Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2022–2023 32 827Toekomst mediabeleid Nr. 256 MOTIE VAN HET LID MOHANDIS C.S. Voorgesteld 6 oktober 2022 De Kamer, gehoord de beraadslaging, constaterende dat de journalistieke code een houvast biedt in het zo juist en volledig mogelijk vervullen van deze taak; constaterende dat artikel 2.33 van de Mediawet ruimte laat ter interpre-tatie aangaande het sanctiebeleid en artikel 2.88 helder stelt dat media-aanbod niet mag aanzetten tot geweld jegens een groep of personen; constaterende dat de NPO naar aanleiding van bevindingen van de NPO-ombudsman een eerste sanctie heeft opgelegd aan een aspirant-omroep; overwegende dat de regering daadkrachtig moet kunnen handelen wanneer afspraken door een omroep stelselmatig niet worden nagekomen; verzoekt de regering het sanctiebeleid zoals uitgelegd in de Mediawet geen dode letter te laten zijn en na een tweede sanctie van de NPO en/of het Commissariaat voor de Media over te gaan tot intrekking van de omroeplicentie, en gaat over tot de orde van de dag. Mohandis Van Baarle Westerveld kst-32827-256ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2022Tweede Kamer, vergaderjaar 2022–2023, 32 827, nr. 256