KamerkringInloggen
Kamerbrief

Achtste voortgangsbrief invoering vrachtwagenheffing (stand van zaken juni 2026)

11 jun 2026 · Tweede Kamer

Brontekst

Versie 81fdbbdf960afc72 · officiële bron

Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2025–202631 305MobiliteitsbeleidNr. 539 BRIEF VAN DE MINISTER VAN INFRASTRUCTUUR ENWATERSTAAT Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-GeneraalDen Haag, 11 juni 2026Met deze achtste voortgangsbrief informeer ik u over de stand van zakenvan de invoering van de vrachtwagenheffing, die op 1 juli 2026 start.Vanaf dat moment gaan houders van vrachtwagens per kilometer betalenvoor het gebruik van snelwegen en sommige provinciale en gemeentelijkewegen. Met de invoering van de vrachtwagenheffing worden bestaandebelastingen afgeschaft of verlaagd. De netto-opbrengsten van devrachtwagenheffing worden teruggesluisd naar de vervoerssector in devorm van subsidies voor innovatie en verduurzaming. Het gaat met nameom subsidies voor elektrische vrachtwagens en laadinfrastructuur. Zodraagt de vrachtwagenheffing bij aan het verminderen van deCO2-uitstoot en de afhankelijkheid van fossiele brandstoffen.Tijdelijke verlaging tarieven vrachtwagenheffingDe invoering van de vrachtwagenheffing valt in een periode van uitzon-derlijk hoge brandstofprijzen als gevolg van het conflict in het Midden-Oosten en de daarmee samenhangende verstoringen op de energie-markten. Het kabinet is zich ervan bewust dat houders van vrachtwagenshierdoor te maken hebben met een forse lastenstijging. Om ondernemerstegemoet te komen worden de tarieven van de vrachtwagenheffing van1 september tot en met 31 december tijdelijk verlaagd met 22,3%. Dit isvastgelegd in een zogeheten goedkeurend beleidsbesluit. Hierover is uwKamer op 22 mei jl. geïnformeerd1. Met de tijdelijke verlaging wordtopvolging gegeven aan de motie-Flach c.s.2 en de motie-Eerdmans/Wilders3.1Kamerstukken II 2025/26, 36 933, nr. 37.2Kamerstukken II 2025/26, 36 933, nr. 30.3Kamerstukken II 2025/26, 36 933, nr. 4. kst-31305-539ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2026Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 31 305, nr. 5391 Voortgang realisatie heffingssysteemDe Dienst Wegverkeer (RDW), het Centraal Justitieel Incassobureau (CJIB),Rijkswaterstaat (RWS) en de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT)realiseren in opdracht van het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat(IenW) het heffingssysteem voor de vrachtwagenheffing. Daarbij heeft deRDW, als centrale uitvoeringsorganisatie, de leiding over de realisatie-werkzaamheden.De uitvoeringsorganisaties zijn klaar voor de start van de vrachtwagen-heffing op 1 juli. De benodigde systemen zijn gerealiseerd en getest en deprocessen en organisaties zijn ingericht. Ook vindt er uitgebreidecommunicatie plaats.ToldienstaanbiedersBinnen de uitvoering van de vrachtwagenheffing hebben toldienstaan-bieders een sleutelrol. Zij zijn verantwoordelijk voor de registratie van degereden kilometers, de inning van de heffing bij houders van vracht-wagens en de afdracht aan de overheid. Voor de registratie van degereden kilometers worden houders door de dienstaanbieders voorzienvan boordapparatuur. Houders kunnen terecht bij de hoofddienstaan-bieder (HDA) of een Europese dienstaanbieder (EETS-aanbieder). Dezedienstaanbieders hebben voldoende capaciteit om alle houders diegebruikmaken van de Nederlandse wegen te bedienen.HoofddienstaanbiederDe HDA is een toldienstaanbieder met speciale verplichtingen, die