kst-30825-95ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2011Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2010–201130 825Ecologische hoofdstructuur Nr. 95 MOTIE VAN HET LID OUWEHAND C.S. Voorgesteld 13 september 2011 De Kamer, gehoord de beraadslaging, constaterende, dat in Nagoya het nieuwe Biodiversiteitsverdrag is gesloten met als doel, het verlies aan soorten in 2020 te halveren, onder andere door het afschaffen van subsidies die de biodiversiteit schaden en bescherming van natuur op 17% van het landoppervlak en in 10% van de oceanen; constaterende, dat het doel van het vorige Biodiversiteitsverdrag, namelijk het stoppen van het biodiversiteitsverlies in 2010, niet gehaald is; overwegende, dat Nederland dus een gedegen aanpak nodig heeft om de afspraken in 2020 wel na te kunnen komen; verzoekt de regering concrete afrekenbare tussendoelen te stellen om de afspraken uit het Biodiversiteitsverdrag te kunnen nakomen, en gaat over tot de orde van de dag. Ouwehand Jacobi Grashoff Van VeldhovenTweede Kamer, vergaderjaar 2010–2011, 30 825, nr. 95