kst-33000-A-37ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2011Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2011–201233 000 AVaststelling van de begrotingsstaat van het Infrastructuurfonds voor het jaar 2012 Nr. 37 MOTIE VAN HET LID VERHOEVEN Voorgesteld tijdens het Notaoverleg van 12 december 2011 De Kamer, gehoord de beraadslaging, constaterende, dat het Rijk, de provincie en de stadsregio al hebben afgesproken om bij de doortrekking van de A15 financiële prikkels te willen inbouwen om tot een goede prijs-kwaliteitsverhouding van een brug als oeververbinding over het Pannerdensch Kanaal te komen; constaterende, dat alternatieven voor een brug voorhanden zijn; constaterende, dat berekeningen over deze alternatieven uiteenlopen; overwegende, dat de kwaliteit van de leefomgeving zo veel mogelijk gewaarborgd dient te worden bij de doortrekking van de A15; overwegende, dat het van belang is dat alle mogelijkheden van de oeververbinding zorgvuldig worden onderzocht; overwegende, dat de creativiteit en kennis van de markt kan worden ingezet om te zoeken naar een betaalbare oplossing voor de oeverver-binding; verzoekt de regering in de aanbesteding van de oeververbinding bij het Pannerdensch Kanaal niet te spreken over een brug, maar over een oeververbinding, en gaat over tot de orde van de dag. VerhoevenTweede Kamer, vergaderjaar 2011–2012, 33 000 A, nr. 37