Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2017–2018 31 524Beroepsonderwijs en Volwassenen Educatie Nr. 357 GEWIJZIGDE MOTIE VAN DE LEDEN VAN MEENEN EN WESTERVELD TER VERVANGING VAN DIE GEDRUKT ONDER NR. 354 Voorgesteld 27 maart 2018 De Kamer, gehoord de beraadslaging, constaterende dat sommige instellingen voor het instellingscollegegeld méér vragen dan de bekostiging van de opleiding en het tarief ter hoogte van het wettelijk collegegeld; overwegende dat de toegankelijkheid van het hoger onderwijs van groot belang is; verzoekt de regering, er voor te zorgen dat het voor onderwijsinstellingen niet mogelijk is om meer instellingscollegegeld dan de bekostiging van de opleiding en het tarief ter hoogte van het wettelijk collegegeld te vragen; en gaat over tot de orde van de dag. Van Meenen Westerveld kst-31524-357ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2018Tweede Kamer, vergaderjaar 2017–2018, 31 524, nr. 357
27 mrt 2018Motie ingediendGewijzigde motie van de leden Van Meenen en Westerveld over de hoogte van het instellingscollegegeld (t.v.v. 31524-354)Bron ↗
27 mrt 2018Aangenomen.Besluit zoals geregistreerd door de Tweede Kamer.Bron ↗