Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2025–202621 501-02Raad Algemene Zaken en Raad BuitenlandseZakenNr. 3337 MOTIE VAN HET LID VAN DER WERF C.S.Voorgesteld 27 januari 2026 De Kamer,gehoord de beraadslaging,constaterende dat de Islamitische Revolutionaire Garde een sleutelrolspeelt in de gewelddadige repressie door het Iraanse regime, waaronderhet doden van duizenden Iraniërs tijdens de recente protesten;constaterende dat de IRGC via een internationaal netwerk bijdraagt aanterrorisme en destabilisatie in de regio en daarbuiten;overwegende dat plaatsing van de IRGC op de EU-terrorismelijstvooralsnog uitblijft, maar verdere Europese maatregelen acuut noodza-kelijk zijn;van mening dat de EU meer moet doen om de financiële en operationeleslagkracht van de IRGC in te perken;verzoekt de regering zich in EU-verband in te zetten voor de oprichtingvan een sanctietaskforce tegen Iran, gericht op het afknijpen van definanciering van de IRGC, naar het voorbeeld van de Freeze and Seize TaskForce tegen Rusland en Belarus,en gaat over tot de orde van de dag.Van der WerfPiriBoswijkErkensHoogeveen kst-21501-02-3337ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2026Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-02, nr. 3337
27 jan 2026Motie ingediendMotie van het lid Van der Werf c.s. over de oprichting van een sanctietaskforce tegen Iran, gericht op het afknijpen van de financiering van de IRGC Bron ↗
27 jan 2026IngediendBesluit zoals geregistreerd door de Tweede Kamer.Bron ↗
28 jan 2026Aangenomen.Besluit zoals geregistreerd door de Tweede Kamer.Bron ↗