Oorlogsgerelateerde uitkeringen die Duitsland betaalt aan inwoners van Nederland
Brontekst
Versie b14efa497ac1cc70 · officiële bronTweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2020–2021 20 454Voortgangsrapportage uitvoering wetten oorlogsgetroffenen Nr. 165 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN FINANCIËN Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Den Haag, 27 november 2020 Op 9 november 2020 bereikte mij het verzoek van de vaste commissie voor Financiën om een voortgangsbrief over het Nederlandse verzoek tot uitwisseling van informatie over bepaalde oorlogsgerelateerde uitke-ringen die Duitsland uitbetaalt aan inwoners van Nederland. Daarbij is het verzoek eveneens om specifiek in te gaan op het standpunt van de Duitse regering. Op dit moment is de betreffende informatie nog niet ontvangen door de Belastingdienst. Zoals aangegeven in mijn brief van 20 juni 2020 heeft op mijn initiatief op 18 juni 2020 een overleg plaatsgevonden tussen het Nederlandse en het Duitse Ministerie van Financiën. Daarin is een positief signaal van Duitse kant afgegeven over de mogelijkheden om tot uitwisseling te komen. Vanaf dat moment is van Duitse zijde meerdere malen om aanvullende informatie gevraagd ter nadere onderbouwing van het verzoek. Het gaat om informatie over toepasselijke wet- en regel-geving, voorbeeldcasussen en berekeningen. De vragen zijn van Neder-landse kant telkens tijdig en volledig beantwoord. Daarnaast loopt (hoog)ambtelijk contact om de voortgang te bewaken. Tot slot vraag ik via een brief bij mijn Duitse ambtsgenoot aandacht voor de voortgang van het informatieverzoek. Uit dit geheel aan contacten blijkt naar mijn inschatting dat de wil om te leveren er is, maar ook dat de juridische onderbouwing van de Neder-landse casus in Duitsland aan hoge eisen moet voldoen. Hierbij speelt mee dat er meerdere instanties betrokken zijn, waaronder uiteraard de instantie die de informatie onder zich houdt in Duitsland. Ik heb begrepen dat die instantie een zelfstandige toets op de gegrondheid van het informatieverzoek doet. Dit proces neemt enige tijd in beslag. kst-20454-165ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2020Tweede Kamer, vergaderjaar 2020–2021, 20 454, nr. 1651 Ik blijf uiteraard de voortgang op dit dossier bewaken en zal uw Kamer inlichten over ontwikkelingen. De Staatssecretaris van Financiën, J.A. VijlbriefTweede Kamer, vergaderjaar 2020–2021, 20 454, nr. 1652
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.