Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2019–2020 24 515Preventie en bestrijding van stille armoede en sociale uitsluiting Nr. 535 MOTIE VAN HET LID JASPER VAN DIJK C.S. Voorgesteld 30 juni 2020 De Kamer, gehoord de beraadslaging, overwegende dat diverse organisaties (Stichting Zwerfjongeren Nederland, het Leger des Heils, Valente en de Landelijke Cliëntenraad) de noodklok luiden over de inkomenspositie van jongeren, omdat de huidige jongerenuitkering van € 250 per maand te laag is om van te leven; constaterende dat de problemen vooral groot zijn bij jongeren in de jeugdzorg, daklozen, jongeren zonder ouders en jongeren met een kind; overwegende dat de organisaties erop aandringen om de nu nog vrijblijvende mogelijkheid om een jongerenuitkering aan te vullen (uit de bijzondere bijstand) tot het niveau van de uitkering voor 21-jarigen, om te zetten naar een plicht; verzoekt de regering, zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk in het najaar, te inventariseren in hoeverre de lage uitkering en de vier weken zoektermijn voor jongeren in de Participatiewet problemen veroorzaken dan wel bijdragen aan dakloosheid, en gaat over tot de orde van de dag. Jasper van Dijk Van Beukering-Huijbregts Peters kst-24515-535ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2020Tweede Kamer, vergaderjaar 2019–2020, 24 515, nr. 535
30 jun 2020Motie ingediendMotie van het lid Jasper van Dijk c.s. over problemen bij jongeren door de lage uitkering en de zoektermijn inventariserenBron ↗
30 jun 2020IngediendBesluit zoals geregistreerd door de Tweede Kamer.Bron ↗
2 jul 2020Aangenomen.Besluit zoals geregistreerd door de Tweede Kamer.Bron ↗