kst-19637-1506ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2012Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2011–2012 19 637Vreemdelingenbeleid Nr. 1506 GEWIJZGIDE MOTIE VAN DE LEDEN GESTHUIZEN EN ARIB TER VERVANGING VAN DIE GEDRUKT ONDER NR. 1497 Voorgesteld 6 maart 2012 De Kamer, gehoord de beraadslaging, constaterende, dat het Instituut voor Mensenrechten en Medisch Onderzoek laat weten dat in bepaalde gevallen asielzoekers die zijn gemarteld in het land van herkomst teruggestuurd worden naar dat land van herkomst, omdat de IND in de asielprocedure de marteling onvol-doende of niet bewezen acht; constaterende, dat voorgaande komt doordat een causaal verband tussen littekens en de gestelde martelingen onvoldoende tot niet wordt onderzocht; overwegende, dat medisch steunbewijs gestelde mishandelingen en martelingen kan ondersteunen; verzoekt de regering te bewerkstelligen dat de IND tijdens een asielpro-cedure prioriteit geeft aan forensisch-medisch onderzoek indien een redelijk vermoeden bestaat dat de littekens bij een vluchteling het gevolg zijn van de gestelde martelingen, en gaat over tot de orde van de dag. Gesthuizen AribTweede Kamer, vergaderjaar 2011–2012, 19 637, nr. 1506
29 feb 2012Motie ingediendGew motie Gesthuizen en Arib over over forensisch-medisch onderzoek bij vermoedens van marteling (t.v.v. 19637, nr. 1497)Bron ↗
6 mrt 2012VerworpenBesluit zoals geregistreerd door de Tweede Kamer.Bron ↗