Motie van het lid Van Campen c.s. over een nieuw mestbeleid met een goede bodemgezondheid als uitgangspunt
2 dec 2021 · Tweede Kamer · Dossier 35925-XIV · Vaststelling van de begrotingsstaten van het Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (XIV) en het Diergezondheidsfonds (F) voor het jaar 2022
Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2021–2022 35 925 XIVVaststelling van de begrotingsstaten van het Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (XIV) en het Diergezondheidsfonds (F) voor het jaar 2022 Nr. 36 MOTIE VAN HET LID VAN CAMPEN C.S. Voorgesteld 2 december 2021 De Kamer, gehoord de beraadslaging, constaterende dat het huidige mestbeleid is gebaseerd op mest als rest- of zelfs afvalproduct; constaterende dat gewassen stikstof opnemen uit bodem en lucht, en dat planten koolstof vastleggen; van mening dat een goed mestbeleid niet zou moeten uitgaan van mest als afvalproduct, maar als bron voor goede evenwichtsbemesting met bodemverbeteraars als sleutel voor de bodemgezondheid; van mening dat voor goede bodemgezondheid organische stof en nutriënten van levensbelang zijn en dit kunstmest in grote mate kan vervangen; verzoekt de regering te onderzoeken hoe een nieuw mestbeleid kan worden ingericht met goede bodemgezondheid als uitgangspunt in plaats van mest als afvalproduct; verzoekt de regering de Kamer over de resultaten hiervan te informeren voor de zomer van 2022, en gaat over tot de orde van de dag. Van Campen Boswijk Tjeerd de Groot Grinwis kst-35925-XIV-36ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2021Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 925 XIV, nr. 36