Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2019–2020 25 295Infectieziektenbestrijding Nr. 494 MOTIE VAN DE LEDEN VAN HAGA EN HIDDEMA Voorgesteld 12 augustus 2020 De Kamer, gehoord de beraadslaging, constaterende dat studenten wel kennis mogen maken met studie- en sportverenigingen maar niet met gezelligheidsverenigingen; overwegende dat deze maatregel verstrekkende gevolgen heeft voor de levens van heel veel studenten; overwegende dat met een goed protocol de risico’s zeer beperkt zijn; verzoekt de regering, op zeer korte termijn te onderzoeken of en, zo ja, onder welke voorwaarden het kennismaken met gezelligheidsvereni-gingen door studenten toch doorgang kan vinden, en gaat over tot de orde van de dag. Van Haga Hiddema kst-25295-494ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2020Tweede Kamer, vergaderjaar 2019–2020, 25 295, nr. 494
12 aug 2020Motie ingediendMotie van de leden Van Haga en Hiddema over onderzoeken of kennis maken met gezelligheidsverenigingen door studenten toch doorgang kan vindenBron ↗
12 aug 2020IngediendBesluit zoals geregistreerd door de Tweede Kamer.Bron ↗
12 aug 2020Verworpen.Besluit zoals geregistreerd door de Tweede Kamer.Bron ↗