kst-31288-298ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2012Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2011–2012 31 288Hoger Onderwijs-, Onderzoek- en Wetenschapsbeleid Nr. 298 MOTIE VAN HET LID BEERTEMA Voorgesteld 28 juni 2012 De Kamer, gehoord de beraadslaging, constaterende dat het hoger onderwijs in toenemende mate de Neder-lands taal vervangt door het Engels als onderwijstaal en als onderzoek-staal; overwegende dat steeds breder wordt erkend dat studenten in het Engels slechter denken en formuleren en daardoor niet optimaal tot intellectuele ontplooiing komen; overwegende dat het gebruik van het onvolkomen Engels van niet-moedertaalsprekers bovendien een negatieve invloed heeft op de beheersing van de Nederlandse taal; overwegende dat de Nederlandse taal behouden moet blijven als academische taal; verzoekt de regering, om het wettelijk voorgeschreven gebruik van het Nederlands in het hoger onderwijs strikt te handhaven en daar slechts in uitzonderlijke gevallen vrijstelling voor te verlenen, na instemming van de Tweede Kamer, en gaat over tot de orde van de dag. BeertemaTweede Kamer, vergaderjaar 2011–2012, 31 288, nr. 298