Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2025–202631 288Hoger Onderwijs-, Onderzoek- enWetenschapsbeleidNr. 1237 MOTIE VAN DE LEDEN ABDI EN ROODERKERKVoorgesteld 16 april 2026 De Kamer,gehoord de beraadslaging,constaterende dat de leden van de raad van toezicht van universiteitendoor de Minister van OCW worden benoemd, geschorst en ontslagen, endat de Minister de raad van toezicht van hogescholen een aanwijzing kangeven;constaterende dat het Hof van Justitie van de Europese Unie bepaalde datacademische vrijheid ruim moet worden opgevat, in de zin dat die ookeen «institutionele en organisatorische» dimensie heeft en de autonomievan hogeronderwijsinstellingen een voorwaarde is om individuelewetenschappers hun onderzoek in vrijheid te laten uitvoeren;van mening dat de ministeriële stelselverantwoordelijkheid voorhogescholen en universiteiten niet mag betekenen dat de Ministergemotiveerde invloed kan uitoefenen op hogeronderwijsinstellingen;verzoekt de regering te onderzoeken of het mogelijk is om in het bredeonderzoek naar de academische vrijheid (zoals aangekondigd in deKamerbrief van 18 december 2025) de institutionele autonomie als factorvan belang mee te nemen en de Kamer hierover te informeren,en gaat over tot de orde van de dag.AbdiRooderkerk kst-31288-1237ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2026Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 31 288, nr. 1237
16 apr 2026Motie ingediendMotie van de leden Abdi en Rooderkerk over in het brede onderzoek naar academische vrijheid institutionele autonomie meenemen als factor van belang Bron ↗
16 apr 2026IngediendBesluit zoals geregistreerd door de Tweede Kamer.Bron ↗
21 apr 2026Aangenomen.Besluit zoals geregistreerd door de Tweede Kamer.Bron ↗