Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2018–2019 32 043Toekomst pensioenstelsel Nr. 473 MOTIE VAN HET LID VAN DER LINDE C.S. Voorgesteld 19 juni 2019 De Kamer, gehoord de beraadslaging, constaterende dat het van groot belang is om bij zware beroepen op tijd werk te maken van manieren om het beroep in goede gezondheid te kunnen blijven doen en/of omscholing naar ander werk mogelijk te maken; overwegende dat het kabinet samen met sociale partners investeringen in duurzame inzetbaarheid doet; overwegende dat het faciliteren van langer doorwerken en manieren van bij- en omscholing cruciale onderdelen zijn voor het succesvol en gezond inzetbaar houden van mensen; van mening dat sectorale plannen daarom effectief moeten zijn voor het beoogde doel; verzoekt de regering, voor de 800 miljoen euro voor duurzame inzet-baarheid nadrukkelijk nadere voorwaarden te stellen die zien op het daadwerkelijk vergroten van de duurzame inzetbaarheid en daar met sociale partners ook meetbare doelen op te stellen voor een effectieve besteding van de gelden, en gaat over tot de orde van de dag. Van der Linde Van Weyenberg Omtzigt Bruins kst-32043-473ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2019Tweede Kamer, vergaderjaar 2018–2019, 32 043, nr. 473