isgecontracteerd door de overheid. De HDA is verplicht om iedere gebruikerdie zich meldt als klant, te accepteren. Hiermee is verzekerd dat elkehouder van een vrachtwagen over een contract en boordapparatuur kanbeschikken en dus aan de verplichtingen van de Wet vrachtwagenheffingkan voldoen. De HDA biedt zijn diensten alleen in Nederland aan enopereert onder de merknaam NedLinq.NedLinq is klaar voor de start van de heffing op 1 juli. Het afgelopenhalfjaar is de dienstverlening stapsgewijs operationeel geworden. Vanafeind 2025 konden gebruikers zich bij NedLinq pre-registreren. Vervolgensis in het eerste kwartaal van dit jaar gestart met het sluiten van dedienstverleningsovereenkomsten en het leveren van boordapparatuur viade post. Ook heeft NedLinq verspreid over het land en vlak over de grensin Duitsland en België, uitgiftepunten voor boordapparatuur ingericht. Viadeze punten kan NedLinq ook houders van boordapparatuur voorzien diezich pas op het laatste moment melden, waardoor de reguliere leveringvia de post niet meer mogelijk is. Daarnaast hebben deze punten alsfunctie om houders die na 1 juli voor het eerst met hun vrachtwagen inNederland gaan rijden, van boordapparatuur te voorzien, en om houdersdie te maken krijgen met een defect boordapparaat, snel vervanging tekunnen bieden.Europese dienstaanbiedersHouders van een vrachtwagen kunnen de vrachtwagenheffing ook betalenvia een zogenoemde aanbieder van Europese elektronische tolheffings-diensten (EETS-aanbieder). Dat is een toldienstaanbieder die, op grondvan de Europese regelgeving, in meerdere lidstaten zijn dienstenaanbiedt. Dat maakt het mogelijk dat een houder bij slechts één aanbiedereen contract hoeft te sluiten. Vervolgens kan deze met één boordapparaatTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 31 305, nr. 5392 door toldomeinen in verschillende EU-lidstaten rijden, waarna er éénfactuur volgt.Zes EETS-aanbieders bieden dienstverlening aan voor de vrachtwagen-heffing. Veel Nederlandse en buitenlandse houders van vrachtwagens zijnal klant bij één van deze EETS-aanbieders voor vrachtwagenheffing in hetbuitenland. Deze houders beschikken daarmee al over boordapparatuurdie ook in Nederland kan worden gebruikt. De toevoeging van dienstver-lening in Nederland aan het pakket dat bij de dienstaanbieder wordtafgenomen, is voor hen de enige benodigde voorbereiding op devrachtwagenheffing.Daarnaast hebben de EETS-aanbieders nieuwe klanten in Nederlandgeworven. Deze klanten zijn voorzien van boordapparatuur en voorgelichtover het gebruik ervan. Ook deze aanbieders spannen zich ervoor in dathouders van vrachtwagens die zich pas laat melden, nog voor 1 juli overboordapparatuur beschikken.Toezicht en handhavingVoor een goede werking van de wet is het noodzakelijk dat wordtgecontroleerd of de regels voor de vrachtwagenheffing wordenopgevolgd. Het systeem dat hiervoor is ingericht is vanaf 1 juli opera-tioneel. Voor het toezicht wordt onder andere gebruik gemaakt vanapparatuur om kentekens te registreren en boordapparatuur uit te lezen.Deze apparatuur is inmiddels verspreid over het land opgehangen aanportalen boven de weg. Ook zijn de nodige voorbereidingen afgerond omverplaatsbare apparatuur langs de weg in te kunnen zetten.Als houders van een vrachtwagen vanaf 1 juli gebruik maken van de wegzonder dat zij een contract hebben afgesloten met een toldienstaanbiederen/of niet beschikken over werkende boordapparatuur, dan overtreden zijde Wet vrachtwagenheffing. De RDW kan dan handhavend optreden doorhet opleggen