Tabak en elektronische sigaret
Brontekst
Versie ca5a8de3990f3fcb · officiële bronTweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2015–2016 32 011Tabaksbeleid Nr. 50 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN VOLKSGEZONDHEID, WELZIJN EN SPORT Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Den Haag, 4 april 2016 Met deze brief wil ik u het rapport van het RIVM over additieven in tabaksproducten aanbieden1. Daarnaast geef ik een reactie op de door lid Agema aangeboden dampverhalen en informeer ik u over de actieve openbaarmaking van correspondentie met de tabaksindustrie op www.rijksoverheid.nl. Rapport additieven in Nederlandse tabaksproducten Met deze brief bied ik u het rapport van het RIVM aan met een trend-analyse van additieven in Nederlandse tabaksproducten van 2010–2014. In 2014 is het aantal tabaksproducten op de Nederlandse markt met 5% gestegen tot 4.212. De grootste groep bestaat uit sigaren. Ondanks de groei in het aantal producten is het totaal aantal gebruikte additieven stabiel op 1.214. De meeste hiervan worden in kleine hoeveelheden als smaakstof aan tabak toegevoegd. Hierbij gaat het vaak om zoete smaken zoals suikers, cacao, vanille of zoethout. Deze zoete smaken worden in verschillen typen tabaksproducten toegepast. Daarnaast komen ook bij ieder type tabaksproduct enkele specifieke smaken voor, bijvoorbeeld fruitsmaken bij waterpijptabak. Reactie op dampverhalen e-sigaret Tijdens de wetsbehandeling op 28 januari jl. heb ik van mevrouw Agema een aantal dampverhalen ontvangen (Handelingen II 2015/16, nr. 48, item 11). De verhalen zijn afkomstig van dampers waarvan de meesten na 10, 20, 30 of zelfs 40 jaar roken blijvend zijn gestopt door over te zijn gestapt op de e-sigaret. Deze dampers geven aan dat eerdere stoppogingen niet blijvend hebben gewerkt. Met de e-sigaret lukte het wel om te stoppen met roken; niet alleen omdat er nicotine in zit, maar ook omdat het dampen een vergelijkbare handeling kent als het roken. De dampers 1Raadpleegbaar via www.tweedekamer.nl kst-32011-50ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2016Tweede Kamer, vergaderjaar 2015–2016, 32 011, nr. 501 geven aan dat ze door de overstap minder ziek zijn, zich fitter voelen en gezonder tandvlees en wittere tanden hebben. Een aantal is zelfs de nicotinedosis aan het verminderen, om uiteindelijk ook van de nicotine-verslaving af te komen. Ik vind het positief deze verhalen te lezen. Ik lees in de dampverhalen echter ook dat er zorgen zijn, dat er extra regels komen voor de e-sigaret en dat het gebruik ervan wordt ontmoedigd of zelfs verboden. Ik wil hier graag een reactie op geven, die ik ook op de informatiepagina over de nieuwe regels op www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/roken zal plaatsen. De e-sigaret zal met de nieuwe regels toegestaan blijven. Ook blijft uitleg over de verschillende soorten e-sigaretten en navulvloeistoffen in de winkel mogelijk. De nieuwe regels voor de e-sigaret zijn gericht op producenten en importeurs, om ervoor te zorgen dat alle e-sigaretten die in Nederland worden verkocht veilig zijn. Ook komen er regels om te voorkomen dat jongeren beginnen met dampen, zoals een leeftijdsgrens en een reclameverbod. Dat de e-sigaret rokers kan helpen met het stoppen met roken, neemt niet weg dat ook de e-sigaret gezondheidsri-sico’s kent zoals de verslavende werking van nicotine. Ik wil jongeren hiertegen beschermen. Openbaarmaking van correspondentie met de tabaksindustrie Op 24 september 2015 jl. heb ik met de brief «Verduidelijking invulling artikel 5.3 WHO-Kaderverdrag» de toezegging gedaan om binnen 3 maanden alle gemeenten, provincies en ministeries nader te informeren over artikel 5, derde lid, van het WHO-Kaderverdrag inzake tabaksontmoe-diging. Ik heb op 10 november 2015 jl. aan alle gemeenten, provincies en ministeries een brief verstuurd, die ik als bijlage heb toegevoegd2. In de brieven wordt benadrukt dat contact met de tabaksindustrie alleen mag plaatsvinden wanneer het gaat over uitvoeringstechnische kwesties. Het uitgangspunt is transparantie wanneer contact met de tabaksindustrie plaatsvindt, wat betekent dat verslagen van toegestaan overleg met de tabaksindustrie openbaar worden gemaakt op de website van de betrokken overheid. Verder zijn de ministeries, provincies en gemeenten geïnformeerd over bekende lobbytechnieken van de tabaksindustrie. In dezelfde brief van 24 september 2015 heb ik ook toegezegd binnen 6 maanden een centraal punt in te richten waar onder andere informatie en advies kan worden verkregen over hoe om te gaan met de tabaksin-dustrie. Deze webpagina zal ook als platform fungeren waar ministeries hun verslagen van toegestaan overleg openbaar kunnen maken. Dit centrale punt staat intussen online. U kunt de website bezoeken via: https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/roken/inhoud/transparant-over-contact-tabaksindustrie. Hier vindt u ook het protocol over de wijze van omgang met de tabaksindustrie dat door alle ambtenaren in acht dient te worden genomen als zij contact hebben met de tabaksindustrie. Gemeenten, provincies en ministeries worden ook geïnformeerd over de website en het protocol. De Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,M.J. van Rijn2Raadpleegbaar via www.tweedekamer.nlTweede Kamer, vergaderjaar 2015–2016, 32 011, nr. 502
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.