabaksproductenrichtlijn onderstreept. Gelet op de op handen zijndeevaluatie van de richtlijn, heb ik daarbij tevens de resultaten van hetonderzoek naar de emissies van filtersigaretten met de Toblabnet-methode en de lopende juridische procedure bij het College van beroepvoor het bedrijfsleven (CBb) onder de aandacht gebracht. De brief is op29 september 2023 verstuurd. Eurocommissaris Gallina heeft de brief op19 maart 2024 beantwoord. U treft haar brief als bijlage aan.27TK 2022/2023 32 011, nr. 97.28Croes E, Willemsen M. Effecten van accijns en prijs op het gebruik van tabaksproducten(update 2020) [Internet]. Utrecht; 2020.Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 32 011, nr. 1109 Eurocommissaris Gallina geeft aan dat de Europese Commissie zichbewust is van de beperkingen van de huidige meetmethode voor hetmeten van TNCO-emissies. De meetmethode is een terugkerendonderwerp geweest binnen de Commissie en komt regelmatig aan bod inoverleg met de lidstaten. Bij gebrek aan een universeel aanvaarde«gouden standaard» en om de consistentie te waarborgen is bij deherziening van de Tabaksproductenrichtlijn in 2014 niet tot een anderemeetmethode besloten. De internationale discussies rondom de meetme-thode worden echter zorgvuldig gevolgd. In dat kader volgt de EuropeseCommissie ook met belangstelling de juridische procedure in Nederland.Ik wil uw Kamer ook informeren over de voorgang in deze juridischeprocedure. Op 27 februari jl. heeft het CBb uitspraak gedaan. In deuitspraak heeft het CBb voorop gesteld dat de artikelen 3 en 4 van deTabaksproductenrichtlijn nog niet op alle punten duidelijk zijn, ook nietmet inachtneming van het eerdere arrest van het Europese Hof vanJustitie. Dat betekent volgens het CBb dat niet met zekerheid kan wordenvastgesteld of bij filtersigaretten die in Nederland in de handel wordengebracht sprake is van een overschrijding van de in de richtlijn vastge-stelde maximumemissieniveaus voor TNCO. Daar komt bij dathandhaving jegens de tabaksfabrikanten ook allerlei vragen oproept dieeen uitleg vergen van de richtlijn. Over die uitleg heeft het CBb ook na hetarrest van het Hof redelijke twijfel. Dit heeft geleid tot zogenoemdeprejudiciële vragen bij het Europese Hof.Tot slotHet blijft belangrijk de overheid en maatschappij gezamenlijk blijvenoptrekken om roken zo snel mogelijk terug te dringen, zodat we derookvrije generatie gaan bereiken. Mijn inzet op het verhogen van deaccijnzen voor rookwaar, het terugdringen van de verkooppunten, hetminder aantrekkelijk maken van de e-sigaret maar ook het rookvrij makenvan omgevingen waar veel kinderen komen zijn hierbij belangrijkestappen.De Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,M. van OoijenTweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 32 011, nr. 11010
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.