Resultaten pilot steun na partnerverlies
Brontekst
Versie 0d3a675b4153ef39 · officiële bronTweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2016–2017 29 538Zorg en maatschappelijke ondersteuning Nr. 243 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN SOCIALE ZAKEN EN WERKGELEGENHEID Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Den Haag, 23 juni 2017 Wie een levenspartner verliest, heeft steun nodig. Steun in het omgaan met het verdriet, steun bij de enorme lijst met praktische beslommeringen die op een weduwe of weduwnaar af komen en steun om op een gegeven moment ook weer vooruit te kunnen kijken. In de gemeente Zwolle is die steun de afgelopen anderhalf jaar geboden met de pilot «steun na partnerverlies». De nabestaanden die onder-steuning hebben gehad laten weten dat dit van grote waarde is geweest voor hen. Dankzij de pilot konden ze hun verhaal kwijt bij mensen die hetzelfde hebben meegemaakt, werden ze praktisch ondersteund en ontstond er meer begrip in hun omgeving. De pilot is in september 2015 tot stand gekomen naar aanleiding van de motie van het lid Kerstens (PvdA)1. Middels deze brief informeer ik u zoals toegezegd2 over de resultaten. Het doel van de pilot was enerzijds het bieden van ondersteuning aan nabestaanden onder de pensioengerech-tigde leeftijd die hun partner hebben verloren, en anderzijds het opdoen van ervaringen zodat ook andere gemeenten gebruik kunnen maken van de opgedane kennis. Bij de uitvoering van de pilot is zoveel mogelijk aangesloten bij reeds bestaand aanbod in de gemeente Zwolle, aangevuld met de expertise van de stichting «De Jonge Weduwe». De pilot bestond uit drie onderdelen. Het eerste onderdeel voorzag in directe ondersteuning van nabestaanden onder de pensioengerechtigde leeftijd. Gedurende de pilotperiode hebben 73 personen een brief ontvangen over de mogelijkheid tot ondersteunend aanbod. Van hen is met 45 nabestaanden (vaak meerdere keren) telefonisch contact gelegd 1Kamerstuk 34 000 XV, nr. 282Kamerbrief uitvoering motie van het lid Kerstens pilot ondersteuning nabestaanden, 25 sep 2015 (Kamerstuk 29 538, nr. 196) kst-29538-243ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2017Tweede Kamer, vergaderjaar 2016–2017, 29 538, nr. 2431 door stichting Wijz3, waarna er met 20 nabestaanden een persoonlijke afspraak is ingepland. In totaal zijn 10 nabestaanden gedurende de pilotperiode aan een vrijwilliger gekoppeld. De reacties van nabestaanden op zowel het telefonisch contact als de koppeling aan een vrijwilliger waren veelal positief. Tijdens de pilot is gebleken dat goed opgeleide vrijwilligers in staat zijn om laagdrempelige ondersteuning aan nabestaanden te geven. Daarbij kunnen vrijwilligers met eigen verlieser-varingen een extra waarde in het aanbod hebben. Uit de resultaten blijkt dat op het gebied van activering het mes aan twee kanten snijdt: vrijwilligers zijn in staat om nabestaanden te activeren en zij worden – indien zij zelf ook nabestaande zijn – tegelijkertijd zelf ook geactiveerd. Het tweede onderdeel van de pilot is opgezet om de ondersteuningsbe-hoefte van mensen die langer geleden (2011) nabestaande zijn geworden in kaart te brengen en deze ervaringen te gebruiken binnen de pilot. De conclusie is dat er beschermende, neutrale en belemmerende factoren in het rouwproces bij nabestaanden zijn. Met name nabestaanden met veel belemmerende factoren, zoals het hebben van fysieke gezondheids-klachten en het moeite hebben met sociale contacten, lijken baat te hebben bij een aanbod. Het derde onderdeel van de pilot heeft een bijdrage geleverd aan de bredere maatschappelijke bewustwording over rouwverwerking. Deze bewustwordingsbijeenkomsten voor werkgevers, onderwijsprofessionals en ambtenaren van de gemeente Zwolle zijn georganiseerd door stichting De Jonge Weduwe. Maatschappelijke baten Naast het ontwikkelde aanbod in de pilot waarin directe ondersteuning wordt geboden aan nabestaanden, geeft Stichting Wijz aan dat er aanwijzingen zijn dat het ontwikkelde aanbod een bijdrage levert aan het voorkomen van eventuele uitval van nabestaanden (en kinderen) op een later moment. Gezien de positieve resultaten heeft de gemeente Zwolle besloten de ontwikkelde activiteiten voort te zetten als regulier aanbod. Een van de aanleidingen van de pilot was het bevorderen van de re-integratie van nabestaanden naar werk, maar de periode van de pilot was te kort om conclusies te trekken over dit onderdeel. In de vervolgfase blijft re-integratie naar (betaald) werk daarom bijzondere aandacht houden. Ik vind het van belang dat de ervaringen van de gemeente Zwolle gebruikt kunnen worden door andere gemeenten. Dankzij een uitgebreide beschrijving van de gebruikte methodieken is de pilot geschikt voor overdracht naar andere gemeenten. De handreiking voor gemeenten en overige ondersteunende informatie is te vinden op de website www.steunnapartnerverlieszwolle.nl/overdracht. Ik hoop dat gemeenten de ontwikkelde werkwijze gaan inpassen in hun eigen organisatie, zodat nabestaanden gepaste ondersteuning wordt geboden na het overlijden van hun partner, omdat dat enorme verdrietige impact heeft op hun leven. De Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, J. Klijnsma3Stichting Wijz heeft de pilot in opdracht van de gemeente Zwolle uitgevoerdTweede Kamer, vergaderjaar 2016–2017, 29 538, nr. 2432
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.