Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2020–2021 25 087Internationaal fiscaal (verdrags)beleid Nr. 277 MOTIE VAN DE LEDEN VAN WEYENBERG EN GÜNDOGAN Voorgesteld 18 mei 2021 De Kamer, gehoord de beraadslaging, overwegende dat een minimumwinstbelastingtarief een effectieve manier is om een gelijk speelveld te creëren tussen nationaal opererende mkb’ers en internationaal opererende bedrijven die hun belastingdruk vaak weten te verlagen door belastingontwijking; overwegende dat Nederland op grote schaal fungeert als doorsluisland van winsten; constaterende dat nu ook de Minister van Financiën van de Verenigde Staten zich positief heeft uitgelaten over een minimumwinstbelasting-tarief, wat de kansrijkheid op een akkoord hierover vergroot; constaterende dat de Adviescommissie belastingheffing van multinati-onals heeft geadviseerd dat Nederland hierin een voortrekkersrol moet nemen; verzoekt de regering, in de OESO en in de EU een voortrekkersrol te nemen teneinde een internationaal minimumwinstbelastingtarief af te spreken in de OESO of de EU, en gaat over tot de orde van de dag. Van Weyenberg Gündog˘an kst-25087-277ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2021Tweede Kamer, vergaderjaar 2020–2021, 25 087, nr. 277
18 mei 2021Motie ingediendMotie van de leden Van Weyenberg en Gündoğan over een internationaal minimumwinstbelastingtarief afspreken in de OESO of EUBron ↗
18 mei 2021IngediendBesluit zoals geregistreerd door de Tweede Kamer.Bron ↗
25 mei 2021Aangenomen.Besluit zoals geregistreerd door de Tweede Kamer.Bron ↗