van een boete.BoetehoogtesDe maximale boetehoogte is vastgesteld in artikel 15, eerste lid, van deWet vrachtwagenheffing. De boetehoogte komt overeen met de tweedecategorie, zoals bedoeld in artikel 23, vierde lid, van het Wetboek vanStrafrecht.Op 11 januari 2026 zijn middels een beleidsregel4 de boetebedragen voorde vrachtwagenheffing nader bepaald en gepubliceerd. Omdat deverplichtingen rond de vrachtwagenheffing nieuw zijn, is besloten om deboetebedragen het eerste halfjaar te halveren. Hiermee zijn de financiëlegevolgen voor houders van vrachtwagens die onbedoeld in de fout gaanniet onevenredig groot.De boetebedragen zijn zo gekozen dat het begaan van een overtredinggeen financieel voordeel op kan leveren, ook niet tijdens het eerstehalfjaar. De boetebedragen zijn als volgt:4Beleidsregel van de Minister van Infrastructuur en Waterstaat van 12 januari 2026, nr. IENW/BSK-2025/311350.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 31 305, nr. 5393 Tabel 1: Boetebedragen vrachtwagenheffingVerplichtingReguliere boetebe-dragenTijdelijk verlaagdeBoetebedragen (tot1 januari 2027)Houder van een vrachtwagen heeft geencontract bij een aanbieder voor het betalenvan vrachtwagenheffing in Nederland€ 800,00€ 400,00Houder van een vrachtwagen rijdt met eenboordapparaat dat uit staat€ 500,00€ 250,00Houder van een vrachtwagen rijdt met eenboordapparaat dat niet (goed) werkt€ 500,00€ 250,00Houder van een vrachtwagen rijdt met eenboordapparaat dat bij een andere vrachtwa-gen hoort€ 500,00€ 250,00 Verder is bepaald dat er maximaal één boete per 24 uur wordt gegeven.Als met een voertuig binnen 24 uur meerdere overtredingen wordenbegaan, dan wordt een boete opgelegd voor de overtreding met hethoogste boetebedrag.Inning van boetesDe inning van de boetes is belegd bij het CJIB. Het CJIB heeft zich op dezetaak voorbereid, onder andere door het inrichten van processen en hetleggen van koppelingen met systemen van de RDW.Als de volledige adresgegevens van een eigenaar niet bekend zijn, of alseen boete om een andere reden niet door het CJIB inbaar is, dan kan eenkenteken op een signaleringslijst geplaatst worden. De ILT kan op basisvan deze lijst vrachtwagens stilzetten en ter plekke boetes innen. Devoorbereidingen van de ILT voor het uitvoeren van deze taak zijn gereed.Zo zijn er inspecteurs opgeleid, werkprocessen ingericht en de benodigdeinspectievoertuigen in gebruik genomen.HandhavingsplanOp 10 maart 2026 is het handhavingsplan vrachtwagenheffing gepubli-ceerd5. Dit plan geeft een beschrijving van de handhaving van devrachtwagenheffing. Het doel van de handhaving is om zoveel mogelijk tevoorkomen dat er overtredingen worden begaan. Daarom is in de eersteplaats veel aandacht besteedt aan communicatie, waarmee houders op dehoogte zijn van de verplichtingen. Verder moet de handhavingdoeltreffend, evenredig en afschrikkend zijn. Daarbij hoort ook dat deoverheid handhavend kan optreden met een boete. Proportionaliteit,redelijkheid en het toepassen van de menselijke maat zijn daarbij deuitgangspunten.Risico’sEen grote stelselwijziging als de invoering van de vrachtwagenheffingbrengt risico’s met zich mee. De inspanningen van alle betrokkenorganisaties zijn er op gericht om de start van de vrachtwagenheffing zosoepel mogelijk te laten verlopen en eventuele risico’s die zich kunnenvoordoen te beheersen met maatregelen.Een van de risico’s waar rekening mee wordt gehouden, is het ontstaanvan drukte rond de distributiepunten voor boordapparatuur aan de grens.Op deze locaties kunnen buitenlandse houders van vrachtwagens die zich5Handhavingsplan vrachtwagenheffing: het stimuleren van nalevingsbereidheid | Vrachtwagen-heffing in Nederland.