Motie van de leden Amhaouch en Bruins over verdozing van het landschap
20 nov 2019 · Tweede Kamer · Dossier 35300-XIII · Vaststelling van de begrotingsstaten van het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat (XIII) voor het jaar 2020
Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2019–2020 35 300 XIIIVaststelling van de begrotingsstaten van het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat (XIII) voor het jaar 2020 Nr. 43 MOTIE VAN DE LEDEN AMHAOUCH EN BRUINS Voorgesteld 20 november 2019 De Kamer, gehoord de beraadslaging, constaterende dat in Nederland het aantal internationale, dikwijls logistieke bedrijfshallen hard groeit; overwegende dat dit zorgt voor werkgelegenheid, maar op sommige plaatsen ongewenste effecten optreden, zoals verdozing van het landschap, aantasting van de leefbaarheid en verdringing van andere, lokale mkb-bedrijven; overwegende dat als gevolg van ontwikkelingen als robotisering de toegevoegde waarde van deze hallen voor de economie en voor de werkgelegenheid in de toekomst onduidelijk is; overwegende dat logistiek toegevoegde waarde moet hebben voor een regionaal ecosysteem; overwegende dat er balans moet zijn tussen economie, logistiek en leefbaarheid; overwegende het advies van het College van Rijksadviseurs (X)XL-verdozing – Minder, compacter, geconcentreerder, multifunctioneler; verzoekt de regering, in samenspraak met provincies en gemeenten met een reactie te komen op dit advies, en te bezien waar ongewenste verdozing af te remmen en hoe beter te sturen op toegevoegde waarde, en gaat over tot de orde van de dag. Amhaouch Bruins kst-35300-XIII-43ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2019Tweede Kamer, vergaderjaar 2019–2020, 35 300 XIII, nr. 43