MotieVerworpenKabinet: niet beschikbaar bij moties en/of amendementen vóór 1 april 2019
Motie Beertema over het dragen van een hoofddoek
22 nov 2011 · Tweede Kamer · Dossier 33000-VIII · Vaststelling van de begrotingsstaten van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (VIII) voor het jaar 2012
kst-33000-VIII-51ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2011Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2011–201233 000 VIIIVaststelling van de begrotingsstaten van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (VIII) voor het jaar 2012 Nr. 51 MOTIE VAN HET LID BEERTEMA Voorgesteld 22 november 2011 De Kamer, gehoord de beraadslaging, overwegende, dat gelijkheid tussen man en vrouw een grondbeginsel is van onze westerse cultuur; overwegende, dat het islamitisch gebod voor vrouwen om het haar te bedekken daar diametraal tegenover staat; constaterende, dat het dragen van een hoofddoek door islamitische vrouwen en zelfs door zeer jonge meisjes in het onderwijs hand over hand toeneemt; overwegende, dat leraren als cultuurdrager de leidende principes van onze westerse cultuur moeten voorleven; verzoekt de regering om het dragen van een islamitische hoofddoek door leraressen en leerlingen/studenten in het onderwijs niet toe te staan, en gaat over tot de orde van de dag. BeertemaTweede Kamer, vergaderjaar 2011–2012, 33 000 VIII, nr. 51