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 31 305, nr. 5394 niet tijdig hebben voorbereid, terecht om ter plaatse een contract metNedLinq af te sluiten en boordapparatuur af te halen. Om drukte tevoorkomen wordt deze groep middels een communicatiecampagneopgeroepen om zich tijdig voor te bereiden, zodat het boordapparaat viade post kan worden ontvangen. Ook schaalt NedLinq rondom destartdatum de capaciteit van de uitgiftepunten op, onder andere doormobiele teams in te zetten die op verzorgingsplaatsen houders van eencontract en boordapparatuur kunnen voorzien.Desalniettemin bestaat de kans dat het in die periode druk wordt bij deuitgiftepunten aan de grens. Het is namelijk niet mogelijk om goed in teschatten hoe groot de groep buitenlandse vrachtwagens is die in dezeperiode onvoorbereid naar Nederland komt. Cijfers over het aantalgesloten contracten met dienstaanbieders bieden hiervoor onvoldoendeinzicht, omdat niet bekend is wanneer een voertuig naar Nederland komt.Bovendien is het een uitdaging om alle potentiële buitenlandse gebruikersmet communicatie te bereiken. Dit gezien de omvang en de spreiding overheel Europa. In tegenstelling tot Nederlandse houders, is het niet mogelijkom deze groep per brief aan te schrijven6.CommunicatieHet afgelopen halfjaar is de communicatie over de vrachtwagenheffingverder geïntensiveerd. Doelgroeponderzoek en signalen uit het veldduiden op brede bekendheid over de vrachtwagenheffing. Echter,ervaringen van introducties van vergelijkbare heffingen in het buitenlandleren dat het niet vanzelfsprekend is dat houders die geïnformeerd zijn,ook tijdig starten met de voorbereidingen. Een deel van de houders heeftnog geen actie ondernomen. Daarom is het doel van de communicatieinmiddels verschoven van informeren, naar actief aanzetten tot handelen.Houders worden via brieven en communicatiecampagnes opgeroepen omtijdig een dienstverleningsovereenkomst af te sluiten, boordapparatuur telaten bezorgen en deze te plaatsen.Communicatie vanuit RDWVoor het bereiken van binnen- en buitenlandse houders en chauffeurs vanvrachtwagens is een breed scala aan communicatiemiddelen- en kanaleningezet. Zo heeft RDW alle Nederlandse houders enkele brieven gestuurd:een eerste brief in het najaar van 2025 en een tweede in april 2026.Vervolgens is in mei nog een derde brief gestuurd aan houders vanvrachtwagens waarvoor in april nog geen dienstverleningsovereenkomstwas gesloten.De communicatiecampagne in binnen- en buitenland bestaat tevens uitadvertenties in vakbladen en dagbladen, op sociale media, in apps en opschermen bij tankstations. Ook zijn er radiospotjes uitgezonden en is ergeadverteerd in podcasts. Er is samengewerkt met influencers, die hunachterban met video’s hebben geïnformeerd. Daarnaast is eenPR-campagne gevoerd en zijn flyers uitgedeeld. Tot slot heeft Rijkswater-staat de informatieborden voor de vrachtwagenheffing aan de grens alenkele maanden voor de start geplaatst, met daarop tijdelijk een gele stripmet een verwijzing naar de startdatum.RDW heeft een klantcontactcentrum waar iedereen telefonisch terecht kanvoor ondersteuning.6Adresgegevens van kentekenhouders mogen alleen in het geval van een overtreding wordenuitgewisseld met andere EU-lidstaten. Er is geen juridische basis om zonder overtredingadresgegevens uit te wisselen.