Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2025–202633 576NatuurbeleidNr. 538 MOTIE VAN HET LID KOSTIC´Voorgesteld 1 september 2026 De Kamer,gehoord de beraadslaging,constaterende dat het IPO in het Wolvenplan 2025 schrijft dat «wanneerschade redelijkerwijs te voorkomen is, een tegemoetkoming in de schadeniet voor de hand ligt» en dat ook de Wolvencommissie Gelderland «eensterke beperking van schadevergoeding indien geen of onvoldoendemaatregelen zijn getroffen» adviseert;overwegende dat belastinggeld beter kan worden ingezet om dierenleeden schade te voorkomen dan om vermijdbare schade achteraf tevergoeden;verzoekt de regering met provincies afspraken te maken om tegemoetko-mingen voor vermijdbare wolvenschade in ieder geval nabij gebieden metgevestigde wolvenroedels vanaf 2027 stapsgewijs en proportioneel tekoppelen aan het naleven van een duidelijke preventienorm;verzoekt de regering tevens het geld dat nu wordt besteed aanvermijdbare schade zoveel mogelijk te verschuiven naar praktischeondersteuning voor dierhouders bij preventie,en gaat over tot de orde van de dag.Kostic´ kst-33576-538ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2026Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 33 576, nr. 538
1 sep 2026Motie ingediendMotie van het lid Kostić over tegemoetkomingen voor vermijdbare wolvenschade koppelen aan naleving van een duidelijke preventienorm Bron ↗
1 sep 2026IngediendBesluit zoals geregistreerd door de Tweede Kamer.Bron ↗
8 sep 2026Aangenomen.Besluit zoals geregistreerd door de Tweede Kamer.Bron ↗