Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2019–2020 25 295Infectieziektenbestrijding Nr. 395 MOTIE VAN HET LID VAN DEN BERG C.S. Voorgesteld 4 juni 2020 De Kamer, gehoord de beraadslaging, overwegende dat voor familieleden en bewoners van instellingen voor mensen met beperkingen en mensen met beperkingen die zelfstandig wonen de maatregelen in verband met COVID-19 grote gevolgen heeft gehad; overwegende dat de anderhalvemetersamenleving bij deze doelgroepen ons voor nieuwe vragen en keuzes stelt; overwegende dat instellingen voor mensen met beperkingen en zelfstandig wonende mensen met beperkingen zich voor moeten bereiden op een mogelijke tweede coronagolf; overwegende dat een COVID-19-strategie is opgesteld voor mensen met een beperking of chronische ziekte; verzoekt de regering, met het veld in overleg te treden hoe zich voor te bereiden op een terugkeer naar het «gewone» leven, dan wel hoe zich voor te bereiden op een mogelijke tweede golf, en de Kamer hierover na het zomerreces te informeren, en gaat over tot de orde van de dag. Van den Berg Dik-Faber Van der Staaij Wilders Asscher Krol Kuzu Van Brenk kst-25295-395ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2020Tweede Kamer, vergaderjaar 2019–2020, 25 295, nr. 395
4 jun 2020Motie ingediendMotie van het lid Van den Berg c.s. over voorbereiden op terugkeer naar het "gewone leven" dan wel op een mogelijk tweede golfBron ↗
4 jun 2020IngediendBesluit zoals geregistreerd door de Tweede Kamer.Bron ↗
9 jun 2020Aangenomen.Besluit zoals geregistreerd door de Tweede Kamer.Bron ↗