Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2025–202636 800 AVaststelling van de begrotingsstaat van hetMobiliteitsfonds voor het jaar 2026Nr. 23 MOTIE VAN DE LEDEN VAN DER PLAS EN STOFFERVoorgesteld tijdens het notaoverleg van 26 januari 2026 De Kamer,gehoord de beraadslaging,constaterende dat er voor de A27 tussen Zeewolde en Eemnes bestuur-lijke afspraken zijn gemaakt over een MIRT-verkenning waarvoor 200miljoen euro klaarstaat;overwegende dat de N50 een zeer onveilige weg is met veel ongelukken,en dat een fysieke rijbaanscheiding noodzakelijk is om meer ongelukkente voorkomen;overwegende dat voor de start van een MIRT-verkenning het grootste deelvan de benodigde middelen al beschikbaar moet zijn en dit voor de A27inmiddels het geval is;overwegende dat dit de mogelijkheid geeft om binnen het gereserveerdebedrag van 200 miljoen euro ook ruimte te maken voor het verbeteren vande veiligheid op de N50;verzoekt de regering te kijken of binnen dit bedrag voor deMIRT-verkenning A27 Zeewolde-Eemnes 150 miljoen euro kan wordengereserveerd voor de verkenning, en 40 miljoen euro kan worden ingezetvoor een fysieke rijbaanscheiding op de N50 tussen Kampen en Ramspol,en de Kamer hierover tijdig te informeren,en gaat over tot de orde van de dag.Van der PlasStoffer kst-36800-A-23ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2026Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 A, nr. 23