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 31 305, nr. 5395 Samenwerking belangenverenigingen en dienstaanbiedersVoor de communicatie over de vrachtwagenheffing is nauw samenge-werkt met branche- en belangenverenigingen in binnen- en buitenland. Zijhebben via onder andere websites, nieuwsbrieven en webinars hun ledengeïnformeerd over de vrachtwagenheffing.Ook NedLinq en de EETS-aanbieders zijn volop bezig met marketing encommunicatie. Zij draaien eigen communicatiecampagnes en hebbenklantcontactcentra om houders te ondersteunen bij het afsluiten van eendienstverleningsovereenkomst en de omgang met de boordapparatuur.Motorrijtuigenbelasting en EurovignetVerlaging motorrijtuigenbelastingVanaf het eerste volledige tijdvak na 1 juli 2026 betalen houders van eenvrachtwagen tot 12.000 kilogram een nihiltarief voor de motorrijtuigenbe-lasting. Voor houders van een vrachtwagen van 12.000 kilogram enzwaarder wordt de motorrijtuigenbelasting vanaf het eerste volledigetijdvak na 1 juli 2026 verlaagd naar het Europees minimum. In aanvullingdaarop heeft het kabinet een extra maatregel genomen. Vanwege deuitzonderlijke stijging van de brandstofprijzen als gevolg van het conflictin het Midden-Oosten en de daarmee samenhangende verstoringen op deenergiemarkten, heeft het kabinet besloten het tarief van de motorrijtui-genbelasting voor vrachtwagens zwaarder dan 12.000 kilogram van 1 julitot 31 december 2026 tijdelijk te verlagen naar nihil7. Vervolgens wijzigthet tarief op 1 januari 2027 naar het Europees minimum. Voor houdersvan vrachtwagens tot 12.000 kilogram blijft het nihiltarief ook na 1 januari2027 van toepassing.Eurovignet voor Nederland stoptAls onderdeel van de invoering van de vrachtwagenheffing wordt hetheffen van het Eurovignet in Nederland per 1 juli 2026 beëindigd. Hetvignet blijft wel vereist in Luxemburg en Zweden. Ondernemers die eenEurovignet hebben dat langer doorloopt dan 1 juli en dit vignet niet langernodig hebben omdat zij niet in deze landen rijden, kunnen bij de Belas-tingdienst een teruggaveverzoek doen. Om administratieve lasten voorondernemers die meerdere aanvragen willen doen te verlagen, heeft deBelastingdienst het mogelijk gemaakt om voor meerdere vignettentegelijk een teruggaveverzoek in te dienen.Het Eurovignetverdrag wordt door Nederland opgezegd. Dit gebeurt ineen zelfstandig traject.Communicatie over belastingmaatregelenDe Belastingdienst heeft gecommuniceerd over de nieuwe tarieven voorde motorrijtuigenbelasting voor vrachtwagens die na de start van devrachtwagenheffing gaan gelden. Ook hebben zij houders geïnformeerdover de beëindiging van het Eurovignet in Nederland. Dit is onder anderegedaan via een brief, informatie op websites en flyers bij verkooppuntenvoor het Eurovignet.7Kamerstukken II 2025/26, 36 933, nr. 38.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 31 305, nr. 5396 Innovatie en verduurzaming van de vervoerssectorConform de Wet vrachtwagenheffing worden de netto-opbrengsten vande vrachtwagenheffing ingezet om (subsidie)maatregelen te bekostigenvoor innovatie en verduurzaming van de vervoerssector, de zogenoemdeterugsluis. De maatregelen zijn uitgewerkt in het MeerjarenprogrammaTerugsluis 2026–20308. Het grootste gedeelte van de middelen gaat naarsubsidies die ondernemers financieel ondersteunen bij het elektrificerenvan hun wagenpark. Daarmee dragen de subsidies niet alleen bij aan hetverminderen van de CO2-uitstoot, maar ook aan het verminderen van deafhankelijkheid van fossiele brandstoffen. Met de openstelling van desubsidieregelingen Private Laadinfrastructuur