Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2025–202631 305MobiliteitsbeleidNr. 560 MOTIE VAN HET LID VAN LEIJENVoorgesteld 30 juni 2026 De Kamer,gehoord de beraadslaging,constaterende dat de instandhoudingsopgave voor bruggen, sluizen,wegen en spoor de komende jaren fors oploopt en niet alleen op kortetermijn om scherpe keuzes vraagt;overwegende dat de prioritering van onderhoud, renovatie en vervangingnu vooral gebaseerd is op de technische staat en de leeftijd, terwijl ook detoekomstige mobiliteitsbehoefte relevant is;verzoekt de regering te onderzoeken hoe de toekomstige rol vanbestaande infra kan worden meegenomen bij de instandhoudingsopgave,en de Kamer hierover te informeren in de aangekondigde brief vanseptember,en gaat over tot de orde van de dag.Van Leijen kst-31305-560ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2026Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 31 305, nr. 560
30 jun 2026Motie ingediendMotie van het lid Van Leijen over onderzoeken hoe de toekomstige rol van bestaande infra kan worden meegenomen bij de instandhoudingsopgave Bron ↗
30 jun 2026IngediendBesluit zoals geregistreerd door de Tweede Kamer.Bron ↗
2 jul 2026Aangenomen.Besluit zoals geregistreerd door de Tweede Kamer.Bron ↗