Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2024–202536 600 VVaststelling van de begrotingsstaat van hetMinisterie van Buitenlandse Zaken (V) voor hetjaar 2025Nr. 23 MOTIE VAN DE LEDEN PIRI EN VAN DER BURGVoorgesteld 21 november 2024 De Kamer,gehoord de beraadslaging,constaterende dat de unanimiteitsvoorwaarde in het EU-buitenlandbeleidbesluitvorming vertraagt, bijvoorbeeld omtrent de bevriezing vanRussische tegoeden, maatregelen tegen Azerbeidzjan, of de sanctioneringvan de Iraanse Revolutionaire Garde;overwegende dat Nederland zich in 2023 met acht andere EU-lidstatenuitsprak voor de invoering van stemmen met gekwalificeerdemeerderheid in het Gemeenschappelijk Buitenlands en Veiligheidsbeleidvan de EU (GBVB);verzoekt het kabinet om te blijven pleiten voor de invoering van stemmenmet gekwalificeerde meerderheid in het GBVB,en gaat over tot de orde van de dag.PiriVan der Burg kst-36600-V-23ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2024Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 V, nr. 23
21 nov 2024Motie ingediendMotie van de leden Piri en Van der Burg over blijven pleiten voor de invoering van stemmen met gekwalificeerde meerderheid in het GBVB Bron ↗
21 nov 2024IngediendBesluit zoals geregistreerd door de Tweede Kamer.Bron ↗
26 nov 2024Verworpen.Besluit zoals geregistreerd door de Tweede Kamer.Bron ↗