Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2022–2023 25 295Infectieziektenbestrijding Nr. 2110 MOTIE VAN HET LID BUSHOFF C.S. Voorgesteld 5 juli 2023 De Kamer, gehoord de beraadslaging, constaterende dat de Minister voor Langdurige Zorg en Sport in september 2022 duidelijkheid zou geven over de invulling van de postcovidregeling, maar pas in juni 2023 de regeling in consultatie heeft gebracht; constaterende dat er nu gekozen is voor een aanvraagperiode voor de postcovidregeling van één maand, om de simpele reden dat de financiële middelen in 2023 gereserveerd staan; overwegende dat een aanvraagperiode van één maand gezien de gevraagde bewijslast praktisch onmogelijk lijkt; van mening dat een maand daarom te kort is en postcovidpatiënten niet de dupe zouden moeten worden van de niet nagekomen belofte van de Minister voor Langdurige Zorg en Sport; verzoekt de regering de aanvraagperiode te verlengen tot ten minste eind 2023 en zo nodig langer, kst-25295-2110ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2023Tweede Kamer, vergaderjaar 2022–2023, 25 295, nr. 21101
en gaat over tot de orde van de dag. Bushoff Omtzigt, Dijk Van der Staaij Agema Gündog˘an Van der Plas Westerveld Van Esch Kuzu Den Haan DassenTweede Kamer, vergaderjaar 2022–2023, 25 295, nr. 21102