bij bedrijven (SPriLa) enZero-Emissie Trucks (AanZET) is in januari reeds gestart met de uitvoeringvan het Meerjarenprogramma.Vooruitlopend op de start van de vrachtwagenheffing zijn ook in 2024 en2025 middelen ingezet om de verduurzaming en innovatie van hetvrachtvervoer te versnellen. Hiervoor is het Stimuleringspakket 2024–2025opgesteld9. Deze middelen zijn voorgefinancierd uit het Mobiliteitsfondsen worden na de start van de vrachtwagenheffing vanuit de heffingsop-brengsten terugbetaald. Over de resultaten van het stimuleringspakketheb ik u op 13 april jl. geïnformeerd.10Additionele middelen terugsluisBij de Voorjaarsnota 2026 is de raming van de kosten voor de vrachtwa-genheffing naar beneden bijgesteld. Verder is de raming van de uitvoe-ringskosten van de terugsluisregelingen verlaagd. Als gevolg hiervanstijgen de netto-opbrengsten, en komen additionele middelen beschikbaarvoor de terugsluis.Deze extra middelen zijn grotendeels verdeeld over de maatregelen zoalsuitgewerkt in het meerjarenprogramma 2026–2030. Zo neemt het budgetvoor AanZET de komende jaren toe met in totaal meer dan € 300 miljoen.Daarnaast zijn middelen gereserveerd voor additionele maatregelen. Metde vervoerssector en andere stakeholders wordt besproken welkemaatregelen doelmatig en doeltreffend kunnen bijdragen aan deverduurzaming en innovatie van de sector. Voor de volledigheid ishieronder een herziening van de tabel met de bedragen uit het Meerjaren-programma opgenomen.Tabel 2: Herziene begroting Meerjarenprogramma 2026–2030, uitgesplitst naarmaatregel en naar jaar (bedragen in miljoenen euro’s).Maatregel20262027202820292030TotaalEmissievrije trucks (AanZET)2052582602603201.303Laadpalen (SPriLa)68101103103125500Waterstof (SWiM)10101313–46Electric Road Systems (ERS)––115252115Logistieke efficiëntie101515202067Overige subsidies–16,715,919,696148Totaal terugsluis293400,7417,9467,66132.192Uitvoeringskosten56,5781048,5Terugbetalen voorfinanciering–10575––180Totaal298512,2499,9475,66232.409 8Bijlage bij Kamerstukken II 2024/25, 31 305, nr. 472.9Bijlage bij Kamerstukken II 2023/24, 31 305, nr. 436.10Kamerstukken II 2025/26, 31 305, nr. 436.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 31 305, nr. 5397 Aanschafsubsidie emissievrije vrachtwagens (AanZET)De AanZET subsidie ondersteunt ondernemers bij de aanschaf van eenemissievrije vrachtwagen. Op 27 januari jl. ging AanZET open met eenbudget van € 78 miljoen. Net als in eerdere jaren was de belangstellingvoor de regeling groot en was de subsidiepot binnen twee dagenuitgeput. Op 29 september gaat de regeling opnieuw open. Hiervoor is, naophoging van het budget in de voorjaarsnota, € 119,2 miljoenbeschikbaar.Subsidieregeling Private Laadinfrastructuur bij bedrijven (SPriLa)De Subsidieregeling Private Laadinfrastructuur bij Bedrijven (SPriLa) is op20 januari jl. opengesteld met een totaalbedrag van € 78,5 miljoen. Deregeling werd vanaf het begin van de openstelling goed gevonden.Tevens bleek dat ongeveer twee derde van de aanvragers een stationairebatterij nodig heeft om laadinfrastructuur te kunnen realiseren. Hetbudget voor investeringen in een stationaire batterij was dan ook snelovertekend. Daarom is recent een ophoging van het budget gepubli-ceerd11. Daarmee zijn zowel voor de realisatie van laadinfrastructuur alsinvesteringen in een stationaire batterij extra middelen beschikbaargemaakt. De regeling staat tot en met 18 december open voor aanvragen.Subsidieregeling Samenwerking in Logistieke Keten (SiLK)Op 4 november 2025 is de