Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2025–202631 839JeugdzorgNr. 1173 MOTIE VAN HET LID CEDERVoorgesteld 11 juni 2026 De Kamer,gehoord de beraadslaging,constaterende dat betrokken vaderschap een belangrijke bijdrage levertaan de ontwikkeling van kinderen, de stabiliteit van gezinnen en hetvoorkomen van maatschappelijke problemen;overwegende dat in Nederland nog relatief weinig structurele kennisont-wikkeling en beleidsvorming plaatsvindt rondom de rol van vaders in deopvoeding en de gevolgen van vaderafwezigheid;overwegende dat er verspreid over het land diverse waardevolle lokaleinitiatieven bestaan die zich richten op het versterken van betrokkenvaderschap, maar dat kennis, ervaring en bewezen effectieve werkwijzennog onvoldoende worden gedeeld en gebundeld;verzoekt de regering:–te stimuleren dat meer structureel onderzoek wordt verricht naar de rolvan positief vaderschap en de effecten van vaderafwezigheid opkinderen, gezinnen en de samenleving;–te bezien hoe de uitkomsten van dit onderzoek kunnen bijdragen aaneffectiever preventief gezins- en jeugdbeleid;–in overleg te treden met lokale initiatieven rond vaderschap enrelevante organisaties en kennisinstituten, en te verkennen hoebestaande kennis, expertise en initiatieven rondom betrokkenvaderschap landelijk toegankelijk gemaakt kunnen worden, bijvoor-beeld door middel van een landelijk platform,en gaat over tot de orde van de dag.Ceder kst-31839-1173ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2026Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 31 839, nr. 1173