Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2022–2023 29 984Spoor: vervoer- en beheerplan Nr. 1031 MOTIE VAN HET LID BOUCHALLIKH C.S. Voorgesteld 2 november 2022 De Kamer, gehoord de beraadslaging, constaterende dat, gelet op structurele en geografische kenmerken van de Nederlandse spoormarkt en het spoorwegnet, de vraag van de reizigers, de omvang en de complexiteit van het net, een onderhandse gunning gerechtvaardigd is; constaterende dat de Kamer eerder bij de motie-Laçin/Kröger (29 984, nr. 907) heeft uitgesproken de concessie voor het hoofdrailnet voor minimaal tien jaar aan NS te gunnen; overwegende dat een integraal hoofdrailnet grote voordelen voor de reiziger heeft, bijvoorbeeld dat bijna 80% niet hoeft over te stappen; verzoekt de regering bij de gunning van de vervoerconcessie aan NS de integraliteit van het hoofdrailnet te borgen door de omvang van het binnenlandse netwerk in stand te houden, en gaat over tot de orde van de dag. Bouchallikh De Hoop Alkaya Van Raan kst-29984-1031ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2022Tweede Kamer, vergaderjaar 2022–2023, 29 984, nr. 1031
2 nov 2022Motie ingediendMotie van het lid Bouchallikh c.s. over de integraliteit van het hoofdrailnet borgen door de omvang van het binnenlandse netwerk in stand te houdenBron ↗
2 nov 2022IngediendBesluit zoals geregistreerd door de Tweede Kamer.Bron ↗
8 nov 2022Verworpen.Besluit zoals geregistreerd door de Tweede Kamer.Bron ↗