nieuwe subsidieregeling Samenwerking inLogistieke Keten (SiLK) opengesteld met een budget van € 3,6 miljoen.Met deze regeling worden bedrijven geholpen om de samenwerking in delogistieke keten te verbeteren, om zo vrachtwagenkilometers te reduceren.In totaal zijn 41 aanvragen gedaan, waarvan er 5 zijn afgewezen en 36toegekend. Hiermee is ruim € 3,4 miljoen aan subsidiemiddelentoegekend. Het streven is om SiLK in de tweede helft van 2026 opnieuwopen te stellen.Subsidieregeling Waterstof In Mobiliteit (SWIM)Op 1 april 2026 is de Subsidieregeling Waterstof in Mobiliteit (SWIM) voorde derde keer open gegaan. Tot en met 13 mei konden samenwerkingsver-banden die willen investeren in waterstoftankstations en waterstofvoer-tuigen, subsidie aanvragen. Er was in totaal € 45 miljoen beschikbaar. Eris door samenwerkingsverbanden voor ruim € 80 miljoen aan aanvrageningediend. Deze aanvragen gaan het beoordelingsproces in.SuperEco-Combi (SEC)In het kader van de maatregelen voor logistieke efficiëntie wordtonderzoek gedaan naar de introductie van de SuperEco-Combi (SEC) opde Nederlandse wegen. De SEC is een extra lange vrachtwagencombi-natie, die bestaat uit een trekker met twee 13,60 meter lange opleggers.Een SEC is maximaal 32 meter lang en weegt maximaal 72 ton. Daarmeekan een SEC in één keer de lading van twee gewone vrachtwagensvervoeren.Na onderzoek en het treffen van voorbereidingen is in januari eenontheffingsaanvraag ingediend voor een test met de SEC op de openbareweg. De RDW beoordeelt of het voertuig aan de technische eisen voldoet,bijvoorbeeld op het gebied van veiligheid. Als er ontheffing wordtverleend kan de SEC op de openbare weg worden getest. Bij goed gevolgvan deze testen zal in 2027 worden gestart met een aantal pilots.11Stcrt. 2026, nr. 19138.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 31 305, nr. 5398 BeleidsontwikkelingenMonitoring uitwijk van vrachtwagens naar andere wegenOp basis van onderzoek is de verwachting dat de invoering van devrachtwagenheffing niet leidt tot structurele uitwijk van vrachtwagensnaar wegen waar dit ongewenst is. Dit omdat wegen waarop ongewensteuitwijk wordt verwacht, reeds zijn toegevoegd aan het heffingsnetwerk.Desalniettemin is het belangrijk goed voorbereid te zijn als uitwijkverkeerzich onverhoopt wél voordoet. Daarom wordt vanaf 1 jaar vóór tot 3 jaarna de invoering gemonitord en geëvalueerd of eventuele uitwijk in depraktijk optreedt. Dit gebeurt op basis van een plan dat samen metwegbeheerders is opgesteld. Als blijkt dat toch ongewenste uitwijkoptreedt, kunnen maatregelen genomen worden. Hierbij valt te denkenaan uitbreiding van het heffingsnetwerk of aan lokale (tijdelijke) maatre-gelen door de wegbeheerder, zoals een vrachtwagenverbod. In spoedei-sende gevallen kunnen deze maatregelen versneld worden uitgevoerd. Inhet BO MIRT 2026 is afgesproken dat het Rijk in bepaalde gevallen(tijdelijke) maatregelen van wegbeheerders vergoedt.Tot slotDe vrachtwagenheffing brengt een grote verandering met zich mee, diegewenning zal vragen van houders van vrachtwagens en de uitvoerings-organisaties. Echter, gezien de zorgvuldige voorbereiding heb ikvertrouwen in een succesvolle start op 1 juli. In het najaar kunt u devolgende voortgangsbrief verwachten.De Minister van Infrastructuur en Waterstaat,V.P.G. KarremansTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 31 305, nr. 5399

Eerdere bronversies

17 okt 2026 · ff2bc7e5aac7be9b

14 okt 2026 · b6f54555da596264

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.