Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2018–2019 31 066Belastingdienst Nr. 470 MOTIE VAN DE LEDEN WESTERVELD EN GIJS VAN DIJK Voorgesteld 21 maart 2019 De Kamer, gehoord de beraadslaging, constaterende dat het Verdrag inzake de rechten van het kind stelt dat bij beslissingen die gevolgen hebben voor de kinderen een belangenaf-weging moet worden gemaakt; overwegende dat uit dit verdrag ook blijkt dat bij een conflict tussen deze belangen, het belang van het kind voorop moet worden gesteld; verzoekt de regering, bij elke beslissing tot het stopzetten van de kinderopvangtoeslag het belang van het kind voorop te stellen, en gaat over tot de orde van de dag. Westerveld Gijs van Dijk kst-31066-470ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2019Tweede Kamer, vergaderjaar 2018–2019, 31 066, nr. 470