Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2012–2013 29 237Afrika-beleid Nr. 155 GEWIJZIGDE MOTIE VAN HET LID SJOERDSMA TER VERVANGING VAN DIE GEDRUKT ONDER NR. 152 Voorgesteld 2 juli 2013 De Kamer, gehoord de beraadslaging, overwegende dat abortus bij vrouwen die zwanger zijn als gevolg van verkrachting slechts plaatsvindt indien er een medische noodzaak is; van mening dat louter een medische noodzaak als grond voor abortus bij verkrachtingsslachtoffers in conflictgebieden zich niet verhoudt tot de beoogde regeringsinzet op vrouwenrechten en bescherming van vrouwen in conflictgebieden; verzoekt de regering, te bevorderen dat abortus binnen de Nederlandse noodhulp mogelijk is voor vrouwen in conflictgebieden die als gevolg van verkrachting zwanger zijn geraakt; verzoekt de regering tevens, binnen het budget voor humanitaire hulp en Seksuele en Reproductieve Gezondheid en Rechten steun te verlenen aan organisaties die kunnen voorzien in de mogelijkheid van een abortus bij deze categorie vrouwen, en gaat over tot de orde van de dag. Sjoerdsma kst-29237-155ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2013Tweede Kamer, vergaderjaar 2012–2013, 29 237, nr. 155
25 jun 2013Motie ingediendGewijzigde motie van het lid Sjoerdsma (t.v.v. 29237, nr. 152) over het mogelijk maken van abortus voor verkrachte vrouwen in conflictgebiedenBron ↗
2 jul 2013Aangenomen.Besluit zoals geregistreerd door de Tweede Kamer.Bron ↗