Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2019–2020 24 515Preventie en bestrijding van stille armoede en sociale uitsluiting Nr. 511 MOTIE VAN DE LEDEN KROL EN VAN BRENK Voorgesteld 16 januari 2020 De Kamer, gehoord de beraadslaging, overwegende dat juist financieel kwetsbare mensen geconfronteerd kunnen worden met het geldende maximumkredietvergoedingsper-centage van 14%; constaterende dat de wettelijke rente sinds 1 januari 2015 2% bedraagt; constaterende dat de maximale opslag met 12 procentpunten sinds 1 juli 2006 van toepassing is; overwegende dat sinds 2006 een enorme rentedaling heeft plaatsge-vonden; overwegende dat het maximale kredietvergoedingspercentage van 14% vanuit het perspectief van de consument extreem hoog blijft; verzoekt de regering, de hoogte van het maximumkredietvergoedingsper-centage te verlagen, en gaat over tot de orde van de dag. Krol Van Brenk kst-24515-511ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2020Tweede Kamer, vergaderjaar 2019–2020, 24 515, nr. 511