Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2023–2024 36 410 VVaststelling van de begrotingsstaat van het Ministerie van Buitenlandse Zaken (V) voor het jaar 2024 Nr. 58 MOTIE VAN HET LID BOSWIJK Voorgesteld 14 februari 2024 De Kamer, gehoord de beraadslaging, constaterende dat nog steeds elke EU-lidstaat zijn eigen kostbare defensiebureaucratie, -systemen en -industrie heeft en dat we door dit gebrek aan standaardisatie weinig defensie krijgen voor veel geld; constaterende dat de invasie van Oekraïne het defensiebeleid in het middelpunt van het EU-beleid heeft geplaatst; van mening dat de Europese NAVO-lidstaten beter moeten gaan samen-werken, om zo een sterkere Europese pijler binnen de NAVO te creëren; verzoekt het kabinet binnen de Europese Unie te pleiten voor een ambitieus Europees defensie-industriebeleid en dit te beleggen bij één verantwoordelijke Eurocommissaris, en gaat over tot de orde van de dag. Boswijk kst-36410-V-58ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2024Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 410 V, nr. 58
14 feb 2024Motie ingediendMotie van het lid Boswijk over pleiten voor een ambitieus Europees defensie-industriebeleid en dit beleggen bij één verantwoordelijke Eurocommissaris Bron ↗
14 feb 2024IngediendBesluit zoals geregistreerd door de Tweede Kamer.Bron ↗
15 feb 2024Aangenomen.Besluit zoals geregistreerd door de Tweede Kamer.Bron ↗