Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2018–2019 32 043Toekomst pensioenstelsel Nr. 462 MOTIE VAN DE LEDEN KLAVER EN ASSCHER Voorgesteld 19 juni 2019 De Kamer, gehoord de beraadslaging, constaterende dat de SER en het kabinet hebben aangegeven dat een nieuw pensioenstelsel Europeesrechtelijk houdbaar dient te blijven met inbegrip van de verplichtstelling; overwegende dat de SER het kabinet adviseert om hier voldoende borging voor te bieden, bijvoorbeeld bij de Europese Commissie en de advocaat-generaal van het Hof van Justitie; overwegende dat het kabinet in overleg is met de Europese Commissie hierover; van mening dat er bij de behandeling van het wetsvoorstel geen twijfel mag bestaan over het in stand houden van de verplichtstelling; verzoekt de regering, alles te doen wat in haar mogelijkheden ligt, waaronder het vragen van onafhankelijk juridisch advies over de houdbaarheid van de verplichtstelling en het voortzetten van de gesprekken met de Europese Commissie, om duidelijk te maken dat de verplichtstelling niet in gevaar komt, en de Kamer hierover te informeren, en gaat over tot de orde van de dag. Klaver Asscher kst-32043-462ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2019Tweede Kamer, vergaderjaar 2018–2019, 32 043, nr. 462