Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2018–2019 34 170Chronisch Vermoeidheidssyndroom (ME/CVS) Nr. 9 MOTIE VAN HET LID PLOUMEN Voorgesteld 11 september 2019 De Kamer, gehoord de beraadslaging, constaterende dat een beoordeling van de behandeling voor ME/CVS-patiënten van groot belang is voor de duurzaamheid van hun arbeidsbeperking; overwegende dat er aanwijzingen zijn dat verzekeringsartsen van UWV regelmatig niet handelen volgens de UWV-beleidsuitgangspunten en patiënten zich niet serieus genomen voelen; constaterende dat in het rapport van de Gezondheidsraad nadrukkelijk wordt aangegeven dat het niet volgen van CGT- of CGT/GET-behandelingen niet kan worden aangemerkt als niet adequaat herstelgedrag; verzoekt de regering, om het UWV opdracht te geven om te toetsen of de beoordeling van cliënten met ME/CVS plaatsvindt conform het gestelde beleid en te deze herzien wanneer dit niet het geval is, en gaat over tot de orde van de dag. Ploumen kst-34170-9ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2019Tweede Kamer, vergaderjaar 2018–2019, 34 170, nr. 9