KamerkringInloggen
Kamerbrief

Inwerkingtreding strafbaarstelling misdrijf agressie in de Wet internationale misdrijven

23 feb 2018 · Tweede Kamer

Brontekst

Versie 22ea77b28ea0396f · officiële bron

Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2017–2018 28 498Het Internationaal Strafhof Nr. 42 BRIEF VAN DE MINISTER VAN JUSTITIE EN VEILIGHEID Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Den Haag, 23 februari 2018 Ter gelegenheid van de plenaire behandeling in de Tweede Kamer van de wetsvoorstellen tot goedkeuring en uitvoering van de Kampala-amende-menten van het Internationaal Strafhof (Kamerstuk 33 865 en Kamerstuk 33 866) in 2015 is toegezegd de Staten-Generaal te informeren over het voornemen om de strafbaarstelling van het misdrijf agressie in de Wet internationale misdrijven in werking te laten treden (Handelingen II 2015/16, nr. 6, item 10 en Handelingen II 2015/16, nr. 27, item 9). Met deze brief doe ik, mede namens de Minister van Buitenlandse Zaken, deze toezegging gestand. Op 14 december 2017 heeft de vergadering van verdragspartijen het besluit genomen om de rechtsmacht van het Internationaal Strafhof voor het misdrijf agressie te activeren (Resolutie ICC-ASP/16/Res.5). Dit betekent dat met ingang van 17 juli 2018 het Internationaal Strafhof rechtsmacht heeft over het misdrijf agressie. Voorts betekent dit dat wij nu voornemens zijn om de strafbaarstelling van het misdrijf agressie in de Wet internationale misdrijven, zoals neergelegd in de wet van 6 juli 2016 (Stb. nr. 304), met ingang van 1 augustus 2018 in werking te laten treden. De strafbaarstelling van het misdrijf agressie vormt een historische mijlpaal in het tegengaan van straffeloosheid en de versterking van de internationale rechtsorde. Nederland heeft ten tijde van de onderhande-lingen een actieve rol gespeeld bij de totstandkoming van de amende-menten inzake het misdrijf agressie. De Nederlandse ratificatie van deze amendementen in 2016 en de voornoemde inwerkingtreding van de strafbaarstelling in de Wet internationale misdrijven bekrachtigen onze positie als voorstander van het Strafhof en als gastland, met Den Haag als juridische wereldhoofdstad. De Minister van Justitie en Veiligheid, F.B.J. Grapperhaus kst-28498-42ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2018Tweede Kamer, vergaderjaar 2017–2018, 28 498, nr. 42

Eerdere bronversies

17 okt 2026 · 1f247325144d4091

14 okt 2026 · ac509d04a7481d5a

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.