Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2025–202629 754TerrorismebestrijdingNr. 766 MOTIE VAN DE LEDEN VAN NISPEN EN PIRIVoorgesteld 2 oktober 2025 De Kamer,gehoord de beraadslaging,overwegende dat de onafhankelijke denk- en doetank het InternationalCentre for Counter-Terrorism (het ICCT) in het voorbestaan wordtbedreigd door onaangekondigde significante bezuinigingen;constaterende dat het ICCT niet zomaar een kennisinstituut is, maar eenwereldwijd toonaangevend expertisecentrum op het gebied van terro-risme en gewelddadig extremisme dat heeft bijgedragen aan eenempirisch onderbouwd, effectiever en op de rechtsstaat gebaseerdcontraterrorismebeleid in binnen- en buitenland;overwegende dat continuïteit op dit gebied van toegevoegde waarde isom effectief langetermijnbeleid te waarborgen en dat geleerd kan wordenvan ervaringen uit het verleden;van mening dat besluiten over bezuinigingen die het voortbestaan vanICCT bedreigen besproken dienen te worden met de Tweede Kamer, endat in ieder geval de behandeling van de begrotingen moet wordenafgewacht, gezien het feit dat dit instituut op verzoek van de TweedeKamer is opgericht;verzoekt de regering geen onomkeerbare stappen te zetten en tevoorkomen dat door bezuinigingen het ICCT wordt opgeheven, en ervoorte zorgen dat het ICCT voorlopig kan voortbestaan, zo nodig met eentijdelijke overbruggingsfinanciering, in ieder geval tot de begrotingenvoor het jaar 2026 behandeld zijn,en gaat over tot de orde van de dag.Van NispenPiri kst-29754-766ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2025Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 29 754, nr. 766