Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2024–202531 288Hoger Onderwijs-, Onderzoek- enWetenschapsbeleidNr. 1170 MOTIE VAN DE LEDEN SOEPBOER EN OMTZIGTVoorgesteld 3 december 2024 De Kamer,gehoord de beraadslaging,constaterende dat EER-studenten relatief gemakkelijk toegang hebben totNederlandse studiefinanciering, namelijk als zij 32 uur per maand werkenen soms zelfs al bij 24 uur per maand werk, een bijbaan van 6 uur perweek, en dat andere landen, bijvoorbeeld Zweden, Noorwegen, Vlaan-deren en Duitsland, aanzienlijk hogere eisen hebben;constaterende dat het aantal EER-studenten die recht hebben opNederlandse studiefinanciering meer dan verdubbeld is in drie jaar tijdnaar meer dan 20.000 studenten;verzoekt de regering zich de komende zes maanden in te zetten om inEuropa minimumeisen voor migrerende werknemers in te voeren, zodatpas bij grotere (bij)banen recht ontstaat op Nederlandse studiefinan-ciering, en de Kamer over de uitkomst te informeren,en gaat over tot de orde van de dag.SoepboerOmtzigt kst-31288-1170ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2024Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 31 288, nr. 1170
3 dec 2024Motie ingediendMotie van de leden Soepboer en Omtzigt over zich de komende zes maanden inzetten om in Europa minimumeisen voor migrerende werknemers in te voeren Bron ↗
3 dec 2024IngediendBesluit zoals geregistreerd door de Tweede Kamer.Bron ↗
10 dec 2024Aangenomen.Besluit zoals geregistreerd door de Tweede Kamer.Bron ↗