kst-29398-288ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2011Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2011–201229 398Maatregelen verkeersveiligheid Nr. 288 MOTIE VAN HET LID DE JONG Voorgesteld 5 oktober 2011 De Kamer, gehoord de beraadslaging, constaterende, dat er bij scooter-, bromfiets- en snorfietsbestuurders veel onduidelijkheid is over waar zij mogen rijden omdat iedere gemeente op dit punt haar eigen verkeersregels bepaalt; overwegende, dat het in het belang van de verkeersveiligheid is dat er eenduidige regelgeving geldt; verzoekt de regering om drie eenvoudige landelijke regels in te voeren met betrekking tot scooters, brom- en snorfietsen te weten: 1.alle snorfietsen (max. 25 km/h) te allen tijde op het fietspad; 2.alle scooters/bromfietsen (max. 45 km/h) binnen bebouwde kom (dus max. 50 km wegen) op de weg; 3.alle scooters buiten bebouwde kom (dus op wegen met hogere maximum snelheid dan 50 km/h) op het fietspad, en gaat over tot de orde van de dag. De JongTweede Kamer, vergaderjaar 2011–2012, 29 398, nr. 288